Aanhef
De raad van de gemeente Geldrop-Mierlo;
•gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 oktober 2014;
•gelet op artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel d, van de Participatiewet;
Besluit:
•vast te stellen de Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive Geldrop-Mierlo 2015;
•in te trekken de Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive Geldrop-Mierlo 2013;
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begrippen
1Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
2In deze verordening wordt verstaan onder:
a.Wet: Participatiewet;
b.College: het college van burgemeester en wethouders;
c.Beslagvrije voet: beslagvrije voet als bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering;
d.Recidiveboete: bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 18a, vijfde lid, van de Participatiewet;
e.Verrekenen: verrekening als bedoeld in artikel 60, vierde lid, Participatiewet.
Hoofdstuk 2 Bescherming beslagvrije voet bij verrekening wegens recidive
Artikel 2 De uitoefening van de bevoegdheid tot verrekening
1Het college verrekent de recidiveboete gedurende een tijdvak van drie maanden vanaf het moment van de dagtekening waarop de bestuurlijke boete is opgelegd.
2De verrekening als bedoeld in het eerste lid geschiedt gedurende de eerste maand zonder inachtneming van de beslagvrije voet.
3Aansluitend op verrekening als bedoeld in het tweede lid, verrekent het college de recidiveboete in de daarop volgende twee maanden op een dusdanige wijze dat belanghebbende blijft beschikken over een inkomen ter hoogte van 80% van de toepasselijke bijstandsnorm.
4Tot het inkomen, bedoeld in het derde lid, worden ook middelen gerekend als bedoeld in artikel 31, tweede lid, onderdelen n en r, van de Participatiewet.
Artikel 3 Verrekenen met inachtneming beslagvrije voet
In afwijking van artikel 2 kan het college de recidiveboete met inachtneming van de beslagvrije voet verrekenen indien:
a.aannemelijk is dat verrekening op de wijze, bedoeld in artikel 2, zou leiden tot huisuitzetting van belanghebbende en diens gezin; of
b.anderszins sprake is van dringende redenen.
Artikel 4 Eerder opgelegde bestuurlijke boetes
De artikelen 2 en 3 zijn van overeenkomstige toepassing op de verrekening van de bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 18a, eerste lid, Participatiewet, indien en voor zover deze boete nog niet is betaald op het moment van verrekening van de recidiveboete.
Hoofdstuk 3 Slotbepalingen
Artikel 5 Inwerkingtreding
Deze verordening treedt na bekendmaking in werking op 1 januari 2015.