Aanhef
Inleiding
In de gemeente Etten-Leur kennen we standplaatsen. Bedoeld voor vaste, periodieke of incidentele standplaatsen.
Standplaatsen zijn een vorm van ambulante handel en een aanvulling op het gevestigde winkel- en horeca-aanbod. Standplaatsen bevinden zich in of grenzen aan de openbare ruimte, waardoor een vergunning nodig is. Om de standplaatsen beter te reguleren, uit het oogpunt van verkeersveiligheid en het voorkomen en beperken van overlast en duidelijkheid te bieden in het kader van de schaarse vergunningen stellen we de Beleidsregel standplaatsen Etten-Leur 2023 op. Deze beleidsregel biedt tevens een kader voor het in goede banen leiden van de vergunningverlening.
Dit beleid beperkt zich tot de standplaatsen, zoals bedoeld in Afdeling 4 van Hoofdstuk 5 van de Algemene Plaatselijke Verordening. Standplaatsen bij evenementen, week – en jaarmarkten vallen daarom buiten dit beleid.
Waarom in een beleidsregel?
De basis voor vergunningverlening van losse standplaatsen (niet vallend onder weekmarkten en evenementen) is gelegen in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en bestemmingsplannen. Het kader in de APV is ruim geformuleerd en roept regelmatig vragen op bij ondernemers, bij vergunningverleners en handhavers. Het college heeft de bevoegdheid nadere regels vast te leggen in een beleidsregel, waarin duidelijkheid en transparantie wordt gegeven over locaties, processen en voorwaarden voor vergunningen.
Leeswijzer
Op de eerste bladzijden is een algemene toelichting te lezen waarin wordt ingegaan op de diverse soorten standplaatsen, de juridische kaders en hoe we om gaan met de schaarse standplaatsvergunningen. Ook wordt al vooruitgekeken naar een verdere doorontwikkeling van het aantal standplaatsen. De artikelen die het standplaatsenbeleid verder vormgeven sluiten de nieuwe beleidsregel af.
Er is een onderscheid tussen 5 soorten standplaatsen in Etten-Leur
1. Soorten standplaatsen
1.1.1 Vaste standplaats:
–standplaatsen met een vaste locatie;
–met vergunningsmogelijkheid voor maximaal één dag in de week;
–maximaal 1 dag in de week aan dezelfde vergunninghouder per locatie worden vergund.
–gedurende het hele jaar toegestaan;
–voor maximaal 7 kalenderjaar toegestaan;
1.1.2 Seizoenstandplaatsen:
–standplaatsen voor het aanbieden van seizoensgebonden producten of diensten, zoals kerstbomen, aardbeien, oliebollen en asperges;
–gedurende maximaal twee aaneengesloten maanden per jaar toegestaan;
–voor maximaal 7 kalenderjaren toegestaan, tenzij geen sprake is van gebruik van een professionele bak- en verkoopwagen, dan maximaal 2 kalenderjaren toegestaan.
1.1.3 Promotiestandplaatsen:
–standplaatsen ter promotie van een activiteit of een product voor commerciële doeleinden, zoals (fris)dranken, verzorgingsproducten of auto’s;
–voor maximaal 9 al dan niet aaneengesloten dagen per jaar aan één en dezelfde vergunninghouder worden vergund.
1.1.4 Incidentele standplaatsen:
–standplaatsen voor niet-commerciële, sociaal, culturele, sportieve, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige activiteiten;
–éénmalig voor één bepaalde dag of voor maximaal 9 dagen per jaar worden ingenomen.
Voor incidentele standplaatsen worden geen locaties aangewezen, maar zal per aanvraag maatwerk worden geleverd. De locatie mag echter niet in strijd zijn met de weigeringsgronden als bedoeld in artikel 1.8 jo. artikel 5:18, tweede lid, van de APV.
1.1.5 Ideële standplaatsen:
–standplaatsen met een maatschappelijk belang die niet commercieel van aard zijn.
–deze standplaatsen kunnen worden ingenomen naar gelang de duur van het onderzoek of project. Bijvoorbeeld voor instellingen die voorlichting geven en preventiewerk verrichten op het gebied van de volksgezondheid, zoals het bevolkingsonderzoek.
Ook voor ideële standplaatsen worden geen locaties aangewezen, maar zal per aanvraag maatwerk worden geleverd. De locatie mag ook niet in strijd zijn met de weigeringsgronden als bedoeld in artikel 1:8 jo. artikel 5:18, tweede lid, van de APV.
8. Toekomst
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
a.aanvrager: degene die een vergunning aanvraagt;
b.APV: Algemene Plaatselijke Verordening Etten-Leur 2021;
c.college: het college van burgemeester en wethouders;
d.dag(en): de dag(en) waarop de standplaats wordt ingenomen;
e.standplaats: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel, als bedoeld in artikel 5:17, eerste lid, van de APV;
f.aangewezen standplaats: een standplaats die voorkomt op het door het college vastgestelde standplaatslocatieplan als bedoeld in artikel 2.
g.vaste standplaats: een standplaats met een vaste locatie;
h.seizoenstandplaats: een standplaats voor het aanbieden van seizoensgebonden producten of diensten, zoals ter plekke vers bereide oliebollen, kerstbomen, aardbeien en asperges;
i.promotiestandplaats: een standplaats ter promotie van een activiteit of een product voor commerciële doeleinden, zoals (fris)dranken, verzorgingsproducten of auto’s;
j.incidentele standplaats: een standplaats voor commerciële, sociaal, culturele, sportieve, educatieve, levensbeschouwelijke of godsdienstige activiteiten;
k.ideële standplaats: een standplaats voor niet-commerciële activiteiten met een maatschappelijk belang;
l.vergunninghouder: degene aan wie ingevolge artikel 5:18, van de APV een vergunning is verleend om een standplaats in te nemen;
m.toezichthouder: de met toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de APV en deze beleidsregels aangewezen personen;
n.verpachten: het al dan niet door de vergunninghouder tegen betaling afstaan of in gebruik geven van zijn standplaats, die hierop voor eigen rekening en risico de ambulante handel uitoefent.
Artikel 2. Uitzonderingen
Deze beleidsregels gelden niet voor standplaatsen, als bedoeld in artikel 5:17, tweede lid, van de APV, te weten:
a.standplaatsen met betrekking tot de warenmarkt;
b.standplaatsen op een evenement.
Artikel 3. Locaties en maximum aantal vaste, seizoensgebonden en promotiestandplaatsen
1Een vergunning voor een vaste, seizoensgebonden of promotiestandplaats wordt uitsluitend verleend voor een locatie zoals vermeld in het tweede lid;
2De locaties waar een vaste, seizoensgebonden of promotiestandplaats kan worden ingenomen zijn:
Branche
Type
Aantal
Locatie
Dagdeel
Opmerking
Oliebollen, vers ter plekke bereid (seizoen, winter)
seizoen
1
Van Bergenplein
Tweede week november t/m 1ste week januari ( dagelijks)
Oliebollen, vers ter plekke bereid (seizoen, winter)
seizoen
1
Burchtplein
Tweede week november t/m 1ste week januari ( dagelijks)
Oliebollen, vers ter plekke bereid ( seizoen winter)
seizoen
1
Parkeerplaats Praxis
Tweede week november t/m 1ste week januari ( dagelijks)
Oliebollen, vers bereid ter plekke (seizoen, winter)
seizoen
1
Parkeerplaats Life & Garden
Tweede week november t/m 1ste week januari ( dagelijks)
Vis
vast
1
Kerkwerve
Zaterdag heel de dag
Vis
vast
1
Van Bergenplein
Vrijdag heel de dag
½ onderdeel weekmarkt
Promotie activiteit
promotie
1
1
Winkelgebied Etten (Hof van Houte, Markthof, Burchtplein, Raadhuisplein, Marktplein)
Winkelgebied Leur (Van Bergenplein, Havenkom)
Nader te bepalen i.v.m. weekmarkt en evenementen
3De exacte locatie van een aangewezen standplaats wordt door het college opgenomen in een situatietekening behorende bij de verleende standplaatsvergunning;
4Het college kan bij besluit, indien zij dit wenselijk en noodzakelijk acht, locaties aan het vorige lid toevoegen, wijzigen of verwijderen. In de afweging om een standplaats toe te voegen of te verwijderen worden de volgende criteria meegewogen:
a.Het belang van de openbare orde en veiligheid, in bijzondere gevallen dat:
i.De doorgang voor hulpdiensten als politie, brandweer en ambulance wordt belemmerd. De vrije doorgang moet tenminste 4,5 meter zijn;
ii.Het toevoegen van de standplaats het uitzicht belemmert op kruisingen, oversteekplaatsen of in- en uitritten e.d.;
iii.De ter plaatse benodigde vrije toegang voor het verkeer, inclusief alle verkeersdeelnemers, wordt belemmerd.
b.Of de toegang tot etalages, terrassen, woningen, kantoren of gebouwen wordt belemmerd;
c.Of het aanzien van monumentale gebouwen of stedenkundige ensembles wordt aangetast;
d.Of het uitzicht op monumenten of kunstobjecten wordt aangetast;
e.Of het open karakter van pleinen wordt aangetast;
Artikel 4. Aanvraag
1Een vergunning voor een standplaats kan zowel door een natuurlijk persoon als een rechtspersoon worden aangevraagd. In dat geval moet de naam van de bestuurder op het uittreksel van de Kamer van Koophandel staan en is de bestuurder de vergunninghouder;
2Een standplaatsvergunning wordt aangevraagd door middel van het volledig ingevuld digitaal aanvraagformulier standplaatsvergunning. Dit formulier is beschikbaar op de website van de gemeente Etten-Leur;
3Een aanvraag welke niet is voorzien van de benodigde gegevens, wordt niet in behandeling genomen. De aanvrager krijgt eenmaal de gelegenheid om de ontbrekende gegevens aan te vullen of te wijzigen.
Artikel 5. Verdelingsprocedure
Voor vaste en seizoensgebonden standplaatsen geldt:
1We maken openbaar bekend als er één of meer vergunningen voor standplaatsen kunnen worden verleend, bijv. als er een standplaats vrijkomt door het aflopen van een vergunning.
2De bekendmaking doen we op de gemeentelijke website en in het gemeentelijke huis-aan-huisblad de Bode. In de bekendmaking staat:
a.De locatie;
b.De beschikbare tijden;
c.De begindatum voor aanvragen, vanaf die datum kan een aanvraag worden ingediend;
d.De einddatum voor aanvragen, tot die datum kan een aanvraag worden ingediend;
e.Hoe een aanvraag kan worden ingediend.
3Een aanvraag moet worden gedaan met het daarvoor bestemde aanvraagformulier.
4We behandelen alleen volledige aanvragen, inclusief de op het formulier gevraagde bijlagen.
5Aanvragen die vóór de aanvang en ná de sluiting van de inschrijvingstermijn worden ontvangen worden geweigerd.
6Een aanvrager die een onvolledige aanvraag heeft ingediend, geven we de gelegenheid om zijn aanvraag aan te vullen (artikel 4:5, lid 1, sub c, Awb), mits de aanvraag minimaal één week voor de einddatum is ingediend. De aanvulling moet vóór de einddatum worden ingediend. Als de aanvraag daarna nog niet volledig is, dan laten we deze buiten behandeling.
7We beoordelen of een aanvraag voldoet aan deze beleidsregel.
8Een aanvraag is vergunbaar als deze voldoet aan de voorwaarden genoemd in punt 2 tot en met 7.
9We stellen vast of loten noodzakelijk is. Loten is noodzakelijk als er meerdere vergunbare aanvragen zijn voor dezelfde dag voor dezelfde locatie.
10Als loten niet noodzakelijk is, dan vergunnen we iedere vergunbare aanvraag.
11Als loten noodzakelijk is, dan geldt de volgende procedure:
a.We loten per locatie per dag(deel).
b.We loten door de aanvragers van hetzelfde dagdeel voor dezelfde locatie op briefjes te schrijven, deze op te vouwen en in een bak te doen. Vervolgens trekt een vergunningverlener het winnende lot.
c.De aanvrager van wie het lot wordt getrokken, komt als eerste in aanmerking voor een vergunning.
d.Van de overige aanvragers wordt één lot getrokken als reserve. Indien de aanvrager aan wie de standplaats is toegewezen zijn aanvraag intrekt, dan krijgt de reserve de standplaats aangeboden.
e.We verlenen de vergunning aan de winnende aanvrager.
f.We weigeren de andere aanvragen.
g.We houden geen wachtlijst bij.
12Nadat een vergunning is verlopen heeft een vergunninghouder geen voorrang ten opzichte van andere aanvragers.
Artikel 6. Weigeringsgronden
1Op grond van de weigeringsgronden, als bedoeld in artikel 5:18, tweede lid, van de APV, wordt een standplaatsvergunning geweigerd;
2Een standplaatsvergunning wordt tevens geweigerd indien en voor zover het een andere locatie betreft dan die is aangewezen op grond van bijlage 1, van deze beleidsregels;
3Een standplaatsvergunning kan worden geweigerd, indien één van de weigeringsgronden zich voordoen, als bedoeld in artikel 1.8 jo. artikel 5:18, derde lid, van de APV.
Artikel 7. Inhoud vergunning en voorschriften
1In de standplaatsvergunning worden tenminste vermeld:
a.De naam en voornamen van de vergunninghouder;
b.Een duidelijke omschrijving van de standplaats, alsmede het maximum aantal vierkante meter dat voor de standplaats mag worden gebruikt;
c.De dag(en) en de tijdstippen waarop de standplaats mag worden ingenomen;
d.De looptijd van de vergunning;
e.De artikelen dan wel diensten of de branchegroep van artikelen of diensten, die door de vergunninghouder worden verkocht of geleverd.
Artikel 8. Geldigheidsduur
1Een vaste standplaatsvergunning wordt verleend voor een periode van maximaal zeven jaar.
2Een vaste standplaatsvergunning geldt voor maximaal één dag per week per locatie, per vergunninghouder in de gemeente Etten-Leur;
3Een seizoensgebonden standplaatsvergunning zonder professionele verkoopwagen wordt voor maximaal twee jaar verleend voor een periode van maximaal twee aaneengesloten maanden;
4Een seizoensgebonden standplaatsvergunning met professionele verkoopwagen wordt voor maximaal zeven jaar verleend voor een periode van maximaal twee aaneengesloten maanden;
5Per aanvrager wordt een promotiestandplaatsvergunning verleend voor maximaal 9 dagen per kalenderjaar;
6Een incidentele standplaatsvergunning wordt éénmalig voor een bepaalde dag of voor maximaal 9 dagen per jaar verleend.
7Een ideële standplaatsvergunning wordt verleend voor de duur van het onderzoek of project.
Artikel 9. Dagen en tijden
Op grond van artikel 2 lid 2 van de Winkeltijdenwet mag een standplaats op werkdagen (maandag tot en met zaterdag) van 06.00 uur tot 22.00 uur worden ingenomen. De Winkeltijdenwet maakt een uitzondering voor het aanbieden van versbereide etenswaren die direct voor consumptie geschikt zijn op zon- en feestdagen.
Artikel 10. Persoonlijk innemen
1Een standplaatsvergunning is persoonsgebonden en niet overdraagbaar als bedoeld in artikel 1:5 van de APV;
2De standplaats moet worden gebruikt door de houder van de standplaatsvergunning en mag niet worden (onder-)verhuurd of op andere wijze aan een derde in gebruik gegeven;
3In geval van ziekte of vakantie mag een vervanger tijdelijk de standplaats gebruiken, met voorafgaande schriftelijke toestemming van het college.
Artikel 11. Overschrijving vaste standplaatsvergunning
1Overschrijving van een vaste standplaatsvergunning is mogelijk, in geval van blijvende arbeidsongeschiktheid, het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd of het overlijden van de vergunninghouder. De vaste standplaatsvergunning kan op verzoek worden overgeschreven op de echtgeno(o)te, de geregistreerde partner of een meerderjarig kind van de vergunninghouder, of een persoon die bij de vergunninghouder minimaal drie jaar in loondienst heeft gewerkt;
2Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder, dan wel nadat de pensioengerechtigde leeftijd is bereikt, dan wel nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouder is vastgesteld. Indien dit niet gebeurt wordt de vergunning ingetrokken.
Artikel 12. Mobiele karakter standplaats
1De standplaats mag niet eerder in gebruik worden genomen dan één uur voordat met de verkoop of dienstverlening mag worden begonnen;
2De vergunninghouder is verplicht zorg te dragen dat de standplaats steeds een goed verzorgd aanzien biedt. Een standplaatshouder die voorziet in producten ten aanzien van (in)directe consumptie, is verplicht tenminste twee afvalbakken te plaatsen;
3Bij het ontruimen dient de vergunninghouder zijn standplaats en de onmiddellijke omgeving schoon op te leveren;
4De vergunninghouder die in strijd handelt met het bij of krachtens deze beleidsregels bepaalde of zich aan wangedrag of bedrog schuldig maakt, een toezichthouder in de uitoefening van zijn taak belemmert, dan wel direct of indirect de openbare orde of veiligheid verstoort of in gevaar brengt, kan door het bestuursorgaan gelast worden zijn standplaats onmiddellijk te ontruimen.
Artikel 13. Uitstalling
1Het is toegestaan om maximaal twee statafels te plaatsen bij een standplaats;
2De statafels moeten binnen een strook van 1 meter vanuit de standplaats blijven;
3Afhankelijk van de beschikbare ruimte, kan aanvullend maatwerk worden geleverd en in de vergunning worden vastgelegd.
Artikel 14. Werkzaamheden op en aan de weg dan wel andere activiteiten op de locatie
1Standplaatsen kunnen niet worden ingenomen, wanneer op de betreffende locatie werkzaamheden plaatsvinden dan wel de gemeente de ondergrond van de standplaats of de directe omgeving van de standplaats voor andere doeleinden nodig heeft;
2Indien als gevolg van redenen als in lid 1 genoemd standplaatsen niet kunnen worden ingenomen, is het college bevoegd om voor de duur van de werkzaamheden/activiteiten een vervangende standplaats aan te wijzen.
Artikel 15. Intrekking vergunning
1De vergunning kan worden ingetrokken, wanneer de vergunninghouder:
a.De standplaats gedurende vier aaneengesloten weken niet inneemt, met uitzondering van gevallen van overmacht;
b.Het bij of krachtens deze beleidsregels bepaalde overtreedt;
c.Niet of niet tijdig de rechten, onder welke naam dan ook verschuldigd, voldoet;
d.Zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;
e.Andere producten verkoopt of diensten aanbiedt dan waarvoor in de vergunning is aangevraagd en verleend.
2Onverminderd de intrekkingsgronden opgenomen in artikel 1:6 van de APV, kan een vergunning worden ingetrokken of gewijzigd als:
a.De vergunninghouder de vergunning opzegt:
b.De vergunninghouder in strijd handelt met de aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen;
c.Zich alsnog een weigeringsgrond voordoet wegens nieuwe feiten of gewijzigde inzichten;
d.De vergunning niet (langer meer) gebruikt wordt overeenkomstig de gegevens en uitgangspunten die ten grondslag lagen aan de beslissing op de aanvraag, waaronder begrepen een wezenlijke verandering van de aard van de aangeboden producten of diensten of van de kraam, dan wel verkoopinrichting;
e.Veranderende omstandigheden of gewijzigde inzichten aanleiding geven om deze beleidsregels te herzien en de vergunning niet in overeenstemming is met de herziene beleidsregel;
f.De vergunninghouder zijn bedrijf beëindigt, failleert of overlijdt (zie ook art. 10 lid 2).
Artikel 16. Kosten en Leges
Van de vergunninghouder of degene die een standplaats aanvraagt of inneemt wordt marktgeld geheven, als bedoeld in de geldende verordening op de heffing en invordering van marktgelden. Daarnaast worden de legeskosten geheven op basis van de geldende legesverordening. Tenslotte wordt precario geheven op basis van de geldende Verordening precariobelasting.
Artikel 17. Nutsvoorzieningen
1Voor zover de vergunninghouder gebruik maakt van gemeentelijke nutsvoorzieningen (zoals stroom, water of elektra), wordt een vergoeding in rekening gebracht;
2Het gebruik van aggregaten is enkel toegestaan na toestemming van de gemeente;
3Het aanbrengen van wijzigingen aan gemeentelijke nutsvoorzieningen is niet toegestaan.
Artikel 18. Hardheidsclausule
Het college handelt overeenkomstig deze beleidsregel, tenzij dit voor één of meer belanghebbenden gevolgen heeft die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doelen.
Artikel 19. Overgangsrecht
Vergunningen verleend vóór de inwerkingtreding van deze beleidsregel, blijven voortbestaan voor de duur dat deze is verleend zolang deze niet zijn of worden ingetrokken op grond van artikel 15 van deze beleidsregels.
Artikel 20. Inwerkingtreding
Deze beleidsregels treden in werking op de dag na de dag waarop zij zijn bekendgemaakt.
Artikel 21. Citeertitel
Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregels standplaatsen gemeente Etten-Leur 2023’.