Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels: Algemene eisen, richtlijnen en plaatsingsprocedure inzamelmiddelen en –voorzieningen Enkhuizen 2023

Gemeente Enkhuizen · geldt sinds 6 februari 2024

Aanhef

Het college van de gemeente Enkhuizen,

Gelezen het voorstel van 14 november 2023,

Overwegende dat:

De gemeenteraad op 21 december 2021 het Afvalbeleidsplan 2022 – 2025 heeft vastgesteld, waarin is opgenomen over te gaan op ondergronds inzamelen in de binnenstad en het plaatsen van cocons voor groente, fruit en etensresten (gfe) op locaties waar nog geen sprake is van inzameling van deze stroom,

Gelet op,

•Artikel 4:81, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht;

•Artikel 10, eerste lid van de Afvalstoffenverordening Enkhuizen 2020;

•Artikel 5, lid a van het uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening Enkhuizen 2020;

Besluit vast te stellen:

Beleidsregels: Algemene eisen, richtlijnen en plaatsingsprocedure inzamelmiddelen en –voorzieningen Enkhuizen 2023

2 Juridisch kaders

2.1 Wet Milieubeheer

Artikel 10.21 van de Wet milieubeheer (Wm) verplicht de gemeente tot het inzamelen van huishoudelijk afval bij elk perceel. Bij en krachtens de Wet milieubeheer zijn regels gesteld met betrekking tot de wijze waarop de gemeente invulling moet geven aan deze verplichting. Artikel 10.26 Wm geeft de mogelijkheid om het inzamelen van huishoudelijk afval via onder-, of bovengrondse containers, of via rolemmers nabij percelen plaats te laten vinden.

3 Aandachtspunten voor locatiebepaling

3.1 Noodzakelijke voorwaarden

3.1.1 Bereikbaarheid en toegankelijkheid inwoners

De inzamelvoorziening en het inzamelmiddel moet zowel voor de inzamelaar als voor de gebruikers voldoende bereikbaar en toegankelijk zijn. Vanuit de kant van de inzamelaar houdt dit minimaal in dat de containers zo gesitueerd dienen te zijn dat het technisch mogelijk is de container te legen en op een zodanige wijze geleegd kan worden dat de inzamelwagen en/of de container geen objecten in de openbare ruimte (zoals bomen, lantaarnpalen, auto's e.d.) of gebouwen (bijvoorbeeld muren, balkons, uitsteeksels aan gebouwen e.d.) raakt.

Vanuit de kant van de gebruikers dienen de containers makkelijk bereikbaar en toegankelijk te zijn, in het bijzonder ook voor ouderen en minder validen. De inzamelvoorzieningen moeten zodanig gesitueerd worden dat de loopafstand van de te lopen route niet groter is dan noodzakelijk is.

3.1.2 Bereikbaarheid inzamelvoertuig en verkeersveiligheid

De afvalvoorziening moet zowel voor de inzamelaar als voor de gebruiker op een verkeersveilige wijze bereikt kunnen worden. Vanuit de kant van de inzamelaar houdt dit minimaal in dat de container in alle rust geleegd moet kunnen worden zonder dat hierdoor een gevaarlijke verkeerssituatie kan ontstaan. Vanuit de kant van de gebruiker betekent dit dat zij hun afval kwijt moeten kunnen geraken, zonder hiervoor verkeersonveiIige handelingen te moeten verrichten. De locatie moet verder voldoen aan de eisen zoals gesteld door brandweer en politie alsmede de betrokken gemeentelijke afdelingen.

3.1.3 Omgeving en ondergrond

Bij het bepalen van locaties wordt de ondergrond onderzocht op de aanwezigheid van obstakels. Belangrijkste voorbeeld hiervan is de aanwezigheid van kabels en leidingen. Het omleggen van de waterleiding of hoofdriolering - zo al technisch mogelijk en wenselijk - is over het algemeen een zeer kostbare aangelegenheid. Het verleggen van andere kabels en leidingen voor het plaatsen van ondergrondse containers moet tevens zo veel mogelijk worden vermeden. Naast kabels en leidingen, wordt de ondergrond tevens in gebruik genomen door boomwortels. Bij het vinden van een geschikte locatie voor een container kunnen bovenstaande obstakels in de ondergrond de locatie van de container bepalen. Dergelijke systemen zijn immers zeer kostbaar om te verplaatsen.

Daarnaast kenmerkt de binnenstad Enkhuizen zich door haar historische karakter. De uitgangspunten van het archeologische beleid is bepaald Archeologische Beleidsnota Gemeente Enkhuizen. Hier is bepaald dat:

-Archeologische waarden zoveel mogelijk in de bodem bewaren en alleen opgraven als behoud in de bodem (in situ) niet mogelijk is;

-De relatie tussen archeologie en RO versterken zodat behoud, beheer en ontwikkeling van het bodemarchief onderdeel worden van het planologische besluitvormingsproces;

-Bodemverstoorders betalen archeologisch onderzoek en mogelijke opgravingen;

-Verbetering informatievoorziening over cultureel erfgoed om het draagvlak voor archeologie te vergroten.

Per locatie zal de archeologische verwachting op basis van historische bronnen en

historisch kaartmateriaal worden gespecificeerd. Aan de hand van de verwachting zal Archeologie Westfriesland de locatie vrijgeven, monitoren of het ingraven begeleiden.

Er wordt tevens rekening gehouden met de afstand tussen de inzamelvoorzieningen en gevels. Ook wordt rekening gehouden met de situering van containers ten opzichte van speelplaatsen, parkeervakken e.d. Containers worden bijvoorbeeld in beginsel niet direct naast een speelplaats geplaatst. Containers nabij parkeervakken worden, vanwege het straatbeeld, in beginsel in lijn met de parkeervakken geplaatst.

LIOR

Voor de inrichting van de openbare ruimte hanteert de gemeente de Leidraad inrichting openbare ruimte. Hierin zijn richtlijnen opgesteld voor o.a. de bereikbaarheid en plaatsing van afvalvoorzieningen. Deze zijn meegenomen in de richtlijnen.

3.2.1 Algemeen belang versus individuele belang

Bij het bepalen van de locaties vindt per locatie een zorgvuldige afweging plaats op basis van de opgestelde richtlijnen. De mogelijkheden om tegemoet te komen aan individuele bewoners die bedenkingen hebben tegen gekozen locaties zijn in dat opzicht relatief beperkt. Het algemene belang gaat daarbij in beginsel altijd voor op het individuele belang ('niet bij mij voor de deur/in mijn directe omgeving').

6 Besluiten en inspraaktraject

6.1 Plaatsingsprocedure

6.1.1 Uniforme voorbereidingsprocedure

Omdat vanuit het oogpunt van zorgvuldigheid raadzaam is belanghebbenden te horen, verdient het volgen van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht veelal de voorkeur. Met het vaststellen van deze beleidsregels besluit het college de uniforme voorbereidingsprocedure te volgen.

6.2 Inspraaktraject en plaatsingsprocedure (rol)containers

6.2.1 De voorlopige locatiekeuze

Op basis van de randvoorwaarden en richtlijnen, zoals gesteld in hoofdstuk 4 en 5, zal de gemeente samen met HVC een voorlopig locatieplan maken. In alle gevallen geldt: het algemeen belang moet prevaleren boven het individuele belang. Dit houdt in dat soms afwijking van de richtlijnen noodzakelijk is om tot een goed gedegen plan te komen. Het college legt het ontwerp aanwijzingsbesluit, met de daarop betrekking hebbende stukken die redelijkerwijs nodig zijn voor een beoordeling van het ontwerp voor aan de raad voor een zienswijze, waarna de stukken ter inzage worden gelegd.

6.2.2 Ter inzage leggen ontwerp aanwijzingsbesluit

Het ter inzage leggen van het ontwerpbesluit wordt vergezeld van een informatie- en zienswijzetraject worden, welke bestaat uit de volgende activiteiten. Inwoners worden via de gemeentelijke mediakanalen én huis aan huis geïnformeerd. In de communicatie wordt uitleg gegeven over het hoe en waarom van de wijziging van de afvalinzameling en de werking van het systeem en bevat een uitnodiging voor een inloopbijeenkomst. Tevens wordt er verwezen naar een internetsite waar de randvoorwaarden, richtlijnen en locaties zijn opgenomen.

Om toelichting te geven op het inrichtingsplan wordt een inloopbijeenkomst gehouden. Gedurende de inloopbijeenkomst kunnen de bewoners vragen stellen. De vragen worden zoveel mogelijk op de avond zelf beantwoord. Als het niet mogelijk is de vraag gelijk te beantwoorden, volgt het antwoord op een later moment. Tevens zijn er plattegronden met daarop aangegeven de containerlocaties en een overzicht van de meeste gestelde vragen en bijbehorende antwoorden. Gedurende de inloopbijeenkomst kunnen bewoners hun vragen/opmerkingen schriftelijk kenbaar maken.

6.2.3 Verwerking reacties

Alle reacties worden vervolgens verzameld en verwerkt. Als de reacties aanleiding geven tot wijziging van het locatieplan, wordt dit meegenomen. Een alternatieve locatie moet zodanig geschikter zijn dan de aangewezen locatie, dat geoordeeld moet worden dat het college niet in redelijkheid heeft kunnen kiezen voor die locatie, maar had moeten kiezen voor een alternatieve locatie.

Na afloop van de informatieperiode en verwerking van eventuele wijzigingen wordt het definitieve locatieplan (aanwijzingsbesluit) ter vaststelling voorgelegd aan het college. Bij het locatieplan is in een beknopte tabel een overzicht toegevoegd van de verzochte wijzigingen en de daadwerkelijke wijzigingen, inclusief de redenen.

6.2.4 Vastellen definitief aanwijzingsbesluit

Zodra alle reacties verwerkt zijn, zal de gemeente het locatieplan vaststellen door middel van het nemen van een aanwijzingsbesluit (collegebevoegdheid). Na vaststelling is geen bezwaar mogelijk; belanghebbende kunnen direct in beroep gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

6.2.5 De plaatsing en ingebruikname van de containers

Nadat het aanwijzingsbesluit is genomen worden de voorbereidingen getroffen om de voorzieningen te plaatsen. Bewoners ontvangen een brief met betrekking tot eventuele overlast in verband met de plaatsing. Na plaatsing en controle van de werking van de containers, worden de containers in gebruik worden genomen.

Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking één dag na bekendmaking..

Citeertitel

Deze beleidsregels wordt aangehaald als ‘Beleidsregels: Algemene eisen, richtlijnen en plaatsingsprocedure inzamelmiddelen en –voorzieningen Enkhuizen 2023’.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.