3. Stand van zaken
3.1 Terugblik
Beheer en onderhoud riolering
In de afgelopen beheerperiode is een grote stap gezet in de inspectie van onze riolen. Ruim 45% van de riolering van de gemeente Geertruidenberg is nu 40 jaar en ouder (of onbekend). We moeten daarom nauwlettend in de gaten houden of de riolen blijven werken. Zo kunnen we op tijd onderhoud, renovaties of vervanging uitvoeren. Door de inspecties kunnen we dit soms slim combineren met andere werkzaamheden waarvoor een weg wordt opengelegd of maken we gebruik van slimme technieken, zoals relinen.
Afgelopen periode zijn de volgende activiteiten uitgevoerd:
•circa 88 km riolering is geïnspecteerd;
•circa 125 stuks inwendige reparaties werden uitgevoerd;
•circa 210 meter riolering gerelined (naar aanleiding van rioolinspecties);
•circa 7,5 km nieuwe riolering is aangelegd.
Activiteiten GRP 2018-2022
Op basis van het aflopende GRP is een lijst opgemaakt met de activiteiten die zouden worden uitgevoerd in de beheerperiode. In onderstaand overzicht is terug te lezen welke activiteiten zijn uitgevoerd, welke activiteiten nog lopen en welke activiteiten niet gerealiseerd zijn, inclusief een toelichting.
Conclusie
Voor de planperiode 2017 t/m 2023 (uit het vGRP+ 2017-2022) waren 40 activiteiten gepland. Ondanks Covid-19 en personele wisselingen zijn 22 van deze activiteiten gerealiseerd. Negen geplande activiteiten zijn niet uitgevoerd, zes daarvan worden nu voorbereidt en in 2024 gerealiseerd. Drie activiteiten in de kern Raamsdonk zijn uitgesteld, omdat deze technisch niet direct noodzakelijk zijn en op een later tijdstip, gecombineerd met andere werkzaamheden (integraal) uitgevoerd gaan worden.
Vijf activiteiten zijn afhankelijk van werkzaamheden van derden en zijn daarom niet uitgevoerd en in de tijd naar achteren geschoven. De verwachting is dat deze werkzaamheden binnen de planperiode van het Programma Stedelijk Water 2024-2028 zijn gerealiseerd.
Eén activiteit is vervallen, omdat het technisch niet mogelijk is deze leiding te vergroten.
De gerealiseerde activiteiten hebben ervoor gezorgd dat gemeente Geertruidenberg weer een stapje toekomstbestendiger is geworden en meer inzichten heeft in de te nemen vervolgstappen.
4. Werken aan de toekomst
4.4 Speerpunten
1. Klimaatadaptief in 2050
De ambitie is hoog: “In 2050 is de gemeente Geertruidenberg klimaatbestendig en waterrobuust ingericht: (bron: Strategie klimaatadaptatie, gemeente Geertruidenberg, 10 maart 2022). Het beeld wat we als gemeente voor ons zien is een groene, leefbare en duurzame buitenruimte. Bij extreme neerslag wordt het water via de riolering en over straat afgevoerd, zodat schade in woningen en bedrijven zoveel mogelijk wordt voorkomen en de mobiliteit zo min mogelijk wordt beperkt. Hulpdiensten moeten ook bij extreme neerslag iedereen kunnen bereiken. Door hemelwater langer vast te houden en in de bodem te laten infiltreren vullen we het grondwater op natuurlijke wijze aan. Hiermee beperken we de schade als gevolg van droogte. Ook inwoners kunnen hieraan bijdragen. Dat kan bijvoorbeeld door de tegels in de tuin te vervangen door groen en door de regenpijp af te koppelen van het riool. Hierdoor wordt de druk op de riolering verlaagt en zal er minder vaak een overstort plaatsvinden.
2. Kaderrichtlijn Water
De Kaderrichtlijn Water (KRW) is een Europese richtlijn die op 22 december 2000 van kracht is geworden. Doelstelling is het realiseren en behouden van chemisch schoon en ecologisch gezond oppervlaktewater en grondwater. De EU-lidstaten moeten deze ‘goede toestand’ uiterlijk in 2027 realiseren. Binnen de gemeente Geertruidenberg zijn de Donge en het Zuiderafwateringskanaal aangemerkt als KRW-waterlichaam waarvoor doelen zijn vastgelegd. Primair zijn de waterschappen verantwoordelijk voor de waterkwaliteit. Uiteraard vraagt dit ook om samenwerking met overige overheden, maatschappelijke organisaties en belanghebbenden. Als gemeente kunnen we bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen door onder andere een goed functionerend rioolsysteem en het afkoppelen van hemelwater in het kader van klimaat adaptatie. Hiermee kunnen wij het aantal vuilwater overstorten op oppervlaktewateren terugdringen.
3. Water en bodem sturend
De ruimte in de openbare ondergrond wordt steeds schaarser. De aanleg van warmtenetten, uitbreiding van het elektriciteitsnet en aanleg van data- en communicatiekabels vraagt om ook ondergrondse ruimte. Ook klimaatmaatregelen zoals bijvoorbeeld aanleggen van hemelwaterleidingen (afkoppelen) en infiltratievoorzieningen. Op vrijdag 25 november 2022 heeft het ministerie van I&W een kamerbrief inzake Water en Bodem aan de Tweede Kamer gestuurd. In deze brief staan de vele aspecten van het gebruik van water en bodem genoemd en een aantal voorstellen met betrekking tot de ruimtelijke ordening en sturing daarvan.
4. Wijkgerichte aanpak
We gaan in de komende planperiode werken volgens een wijk- en buurtgerichte aanpak. Dat betekent dat we de opgaven voor de openbare ruimte zo veel mogelijk per wijk of buurt bekijken. Dat doen we integraal. We kijken dus niet alleen naar de vervanging van het riool en het afkoppelen van hemelwater, maar ook bijvoorbeeld naar hoe we een buurt of wijken kunnen vergroenen of de biodiversiteit kunnen vergroten. Op die manier kunnen we de openbare ruimte in een wijk of buurt op de meest efficiënte manier verbeteren en beperken we overlast voor bewoners, omdat we werkzaamheden combineren.
5. Participatie
We kijken verder dan het openbaar terrein alleen, want ook de inrichting van private terreinen heeft invloed op onze wateropgaven. Perceelseigenaren hebben een eigen verantwoordelijkheid met betrekking tot het inzamelen, vasthouden en afvoeren van overtollige hemelwater en grondwater. We zetten daarom in op participatie met bewoners, ondernemers en andere eigenaren van private terreinen. Samen kunnen we komen tot nog betere gebiedsoplossingen en de impact van maatregelen vergroten. Als we bijvoorbeeld afkoppelen in het openbaar gebied, kunnen we waar mogelijk ook woningen afkoppelen. Onze ervaring is dat bewoners bereid zijn mee te werken aan het afkoppelen.
6. Samenwerken
De wateropgaven die we hebben, stoppen niet bij de grenzen van onze gemeente. Daarom werken we samen in de werkeenheid We4Climate, bestaande uit de gemeenten Altena, Drimmelen, Geertruidenberg en Oosterhout en twee waterschappen: Brabantse Delta en Rivierenland. We kijken naar onze gezamenlijke toekomstige opgaven en werken scenario’s uit om tot een gedegen toekomstbestendig watersysteem te komen. Daarnaast willen we ook de samenwerking intensiveren met de veiligheidsregio, woningcorporaties, bedrijven en inwoners. De opgaven die ons te wachten staan zijn niet op te lossen in de openbare ruimte, maar vragen van alle grondbezitters binnen en buiten ons beheergebied de aandacht.
6. Duurzaamheid
6.1 Energie
Energie en grondstoffen uit afvalwater
Door afkoppelen voeren we steeds minder regenwater af naar de rioolwaterzuivering. Regenwater is immers schoon als het valt en we kunnen het prima gebruiken in ons (grond- en oppervlakte) watersysteem. Bovendien geldt: hoe geconcentreerder het afvalwater, hoe beter we het kunnen gebruiken om biogas van te maken of grondstoffen terug te winnen. Zo zetten we ons afval om in energie of grondstoffen. We hoeven daardoor minder fossiele brandstof (bijvoorbeeld aardgas) in te zetten en beperken daarmee de CO2-uitstoot.
Energiebewust ontwerpen
Bij het ontwerpen van watervoorzieningen houden we rekening met duurzaamheid. We kiezen voor duurzame materialen waarbij we per project kijken welke nieuwe ontwikkelingen er zijn, zowel qua techniek als materiaal. Waar mogelijk kiezen we voor het materiaal met een zo klein mogelijke milieu-impact. We ontwerpen bovendien energiebewust. Zo kiezen we bij voorkeur voor watertransport onder vrij verval in plaats van transport via gemalen en persleidingen. Bij aanbestedingen wegen we duurzaamheid mee in onze keuze voor een uitvoerende partij. Dit doen we door eisen te stellen aan materiaalgebruik, het circulair inzetten van materialen die verwijderd worden, het aantal transportkilometers en duurzaam transport. Ook wordt er gekeken naar de bedrijfsvoering van de uitvoerende partij.
Energievoorziening en - besparing
De gemalen, randvoorzieningen en minigemalen voorzien we van groene stroom. Bij het onderhouden en vervangen van gemalen en pompen kijken we hoe we energie kunnen besparen. Ook besteden we aandacht aan de levensduur, storingsgevoeligheid en noodzakelijke capaciteit van voorzieningen. De komende planperiode gaan we onderzoeken hoe we energiezuinige pompen kunnen toepassen, bijvoorbeeld in combinatie met zonnepanelen die de benodigde stroom voor de pompen op duurzame wijze opwekken.
Ruimte in de ondergrond en bovengrond
Het inpassen van de voorzieningen en systemen die nodig zijn voor de energietransitie vergt aandacht. In stedelijk gebied is de beschikbare ruimte in de ondergrond beperkt. Er liggen namelijk al volop rioolbuizen, stroomkabels, waterleidingen en andere nutsvoorzieningen. Dat betekent dat we bij het uitbreiden van de capaciteit van systemen of het toevoegen van nieuwe voorzieningen onder de grond vooruit moeten denken en integraal moeten samenwerken. We pakken dat op bij onze waterwerkzaamheden in de openbare ruimte.
Circulaire economie
De ambitie is om op termijn energieneutraal, klimaatneutraal en circulair te werken aan het stedelijk watersysteem van de gemeente Geertruidenberg. Om circulair te werken, moeten we zo min mogelijk grondstoffen verspillen en de grondstoffenkringloop sluiten. Hierdoor neemt de CO2-uitstoot af en blijft de waarde van grondstoffen en producten langer behouden. We volgen nauwgezet de ontwikkelingen rondom materiaalpaspoorten. Dit biedt de mogelijkheid om vraag en aanbod van beschikbare grondstoffen (in tijd, locatie en kwaliteit) tussen verschillende partijen beter af te stemmen en te beoordelen. Doordat meer informatie wordt vastgelegd over bestaande materialen en constructies, wordt duidelijk hoe duurzaam deze zijn en welke CO2-voetafdruk ze hebben.
6.2 Klimaatverandering
Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie
In het jaar 2018 is het Deltaplan Ruimtelijke Klimaat Adaptatie (DPRA) ondertekend door het Rijk, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal Overleg en de Unie van Waterschappen. In dit Deltaplan hebben de partijen zich verbonden om vanaf het jaar 2020
klimaatadaptief te handelen. Doel is het stedelijk gebied in Nederland in het jaar 2050 klimaatbestendig, water- en hitterobuust ingericht te hebben.Het DPRA behandelt 4 thema’s:
•Wateroverlast;
•Droogte;
•Hitte;
•Overstroming.
Thema hitte en overstromingen vallen buiten de scope van het Programma Stedelijk Water. Thema hitte wordt opgenomen in het Programma Duurzaamheid. Voor thema overstromingen wordt onderscheid gemaakt tussen binnendijkse en buitendijkse gebieden. Voor de binnendijkse gebieden is het waterschap verantwoordelijk. Voor buitendijkse gebieden is Rijkswaterstaat en de gemeente verantwoordelijk. Het DPRA is opgebouwd rond 7 ambities en 3 werkfasen: weten, willen en werken.
Aanpak klimaatadaptatie
Onze aanpak sluit aan bij de fasering van het DPRA. De fases ‘weten, willen, werken’ zijn vertaald in 4 stappen:
Stap 1: Knelpunten in beeld
Stap 2: Prioriteit vaststellen
Stap 3: Oplossingsrichtingen bepalen
Stap 4: Maatregelen uitvoeren
Via deze stappen hebben we een concreet maatregelenpakket vastgesteld en we voeren deze maatregelen de komende planperiode ook uit.
Stap 1: Knelpunten in beeld
De eerste stap op weg naar een klimaatbestendige inrichting is inzicht krijgen in de knelpunten voor vitale en kwetsbare functies. Hiervoor voeren we bijvoorbeeld periodiek een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW) en monitoren we de grondwaterstanden. In het SSW voeren we ook stresstesten uit.
Stap 2: Prioriteit vaststellen
De volgende stap op weg naar klimaatadaptatie is het prioriteren van de knelpunten. Om deze afweging te kunnen maken, hebben we overleg gehad met andere vakdisciplines, sectoren en andere overheden (dit vormt de risicodialoog). Dit heeft een lijst met aandachtspunten en -locaties opgeleverd. Deze lijst bepaalt onze klimaatopgave voor de komende periode.
Stap 3: Oplossingsrichtingen bepalen
Om te bepalen welke oplossingsrichtingen kansrijk zijn in Geertruidenberg heeft de gemeente een onderzoek uitgevoerd naar de afkoppel- en infiltratiekansen. De onderzoeksresultaten zijn vertaald naar een afkoppel-/infiltratiekansenkaart. Op basis van deze kaart kan de gemeente bij toekomstige herinrichtingprojecten bepalen op welke wijze(n) zij het hemelwater kan verwerken. De maatregelen dienen nog wel middels een hydraulisch model (in een SSW) te worden getoetst op hun impact.
Stap 4: Maatregelen uitvoeren
We voeren samen met onze partners maatregelen uit om de knelpunten te verminderen. Ook leveren we input in projecten van onze medeoverheden en projectontwikkelaars. Het principe hierachter is de adaptatiestrategie. We voeren maatregelen uit voor de volgende onderdelen:
•Afkoppelen;
•Terugdringen van wateroverlast;
•Verminderen gevolgen van droogte;
•Verminderen gevolgen van hitte.
Het terugdringen van de gevolgen van overstromingen is een taak van de waterschappen en Rijkswaterstaat. Voor de buitendijkse gebieden is de gemeente samen met Rijkswaterstaat verantwoordelijk.
6.4 Uitvoeringsagenda 2022-2025
Organiseren van incompany cursus voor het klimaat adaptief inrichten van de openbare ruimte
Gericht op de onderdelen wateroverlast, verdroging en hitte stress. Doelgroep: adviseurs, beheerders, projectleider van de afdelingen cluster Buitenruimte en RO-medewerkers.
Opstellen afweegnotitie afkoppelen hemelwater
Dit onderzoek is gericht op welk neerslagscenario we ons doelmatig kunnen beschermen. Op basis van de mogelijkheden en de daaraan verbonden kosten kan een afweging gemaakt worden in de mate waarin Geertruidenberg zich wil en kan beschermen tegen de gevolgen van hevige neerslag. De afkoppel-/infiltratiekaart zal hierbij als basis dienen.
Uitwerking van de keuze uit de afweegnotitie
Dit is een technische uitwerking van de hierboven genoemde afweegnotitie, die als input dient voor toekomstige werkzaamheden in de openbare ruimte. Hierin zal aangegeven worden waar en op welke wijze hemelwater verwerkt kan worden (infiltreren, bufferen en gedoseerd afvoeren, gescheiden afvoeren, etc.).
Onderzoek risicogestuurd beheer
Bij risico gestuurd rioolbeheer wordt bij het beheer en onderhoud van het areaal gekeken naar de maatschappelijke impact bij het disfunctioneren van het rioolleidingen. Hierbij wordt gekeken naar de functie van de rioolleidingen en naar het risico en de gevolgen als deze leiding bezwijkt of verstopt raakt. Een rioolleiding, die onder een ontsluitingsweg bezwijkt, heeft grotere maatschappelijke gevolgen dan als dit gebeurt in een woonstraat. Risicogestuurd beheer kan leiden tot een andere frequentie van reinigen en inspecteren en ertoe leiden dat bij risicoleidingen eerder over gegaan wordt tot het nemen van onderhoudsmaatregelen dan bij andere leidingen het geval is. In de komende periode gaan wij in beeld brengen wat risico gestuurd rioolbeheer voor de gemeente kan betekenen.
Bovenstaande activiteiten is verwerkt in een totaaloverzicht, zie paragraaf 9.3.
6.5 Terugdringen van wateroverlast
Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW)
We voeren éénmaal per 10 jaar hydraulische toetsingen en stresstesten uit om na te gaan of de afvoersystemen adequaat werken. Voor de komende planperiode staat dit gepland in 2026. We breiden het Basisrioleringsplan (BRP) uit naar een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW). Een BRP omvat alleen de riolering. Een SSW beslaat aanvullend ook het oppervlaktewater en grondwater. In het SSW beschrijven we alle deelsystemen, beoordelen we het functioneren van die systemen en beschrijven we eventuele maatregelen om het functioneren te verbeteren.
Subsidies
De Rijksoverheid en de Provincie stimuleren gemeenten om klimaatadaptieve maatregelen te nemen. Dat gebeurt via zogenaamde Impulsregelingen. Gemeenten kunnen via deze regelingen cofinanciering krijgen voor projecten die water- en droogteoverlast tegengaan. De Provinciale Impulsregeling is voor regionale maatregelen. De Rijks Impulsregeling is een bijdrage voor lokale initiatieven. De Impulsregelingen lopen tot en met 2027. Algemeen wordt verwacht dat er nieuwe impulsregelingen komen voor na deze periode. De aanvraag van de impulsgelden verloopt via de samenwerking We4Climate (zie §8.2). Geertruidenberg zal ook in de komende jaren een beroep op de beschikbare subsidiemogelijkheden.
6.6 Verantwoordelijkheid
Hevige regen en wateroverlast
We maken onderscheid naar verschillende gradaties:
Waterplassen op straat
Waterplassen op straat kunnen er op duiden dat het rioolstelsel tijdelijk overbelast is.
De waterplassen kunnen ook het gevolg zijn van ongelijk liggende bestrating. Kleine waterplassen op straat zijn niet erg. De gemeente onderneemt geen actie. Als de plassen het gevolg zijn van verstopte straatkolken, dan volgt wel actie. De straatkolken worden schoongemaakt, zodat de waterafvoer hersteld wordt.
Grote plassen op straat die langer dan twee uur blijven staan kunnen ook aanleiding zijn tot actie. Dit wordt door de gemeente per situatie beoordeeld.
Waterhinder
Als het waterafvoersysteem echt veel regen moet verwerken, dan kan er ook waterhinder ontstaan. We spreken van waterhinder als:
•Regenwater, rioolwater of slootwater de belangrijke verkeersaders en doorgaande (ontsluitings)wegen en (fiets)tunnels gedurende meer dan twee uur hindert;
•Regenwater, rioolwater of slootwater langer dan 4 uur hinder oplevert voor het verkeer (gemotoriseerd, fietsers en voetgangers);
We streven ernaar om alle situaties waar waterhinder ontstaat, structureel te verhelpen. De maatregelen worden uitgevoerd als er ter plaatse ook andere ingrepen in het openbare gebied nodig zijn (bijvoorbeeld rioolvervanging of herbestrating.
Wateroverlast
Er is sprake van wateroverlast als:
•vuil rioolwater (geen regenwater) in een achterpad of tuin staat.
•Regenwater, rioolwater of slootwater via de straat huizen of gebouwen instroomt;
•Regenwater, rioolwater of slootwater de belangrijkste verkeersaders, doorgaande wegen of tunnels gedurende meer dan een halve dag blokkeert
Verantwoordelijkheid
Wateroverlast en verantwoordelijkheid zijn per situatie verschillend. In basis geldt dat de gemeente verantwoordelijk is voor wateroverlast in het openbare gebied en dat de perceeleigenaar verantwoordelijk is voor wateroverlast op het eigen terrein en de gebouwen die daarop staan. De gemeente komt pas in beeld als de overlast op het eigen terrein het gevolg is van knelpunten in het openbare gebied.
Wat betreft grondwater zijn burgers en bedrijven in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor het afvoeren van overtollig grondwater op eigen terrein (Artikel 3.6 Waterwet). De overheid is verantwoordelijk voor grondwater in openbaar gebied, voor bouwkundige eisen aan een pand en voor het beheer van het oppervlaktewater. De eigenaar is verantwoordelijk voor het waterdicht houden van leefruimten (bouwbesluit), de onderhoudstoestand en fundering van het pand. Kruipruimtes (geen leefruimte) hoeven niet waterdicht te zijn. Voor het water dichtmaken/vochtbeperking van laaggelegen woningdelen zal eigenaar dus zelf expertise moeten inschakelen.
Adaptatiestrategie
Het is belangrijk om het teveel aan water niet in één keer af te voeren. Om overbelasting van het oppervlaktewatersysteem te voorkomen en ook omdat het wenselijk is om water beschikbaar te houden voor momenten dat het water nodig is. Bijvoorbeeld tijdens droge perioden in de zomer laten we regenwater daar waar het valt en alleen wat écht niet vastgehouden kan worden voeren we af.
Op hoofdlijnen gelden de volgende maatregelen:
•Lokaal bergen van regenwater, infiltreren en geleidelijk afvoeren naar open water;
•infiltratie naar grondwater via infiltratiebuizen, wadi’s, greppels en sloten;
•ook maatregelen als het vergroten van de gemengde riolering (soms alleen een knellende leiding) kan een bijdrage leveren;
•het vergroten van gemaalpompen heeft nauwelijks effect op wateroverlast.
9. Beheer
9.1 Beheervisie
Brede zorgplicht
De gemeente Geertruidenberg kiest met dit Programma Stedelijk Water voor het hanteren van de zogenaamde brede zorgplicht voor niet gerioleerde panden in het buitengebied. Dat betekent dat de gemeente verantwoordelijk is voor de aanleg en het beheer en onderhoud van een zuiveringsvoorziening op het eigen perceel. De gemeente is eigenaar van deze voorziening en de particuliere gebruiker betaalt rioolheffing of waterschapsbelasting voor het beheer en onderhoud van de voorziening. Dit is in lijn met het beleid uit de voorgaande planperiode.
Aansluitingen buitengebied
Per 1 januari 2008 zijn er nieuwe wettelijke regelingen van kracht voor lozingen in het buitengebied en zijn er eisen gesteld aan de septic tank waar veel huishoudens in het buitengebied gebruik van maken.
Deze eisen houden in, dat iedere ongerioleerde lozing moet zijn voorzien van een zuiveringsvoorziening. Deze zuiveringsvoorziening is minimaal een verbeterde septic tank (IBA klasse 1) conform de eisen van de Regeling lozing afvalwater huishoudens. De aanwezige voorzieningen binnen de gemeente Geertruidenberg voldoen allemaal aan deze eisen.
Nieuw te realiseren bebouwing
Voor nieuwe (particuliere) bouwwerken in bestaand gebied geldt dat het huishoudelijk afvalwater, het hemelwater en het grondwater gescheiden moeten worden aangeboden conform het Bouwbesluit 2012. Op die manier kunnen deze huisaansluitingen eenvoudig worden aangesloten bij afkoppelwerkzaamheden.
Alle nieuw te realiseren bebouwing binnen de gemeente Geertruidenberg wordt aangesloten op de (druk)riolering of een alternatieve voorziening die voldoet aan de eisen van de Regeling lozing afvalwater huishoudens. Dit wordt afgedwongen door ongezuiverde lozingen op oppervlaktewater en in de bodem in principe niet toe te laten. Bij de omgevingsvergunning wordt melding gemaakt van de verplichting aan te sluiten op de riolering.
Bij nieuwbouw zal, waar mogelijk, het hemelwater gescheiden worden verwerkt van het afvalwater. Bij de verwerking van hemelwater wordt de trits ‘vasthouden-bergen-afvoeren’ als voorkeursvolgorde aangehouden. Concreet betekent dat overtollig hemelwater bij voorkeur lokaal wordt hergebruikt of geïnfiltreerd in de bodem. Indien dat niet mogelijk is, wordt het hemelwater rechtstreeks afgevoerd naar het oppervlaktewater of aangesloten op een regenwaterriolering. Belasting van de rioolwaterzuiveringsinstallatie met schoon water wordt daarmee beperkt.
Watertoets
Voor alle ruimtelijke plannen zal een watertoets moeten worden uitgevoerd. In deze watertoets wordt kwalitatief beschreven hoe in het betreffende plan met water wordt omgegaan. Aspecten als oppervlaktewater, grondwater, hemelwater, afvalwater, waterkwaliteit en -kwantiteit, omgevingsfactoren en waterberging komen hierin aan de orde. Met de watertoets worden de waterbeheerders tijdig betrokken in het ontwerpproces. In nadere uitwerking dient er ook een waterhuishoudkundig plan te worden opgesteld om aan te tonen dat ook aan de hydraulische randvoorwaarden kan worden voldaan.
Berekeningen
Voor rioleringsberekeningen geldt als uitgangspunt dat het gemengde rioolstelsel minimaal een neerslagsituatie die gemiddeld eenmaal per twee jaar voorkomt (bui 08 conform de
Kennisbank Stedelijk Water, circa 20 mm neerslag in een uur) moet kunnen afvoeren zonder water-op-straat. Bij rioleringsberekeningen van nieuwe stelsels en nieuwe gebieden wordt gerekend met intensievere neerslagsituaties om rekening te houden met de effecten van klimaatsverandering (bui 09 en bui 10 conform de Kennisbank Stedelijk Water, respectievelijk 29 en 36 mm).
In het vigerende BRP is verder een toetsing aan extreme neerslag opgenomen met behulp van de ‘getransformeerde Herwijnen bui’. Dit is een neerslagsituatie van 60 mm in één uur. Deze neerslagsituatie wordt ook bij toekomstige berekeningen toegepast om inzicht te verkrijgen in het functioneren van een plangebied bij zeer extreme neerslag. Omdat een dergelijke hoeveelheid neerslag niet (alleen) via de riolering kan worden afgevoerd, wordt bij het formuleren van maatregelen ook nadrukkelijk gekeken naar bovengrondse mogelijkheden. Daarbij wordt bezien op welke manier wegen en groenstructuren kunnen worden gebruikt om water tijdelijk te bergen en/of af te voeren.
Huisaansluitingen
Alle percelen in de gemeente moeten worden aangesloten op de riolering of een alternatieve voorziening die voldoet aan de eisen van de Regeling lozing afvalwater huishoudens. Het is niet toegestaan om hemelwaterlozingen aan te sluiten op drukriolering.
Voor het maken of vergroten van aansluitingen moet een aanvraagformulier ingediend worden bij de gemeente. De gemeente voert daarbij de werkzaamheden in openbaar gebied uit. De kosten worden in rekening gebracht bij de aanvrager. De gemeente hanteert de stelregel van 1 aansluiting per pand/ perceel. Bij een vuilwater- en een regenwaterafvoer worden er 2 aansluitingen gemaakt, een voor elke afzonderlijke waterstroom.
Grondwater
De gemeente Geertruidenberg streeft naar een grondwatersituatie waarbij de grondwaterstanden op natuurlijke wijze kunnen fluctueren en waarbij geen overlast wordt ervaren als gevolg van structureel te hoge of te lage grondwaterstanden. Perceeleigenaren zijn verantwoordelijk voor de ontwatering van hun eigen perceel. Dit ligt sinds 2009 vast in de Waterwet.
De gemeente Geertruidenberg beschikt over een grondwatermeetnet bestaande uit 34 peilbuizen. De peilbuizen zijn gelijkmatig verspreid over de gehele gemeente. Het meetnet is met name gericht op het stedelijk gebied. De grondwatermetingen wordt uitgebreid indien onderzoek of meldingen daartoe aanleiding geven. Bij de gemeente Geertruidenberg zijn vanuit de klachtenregistratie en metingen geen structurele grondwaterknelpunten bekend. Wel zijn er locaties bekend met hinder van grondwater in kruipruimtes waar particuliere eigenaren eerst aan zet zijn.
Vervanging en renovatie riolering, gemalen en randvoorzieningen
Bij renovatie en vervanging wordt onderscheid gemaakt in levensduur verlengende maatregelen (renovatie) of het volledig nieuw aanleggen van voorzieningen (vervanging). Renovatie houdt in veel gevallen in dat een leiding (of rioolput) wordt bekleed met een kunststof bekleding (relinen) die beschadigde of lekke riolen hersteld.
Vervanging vindt bij voorkeur integraal plaats in combinatie met herstraatwerkzaamheden en groenrenovaties. Op die manier wordt er werk met werk gemaakt en kosten bespaard.
Renovatie door middel van relinen vindt plaats op die locaties waar vervanging tot veel overlast of hoge kosten leidt. Vaak vindt dit geclusterd of in combinatie met een project plaats. In veel gevallen leidt een doelmatige renovatie tot een kostenbesparing ten opzichte van een traditionele vervanging van de riolering.
Gegevensbeheer
Om het beheer en onderhoud van de riolering vorm te kunnen geven, gebruikt de gemeente Geertruidenberg een geautomatiseerd rioolbeheersysteem. In dit beheersysteem zijn de karakteristieken van het rioleringssysteem vastgelegd en kan het rioolstelsel planmatig beheerd worden.
Voor de rioolgemalen heeft de gemeente een specifiek onderhoudsbeheersysteem om de onderhoudstoestand van de gemalen vast te leggen en planmatig in te kunnen vullen.
Afkoppelen
Afkoppelen is het scheiden van vuilwater en regenwater waardoor het vuilwaterriool en de rioolwaterzuivering niet onnodig worden belast met regenwater. Daarnaast neemt de aantal overstortingen op oppervlaktewater af en wordt de kans op wateroverlast verminderd. Afkoppeloplossingen worden niet alleen gevonden in (regenwater)leidingen, maar ook in oppervlakkige afstroming, wadi’s of, waar mogelijk, infiltratie. In geval van het realiseren van nieuwe voorziening bij bestaande bebouwing wordt gezocht naar participatie van burgers.
Het afkoppelen heeft ook een keerzijde. Het afgekoppelde hemelwater kan veel nutriënten bevatten en kan dus ook voor problemen zorgen bijvoorbeeld een verslechtering van de waterkwaliteit (blauwalg). De Veste is zo’n aandachtsgebied. In samenwerking met het waterschap is de grootste overlast opgelost door een dode arm via een duiker te verbinden met de rest van het watersysteem en door de Veste in zijn geheel extra door te spoelen met het water uit de Donge. Echter als er meer hemelwater wordt afgekoppeld naar de Veste kan het zo weer optreden. In de komende planperiode blijft de gemeente nauw samenwerken met het waterschap om af te stemmen welke locaties afkoppelen doelmatig is.
Het afkoppelen dient dus zorgvuldig te worden afgewogen, met aandacht voor risico’s ten aanzien van de waterkwaliteit en aandacht voor beheer- en onderhoudsaspecten.
Diffuse bronnen
Een aantal stoffen dat diffuus in het rioolwater terechtkomt, vormt een belasting voor het milieu. Te denken valt hierbij aan zink uit dakgoten, koper uit waterleidingen of minerale olie uit motoren. De gemeente streeft er naar om de emissie van deze stoffen in het oppervlaktewater te voorkomen. Zij sluit zich aan bij wettelijke eisen op dit gebied en bij handreikingen op het gebied van Duurzaam Bouwen. Per april 2016 mogen er wettelijk geen chemische onkruidbestrijdingsmiddelen meer worden toegepast op verharding. De gemeente past sinds januari 2016 geen chemische middelen meer toe.
9.2 Reguliere beheer- en onderhoudsactiviteiten
Reinigen en inspecties
De reiniging en inspectie van de vrijverval leidingen worden éénmaal per tien jaar gereinigd en geïnspecteerd. De kolken worden tweemaal per jaar gereinigd en visueel gecontroleerd op gebreken. Randvoorzieningen en gemalen worden tweemaal per jaar gereinigd.
De inspectieresultaten worden vervolgens ingelezen in het rioolbeheerbestand. Voor de interpretatie van de inspectieresultaten wordt gebruik gemaakt van de NEN 3398,
‘inspectie en toestandsbeoordeling van riolen’. Aan de hand hiervan worden per type schade waarschuwings- en ingrijpmaatstaven opgenomen. Op basis hiervan kan worden overgegaan tot reparatie of eventueel vervanging van de riolering. Voor de concrete invulling van een maatregel is de technische kwaliteit doorslaggevend. Daarbij wordt de doelmatigheid van een maatregel bepaald door een financiële afweging van reparatiekosten ten opzichte van de vervangingswaarde.
Gemalen
Hoofdgemalen en randvoorzieningen worden tweemaal per jaar gereinigd en éénmaal per jaar geïnspecteerd.
Drukriolering
Drukriolering is primair bedoeld voor inzamelen en transporteren van (huishoudelijk) afvalwater uit het buitengebied. Afgelopen twee planperiode zijn alle woningen in het buitengebied afgekoppeld. In principe komt er dus geen regenwater in de drukriolering. Regenwater kan in deze gebieden prima lokaal verwerkt worden. Indien bij onderhouds- en inspectiewerkzaamheden geconstateerd wordt dat hemelwater wordt verpompt volgt er een nader onderzoek. De gebruikte minigemalen (belangrijk onderdeel van de drukriolering) worden tweemaal per jaar gereinigd en éénmaal per jaar geïnspecteerd.
Foutieve aansluitingen
We willen onze rioolsystemen duurzaam inrichten. Dat betekent onder meer dat we schoon regenwater liever niet vermengen met afvalwater. Waar dat doelmatig is, investeren we bij vervangingsprojecten in gescheiden riolering. Het kan gebeuren dat de afvoer voor afvalwater per ongeluk wordt aangesloten op het hemelwaterstelsel en andersom. Dit noemen we een foutaansluiting. Er zijn in de gemeente Geertruidenberg geen knelpunten bekend met betrekking tot foutaansluitingen. In het verleden hebben we hier onderzoek naar gedaan. Ook daaruit bleek dat er nauwelijks foutaansluitingen zijn. De foutaansluitingen die zijn gevonden, zijn inmiddels verholpen. Bij in- en uitbreidingen is de kans op foutaansluitingen aanwezig, inspectie is daarom noodzakelijk.
Klachten en meldingen
Onze inwoners zijn de ogen en oren in het gebied. We ontvangen graag meldingen van onze inwoners over water dat hinderlijke situaties veroorzaakt of overlast tot gevolg heeft. Inwoners kunnen meldingen doen via de Geertruidenberg app. Meldingen die binnen komen via het KCC, Geertruidenberg-app, mondeling bij de receptie of per brief worden in het gemeentelijke meldingssysteem geplaats waarna de vakinhoudelijk verantwoordelijke de melding verder in behandeling neemt. Bij een verstopping van de riolering moet de eigenaar eerst zelf onderzoek doen of dit op uw eigen terrein is, bijvoorbeeld met behulp van een rioleringsbedrijf.
9.4 Investeringen
Rioolvervangingen
Tabel 9.2 bevat een overzicht van de benodigde rioolvervangingen 2024-2028, op basis van de leeftijd van een riool. Naast de benodigde vervangingsinvesteringen is in dit overzicht geen rekening gehouden met kosten van klimaatadaptieve maatregelen.
Tabel 9.2 Overzicht rioolvervangingen 2024-2028
Vervangen pompen en gemalen
Rioolgemalen vormen de vitale en kwetsbare onderdelen van ons (vuilwater)rioolstelsel. Daarom is het belangrijk dat zij naar behoren blijven functioneren. We zorgen er dan ook voor dat deze op tijd worden vervangen. Gemalen bestaan uit een bouwkundig deel (de gemaalkelder met eventueel een opbouw) een mechanisch deel (de pompen, de afsluiters en de terugslagkleppen) en een elektrisch deel (de pompbesturing, de bedrading en de schakelkast).
De kosten voor het vervangen van de verschillende onderdelen van de gemalen zijn ingeschat op basis van ervaringscijfers van gemeente Geertruidenberg. Tabel 9.3 is een overzicht weergegeven van de vervangingskosten van de pompen en gemalen voor de komende planperiode.
Tabel 9.3 Overzicht vervangingskosten pompen en gemalen 2024-2028
Vervangen druk- en persleidingen
Persleidingen vormen eveneens essentiële onderdelen van ons (vuilwater)rioolstelsel voor het buitengebied. Daarom is het belangrijk dat zij naar behoren blijven functioneren. We zorgen er dan ook voor dat deze op tijd worden vervangen. De persleidingen hebben een levensduur van circa 60 jaar. Voor de komende planperiode zijn geen vervangingen van persleidingen gepland, zie Tabel 9.4).
Tabel 9.4: Overzicht geplande vervangingskosten persleidingen 2024-2028
Vervangen bergbezinkbassins
Een bergbezinkbassin (BBB) is een grote ondergrondse ruimte (kelder) waar overtollig rioolwater tijdelijk kan worden geborgen, waardoor het vervuilde deel bezinkt (en dus gedeeltelijk wordt gezuiverd) en het sterk vervuilde water bij overstort niet in het oppervlaktewater terechtkomt. In de planperiode zijn er geen bouwkundige, maar alleen elektrotechnische en mechanische onderhoudsmaatregelen voorzien. In de komende planperiode zijn geen activiteiten gepland ten behoeve van bergbezinkbassins.
11. Financiële middelen
11.2 Uitgaven
Exploitatie-, overhead- en loonkosten
De exploitatiekosten bestaan voor een belangrijk deel uit de kosten voor het onderhoud dat nodig is voor het in stand houden van onze watervoorzieningen. Denk daarbij aan het dagelijks onderhoud van het rioleringssysteem, onderzoek en planvorming. Daarnaast hebben we te maken met loonkosten. In tabel 11.2 is een overzicht weergegeven van de exploitatie-, overhead-, loonkosten en de kapitaallasten voor de komende planperiode. Het volledig overzicht van de exploitatie vindt u in bijlage 2 (exploitatie).
Tabel 11.2 Overzicht exploitatie-, overhead, loonkosten en kapitaallasten 2024-2028
Investeringen
De investeringen bestaan voornamelijk uit kosten voor het vervangen of vernieuwen (renoveren) van de watervoorzieningen, zoals vrijvervalriolen, drukriolen, gemalen en persleidingen. De investeringen voor de komende planperiode is weergegeven in tabel 11.3.
Tabel 11.3 Overzicht investeringen 2024-2028
In figuur 11.4 vindt u een overzicht van de benodigde vervangingsinvesteringen voor de komende 60 jaar.
Figuur 11.4 Overzicht vervangingsinvesteringen 2024-2083
In de komende 60 jaar wordt een aantal grote vervangingspieken verwacht. In 2030 wordt een vervangingspiek van circa 16,5 mln verwacht, in 2035 circa 19,5 mln en in 2045 bijna 11 mln. Deze vervangingsopgave vereist een grote inspanning van de ambtelijke organisatie. Naast het beschikken van voldoende capaciteit om alle noodzakelijke vervangingen en reguliere taken uit te voeren is het werven van gekwalificeerde medewerkers als grootste zorg en uitdaging (zie hoofdstuk 10).
11.7 Conclusie
Afkortingen
AMvB Algemene Maatregel van Bestuur
BBB bergbezinkbassin
BBV bergbezinkvoorziening
BBL bergbezinkleiding
BBT best beschikbare techniek
Bob binnenonderkant buis
CROW Kennisinstituut voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer, en werk en veiligheid
GRP gemeentelijk rioleringsplan
DPRA Deltaprogramma ruimtelijke adaptatie
DWA droogweerafvoer
HWA hemelwaterafvoer
IBA installatie voor individuele behandeling van afvalwater
NEN Nederlandse norm
NPR Nederlandse praktijkrichtlijn
OAS Optimalisatiestudie afvalwatersysteem
OMWB Omgevingsdienst Middel- en West- Brabant
PUB-DR Pomp Unit Beheer Drukriolering
RAW Rationalisatie en Automatisering Grond-, Water- en wegenbouw
RWA regenwaterafvoer
RWZI rioolwaterzuiveringsinstallatie
SSW Systeemoverzicht Stedelijk Water (opvolger van BRP)
Wm Wet milieubeheer
Wvo Wet Verontreiniging oppervlaktewater
Termen en definities stedelijk afvalwater en hemelwater
aangroei verzameling van organismen die zich op de buiswand hebben vastgehecht of in slierten aan de buiswand hangen
aansluitvergunning vergunning op grond van de aansluitverordening en de Wvo die wordt afgegeven door het zuiveringsschap voor de aansluiting op de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI)
aantasting een wijziging van de structuur van de buiswand als gevolg van (bio)chemische of mechanische processen
afkoppelen het actief scheiden van vuilwater en regenwater met als doel om het regenwater niet meer naar de RWZI te transporteren
afvalwater alle water waarvan de houder zich met het oog op de verwijdering daarvan ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen (opmerking: hieronder wordt dus ook afvloeiend regenwater begrepen)
afvoerend oppervlak het naar de riolering afwaterende oppervlak
afzetting aankoeking van slib, vet en kalk op de buiswand; tevens afzetting van bodemmateriaal anders dan zand ter plaatse van een buisverbinding of scheur
basisinspanning term die de waterkwaliteitsbeheerders gebruiken voor het aanduiden van de inspanningen die elke gemeente moet uitvoeren of uitgevoerd hebben om de vuiluitworp uit de riolering tot een bepaald niveau te reduceren
basisrioleringsplan document (tekening + toelichting en berekeningen) met de huidige situatie van de riolering en de uit te voeren verbeteringsmaatregelen
beheer zie rioleringsbeheer
bemalingsgebied een rioleringsgebied waaruit het afvalwater door een gemaal wordt verwijderd
beoordelen het toetsen van een parameter aan de bijbehorende maatstaf en het geven van een oordeel over de uitkomsten van de toetsing
bergbezinkvoorziening reservoir voor de tijdelijke opslag van afvalwater waarin tevens slibafzetting plaatsvindt met een voorziening om het slib te kunnen verwijderen en waaruit overstortingen kunnen plaatsvinden
berging de inhoud van de riolering uitgedrukt in m3 of mm
bergingsverlies de vermindering van berging door permanente vulling in de riolering als gevolg van verzakkingen
beslisboom aan- en afkoppelen verhard oppervlak hulpmiddel voor gemeenten en particulieren om verantwoorde beslissingen te nemen bij het aan- en afkoppelen van verhard oppervlak op wijk- en straatniveau
classificatie de indeling van toestandsaspecten in klassen
controleren controle, toezicht houden op (bijvoorbeeld op de naleving van voorschriften, op het beheer van een zaak, op de werking van een machine
droogweerafvoer (dwa) de hoeveelheid afvalwater die per tijdseenheid in een droogweersituatie via het rioolstelsel wordt afgevoerd
dwa rioolstelsel zie vuilwaterrioolstelsel
DPRA Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (2018) is een plan van Nederlandse overheden om wateroverlast, hittestress, droogte en de gevolgen van overstromingen te beperken. Het doel van het plan is dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht.
emissiespoor onderdeel van het tweesporenbeleid van waterkwaliteitsbeheerders gericht op het tot een bepaald niveau terugbrengen van de emissies (vuiluitworp) uit een rioolstelsel, ongeacht de werkelijke waterkwaliteit
externe overstort rioolput voorzien van een overstortdrempel die loost buiten het in beschouwing genomen rioolstelsel, meestal op oppervlaktewater
gemengd rioolstelsel rioolstelsel, waarbij afvalwater inclusief ingezamelde neerslag door 1 leidingstelsel wordt getransporteerd
gescheiden rioolstelsel (GS) rioolstelsel, waarbij afvalwater exclusief neerslag door een leidingstelsel wordt getransporteerd en neerslag door een afzonderlijk leidingstelsel rechtstreeks naar oppervlaktewater wordt afgevoerd
hydraulisch waarbij van de leer van de praktische toepassing van waterbeweging gebruik wordt gemaakt
hydraulische berekening het door rekenen bepalen van het hydraulisch functioneren van een rioolstelsel
Infiltratieriool/ IT-riool rioolbuis die ontworpen en aangelegd is om hemelwater in de bodem te brengen, waarna het in de bodem kan infiltreren
ingrijpmaatstaf grenstoestand waarbij ingrijpen in de actuele toestand noodzakelijk is en waarbij maatregelen moeten worden opgesteld
inspectie het waarnemen, herkennen en beschrijven van de toestand
klimaatadaptatie is het proces waardoor samenlevingen de kwetsbaarheid voor klimaatverandering verminderen of waardoor zij profiteren van de kansen die een veranderend klimaat biedt.
maatstaf grenswaarde (getalsmatig) op basis waarvan geconcludeerd wordt of aan een functionele eis wordt voldaan
onderhoud herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij de toestand van objecten ongewijzigd gehandhaafd wordt
onderzoek het verzamelen, ordenen, analyseren en verwerken van gegevens, zodanig dat informatie kan worden afgeleid over de toestand en het functioneren van de buitenriolering
overstorting de lozing van afvalwater via een overstortdrempel naar oppervlaktewater
overstortput rioolput voorzien van een overstortdrempel
randvoorziening vloeistofdichte voorziening als onderdeel van het rioolstelsel die als doel heeft de lozing van vuil uit het rioolstelsel op oppervlaktewater te verminderen
regenwaterriool riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag
regenwaterrioolstelsel rioolstelsel alleen bestemd voor de inzameling en het transport van neerslag
renovatie herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een ingrijpende toestandswijziging wordt doorgevoerd; evenaren technische staat van nieuwaanleg
reparatie herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij een beperkte toestandswijziging wordt doorgevoerd
riolering het samenstel van riolen, rioolputten en bijbehorende voorzieningen voor de inzameling en het transport van afvalwater
rioleringsbeheer zorg voor het functioneren van de buitenriolering
riool samenstel van buizen tussen twee putten bestemd voor de inzameling en/of het transport van afvalwater
rioolput constructie toegang gevend tot het rioolstelsel (te herkennen aan gietijzeren deksels in de weg)
rioolwaterzuiveringsinrichting het totaal van de grond, gebouwen en apparatuur voor de zuivering van afvalwater (RWZI)
rwariool / rwarioolstelsel zie regenwaterrioolstelsel
verbeterd gescheiden rioolstelsel (VGS) gescheiden rioolstelsel met voorzieningen waardoor de neerslag slechts bij wat grotere regenbuien naar oppervlaktewater wordt afgevoerd. Het meest vervuilde deel van de neerslag wordt 'geborgen' in de riolering en naar de zuivering afgevoerd.
verbeteren het aanpassen van het oorspronkelijke functioneren
vervangen herstel van het oorspronkelijke functioneren, waarbij het bestaande object wordt verwijderd en een nieuw gelijkwaardig object wordt teruggeplaatst
visuele inspectie het op directe wijze dan wel op indirecte wijze via optische hulpmiddelen inspecteren van de toestand
vrijvervalriool riool waardoor afvalwater door middel van de zwaartekracht wordt getransporteerd
vuilemissie zie vuiluitworp
vuiluitworp het totaal aan stoffen (niet zijnde water) geloosd uit een rioolstelsel op het oppervlaktewater via overstorten . Hierbij kan gedacht worden aan biologisch afbreekbare stoffen die bij afbraak in het water zuurstof verbruiken (BZV), aan stikstof en fosfaten en aan zware metalen
vuilwaterriool riool alleen bestemd voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag
vuilwaterrioolstelsel rioolstelsel voor de inzameling en het transport van huishoudelijk en bedrijfsafvalwater, niet zijnde neerslag
Waarschuwingsmaatstaf grenstoestand waarbij de actuele toestand discutabel is en nader onderzoek nodig is
wadi systeem voor hemelwater berging en afvoer door infiltratie en/of drainage
waterkwaliteitsdoelstelling doelstelling voor de kwaliteit van een oppervlaktewater nodig om dat water een bepaalde functie te kunnen laten vervullen
water op straat het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau
wateroverlast het optreden van waterstanden boven maaiveldniveau waarbij hinder of schade wordt ondervonden
wortelingroei de wortels van bomen of planten, die door voegen, scheuren of via gebouw- of kolkaansluitingen het riool zijn ingegroeid
zandinloop het intreden van zand via buisverbindingen of scheuren
Termen en definities grondwater
Afsluitende laag Laag in de bodem die zo wordt genoemd vanwege zijn eigenschap dat hij grondwater slecht doorlaat
DINO Digitale Informatie Nederlandse Ondergrond, een direct benaderbare databank voor grondwatergegevens in beheer bij TNO Grondwater en Geo-Energie in Delft
Doorlatendheid Het vermogen van de grond om water en/of lucht door te laten
Drainage De afvoer van water over en door de grond en door het waterlopenstelsel
Drooglegging De afstand tussen het oppervlaktewaterpeil en het maaiveld
Freatisch grondwater Het grondwater in de bovenste bodemlaag, dat (indirect) in contact staat met de atmosfeer. De freatische grondwaterstand is een andere term voor grondwaterspiegel
Geohydrologie De leer van de grondwaterstroming en de -dynamiek in samenhang met de structuur en de opbouw van de ondergrond.
GHG Gemiddeld hoogste grondwaterstand. Dit is het gemiddelde van de drie hoogste grondwaterstanden van de afgelopen 8 jaren, gebaseerd op maandelijkse metingen.
Grondwater Water beneden het grondoppervlak, meestal beperkt tot het water beneden de Grondwaterspiegel
Grondwaterisohypse Hoogtelijn voor de grondwaterstand of voor de stijghoogte van het grondwater. Een grondwaterisohypsenkaart geeft met lijnen (isohypsen) punten aan met gelijke stijghoogte. De kaart geeft onder andere informatie over de stromingsrichting van het grondwater
Grondwateronderlast Problemen die zich voordoen als gevolg van lage grondwaterstanden. Bijvoorbeeld aantasting van houten funderingen als gevolg van droogstand
Grondwateroverlast Wateroverlast door hoge grondwaterstanden. Bijvoorbeeld plasvorming op binnenterreinen of vocht in kruipruimten
Infiltratie Intreding van water in de bodem , sponswerking van de bodem
Kruipruimte Ruimte onder de begane grondvloer in gebruik voor het bereiken van leidingen voor inspectie, onderhoud of reparatie, en voor ventilatie van de vloer en eventuele houten constructiedelen onder de woning
Kwel Het uittreden van grondwater
Ontwatering De afvoer van water uit percelen over en door de grond en eventueel door drains, kleine sloten en greppels naar een stelsel van grote waterlopen, met als functie afwatering
Ontwateringsdiepte De afstand tussen de hoogste grondwaterstand tussen twee ontwateringsmiddelen (sloot, drain) en het maaiveld.
Onverzadigde zone Deel van de grond boven de grondwaterspiegel, waarin de bodemporiën zowel water als lucht bevatten. De verzadigde zone is het deel waar de poriën geheel gevuld zijn met water.
Opbolling Het maximale hoogteverschil tussen de grondwaterspiegel en de waterstand in de drainagebuizen en/of watergangen
Peilbuis Algemene term voor een buis of soortgelijke constructie met een kleine diameter waarin een grondwaterstand c.q. stijghoogte kan worden gemeten
REGIS Regionaal Geohydrologisch Informatiesysteem, een interactief informatiesysteem dat beschikt over voor het waterbeheer relevante en actuele gegevens. REGIS wordt beheerd door TNO.
Stijghoogte Hoogte boven een referentievlak tot waar het water in een peilbuis stijgt. Deze stijghoogte is afhankelijk van de druk van het grondwater ter plaatse van de opening onder in de peilbuis.
Wadi Voorziening voor de opvang, berging en afvoer van neerslag. In een komvormige greppel kan het regenwater infiltreren. Vervolgens kan infiltratie naar het grondwater plaatsvinden of afvoer via een drain.
Zetting Bodemdaling als gevolg van inklinking, van krimp, door de bouw van kunstwerken, het ophogen van de grond of het aanbrengen van andere materialen.
Bijlage 1 Resultaten scenario’s
a.Resultaten scenario 1
b.Resultaten scenario 2
Resultaten scenario 1
•Stijgingsperiode: 20 jaar
•Stijgingspercentage: 2,98%
•Startsaldo voorziening: € 4.852.346
•Minimale saldo voorziening: € 329
•Maximale saldo voorziening: € 12.835.796
•Eindsaldo voorziening: € 329
•Eindboekwaarde: € 63.670.151
Resultaten scenario 2
•Stijgingsperiode: 30 jaar
•Stijgingspercentage: 2,17%
•Startsaldo voorziening: € 4.852.346
•Minimale saldo voorziening: € 710
•Maximale saldo voorziening: € 6.665.436
•Eindsaldo voorziening: € 710
•Eindboekwaarde: € 63.720.151
Bijlage 2 Kostdekkingsplan
a.Algemeen
b.Heffingseenheden
c.Lopende kapitaallasten
d.Exploitatie
e.Uitgaven
f.Kostendekkingsplan
g.Voorziening
Bijlage 3 Reactie Waterschap Brabantse Delta
Aan: XXX@brabantsedelta.nl>
Verzonden: dinsdag 8 augustus 2023 10:53
Aan: XXX@geertruidenberg.nl>
Onderwerp: RE: Programma Water Geertruidenberg 2024-2028 concept definitief
Geachte heer XXXX,
Dank voor het toesturen van de concept-definitieve versie van uw Programma Stedelijk Water 2024-2028. Hierbij ontvangt u onze reactie op het Programma Stedelijk Water.
Algemeen kunnen we als waterschap Brabantse Delta een positief advies geven, maar we willen hierbij wel een aandachtspunt meegeven.
Beleidsmatig geeft het plan voldoende invulling aan de samenwerking in de waterketen en het watersysteem tussen waterschap Brabantse Delta en gemeente Geertruidenberg.
Hierbij is het positief dat er in het Programma Stedelijk Water de koppeling gelegd is met onder andere klimaatadaptatie.
In het verlengde van deze ambitie zijn de conclusies uit de evaluatie van het GRP 2018-2022 wel zorgelijk te noemen. Niet alle speerpunten en investeringsmaatregelen zijn uitgevoerd, waarbij de Covid-19 en personele capaciteit als voornaamste reden is genoemd.
Personele capaciteit is een van de grote zorgpunten in de komende periode, zeker met de uitdagingen die met de klimaatverandering op ons af komen. Wij hopen dat u er desondanks in zult slagen de ambities uit het Programma Stedelijk Water in de komende periode te realiseren.
Ik hoop u hierbij voldoende geïnformeerd te hebben.