Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels parttime zelfstandigen Participatiewet Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2017

Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude · geldt sinds 1 maart 2018

Aanhef

Het college van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude;

overwegende dat het wenselijk is beleidsregels vast te stellen voor de wijze waarop de gemeente omgaat met parttime zelfstandigen in de bijstand;

Besluit vast te stellen de:

Beleidsregels parttime zelfstandigen Participatiewet Haarlemmerliede en Spaarnwoude 2017

Hoofdstuk 2 Voorwaarden voor parttime zelfstandigen in de bijstand

Ad.1 Activiteiten mogen reguliere arbeid in loondienst niet in de weg staan

De verplichtingen tot arbeidsinschakeling (artikel 9 van de Participatiewet) blijven van kracht. Men heeft immers de verantwoordelijkheid zo snel mogelijk volledig zelf in het bestaan te voorzien. Dit betekent dat de re-integratie en sollicitatieverplichting van kracht blijven. De parttime zelfstandige activiteiten mogen reguliere arbeid in loondienst niet in de weg staan.

Wel zal een realistische kijk op het geheel moeten plaatsvinden. Immers, klanten met weinig of geen arbeidskansen hebben op deze wijze wellicht een kans om door te starten en onafhankelijk van een uitkering te worden.

Ad. 2 Arbeidstijd te besteden aan zelfstandige activiteiten

Dit is afgeleid uit jurisprudentie en het gegeven dat men beschikbaar moet blijven voor arbeid in loondienst. Aansluiting wordt dan ook gezocht bij de grens waarmee men niet in aanmerking komt voor de zelfstandigenaftrek voor de belastingheffing. Hiervoor moet men 1225 uur per jaar als zelfstandige werkzaam zijn (artikel 1b onderdeel 2 van de Bbz). De grens geldt voor zowel de klant als diens partner samen. Het mag niet zo zijn dat men ieder 50%, totaal 100%, met zelfstandige activiteiten bezig is.

Bij een doorgroei waarbij de grens van 1225 uur op jaarbasis wordt overschreden, heeft men de keuze om de activiteiten terug te brengen, dan wel door te starten. Bij een doorstart richting zelfstandig bedrijf of beroep biedt het Bbz de mogelijkheid van een voorbereidingsperiode, waarbij tevens beperkte kredietverlening kan plaatsvinden.

Ad. 3 Wettelijke vereisten

Men zal aan de vestigingseisen moeten voldoen die in de branche gebruikelijk zijn. Verder valt te denken aan vergunningen (bijvoorbeeld milieuvergunning), diplomavereisten en een BTW-nummer.

Ad. 4 Bedrijfskosten

De bedrijfskosten dienen in verhouding te staan tot de omvang van het bedrijf. Reclame- en promotiekosten mogen niet excessief worden opgevoerd. Investeringen zijn niet toegestaan. Er dient te worden voorkomen dat de klant door het opvoeren van bijvoorbeeld hoge promotiekosten, marktvoordelen zou kunnen behalen.

Ad. 5 Er moet een deugdelijke boekhouding gevoerd worden

De klant dient een boekhouding te (laten) voeren om de inkomsten uit parttime zelfstandige activiteiten te kunnen vaststellen. Bij een heronderzoek of eerder als gewenst, dient deze ter inzage te worden gegeven. Tevens moeten de jaarstukken en/of kopie van de aangifte inkomstenbelasting worden overgelegd, alsmede de definitieve aanslag inkomstenbelasting. Bij een omzet lager dan € 2.500 per kalenderjaar kan worden volstaan met een omzetspecificatie.

Ad. 6 Inkomsten worden per maand volledig gekort, waarbij geen reservering voor belastingaanslagen mag plaatsvinden

De inkomsten minus directe kosten (zie hoofdstuk 3) worden volledig op de uitkering in mindering gebracht. Voor deze klanten is ook de parttime premie uit de Re-integratieverordening van toepassing.

Inkomsten worden in principe per maand verrekend. Als de inkomsten in positieve zin erg fluctueren zullen conform de bijstandsystematiek ook de meerinkomsten verrekend worden in de maanden hierop volgend. Op deze manier wordt voorkomen dat hoge vorderingen ontstaan. Er vindt jaarlijks verrekening plaats op basis van de definitieve jaarcijfers. Dit kan inhouden dat alsnog een terugvordering plaats dient te vinden. Dit is het geval als op basis van het uiteindelijke bedrijfsresultaat blijkt dat het inkomen hoger is, dan waarmee eerder rekening is gehouden.

De in aanmerking te nemen netto winst is in werkelijkheid bruto inkomen, waarover nog geen belasting en premieheffing is betaald. Indien een klant achteraf een aanslag van de Belastingdienst ontvangt, wordt voor deze aanslag (bijzondere) bijstand verleend, als geen kwijtschelding mogelijk is. Er mag vooraf geen verlaging van het inkomen plaatsvinden in verband met een mogelijke aanslag van de Belastingdienst. Voor de zelfstandige als bedoeld in het Bbz is dit wel geregeld.

Jaarlijks wordt de klant uitgenodigd door de consulent. Onderwerpen van bespreking zijn onder andere de rechtmatigheid van de uitkering en het toekomstperspectief van de marginaal zelfstandige. Bezien wordt of er mogelijkheden zijn om de werkzaamheden verder uit te breiden, zodat het Bbz de aangewezen regeling is, dan wel het raadzaam is de activiteiten te beëindigen. Dit is bijvoorbeeld aan de orde als de activiteiten geen bijdrage leveren aan het verminderen van de bijstandsbehoefte, dan wel de activiteiten krijgen het karakter van een ‘betaalde hobby’.

Hoofdstuk 3 Nadere regels voor bepaalde kosten

Directe kosten excl. loonkosten

Deze kosten kunnen direct aan een product worden toegerekend en zijn derhalve acceptabel.

Personeelskosten

Deze kosten zullen in de regel niet voorkomen. Gelet op het begrip parttime zelfstandige activiteiten en de relatie naar zelfstandigen, zijn personeelskosten ook niet acceptabel.

Vervoerskosten

Alleen de zakelijke vervoerskosten zijn acceptabel. Gezien het karakter van de activiteiten op kleine schaal, moet een auto als privé worden aangemerkt. Een auto kan derhalve nooit als bedrijfsactief worden opgevoerd. Bij het vaststellen van de kosten kan worden aangesloten bij het bedrag dat voor de belastingwetgeving geldt, € 0,19 p/km. Wel zal gekeken moeten worden naar de acceptabele vervoerskilometers waarvoor men verantwoording aflegt middels een zogenaamde kilometerstaat. Dit zal vooraf goed met de klant moeten worden besproken.

Huisvestingskosten

Gezien de aard en de omvang van de activiteiten, zijn deze kosten in principe niet acceptabel. Indien dit in een bepaalde branche gebruikelijk is, kan bij uitzondering hiervan worden afgeweken. Hierbij valt te denken aan een pakhuis of een opslagruimte, een atelier naast de eigen woonruimte of woon/bedrijfspand waarvoor geen huurtoeslag kan worden ontvangen.

Om rechtsongelijkheid te voorkomen, kan het bedrag dat als kostenpost wordt geaccepteerd nooit hoger zijn dan het verschil tussen de woonkostencomponent in de uitkering en werkelijke huur. Winkelvestigingen zijn in beginsel uitgesloten.

Boetes

Boetes die tijdens de uitoefening van de zelfstandige activiteiten worden opgelopen, zoals CJIB- boetes of milieuboetes kunnen niet als bedrijfskosten worden opgevoerd.

Verkoopbevordering

Reclamekosten zijn eerder aan de orde geweest in relatie tot oneerlijke concurrentie. Dit geeft echter nog geen normering voor acceptabele kosten. Hiervoor kan aansluiting worden gezocht bij de norm zoals die doorgaans gehanteerd wordt bij startende ondernemers, namelijk 5% van de te verwachten bruto winst. Blijkt uit de omzetspecificatie dat een lager bedrag verantwoord wordt, dan geldt uiteraard dat lagere bedrag.

Materiaalkosten

Voor de uitvoering van de zelfstandige activiteiten kan iemand materialen nodig hebben welke doorberekend worden aan de opdrachtnemer. De bruto aanschafprijs kan op de omzetspecificatie worden opgevoerd.

Algemene kosten

Het is moeilijk om hiervoor een algemene normering te geven, per branche zal dit nader worden bekeken. Wel dient een gespecificeerde opgave van de kosten overgelegd te worden, zodat beoordeeld kan worden of hierin investeringen of privé-uitgaven zijn opgenomen. Deze mogen niet als bedrijfskosten aanvaard worden.

Indien bijvoorbeeld sprake is van telefoon, internet en computerkosten, dient de scheiding van zakelijke telefoonkosten en privé telefoonkosten duidelijk te worden weergegeven conform de voorwaarden van de belastingdienst.

Bij twijfel kan advies worden ingewonnen van de FBA adviesgroep. Zij adviseren de gemeente in het kader van het Bbz.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.