Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel demonstratierecht 2025

Gemeente Haarlem · geldt sinds 6 september 2025

Aanhef

Inleiding

Het betogingsrecht is een belangrijk grondrecht en een van de fundamenten van de democratische rechtsstaat. Historisch gezien heeft de uitoefening van het demonstratierecht mensen in staat gesteld allerlei kwesties te agenderen en mensenrechten op te eisen en zo bijgedragen aan maatschappelijke verandering.

1Demonstratierecht onder druk, Amnesty International, blz 9 en 11.

Jaarlijks vinden er in Haarlem tientallen betogingen plaats om aandacht te vestigen op een grote diversiteit aan onderwerpen. Om helderheid te bieden aan de Haarlemse samenleving over hoe met demonstraties wordt omgegaan zijn gemeentelijke beleidsregels vastgesteld. Deze beleidsregel geeft invulling aan de wijze waarop gebruik wordt gemaakt van de bevoegdheid van de burgemeester op grond van de Wet openbare manifestaties om voorschriften en beperkingen op te leggen aan demonstraties. Hierbij wordt aangetekend dat deze beleidsregel als richtlijn gehanteerd wordt door de burgemeester bij het gebruik van zijn bevoegdheden. Dit neemt niet weg dat hij, indien de situatie daar om vraagt, van de beleidsregel kan afwijken ter bescherming van de belangen genoemd in de Wet openbare manifestaties en artikel 9 van de Grondwet.

Bijlage 1: voorschriften en beperkingen

Uitgangspunt van het demonstratierecht is dat iedere betoging op zijn eigen merites dient te worden beoordeeld. Daarom wordt per betoging beoordeeld welke voorschriften en beperkingen nodig zijn. Hieronder volgt een niet-limitatieve opsomming van voorschriften en beperkingen die kunnen worden gesteld:

•Uw betoging vindt plaats aan/op …………………….(locatie) van ……. uur tot …… uur;

•U dient zich stipt te houden aan de volgende route: ……………………………….. Buiten deze aangewezen route is het niet toegestaan om te betogen. Buiten deze aangewezen locatie is het niet toegestaan om te betogen;

•Het volgen van bezoekers van ……………. is niet toegestaan;

•Voetgangers worden zo min mogelijk gehinderd, noch mag uw betoging gevaar of onnodige hinder opleveren voor het verkeer;

•Het is verboden om gebouwen, wegen en/ of kruisingen of splitsingen te blokkeren;

•Na afloop van de demonstratie dient u de locatie waar u gedemonstreerd heeft, schoon achter te laten. Weggeworpen flyers of enig ander drukwerk dat door u is verspreid dient te worden opgeruimd;

•Het gebruik van geluidsversterkende apparatuur is alleen toegestaan voor het ondersteunen van de uit te dragen van de boodschap, het aanspreken van de deelnemers van uw betoging en ten behoeve van het ordelijk verloop van de manifestatie.

•Het volume van de geluidsversterkende apparatuur mag niet zodanig zijn dat dit onnodige hinder of overlast veroorzaakt. Indien het geluid te hard staat zal dit op aangeven van de politie en/of teruggebracht moeten worden naar een aanvaardbaar niveau;

•Het is de deelnemers niet toegestaan om tijdens de demonstratie dan wel voorafgaand daaraan of na beëindiging hiervan zich op de openbare weg te bevinden met gezichtsbedekking (capuchon, bivakmuts, sjaal, e.d.) waarop het vaststellen van de identiteit van de betrokkenen door middel van gezichtsherkenning wordt belemmerd of belet;

•Het is niet toegestaan om wapens, fakkels, kettingen, sloten, ijzerwaar, pijpen, lijm of andere voorwerpen die als wapen of als middel om te blokkeren dan wel vast te ketenen gebruikt kunnen worden voorhanden te hebben;

•Het verbranden van voorwerpen of stoffen, zoals bijvoorbeeld hout, oliën, kaarsen, fakkels of vuurwerk is niet toegestaan;

•Alle aanwijzingen en bevelen gegeven door of namens de politie en/of handhaving moet u direct opvolgen;

Bijlage 2: Beleidsuitgangspunten en tolerantiegrenzen

Het overheidsoptreden is erop gericht om een demonstratie veilig te laten verlopen en te voorkomen dat het verkeer ernstig wordt gehinderd of er sprake is van wanordelijkheden of gevaar voor de gezondheid. Per demonstratie wordt beoordeeld of en welke beleids- en tolerantiegrenzen nodig zijn. Beleids- en tolerantiegrenzen geven richting aan dit doel, en hebben als doelstelling een eenduidig optreden van het OM, de politie en de gemeente te bewerkstelligen.

Beleidsuitgangspunten

•We bieden ruimte aan de rechten genoemd in artikel 7 (vrijheid van meningsuiting) en artikel 9 (recht tot vergadering en betoging) van de Grondwet.

•We zijn neutraal in ons handelen (conform artikel 1 - Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld).

•We eerbiedigen het demonstratierecht en kanaliseren emoties, zo beperken we de impact op openbare orde en veiligheid.

•We streven naar een veilig en ordelijk verloop van de protestmars en de demonstratieve blokkade.

•We handhaven de openbare orde, de rechtsorde en verkeersveiligheid. Bij verstoring richt ons optreden zich op zo spoedig mogelijk herstel.

•We treden op bij overtreding van wet- en regelgeving. Enige verkeershinder wordt geaccepteerd.

•We staan voor een eenduidig en professioneel politieoptreden;

•Het politieoptreden is gericht op de-escaleren. Incidenten worden ‘klein gehouden’ door direct aanspreken en, wanneer nodig, optreden. Waar mogelijk wordt hierbij aan de achterkant opgetreden waarbij bij het plegen van meer dan geringe strafbare feiten op een later tijdstip dan het pleegmoment tot aanhouding van de verdachte(n) wordt overgaan.

•Het noodzakelijk politieoptreden wordt gekenmerkt door een zorgvuldige afweging van de mate van inbreuk op de rechtsorde en de consequenties van het politieoptreden tegen deze inbreuk. Er vindt afstemming plaats met de burgemeester over een besluit tot optreden.

•In geval van geringe strafbare feiten is het optreden in de eerste plaats gericht op beëindiging van het strafbare feit, indien mogelijk middels verwijdering van ordeverstoorders ter plaatse.

•Bij meer dan geringe strafbare feiten, zoals geweldsdelicten, uitingsdelicten of vernielingen, is het optreden van de politie primair gericht op aanhouding. Indien nodig, kan de politie ook in deze situatie op een later tijdstip dan het pleegmoment tot aanhouding van de verdachte(n) overgaan, in overleg met de Officier van Justitie.

Tolerantiegrenzen

Zowel de politie als handhaving zijn het gezicht van de Nederlandse overheid. Geef ruimte aan emoties, toon begrip en empathie, incasseer daar waar nodig is hetgeen tegen je gezegd wordt. Als uitgangspunt wordt het onderstaande niet getolereerd.

•Het (grootschalig) plegen van wanordelijkheden voorafgaand aan, tijdens en na afloop van een demonstratie.

•Het belemmeren van de politie of andere hulpverlenende instanties in de uitoefening van hun publieke taak alsmede het belemmeren van de aanwezige media, beveiligers en verkeersregelaars.

•Het in gevaar brengen van het verkeer.

•Het publiekelijk creëren of uitlokken van gevaar.

•Het (openlijk) uitlokken van geweld tegen personen of goederen.

•Het direct in gevaar brengen van personen of goederen.

•Het dreigen met of daadwerkelijk gebruik van geweld tegen personen met een publieke taak. Denk aan bijzondere- en buitengewone opsporingsambtenaren, beveiligers en verkeersregelaars.

•Het bezit of gebruik van slag-, stoot- en andere wapens (overtreden van de Wet wapens en munitie).

•Het afsteken van vuurwerk.

•Het voeren van wapens, fakkels of voorwerpen die als wapen gebruikt kunnen worden.

•Het dragen van gezicht bedekkende kleding of kledingstukken die het doel hebben om herkenning te voorkomen (bivakmutsen, helmen, sjaals, enzovoort. Als dit aan de orde is wordt dit afgestemd met de driehoek.

•Het aanwezig zijn van meerdere personen of groepen waarbij het mogelijk is dat ze tegengestelde belangen hebben en waarbij de vrees voor verstoringen van de openbare orde of gewelddadigheden bestaat. Het optreden richt zich in dit geval primair op het beschermen van personen.

•Het gebruikmaken van drones door particulieren.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.