Aanhef
Voorliggend document biedt een aanvulling op eerder genomen besluiten omtrent deelname concessiemodel (B&W 19-4-2016), samenwerkings- en concessieovereenkomst (B&W 22-11-2016) en beleidsregels oplaadobjecten en locatiekaart (B&W 24-1-2017).
Samenvatting
Het college van burgermeester en wethouders van de gemeente Gouda heeft de doelstelling gesteld om in 2040 CO2 neutraal te zijn. Een belangrijk transitiepad voor deze opgave is mobiliteit: Eén derde van de CO2-uitstoot en circa een kwart van de luchtverontreiniging in het stedelijk gebied wordt veroorzaakt door mobiliteit en transport. Een essentieel onderdeel van de transitie naar emissievrije mobiliteit is de verdere uitrol van laadinfrastructuur. Dit laadkader beschrijft hoe dit tot stand komt.
Bij de vorige aanbesteding (2016) stond vraaggestuurde plaatsing van laadpalen centraal waarbij inwoners en bedrijven met een elektrische auto en zonder parkeergelegenheid op eigen terrein, een verzoek konden indienen voor uitbreiding van het laadnetwerk in hun woon-of werkomgeving. Er werd dan eerst gekeken of er binnen een loopafstand van 250 meter ruimte was op het bestaande laadnetwerk. Pas als dit niet het geval was én de omvang van de vraag groot genoeg was (kWh), werd er een nieuwe laadpaal geplaatst.
Voor de periode 2020-2025 wordt verwacht dat het aantal elektrische auto’s in Gouda sterk zal groeien. Elektrische auto’s worden steeds meer concurrerend met de conventionele auto’s, niet alleen in financieel opzicht maar ook in de prestaties zoals de actieradius. De groei van het aantal elektrische auto’s zal ook leiden tot een grotere laadbehoefte. Deze groeiende laadbehoefte is deels op te vangen door een efficiënter gebruik van de bestaande laadinfra, maar zal ook verlangen dat de laadinfrastructuur in de stad verder wordt uitgebreid. Eén van de oorzaken van de groei van de laadbehoefte is de opkomende markt en het aanbod van tweedehands elektrische auto’s. Vanwege de korte levertijden van deze auto’s voor inwoners, vraagt dit een snellere respons in het plaatsen van laadpunten. De groeiende vraag naar laadpunten zal kansen met zich meebrengen, zoals een verbeterde businesscase en innovaties. Daarnaast zal het uitdagingen met zich meebrengen zoals de combinatie met de energietransitie en de ruimtelijke inpassing van een groot aantal laadpunten in de stad. De overgang naar elektrisch rijden leidt tot een stijgende vraag naar elektriciteit. In het proces om tot een Regionale Energie Strategie (RES) te komen wordt daar al rekening mee gehouden.
Het uitgangspunt van dit aangepaste laadkader is dat (gebrek aan) laadinfrastructuur geen belemmering mag vormen voor de groei van elektrisch vervoer. Dat betekent dat we met dit laadkader voldoende flexibiliteit voor opschaling bieden. Het is Gouda’s beleid om door middel van de reguliere laders het opladen van de auto te faciliteren. Dit zijn laadpalen met twee laadpunten, die een laadvermogen van minimaal 3,7 kW en maximaal 22 kW per laadpunt bieden.
Snelladers (≥50 kW) worden daarnaast voor specifieke doeleinden en doelgroepen geplaatst om de transitie naar elektrisch rijden te ondersteunen. Hierbij ziet de gemeente dat het bijladen onderweg aan de markt kan worden overgelaten. Daar waar snelladers nodig zijn omdat de vraag groter is dan het aanbod aan reguliere laders, als back-up, kan de gemeente het aantal snelladers uitbreiden. Om veelrijders te stimuleren over te stappen op elektrisch kunnen strategisch geplaatste openbare snelladers gefaciliteerd worden. Hier wil de gemeente een regierol in nemen.
Een reguliere lader wordt geplaatst wanneer er voldoende vraag is naar het opladen van elektrische voertuigen. Het vraaggestuurd plaatsen wordt voortgezet en is een combinatie geworden van aanvragen door e-rijders, analyse van gebruik bestaande palen en een prognose van laadbehoefte per gebied. Bijplaatsing wordt overwogen wanneer de druk op een laadpaal hoog is (uitgangspunt is hierbij een hogere maatstaf dan bij een aanvraagpaal: gelijk aan of meer dan gemiddeld 250kWh/laadpunt/maand of 25 transacties/laadpunt/maand). Wanneer een nieuwe e-rijder een aanvraag doet, wordt er gekeken of er binnen 250 meter loopafstand al een laadpunt staat met ruimte om te laden. Als dit het geval is wordt de e-rijder naar deze laadpaal doorverwezen.
Met nieuwe, innovatieve laadpunten in de openbare ruimte blijft geëxperimenteerd worden zoals op dit moment met lantaarnpalen die geïntegreerd worden met een oplaadpunt en slimme laadpleinen.
Belangrijke randvoorwaarden voor het openbare laadnetwerk blijven, zo wordt er gebruik gemaakt van groene stroom en kan de laadinfrastructuur door middel van flexibele aansturing worden ingezet om het energienet beter te benutten en flexibel in te zetten. Op locaties waar veel geladen zal worden voor bedrijfsvoering zoals o.a. voor stadsdistributie, taxi’s, groepsvervoer of deelauto’s zonder vaste plek kan de gemeente opdracht geven voor het plaatsen van één of meerdere laadpalen.
De keuze voor de locatie en het plaatsen van de openbare laadpunten is maatwerk en moet zorgvuldig worden afgewogen. Daarnaast geldt er voor de parkeerplekken bij het laadpunt een standaard inrichting. De plekken worden voorzien van een kruis, laadtegel en een verkeersbord (P-bord E4) met onderbord ‘Opladen elektrische voertuigen’. Voor specifieke locaties zoals in de binnenstad kan worden afgeweken van de standaard inrichting.
Het laadkader voor openbare laadinfrastructuur is volgend op o.a. het parkeerbeleid van de gemeente, beleid met betrekking tot deelauto’s, taxibeleid en beleid met betrekking tot Zero Emissie Stadslogistiek. Daarnaast houdt de gemeente bij plaatsing van openbare laadpunten rekening met de kwaliteit en beheeraspecten voor de openbare ruimte.
Belangrijkste wijzigingen in het laadbeleid ten opzichte van de uitgangspunten van de aanbesteding uit 2016:
-Het openbare laadnetwerk blijft voornamelijk bestaan uit reguliere laadpunten, de wijziging betreft het verruimen van het maximale laadvermogen naar 22 kW (dit was 11 kW).
-De gemeente neemt een actieve opdrachtgeversrol in de plaatsing van openbare laadpunten.
-Dit doen we door onderscheid aan te brengen in type plaatsingen naar 1) aanvraag van e-rijders en 2) in opdracht van gemeente, waar de laatste categorie meerdere aanleidingen kan hebben, in het bijzonder, gebruik (op basis van gebruikdata), prognoses, zakelijke veelrijders, gebiedsontwikkeling en specifieke locaties.
-Voor deelauto’s en zakelijke veelrijders wordt gedefinieerd hoe hun laadbehoefte wordt meegenomen.
-Er wordt vooralsnog geen connectiviteitstarief ingevoerd om laadpaalkleven tegen te gaan.
-De gemeente neemt regie op de plaatsing van openbare snelladers voor zakelijke veelrijders.
-Plaatsing van nieuwe openbare oplaadpunten kan niet plaatsvinden door burgers en bedrijven in de openbare ruimte. Met andere woorden: Privaat Verlengde Aansluiting (VPA) zijn in Gouda niet toegestaan.
Begrippenlijst
Charge Point Operator (CPO)
Exploitant van laadpunten. Gemeente Gouda beoogt een commerciële leverancier de concessie voor plaatsing, beheer en exploitatie voor laadpunten in de openbare ruimte te gunnen. De CPO baseert zijn businesscase op de exploitatie van de laadpunten.
E-rijder
De gebruiker (niet per definitie de eigenaar) van een elektrische auto.
Elektrische auto
Onder elektrische auto’s worden alle auto’s verstaan die rijden op elektriciteit en voorzien zijn van een stekker om op te laden: Een voertuig met meer dan 2 wielen, zoals bedoeld in het eerste lid van artikel 1 sub c, van de Wegenverkeerswet 1994, welk voertuig is geregistreerd bij de Rijksdienst voor Wegverkeer en geheel of gedeeltelijk door een elektromotor wordt aangedreven, waarvoor de elektrische energie geleverd wordt door een batterij en waarvan deze batterij wordt opgeladen door middel van een voorziening buiten het voertuig.
Elektrische auto’s op waterstof vallen vooralsnog buiten het kader omdat deze niet met een laadpaal van elektriciteit worden voorzien.
Energie (in kWh)
Grootheid voor de benodigde energie, uitgedrukt in kilowattuur (kWh). 1 kWh is de hoeveelheid energie die nodig is om 1 uur lang 1 kW vermogen te leveren.
Groene stroom
Energie uit duurzame, hernieuwbare bronnen die in Nederland opgewekt wordt.
Laadlocatie
Plaats waar opgeladen kan worden, op één of meer laadvakken die voorzien zijn van een laadobject.
Laadobject
Zelfstandig plaatsbaar object met één of meerdere laadpunten. Standaard is momenteel een laadpaal met twee laadpunten
Laadpaal
Laadobject in de vorm van een laadpaal met twee laadpunten.
Laadplein
Een verzameling van meer dan 2 laadpunten die zijn aangesloten op dezelfde netaansluiting en met één user-interface
Laadpunt
De elektrische energie aan het voertuig wordt geleverd via een laadpunt, de elektrische aansluiting op een laadstation (is in Gouda meestal een laadpaal).
Laadvak
Parkeervak dat uitsluitend gereserveerd is voor het opladen van elektrische voertuigen door middel van een verkeersbesluit.
Laadvermogen (in kW)
Grootheid voor het vermogen (de hoeveelheid energie die per tijdseenheid geleverd wordt).
In de context van elektrische auto’s wordt gesproken van kilowatt (kW), waarbij 1 kW = 1000 W = 1000 joule/seconde.
Ladder van laden
Dit is de voorkeursvolgorde van laden die Gouda hanteert: Laden op privéterrein heeft de voorkeur, omdat dit de laagste maatschappelijke kosten oplevert en laagste laadprijs voor de gebruiker. Indien laden op privéterrein niet mogelijk is, zijn semi-openbare oplossingen gewenst: dit is commercieel opengestelde private laadinfra. Indien ook het aanbod hiervan achterblijft, is openbaar laden een oplossing: laders in de openbare ruimte worden geplaatst om de overstap naar de elektrische auto te faciliteren.
Light Electric Vehicle (LEV)
Verzamelnaam voor voertuigen lichter dan een regulier personenvoertuig of motorfiets. Hierbij kan gedacht worden aan e-scooters of elektrische ‘brommobielen’ zoals de Birò.
Nationale Agenda Laadinfrastructuur
De Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) is de beleidsagenda die dient te waarborgen dat er voldoende laadinfrastructuur is om de transitie naar elektrisch vervoer te faciliteren. De NAL zet in op regionale samenwerking.
Netaansluiting
De verbinding tussen het net (hoofdelektriciteitskabel) en het laadobject, voorzien van een stroommeter en EAN-nummer.
One-way deelauto
Deelautoconcept waar de deelauto door gebruikers op verschillende plaatsen opgehaald en achtergelaten kan worden Vb van aanbieders: Juuve, Car2Go, Fetch. Ook wel ‘free floating’ genoemd.
Openbaar laadpunt Laadpunt in de openbare ruimte dat 24/7 beschikbaar is voor iedere gebruiker. Gesitueerd aan een parkeervak, dat eventueel door middel van een verkeersbesluit wordt gereserveerd als laadvak.
Regulier laadpunt
Laadpunt(en) voor elektrische auto’s met een wisselstroom (AC) laadvermogen per laadpunt van 3,7 kW tot en met 22 kW.
Semi-openbaar laadpunt
Een laadpunt dat is opengesteld voor publiek, op een private locatie. Dit kan bijvoorbeeld bij parkeergarages, tankstations of bij retail- en horecalocaties zijn. Er kunnen beperkingen gelden, qua toegangstijden en bijvoorbeeld de vereiste om bepaalde producten/diensten af te nemen.
Slim laden / smart charging
Smart charging of slim laden is een brede term, die wordt gebruikt om aan te duiden dat slimme technieken de laadtransactie op afstand kunnen aansturen. Minimaal betekent dit dat het opladen van elektrische auto’s op het meest optimale moment gebeurt, wanneer de kosten laag zijn en het aanbod van (duurzame) energie hoog.
Snellader
Laadobject met een laadvermogen van 50 kW of hoger waarmee elektrische auto’s in korte tijd bijgeladen kunnen worden.
Two-way deelauto
Deelautoconcept waar de deelauto een vaste standplaats heeft. Vb van aanbieders: Greenwheels, Buurauto. Ook wel ‘station based’ genoemd.
Zakelijke veelrijder
Gebruiker die een (elektrische) auto gebruikt als onderdeel van de bedrijfsvoering, bijvoorbeeld in de zakelijke dienstverlening, voor het professioneel vervoer van personen (taxi’s, onderwijs- en zorgvervoer), goederen (bezorgdiensten, bevoorrading winkels/horeca), rijdende diensten (rijscholen).
Gouda hanteert definities in lijn met de begrippenlijst die RVO in 2019 heeft gepubliceerd
1Laden van elektrische voertuigen Definities en toelichting Versie: April 2019. Zie link.
Bijlage 1 – Inrichting laadvakken
Voor de inrichting van de laadvakken (excl. Snelladers) op straat is een standaard inrichting gemaakt. Deze inrichting is opgenomen in de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR) van Gouda. De standaard inrichting zit er als volgt uit:
-de laadpaal wordt geplaatst op de scheidingslijn tussen twee parkeervakken (laadvakken), bij voorkeur in de verharding en staat 50 cm uit de band;
-het verkeersbord wordt bij voorkeur geïntegreerd met de laadpaal, opdat er één element in de buitenruimte wordt geplaatst;
-het verkeersbord bestaat uit het bord E4, met onderbord ‘Opladen elektrische voertuigen’ en een onderbord met twee pijlen wijzend naar beide laadvakken (of in voorkomende gevallen, één pijl);
-het verkeersbord met onderbord wordt technisch als één bord uitgevoerd;
-het verkeersbord wordt aan de achterkant afgewerkt of afgedekt;
-Het laadvak wordt voorzien van een kruis;
-in het midden van elk laadvak wordt een oplaadsymbool geplaatst (zie Figuur 2). Bij elementenverharding wordt het symbool als tegel (40 x 40 cm) geplaatst en bij asfaltverharding als thermoplast;
-rondom de laadvakken wordt - indien nog niet aanwezig - belijning aangebracht conform SWD;
-Figuur 3 en Figuur 4 tonen de inrichting van een langsparkeervak respectievelijk een haaksparkeervak als laadvak.
-In de binnenstad van Gouda en eventueel andere door de gemeente aan te wijzen gebieden / straten kan vanwege ruimtelijke kwaliteit, monumentstatus, erfgoed-, historische aspecten ed. worden afgeweken van de standaard inrichting.
Figuur 2: Oplaadsymbool dat in het midden van het laadvak wordt geplaatst als tegel.
Figuur 3: Inrichting laadvakken bij langsparkeren
Figuur 4: Inrichting laadvakken bij haaksparkeren
Bijlage 2 – Criteria locatiekeuze
Voor het plaatsen van een laadpaal (excl. Snelladers) moet een locatie gekozen worden.
Hiertoe dient met een aantal criteria zoveel mogelijk rekening gehouden te worden:
•Loopafstand van aanvrager tot laadpaal ≤250 meter.
•Aanwezigheid Laagspanningskabel (bij voorkeur binnen 25 meter, i.v.m. aanzienlijke meerkosten bij een grotere afstand).
•Het voorkomen van belemmering voor doorstroming van het overige wegverkeer, langzaam verkeersstromen, etc. De minimale doorgang van het trottoir moet na plaatsing van het Oplaadobject en bebording minimaal 120 cm bedragen. In uitzonderlijke gevallen en altijd in overleg met de Concessieverlener kan dit variëren binnen een bandbreedte van 90 en 150 cm.
•Geen grote bomen in de nabijheid van de locatie van de laadpaal (i.v.m. problemen met het vinden van benodigde kabels en kans op beschadiging van de boomwortels).
•Vindbaarheid/zichtbaarheid van de laadpaal; bij voorkeur op een hoek van een straat.
•Bij voorkeur niet voor de deur van de aanvrager, dit om te voorkomen dat de laadpaal als ‘eigen’ laadpaal gezien wordt door aanvrager en buurtbewoners.
•Niet plaatsen op een smalle uitstapstrook tussen parkeerplaats en fietspad, i.v.m. verkeersveiligheid.
•Bij voorkeur niet plaatsen voor een raam/deur van een woning.
•Niet plaatsen in winkelstraten.
•Niet plaatsen in Blauwe zones.
Meer uitgewerkte criteria worden opgenomen in de nieuwe concessie 2021.
Bijlage 3 – Aanvraag- en realisatieproces
Het proces van plaatsing van laadpalen (excl. Snelladers) ‘op straat’ is onder te verdelen in een aantal fases. De werkzaamheden worden zoveel mogelijk bij de concessiehouder (= leverancier laadpunt) voor openbare laadinfrastructuur gelegd.
1De aanvraag (het verzoek tot uitbreiding van het laadnetwerk) wordt gedaan door de e-rijder via het aanvraagportaal www.laadpaalnodig.nl.De aanvraag wordt in behandeling genomen door de concessiehouder. De concessiehouder beoordeelt de aanvraag; controleert of de aanvraag compleet is (aankoopbewijs, leaseovereenkomst, parkeervergunning, toewijzende beschikking gehandicaptenparkeerplaats) en of er sprake is van eigen parkeergelegenheid waar geladen kan worden
2Indien de aanvrager beschikt over een elektrische auto én een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken, dan wordt de laadpaal geplaatst bij deze parkeerplaats en worden beide parkeervakken bestemd tot laadvak. De laadvakken zijn een combinatie van een gehandicaptenparkeerplaats met laadmogelijkheid en een laadvak voor het laden van overige elektrische auto’s.
3Vervolgens kijkt de concessiehouder of er een bestaande laadpaal binnen 250 meter loopafstand van het aanvraagadres staat en of bij deze laadpaal nog ruimte is om een nieuwe aanvrager naar te verwijzen. Indien dit het geval is, wordt de aanvrager naar deze laadpaal verwezen.
4Staat er nog geen laadpaal binnen 250 meter loopafstand of staat er een laadpaal waar het verbruik gemiddeld (ruim) boven 250 kWh/per laadpunt/per maand ligt, dan maakt de concessiehouder een locatievoorstel voor het plaatsen van een laadpaal.
5Dit locatievoorstel wordt ter beoordeling en goedkeuring voorgelegd aan de gemeente.
6Indien de gemeente akkoord is met de locatie voor de laadpaal, krijgt de concessiehouder de opdracht een offerte aan te vragen bij de netbeheerder. Indien de gemeente niet akkoord is met de locatie doet zij een alternatief locatievoorstel aan de concessiehouder. Vanuit haar eindverantwoordelijkheid voor de openbare ruimte beslist de gemeente te allen tijde over de locatie.
7De gemeente maakt, na goedkeuring van de locatie door de netbeheerder, een verkeersbesluit voor de parkeervakken bij de laadpaal. Dit besluit wordt op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd in de Staatscourant via www.officielebekendmakingen.nl/staatscourant, waarna belanghebbenden gedurende 6 weken de gelegenheid hebben bezwaar aan te tekenen tegen het verkeersbesluit.”
8Tijdens deze 6 weken bereidt de concessiehouder, met de netbeheerder en evt. onderaannemers, de aansluiting en plaatsing van de laadpaal voor.
9Als de laadpaal geplaatst is doet de concessiehouder een technische test (SAT) en wordt de laadpaal opgeleverd.
10De concessiehouder levert het SAT-formulier aan bij de gemeente via het aanvraagportaal.
Alle hierboven vermelde acties van concessiehouder en gemeente verlopen via het aanvraagportaal www.laadpaalnodig.nl. Hierdoor is inzichtelijk in welke fase een aanvraag zich bevindt. Alle correspondentie, kaarten, foto’s e.d. worden hier ook in opgenomen, zodat voor alle partijen duidelijk is wat de status en het verloop van de aanvraag is.
Het plaatsen van een laadpaal is niet vergunningplichtig in de zin van het omgevingsrecht (artikel 2, lid 18, onder b Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (Bor):
De gemeente dient een ingraafvergunning te verlenen aan de netbeheerder om de aansluiting mogelijk te maken. De inrichting van het laadvak, zijnde het afkruisen van het vak, de plaatsing van het verkeersbord met onderbord en de tegel met oplaadsymbool, zal door de concessiehouder uitgevoerd worden.
Bijlage 4 – Beheer en onderhoud
Opheffing, verplaatsing en herbestratingswerkzaamheden
Het verwijderen of verplaatsen van laadpalen zal zo veel mogelijk beperkt moeten worden, vanuit kostentechnische overwegingen. Verplaatsingen als gevolg van het verhuizen van de elektrische rijder zal alleen leiden tot verplaatsing van de laadpalen indien dit vanuit de parkeerdruk noodzakelijk is. De voorkeur is echter de laadpaal te laten staan voor openbaar gebruik, mede in het licht van de verwachte toename van het aantal elektrische auto’s. Een optie is om één van de twee laadvakken weer voor alle voertuigen beschikbaar te maken door de desbetreffende pijl af te plakken.
Verplaatsingen als gevolg van herinrichtingen in de buitenruimte komen ten laste van de veroorzaker, in casu de opdrachtgever van de herinrichting. In overleg met de concessiehouder wordt de laadpaal tijdelijk verwijderd en weer teruggeplaatst. De concessiehouder maakt hiervoor een offerte voor de opdrachtgever (projectleider).
Herbestratingswerkzaamheden als gevolg van gepland projectmatig onderhoud komen in principe ten laste van de beheerder. Aangezien er geen extra vakken worden aangelegd, is er geen uitbreiding van het areaal.
Bijlage 5 – Juridische aspecten
Laadobjecten (exclusief snelladers) in de openbare ruimte worden op aanvraag dan wel in opdracht van gemeente Gouda door een concessiehouder geplaatst.
Na een doorlopen aanbesteding voor de openbare laadinfrastructuur samen met andere gemeenten in de provincie Zuid-Holland en mogelijk Zeeland sluit de gemeente een concessieovereenkomst met de beoogde concessiehouder voor het realiseren van laadpalen in de openbare ruimte. Dit is voorzien in 2021. In de concessieovereenkomst zijn de afspraken en condities vastgelegd waaronder de uitvoering door de concessiehouder dient plaats te vinden. Ten aanzien van het plaatsingsproces geldt dat de van toepassing zijnde regelgeving, waaronder regelgeving ten aanzien van privacy en data nageleefd dient te worden.
Op de laadobjecten zal geen opstalrecht gevestigd worden.
De gemeente is juridisch eigenaar van de laadpalen, de concessiehouder is economisch eigenaar.
Handhaving van het gebruik van de laadvakken gebeurt door de gemeente. Tevens kan de verkeerspolitie handhavend optreden bij foutief gebruik van de laadvakken in openbaar gebied.
Bijlage 6 – locatiekaart openbare laadpalen
Figuur 5: huidige geplaatste laadpalen en mogelijke locaties nieuwe laadpalen (bron; https://gis.gouda.nl/viewer/app/BOR_open 30 september 2020)
Voor deze circa 150 locaties voor laadpalen (excl. Snelladers) en de 4 laadpleinen in Gouda zijn verkeersbesluiten genomen. Momenteel zijn circa 90 laadpalen geplaatst en in gebruik.