Aanhef
Het college van de gemeente Haarlemmermeer;
gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en de artikelen 3, 10, 11, 12 en 20 van de
beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Haarlemmermeer 2016;
Besluit
vast te stellen de volgende
Regeling inzake de openingstijden van de begraafplaatsen, inzake indeling en
uitgifte van graven, het bezorgen van as, inzake het verlenen van vergunning tot
het plaatsen van grafbedekkingen op de begraafplaatsen de lepenhof, de Lindenhof,
Meerterpen, de Taxushof, de Wilgenhof, Gods Akker (Stompe Toren) en inzake de tegemoetkoming bij herbegraving of crematie vanaf de Wilgenhof
Artikel 1 Openingstijden begraafplaatsen
1De begraafplaatsen zijn voor een ieder dagelijks toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang.
2Het college van burgemeester en wethouders kan, indien daartoe aanleiding bestaat, de openingstijdenbeperken in het belang van de orde en rust op de begraafplaats.
3Het college van burgemeester en wethouders kan, in verband met bijzondere omstandigheden, ontheffing verlenen om de begraafplaatsen ook voor zonsopgang of na zonsondergang te bezoeken.
4Op de dag van de viering van Allerzielen op de begraafplaatsen kunnen zij ook na zonsondergang opengesteld worden.
Artikel 2 Algemene graven
1Algemene graven zijn bestemd voor het begraven van maximaal drie lijken en worden uitgegeven voor het gebruik van tien jaar. Deze gebruikstermijn kan niet worden verlengd.
2Algemene kindergraven zijn bestemd voor het begraven van maximaal twee lijken
en worden uitgegeven voor het gebruik van 15 jaar. De gebruikstermijn kan niet worden verlengd.
3De algemene graven zijn maximaal 255 cm lang en 105 cm breed; de
afmetingen van graven gelegen op een vak bestemd voor het begraven van kinderen zijn maximaal 160 cm lang en 80 cm breed.
4De beheerder kan, indien hij dit voor het beheer van de begraafplaats niet bezwaarlijk acht, graven van een afwijkend formaat uitgeven.
Artikel 3 Uitgifte algemene graven
1Algemene graven en algemene kindergraven kunnen (voor zover er nieuwe grafcapaciteit beschikbaar is) worden uitgegeven op de begraafplaatsen:
Lindenhof, Taxushof en Meerterpen.
Artikel 4 Particuliere graven
1Particuliere graven worden onderverdeeld in de volgende categorieën:
a.Bestemd voor het begraven van één lijk,
b.Bestemd voor het begraven van twee lijken;
c.Bestemd voor het begraven van drie lijken.
2In particuliere graven kunnen ten hoogste vier asbussen worden bijgezet.
Indien in een particulier graf één of meer lijken zijn begraven, kunnen ten hoogste twee asbussen extra worden bijgezet, één en ander ter beoordeling van de beheerder. Op particuliere graven en particuliere urnengraven kan de as van maximaal vier overledenen worden verstrooid.
3Particuliere graven zijn maximaal 255 cm lang en 105 cm breed; de afmetingen van graven gelegen op een vak bestemd voor het begraven van kinderen zijn 160 cm lang en 80 cm breed.
4De beheerder kan, indien hij dit voor het beheer van de begraafplaats niet bezwaarlijk acht, graven van een afwijkend formaat uitgeven.
5De beheerder kan, indien hij dit voor het beheer van de begraafplaats niet bezwaarlijk acht, graven buiten volgorde van ligging uitgeven.
Artikel 5 Uitgifte particuliere graven
1Particuliere graven en particuliere kindergraven voor directe begraving kunnen voor zover er nieuwe grafcapaciteit beschikbaar is worden uitgegeven op de begraafplaatsen:
a.Meerterpen;
b.Lindenhof (algemeen);
c.Lindenhof (Rooms-Katholiek deel);
d.Taxushof;
e.Lepenhof.
2Graven voor indirecte begraving (reserveren) kunnen worden uitgegeven op de begraafplaats Meerterpen, de Iepenhof en de Taxushof.
3Uitgifte van nieuwe graven op het Rooms-Katholieke deel van begraafplaats Lindenhof vindt alleen plaats met toestemming van het bestuur van de Rooms Katholieke parochie in Nieuw-Vennep.
Artikel 6 Uitgifte van urnen
1Particuliere urnengraven voor maximaal vier asbussen kunnen worden uitgegeven op de begraafplaatsen Meerterpen, Iepenhof en de Lindenhof en op het algemene gedeelte van begraafplaats Lindenhof,
2Urnennissen voor het plaatsen van maximaal twee urnen worden uitgegeven op de begraafplaatsen Meerterpen en de Lindenhof. Indien de nis door middel van een letterplaat wordt afgesloten kunnen er maximaal drie asbussen worden geplaatst.
3Particuliere urnengraven hebben een lengte en een breedte van 50 cm.
Artikel 7 Asverstrooiingen
1Op de begraafplaatsen: Wilgenhof, Lindenhof (algemeen deel), lepenhof,Taxushof en Meerterpen kan as van overledenen worden verstrooid.
2Verstrooiingen vinden plaats onder begeleiding van de beheerder van de begraafplaats.
3Het verzoek om een verstrooiing op de in lid 1 genoemde begraafplaatsen te mogen doen, wordt minimaal één week van tevoren bij de beheerder gedaan.
Artikel 8
1De vergunning tot het plaatsen van grafbedekkingen dient schriftelijk bij het
college van burgemeester en wethouders te worden aangevraagd.
2Bij de aanvraag moet een gewaarmerkte schetstekening in tweevoud worden bijgevoegd, alsmede een duidelijke opgave van het te gebruikenmateriaal, zoals: afmeting, vorm, soort en kleur van de te plaatsen voorwerpen of de aan te brengen beplanting.
Artikel 9 Grafbedekkingen
1De vergunning wordt uitsluitend verleend ten behoeve van het plaatsen van
een grafbedekking die aan de in deze regeling gestelde eisen voldoen.
2Indien de vergunning wordt verleend, wordt één der overgelegde tekeningen aan de vergunning gehecht.
Artikel 10 Voorschriften grafbedekkingen
1De voorgeschreven maten van de te plaatsen grafstenen zijn:
op particuliere graven:
1staande steen (eventueel inclusief voetplaat):
a.hoogte: maximaal 100 cm boven het maaiveld;
b.breedte: maximaal 80 cm;
c.dikte: 7- 12 cm;
2liggende steen of zerk:
a.lengte: 200 cm;
b.breedte: 80 cm;
c.dikte: 7-15 cm;
Indien op de grafbedekking op het Rooms-Katholieke deel van begraafplaats
Lindenhof een kruis wordt geplaatst mag de totale hoogte van de grafbedekking
maximaal 130 cm boven maaiveld zijn.
op algemene graven: maximaal drie stenen (één steen per overledene):
1staande steen:
a.hoogte: 60 cm (boven maaiveld);
b.breedte: 50 cm;
c.dikte: 5-10 cm;
2half liggende steen: half liggend onder een hoek van 45 graden:
a.hoogte: 50 cm (boven maaiveld);
b.breedte: 50 cm;
c.dikte: 5-10 cm;
3liggende steen:
a.lengte: 50 cm;
b.breedte: 50 cm;
c.dikte: 5-10 cm;
op algemene kindergraven:
staande steen:
a.hoogte: 50 cm (boven maaiveld);
b.breedte: 40 cm;
c.dikte: 5-10 cm;
op particuliere kindergraven:
staande steen:
a.hoogte 60 cm (boven maaiveld);
b.breedte 50 cm;
c.dikte 5-10 cm;
op particuliere urnengraven:
liggende steen:
a.lengte maximaal 50 cm;
b.breedte maximaal 50 cm;
c.dikte 5-10 cm;
De plaats van de grafstenen wordt door de beheerder van de begraafplaats bepaald.
2Met inachtneming van hetgeen in het voorgaande lid is bepaald, is iedere vorm van de grafsteen in beginsel toegestaan, tenzij een bepaalde vorm naar het oordeel van het college niet in overeenstemming is met de omgeving van het desbetreffende graf.
3Monumenten met banden of zerken dienen geplaatst te worden op een betonfundering.
4Onder "maaiveld" wordt verstaan: de bovenkant van een terrein dat de grafplek omgeeft.
Artikel 11 Banden
1Op de begraafplaatsen Lindenhof, Taxushof, lepenhof, Wilgenhof en op Meerterpen met uitzondering van het ecologisch grafveld, is het plaatsen van banden met daar tussen grof marmergrind toestaan.
2De afmetingen van de in het voorgaande lid bedoelde banden zijn ten hoogste:
a.lengte: 200 cm
b.breedte: 12 cm
c.dikte: 8 cm
De totale grafbedekking inclusief de steen met voetplaat mag niet langer zijn dan 200 cm en niet breder dan 80 cm.
3Voor kindergraven zijn de afmetingen in lid 1 bedoelde banden ten hoogste:
a.lengte: 140 cm
b.breedte: 12 cm
c.dikte: 8 cm
4Bij ophoging van het graf met grond of marmergrind ten opzichte van de omliggende graven is het verplicht afzetbanden te gebruiken die voldoen aan de afmetingen van ten hoogste 200 cm lang, 10 cm breed en 5 cm dik, waarbij de grond of het marmergrind niet boven de afzetbanden mag uitkomen.
Artikel 12 Gebruik materialen
1Voor de gedenktekens mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt, zoals natuursteen, metaal, keramiek, duurzame kunststoffen of een verduurzaamde houtsoort.
2De onderdelen moeten aan het gedenkteken zijn verbonden.
Artikel 13 Fundering en plaatsing
1De fundering, het plaatsen van stenen en het plaatsen van zerken dienen op
aanwijzing van de beheerder van de begraafplaats te geschieden.
2Voor plaatsing wordt de grafsteen of de zerk door de rechthebbende of belanghebbende voorzien van een inscriptie met het grafnummer.
Artikel 14A Bijzondere eisen Iepenhof
1Ten einde het monumentale karakter van de begraafplaats Iepenhof te
bewaren worden op deze begraafplaats alleen Belgisch hardstenen grafmonumenten en afzetbanden toegestaan.
2Het college van burgemeester en wethouders kan, na een positief advies van de erfgoedcommissie, in bijzondere gevallen grafmonumenten en afzetbanden van een andere steensoort toestaan.
3De uitvoering van het grafmonument dient in overeenstemming te zijn met de omgeving van het desbetreffende graf.
Artikel 14B Bijzondere eisen ecologisch grafveld Meerterpen
1Op het ecologisch grafveld (tweede terp vanaf de ingang van de begraafplaats) mag uitsluitend een door de gemeente verstrekte houten ronde schijf met een diameter van circa 35 cm op het graf worden geplaatst.
2In afwijking van artikel 15 mag er op het ecologisch grafveld geen eigen beplanting worden aangebracht.
Artikel 14C Bijzondere eisen begraafplaats Gods Akker Stompe Toren
1Op de graven mag uitsluitend een liggende grafsteen (zerk) worden aangebracht.
2De grafsteen mag uitsluitend van Belgisch hardsteen zijn.
Artikel 15 Beplanting
Artikel 15 Beplanting
1De beplanting op particuliere (kinder)graven mag niet groter zijn dan de afmetingen van het graf en niet hoger dan maximaal 80 cm boven het maaiveld; deze beplanting moet eenvoudig zijn en op aanwijzing van de beheerder van de begraafplaats te geschieden.
2Het college van burgemeester en wethouders kan toestaan bij staande grafstenen op eigen (kinder)graven ten hoogste twee bloemblokken of één bloemband te plaatsen, mits zich in het
bloemblok een steekvaas en in de bloemband twee steekvazen bevinden.
3De afmetingen van de in het voorgaande lid bedoelde bloemblokken en bloembanden zijn ten hoogste:
1bloemblok:
a.lengte: 20 cm
b.breedte: 20 cm
c.dikte: 15-20 cm
2bloemband:
a.lengte: 55 cm
b.breedte: 20 cm
c.dikte: 15-20 cm
4De plaatsing van de bloemblokken en bloembanden dient in overleg met de beheerder van de begraafplaats te geschieden.
5Het college van burgemeester en wethouders kan toestaan bij staande stenen, zonder banden en
marmergrind, op particuliere (kinder)graven, lavastenen, flagstones en dergelijke te plaatsen. Soort, aantal en grootte dienen op aanwijzing van de beheerder van de begraafplaats te geschieden.
Artikel 16 Tegemoetkoming bij herbegraving of crematie vanaf de Wilgenhof
1Het college van burgemeester en wethouders kan een tegemoetkoming verlenen aan de rechthebbende in de kosten van het opgraven en herbegraven of cremeren van een overledene die begraven is op de Wilgenhof.
2Het college van burgemeester en wethouders verleent de tegemoetkoming aan de rechthebbende die vanwege de geluidhinder van Schiphol dan wel vanwege de voorgenomen sluiting van de Wilgenhof niet meer in staat is om de overledene op de Wilgenhof te gedenken.
3De tegemoetkoming bestaat uit:
a.de kosten van opgraving;
b.een bijdrage aan een sobere overbrengingskist;
c.de verplaatsingskosten binnen de gemeente via een sober uitvaarttransport van stoffelijke resten naar het nieuwe graf of het crematorium. De meerkosten van vervoer buiten de gemeentegrens worden niet vergoed;
d.de kosten van het begraven in het nieuwe graf of de kosten van crematie. De kosten van het begraven op een gemeentelijke begraafplaats in Haarlemmermeer gelden als maximumvergoeding;
e.in het geval van herbegraven: de verplaatsingskosten van de grafsteen.
4Het college van burgemeester en wethouders kan in bijzondere gevallen een tegemoetkoming verlenen in andere kosten dan aangegeven in het derde lid.
Artikel 17 Overgangsbepaling
Vergunningen tot het plaatsen van grafbedekkingen op graven, die krachtens eerdere regelingen zijn verleend, blijven van kracht overeenkomstig hetgeen in deze regeling wordt bepaald.
Artikel 18 Slotbepalingen
1Deze regeling treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking (bekendgemaakt op: 23 september 2020.).
2De uitvoeringsregeling van 2016 (2016.0053740) wordt ingetrokken met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking van de Uitvoeringsregeling Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Haarlemmermeer 2020.
3Deze regeling kan worden aangehaald als de "Uitvoeringsregeling Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Haarlemmermeer 2020".
Hoofddorp, 15 september 2020.
Het college van de gemeente Haarlemmermeer,
de secretaris,
drs. Carel Brugman
de burgemeester,
Marianne Schuurmans-Wijdeven