Gemeentelijke regelgeving

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude houdende regels omtrent de heffing en invordering van toeristenbelasting Verordening toeristenbelasting 2019 HenS

Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude · geldt sinds 15 december 2018

Aanhef

De raad van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude;

gelezen het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van 1 oktober 2018, nummer 2018/…

gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2019.

("Verordening toeristenbelasting 2019 HenS")

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder verblijf: het met of zonder overnachten houden van verblijf tegen vergoeding in welke vorm dan ook.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam “toeristenbelasting” wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf binnen de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.

Artikel 3 Belastingplicht

1Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2.

2De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2.

3Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 2.

Artikel 4 Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:

a.van degene, die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;

b.van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voorzover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 2, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.

Artikel 5 Maatstaf van heffing

1De belasting wordt berekend over de vergoeding voor het verblijf die in rekening wordt gebracht, de toeristenbelasting daaronder niet begrepen.

2Als vergoeding wordt aangemerkt het bedrag dat als verschuldigd wegens logies aan de heffing van omzetbelasting is onderworpen.

Artikel 6 Belastingtarief

Het tarief bedraagt 6,05 procent van de heffingsmaatstaf.

Artikel 7 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 8 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 9 Aanslaggrens

Belastingaanslagen van minder dan € 25,00 worden niet opgelegd.

Artikel 10 Termijnen van betaling

1Een belastingaanslag is invorderbaar twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.

2In afwijking van het eerste lid en in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 is een voorlopige aanslag die is opgelegd voor de elfde maand van het belastingjaar, invorderbaar in zoveel gelijke termijnen als er na de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, nog maanden van het belastingjaar overblijven. De eerste termijn vervalt een maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

3De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.

Artikel 12 Aanmeldingsplicht

De belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de aangewezen inspecteur, bedoeld in artikel 232, vierde lid, sub a, van de Gemeentewet.

Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel

1De Verordening toeristenbelasting 2018 van 28 november 2017, nummer MID 17/010 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

4Deze verordening wordt aangehaald als: "Verordening toeristenbelasting 2019 HenS".

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.