Aanhef
Het college van de gemeente Geertruidenberg;
gelet op artikel 84 van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen het:
Instellingsbesluit commissie naamgeving.
Artikel 1 De commissie
Er is een commissie die adviseert aan het college over de naamgeving van de openbare ruimte, hierna te noemen: de Commissie.
Artikel 2 Taak
De Commissie brengt, indachtig de door het college vastgestelde beleidsregels, gevraagd en ongevraagd schriftelijk advies uit aan het college over: a. het vaststellen van grenzen van woonplaatsen en het daaraan toekennen van namen; b. de verdeling van de woonplaatsen in wijken en buurten en zonodig aangevuld met nummers, letters of namen; c. het toekennen van namen aan delen van de openbare ruimte en zonodig aan gemeentelijke bouwwerken.
Artikel 3 Samenstelling en lidmaatschap
1De Commissie bestaat ten minste uit: a. een lid van het college; b. een geschiedkundige; c. een gemeentearchivaris; d. een beheerder van het gemeentelijk adressenbestand.
2Het college wijst plaatsvervangende leden aan.
3De leden en plaatsvervangend leden worden door het college benoemd.
4Het lid dat de hoedanigheid verliest op grond waarvan het lid van de Commissie is, treedt op dat moment af als commissielid.
5De leden kunnen tussentijds ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de voorzitter van de Commissie, die maatregelen treft om in de vacature te voorzien.
Artikel 4 Voorzitter
1Het lid van het college c.q. het plaatsvervangend lid van het college wordt benoemd als voorzitter c.q. plaatsvervangend voorzitter van de commissie naamgeving.
2De voorzitter heeft in de Commissie stemrecht.
Artikel 5 Secretaris
1Het college wijst de ambtelijk secretaris en de plaatsvervangend ambtelijk secretaris van de Commissie aan.
2De secretaris is geen lid van de Commissie.
3De secretaris dient de Commissie desgevraagd van advies.
Artikel 6 Tekenen van stukken
De stukken van de Commissie worden ondertekend door de voorzitter.
Artikel 7 Deskundigen
De voorzitter is bevoegd ambtenaren en andere deskundigen uit te nodigen tot het deelnemen aan de vergaderingen van de Commissie.
Artikel 8 Werkwijze
1De Commissie komt bijeen: a. wanneer de voorzitter dit nodig acht; of b. op verzoek van het college.
2De voorzitter roept de leden schriftelijk op voor de vergadering, onder opgaaf van de punten die zullen worden behandeld. De agenda en vergaderstukken worden twee weken voor de vergadering aan de leden toegezonden.
3De Commissie vergadert slechts als ten minste 3 leden, onder wie de voorzitter of de plaatsvervangend voorzitter, aanwezig zijn. Wanneer het vereiste aantal leden niet aanwezig is, belegt de voorzitter binnen één week een nieuwe vergadering en stelt de leden daarvan terstond schriftelijk in kennis. In deze laatste vergadering kunnen besluiten worden genomen ongeacht het aantal aanwezige leden.
4Besluiten van de Commissie worden genomen bij meerderheid van stemmen. Indien de stemmen staken, beslist de voorzitter. De secretaris heeft een adviserende stem.
5De Commissie vergadert en besluit in het openbaar.
6Het advies van de Commissie aan het college bevat voor zover relevant de zienswijzen van de leden van de Commissie.
Artikel 9 Slotbepalingen
In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist de voorzitter van de Commissie.