Aanhef
VOORWOORD WETHOUDER FRANSSEN
Armoede en schulden pakken we samen aan!
Ook in de gemeente Gulpen-Wittem leven mensen in armoede en schulden. Financiële zorgen grijpen in op het fundament van iemands leven. De langdurige stress die armoede veroorzaakt zorgt voor somberheid en depressiviteit, waardoor mensen niet meer vooruit kunnen kijken en soms onverstandige beslissingen nemen. Daarnaast zorgt het voor allerlei andere psychosociale- en gezondheidsproblemen en sociale uitsluiting.
Als portefeuillehouder voor het sociale domein voel ik een verantwoordelijkheid om mensen te beschermen tegen armoede en schulden en ze te helpen als ze toch problemen krijgen. Ik vind dat iedereen in staat moet zijn om mee te kunnen doen en erbij te kunnen horen. Er is veel kennis over armoede en schulden. Kennis over wie het (mogelijk) treft, bijvoorbeeld door een levensgebeurtenis zoals een scheiding of plotseling verlies van baan en inkomen. We weten dat armoede overgaat van generatie op generatie. Deze kennis en de bijbehorende instrumenten moeten we inzetten om mensen vooruit te helpen.
Armoede moet gewoon een gespreksonderwerp worden.
In dit beleidsplan schetsen we de contouren van het beleid dat richting geeft aan deze persoonlijke ambitie. De uitvoering hiervan doen we niet alleen maar pakken we samen aan. Met onze netwerkpartners maar zeker ook met de lokale organisaties, vrijwilligers, cliëntenorganisaties en onze Adviesraad Sociaal Domein. Met iedereen die hier een rol in heeft! Laten we er samen de schouders onder zetten!
Piet Franssen,
Wethouder Sociaal Domein
2. ARMOEDE
2.1. WAT IS ARMOEDE?
Er zijn diverse definities van armoede die op verschillende plaatsen gehanteerd worden. In de gemeente Gulpen-Wittem hanteren we de volgende definitie:
“Armoede, of beter gezegd inkomensarmoede, is gedefinieerd als het hebben van onvoldoende geld (inkomen) om een bepaald consumptieniveau te realiseren, dat in Nederland als minimaal noodzakelijk wordt geacht.”
De bron van deze definitie is het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Zij rapporteren één keer per twee jaar welke ontwikkelingen ze zien in het armoederisico van huishoudens en personen in Nederland.
Uit het regionaal armoedeonderzoek, dat in 2016 is gedaan in de regio Maastricht-Heuvelland, is de volgende toevoeging gedaan op hoe we armoede zien:
“Armoede is een complex verschijnsel met veelal samenhangende dimensies (inkomen, maatschappelijke participatie, opleidingsniveau, gezondheid, zelfredzaamheid, wonen en leefomgeving
1Sociale contacten en sociale vaardigheden.
), waarin het toekomstperspectief een belangrijk onderscheidend kenmerk is, vooral in situaties waarin niet of nauwelijks uitzicht is op werk of verandering van leefsituatie.”
Oorzaken waardoor mensen in armoede komen zijn bijvoorbeeld het verlies van een baan en daarmee inkomen, echtscheiding, faillissement van een eigen bedrijf, ziekte/handicap waardoor iemand niet kan werken.
Bovenstaande geeft aan, dat er breed gekeken moet worden op armoede. Zowel in de preventieve als curatieve sfeer dient er samenhang gezocht te worden binnen de verschillende leefgebieden en dus ook binnen de verschillende beleidsterreinen van de gemeente.
Onderstaande figuur geeft dit ook weer:
2.2. ARMOEDE IN GULPEN-WITTEM
Op 3 september 2019 bracht het Sociaal en Cultureel Planbureau (samen met het CBS en met medewerking van het UWV) haar armoedeonderzoek uit onder de naam Armoede in Kaart 2019.
Van alle 388 gemeenten die Nederland in 2017 telde, hadden in totaal 68 gemeenten een armoedepercentage boven het landelijke gemiddelde van 5,7%. De gemeente Gulpen-Wittem had in 2017 een armoedepercentage van 4,2%, ruim beneden het landelijke gemiddelde. Na 2013 daalde de armoede in de meeste gemeenten, zo ook in Gulpen-Wittem.
In de tabellen hierna vindt u de meest recente cijfers
2Dit zijn de cijfers van het CBS en die zijn maar tot en met 2017 bijgewerkt.
voor gemeente Gulpen-Wittem, afgezet tegen de cijfers uit voorgaande jaren en de cijfers van de andere 5 gemeenten in Maastricht-Heuvelland. Er wordt specifiek ingegaan op de armoedecijfers onder kinderen, gepensioneerden en zelfstandigen.
Personen onder de armoedegrens (in procenten en aantallen)
GW
GW
EM
EM
Ma
Ma
Me
Me
Vaa
Vaa
Val
Val
2017
4,2%
593
3,0%
754
8,2%
8563
3,5%
653
9,4%
855
5,0%
799
2015
4,4%
626
3,6%
886
8,6%
8969
4,1%
770
9,3%
851
5,4%
861
2013
4,9%
692
4,1%
992
10,2%
10711
4,6%
864
11,1%
1029
6,8%
1098
2011
4,1%
591
3,8%
917
8,6%
9037
4,0%
761
10,7%
994
5,9%
966
Minderjarige kinderen onder de armoedegrens (in procenten en aantallen)
GW
GW
EM
EM
Ma
Ma
Me
Me
Vaa
Vaa
Val
Val
2017
6,4%
131
4,1%
174
10,9%
1710
4,8%
150
14,4%
179
6,8%
161
2015
5,8%
124
4,9%
213
12,7%
2043
5,7%
186
15,7%
201
7,7%
192
2013
6,8%
152
6,2%
283
13,3%
2190
6,7%
231
15,3%
211
9,2%
237
2011
5,2%
124
4,7%
227
11,6%
1995
5,9%
213
15,1%
219
7,9%
216
Gepensioneerden onder de armoedegrens (in procenten en aantallen)
GW
GW
EM
EM
Ma
Ma
Me
Me
Vaa
Vaa
Val
Val
2017
2,7%
101
2,1%
123
3,4%
849
2,1%
100
4,1%
104
3,0%
131
2015
3,0%
110
2,0%
117
3,2%
777
2,0%
98
3,5%
89
2,6%
111
2013
2,5%
88
1,6%
93
3,8%
911
1,8%
83
5,1%
125
2,9%
123
2011
2,3%
78
2,1%
117
3,6%
853
2,0%
91
5,2%
123
2,7%
110
Zelfstandigen onder de armoedegrens (in procenten en aantallen)
GW
GW
EM
EM
Ma
Ma
Me
Me
Vaa
Vaa
Val
Val
2017
7,0%
88
5,7%
112
10,9%
676
6,7%
91
11,5%
71
8,6%
113
2015
8,0%
98
7,2%
139
11,4%
690
7,5%
107
14,0%
87
9,4%
132
2013
7,7%
91
7,7%
145
13,3%
791
7,5%
105
16,5%
97
11,4%
158
2011
7,8%
95
7,2%
139
11,7%
674
6,4%
87
14,3%
85
9,9%
137
EM = Eijsden-Margraten
GW = Gulpen-Wittem
Ma = Maastricht
Me = Meerssen
Vaa = Vaals
Val = Valkenburg aan de Geul
4. VISIE EN DOELEN
4.1. VISIE
In onze visie is armoede een complex probleem, wat vraagt om een benadering op diverse leefgebieden. Oorzaken en gevolgen van armoede kunnen verschillen van persoon tot persoon, wat vraagt om maatwerkoplossingen. Hiervoor is een goede samenwerking met ketenpartners essentieel.
We willen armoede voorkomen en bestrijden door de persoonlijke situatie van onze inwoners duurzaam te verbeteren. We willen dat de overerving van armoede wordt voorkomen door extra aandacht te geven aan kinderen/gezinnen. Hiervoor wordt er ook samenhang gezocht met andere beleidsterreinen, zoals re-integratie, participatie, gezondheidszorg, jeugdzorg, maatschappelijke ondersteuning, onderwijs, kinderopvang, laaggeletterdheid, inburgering en wonen.
4.2. DOELEN
In het Actieplan Armoede gemeente Gulpen-Wittem 2017 zijn een aantal uitgangspunten/doelen benoemd, welke nu nog steeds actueel zijn:
Integrale aanpak en het versterken van de zelfredzaamheid:
Door armoede te bekijken op diverse leefgebieden en de gevolgen daarvan, is dit in samenhang aan te pakken. We vertrouwen op het vermogen van onze inwoners om hun eigen problemen met hun netwerk op te lossen, waar dat nodig is helpen we hierbij met als doel inwoners en hun sociale netwerk te ondersteunen bij de verbetering van hun zelfredzaamheid;
Toegankelijkheid:
We willen dat onze gemeentelijke minimaregelingen en de regelingen voor minima die we daarnaast ondersteunen goed toegankelijk zijn. Degenen voor wie ze bedoeld zijn, moeten ze gemakkelijk kunnen vinden, begrijpen en kunnen aanvragen;
Preventie en vroegsignalering:
We willen verborgen armoede signaleren en waar mogelijk in samenwerking met ketenpartners armoede bespreekbaar maken. Schulden willen we liefst zoveel mogelijk voorkomen en/of zoveel mogelijk in een vroeg stadium aanpakken. Het Beleidsplan Schuldhulpverlening ondersteunt hierbij om ook bij schulden preventief te handelen;
Kinderen:
Als we bij het begin willen beginnen, dan zijn kinderen vanzelfsprekend een specifieke groep die extra aandacht verdient in de aanpak van armoede. Het bereik onder kinderen in armoede die gebruik maken van het kindpakket willen we vergroten. Dit helpt om hun ontwikkelkansen te vergroten.
Samen aan de slag:
Zowel intern binnen de gemeente als extern richting ketenpartners is het belangrijk om in de aanpak van armoede actief verbinding met elkaar te hebben. Als gemeente faciliteren we hierin en helpen bij het leggen van verbindingen. Binnen onze gemeente zijn er meerdere vrijwilligersorganisaties actief om armoede te bestrijden. Zij bieden mensen op een laagdrempelige manier hulp. Ook wordt waar nodig en mogelijk samengewerkt met de gemeenten binnen de regio Maastricht-Heuvelland en Sociale Zaken Maastricht-Heuvelland.
5. AANPAK
5.1. INTEGRALE AANPAK EN VERSTERKEN VAN DE ZELFREDZAAMHEID
Door armoede te bekijken op diverse leefgebieden en de gevolgen daarvan, is dit in samenhang aan te pakken. We vertrouwen op het vermogen van onze inwoners om hun eigen problemen met hun netwerk op te lossen, waar dat nodig is helpen we hierbij met als doel inwoners en hun sociale netwerk te ondersteunen bij de verbetering van hun zelfredzaamheid.
Door het stimuleren van een integrale aanpak zorgt dit met het perspectief van de inwoners voor een samenhangende aanpak die aandacht heeft voor alle leefgebieden. De behoefte van de burger is hierbij leidend. Daarnaast werken professionals met elkaar samen en stemmen processen, hun werkwijze en expertise op elkaar af om tot een gezamenlijk plan voor de burger te komen. Zo voorkomen we dat bureaucratische verkokering plaatsvindt en dat instellingen, hulpverleners en overheden met elkaar samenwerken in plaats van langs elkaar heen.
Het doel daarvan is, dat burgers weer zelfredzaam worden: dat zij in staat zijn om, eventueel met behulp van hun eigen netwerk, voor zichzelf te zorgen en hun problemen op te lossen.
De verwachting is, dat integraal werken de dienstverlening op de lange termijn niet alleen effectiever, maar ook goedkoper maakt.
Wat gaan we doen?
•Huidige regelingen en voorzieningen continueren;
•Meer mogelijkheden bieden voor maatwerk binnen de regelingen passend bij de situatie. Wanneer inwoners een beroep doen op een regeling of voorziening, zal gekeken worden hoe de situatie duurzaam verbeterd kan worden, door naar alle leefgebieden te kijken en een integraal plan op te stellen;
•Medewerkers in de toegang (Wmo, Jeugd, Sociale Zaken) zijn geschoold in sociale netwerkversterking. Zij kunnen bij armoedevraagstukken zorgen, dat hun kennis bijdraagt aan het integrale aanpak door samen met het netwerk te bekijken welke oplossingen er mogelijk zijn en wie waarbij kan ondersteunen. Indien nodig kan de medewerker hier een regierol in pakken;
•We staan open voor innovatie en willen samen met burgers en onze partners participeren in innovatieve projecten. We volgen ook de landelijke ontwikkelingen op dit gebied en we willen leren van vooruitstrevende praktijkvoorbeelden van elders uit het land. Zo is er een sportfonds voor volwassenen ontwikkeld waarvan wij gaan onderzoeken of het zinvol is om daar aan deel te gaan nemen.
5.2. PREVENTIE EN VROEGSIGNALERING
Armoede is nog steeds een thema waarover niet open wordt gesproken. De drempel om hulp te vragen bij schulden of in een situatie waarin je lastig rond kunt komen, blijft hoog.
Dit blijkt uit verschillende rapporten en publicaties. Mensen wachten te lang voordat ze om hulp vragen. Armoede moet gewoon een gespreksonderwerp worden.
We willen verborgen armoede signaleren en waar mogelijk in samenwerking met ketenpartners armoede bespreekbaar maken. Schulden willen we liefst zoveel mogelijk voorkomen en/of in een vroeg stadium aanpakken. Het Beleidsplan Schuldhulpverlening ondersteunt hierbij om ook bij schulden preventief te handelen.
Wat gaan we doen?
•Scholing organiseren voor onze toegangsmedewerkers (Wmo, Jeugd en Participatie) om alerter te zijn op signaleren van armoede. Het team Sociaal Domein (Jeugd, Participatiewet, Wmo) moet een belangrijke preventieve en signalerende rol gaan spelen. Bij een keukentafelgesprek moet de professional alert zijn op signalen van armoede;
•Huisartsen informeren over signalen van armoede, zodat zij kunnen verwijzen naar de toegangsmedewerker die aan hun praktijk is gekoppeld. Thema armoede meenemen in de op maat afspraken die er met huisartsen gemaakt gaan worden;
•Afspraken maken met het BKR, woningcorporaties, energieleveranciers, waterbedrijven zodat die een beperkte betaalachterstand al bekend maken bij de gemeente;
•Inzetten op financiële voorlichting voor kinderen (No Credit game Over). Als kinderen al leren hoe zij hun financiële zelfredzaamheid kunnen bevorderen, dan kunnen ze de opgedane ervaring gebruiken als ze op latere leeftijd geconfronteerd worden met financiële vraagstukken;
•Het aanleren van een gezonde leefstijl is een investering in de toekomst. Daarom zijn er verschillende programma’s om kinderen (en hun ouders) te ondersteunen bij een gezonde leefstijl. Naast deze leefstijlprogramma’s versterken we het netwerk van professionals rondom de scholen (de zorgcoördinator, de jeugdgezondheidszorg, het schoolmaatschappelijk werk);
•Scholen en verenigingen meer betrekken bij het signaleren van verborgen armoede;
•Een goede, afgeronde schoolopleiding is een belangrijke voorwaarde om een baan te kunnen vinden. Een betaalde baan is een belangrijke voorwaarde om niet in armoede terecht te komen. Dat betekent, dat we initiatieven die bevorderen dat kinderen deel kunnen blijven nemen aan onderwijs en onderwijs gerelateerde zaken, ondersteunen.
5.3. EXTRA AANDACHT VOOR KINDEREN
Kinderen die opgroeien in armoede, lopen een grotere kans om zelf later ook in armoede te leven. In Gulpen-Wittem groeien ongeveer 131 minderjarige kinderen op in armoede (cijfers 2017). Kinderen die opgroeien in armoede hebben het lastig om gewoon mee te doen.
In Gulpen-Wittem hebben we daarom een uitgebreid kindpakket samengesteld met regelingen van de gemeente, landelijke en lokale initiatieven. Dit pakket voorziet in basisbehoeften zoals eten en kleding, maar ook diverse regelingen om mee te doen aan de samenleving.
Er bestaan verschillende landelijke, regionale en lokale fondsen die zich richten op het vergroten van de kansen om mee te doen. Deze fondsen ontvangen een jaarlijkse bijdrage van de deelnemende gemeenten.
Aanbeveling kindpakket
Gulpense kindregelingen
Opmerkingen/aanvullingen
Basisbehoeften
V
Middels de bijzondere bijstand, het Nationaal Jeugdontbijt en de Voedselbank zijn de basisbehoeften gewaarborgd
Meedoen aan de samenleving
V
Geborgd door de regeling maatschappelijke samenleving participatie, de schoolkostenregeling, Stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport en Cultuur, Nationaal Fonds Kinderhulp
Vouchers voor basisbenodigdheden zoals een stel winterkleren en zomerkleren
V
Er wordt in Gulpen-Wittem niet gewerkt met vouchers. Via de Kledingbank en een stel winterkleren en particuliere initiatieven (bijvoorbeeld van Vluchtelingenwerk) wordt kinderkleding verstrekt
Zwemdiploma
V
Via het Jeugdfonds Sport wordt zwemdiploma.
A,B,C vergoed
Een bibliotheekpas tot 18 jaar
V
Kinderen t/m 17 jaar kunnen gratis lid worden van de Bibliotheek Gulpen- Wittem
Vervoer: fietsregeling en/of (gratis) openbaar vervoer
V
Kinderen kunnen gratis of met korting reizen met Arriva. Ook zijn er mogelijkheden voor het verkrijgen van een fiets via de Fietsbank. Kinderen die de mogelijkheid hebben, moeten vooral gestimuleerd worden om te fietsen, omdat dit ook bijdraagt aan de gezondheid van kinderen.
Deelname aan een wekelijkse activiteit ter ontspanning of sportieve/culturele ontwikkeling
V
Via de regeling maatschappelijke participatie en het Jeugdfonds Sport en Cultuur.
Wat gaan we doen?
•Onderwijs beter informeren over het kindpakket;
•Verenigingen beter informeren over het kindpakket;
•Jongeren betrekken bij beleidsvorming door initiatieven van jongeren te ondersteunen en stimuleren en aan te sluiten bij bestaande regionale of landelijke initiatieven op het gebied van jongerenparticipatie. Samen met de jongeren zullen we bekijken wat ze belangrijk vinden, waar ze prioriteit aan willen geven en hoe we dit aan gaan pakken. We vinden het belangrijk om de betrokkenheid van jongeren op een vanzelfsprekende wijze blijvend in onze aanpak op e nemen.
5.4. SAMEN AAN DE SLAG
Gemeente Gulpen-Wittem werkt samen met maatschappelijke partners, vrijwilligersorganisaties, scholen en ondernemers om armoede in Gulpen-Wittem te bestrijden, te voorkomen, te verzachten en op te lossen. Deze partijen weten vaak beter wat er speelt in Gulpen-Wittem en welke problemen burgers ervaren.
Hun ondersteuningsmogelijkheden zijn vaak laagdrempelig en zij signaleren stille armoede, omdat zij ‘achter de voordeur’ komen.
Wat gaan we doen?
•Veel partners hebben de behoefte om kennis te maken met elkaar, elkaars initiatieven en werkwijze. Gemeente Gulpen-Wittem wil deze partners dan ook (blijven) samenbrengen bij netwerkbijeenkomsten, werkconferenties en rondetafelgesprekken. De gemeente heeft hierin een faciliterende rol;
•Ook willen we de doelgroep betrekken bij deze bijeenkomsten om te leren van ervaringsdeskundigen, maar ook om hen in te zetten om de doelgroep beter en sneller te bereiken. Door armoede een gezicht te geven wordt het taboe verbroken;
•Continue aandacht communicatie over alle regelingen, zodat partners ervan op de hoogte zijn en blijven;
•Waar mogelijk willen we (nieuwe) maatschappelijke initiatieven en burgerinitiatieven ook stimuleren door mee te denken over het initiatief, de initiatiefnemers in verbinding te brengen met relevante partners, te communiceren over het initiatief in de gemeentelijke media of een (start)subsidie te verstrekken. We ondersteunen en nemen deel aan allianties en dragen onze visie uit waar en wanneer dit mogelijk is;
•In dit alles betrekken we de gemeenten in de subregio Maastricht-Heuvelland. Waar mogelijk en nodig werken we samen, maar te alle tijden versterken we elkaar door informatie te delen.
BIJLAGE
KORT VERSLAG BIJEENKOMST ARMOEDE D.D. 4 JUNI 2020
Op donderdag 4 juni 2020 vond er op verzoek van de Adviesraad Sociaal Domein een bijeenkomst Armoede plaats.
Aanwezig waren vertegenwoordigers van de Adviesraad Sociaal Domein, de Cliëntenraad Participatiewet Maastricht Heuvelland, Sociale Zaken Maastricht Heuvelland, Kredietbank Limburg, Trajekt, Nationaal Jeugdontbijt, Caritas Gulpen, Vluchtelingenwerk.
De bijeenkomst werd voorgezeten door wethouder Van der Kleij.
Aan de hand van het conceptbeleidsplan Armoede werd de aanwezigen een aantal vragen gesteld.
Vraag 1. ‘Wat is voor jullie armoede?’
Geld is de basis, maar er is meer. Armoede heeft effect op alles:
-Je toekomstperspectief
-Je geheugen, omdat je hersenen er ook op reageren
-Je wordt geleefd, je kunt niets zelf bepalen
-Iedere dag is een gevecht
-Je komt in een visuele cirkel
-Je gaat piekeren
-De maatschappij ziet mensen in armoede als consumenten, mensen in armoede kunnen dit niet meer volgen
-De lat wordt overal steeds hoger gelegd
-Verlies van vrienden
Vraag 2. Wat vinden jullie positief aan het beleidsplan Armoede?
-Compleet pakket
-Vroegsignalering
-Continuering van armoedebeleid
-Preventie
-Begeleiden in zelfredzaam worden
-Inlevend maatwerk
-Integraal
Verder werd het volgende opgemerkt:
-Wonen: scheef wonen (mensen met ‘geld’ die sociaal gehuurd zitten)
-Wonen: kleine woningen, te weinig ruimte voor ieder. Zeker gezinnen met kinderen die bijvoorbeeld autisme hebben
Vraag 3. Herkennen jullie je in de visie en doelen die de gemeente stelt in het beleidsplan?
7aanwezigen gaven aan zich te herkennen in de visie en de doelen van de gemeente. 1 aanwezige herkende zich deels wel en deels niet.
De overige vragen gingen over de doelen in hoofdstuk 5 van het beleidsplan.
Integrale aanpak:
-Waarom is er geen meldpunt voor armoede
-Opvoeding en onderwijs aanpassen, zodat je leert hoe het er in het leven aan toe gaat en dat je het moet nemen zoals het is
-Kinderen in armoede voelen zich niet altijd veilig op school, zeker vroeger niet
-Goede ervaringen met de aanpak van vrije scholen: er is meer dan…..
-Bewustwording bij scholen belangrijk, dat er ook kinderen in armoede zijn. Rol voor het schoolmaatschappelijk werk
-Ervaringsdeskundigen inzetten
Preventie en vroegsignalering:
-Het bereik van de doelgroep blijft lastig
-Inzetten van ervaringsdeskundigen. Dit werk ook beter bij de doelgroep vluchtelingen, bijvoorbeeld tolk/vertalers die zelf te maken hebben gehad met regelingen
-Scholing voor kinderen, volwassenen en professionals
-Bekendheid onder inwoners vergroten dat er mogelijkheden zijn zoals het aanvragen van fondsen bijvoorbeeld op scholen, verenigingen
-Armoede regelmatig als gespreksonderwerp op de agenda plaatsen, zowel bij de gemeente, in het basis- en middelbaar onderwijs, in verenigingen, in adviesraden om bespreekbaar te maken wat de knelpunten op verschillende leefgebieden zijn
Kinderen:
-Geestelijk aspect bij kindpakket? Eigenwaarde en zelfredzaamheid zijn belangrijk
-Wat heb je als ouder nodig om je kinderen zelfredzaam te maken
-Kinderen informeren hoe om te gaan met geld. Het belang van sparen uitleggen. Bijeenkomsten op school.