4 Bodemkwaliteitskaart
4.2 Ontgravingskaarten
4.3 Bodemfunctieklassenkaart
Vanuit het Besluit bodemkwaliteit is de gemeente verplicht om een bodemfunctieklassenkaart op te stellen. De bodemfunctieklassenkaart is opgenomen in de kaartbijlage V. Het uitgangspunt bij het opstellen van de bodemfunctieklassenkaart is dat de bodemkwaliteit moet aansluiten bij de bodemfunctie. In het Besluit bodemkwaliteit zijn zeven bodemfuncties opgenomen:
•wonen met tuin;
•plaatsen waar kinderen spelen;
•groen met natuurwaarden;
•ander groen, bebouwing, infrastructuur en industrie;
•moestuinen en volkstuinen;
•natuur;
•landbouw.
Bij elk van deze bodemfuncties hoort een eigen bodemkwaliteitsniveau indien gekozen wordt voor gebiedsspecifiek beleid. Dit niveau is gebaseerd op de humane, ecologische of landbouwrisico's die te verwachten zijn bij een bodemfunctie. Algemeen uitgangspunt is dat er geen sprake mag zijn van onaanvaardbare humane risico's bij het beoogde gebruik. Indien gekozen wordt voor generiek beleid worden de zeven bodemfuncties verdeeld in drie bodemfunctieklassen. Deze bodemfunctieklassen zijn vastgelegd in een bodemfunctieklassenkaart. De volgende vier bodemfunctieklassen worden onderscheiden:
•wonen;
•industrie;
•landbouw;
•natuur.
In tabel 4.3 is de indeling van bodemfuncties naar bodemfunctieklassen opgenomen. Hierbij wordt opgemerkt dat recreatie valt onder de bodemfunctie “plaatsen waar kinderen spelen” en/of “groen met natuurwaarden” en derhalve onder bodemfunctieklasse “wonen”.
Tabel 4.3: Bodemfunctieklassen
Er vindt bij het toepassen van grond een dubbele toetsing plaats. Er wordt zowel gekeken naar de bodemfunctieklasse van de zone, als naar de bodemkwaliteit in de zone, zie tabel 4.4. Hierbij geldt dat de schoonste van deze twee leidend is. Deze dubbele toetsing geldt niet voor grootschalige bodemtoepassingen.
Regionale actualisatie van de bodemfunctieklassenkaart
Tezamen met het actualiseren van het regionale bodembeleid (beschreven in de Nota bodembeheer
3Nota bodembeheer, projectnummer 042570.100, versie D1, d.d. 2 december 2022, door Antea Group
) is de bodemfunctieklassenkaart geactualiseerd. Hierin is vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet, naast de functieklassen wonen en industrie tevens onderscheid gemaakt in de functies ‘natuur’ en ‘landbouw’. Als bron voor het aanduiden van natuurgebieden is gebruik gemaakt van de beheergebieden van de verschillende natuurbeheerders in de regio, te weten Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten. Functiewijzigingen naar aanleiding van (geplande) ontwikkelingen zijn ook direct doorgevoerd op de functiekaart.
Uitgesloten gebieden
Uitgesloten gebieden zijn aangegeven op de functiekaart en de ontgravingskaart. Wateren en waterbodems zijn in elk geval uitgesloten en zijn als water aangegeven op de kaart. Aan uitgesloten gebieden is geen functieklasse toegekend. Derhalve zijn deze gebieden als grijze vlek (‘overig’) op de functiekaart aangegeven.
Wegbermen
De gemeenten die deelnemen aan de regionale Nota bodembeheer hebben voor de wegen en wegbermen van doorgaande wegen in het buitengebied bepaald hoe van de bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel voor de milieuverklaring bodemkwaliteit gebruik gemaakt kan worden. Dit beleid houdt onder meer in dat de wegen en wegbermen doorgaande wegen en spoorwegen de functie industrie toegewezen krijgen.
Bijlage 1: Toelichting databewerking
Type onderzoek
De eerste stap bij de selectie van de juiste onderzoeksgegevens, is de selectie van het type onderzoek en de aanleiding van het onderzoek. In de onderstaande tabellen 1 en 2 is aangegeven welke typen en aanleidingen van onderzoek relevant zijn bevonden voor de bodemkwaliteitskaart.
Tabel 1: Onderzoekstype
Naam
Relevant
Bijzonder inventariserend onderzoek
Nee
Historisch onderzoek
Ja
Indicatief onderzoek
Ja
Bodemsanering bedrijven (BSB)
Nee
Verkennend onderzoek NEN 5740
Ja
Verkennend onderzoek NVN 5740
Ja
Oriënterend bodemonderzoek
Ja
Nader onderzoek
Nee
Saneringsonderzoek
Nee
Saneringsplan
Nee
Sanerings evaluatie
Nee
Monitoringsrapportage
Nee
(Na)zorgrapportage
Nee
brf (briefrapport)
Ja
avr (aanvullend rapport)
Ja
fax
Nee
Nul- of Eindsituatieonderzoek
Ja
Bouwstoffenbesluit
Nee
Pre-HO
Nee
BOOT
Nee
ASB - asbest onderzoek NEN 5707
Ja
Partijkeuring grond
Nee
Meldingsformulier BUS saneringsplan
Nee
Meldingsformulier BUS evaluatieverslag
Nee
Verkennend onderzoek voor waterbodems (NVN 5720)
Nee
Rapport conform de richtlijn NO voor waterbodems (AKWA 01.005, RIZA-nota 2001.052)
Nee
Rapport conform de handleiding sanering waterbodems (AKWA 05.006)
Nee
Plan van aanpak (voor onderhoudsbagger)
Nee
Asbest onderzoek waterbodem (NTA 5727)
Nee
Nazorgplan
Nee
Monitoringsplan
Nee
Bodemluchtonderzoek
Nee
Verkennend onderzoek stortplaatsen
Nee
Versnellingsprotocol Spoedlocaties
Nee
Organisatiespecifiek onderzoek
Nee
Bestek sanering
Nee
Plan van aanpak (zorgplicht, geen saneringsplan)
Nee
Verkennend onderzoek voor waterbodems (NEN 5720)
Nee
Melding Civiel Onttrekken
Nee
(niet gevuld)
Ja
Tabel 2: Aanleiding
Naam
Relevant
bestemmingswijziging, VINEX, locatieontwikkeling
Ja
BOOT
Nee
Bouwvergunning
Ja
Civieltechnisch
Ja
Calamiteit
Nee
Landsdekkend
Ja
Nulsituatie
Ja
Transactie
Ja
Vermoeden of melding verontreiniging
Nee
Voorgaand
Nee
ISV-programmering
Nee
Onbekend
Nee
Omgevingsvergunning
Ja
Eindsituatie
Ja
(niet gevuld)
Ja
Periode
De onderzoeksgegevens, op basis waarvan de actuele bodemkwaliteit wordt vastgesteld, moeten voldoende recent zijn om te waarborgen dat de gegevens representatief zijn. In de richtlijn bodemkwaliteitskaarten is aangegeven dat gegevens daarom in principe niet ouder mogen zijn dan 5 jaar. Het gebruiken van gegevens ouder dan 5 jaar is toegestaan, mits wordt aangetoond dat deze gegevens vergelijkbaar zijn met de recentere gegevens. In de huidige kaart zijn de gegevens tot 10 jaar terug gebruikt.
AS3000
Vanaf 1 juli 2007 is het Accreditatieschema 3000 (AS3000) in werking getreden. AS3000 bevat de kwaliteitseisen voor laboratoria voor al het milieuhygiënisch bodemonderzoek. AS3000 schrijft een monstervoorbehandeling voor, bestaande uit malen en homogeniseren. Dit verlaagt de kans op een grote spreiding van analyseresultaten waardoor resultaten betrouwbaarder worden. In de berekeningen voor deze bodemkwaliteitskaart zijn in dit geval enkel resultaten van na 2007 gebruikt. De invoering van het AS3000 protocol heeft derhalve geen invloed op de betrouwbaarheid van de algehele dataset.
Bodemlagen
Om de analysemonsters te kunnen toekennen aan de boven- en ondergrond, is uitgegaan van de gemiddelde diepte van de analysemonsters. Hiermee wordt bedoeld dat:
•wanneer de gemiddelde diepte van de bemonsterde laag tussen 0,0 en 0,5 m -mv. valt, dit als bovengrond is beschouwd (bijv. in het geval van een bemonsterde laag uit het traject 0,2-0,7 m - mv.: de gemiddelde diepte is dan 0,45 m -mv.);
•voor de ondergrond geldt dat de gemiddelde diepte van het bemonsterde traject groter moet zijn dan 0,5 m -mv. en kleiner dan of gelijk aan 2,5 m -mv. (bijvoorbeeld in het geval van de laag 0,3-0,8 m -mv.; de gemiddelde diepte is 0,55 m -mv.).
Betrouwbaarheid/garanties
Bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van al dan niet verdachte bodemlagen. Hoewel Antea Group conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving handelt, is het juist deze steekproefsgewijze benadering die het onmogelijk maakt garanties ten aanzien van de verontreinigingssituatie af te geven op basis van de resultaten van een bodemonderzoek.
Het vorenstaande betekent dat Antea Group op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Antea Group uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In een voorkomend geval adviseren wij u altijd contact op te nemen met uw aanspreekpunt binnen Antea Group.
In dit kader kan ook worden opgemerkt dat de voor het historisch onderzoek geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Antea Group wel afhankelijk van deze bronnen, waardoor Antea Group niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.
Certificatie/accreditatie
Antea Group is gecertificeerd volgens NEN-ISO 9001. Ons bureau is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodemonderzoek (VKB).
Het veldwerk ten behoeve van het milieuhygiënisch bodemonderzoek is uitgevoerd conform de BRL SIKB 2000 (Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB-proces-certificaat voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek). In de bijlage “Verantwoording onderzoek BRL 2000” is vermeld of Antea Group het veldwerk zelf heeft uitgevoerd of heeft uitbesteed aan een ander bureau. Zowel Antea Group als de bureaus waaraan Antea Group veldwerk uitbesteedt, zijn volgens de BRL SIKB 2000 gecertificeerd en erkend. Eventuele afwijkingen van de beoordelingsrichtlijn zijn in voorliggend rapport vermeld. In het colofon staan de namen en parafen van de veldmedewerkers die de kritische functies binnen het veldwerk hebben uitgevoerd. Werkzaamheden ten behoeve van asbestonderzoek conform NEN 5897 (asbest in puin) en overige onderzoeken (te denken valt aan asfalt- en funderingsonderzoek, civieltechnisch onderzoek etc.) vallen buiten de scope van de BRL SIKB 2000.
De naleving van de kwaliteitseisen en procedures wordt periodiek getoetst door interne auditors en externe auditors, onder toezicht van de Raad voor Accreditatie (RvA). De onderzochte locatie is niet in eigendom van Antea Group of gerelateerde zusterbedrijven.
De in het bodemonderzoek benodigde analyses van grond en grondwater laat Antea Group verrichten door een door de RvA geaccrediteerd laboratorium. Deze accreditatie garandeert dat bij de analyses consequent de juiste en vastgelegde procedures worden gehanteerd zodat de analyseresultaten een hoge betrouwbaarheid hebben. Voor de analyses geldt dat deze conform het Accreditatieschema(AS)3000 zijn uitgevoerd. De analyseresultaten zijn gevalideerd getoetst middels BOTOVA.
Toepassing grond en asbest
Het bodemonderzoek geeft inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het kader van het gebruik en/of de bestemming van de onderzochte locatie. Indien echter grond van de locatie wordt afgevoerd voor toepassing elders, volstaan de resultaten van het verrichte bodemonderzoek mogelijk niet. Er is niet bekeken of er wordt voldaan aan de definitie van grond, zoals genoemd in de Regeling bodemkwaliteit d.d. 30 november 2018. Afhankelijk van de omvang van de af te voeren partij(en) grond en de eisen die door de acceptant of het bevoegd gezag ter plaatse van de nieuwe toepassingslocatie worden gesteld (bijvoorbeeld aanwezigheid van een bodemkwaliteitskaart met bijbehorend bodembeheerplan), dient de grond eventueel nog conform de richtlijnen van het Besluit bodemkwaliteit te worden onderzocht.
Met nadruk wordt vermeld dat onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de bodem geen onderdeel uitmaakt van onderzoek dat door Antea Group volgens de NEN 5740 is uitgevoerd. Alleen als in de rapportage is vermeld dat er onderzoek conform NEN 5707 is uitgevoerd, is specifiek asbestonderzoek gedaan. Als tijdens het veldwerk in de bodem asbestverdachte materialen zijn opgemerkt, dan komt dit in de profielbeschrijvingen en de conclusies naar voren.
Kaartbijlagen
Kaarten
I. Kaart met zone-indeling bovengrond
II. Kaart met zone-indeling ondergrond
III. Ontgravingskaart bovengrond (tot 0,5 m-mv.)
IV. Ontgravingskaart ondergrond (> 0,5 m-mv.)
V. Bodemfunctieklassenkaart
VI. Generieke toepassingskaart bovengrond
VII. Generieke toepassingskaart ondergrond
VIII. Gebiedsspecifieke toepassingskaart bovengrond
IX. Gebiedsspecifieke toepassingskaart ondergrond
I. Kaart met zone-indeling bovengrond
II. Kaart met zone-indeling ondergrond
III. Ontgravingskaart bovengrond (tot 0,5 m-mv.)
IV. Ontgravingskaart ondergrond (> 0,5 m-mv.)
V. Bodemfunctieklassenkaart
VI. Generieke toepassingskaart bovengrond
VII. Generieke toepassingskaart ondergrond
VIII. Gebiedsspecifieke toepassingskaart bovengrond
IX. Gebiedsspecifieke toepassingskaart ondergrond