Aanhef
DE RAAD VAN DE GEMEENTE GRONINGEN;
Besluit vast te stellen;
Nota Kostenverhaal 2024 gemeente Groningen
Voorwoord
Geachte bewoners, ondernemers, ontwikkelaars en woningcorporaties,
Voor u ligt de Nota Kostenverhaal van de gemeente Groningen. Deze nota geeft aan op welke manier nieuwe bouwplannen een (financiële) bijdrage leveren aan de verhoging van de leefkwaliteit, zoals vastgesteld in onze omgevingsvisie ‘Levende Ruimte’.
Bij een kleine ingreep, zoals een dakkapel, een aanbouw of een bijgebouw betaalt u alleen leges voor een omgevingsvergunning. Bij bouwactiviteiten, die strijdig zijn met het omgevingsplan (voorheen het bestemmingsplan) van Groningen, bent u mogelijk aanvullend een extra bijdrage verschuldigd. Dit kunnen uiteenlopende bouwactiviteiten zijn, zoals de bouw van één woning tot de bouw van een hele woonwijk, de uitbreiding van uw bedrijf, de bouw van een kantoor of van een supermarkt. Koopt u bouwrijpe grond (met een bouwtitel) van de gemeente of een nieuwbouwwoning, dan bent u meestal geen bijdrage verschuldigd. Deze is dan meestal al in de koopsom begrepen. Wilt u echter als ontwikkelaar, (bouw-)bedrijf, woningcorporatie of particulier een nieuw bouwplan op uw eigen grond realiseren, terwijl dat volgens het omgevingsplan nog niet is toegestaan, dan is deze nota kostenverhaal van toepassing.
De omgevingsvisie ‘Levende Ruimte’ kiest als uitgangspunt dat initiatiefnemers voor een belangrijk deel meebetalen aan de ambities van de gemeente. Het instrument kostenverhaal gaan we consequent inzetten. Het verhalen van kosten was al verplicht onder de Wet ruimtelijke ordening, hetgeen wordt voorgezet onder de nieuwe Omgevingswet. De Omgevingswet streeft naar een vereenvoudiging en verbetering van onze wetten voor de fysieke leefomgeving. De ruimtelijk wetgeving wordt daarmee inzichtelijker, integraler en maakt snellere besluitvorming mogelijk. Tevens daagt de Omgevingswet bewoners en bedrijven uit om actief met ideeën en initiatieven te komen.
Met deze nota zorgen wij voor een transparant en eenduidig kader voor ons kostenverhaal, dat aansluit bij de nieuwe Omgevingswet. Wij hopen dat dit document vooraf duidelijkheid verschaft aan alle partijen, om zo gezamenlijk te werken aan een mooier, duurzamer en inclusiever Groningen.
namens
het College van B&W
wethouder Rik van Niejenhuis
Bijlage 1: Begrippenlijst
Actief grondbeleid
Het beleid waarbij een gemeente ernaar streeft een gebiedsontwikkeling zelf te realiseren voor eigen rekening en risico
Anterieure
overeenkomst
De term anterieur (voorafgaand) wordt gebruikt voor een overeenkomst die voorafgaat aan een besluit tot wijziging van het omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit of een projectbesluit die een ontwikkeling mogelijk maken. (OW artikel 13.13)
Binnenplanse kosten
zie uitleg in bijlage 2
Bouwrijp maken
het geschikt maken van gronden voor bebouwing
Bouwplan
Een ruimtelijke plan, waarbij er sprake is van aangewezen (bouw-)activiteiten, waarbij kostenverhaal in rekening dient te worden gebracht op grond van afdeling 13.6 van de Omgevingswet. Het overzicht van kostenverhaalplichtige (bouw-)activiteiten staat in artikel 8.13 van het Omgevingsbesluit.
Buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA)
een activiteit die niet voldoet aan de regels van het omgevingsplan en niet vergunningsvrij voor het bouwen is. Gemeenten kunnen een initiatief mogelijk maken door het verlenen van een vergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA).
bvo
Het bruto vloeroppervlak is de som van de vloeroppervlakte van alle bouwlagen, gemeten langs de buitenomtrek. De bruto vloeroppervlakte is dus inclusief ingesloten buitenruimte, trappen
Liftkokers, installatieruimten, delen onder 1,5 m hoogte. In de NEN norm 2580 staat precies hoe het bvo gemeten moet worden.
(niet-) Casco
zie uitleg in bijlage 2
Exploitatiegebied
het gebied waarbinnen nieuwe bouwplannen zijn voorzien, inclusief de benodigde voorzieningen van openbaar nut. Er is duidelijk sprake van een planologische of functionele samenhang. De Ow spreekt over kostenverhaalsgebied voor gevallen waarin de publieke route wordt gevolgd.
Faciliterend grondbeleid
grondbeleid waarbij de gemeente de ruimtelijke kaders stelt, maar er niet naar streeft de gebiedsontwikkeling zelf te realiseren en het initiatief hiertoe aan derden overlaat
financiële bijdrage kwaliteitsverbetering fysieke leefomgeving
Een bijdrage voor ruimtelijke ingrepen, zoals bedoeld in artikel 13.22 en 13.23 van de Omgevingswet
Gebiedsoverstijgende kosten
zie uitleg in bijlage 2
Inrichting van de openbare ruimte
aanleg of aanpassing van straten, wegen, fietspaden, trottoirs, verlichtingen, nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, waterbergende en -afvoerende voorzieningen, waterpartijen, speelvoorzieningen, straatmeubilair, het plaatsen van brandkranen, verkeers- en straatnaamborden, artistieke, sierende en overige inrichtingselementen
Intentieovereenkomst
Een overeenkomst waarin partijen afspraken maken om te onderzoeken of er op termijn tot een concreet bouwplan gekomen kan worden, waarvoor op dat moment een anterieure overeenkomst kan worden gesloten.
Kostensoortenlijst
kostensoorten aangewezen op grond van artikel 8.15 van het Omgevingsbesluit, waarvan de kosten verhaalbaar zijn via een kostenverhaalbeschikking. De volledige lijst is beschikbaar in bijlage IV deel A en B van het Omgevingsbesluit.
Kostenverhaal en Kostenverhaalsbijdrage
Kostenverhaal is het door de overheid verhalen van kosten op een initiatiefnemer die een woning, bedrijfspand of ander gebouw bouwt of verbouwt. Het gaat over overheidskosten voor werken, werkzaamheden en maatregelen. Bijvoorbeeld kosten voor het wijzigen van het omgevingsplan en het aanleggen van openbare voorzieningen. Als afspraken over een kostenverhaalsbijdrage niet in een anterieure overeenkomst zijn vastgelegd, komt de publiekrechtelijke kostenverhaalsregels in beeld.
Kostenverhaalsregels
regels over het kostenverhaal zoals opgenomen in een omgevingsplan, een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit of een projectbesluit. In die regels staat onder andere:
•welke kosten worden verhaald.
•hoe die kosten over de bouwactiviteiten in het gebied worden verdeeld.
•hoe en wanneer een eindafrekening plaatsvindt.
Wie wil bouwen moet bij het bevoegd gezag een kostenverhaalsbeschikking vragen.
Liberalisatiegrens
De liberalisatiegrens markeert het scheidingspunt tussen een sociale-huurwoning en een woning in de vrije sector binnen Nederland. Sociale of gereguleerde huurwoningen vallen onder de liberalisatiegrens. In 2023 lag deze grens bij een maandhuur van € 808,06
Locatie-eisen
zie uitleg in hoofdstuk 2
Middenhuurwoning
geliberaliseerde woning voor middenhuur: een huurwoning met een aanvangshuurprijs van ten minste het maximumbedrag, waarbij nog huurtoeslag kan worden verkregen en ten hoogste een door de gemeente in het omgevingsplan vastgestelde huurprijs
NHG-grens
De grens aan de koopsom, waarvoor iemand in aanmerking komt voor Nationale Hypotheek Garantie (NHG). In 2024 ligt deze grens van de koopsom of de getaxeerde waarde op € 435.000.
Nadeelcompensatie
Nadeelcompensatie is een regeling voor schadevergoeding voor rechtmatig overheidsoptreden. Het gaat over schade boven het normale maatschappelijke risico en het bedrijfsrisico die iemand onevenredig zwaar treft. Directe schade is het gevolg van inperking van bestaande rechten van de eigenaar. Indirecte schade wordt veroorzaakt door activiteiten in de omgeving.
Omgevingsplan
Een plan met regels over de fysieke leefomgeving, die de gemeente stelt binnen haar grondgebied. Per gemeente is er sprake van één omgevingsplan.
Omgevingsvisie
een strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving. Deze wordt opgesteld door het Rijk, de provincie en de gemeente.
Omgevingsvergunning
De omgevingsvergunning is een vergunning voor veel werkzaamheden in de fysieke leefomgeving. Deze vergunning viel tot 1 januari 2024 nog onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is deze vergunning hierin opgegaan.
Omgevingswet (Ow)
Wet volgend op de Wet ruimtelijke ordening, die per 1 januari 2024 in werking is getreden.
Omgevingsbesluit (Ob)
In het Omgevingsbesluit, horende bij de Omgevingswet, staan regels over het bevoegd gezag voor omgevingsvergunningen, over procedures, handhaving en uitvoering, en over het Digitaal Stelsel Omgevingswet.
Particulier opdrachtgeverschap
situatie waarin een toekomstige bewoner opdrachtgever is voor de bouw van een woning
Plankosten
Het betreft de kosten voor advies, toetsing, ontwerp, participatie, voorbereiding en toezicht om te komen tot de uitvoering van een bouwplan
Plankostenscan
Het ministerie van Binnenlandse zaken stelt een Excel-rekenmodel beschikbaar waarmee de plankosten op een betrekkelijk eenvoudige manier kunnen worden berekend. Dat rekenmodel staat bekend als de plankostenscan.
Planschade
zie nadeelcompensatie
Prestatieafspraken
afspraken op gelijkwaardige basis tussen gemeenten, woningcorporaties en huurdersorganisaties over de volkshuisvestelijke opgave in hun (werk-)gebied.
Profijt Toerekenbaarheid en Proportionaliteit
De toets waaruit blijkt in welke mate gebiedsoverstijgende investeringen toerekenbaar zijn aan bouwplannen. Men speekt ook wel over het PTP-criterium
Programma onder de Omgevingswet
Het programma is een flexibel instrument dat de overheid kan toepassen in verschillende fasen van de beleidscyclus. Het instrument programma is een beleidsdocument, net als de omgevingsvisie.
Projectbesluit
instrument voor waterschappen, provincies en het Rijk voor het mogelijk maken van vaak complexe projecten met een publiek belang. Voorbeelden zijn de aanleg van een snelweg of windpark, of de versterking van een primaire waterkering
Sociale huurwoning
huurwoning met een aanvangshuurprijs onder de liberalisatiegrens, de grens waarvoor huurtoeslag kan worden ontvangen
Sociale koopwoning
koopwoning met een koopprijs vrij op naam tot ten hoogste de NHG-grens. Gemeenten kunnen stengere normen voor sociale koop hanteren.
Wet ruimtelijke ordening (Wro)
De Wet ruimtelijke ordening (Wro) regelt hoe ruimtelijke regels tot stand komen en welke bestuurslaag voor deze regels verantwoordelijk is. De Wro is op 1 juli 2008 in werking getreden en is per 1 januari 2024 opgevolgd door de Omgevingswet.
Bijlage 2: Binnenplanse kosten, gebiedsoverstijgende kosten en de financiële bijdrage.
In essentie zijn er drie niveaus van kostenverhaal en bijdragen bij gebiedsontwikkeling:
1kostenverhaal van binnenplanse kosten
2kostenverhaal van gebiedsoverstijgende kosten (investeringen in het niet-casco van de stad)
3financiële bijdragen aan de ontwikkeling van gebieden (gebiedsoverstijgende investeringen in het casco van de stad)
Binnenplanse kosten voldoen aan de volgende criteria:
•Staan op de kostensoortenlijst;
•Zijn gelegen binnen het exploitatiegebied;
•Zijn 100% toerekenbaar aan het bouwplan.
Voorbeelden van binnenplanse kosten zijn:
•Slopen van het aanwezige vastgoed
•Grondwerkzaamheden
•De aanleg van bouwstraten en riolering
•Inrichting van de openbare ruimte
•Plankosten
Gebiedsoverstijgende kosten (investeringen niet-casco van de stad) voldoen aan de volgende criteria:
•Staan op de kostensoortenlijst;
•Kunnen zowel binnen als buiten het exploitatiegebied zijn gelegen;
•Voldoen aan het PPT-criterium:
1Profijt: een gebiedsontwikkeling moet nut ondervinden van de investering;
2Proportionaliteit: als meerdere gebiedsontwikkelingen profiteren van een investering worden de kosten naar rato
16In een anterieure overeenkomst kan een andere verdeling worden overeengekomen.
verdeeld. Hierbij wordt ook het profijt voor de bestaande stad meegerekend;
3Toerekenbaarheid: Er bestaat een causaal verband tussen de gebiedsontwikkeling en de investering.
Voorbeelden van gebiedsoverstijgende (niet-casco) kosten zijn:
-Aanpassing van doorgaande verkeerswegen (bijvoorbeeld een rotonde) om de ontsluiting van één of meerdere exploitatiegebieden mogelijk te maken.
-Het gebruik van een waterberging door één of meerdere exploitatiegebieden
Financiële bijdrage aan de ontwikkeling van gebieden (afdeling 13.7 Ow). De investeringen in het casco van de stad zijn opgenomen in deze bijdrage. De bijdrage moet voldoen aan de volgende criteria:
-Het doel van de besteding behoeft niet persé een relatie te hebben met het bouwplan. De kosten hoeven niet te staan op de kostensoortenlijst en mogen elders in de gemeente liggen;
-De ruimtelijke relatie tussen de locaties waaraan een bijdrage wordt gevraagd en de maatschappelijke voorzieningen waarvoor de bijdragen bestemd zijn, staan aangegeven in een omgevingsvisie of programma. Deze relatie kan (nader) worden uitgewerkt in een beleidsnota. De voorliggende nota Kostenverhaal is het beleidsdocument, waarin de gemeente Groningen de kwaliteitsverbetering fysieke leefomgeving, zoals vastgesteld in de omgevingsvisie, nader uitwerkt en vertaalt naar een financiële bijdrage.
Het verschil tussen de binnenplanse-, gebiedsoverstijgende kosten en de financiële bijdrage kwaliteitsverbetering fysieke leefomgeving staan in de onderstaande afbeelding weergegeven.
Er zijn wettelijk gezien twee vormen van financiële bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk. Namelijk de vrijwillige variant en de verplichte variant. Beide varianten werken in de basis vanuit hetzelfde principe. Het verschil zit in het volgende:
1) Bij de vrijwillige variant maken de gemeente en ontwikkelaar op vrijwillige basis afspraken en de bestedingsdoeleinden zijn ruim geformuleerd: maatschappelijke functies zoals natuur, recreatie en sport, waterberging, infrastructuur, culturele voorzieningen, maar ook reconstructies van stedelijk en landelijk gebied.
2) Bij de verplichte variant zal de gemeente een kostenverhaalsregel opnemen in het omgevingsplan op basis waarvan de gemeente een financiële bijdrage kan afdwingen bij de afgifte van de omgevingsvergunning. De categorieën ontwikkelingen waarvoor financiële bijdragen kunnen worden verhaald zijn opgenomen in het Omgevingsbesluit (Ob). Dit betreft de volgende categorieën zoals vermeld in artikel 8.21 Ob:
a) wijziging van de inrichting van het landelijk gebied ter verbetering van landschappelijke waarden door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen het verwijderen van vrijkomende agrarische bebouwing en het herstellen of aanvullen van landschappelijke elementen;
b) aanleg of wijziging van gebieden (als bedoeld in artikel 2.44 van de OW) of gebieden die in het omgevingsplan ter bescherming van de natuur zijn aangewezen en herstel, op basis van een omgevingsvisie of programma, van dier- en plantensoorten die van nature in Nederland in het wild voorkomen door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen maatregelen in de fysieke leefomgeving
i) ter vermindering van de stikstofdepositie; of
ii) ter bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen;
c) aanleg van infrastructuur voor verkeers- en openbaar vervoersnetwerken van gemeentelijk of regionaal belang;
d) aanleg van recreatievoorzieningen die behoren tot de gemeentelijke of regionale groenstructuur, waaronder in ieder geval worden begrepen parken en recreatiegebieden;
e) ontwikkelingen gericht op het bereiken van een naar prijsklasse evenwichtige samenstelling van de woningvoorraad in de gemeente of regio door middel van het realiseren van sociale huur- of koopwoningen als bedoeld in artikel 5.161c, eerste lid, onder a en b, van het Besluit kwaliteit leefomgeving buiten het gebied waar de activiteit, bedoeld in artikel 13.11 van de wet, plaatsvindt,
f) stedelijke herstructurering ter verbetering van het woon- en leefklimaat in verouderde wijken of gebieden met leegstandsproblemen door middel van het treffen van maatregelen in de fysieke leefomgeving, waaronder in ieder geval worden begrepen het slopen van woningen en het aanleggen of wijzigen van wegen.
Bijlage 3: Investeringsoverzicht casco van de stad
In de onderstaande lijst staan de investeringen opgenomen in het casco van Groningen. Voor deze investeringen brengen we de financiële bijdrage kwaliteitsverbetering fysieke leefomgeving in rekening.
Investeringen in het casco van de stad
Investering t/m 2033
Bijdragen derden
Te verhalen kosten
Bedragen x miljoen euro, excl. BTW
Fiets
a
Fietstunnels & bruggen
85,2
2,1
83,1
b
Fietsenstallingen
0,6 + PM
0,1
0,5 + PM
c
Fietsroutes
44,4 + PM
9,5 + PM
34,9 + PM
Totaal
130,2 + PM
11,7 + PM
118,5 + PM
Infra/Mobiliteit
0,0
a
Investeringsprogramma Doorwaadbare stad (mobiliteit)
41,3 + PM
0,0
41,3 + PM
b
P&R voorzieningen
4+ PM
0,0
4+ PM
c
Investeringen stedelijke verbindings - en ringwegen
397,8
222,9
174,9
d
OV
160,0
43,1
116,9
Totaal
557,8 + PM
266,0
291,8 + PM
Voetgangers
a
Stedelijke pleinen
22,3
0,0
22,3
b
Investeringen Binnenstad
53,7
0,0
53,7
Totaal
76,0
0,0
76,0
Water en groen
a
Robuust Groen Netwerk
215,0 + PM
0,0
215,0 + PM
b
Parken
PM
PM
PM
c
Gezonde woon-werk- en winkelgebieden
189,0
0,0
189,0
d
Toekomstbestendig en toegankelijk landelijk gebied
PM
PM
PM
Totaal
404+ PM
PM
404+ PM
Totaal
1.168,0 + PM
277,7 + PM
890,3 + PM
Toelichting lijst
Van de in de lijst opgenomen investeringen is de verwachting dat deze binnen 10 jaar worden gerealiseerd of vanaf 2023 gereed zijn gekomen. Sommige investeringen vergen nog definitieve besluitvorming om te komen tot uitvoering.
Investering t/m 2033: In deze kolom staan de totale verwachte kosten van het project. Als deze nog niet bekend zijn, is PM opgenomen
Bijdragen derden: Dit betreft hoofdzakelijk bijdragen van rijk en provincie.
Te verhalen kosten: Het investeringsbedrag minus de ontvangen bijdragen van derden.
Fiets
Fietstunnels & bruggen: dit betreft onder andere fietstunnels bij hoofdstation, Brailleweg, langzaam verkeer verbinding Suikerzijde en fiets-/voetgangersbruggen over het Eemskanaal, Reitdiep en Oosterkade- Winschoterkade.
Fietsenstallingen: opgenomen investeringen zijn fietsenstalling Westerhaven, Herestraat/Gedempte Zuiderdiep en Binnenstad West.
Fietsroutes: betreft o.a. fietsverbinding spoorlijn Groningen – Sauwerd, Helperzoom Noord, doorfietsroute Assen-Groningen (deel Van Ketwich Verschuurbrug – Parkbrug), fietspad Noordelijke Ringweg.
Infra/Mobiliteit
Investeringsprogramma Doorwaadbare stad: Dit betreft o.a. herinrichting van een aantal wegen zoals de Parkweg, Peizerweg, Meerweg, en Floresstraat.
P&R Voorzieningen: opgenomen zijn o.a. het aanpassen P&R Meerstad en P&R Kardinge.
Investeringen stedelijke verbindings- en ringwegen: Dit betreft de insnijding Emmaviaduct, Westelijke Ringweg en Rondweg Hoogkerk.
OV: betreft Station Suikerzijde.
Voetgangers
Stedelijke pleinen: opgenomen zijn o.a. het Zuidplein Stationsgebied.
Investeringen Binnenstad: dit betreft investeringen in het programma Binnenstad, zoals herinrichting Grote Markt.
Water en groen
Robuust Groen Netwerk: betreft onder andere investeringen in de gemeentelijke ecologische structuur en het realiseren van de Hunzezone.
Parken: opgenomen investeringen zijn o.a. het upgraden van Stadspark, Westpark en Sterrebos.
Gezonde woon-werk- en winkelgebieden: hieronder vallen investeringen zoals de gemeente brede aanplant van 1.000 extra bomen per jaar, het ontstenen van de openbare ruimte en het programma Groningen Klimaatbestendig 2050.
Toekomstbestendig en toegankelijk landelijk gebied: dit betreft investeringen in het herstellen van landschappelijke waarden, zoals Gorecht/Nationaal Park Drentsche Aa, Fivel en Koningslaagte.
Bijlage 4: Rekenvoorbeelden
Deze rekenvoorbeelden hebben allen 1-1-2024 als prijspeil.
Rekenvoorbeeld 1
Een particulier komt met het verzoek tot verdichting van bestaande lintbebouwing. Het initiatief betreft de bouw van één nieuwe woning (150 m2 bvo) op eigen grond gelegen naast de huidige woning. Volgens het omgevingsplan is hier nu geen zelfstandige woning toegestaan. De gemeente wil medewerking te verlenen via een BOPA-procedure. Aanvullende ingrepen in de openbare ruimte zijn niet nodig. Het betreft hier dus een eenvoudig bouwplan.
kostenverhaal gemeentelijke plankosten
1eenheid
€ 4.000,-
bijdrage fysieke leefomgeving
150m2 x € 41
€ 6.150,-
Totaal
€ 10.150,-
Rekenvoorbeeld 2
Een private ontwikkelaar komt met een verzoek tot de bouw van 10 nieuwe woningen met elk 120 m2 bvo op een bestaande bedrijfslocatie. Op de locatie staat nu een kantoorpand van 1.000 m2 bvo. De ontwikkelaar komt met een partij, waarmee de gemeente prestatieafspraken heeft gemaakt, overeen dat 3 woningen worden geleverd en vervolgens beschikbaar komen voor de doelgroep; 30% sociale huur. De private ontwikkelaar maakt het exploitatiegebied voor eigen rekening bouw- en woonrijp en levert de toekomstige openbare ruimte ‘om niet’ terug aan de gemeente. De gemeente wil medewerking te verlenen via een BOPA-procedure. Ingrepen in de openbare ruimte (investering in het niet-casco) zijn niet nodig.
kostenverhaal gemeentelijke plankosten
10eenheden
€ 16.000
kostenverhaal toezicht op aanleg openbare ruimte
p.m.
bijdrage fysieke leefomgeving (nooit negatief!)
€ 0,-
3sociale huurwoningen
3x 120 m2 x € 0
€ 0
overige 7 vrije sector woningen
7x 120 m2 x € 41
€ 34.440
aftrek sloop kantoor
-1.000 m2 x € 41
-€ 41.000
Totaal
€ 16.000
+ p.m.
Indien er in dit rekenvoorbeeld geen sprake zou zijn van een kantoor, maar van een maatschappelijke voorziening, bijvoorbeeld een basisschool, dan is er geen sprake van aftrek. Voor maatschappelijke voorzieningen geldt immer 1.000 m2 bvo x €0 = €0. Daarmee is een bijdrage fysieke leefomgeving van €34.440 verschuldigd.
Rekenvoorbeeld 3
Een woningbouwcorporatie wil een herstructurering starten van haar eigen bezit. Alle bestaande 50 sociale huurwoningen (80 m2 bvo) worden gesloopt. Daarvoor in de plaats worden 60 nieuwe sociale huurwoningen (110 m2 bvo) en 10 woningen in de vrije sector (120 bvo) teruggebouwd. Het plan vereist herinrichting van de openbare ruimte. Het betreft hier een complex bouwplan.
kostenverhaal gemeentelijke plankosten
p.m.
kostenverhaal aanleg en toezicht van de openbare ruimte
p.m.
bijdrage fysieke leefomgeving
€ 49.200
10vrije sector woningen
10x 120 m2 x € 41
€ 49.200
60sociale huurwoningen
10x 110 m2 x € 0
€ 0
aftrek 50 sociale huurwoningen
50x 80 m2 x € 0
€ 0
Totaal
€ 49.200
+ 2 x p.m.
Rekenvoorbeeld 4
Een private ontwikkelaar komt met een verzoek tot de realisatie van een woonwijk van 100 woningen op een perceel met nu nog een agrarische bestemming. De ontwikkelaar komt met een partij, waarmee de gemeente prestatieafspraken heeft gemaakt, overeen dat 30 woningen worden geleverd en vervolgens beschikbaar komen voor de doelgroep; 30% sociale huur. De woningen in de vrije sector hebben een gemiddeld vloeroppervlak van 120 m2 bvo. De private ontwikkelaar maakt het exploitatiegebied voor eigen rekening bouw- en woonrijp en levert de toekomstige openbare ruimte ‘om niet’ terug aan de gemeente. Om deze woonwijk aan te sluiten op het bestaande wegennet is de aanleg van een rotonde nodig. De aanleg van deze rotonde is geraamd op € 250.000. Het betreft hier een complex bouwplan.
kostenverhaal gemeentelijke plankosten
p.m.
kostenverhaal toezicht op aanleg openbare ruimte
p.m.
kostenverhaal gebiedsoverstijgende investeringen (niet casco)
€ 250.000
bijdrage fysieke leefomgeving
€ 344.400
30sociale huurwoningen
3x 100 m2 x € 0
€ 0
70vrije sector woningen
70x 120 m2 x € 41
€
Totaal
€ 594.400
+ 2 x p.m.