Gemeentelijke regelgeving

Warmtevisie Haarlemmermeer 2030

Gemeente Haarlemmermeer · geldt sinds 26 november 2022

Aanhef

Samen naar een andere manier van verwarmen

Voorwoord

De opdracht die het Rijk ons heeft gegeven, is duidelijk: In 2050 willen we dat onze energievoorziening energieneutraal is. De komende jaren gaan we daar stap voor stap naar toe. Een enorme opgave die we samen met de inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden oppakken. Voor de gemeente is het belangrijk dat we dit zorgvuldig doen en met draagvlak. De energietransitie moet van iedereen worden.

In die energietransitie is deze warmtevisie een belangrijk onderdeel. Hoe gaan we over naar andere warmtebronnen, als we geen aardgas meer willen gebruiken? Hoe verwarmen we onze huizen? Hoe koken we in de toekomst? Allemaal vragen die nu leven.

De antwoorden zijn niet altijd makkelijk te geven. Van alle onderwerpen in de energietransitie, is dit het onderwerp dat de inwoners en ondernemers van onze gemeente het meeste raakt. Het is ook niet zo dat we van vandaag op morgen van het aardgas afgaan.

Daar hebben we ruim de tijd voor. Kleine maatregelen, zoals bijvoorbeeld het (beter) isoleren van het huis of het kantoorgebouw, kunnen nu al worden gedaan.

Wij zijn blij dat deze warmtevisie er nu ligt. Hierin staat wat de aanpak is tot 2050. De gemeente geeft hierin een richting aan voor de techniek en planning. Het is belangrijk dat wij als gemeente de regie pakken waar het nodig is en de inwoners en ondernemers helpen door te informeren of te ontzorgen over de transitie. De komende jaren zal de gemeente blijven kijken naar de ontwikkelingen in techniek, maar ook in draagvlak. Want haalbaarheid en betaalbaarheid vinden wij belangrijk.

Het is aan de eigenaar van een gebouw om te kiezen op welke manier er wordt verwarmd en het moment wanneer dit gaat gebeuren. Iedereen kan voor zichzelf beginnen maar soms is het juist handig om in een wijk gezamenlijk aan de slag te gaan. De gemeente helpt hierbij, iedereen is vrij om wel of niet mee te doen.

De plannen zijn niet in beton gegoten. We hebben al eerder aangegeven dat we een slimme volger willen zijn. Dat betekent dat we willen leren van de nieuwste technieken, zonder dat we zelf het wiel opnieuw uitvinden.

Drs. J. N. J. Nobel, wethouder van o.a. Energietransitie

Samenvatting

De energietransitie in Nederland is in volle gang. Alle gemeenten maken werk van de opwek van hernieuwbare energie, energiebesparing en het anders verwarmen van gebouwen en huizen. Die verandering in hoe we omgaan met verwarmen en koken is de warmtetransitie. We gaan hiervoor minder aardgas gebruiken en werken aan duurzame alternatieven. Dit doen we door over te stappen op CO2-arme warmtebronnen en duurzame energie.

De warmtetransitie is, van alle onderwerpen in de energietransitie, het onderwerp dat het dichtste bij inwoners en ondernemers van onze gemeente komt. Dit komt doordat huizen en gebouwen verbeterd moeten worden met betere isolatie, er op een andere manier gekookt gaat worden en straten aangepakt moeten worden om nieuwe energie infrastructuur aan te leggen.

Hoe we dit in Haarlemmermeer gaan doen staat beschreven in dit document: de warmtevisie. De warmtevisie is een plan voor de hele gemeente. Er staat in welke techniek in een wijk de voorkeur heeft en wat logische momenten zijn om aan de slag te gaan. Ook staat er met welke wijken wij vóór 2030 het gesprek willen aangaan over duurzaam verwarmen. We beschrijven de strategie en de rol van de gemeente. Door in te zetten op haalbare en betaalbare stappen wordt CO2-uitstoot voorkomen. Zo wordt stapsgewijs gewerkt aan een gebouwde omgeving die in 2050 nagenoeg geen CO2-uitstoot meer veroorzaakt. De warmtevisie wordt minimaal elke vijf jaar opnieuw bekeken en waar nodig aangepast.

Verschillende oplossingen

Op dit moment gebruikt bijna iedereen dezelfde warmtebron: aardgas. In de toekomst wordt dit anders. Er kan gebruik gemaakt worden van verschillende technieken en warmtebronnen om gebouwen te verwarmen. Voor een deel van de gebieden wordt gekeken naar verwarmen met alleen elektriciteit (dit wordt ook wel all-electric genoemd). Voor enkele gebieden wordt gekeken naar een warmtenet. Een warmtenet is een netwerk van leidingen onder de grond, waar warm water doorheen stroomt. In het grootste deel van de gemeente lijken grote warmtenetten niet haalbaar omdat er weinig geschikte warmtebronnen in onze gemeente zijn. In de toekomst is er voor bepaalde gebieden geen gasnet meer nodig maar er zijn ook gebieden waarin het gasnet in stand gehouden wordt. Daar kan gebruik gemaakt worden van groengas, bijvoorbeeld in combinatie met een hybride warmtepomp.

Rol van de gemeente

De gemeente geeft richting aan techniek en planning. Maar het is aan gebouweigenaren om te kiezen voor een techniek en het moment van uitvoering. De gemeente zorgt met een kaart voor duidelijkheid over het gewenste eindbeeld en geeft aan wanneer bij voorkeur aan de slag gegaan wordt. De gemeente ondersteunt bij het opstellen van plannen en helpt bij de uitvoering. We volgen daarbij slim wat de technische ontwikkelingen zijn, wat de ervaringen van andere gemeenten en wat de rijksoverheid besluit.

De warmtetransitie is een opgave die wij met elkaar uitvoeren. Het is een ingewikkeld samenspel tussen inwoners, gebouweigenaren, betaalbaarheid, techniek en wet- en regelgeving. Wij vinden het belangrijk dat er keuzevrijheid is voor gebouweigenaren, dat er samenhang is in ontwikkeling en dat gebruik gemaakt wordt van beschikbare, betrouwbare, veilige, duurzame technieken en warmtebronnen. De warmtetransitie doen we dus samen met iedereen. Inwoners, gebouweigenaren en ondernemers doen mee in de warmtetransitie door mee te denken en initiatieven te ontplooien.

De plannen voor iedere wijk (of buurt) maken we ook samen. Dit worden wijkplannen genoemd. Alle gebouweigenaren kunnen zelf kiezen van welke, voor dat gebied beschikbare, duurzame warmtebron ze gebruik willen maken. In de wijken waar het gasnet niet in stand gehouden wordt vervalt, op termijn, de keuze voor (groen)gas. Ook zien we erop toe dat inwoners niet zonder warmte komen te zitten door de warmtetransitie.

Haalbaar en betaalbaar

Belangrijke onderwerpen in de warmtetransitie zijn de haalbaarheid en betaalbaarheid ervan. Daarom hebben wij bij het maken van de Warmtevisie zoveel mogelijk gekeken naar de betaalbaarheid voor Nederland (nationale kosten) en de kosten voor gebouweigenaren en inwoners (eindgebruikerskosten). Ook voor de planning en fasering hebben wij gekeken naar de mogelijkheid om werkzaamheden te combineren zodat verduurzaming plaats kan vinden op momenten dat toch al werkzaamheden uitgevoerd worden.

Bijlage A. Participatieverslag

Inleiding

Na vaststelling van de Kadernota Warmtetransitie Haarlemmermeer (2020.0000491) in 2020 hebben verschillende participatie- en communicatiemomenten plaatsgevonden. Dit had een meerledig doel: aan de ene kant werd men geïnformeerd over de visie van de gemeente op de warmtetransitie. Aan de andere kant boden de participatiemomenten voor de gemeente een mogelijkheid om wensen en aandachtspunten op te halen. Deze feedback is gebruikt om de warmtevisie aan te scherpen en te verbeteren.

Participatie- en communicatiemomenten

In onderstaande tabel staan de verschillende participatie- en communicatiemomenten weergegeven. Op de volgende pagina staat een samenvatting van de uitkomsten van de participatie.

Fase

Datum

Participatiemoment

Deelnemers

Totstandkoming conceptwarmtevisie

16december 2020

Informatiebijeenkomst voor dorps- en wijkraden

15deelnemers van 12 dorps-en wijkraden

27januari 2021

Informatiebijeenkomst voor maatschappelijke partners

8partijen

januari / april 2021

Gesprekken met partners in de warmtetransitie

O.a. Liander & Schiphol Schriftelijke input Schiphol is

bijgevoegd aan Participatieverslag

25februari 2021

Informatiebijeenkomst voor bedrijven

12bedrijven

7april 2021

Jongerengemeenteraad; in gesprekover de energietransitie

en warmtetransitie

11deelnemers

14t/m 30 april

2021

Peiling warmtevisie

832mensen zijn aan de peiling begonnen, waarvan 593 mensen de

volledige peilinghebben ingevuld

14t/m30 april

2021

Social-mediacampagne om de peiling onder de aandacht te

brengen

34.348 mensen bereikt waarvan 950directe kliks naarpeiling

Terinzagelegging Concept Warmtevisie

10mei t/m 20 juni

Terinzagelegging: inspraak op de concept warmtevisie

18reacties

26mei 2021

Facebook live uitzending over de energietransitie en de warmtevisie

273weergaven waarvan 102 kijkers

>1 minuut

1t/m20 juni 2021

Ambtelijke gesprekken over de concept warmtevisie met warmtebedrijven en maatschappelijk partners

4partijen

Informatiebijeenkomsten

Tijdens de informatiebijeenkomsten voor dorps- en wijkraden, maatschappelijk partners en bedrijven hebben we een toelichting gegeven op de uitgangspunten van de concept warmtevisie. Daarbij hebben we input gevraagd van deze doelgroepen. Hieruit zijn de volgende aandachtspunten gekomen:

-Betaalbaarheid van de warmtetransitie: de kosten, effectiviteit en haalbaarheid zijn belangrijke kernzaken van wijkplannen; er moet gewaakt worden dat de warmtetransitie betaalbaar is voor alle inwoners. Ook woningcorporaties onderschrijven het belang van betaalbaarheid, omdat zij hun budgetten niet kunnen opmaken aan het aardgasvrij maken van woningen;

-Aandacht voor initiatiefnemers: de warmtetransitie staat of valt met initiatiefnemers. De strategie van de gemeente is gericht op keuzevrijheid. Een risico hiervan is dat we niet iedereen meekrijgen;

-De rol van de gemeente: dorps- en wijkraden en maatschappelijke partners benadrukten het belang van de regierol van de gemeente in het aanzetten tot initiatieven. Daarnaast kwam naar voren dat er een behoefte is aan een faciliterende rol van de gemeente om initiatiefnemers te helpen in het proces.

De strategie waarvoor gekozen is in de warmtetransitie is dat de gemeente richting aangeeft voor techniek en planning. Het is echter aan de gebouweigenaren om te kiezen voor de techniek en het moment van uitvoering. Het risico dat in de participatiebijeenkomsten genoemd wordt, is dat wanneer er geen initiatiefnemers optreden de ambitie van de warmtetransitie onder druk komt te staan. Dit risico onderschrijven we.

Jongerengemeenteraad

Op 7 april zijn we in gesprek gegaan met de Jongerengemeenteraad over de energietransitie aan de hand van stellingen. Het doel was om een beeld te krijgen hoe jongeren naar de warmtetransitie kijken en wat zij daarin belangrijk vinden. Uit het gesprek met de jongeren kwam naar voren dat een stapsgewijze aanpak van belang is, waarbij inwoners goed worden geïnformeerd over de voordelen van de warmtetransitie. Daarnaast vonden de jongeren het belangrijk dat de warmtetransitie betaalbaar is.

Peiling warmtevisie

In de periode van 14 t/m 30 april hebben we een peiling uitgezet via een social-mediacampagne. Het doel van de peiling was om het kennisniveau en het sentiment rondom de warmtetransitie te meten. In totaal zijn 832 mensen aan de peiling begonnen. Hiervan hebben 593 mensen de volledige peiling ingevuld.

De peiling is onder de aandacht gebracht van inwoners en ondernemers via een social-mediacampagne met advertenties op Facebook. De advertenties hebben een bereik gehad van 34.348 mensen. Het aantal respondenten (832) is te klein om de peiling representatief voor heel Haarlemmermeer te laten zijn. Dat was ook niet het uitgangspunt. Het is een goed startpunt om te begrijpen hoe inwoners kijken naar de warmtetransitie en wat zij nodig hebben van de gemeente.

De belangrijkste bevindingen uit de peiling:

-Circa 40% van de inwoners geeft aan dat zij negatief staan tegenover anders verwarmen. Ze zijn vooral bang voor hoge kosten, een grote verbouwing en dat het niet goed verwarmt. De helft geeft aan dat zij liever wachten op andere alternatieven, zoals waterstof en kernenergie. Men geeft aan dat, als ze toch zouden moeten overstappen, ze dit zouden doen als het gratis is, als de gemeente een aanbod doet, of als men op z’n minst korting/subsidie krijgt.

-We vroegen of men het moeilijk vindt om te bepalen wat een goed alternatief is voor een cv-ketel of gaskachel, en ruim de helft gaf aan dat zij het hiermee ‘eens’ of ‘erg eens’ mee waren. Het lijkt erop dat er te weinig kennis is over de bruikbaarheid van alternatieven warmteoplossingen. Dat percentage is hetzelfde als de mensen die nog (te) weinig vertrouwen in de beschikbare alternatieven. Het zou kunnen dat de onwetendheid zorgt voor wantrouwen in de alternatieven. Dit is erg interessant, aangezien dit kan betekenen dat betere kennisvoorziening kan leiden tot meer vertrouwen in een overstap naar anders verwarmen.

Terinzagelegging: inspraak op de concept warmtevisie

De concept Warmtevisie is opgesteld en vastgesteld door B&W (2021.0000902). Deze is vrijgegeven voor inspraak van 10 mei tot 21 juni 2021. We hebben 18 reacties mogen ontvangen van de volgende doelgroepen:

-Warmtebedrijven: via ingestuurde zienswijzen en via ambtelijke gesprekken;

-Maatschappelijk partners: via ingestuurde zienswijzen en via ambtelijke gesprekken;

-Inwoners: via ingestuurde zienswijzen.

De reacties waren uiteenlopend; een aantal suggesties en diverse inhoudelijke vragen. Vanuit de reacties maken we op dat indieners een hoog kennisniveau hebben en echt meedenken. Er wordt positief gesproken over de individuele keuzes, wat de bewoner veel vrijheid geeft. Maar er wordt ook benoemd dat het belangrijk is om als gemeente goed te blijven faciliteren en onafhankelijk advies te geven. Een goede beoogde communicatie met bewoners over de wijkplannen en de energietransitie in het algemeen wordt ook regelmatig benoemd. Andere inwoners geven aan dat de warmtevisie duidelijk inzicht geeft in de mogelijkheden die er zijn om mee te denken en heldere schetsen bevat van wat waar naar verwachting gaat plaatsvinden.

Aan de andere kant is er ook commentaar over de concreetheid van de visie. Ook wordt aangegeven dat het een opgave vanuit het Rijk is en een aantal inwoners zijn daar niet blij mee. Andere inwoners opperen juist een meer concrete en krachtige aanpak.

Bijvoorbeeld dat meer wettelijke mogelijkheden, taken, bevoegdheden en eventuele verdere ambities expliciet worden toegevoegd bij nieuwbouw, maar ook bij bestaande bouw en renovaties. Tot slot hebben enkele indieners aangegeven bepaalde technieken, zoals waterstof, kernenergie en heteluchtverwarming, te missen als techniek in de warmtevisie.

Ambtelijke gesprekken

In de periode van 1 tot 21 juni 2021 hebben ambtelijke gesprekken plaatsgevonden met warmtebedrijven en maatschappelijke partners. In de ambtelijke gesprekken heeft de gemeente vragen beantwoord en is door de gesprekspartners feedback gegeven op de Concept Warmtevisie.

Facebook live uitzending

Op 26 mei 2021 hebben we een Facebook live uitzending gemaakt gericht op de energietransitie. Een onderdeel hiervan was de warmtetransitie. Hierbij is ook het Energieloket onder de aandacht gebracht. Een energiecoach heeft uitgelegd wat inwoners nu al kunnen doen om hun woning voor te bereiden op de warmtetransitie. Doel was om inwoners te informeren over de ontwikkelingen in het energieprogramma van de gemeente en welke belangrijke besluiten er worden genomen. In totaal hebben 273 mensen gekeken waarvan 102 kijkers langer dan een minuut de bijeenkomst bekeken.

Verwerking van inbreng

De inzichten uit de participatie hebben geleid tot het volgende

-Uit de participatiebijeenkomsten komt naar voren dat de doelgroepen graag een concrete invulling van de regierol van de gemeente zien. Deze behoefte is bij ondernemers en woningcorporaties het grootste. Hoewel we niet volledig kunnen ontzorgen, zetten we wel in op het faciliteren van het proces Wij hebben wij extra activiteiten opgenomen in de uitvoeringsagenda ter uitbreiding van onze faciliterende rol;

-Om gehoor te geven aan de behoefte uit de participatiebijeenkomsten is in de regierol en de faciliterende rol van de gemeente duidelijker omschreven en zijn er aanvullende acties opgenomen.

-Om uitvoering te geven aan de regierol en de faciliterende rol is het van belang dat we initiatiefnemers goed motiveren en adequate ondersteuning bieden om te komen tot initiatieven. De vraag is of dit voldoende gaat zijn om de ambities te behalen. Doordat de Warmtevisie iedere vijf jaar geëvalueerd wordt kunnen we monitoren of we met de ingezette aanpak onze doelen halen.

-De resultaten van de peiling maken duidelijk dat informatievoorziening over de verschillende opties wat betreft verwarmen belangrijk is. Niet alleen informatie met een focus op het ‘waarom’ (waarom gaan we duurzaam verwarmen?), maar ook op het ‘hoe’ (wat zijn de verschillende opties?). Hier houden we rekening mee in onze communicatie aanpak.

Op basis van de participatie en de ter inzagelegging hebben wij enkele aanvullingen gedaan aan de Warmtevisie. Hieronder in het kort de aangevulde onderdelen:

-toevoeging van enkele verduidelijkende teksten met betrekking tot:

o duurzame gassen waterstof en groengas;

o pelletkachels;

o geschiktheid lage temperatuur warmtenetten.

-toelichting opgenomen voor ‘niet benoemden situaties’;

-detailkaarten van het gewenste eindbeeld als bijlage opgenomen.

Schriftelijke input Schiphol

Bijlage B. Specifieke routes

De geheel elektrisch route: Elektrificatie van de warmtevoorziening

Bij de geheel elektrische route wordt op natuurlijke vervangingsmomenten overgestapt op elektrisch koken en moet plaats gemaakt worden voor een warmtepompinstallatie. Ook de grootte van het boilervat kan al bepaald worden. Op voorhand kan er gecontroleerd worden of de radiatoren geschikt zijn voor de lagere temperatuur van een warmtepomp. Op het moment dat de cv- ketel daadwerkelijk aan vervanging toe is kan worden overgestapt op een warmtepomp.

De warmtenet route: Collectieve warmtevoorziening

Voor de twee varianten van warmtenetten (hoge temperatuur en lage temperatuur) zijn twee verschillende routes. Ze komen in hoofdlijnen overeen, alleen zijn de voorbereidende stappen net iets anders. Voor lage temperatuur verwarming moeten woningen namelijk beter geïsoleerd zijn. Voor het tapwater zijn aanvullende maatregelen nodig. Bijvoorbeeld een kleine elektrische boiler of een kokendwaterkraan.

De hybride route

In de hybride route wordt er op termijn (na 2030) overgestapt op duurzamere gassen. Omdat die gassen schaars zijn is het belangrijk dat dat gasvraag sterk wordt verminderd. Een belangrijk onderdeel hierbij is de hybride warmtepomp. Daarnaast is het voor comfortverbetering verstandig om isolatie en kierdichting te verbeteren. Vanwege de schaarste van het duurzame gas, is het wenselijk om elektrisch te gaan koken.

De klein collectieve route

Voor kleine collectieven is geen specifieke routekaart te benoemen. Dit is namelijk zeer afhankelijk van de collectieve oplossing die gekozen wordt. Vaak zal deze lijken op warmtenet route. Voor kleine collectieve oplossingen is de organisatorische kant minstens net zo belangrijk. Het verenigen van de huiseigenaren, huurders en andere deelnemers in het collectief wordt vaak gedaan via een warmtecoöperatie.

Bijlage D. Beknopt communicatie- en participatieplan

Aanleiding

In het klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt. Zo is afgesproken dat in Nederland ongeveer 1,5 miljoen gebouwen vrij is van fossiele brandstoffen in 2030. Dat betekent dat we binnenkort minder kolen, olie en aardgas willen gaan gebruiken. We noemen deze overgang de warmtetransitie. Gemeentes hebben de regie over deze rijksopgave. Om hier invulling aan te geven zijn twee instrumenten benoemd: een warmtevisie en wijkplannen.

In de warmtevisie beschrijven wij de manier waarop de gemeente stuurt op de warmtetransitie en welke rol is weggelegd voor belanghebbenden. De warmtevisie vertelt het grotere verhaal. De wijkplannen gaan over concrete plannen met invloed op de directe leefomgeving van de inwoners en ondernemers.

Scope en doel

Dit plan beschrijft beknopt de aanpak van externe communicatie en participatie over de warmtetransitie. Het primaire doel van dit plan is doelgroepen uit Haarlemmermeer bewust(er) maken van de opgave waar we voor staan binnen de warmtetransitie, om hen daar deelgenoot van te maken zodat er eigenaarschap ontstaat. Hierbij onderscheiden wij twee onderdelen.

1.Continue communicatie en participatie over de warmtetransitie

Dit betreft de hoog-over boodschap waarbij we ingaan op de urgentie ervan, de kosten en baten en de globale richting. De globale richting bestaat uit een voorstel voor wanneer het gewenst is om met een bepaalde wijk aan de slag te gaan en wat de voorkeurstechniek is om tot zo laag mogelijke maatschappelijke en eindgebruikerskosten te komen; de werkelijke keuze is aan gebouweigenaren. Ook geven we aan wat bewoners nu al kunnen doen, ook al is er nog geen initiatiefnemer in hun wijk. Deze communicatie dient een aantal subdoelen:

-Werven van initiatieven die met (wijk)plannen komen;

-Het oproepen om de eigen woning/gebouw voor te bereiden op de warmtetransitie door het Energieloket Haarlemmermeer te bezoeken;

-Het versterken van onze kennis over de wensen/obstakels bij de verschillende levensstijlen in onze gemeente, zodat we hierop anticiperen.

In de continue communicatie over de warmtetransitie is er ook aandacht voor wijken, waarvan het aannemelijk is dat er binnenkort aan een nieuwe warmtevoorziening wordt gewerkt. Deze communicatie is erop gericht om, al voordat een wijkplan wordt opgesteld, inwoners en gebouweigenaren te betrekken bij de opgave voor de eigen wijk. Hierbij ligt de nadruk op specifieke kansen en oplossingen voor de wijk en het gebied.

2.Communicatie en participatie over concrete projecten en wijkplannen

Naarmate de plannen voor een wijk of buurt concreet gemaakt worden, neemt het belang van gebiedsgericht werken toe. Deze gebiedsgerichte communicatie en participatie vindt dan ook plaats tijdens het opstellen van de wijkplannen. Voor de uitvoer van een wijkplan wordt een apart communicatie- en participatieplan passend bij het project opgesteld. De uitwerking is immers maatwerk per wijk of gebied. Hiervoor zetten we onze opgedane kennis over bewonerssegmenten in.

Visie op communicatie

Het is duidelijk dat en hoe de warmtetransitie past binnen de grotere opgave van de energietransitie voor Haarlemmermeer. We maken ook duidelijk als er nog onzekerheden zijn. We bieden over de onzekerheden wel een perspectief aan.

Waarom communiceren we?

Bij de doelgroepen is duidelijk dat zij iets moeten doen met de warmtetransitie, maar het is vaak nog onduidelijk wat zij moeten doen en wat dan hun voordeel gaat zijn. Bovendien is er heel veel informatie beschikbaar, wat het niet makkelijker maakt om over te gaan op handelen. Het is belangrijk om te laten weten wat lokaal gedaan wordt en wat een inwoner zelf kan doen.

Wat is het veronderstelde kennisniveau dat we met communicatie willen bereiken?

Wat het huidige kennisniveau is, toetsen we middels een peiling over de warmtevisie. Uitgangspunten voor het beoogde kennisniveau: Iedereen moet kunnen weten waarmee ze zelf kunnen beginnen om hun woning comfortabel te verwarmen met duurzame bronnen. Dé inwoner bestaat niet, maar het is wel mogelijk om aan de hand van levensstijlen aan te sluiten op kennis en behoefte die zij hebben om geïnformeerd en ondersteund te worden. Dit betekent dat bewonerssegmentatie een onderdeel is van de strategie, zodat onze communicatie aansluit op de diversiteit aan de verschillende levensstijlen in onze gemeente. Na het inzetten op kennis, is het belangrijk om een handelingsperspectief te geven, zodat de doelgroepen over kunnen gaan op handelen. Dit staat verderop in dit plan.

Welk proces doorlopen de doelgroepen?

Omdat we werken met levensstijlen zal per segment gekeken worden op welk kennisniveau moet worden ingezet. We onderscheiden drie fases:

1In kaart brengen wat het kennisniveau is;

2Het vergroten van het kennisniveau;

3Het kennisniveau is op peil, waardoor inwoners zelf aan de slag kunnen.

Wat is de rolverdeling in de warmtetransitie?

De gemeente regisseert, maar gebouweigenaren gaan over hun eigen gebouwen. Zij hebben de vrijheid om zelf te bepalen hoe zij hun gebouw CO2-arm en aardgasvrij willen maken. Gebouweigenaren en initiatiefnemers ontvangen ondersteuning vanuit de gemeente.

Hoofdambities

De ambities zijn onderverdeeld in ‘het bieden van handelingsperspectief’, ‘gedrag’, ‘techniek’ en ‘realisatie’. Alle ambities zijn vertaald naar afgeleide ambities voor dit communicatie- en participatieplan.

Handelingsperspectief

-Inwoners en gebouweigenaren weten welke stappen ze kunnen zetten, waar ze informatie kunnen halen en gaan aan de slag. Hierbij weten ze elkaar te vinden om ervaringen te delen, elkaar te helpen en van elkaar te leren.

-Initiatiefnemers voelen zich geholpen en ontzorgd en weten hoe zij aan de slag kunnen (bijvoorbeeld via het Energieloket, dat helpt d.m.v. begeleiding).

Overige ambities

-Duidelijk maken wat de mogelijkheden zijn om te participeren en om invloed uit te oefenen op besluitvorming.

-Doelgroepen informeren over de mogelijkheden om initiatieven te ontwikkelen voor/in het gebied.

-Doelgroepen informeren over bestaande (collectieve) initiatieven, zodat zij gestimuleerd worden zelf ook aan de slag te gaan

Gedrag

-Inwoners worden geïnspireerd door andere inwoners die eerste stappen nemen in de warmtetransitie (early adaptors oftewel first movers). Inwoners helpen elkaar en kunnen van elkaar leren.

Overige ambities

-Doelgroepen willen meedenken over de warmtetransitie (raadplegen).

-Ophalen welke (al dan niet kritische) reacties er zijn op de (concept) warmtevisie.

-Doelgroepen inspireren door als gemeente het goede voorbeeld te geven door het verduurzamen van maatschappelijk vastgoed en ervaringen te delen.

-Informatie geven om kennis- en het handelingsperspectief te vergroten

-Doelgroepen gaan uiteindelijk elkaar aanjagen, zodat het een sneeuwbaleffect krijgt en niet alleen van de gemeente afhankelijk is.

Techniek

-Initiatiefnemers kunnen elkaar gemakkelijk vinden (techniek/platform).

-De initiatieven passen binnen de kaders (door juiste informatie en voorbeelden te delen). Hiermee wordt onrust en desinformatie beperkt.

Overige ambitie

Het is de verschillende doelgroepen duidelijk welke technische oplossingen/warmtebronnen er in te zetten zijn.

Realisatie

Er is verantwoordelijkheid en betrokkenheid van (grote) organisaties, gebouweigenaren en inwoners; ze komen zelf met plannen en ideeën, en voeren uit. De gemeente ondersteunt hierbij op het proces.

Kleinere belangen zijn vertegenwoordigd.

Overige ambities

-Doelgroepen betrekken in het proces van de totstandkoming van de warmtetransitie.

-Het kennisniveau vergroten van de doelgroepen.

-Doelgroepen op de hoogte te houden over de warmtevisie, wijkplannen en energietransitie in het algemeen.

Kernboodschap

Er komt verandering in hoe we in Haarlemmermeer omgaan met verwarming en koken. We gaan hiervoor minder kolen, olie en aardgas gebruiken. De energie voor elektriciteit en warmte wordt dan duurzaam opgewekt.

Soms is het mogelijk energie lokaal te delen met anderen, zoals in een warmtenet. Deze overstap naar andere warmtebronnen (en elektrisch koken) noemen we de warmtetransitie. Dit is een onderdeel van de energietransitie.

De warmtetransitie is, van alle onderwerpen in de energietransitie, het onderwerp dat de inwoners en ondernemers van onze gemeente het meeste raakt. Hiervoor is veel werk nodig en dit betekent ook iets voor inwoners, ondernemers en anderen uit Haarlemmermeer. Het gaat bijvoorbeeld om woningen en gebouwen verbeteren door betere isolatie, op een andere manier koken en straten openleggen om nieuwe infrastructuur aan te leggen.

Op dit moment gebruikt bijna iedereen dezelfde warmtebron: aardgas. In de warmtevisie staat beschreven dat dit in de toekomst anders is. Er kan gebruik gemaakt worden van veel verschillende technieken om gebouwen te verwarmen. In de toekomst is er voor bepaalde gebieden geen gasnet meer nodig. Dit kan door gebruik van een warmtepomp of een warmtenet. Er zijn ook gebieden waarbij het gasnet waarschijnlijk in stand gehouden wordt. Daar kan gebruikt gemaakt worden van groengas, bijvoorbeeld in combinatie met een hybride warmtepomp.

Hoe we in Haarlemmermeer in de toekomst werken aan de warmtetransitie (hoe we dus omgaan met verwarming en koken), staat dus beschreven in de warmtevisie. De warmtevisie is een plan voor de hele gemeente. Er staat in hoe we in een wijk het beste een gezamenlijke vorm van verwarmen kiezen die dus gezamenlijk wordt gedragen met oog voor de eindgebruikerskosten. Er komt een globale planning voor wanneer we waar voorstellen om aan de slag te gaan. We geven ook richting aan de volgorde, zodat de warmtetransitie haalbaar en maakbaar is. Er wordt een aantal wijken voorgesteld waar vóór 2030 gestart kan worden met concrete plannen voor het overstappen op andere warmtebronnen. De warmtevisie wordt minimaal elke vijf jaar opnieuw bekeken en waar nodig aangepast. Door in te zetten op haalbare en betaalbare stappen wordt al snel CO2-uitstoot beperkt. Tegelijkertijd wordt stapsgewijs gewerkt aan een gebouwde omgeving die in 2050 nagenoeg geen CO2-uitstoot meer veroorzaakt.

Voor een deel wordt gekeken naar verwarmen met alleen elektriciteit (dit wordt ook wel all-electric genoemd). Voor andere delen wordt gekeken naar een warmtenet. Een warmtenet is een netwerk van leidingen onder de grond, waar warm water door stroomt. In het grootste deel van de gemeente lijken warmtenetten niet haalbaar. Dit komt door onder andere een beperkte beschikbaarheid van geschikte warmtebronnen en lastige financiële haalbaarheid.

In de warmtevisie staat dat de gemeente een richting aangeeft voor techniek en planning. Maar het is aan de gebouweigenaar om te kiezen voor de techniek en het moment van uitvoering. De gemeente zorgt voor duidelijkheid over het gewenste eindbeeld en wanneer op welke plek bij voorkeur aan de slag gegaan wordt. De warmtetransitie is een opgave die samen met de gemeente uitgevoerd wordt. Deze opgave is een ingewikkeld samenspel tussen inwoners, gebouweigenaren, betaalbaarheid en techniek en wet- en regelgeving. Hierin is het belangrijk dat er keuzevrijheid is voor gebouweigenaren, dat er samenhang is in ontwikkeling en dat gebruik gemaakt wordt van beschikbare, betrouwbare, veilige, duurzame technieken en warmtebronnen. De warmtetransitie doen we dus samen met onze inwoners, ondernemers en partners. Inwoners, gebouweigenaren en ondernemers doen mee in de warmtetransitie door mee te denken en eigen initiatieven uit te werken.

De plannen voor iedere wijk (of buurt) maken we ook samen met inwoners, lokale ondernemers en andere belanghebbenden. Dit worden wijkplannen genoemd. Alle gebouweigenaren kunnen zelf kiezen voor een duurzame warmtebron. We zorgen ervoor dat alleen op vrijwillige basis meegedaan wordt. En geen enkele inwoner mag door de warmtetransitie zonder warmte komen te zitten.

Haalbaar en betaalbaar

Een belangrijk onderwerp bij het maken van een warmtevisie zijn de kosten daarvan, zowel de maatschappelijke als eindgebruikerskosten. Daarom wordt bij het maken van een planning, zoveel mogelijk gekeken naar bestaande plannen om aan de slag te gaan in een bepaald gebied. Dat kan bijvoorbeeld zijn, omdat bepaalde leidingen in de grond vernieuwd moeten worden. Maar het kan zijn dat er in een bepaald gebied een aantal bewoners, ondernemers of organisaties toch een ander plan hebben. Als dat zo is, wordt bekeken of het plan haalbaar en betaalbaar is. Als dat zo is, dan kan het plan uitgevoerd worden.

Het Rijk ontwikkelt vele hulpmiddelen om het betaalbaar te maken en houden. Deze informatie is terug te vinden op het Energieloket (www.energielokethaarlemmermeer.nl).

Context van de kernboodschap:

Het gaat om het integrale verhaal van de energietransitie – waar de warmtevisie en warmtransitie onderdeel van uitmaken. En we houden rekening met het referentiekader en de belevingswereld van de ontvanger.

We zijn in het verhaal altijd eerlijk en transparant wat vaststaat en waar men over mee kan denken, praten of doen. Ook bij initiatieven van onderop zijn er altijd kaders waarbinnen we opereren. Denk aan wettelijke en gemeentelijke kaders. Duidelijk aangeven wat de kaders zijn waarop inwoners en ondernemers wel en geen invloed hebben is van essentieel belang voor de communicatie en participatie.

We sluiten aan bij de landelijke aanpak, met de boodschap: eerst isoleren en dan besparen.

Doelgroepen

Onderstaand betreft de hoofddoelgroepen, daarbinnen valt nog te segmenteren.

Eindgebruikers

-Particuliere eigenaren

-Ondernemers

-Huurders

Gebouweigenaren

-Andere partijen met bezit (zoals VVE-beheerders, particuliere verhuurders e.d.)

-Groot zakelijk (met bezit)

-Ondersteunende partijen

-Maatschappelijke partners (zonder bezit)

-Warmtemarkt

-Installatiebedrijven, aannemers, makelaars e.d.

-Netbeheerders/grondroerders

-VvE’s

-Dorps- en wijkraden

-Wijkcommissies

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.