Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Enkhuizen;
gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.3.2, 3.3.3, tweede lid en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;
besluit vast te stellen de volgende regeling:
“Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Enkhuizen 2021”.
Artikel 1. Definitiebepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
a.college: college van burgemeester en wethouders.
b.burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders.
c.secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet.
d.rechtspositiebesluit: Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers
e.rechtspositieregeling: Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers
f.wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders.
Artikel 2. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing burgemeester en wethouders
1De burgemeester of de wethouder die in verband met de vervulling van hun functie willen deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing bedoeld in artikel 3.3.3 van het rechtspositiebesluit dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de secretaris.
2Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
3Het maximaal beschikbare budget voor vergoeding van de scholing voor de burgemeester en wethouders als bedoeld in lid 1 bedraagt in totaal € 5.000,- per jaar. In bijzondere gevallen kan het college besluiten tot overschrijding van dit budget.
4Het college beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 3. Informatie- en communicatievoorzieningen
1De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 van het rechtspositiebesluit. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
2De burgemeester of de wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.
Artikel 4. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
1Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het rechtspositiebesluit.
2Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 5. Betaling en declaratie van onkosten
1Tenzij het rechtspositiebesluit of de rechtspositieregeling anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze regeling, het rechtspositiebesluit en de rechtspositieregeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
a.betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, of
b.betaling vooruit door de burgemeester of de wethouder uit eigen middelen.
2Een aanvraag om een vergoeding van de kosten als bedoeld in lid 1 onder b. gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.
3Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen vier weken na factuurdatum of betaling door de burgemeester of de wethouder ingediend bij de secretaris.
Artikel 6. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
Artikel 7. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Enkhuizen 2021.