Aanhef
Management samenvatting
In dit rapport wordt een beheerstrategie omschreven voor de kunstwerken die eigendom zijn van de gemeente Geldrop-Mierlo. Het geeft inzicht in de wijze van beheer en onderhoud van haar civiele kunstwerken (bruggen en dergelijke). Tevens geeft het inzicht in de daarbij horende financiën.
Het doel is om de civiele kunstwerken in de gemeente te beheren op een vooraf vaststaand en meet-baar kwaliteitsniveau en gesteld risico, het ondervangen van risicoaansprakelijkheid en het waarborgen van een goede bereikbaarheid. Er wordt naar gestreefd de objecten tegen acceptabele kosten en met het behoud van hun eigenschappen een theoretische levensduur te laten bereiken.
De gemeente beheert 26 bruggen en 9 geluidsschermen, tevens enkele onderdoorgangen (tunnels) en enkele specifieke objecten die tot kunstwerken gerekend worden. Bij enkele kunstwerken (over de A67 en in de spoorlijn Eindhoven-Weert) heeft de gemeente financiële verplichtingen ten aanzien van het onderhoud. Bij het beheer en onderhoud van de civiele kunstwerken worden eisen gesteld op het gebied van veiligheid, functionaliteit en beeldkwaliteit. Deze eisen zijn vastgesteld zowel op basis van landelijke wet- en regelgeving als op basis van de wensen van de gemeente.
Het complete areaal is in 2020 onderworpen aan een visuele inspectie. Geconcludeerd kan worden dat de geïnspecteerde objecten over het algemeen genomen in een redelijke tot goede staat van onderhoud verkeren.
De gemeente zal de kunstwerken op kwaliteitsniveau ‘Basis’ gaan onderhouden, waarbij het soort onderhoud en de frequentie van dit onderhoud erop gericht zijn de objecten zo kostenefficiënt mogelijk hun levensloop te laten volbrengen.
De keuze van dit onderhoudsniveau leidt tot gezamenlijk de laagste jaarkosten voor onderhoud en vervangingen. Naar aanleiding van de uitgevoerde inspectie zijn eenmalige en periodieke onderhouds-acties ingepland om dit niveau te behalen en te behouden. Handhaving van genoemd niveau zal plaatsvinden op basis van periodieke visuele inspecties.
Op basis van de inspectie is een meerjarenoverzicht opgesteld voor de periode 2022 tot en met 2026 met een doorkijk naar 2031 waarmee de benodigde middelen voor klein onderhoud, planmatig onderhoud en vervangingen zijn bepaald.
In de komende jaren zal de onderhoudsbehoefte voor het planmatige onderhoud gemiddeld ca. € 49.000,- per jaar bedragen. De overige jaarlijkse uitgaven aan het exploitatie van de kunstwerken bedragen ongeveer €19.500,-.
Het planmatig onderhoud wordt dus volledig uit de voorziening Wegen/Civiele Kunstwerken betaald. Gezien de stand van de voorziening kan het te doteren bedrag jaarlijks met € 11.750,- naar beneden worden bijgesteld.
In de voorliggende planperiode worden twee kunstwerken vervangen, te verstaan: de vissteiger en beschoeiingen ronde de vijver Smelen. Het hoeft geen betoog dat de vervangingsinvesteringen voor de volgende periode tijdig op het activiteitenplan moeten worden opgevoerd.
Bijlage 1 Begrippen
De volgende begrippen en definities zijn relevant binnen het kader van dit beheerbeleidsplan.
Kunstwerk
Een (civieltechnisch) kunstwerk in bouwkundige zin is een door mensenhanden gemaakt bouwwerk. Daarom ook wel civiel kunstwerk geheten. Meestal is de term voorbehouden aan onderdelen van infrastructuur.
Voorbeelden zijn bruggen, tunnels, viaducten, sluizen, duikers, fly-overs et cetera.
Klein onderhoud
Onderhoud dat gericht is op het borgen van de veiligheid en de aansluiting op de gebiedskwaliteit. Dit wordt uit de jaarlijkse budgetten, lopende begroting, bekostigd.
Planmatig onderhoud
Onderhoud dat gericht is op het langdurig borgen van het veilig functioneren van het object (in stand houden). De bekostiging hiervan komt ten laste van de jaarrekening.
Vast onderhoud
Herhaaldelijk, regelmatig onderhoud, zoals het (jaarlijks) schoonmaken en smeren van bewegingswerken en reiniging van brugkelders.
Investering/vervanging
Is gericht op het verhogen van het langdurig en veilig borgen van de functie van het object of het aanpassen van de functie van een object.
In het geval dat vervanging nodig is ten gevolge van verval terwijl de functie gelijk blijft, dan komt de bekostiging hiervan ten laste van de jaarrekening.
Is de vervanging ten gevolge van het wijzingen van een functie, dan komen de kosten ten laste van kredieten/investeringen.
Toestandsafhankelijk onderhoud
Een onderhoudsstrategie waarbij het onderhoud van het object geïnitieerd wordt op basis van een toestand, de staat van het object. Hierbij is vooraf bepaald wat de minimale kwaliteit is, waarna overgegaan wordt tot onderhoudsmaatregelen. Dit is een preventieve strategie omdat op deze wijze verdere vervolgschade en vroegtijdig falen worden voorkomen. Een voorbeeld hiervan is het volgen van de mate van roestvorming om op grond daarvan het moment van conserveren te bepalen.
Zorgplicht
Zie hoofdstuk 3.6.
Burgerlijk Wetboek 6 Artikel 174:
1De bezitter van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen, en daardoor gevaar voor personen of zaken oplevert, is, wanneer dit gevaar zich verwezenlijkt, aansprakelijk, tenzij aansprakelijkheid op grond van de vorige afdeling zou hebben ontbroken indien hij dit gevaar op het tijdstip van het ontstaan ervan zou hebben gekend.
4Onder opstal in dit artikel worden verstaan gebouwen en werken, die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken.
6Voor de toepassing van dit artikel wordt onder openbare weg mede begrepen het weglichaam, alsmede de weguitrusting.
Voorziening
Een middel om in een behoefte te voorzien. In dit geval geldelijke middelen, een pot, van waaruit het onderhoud kan worden bekostigd.
Een grootboekrekening waarop (periodiek) bedragen worden gestort met als oogmerk het saldo op enig moment in de toekomst aan te wenden voor het doel waarvoor de voorziening oorspronkelijk gevormd werd, bijvoorbeeld planmatig onderhoud of vervangingen.
Schouwen
Een visuele inspectie die in deze situatie gericht is op de veiligheid en het vaststellen in welke mate het object nog voldoet aan de gebiedskwaliteitseisen.
Functionele inspectie
Een visuele inspectie die gericht is op het vaststellen of het object nog (veilig) functioneert in relatie tot de daaraan gestelde eisen.
Toestandsinspectie
De toestandsinspectie is een opname die gericht is op het vaststellen van de toestand, de conditie van het object. Deze inspectie bestaat uit gedetailleerde visuele opnames maar daar waar mogelijk ook uit metingen en bepalingen zoals houtrot, corrosie, weerstanden van motoren en kabel, zettingen, deformaties, wapeningsdekking, chloridegehaltes, carbonatatie en olieanalyses. Vooraf worden de mate van gedetailleerdheid en de relevantie van metingen en bepalingen vastgesteld.
Minimale kwaliteit - interventieniveau
Dat is de minimaal vereiste kwaliteit aan eigenschappen die een object moet hebben. Bij onderschrijding wordt overgegaan tot onderhoudsmaatregelen, de interventie. Per object kan afhankelijk van het beleid de minimale kwaliteit verschillen. Bijvoorbeeld in het stadscentrum wordt een beperkte mate van esthetische verfdefecten geaccepteerd, maar in het buitengebied worden hieraan geen eisen gesteld.
CROW beeldkwaliteit systematiek
Een door de CROW ontwikkelde en gepubliceerde landelijke standaard/ waarderingsmethode (Kwaliteitscatalogus openbare ruimte) om de beeldkwaliteit voor onderhoudsniveaus van de openbare ruimte vast te stellen in 5 klassen van A+ tot D.
Gebiedskwaliteit
De door de gemeente gedefinieerde classificatie om de minimale beeldkwaliteitseisen per gebied vast te stellen. Deze kent 3 niveaus, te weten Top, Normaal en Sober.
Conditieopname
NEN 2767
Een norm om op een objectieve methode de conditie van bouwwerken en installaties vast te stellen, met als doel de prioriteit van het onderhoud inzichtelijk en meetbaar te maken. Deze norm kent een conditiescore van 1 tot 6, waarbij 1 gelijk is aan nieuwbouwkwaliteit en 6 aan sloop. Recent is deze norm aangevuld met een specifiek hoofdstuk voor kunstwerken.
Maatregelen
Een onderhoudsactiviteit die gericht is op herstel. Bijvoorbeeld houten delen vervangen of conserveren.
Programmering
Het plannen van onderhoudsmaatregelen voor een betreffende periode.
Jaarplan
Een plan waarin alle uit te voeren onderhoudsmaatregelen voor een bepaald jaar zijn opgenomen en gebudgetteerd.
MJOB
Meerjarenonderhoudsbegroting. Dit is een plan waarin de verwachte kosten voor de uit te voeren onderhoudsmaatregelen (en vervangingen) zijn opgenomen en uitgezet in een bepaalde tijd, meestal 5, 10 of 15 jaar.
Het doel van dit plan is om op deze wijze inzicht te verkrijgen in de redelijk te verwachten (planmatige) kosten op grond van voorgenomen of vereiste activiteiten en daarmee de redelijkerwijs benodigde reserveringen te onderbouwen. De benoemde maatregelen en de planning daarvan in het plan zijn derhalve niet leidend, maar richtinggevend en dienen ter onderbouwing van de totale reservering.
Bijlage 2 Overzicht vervangingswaarden
Kunstwerk
Waarde 2020
KW1001: Houterbrugweg
€ 53.280,-
KW1002: Queensvenpad
€ 120.000,-
KW1003: Laan der Vier Heemskinderen
€ 3.607.500,-
KW1004: Goorstraat
€ 1.227.500,-
KW1005: Molenstraat
€ 242.500,-
KW1006: Molenstraat
€ 107.500,-
KW1007: Boxweerdpad-I
€ 43.680,-
KW1008: Boxweerdpad-II
€ 50.40,-
KW1009: Mierloseweg
€ 1.525.000,-
KW1010: Helze/Wielewaal
€ 892.500,-
KW1011: Hulsterbroekpad-oost
€ 103.200,-
KW1012: Hulsterbroekpad
€ 80.400,-
KW1013: Hemelrijkpad
€ 115.200,-
KW1015: Nuenenseweg
€ 1.057.500,-
KW1016: 4 bruggen Peregrijn
Gezamenlijk
€ 158.400,-
KW1017: Geluidsscherm A67
Totaalbedrag alle geluidwerende voorzieningen:
€ 1.600.000,-
KW1018: Geluidwal A67
KW1019: Geluidmuur Gijzenrooijseweg Zuid
KW1020: Geluidmuur Gijzenrooijseweg Noord
KW1021: Geluidmuur Rielsedijk
KW1022: Geluidmuur Winnensland
KW1023_1: Geluidmuren Schaarland
KW1023_2: Geluidmuren Schaarland
KW1024: Geluidmuren Luchen
KW1025: Voetgangersbrug DonJon-Vestingwal
€ 46.800,-
KW1026: Voetgangersbrug DonJon-De Burght
€ 56.400,-
KW1027_1 vissteiger ijzeren man
€ 7.525,-
KW1027_2 Beschoeiing ijzeren man
€ 45.000,-
KW1027: Cocody ijzeren man
-*
KW1028: Fietsbrug Eindhovens kanaal
€ 275.000,-
KW1029: 3 loopbruggen SangGoorkens en Luchen
€ 10.000,-
KW2015: Rijwieltunnel Station
€ 752.500,-
KW2016-1: t Zand
€ 90.000,-
KW2016-2: Molenakker
€ 90.000,-
KW2016-3: Tunnelbak
€ 4.000.000,-
Totaal
€ 16.357.785,-
Bijlage 3 Geplande vervangingen
Kunstwerk
Bouwjaar
levensduur
Vervanging
KW1027: Cocody ijzeren man
1990
31
2021*
KW1027_1 vissteiger ijzeren man
1990
32
2022
KW1027_2 Beschoeiing ijzeren man
2010
25
2035
KW1011: Hulsterbroekpad-oost
1998
40
2038
KW1013: Hemelrijkpad
1978
60
2038
KW2015: Rijwieltunnel Station (2019 ingekort)
1966
80
2046
KW1016: 4 bruggen Peregrijn
2007
40
2047
KW1010: Helze/Wielewaal
1970
80
2050
KW1003: Laan der Vier Heemskinderen
1971
80
2051
KW1009: Mierloseweg
1971
80
2051
KW1004: Goorstraat
1974
80
2054
KW1015: Nuenenseweg (gerenoveerd)
Ca. 1960
80
2055
KW1025: Voetgangersbrug DonJon-Vestingwal
2016
40
2056
KW1026: Voetgangersbrug DonJon-De Burght
2016
40
2056
KW1029: loopbruggen Sang en Luchen
2016
40
2056
KW1012: Hulsterbroekpad
1999
60
2059
KW1002: Queensvenpad
2009
60
2069
KW1017: Geluidsscherm A67
1995
75
2070
KW1018: Geluidwal A67
1995
75
2070
KW1019: Geluidmuur Gijzenrooijseweg Zuid
1995
75
2070
KW1020: Geluidmuur Gijzenrooijseweg Noord
1995
75
2070
KW1005: Molenstraat
1994
80
2074
KW1006: Molenstraat
1994
80
2074
KW1021: Geluidmuur Rielsedijk
1999
75
2074
KW1022: Geluidmuur Winnensland
1999
75
2074
KW1023_1: Geluidmuren Schaarland
1999
75
2074
KW1023_2: Geluidmuren Schaarland
1999
75
2074
KW2016-1: t Zand
1997
80
2077
KW2016-2: Molenakker
1997
80
2077
KW2016-3: Tunnelbak
1997
80
2077
KW1001: Houterbrugweg
1999
80
2079
KW1028: Fietsbrug Eindhovens kanaal
2019
60
2079
KW1007: Boxweerdpad-I
2001
80
2081
KW1008: Boxweerdpad-II
2001
80
2081
KW1024: Geluidmuren Luchen
2014
75
2089
*Object is reeds opgenomen buiten de begroting om.