Aanhef
De raad van de gemeente Groningen;
gelet op artikel 160, lid 1, sub e, en artikel 169, lid 4, van de Gemeentewet;
gelet op artikel 2 en 2a van de Wet financiering decentrale overheden en artikel 6 zesde lid van het Treasurystatuut gemeente Groningen 2024;
gelet op titel 4.3 ('Beleidsregels') van de Algemene wet bestuursrecht;
overwegende dat gemeenten uitsluitend ten behoeve van de publieke taak geldleningen en
garantstellingen voor geldleningen kunnen verstrekken;
overwegende dat het Treasurystatuut gemeente Groningen 2024 een nadere uitwerking vereist inzake het verstrekken van borgstellingen door de gemeente Groningen op het gebied van breedtesport;
besluit vast te stellen:
Regeling borgstelling leningen breedtesport gemeente Groningen 2025.
Artikel 1: Begripsbepalingen
a.Garantstelling: een borgstelling van de gemeente Groningen ten behoeve van een door de aanvrager bij een financiële instelling aan te trekken lening en de daaruit voortvloeiende verplichtingen;
b.Financiële instelling: al dan niet commerciële instellingen zoals banken, leveranciers, leasemaatschappijen, waarborgfondsen die bijvoorbeeld hypothecaire leningen, onderhandse leningen, (consumenten)kredieten, garantstellingen / borgstellingen of financial lease kunnen verstrekken.
Artikel 2: Kring van rechthebbenden
1Garantstellingen worden slechts verstrekt door het college aan amateursportverenigingen die aangesloten zijn bij een landelijke, door het NOC*NSF erkende of bij een andere landelijke of internationale sportbond en die statutair gevestigd zijn in de gemeente Groningen.
Artikel 3: Inhoudelijke criteria
1De af te geven garantstellingen moeten nodig zijn in het kader van de uitvoering van een publieke taak in de gemeente Groningen. Dat wil zeggen dat ze moeten passen binnen en bijdragen aan het gemeentelijk beleid en het openbaar belang. Tevens moet er met de financiering een voor de gemeente relevant maatschappelijk doel worden gediend.
2De zaken zijn zonder gemeentelijke borgstelling niet te realiseren. Eerst dienen zelfwerkzaamheid, eigen middelen, subsidiegelden en middelen van sponsoren, etc., door de aanvrager te worden benut (vangnetcriterium). De aanvrager dient inzichtelijk te maken welke inspanningen als bedoeld in dit lid zijn verricht.
3Een garantstelling wordt niet verstrekt indien de te financieren zaken niet voldoende zekerheid bieden voor verhaal van rente en aflossing van de te verstrekken garantstelling of lening.
Artikel 4: Financiële criteria
1Verzoeken om garantstellingen worden geweigerd als de betreffende lening zonder onoverkomelijke bezwaren voor de aanvrager door een financiële instelling kan worden verleend.
2De financiële positie en prognoses van de aanvrager moeten zodanig zijn dat rente en aflossing betaald kunnen blijven worden.
3Voorwaarde is dat er wordt samengewerkt met de Stichting Waarborgfonds Sport (SWS). Zonder medewerking van dit Fonds wordt in beginsel geen borgstelling door de gemeente verstrekt.
4De garantstelling door de gemeente bedraagt maximaal € 350.000,--.
Artikel 5: De aanvraag
1Aanvragen voor een garantstelling moeten vóór het aangaan van verplichtingen met betrekking tot de gevraagde lening volledig en schriftelijk worden ingediend bij het college.
2Aanvragen moeten zijn voorzien van (a) een exemplaar van de statuten, (b) een opgave van de bestuurssamenstelling, (c) tekeningen en technische omschrijving als de lening de aankoop of verbouwing van een onroerende zaak betreft, (d) een document waaruit blijkt dat het onderpand vrij is van hypotheek, (e) de laatst bekende taxatiewaarde van het onderpand voor de OZB in geval het gaat om een bestaand onroerende zaak, (f) de jaarrekeningen van de laatste twee boekjaren, (g) een exploitatiebegroting waarin rente en aflossing van de geldlening zijn verwerkt, (h) een gespecificeerde opstelling van de wijze van financiering van de voorgenomen investering, (i) de concept-leningsovereenkomst met de beoogde financiële instelling.
3Een verzoek om garantstelling wordt in ieder geval afgewezen indien de gemeente niet de zekerheid heeft dat (a) de investeringen zullen plaatsvinden, (b) de aanvrager zal voldoen aan de aan de lening verbonden verplichtingen, (c) aan de betalingsverplichting van rente en aflossing naar behoren zal worden voldaan, (d) de aanvrager in het kader van de aanvraag juiste of volledige gegevens heeft verstrekt.
Artikel 6: Overige bepalingen
1De looptijd van de garantstelling bedraagt maximaal 20 jaar, rekening houdend met de economische levensduur van de voorziening
2De criteria die de SWS in haar Reglement Stichting Waarborgfonds Sport heeft opgenomen, zijn van toepassing.
3Daarnaast gelden de volgende aanvullende beoordelingscriteria:
a.De beoogde voorziening doet geen afbreuk aan de (toekomstige) gebruiksmogelijkheden van het gemeentelijke complex.
b.De ondergrond is en blijft eigendom van de gemeente.
c.Indien de sportvereniging over voldoende middelen beschikt om de beoogde investering zelfstandig te financieren, zal de gemeente geen garantstelling verstrekken.
d.Aan ieder verzoek om garantie verbindt het college de voorwaarde dat de SWS eveneens een borgstelling af geeft.
e.De looptijd van de lening waarvoor de gemeente garant staat is maximaal 20 jaar.
f.Het college zal jaarlijks de controlerapporten van de sportorganisaties waarvoor borgstellingen zijn verstrekt ter kennisgeving van de SWS ontvangen.
g.Jaarlijks zullen de verleende garantstellingen in de risicoparagraaf als onderdeel van de paragraaf weerstandsvermogen van de gemeentebegroting en de gemeentejaarrekening worden opgenomen.
Artikel 7: Citeertitel en inwerkingtreding
1Deze regeling wordt aangehaald als “Regeling borgstelling leningen breedtesport gemeente Groningen 2025”.
2De regeling treedt in werking op de dag na de bekendmaking.