Bijlage 1: Begrippenlijst
Begrip
Uitleg
Lokaal eigenaarschap
Lokaal eigenaarschap is de optelsom van procesparticipatie + lokaal eigendom + mogelijkheden voor collectief voordeel + mogelijkheden voor individueel voordeel.
Procesparticipatie
Het betrekken van de omgeving bij de planvorming en het gesprek voeren over de mogelijkheden voor lokaal eigenaarschap.
Lokaal eigendom
De omgeving investeert mee en wordt daarmee deels eigenaar van het energieproject.
Collectief voordeel
De omgeving als geheel profiteert mee van de ontwikkeling
Individueel voordeel
De omwonenden profiteren mee van een ontwikkeling waar zij overlast van kunnen ervaren zonder zelf te hoeven investeren.
Lokale partijen
Inwoners, in de kern lokaal georiënteerde grondeigenaren en lokale bedrijven (zoals agrariërs en kleine ondernemers), lokale verenigingen en coöperaties en lokale overheden (gemeente, waterschap en provincie).
Initiatiefnemer
Een initiatiefnemer heeft het voornemen om een zonneakker of windturbinepark te ontwikkelen en maakt dat kenbaar bij de gemeente. Een initiatiefnemer heeft in ieder geval recht van spreken over de betreffende percelen van zijn of haar plan. Voor een ontwikkelaar betekent dit dat er een overeenkomst moet zijn met de grondeigenaar.
Omgeving
Het gaat primair om inwoners die in een gebied rondom het initiatief wonen, verenigingen die daar gevestigd zijn, wijk- en dorpsraden en ondernemers met een agrarisch bedrijf in het plangebied. Wij maken onderscheid tussen plangebied, directe omgeving en lokale omgeving.
Plangebied
Wind: Minimaal een straal van 5x de rotordiameter
Zon: De percelen van het initiatief
Directe omgeving (‘omwonenden’)
Wind: minimaal een straal van 10x de tiphoogte
Zon: minimaal een straal van 800m
Lokale omgeving
Wind: het zoekgebied en de dorpen daar in de buurt (in ieder geval Abbenes, Lisserbroek, Nieuw-Vennep, Buitenkaag, Huigsloot, Vredeburg, Weteringbrug en Burgerveen)
Zon: het zoekgebied en de dorpen daar in de buurt (in ieder geval Vijfhuizen, Zwanenburg, Lijnden, Badhoevedorp en noordelijk deel van Hoofddorp) OF een straal van ten minste 2 km voor initiatieven buiten het zoekgebied.
Grote zon- en windprojecten
In het Klimaatakkoord gaat het om installaties boven de 15 kW vermogen en niet-gebouwgebonden (niet op een dak). Het gaat dan grofweg om projecten met meer dan 40-50 zonnepanelen of een windturbine groter dan 15 meter.
Zoekgebieden
Een gebied waar gezocht wordt naar mogelijkheden voor grote zon- en windprojecten
Bijlage 2: Inspiratie voor invulling van lokaal eigenaarschap
Optie
Uitleg
Voordeel lokale omgeving
Omgevingsfonds oprichten
Een omgevingsfonds is één van de mogelijkheden voor collectief meedelen in de winst van een project. Een ontwikkelaar stort hier jaarlijks een bedrag in. Dit fonds kan beheerd worden door een lokale partij zoals een energiecoöperatie, bewonerscollectief of een maatschappelijke instantie.
Fonds kan aangewend worden voor verbetering van de lokale leefomgeving
Ontwikkelfonds oprichten
Ontwikkelfonds voor duurzame energieprojecten. Bijvoorbeeld bij gebruik in projecten die zon op dak of parkeerterreinen stimuleert of bij projecten voor de warmtetransitie.
Impuls voor verduurzaming van de omgeving. Eenvoudiger voor de omgeving om dit soort projecten op te starten
Opzetten energiecoöperatie
In een coöperatie worden de uitgangspunten ‘iedereen kan meedoen’, ‘open en vrijwillig lidmaatschap’ en ‘democratisch zeggenschap’ ook juridisch verankerd.
Juridische verankering voor lokaal eigendom. 100% lokaal eigendom mogelijk.
Gezamenlijke verdeelsleutel
Omwonenden en belanghebbenden zelf vragen een verdeelsleutel te formuleren voor de revenuen uit de ontwikkeling. (Voorbeeld Zuiderwind)
Lokale omgeving heeft direct invloed op verdeling revenu-stromen
Opleiding koppelen
Bouw van zon- of windpark combineren met een opleiding voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (voorbeeld van participatiecoalitie)
Arbeidsperspectief in de duurzame energiesector voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt
Kleinere investerings-mogelijkheden
Aandelen of obligaties uitgeven vanaf een klein bedrag zodat ook inwoners met een kleine beurs hierin mee kunnen doen.
Financiële participatie met lagere inleg
Investerende energiecoöperatie
Een lokale energiecoöperatie vanaf het begin risicodragend mee laten investeren
Project wordt zo een echt gezamenlijk en lokaal project. Mét zeggenschap vanuit de omgeving
Lokale onderhouds-contracten
Beheer van het park (maaien, etc.) onderbrengen bij een lokaal loonwerkersbedrijf.
Lokale werkgelegenheid
Lokale arbeid en materialen
Arbeid en materialen voor bouw en exploitatie zoveel mogelijk lokaal af te nemen
Lokale werkgelegenheid en impuls aan lokale economie
Stroom lokaal afzetten
Opgewekte stroom lokaal afzetten. Dit kan bijvoorbeeld via een energiecoöperatie, de postcoderoosregeling of het lokale energiebedrijf Tegenstroom.
Zichtbaar groene stroom voor inwoners van Haarlemmermeer
Korting op de energierekening
De initiatiefnemer geeft een korting op de energierekening van een inwoner uit de omgeving. Dit kan alleen in samenwerking met een energieleverancier en kan alleen verstrekt worden aan klanten van die leverancier.
Individueel financieel voordeel en lokale afzet van de opgewekte stroom
Lokale verenigingen investeren mee
Lokale (sport)verenigingen vragen te investeren in het project of een actie opzetten voor leden.
Vergroten lokaal eigendom.
Deze lijst is niet uitputtend.
Bijlage 3: Aandachtspunten informatievoorziening en loket
Uit de handleiding participatieplan van de NWEA)
Bouwvoorlichting
•Inventariseer van tevoren of en hoe met kleine aanpassingen aan het bouwplan overlast op de omgeving verminderd kan worden.
•Informeer alle betrokkenen in een voldoende ruime kring direct (huis-aan-huis berichten) en via media (website, lokale krant).
•Geef duidelijk aan wat de bouwplanning is, wanneer welke activiteiten gepland staan, wat de kans is op uitloop/vertraging van de werkzaamheden door bijvoorbeeld weersomstandigheden.
•Geef duidelijk aan welke hinder er verwacht wordt, zoals afgesloten wegen, geluid en stof.
•Nodig de omgeving als eerste uit om te komen kijken bij speciale gelegenheden (hijsen/ oprichten van de windturbine). Reserveer daarvoor ruimte voor publiek zodat dit veilig kan gebeuren.
Klachtenloket
•Geef van tevoren duidelijk aan wat het achterliggende proces van de klachtenafhandeling is.
•Geef ook duidelijk aan wat verwacht kan worden (en vooral ook wat niet verwacht kan worden) van het indienen van een klacht.
•Maak inzichtelijk welke partij de klachten behandelt en wat de bevoegdheden van deze partij zijn.
•Het klachtenloket is bedoeld voor de omgeving van een wind- en zonnepark.
•Zorg ervoor dat iedereen een klacht in kan dienen door bijvoorbeeld een emailadres maar ook een telefoonnummer beschikbaar te maken
•Zorg dat duidelijk gecommuniceerd wordt wat er met een klacht (of gegroepeerde klachten) gedaan is en wat eventuele vervolgacties zijn.
Monitor
•Van tevoren moet worden bepaald welke partijen de monitoring uitvoeren en welke maatstaven/normen daarbij leidend zijn.
•De monitoring staat los van de normstelling in het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling voor geluid, slagschaduw en lichtschittering. Indien deze normen worden overtreden heeft de overheid een zelfstandige bevoegdheid (en verplichting) tot handhaving.
•Voorafgaand aan de monitoring moet worden vastgelegd wat de bevoegdheid en reikwijdte van het monitoringsorgaan is en dat de ontwikkelaar (c.q. de projectexploitant) en het bevoegd gezag zich committeren aan dit orgaan.
•Aangegeven moet worden wat de procedures zijn.
•Vooraf moet duidelijk zijn welke effecten wel en welke niet zullen worden gemonitord.