Aanhef
20241107LJ0000554852
De burgemeester van de gemeente Eemsdelta;
Overwegende dat;
•met de Havenbeveiligingswet door de Nederlandse wetgever uitvoering is gegeven aan
de verordening van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie
(verordening (EG) nr.725/2004) betreffende de verbetering van de beveiliging van
schepen en havenfaciliteiten. Tevens dient de Havenbeveiligingswet ter uitvoering van
andere besluiten van volkenrechtelijke organisaties met betrekking tot de beveiliging van
havens. Het gaat hierbij om het gewijzigde (PbEG L 129), hoofdstuk XI-2 van het
SOLAS-verdrag van de Internationale Maritieme Organisatie (lMO - waaraan is
toegevoegd de International Ship and Port Facility Security Code (ISPS Code);
•in de wet is onder meer de toetsing van de veiligheidsrisico's van havenfaciliteiten en de
afgifte van certificaten geregeld. De wetgever heeft de burgemeesters van de
gemeenten met zeehavens aangewezen als het bevoegd gezag (Havenbeveiligingsautoriteit)
voor onder meer de toetsing van de havenfaciliteiten, het goedkeuren van
veiligheidsplannen van havenfaciliteiten en het instemmen met gelijkwaardige
beveiligingsregelingen;
•de exploitatie en het beheer van de haven te Delfzijl en de Eemshaven en de
industrieterreinen van de gemeenschappelijke regeling Havenschap Delfzijl/Eemshaven
(hierna GR), de exploitatie en het beheer zoveel mogelijk worden verricht door
Groningen Seaports N.V. (hierna: GSP);
•de GR de feitelijke uitvoering van haar publiekrechtelijke taken zoveel mogelijk te laten
plaatsvinden door GSP, door en onder leiding van de in dienst van GSP aangestelde
havenmeester;
•de GR en GSP hiertoe een Dienstverleningsovereenkomst zijn aangegaan op grond
waarvan GSP een uitsluitend recht heeft verkregen voor het feitelijk (doen) uitvoeren
van alle huidige en toekomstige taken binnen en in verband met het beheersgebied,
voor zover verband houdende met het nautisch beheer, de scheepvaart, de havens en
de vaarwegen en voor zover het betreft de uitvoering van enige publiekrechtelijke taak
van de GR, haar organen of organen van de provincie Groningen en de gemeenten
Eemsdelta en Het Hogeland.
•het wenselijk is de uitvoering van de in de Havenbeveiligingswet neergelegde taken te
mandateren aan de daartoe aangewezen havenveiligheidsfunctionaris (Port Security
Officer (PSO);
•het wenselijk is de havenmeester van GSP aan te wijzen als havenveiligheidsfunctionaris;
•het hier gaat om een mandaat aan een functionaris die geen deel uitmaakt van de
gemeentelijke organisatíe en niet valt onder de hiërarchie van degene die het mandaat
verleent (de burgemeesters);
Gelet op artikel 10:4 van de Algemene wet bestuursrecht,
Besluit vast te stellen het Mandaatbesluit met betrekking tot de
Havenbeveiligingswet, luidende als volgt:
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder "wet" de Havenbeveiligingswet.
Artikel 2
1De havenmeester van de Gemeenschappelijke Regeling Havenschap Groningen Seaports, werkzaam bij Groningen Seaports N.V. wordt aangewezen als havenveiligheidsfunctionaris (Port Security Officer).
2De plaatsvervangend havenmeester van de Gemeenschappelijke Regeling Havenschap Groningen Seaports, werkzaam bij Groningen Seaports N.V., wordt aangewezen als plaatsvervangend havenveiligheidsfunctionaris (plaatsvervangend Port Security Officer).
3De adviseur havenmeester/plaatsvervangend havenmeester van de Gemeenschappelijke Regeling Havenschap Groningen Seaports, werkzaam bij Groningen Seaports N.V., wordt aangewezen als plaatsvervangend havenveiligheidsfunctionaris (plaatsvervangend Port Security Officer).
Artikel 3
Aan de havenveiligheidsfunctionaris wordt mandaat, respectievelijk machtiging verleend om te beslissen, respectievelijk handelingen te verrichten omtrent:
1De uitvoering van de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 4 van de wet;
2de coördinatie van havenveiligheidsmaatregelen en maatregelen als bedoeld in artikel
4dvan de wet;
3het verschaffen van inlichtingen als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet;
4het verlenen van een instemming als bedoeld in artikel 6 van de wet;
5de afgifte van een havenbeveiligingscertificaat als bedoeld in artikel 7, eerste en tweede
6lid, van de wet;
7het doen van een schriftelijke mededeling, als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet;
8het uitvoeren van de taken, bedoeld in artikel 8 van de wet;
9het intrekken van de instemming en het havenbeveiligingscertificaat als bedoeld in artikel 9 van de wet; het verlenen van een ontheffing of een instemming met een gelijkwaardige beveiligingsregeling als bedoeld in artikel 10 van de wet.
10het uitvoeren van taken en bevoegdheden, als bedoeld in artikel 11a van de wet;
11het uitvoeren van taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 11b van de wet
12het toezicht houden op de naleving van het bepaalde in artikel 4, eerste lid van de wet, zoals bedoeld in artikel 17 lid 2 van de wet.
Het in acht nemen van bij de besluitvorming op grond van artikel 3a tot en met - l, worden de algemene en bijzondere aanwijzingen bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet, in acht genomen.
Artikel 4
De havenveiligheidsfunctionaris is gehouden en gemachtigd de in artikel 3 bedoelde besluiten namens de burgemeester te ondertekenen.
Artikel 5
De havenveilígheidsfunctionaris is bevoegd om van de aan hem gemandateerde taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 5, onder mandaat te verlenen aan hem ondergeschikten.
Artikel 6
De havenveiligheidsfunctionaris is bevoegd beleidsregels vast te stellen omtrent de aan hem gemandateerde taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 3, welke bevoegdheid niet kan worden onder gemandateerd.
Artikel 7
De havenveiligheidsfunctionaris brengt jaarlijks voor 1 maart een schriftelijke rapportage uit aan de burgemeester, aangevende de krachtens mandaat genomen beslissingen en verrichte handelingen in het afgelopen jaar, als bedoeld in artikel 3.
Artikel 8
Het Mandaatbesluit Havenbeveiligingswet, vastgesteld op 20 september 2018, wordt ingetrokken.
Artikel 9
Dit besluit treedt in werking op de dag na publicatie.
Artikel 10
Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit Havenbeveiligingswet Delfzijl/Eemshaven.