Aanhef
De Raad van de gemeente Hardenberg: Gelet op de bepalingen in de op artikel 212 van de Gemeentewet gebaseerde Financiële verordening en de Wet financiering decentrale overheden. Besluit:
Artikel 1: Uitgangspunten
De gemeente voert, gelet op haar publiekrechtelijke taak om maatschappelijk kapitaal te beheren, op centraal niveau een risicomijdend treasurybeleid. Binnen dit risicomijdend beleid stelt de gemeente zich ten doel een zo hoog mogelijk rendement over het belegd vermogen en/of zo laag mogelijke kosten over leningen te realiseren, binnen duidelijk geformuleerde randvoorwaarden, ter beperking van risico’s. Om dit te bereiken draagt het college zorg voor:
1een risicomijdende uitvoering van de Treasuryfunctie binnen de kaders zoals deze zijn opgenomen in dit treasurystatuut 2023 en, in de van toepassing zijnde, wet- en regelgeving;
2het verzekeren van een duurzame toegang tot de financiële markten tegen de scherpst mogelijke condities;
3het tijdig aantrekken van voldoende financieringsmiddelen teneinde het in de jaarlijkse begroting en meerjarenbegroting vastgestelde beleid te kunnen uitvoeren (= beschikbaarheid);
4het beheersen van en het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste risico's verbonden aan de treasuryfunctie;
5het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet Fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van dit statuut en het bijbehorende Uitvoeringsbesluit;
6het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;
7het waarborgen dat de taken en verantwoordelijkheden op het gebied van treasury duidelijk worden geregeld.
Artikel 2: Interne financieringsmiddelen
1Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen te gebruiken teneinde de renterisico’s en het renteresultaat te optimaliseren.
2Alle gemeentelijke reserves en voorzieningen gebruiken we als intern financieringsmiddel.
3Aantrekken van leningen vindt uitsluitend plaats ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak
1Publieke taak: Een gemeente kan/mag iets tot de publieke taak rekenen wanneer het particulier bedrijfsleven niet of tegen bijzonder hoge kosten in een voorziening voorziet, waardoor deze niet of voor velen niet bereikbaar is. Een gemeente bepaalt – gemotiveerd en transparant – in principe zelf wat onder de publieke taak moet worden verstaan en hoe deze zal worden uitgeoefend. In de Wet fido is geen sprake van een inkadering van het begrip publieke taak .
.
Artikel 3: Aantrekken van financieringsmiddelen
1Aantrekken van leningen vindt uitsluitend plaats ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak;
2Benodigde financieringsmiddelen worden aangetrokken binnen de geldende Kasgeldlimiet en de Renterisiconorm;
3Er worden geen financieringen aangegaan met als doel het aangetrokken geld tegen een hoger rendement weg te zetten.
Artikel 4: Verstrekken en garanderen van geldleningen
1We verstrekken en/of garanderen uitsluitend geldleningen uit hoofde van de publieke taak1 . De raad oordeelt omtrent de publieke taak aan de hand van een gemotiveerd voorstel van het College van B&W.
2Verstrekken en/of garanderen van geldleningen geschiedt uitsluitend onder zekerheidsstelling en het verbinden van noodzakelijk geachte voorwaarden en bepalingen.
3Het College van B&W legt de criteria voor het verstrekken van leningen en garanties vast in een Uitvoeringsbesluit.
Artikel 5: Uitzetten van (tijdelijk) overtollige financieringsmiddelen
1(Tijdelijk) Overtollige financieringsmiddelen houden we aan in ’s Rijks schatkist, zoals bepaald in de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden.
2Uitzettingen vinden uitsluitend plaats ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak en zijn niet gericht op het genereren van inkomsten door het aangaan van meer dan normale risico’s.
Artikel 6: Rente-instrumenten (ofwel derivaten)
Het gebruik van derivaten is niet toegestaan.
Artikel 7: Informatievoorziening
Het college informeert de raad over de uitvoering van de treasuryfunctie in de Financieringsparagraaf, tenminste bij elke begroting en jaarrekening en zoveel vaker als nodig is uit hoofde van de actieve informatieplicht van het college aan de gemeenteraad.
Artikel 8: Uitvoeringsbepalingen
Het college legt bepalingen omtrent uitvoering van dit statuut vast in een Uitvoeringsbesluit Treasury.
Artikel 9: Slotbepaling
1Het "Treasurystatuut gemeente Hardenberg 2017" van 31 oktober 2017 wordt ingetrokken met ingang van de in het lid 2 van dit artikel genoemde datum.
2Deze verordening kan worden aangehaald als: Treasurystatuut 2023 en treedt in werking op 1 januari 2023