Gemeentelijke regelgeving

Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid Drechtsteden 2025-2029

Gemeente Hardinxveld-Giessendam · geldt sinds 1 januari 2025

1. Het Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid Drechtsteden

1.1 Scope van Strategisch Informatiebeveiligingsbeleid Drechtsteden

Het IB-beleid 25-29 is van toepassing op de gehele bedrijfsvoering en geleverde dienstverlening door of vanuit het samenwerkingsverband Drechtsteden en alle uit te voeren processen, organisatieonderdelen, objecten, informatiesystemen en gegevens(verzamelingen), inclusief gegevensverwerking die in de Cloud zijn of worden ondergebracht. Het beperkt zich niet alleen tot de ICT en is relevant voor het (politieke) bestuur, proceseigenaren (lijnmanagement), beheerders, externe partijen, ketenpartners, alle medewerkers, burgers, gasten, bezoekers en externe relaties en andere belanghebbende(n).

1.2 Visie op onze informatieveiligheid

Het primaire uitgangspunt voor onze informatieveiligheid is en blijft risicomanagement. Dat vereist een integrale aanpak, goed opdrachtgeverschap, onderlinge samenwerking en risicobewustzijn, waarbij ieder organisatieonderdeel is betrokken. De nadruk komt hierdoor te liggen op de governance rondom onze informatieveiligheid. Ook de BIO en de Network and Information Security directive

3https://www.ncsc.nl/binaries/ncsc/documenten/publicaties/2022/oktober/10/basismaatregelen-voor-cybersecurity-van-iacs/BIACS+2022.pdf

(NIS2-richtlijn) sluiten hierop aan door de verantwoordelijkheid voor informatiebeveiliging in de organisatie(s) nadrukkelijk neer te leggen bij het bestuur en de proceseigenaren. Deze verantwoordelijkheid brengt met zich mee dat de proceseigenaren de risico’s op het niveau van de werkprocessen/informatiesystemen in beeld hebben met als doel het implementeren en onderhouden van passende organisatorische-, juridische-, technische- en fysieke informatiebeveiligingsmaatregelen. Overblijvende (rest)risico’s worden op het juiste bestuurs- / managementniveau geaccepteerd.

Meer specifiek:

1Relevante Europese, landelijke, sectorale wet- en regelgeving en specifieke normenkaders zijn, voor zover van toepassing op de deelnemer(s) aan het samenwerkingsverband Drechtsteden, altijd leidend. Denk bij wet- en regelgeving (niet limitatief) aan: de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), de NEN7510, de Network and Information Security directive (NIS2-richtlijn), de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), de Wet Basisregistratie Personen (BRP), de Wet Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen (SUWI), de archiefwet, enzovoort;

2We zijn een betrouwbare partij voor onze burgers, bedrijven en samenwerkingspartners en gaan zorgvuldig en veilig om met hun én onze gegevens. We vinden een optimum tussen investeringen in informatiebeveiligingsmaatregelen en het weerstandsvermogen, zonder de organisatie(s) te verlammen met het implementeren en borgen van maatregelen om alle risico’s tot “naderend tot nul” te reduceren. Per slot van rekening, een 100% waterdichte informatiebeveiliging bestaat niet;

3De te treffen en onderhouden organisatorische-, juridische-, technische- en fysieke informatiebeveiligingsmaatregelen zijn altijd op een risicoafweging gebaseerd en worden proportioneel getroffen.

1.3. STRATEGISCHE DOELEN

De strategische doelen van het IB-beleid 25-29 zijn:

1Het zorg dragen voor de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van onze informatievoorziening, omdat dat essentieel is voor de continuïteit van de dienstverlening van(uit) het samenwerkingsverband Drechtsteden;

2Het beschermen van onze bedrijfsmiddelen en beheerde (persoons)gegevens tegen onrechtmatige toegang en/of misbruik en/of manipulatie;

3Het managen van de informatiebeveiliging(risico’s), het minimaliseren van (cyber)risico’s en het verhogen van de weerbaarheid daartegen;

4Het adequaat reageren op cyberincidenten en het voorkomen of beperken van schade.

1.4. LEIDENDE PRINCIPES

De leidende principes van het IB-beleid 25-29 zijn:

1De implementatie van de BIO (maatregelen) vindt regionaal plaats en waar dat strikt noodzakelijk is vindt de implementatie van de BIO (maatregelen) lokaal plaats;

2Op regionaalniveau vindt de vertaling van wet- en regelgeving op het gebied van informatiebeveiliging in beleid, normen en richtlijnen plaats. Het beleid, de normen en richtlijnen zijn voor alle deelnemers binnen het samenwerkingsverband Drechtsteden leidend;

3Vanuit de BIO is aantoonbaarheid zeer belangrijk. De verantwoordelijkheid voor het integraal toetsen of aan de eisen is voldaan ligt vanuit de BIO altijd bij de gemeente(n);

4Door periodieke controle, regionale brede planning en regionale coördinatie wordt de informatiebeveiliging van de informatievoorziening verankerd binnen het Drechtstedelijke samenwerkingsverband. Het IB-beleid 25-29 vormt samen met het jaarlijks op te stellen “Informatiebeveiligingsplan Drechtsteden 202X” het fundament onder het zorgdragen voor een betrouwbare informatievoorziening en informatiebeveiliging. Het plan wordt actueel gehouden op basis van het dreigingsbeeld informatiebeveiliging Nederlandse gemeenten 202X/202X, nieuwe ontwikkelingen, registraties in het incidentenregister, het risicoregister en risicoanalyses voor informatiebeveiliging en privacybescherming

5Informatiebeveiliging is een continu verbeterproces. “Plan, do, check en act” vormen samen het managementsysteem van informatiebeveiliging. Een Information Security Management System (ISMS) is randvoorwaardelijk voor een adequate implementatie van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO);

6Voor gemeenten zijn de 10 bestuurlijke principes, behorende bij de Baseline Informatiebeveiliging Overheid leidend, zie hiervoor bijlage 1.

1.5. DE ROL VAN DE PROCESEIGENAAR BINNEN HET SAMENWERKINGSVERBAND DRECHTSTEDEN

Binnen de BIO is de proceseigenaar de lijnmanager die verantwoordelijk is voor de beveiliging van het betreffende proces / informatiesysteem. In de BIO wordt de duiding van de rol van proceseigenaar beschreven vanuit het perspectief van een afzonderlijke gemeente en niet vanuit de context van een samenwerkingsverband zoals de Drechtsteden. Binnen het samenwerkingsverband Drechtsteden is een groot deel van de ICT systemen, de ICT infrastructuur evenals het beheer regionaal (dienstenleverancier) ondergebracht. Desondanks is er ook een set lokaal te implementeren BIO maatregelen aanwezig.

Op de volgende wijze geven we binnen het samenwerkingsverband Drechtsteden invulling aan de rol en verantwoordelijkheden van de proceseigenaar uit de BIO. De rol van proceseigenaar wordt onderverdeeld in een regionale systeemeigenaar (bij de dienstenleverancier) en een lokale procesverantwoordelijke (lijnmanager). Elk hebben ze hun eigen BIO aandachtsgebieden en verantwoordelijkheden:

1De regionale systeemeigenaar is verantwoordelijk voor de implementatie en borging van de regionale BIO beheersmaatregelen;

2De lokale procesverantwoordelijke (lijnmanager) is verantwoordelijk voor:

3Het toezicht houden op de naleving van de implementatie en borging van de regionale BIO beheersmaatregelen;

4De implementatie en borging van lokale BIO beheersmaatregelen.

Deze verdeling wordt hieronder schematisch weergegeven.

3. VERPLICHT UIT TE VOEREN STAPPEN

3.1. HET UITVOEREN VAN EEN DATACLASSIFICATIE EN HET BEPALEN VAN HET BBN

Het uitvoeren van een dataclassificatie is altijd verplicht. Het toekennen van classificatieniveaus aan data en/of informatiesystemen is van groot belang, omdat daarmee het (vereiste) beschermingsniveau wordt geïdentificeerd. Het vormt de basis voor het bepalen van het basisbeveiligingsniveau (BBN) dat van toepassing is. Het beschermingsniveau van gegevens (data) en/of informatiesystemen wordt uitgedrukt in classificatieniveaus voor beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid. Mede aan de hand hiervan kan worden bepaald welke beveiligingseisen gelden en welke maatregelen moeten worden genomen. De eerste stap bij een dataclassificatie is nagaan welke wetgeving, regelgeving en/of specifieke normenkaders mogelijk eisen stellen aan gebruik, distributie en opslag van data. Daarnaast is het van belang om de verantwoordelijkheden t.a.v. de gegevens (data) en/of informatiesystemen goed in beeld te hebben. Bij het uitvoeren van een dataclassificatie wordt de handreiking dataclassificatie van de informatiebeveiligingsdienst (IBD) geraadpleegd en als leidraad gehanteerd. Nadat de data is geclassificeerd wordt het bijbehorende basisbeveiligingsniveau (BBN) bepaald.

3.2. VANAF BBN 2 IS HET UITVOEREN VAN EEN RISICOANALYSE VERPLICHT

De aanpak van onze informatieveiligheid is risico gebaseerd. Dat wil zeggen dat beveiligingsmaatregelen worden getroffen en onderhouden op basis van de resultaten uit de dataclassificatie en het bepalen van het bijbehorende basisbeveiligingsniveau. Vanaf het basisbeveiligingsniveau 2 (BBN2) dient een aanvullende risicoanalyse te worden uitgevoerd.

3.3. HET UITVOEREN VAN EEN DATA PROTECTION IMPACT ASSESSMENT KAN VERPLICHT ZIJN

Een Data Protection Impact Assessment (DPIA) is een instrument om vooraf de privacy risico’s rondom de verwerking van persoonsgegevens in kaart te brengen en om op basis van de geïdentificeerde risico’s de te treffen maatregelen te bepalen om deze risico’s af te dekken/mitigeren. Het uitvoeren van een Data Protection Impact Assessment (DPIA) kan in sommige situaties bij wet

8Artikel 35 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)

verplicht zijn.

4. ORGANISATIE, TAKEN & VERANTWOORDELIJKHEDEN

4.1. INRICHTING IB ORGANISATIE DRECHTSTEDEN CONFORM HET THREE LINES MODEL

De indeling van de informatiebeveiligingsorganisatie binnen het samenwerkingsverband Drechtsteden sluit aan op de uitwerking van het “Three Lines Model”

9Toelichting op het Three Lines Model

(eerder bekend als “Three Lines of Defense”). In dit model is het bestuursorgaan eindverantwoordelijk voor de integrale informatiebeveiliging, de inrichting en werking van de informatiebeveiligingsorganisatie en voor de implementatie van alle in-formatiebeveiligingskaders in de organisatie, dus ook voor een juiste toepassing van de BIO. De eerste lijn, het lijnmanagement (proceseigenaar), is verantwoordelijk voor het zorg dragen voor de informatiebeveiliging en privacybescherming binnen de eigen processen. De tweede lijn (CISO, regionale ISO, lokale adviseur informatiebeveiliging, regionale ENSIA regisseur en de lokale ENSIA coördinator) ondersteunt, adviseert, coördineert en bewaakt of het lijnmanagement (proceseigenaar) zijn/haar verantwoordelijkheden ook daadwerkelijk neemt. De derde lijn bestaat uit een interne auditor en een (externe) register EDP-auditor. De derde lijn geeft onafhankelijke en objectieve adviezen (interne auditor) en Assurance (register EDP-auditor) over de toereikendheid en effectiviteit van de informatiebeveiliging en het bijbehorende risicomanagement. De indeling van de informatiebeveiligingsorganisatie binnen het samenwerkingsverband Drechtsteden wordt hieronder schematisch weergegeven.

Schematische weergave IB organisatie Drechtsteden

BIJLAGE 1

De 10 bestuurlijke principes voor informatiebeveiliging, behorende bij de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) (https://www.informatiebeveiligingsdienst.nl/wp-content/uploads/2019/01/De-10-bestuurlijke-principes-voor-Informatiebeveiliging_20190109.pdf)

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.