Gemeentelijke regelgeving

Transformatiekader werklocaties

Gemeente Gooise Meren · geldt sinds 24 april 2026

Bijlage A

Gemeente

Beleid & definitie solitaire werklocaties

Beleidsaanpak

Criteria / instrumenten

Bronnen

Amsterdam

Ja, expliciet kader: Afwegingskader kleinschalige bedrijfsruimte (B&W-besluit, 2020) gericht op bescherming van kleine bedrijfsruimten in de stad. Onder “kleinschalige bedrijfsruimte” (≤500 m²) vallen ook solitaire bedrijfsruimten buiten bedrijventerreinen.

“Nee, tenzij”: behoud van bedrijfsruimte staat voorop. Alleen bij solitaire bedrijfsruimten kan – afhankelijk van locatie – herbestemming naar een andere werkfunctie worden toegestaan. Transformatie naar wonen is slechts mogelijk in woonwijken én pas bij aantoonbare onverhuurbaarheid als bedrijf.

Besluitvorming via een Afwegingskader met toetsingscriteria: o.a. of het pand “structuurbepalend” is (zichtlocatie of deel van bedrijfscluster) en in welk type straat/buurt het ligt. Deze criteria borgen dat omzetting alleen doorgaat als de economische betekenis beperkt is.

Afwegingskader voor het omzetten van kleinschalige bedrijfsruimte Amsterdam

Rotterdam

Ja, sterk verankerd in beleid. Via het Actieplan Bedrijfsruimte 2022–2026 is een “collegetarget” gesteld dat de totale bedrijfsruimtevoorraad in 2026 ten minste gelijk blijft aan die van 1-1-2022. Rotterdam onderscheidt geen aparte term voor solitaire locaties – bedrijfsruimte in gemengde omgeving valt onder deze algemene beleidsdoelstelling.

“Behoud boven transformatie”: de gemeente beperkt transformatie van werkruimte naar wonen zoveel mogelijk. Het college stelt expliciet dat omzetting van bedrijfsruimte naar wonen of zorg tegengegaan wordt. Vrijkomende panden worden liever opnieuw als werkruimte ingezet of gemengd met voorzieningen. De stad stuurt waar mogelijk op functiemenging in plaats van functieverlies.

Sturingsmiddelen: aanscherping van bestemmingsplannen en actief grondbeleid om ruimte voor bedrijven te behouden. Het Actieplan voorziet in monitoring (m²-bedrijfsruimte) en samenwerking met ondernemers (bijv. via “Bedrijfsruimtekoers”). Vergunningsaanvragen tot woningombouw worden kritisch getoetst aan het behoudsdoel.

Actieplan Bedrijfsruimte 2022-2026

Raadsinformatiebericht Actieplan Bedrijfsruimte.

Den Haag

Ja, vastgelegd in o.a. het Actieprogramma Bedrijfshuisvesting (gemeentelijke beleidsprogramma). Den Haag benoemt “bedrijfsruimten in de wijken” als belangrijk segment (~15% van alle banen). Solitaire bedrijfspanden buiten bedrijventerreinen vallen hieronder.

Selectieve ontwikkeling & behoud: de gemeente stimuleert intensivering op bestaande bedrijventerreinen (gebiedskaders voor ZKD, Fruitweg, Uitenhagestraat) en wil werkfuncties in stand houden in woonwijken. Transformatie van bedrijfsruimte naar wonen wordt actief afgewezen: Den Haag “gaat het aanpassen van bedrijfsruimten naar bijvoorbeeld plekken voor wonen of zorg tegen”.

Instrumenten: per gebied een kader met investerings- en transformatiegrenzen. Nieuwe plannen in wijken worden getoetst op behoud van voorzieningen en werkplekken. Daarnaast werkt de gemeente samen met ondernemers en regio om voldoende bedrijfsruimte te garanderen. Eventuele onttrekking van bedrijfsruimte vereist zware motivering en vaak compensatie elders.

Bedrijfsruimte in Den Haag - gemeentewebsite

Programma Bedrijfshuisvesting | uitvoeringsprogramma Meer Ruimte voor Werk

Utrecht

Ja, vastgelegd in de Beleidsnota Werklocaties 2035 (onderdeel Omgevingsvisie). Utrecht definieert werklocaties breed: alle plekken met werkgelegenheid, incl. “wijkeconomie” (werken vanuit woningen of solitaire panden in woonwijken). Solitaire werkfuncties in wijken worden erkend als essentieel onderdeel van het palet.

Beperkt transformeren: Utrecht signaleert dat te veel omzetting van werklocaties naar wonen een risico vormt voor een “groei in balans”. Het beleid is daarom behoudgericht: zoveel mogelijk werkfuncties in de stad bewaren, zeker in woonwijken. Alleen bij duidelijke meerwaarde en met compensatie wordt transformatie toegestaan. De koers is vergelijkbaar met ‘nee, tenzij’.

Toetsingskader: de Beleidsnota vormt onderdeel van de Omgevingsvisie, waarmee initiatieven hieraan getoetst worden. Er is geen apart quickscan-instrument genoemd. De gemeente stuurt via dit integrale kaders. Utrecht schakelt indien nodig de Ontwikkelmaatschappij Utrecht (OMU) in om leegstand op te vullen in plaats van te transformeren.

Raadsvoorstel Beleidsnota Werklocaties 2035

Ontwerp Beleidsnota Werklocaties 2035 gemeente Utrecht

Amersfoort

Ja, uitgewerkt in het Omgevingsprogramma Werklocaties (2025). Amersfoort hanteert “werklocaties” als verzamelterm voor alle werkplekken, van bedrijventerrein tot kantoorvilla en werkruimte in woonwijken. Solitair gelegen panden in woonwijken vallen onder de “wijkeconomie”.

“Nee, tenzij” in woonwijken: Bestaande werkruimten in woongebieden worden maximaal behouden. Transformatie naar woningen wordt alleen onder strikte voorwaarden toegestaan. Die voorwaarden draaien om onmogelijkheid tot behoud als werkruimte. Tegelijk staat Amersfoort positief tegenover functievermenging. Andere werkfuncties, maatschappelijke voorzieningen of kleinschalige dienstverlening mogen in voormalige bedrijfspanden. Onder voorbehoud dat dit ruimtelijk inpasbaar is.

Criteria: het vroegere Afwegingskader Transformatie Kantoren is opgenomen in het nieuwe programma, aangevuld voor overige solitaire werklocaties. Toetsingscriteria omvatten o.a. economische meerwaarde, inpasbaarheid in de buurt en regionale afspraken. Vergunningverleners hanteren het principe “behoud tenzij voldoen aan uitzonderingscriteria”.

Omgevingsprogramma Werklocaties (2025) Amersfoort

Groningen

Ja, vastgelegd in de Strategie Werklocaties 2021. Groningen benoemt specifiek “solitaire kantoorfuncties in gemengde gebieden” – individuele kantoren buiten de kernkantoorlocaties. De strategie stelt dat bij dergelijke verzoeken het uitgangspunt is de bestaande kantoorvloeroppervlakte te behouden. M.a.w. de werkfunctie in gemengde stadsgebieden moet niet verdwijnen door transformatie.

Beleidslijn: behoud kantoorvolume. Als een solitaire vestiging (bijv. kantoor in een woonwijk of gemengd milieu) herontwikkeld wordt, eist de gemeente dat de werkfunctie behouden blijft, bijvoorbeeld via herhuisvesting in het project of elders. Transformatie naar louter wonen wordt in principe geweigerd om het economisch weefsel in wijken te behouden.

Instrumenten: Groningen hanteert deze behoudsnorm als harde eis in ruimtelijke planprocedures. Bij gebiedsontwikkelingen in gemengde omgevingen wordt proactief gezocht naar integratie van werkfuncties (bv. werkruimtes op de begane grond). Daarnaast monitort de gemeente het aanbod van kantoorruimte stadbreed, zodat bij eventuele verliezen door transformatie elders compensatie kan worden geboden.

Strategie werklocaties Groningen

Dordrecht

Ja, verankerd in het Omgevingsprogramma Economie (Dordrecht, 2025). Dordrecht onderscheidt formele bedrijventerreinen en overige werklocaties in de stad. Een aanzienlijk deel (34%) van de banen bevindt zich buiten de pure bedrijventerreinen, in woonwijken en gemengde gebieden. Solitair gelegen bedrijfspercelen (bv. oude fabriekjes tussen woningen) maken hier deel van uit.

Voor transformatie van werkfuncties in woonwijken geldt “nee, tenzij” er sprake is van perspectief voor de zittende ondernemer én er een vorm van werken terugkomt die passend is in de wijk. Dordrecht zet in op het behouden van de bestaande ruimte voor wijkeconomie en voegen nieuwe ruimte voor wijkeconomie waar mogelijk toe bij binnenstedelijke herontwikkeling.

Toetsing & instrumenten: Dordrecht hanteert per transformatiegebied een kader waarin minimale terugkeer van werkfuncties is vastgelegd (bijv. aantal m² kantoor of maker-ruimtes dat terug moet komen). Bovendien wordt regionale afstemming gezocht via de provincie voordat solitaire werklocaties worden omgezet. Voor overige locaties geldt een streng “behoud werklocatie”-beleid in bestemmingsplannen.

Omgevingsprogramma economie Dordrecht

Eindhoven (Brainport)

Ja (regionaal) – In de Regionale Visie Werklocaties Metropoolregio Eindhoven wordt voor alle gemeenten (incl. Eindhoven) beleid gemaakt. Hierin is afgesproken zeer terughoudend om te gaan met transformatie van werklocaties naar wonen. Er wordt geen specifiek kader voor solitaire locaties gehanteerd. Eindhoven hanteert dezelfde lijn voor zowel hele terreinen als individuele bedrijfspanden.

“Zeer terughoudend, alleen met compensatie”: Transformatie van bedrijventerrein of solitair bedrijf naar wonen wordt alleen overwogen bij duidelijke meerwaarde én als het waardeverlies aan bedrijfsruimte wordt gecompenseerd. Dit betekent dat bedrijven die zouden verdwijnen een alternatief krijgen. In de praktijk hanteert Eindhoven: eerst binnenstedelijk verdichten met werken, nieuwe woningen liefst op niet-productieve locaties, en pas ja tegen transformatie als de economische functie elders een plek krijgt.

Criteria/afspraken: de regio verlangt een integrale afweging (“meerwaarde wonen” vs. “schade bedrijvigheid”) bij elke transformatie. Bovendien moet vóór instemming vaststaan waar de verdreven bedrijven heen kunnen. Hiertoe is een compensatiewijzer ontwikkeld: een instrument om herhuisvesting of vervangende ruimte regionaal te plannen. Zo wordt voorkomen dat solitaire bedrijfsverplaatsingen tot netto verlies leiden.

Regionale visie werklocaties

Almere

Ja, opgenomen in de Visie Werklocaties Almere 2022. Almere onderscheidt formele werklocaties en gemengde stadsgebieden. Er zijn vijf binnenstedelijke bedrijventerreinen aangewezen als transformatiegebieden, waar functiemenging (wonen + werken) wordt nagestreefd. Buiten die vijf geldt: andere binnenstedelijke werkgebieden behouden hun werkfunctie; “daar vindt dan ook geen transformatie naar wonen plaats”.

Gebiedsgerichte pilot-aanpak: In de 5 aangewezen transformatiegebieden (zoals delen van Almere Centrum, Buiten en Poort) mag bestaande bedrijfsbebouwing geleidelijk omgezet worden in gemengde wijken. Elders is het “nee tegen wonen” op solitaire werklocaties: die blijven voor werken gereserveerd. Almere wil hiermee gecontroleerd ervaring opdoen met transformatie zonder overal werkruimte te verliezen.

Criteria & instrumenten: De gemeente hanteert een gefaseerde aanpak. Eerst worden in pilot-gebieden mengvormen ontwikkeld en getest. In deze zones past men het bestemmingsplan aan voor een mix van wonen/werken. Voor overige werklocaties blijft het bestemmingsplan strikt op werken; hooguit worden extra voorzieningen toegestaan om de gebieden aantrekkelijker te maken (bijv. horeca, energiefuncties). Evaluatie van de pilots zal bepalen of méér solitaire locaties in de toekomst kunnen transformeren.

Visie Werklocaties Almere 2022

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.