Gemeentelijke regelgeving

Verordening raadscommissie gemeente Eersel 2019 - herziening 28 mei 2026

Gemeente Eersel · geldt sinds 15 maart 2019

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

•commissielid: raadslid of een commissielid niet zijnde raadslid;

•fractie: alle commissieleden van één politieke partij in de gemeenteraad;

•griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger;

•voorzitter: voorzitter van de commissie;

•wet: Gemeentewet.

Artikel 2. Taken

De commissie:

a.brengt advies uit aan de raad over onderwerpen die aan haar worden voorgelegd en

b.voert overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval de door hen verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de onderwerpen, bedoeld onder a.

Artikel 3.Samenstelling; benoeming voorzitter

1De commissie bestaat uit maximaal twee commissieleden per fractie.

2De raad benoemt de voorzitter en de commissieleden niet zijnde raadsleden (maximaal acht per politieke partij) op voordracht van de fracties.

3De artikelen 10, 11, 12 en 13 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op commissieleden niet zijnde raadslid.

4Tijdens de commissievergadering kunnen de commissieleden per agendapunt wisselen.

Artikel 4. Zittingsduur en vacatures

1De zittingsperiode van een commissielid en voorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.

2Het lidmaatschap van een commissielid eindigt als niet meer wordt voldaan aan de in artikel 3, derde lid, gestelde eisen.

3De raad kan een commissielid niet zijnde raadslid ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voor benoeming heeft voorgedragen.

4De raad kan de voorzitter ontslaan.

5Een commissielid en de voorzitters kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad.

6Het lidmaatschap van commissieleden, benoemd op voordracht van een fractie die niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt van rechtswege.

Hoofdstuk 2. Vergaderingen

Paragraaf 1. Voorbereidingen

Artikel 5. Oproep en agenda

1Ten minste zeven dagen voor een vergadering wordt de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken aan de commissieleden beschikbaar gesteld.

2In spoedeisende gevallen kan de voorzitter een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 24 uur voor aanvang van de vergadering, wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de commissieleden beschikbaar gesteld.

3Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 6, derde lid, van toepassing.

4De agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de commissie vastgesteld.

Artikel 6. Ter inzage leggen van stukken

1De in artikel 5 genoemde stukken worden in het gemeentehuis ter inzage gelegd en kunnen op afspraak worden ingezien.

2Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst.

3Stukken waaromtrent op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de wet geheimhouding is opgelegd, blijven in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier en verleent deze de commissieleden op verzoek inzage.

Artikel 7. Openbare kennisgeving

Commissievergaderingen worden ter openbare kennis gebracht door aankondiging op de in de gemeente gebruikelijke wijze.

Paragraaf 2. Vergadering

Artikel 8. Presentielijst

1De griffier draagt zorg voor het bijhouden van de presentielijst van vergaderingen.

2Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen commissieleden de presentielijst, die aan het einde van elke vergadering door de voorzitter en de griffier door ondertekening wordt vastgesteld.

Artikel 9. Opening vergadering en quorum

1Een vergadering wordt niet geopend voordat blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden tegenwoordig is.

2Als op grond van het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt de voorzitter opnieuw een vergadering op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is gelegen.

3Op een vergadering als bedoeld in het tweede lid is het eerste lid niet van toepassing.

Artikel 10. Aantal spreektermijnen

1Beraadslaging over de voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de commissie anders beslist.

2Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten.

3Commissieleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde voorstel.

4Interrupties zijn toegestaan na toestemming van de voorzitter.

5Op de antwoorden op de eerder ingediende technische vragen mogen aanvullende vragen worden gesteld.

6De portefeuillehouder krijgt de gelegenheid om onduidelijkheden met betrekking tot het voorstel weg te nemen.

7Bij de bepaling hoeveel keer een commissielid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.

Artikel 11. Deelname aan de beraadslaging door anderen

De commissie kan besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.

Artikel 12. Spreekrecht

1Insprekers kunnen in een vergadering vijf minuten het woord voeren over onderwerpen die geagendeerd zijn.

2Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit uiterlijk om 12.00 uur op de dag van vergadering aan de griffier onder vermelding van zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wenst te voeren.

3Indien de spreker namens een ander spreekt dan wordt er een schriftelijke en ondertekende machtiging overgelegd, tenzij inspreker samen met die ander komt.

4De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding, tenzij afwijking van die volgorde in het belang is van de orde van de vergadering.

5De inspreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de vergadering toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering.

Artikel 13. Handhaving orde en schorsing

1De voorzitter handhaaft de orde in de vergadering.

2Hij kan de commissie voorstellen aan een commissielid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het commissielid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het commissielid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.

3Hij kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en, als na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord, de vergadering sluiten.

4Hij roept sprekers tot de orde als deze zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. Sprekers die hieraan geen gevolg geven kunnen door hem het woord ontnomen worden over het aanhangige onderwerp.

Artikel 14. Voorstellen van orde

Commissieleden kunnen tijdens een vergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raadscommissie beslist hier terstond over.

Artikel 15. Adviezen; geen stemmingen; toezeggingen

1De fracties geven op voorstel van de voorzitter hun advies aan de raad.

2Het advies kan zijn het voorstel:

a.als hamerstuk of als bespreekstuk aan de raad voor te leggen, of

b.terug te verwijzen naar het college.

3Als één fractie het advies “bespreekstuk” geeft, dan wordt het voorstel een bespreekstuk in de raad.

4De fracties geven aan welke onderdelen van het voorstel men in de raad nog wil bespreken.

5Motie en/of amendementen kunnen worden aangekondigd.

6De griffier draagt zorg voor het vastleggen van de adviezen en maakt een overzicht van de gedane toezeggingen. Het advies vermeld ook de naam en hoedanigheid van inspreker(s).

7Van iedere vergadering wordt een beeld- en geluidopname gemaakt die op de website raadpleegbaar is.

8De adviezen en de gedane toezeggingen worden op de website van de gemeente geplaatst.

9In een vergadering vinden geen stemmingen plaats, met uitzondering van stemmingen over geheimhouding en met betrekking tot de orde.

Paragraaf 3. Besloten vergaderingen

Artikel 16. Toepassing verordening op besloten vergaderingen

Op besloten vergaderingen is deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.

Artikel 17. Verslag besloten vergadering

1Conceptverslagen van besloten vergaderingen worden niet verspreid, maar uitsluitend voor de commissieleden ter inzage gelegd bij de griffier.

2Deze verslagen worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de commissie een besluit over het al dan niet openbaar maken van het verslag.

3De vastgestelde verslagen worden door de voorzitter en de griffier ondertekend.

Artikel 18. Opheffing geheimhouding

Als de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als de commissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten vergadering met de commissie overleg gevoerd.

Paragraaf 4. Toehoorders en pers

Artikel 19. Toehoorders en pers

1Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.

2Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.

3De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken.

4Hij is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering te ontzeggen.

Artikel 20. Geluid- en beeldregistraties

Degenen die van een openbare vergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 21. Intrekken oude verordening

De “Verordening op de commissie gemeente Eersel 2015” wordt ingetrokken.

Artikel 22. Inwerkingtreding en citeertitel

1Deze verordening treedt in werking de dag na bekendmaking.

2Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening raadscommissie gemeente Eersel 2019 - herziening 28 mei 2026

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Eersel van 28 mei 2026

De raad voornoemd

de griffier, mevrouw K. van Thiel-Klein

de voorzitter, de heer W.A.C.M. Wouters

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.