Gemeentelijke regelgeving

Treasurystatuut 2024

Gemeente Dronten · geldt sinds 1 januari 2024

Aanhef

De raad van de gemeente Dronten;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 oktober 2023 met kenmerk 476726;

BESLUIT:

vast te stellen het volgende Treasurystatuut gemeente Dronten 2024

Inleiding

In het treasurystatuut staan de regels voor het beheer van de geldstromen, de beheersing van de risico’s daarvan en de informatievoorziening daarover. Daarnaast staat in het treasuystatuut wie waarvoor bevoegd is en onder wiens verantwoordelijkheid. Verder zijn de uitgangspunten voor de administratieve organisatie en de interne controle vastgelegd.

Het doel is dat de gemeente altijd aan haar financiële verplichtingen kan voldoen en als dat nodig is geld kan lenen (kort- en/of langlopende financiering). Uitgangspunt is dat er niet méér geleend wordt dan noodzakelijk is. Nieuw aan te trekken leningen worden afgestemd op de liquiditeitenplanning.

Het treasurystatuut is gesplitst in een beleids- en een beheersdeel. De beleidsmatige uitgangspunten en de financiële kaders zijn in het beleidsdeel vastgelegd en bevatten de bestuurlijke infrastructuur voor de uitvoering van de treasuryfunctie. In het beheersdeel komen de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en de uitgangspunten voor de administratieve organisatie en interne controle aan de orde.

De meeste richtlijnen en limieten zijn bepaald door de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) en de Regeling Uitzettingen en Derivaten Decentrale Overheden (Ruddo). Aanvullend op deze wetgeving zijn lokale regels toegevoegd zoals hoeveel offertes worden opgevraagd bij het aantrekken van een lening. Daarnaast zijn ook de regels van de gemeentelijke financiële verordeningen relevant.

1 Begrippenkader

Artikel 1

In dit statuut verstaan wij onder:

Derivaten: Financiële instrumenten die hun bestaan ontlenen aan een bepaalde onderliggende waarde. De onderliggende waarden kunnen financiële producten zoals obligaties zijn.

Financieringsbehoefte: Een lening, groep leningen of een nog aan te trekken lening respectievelijk groep leningen.

Geldstromenbeheer: Al die activiteiten die nodig zijn om liquide middelen over te maken zowel binnen de organisatie zelf als tussen de organisatie en derden (betalingsverkeer).

Liquiditeitsrisico: De risico’s van mogelijke wijzigingen in de liquiditeitenplanning en meerjaren investeringsplanning waardoor financiële resultaten kunnen afwijken van de verwachtingen.

Kasgeldlimiet: Een bedrag op basis van de Wet fido ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente bij aanvang van het jaar.

Klantbeheerder: Geautoriseerde medewerker voor klantbeheer banken.

Kredietrisico: De risico’s op een waardedaling van een vordering ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de verplichtingen door de tegenpartij door insolventie.

Liquiditeitenbeheer: Het financieren en uitzetten van middelen voor een periode tot 1 jaar.

Liquiditeitenplanning: Een gestructureerd overzicht van de toekomstige inkomsten en uitgaven ingedeeld naar aard en tijdseenheid.

Renterisico: Mate waarin het saldo van rentelasten en rentebaten van een openbaar lichaam verandert door wijzigingen in het rentepercentage op leningen en uitzettingen.

Renterisiconorm: Een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de primaire begroting van het openbare lichaam bij aanvang van het jaar.

Rentetypische looptijd: Het tijdsinterval gedurende de looptijd van een geldlening, waarin op basis van de voorwaarden van de geldlening sprake is van een door de verstrekker van de geldlening niet beïnvloedbare, constante rentevergoeding.

Saldobeheer: Het beheer van de dagelijkse saldi op de rekeningen.

Rentevisie: Toekomstverwachting over de renteontwikkeling.

Schatkistbankieren: Het verplicht aanhouden van liquide middelen bij het Rijk door gemeenten, provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen.

Transactie: Een overeenkomst tussen twee partijen om monetaire zaken uit te wisselen.

Treasurer: Financieel adviseur werkzaam bij team Financiën, Planning, Control en Inkoop (hierna FPCI) die de treasury werkzaamheden uitvoert.

Treasuryfunctie: De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s.

Uitzetting: Het tijdelijk toevertrouwen van liquiditeiten aan derden tegen vooraf overeengekomen condities en bedingen. Kortlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode tot 1 jaar en langlopende uitzettingen hebben betrekking op een periode van 1 jaar of langer.

Vastrentende waarden: Openbare en onderhandse leningen.

Waardepapieren: Documenten met een geldswaarde, zoals bewijs van een aandeel of obligatie.

Beleid

Beheersing door sturing en bewaking van de financiële positie en de daarbij behorende kosten en risico’s.

2 Doelstellingen treasuryfunctie

Artikel 2

De treasuryfunctie dient tot:

1Het verkrijgen en behouden van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities;

2Het beschermen van het gemeentelijke vermogen tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s.

3Het minimaliseren van interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;

4Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido en richtlijnen van het treasurystatuut.

Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten:

3 Risicobeheer

3.1 Uitzettingen uit hoofde van de publieke taak

Artikel 3

1De gemeente kan leningen of garanties uit hoofde van de ‘publieke taak’ uitsluitend verstrekken aan derde partijen met een maatschappelijk belang na goedkeuring door de gemeenteraad.

2In afwijking van hetgeen in artikel 3 lid 1 genoemd is, is het verstrekken van leningen voor verenigingen of stichtingen met een culturele of sportieve doelstelling en een volledige rechtsbevoegdheid waarvan de zetel in de gemeente Dronten gevestigd is, tot € 50.000 gemandateerd aan het college.

3Het rentepercentage voor een lening zoals omschreven in artikel 3 lid 2 wordt bepaald op basis van de identieke looptijd bij de BNG , lineair plus een opslag van 0,5% punt voor administratieve en beheerskosten.

4Bij het verstrekken van leningen en garanties uit hoofde van de ‘publieke taak’ worden zoveel mogelijk zekerheden of garanties geëist.

3.2 Uitzettingen uit hoofde van treasury

Artikel 4

1Conform artikel 2 lid 1 van de Wet fido worden liquide middelen op het dagelijkse kasgeldlimiet a, bij de Nederlandse Staat aangehouden op een rekening-courant of in deposito (Schatkistbankieren).

2In afwijking van hetgeen in artikel 4 lid 1 genoemd is, mogen conform artikel 2 lid 3 van de Wet fido liquide middelen ook uitgezet worden in de vorm van leningen bij andere in Nederland gevestigde openbare lichamen met dien verstande dat openbare lichamen geen leningen kunnen verstrekken aan openbare lichamen ten aanzien waarvan zij met het financiële toezicht zijn belast.

3Bij het uitzetten van middelen worden de afwegingen vastgelegd in een proces verbaal.

4Rekening-courantstelsels worden alleen aangehouden bij in Nederland gevestigde banken met tenminste een A-rating. Deze rating moet zijn afgegeven door één van de volgende erkende rating-bureaus: Moody’s, Standard & Poors of Fitch IBCA.

5Valutarisico’s worden uitgesloten door uitsluitend leningen te verstrekken, te garanderen of aan te gaan in euro’s.

6Er wordt geen gebruik gemaakt van derivaten.

3.3 Renterisicobeheer

Artikel 5

1Bij het aantrekken van kortlopende financieringsmiddelen wordt de kasgeldlimiet conform de Wet fido niet overschreden;

2Nieuwe leningen worden gebaseerd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning conform totaalfinanciering.

3In afwijking van artikel 5, lid 3 kan de raad vooraf toestemming geven voor projectfinanciering. De looptijd van de lening correspondeert dan met de afschrijvingstermijn van het project.

4De rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt afgestemd op de actuele en verwachte rentestand;

5Binnen de kaders gesteld onder lid 3 en lid 4, streeft de gemeente naar spreiding in de rentetypische looptijden van leningen/uitzettingen.

3.4 Intern liquiditeitsrisicobeheer

Artikel 6

De gemeente beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een korte termijn liquiditeitenplanning (looptijd tot 1 jaar), en een meerjarige liquiditeitenplanning met een looptijd van minimaal de 3 opvolgende jaren.

4 Financiering

Artikel 7

Bij het aantrekken van financieringen gelden de volgende uitgangspunten:

1Conform artikel 2 lid 1 van de Wet fido mogen leningen enkel aangetrokken worden ten behoeve van de uitoefening van de publieke taak;

2Financiering met externe financieringsmiddelen wordt zoveel mogelijk beperkt door primair de beschikbare interne financieringsmiddelen te gebruiken ten einde de renterisico’s te minimaliseren en het renteresultaat te optimaliseren;

3Naast financiële instellingen die vallen onder het Nederlands toezicht kunnen gelden conform artikel 2 lid 3 van Wet fido ook bij een decentrale overheid aangetrokken worden.

4Eventuele tussenpersonen dienen geregistreerd te staan bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM).

5Bij het aantrekken van gelden voor een periode langer dan 1 jaar worden minimaal 3 offertes gevraagd bij in Nederland gevestigde kredietverstrekker of een in Nederland gevestigd openbaar lichaam waarvan één bij de BNG. De afwegingen worden vastgelegd in een proces verbaal.

6Het aantrekken van financiering geschiedt tegen zo gunstig mogelijke condities op basis van tarief en/of voorwaarden te bepalen door de treasurer en de financiering wordt zodanig gekozen dat deze past binnen het risicobeleid.

7Toegestane instrumenten bij het aantrekken van financieringen zijn onderhandse leningen en kasgeld .

8Bij het opereren op de financiële markten wordt zodanig gehandeld dat de toegang tot de markten niet in gevaar komt.

9Leningen worden enkel aangegaan in euro’s.

5 Kasbeheer

5.1 Geldstromenbeheer

Artikel 8

Om de kosten van het geldstromenbeheer te beperken wordt:

1Het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op gemeenteniveau op elkaar en de liquiditeitenplanning af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen;

2Het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd bij de huisbankier.

5.2 Saldo- en liquiditeitenbeheer

Artikel 9

Voor het saldo- en liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen:

1Toegestane instrumenten bij liquiditeitsbehoefte zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op rekening courant;

2Conform artikel 3, lid 1 Wet fido wordt hierbij de kasgeldlimiet niet overschreden.

3Uitzettingen van gelden vindt plaats door middel van Schatkistbankieren (automatisch afromen).

4De gemeente beoogt het realiseren van gunstige c.q. marktconforme condities voor af te nemen financiële diensten.

Beheersdeel

6 Administratieve organisatie en interne controle

6.1 Uitgangspunten administratieve organisatie en interne controle

Artikel 10

Aanvullend op de algemene regels van de controleverordening en de financiële verordeningen van de gemeente Dronten gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle:

1De administratieve organisatie en interne controle waarborgen dat:

•De uitvoering rechtmatig en doelmatig is;

•De treasury-activiteiten adequaat kunnen worden uitgevoerd en bijgestuurd;

•De juistheid, tijdigheid en volledigheid van de informatie verzekerd zijn;

2Bevoegdheden worden via delegatie en mandaat schriftelijk vastgelegd;

3Bij de uit te voeren treasury-activiteiten vindt functiescheiding plaats met als belangrijkste voorwaarden: • Iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (vier-ogen-principe);

4De transacties worden onmiddellijk geregistreerd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten en gecontroleerd door de functionaris die belast is met de interne controle.

6.2 Bevoegdheden

Artikel 11

In onderstaande tabel staan bevoegdheden met betrekking tot treasuryactiviteiten weergegeven alsmede de daarbij benodigde fiattering.

Bevoegd orgaan

Autorisatie

Saldo-, liquiditeiten- en geldstromenbeheer

1Schatkistbankieren

Aangewezen medewerkers

financiële administratie

Aangewezen gebruikersbeheerder

2Het aantrekken van geld via daggeld, kasgeld en

rekening-courantkredieten bij de BNG

Treasurer

Teammanager Financien, Planning en Control & Inkoop

3Betalingsopdrachten aanmaken (1e handtekening)

Aangewezen 1e betalingsfiatteurs

Teammanager Financien, Planning en Control & Inkoop

4Betalingsopdrachten versturen (2e handtekening)

Aangewezen adviseurs

Team FPCI (2e betalingsfiatteurs)

Teammanager Financien, Planning en Control & Inkoop

5Afgifte automatische incasso

Treasurer

Teammanager Financien, Planning en Control & Inkoop

Financiering en uitzetting

6Het aantrekken van gelden via onderhandse leningen

Treasurer

Portefeuillehouder financiën

7Het uitzetten van gelden via onderhandse

geldleningen

Treasurer

Portefeuillehouder financiën

8Het verstrekken van leningen aan derden uit hoofde van de publieke taak

College van B&W

Gemeenteraad

9Het garanderen van gelden uit hoofd van de publieke

taak

College van B&W

Gemeenteraad

Bankrelatiebeheer

10Bankrekeningen openen/sluiten/wijzigen

Treasurer/medewerker financieel beheer

Burgemeester

11Bankcondities en tarieven afspreken

Treasurer

College

12Autorisatie medewerkers

Aangewezen medewerker

financieel beheer

Burgemeester

13Invulling toegangsrechten en wijzigingen geautoriseerde medewerkers.

Aangewezen medewerker

financieel beheer

Aangewezen medewerker

financieel beheer

6.4 Informatievoorziening

Artikel 13

Met betrekking tot de treasuryactiviteiten dient tenminste de in de onderstaande tabel opgenomen informatie te worden verstrekt door de betreffende functionarissen:

Informatie

Frequentie

Informatieverstrekker

Informatieontvanger

1Gegevens m.b.t. toekomstige uitgaven en

ontvangsten voor de liquiditeitenplanning

Doorlopend

Managers

Treasurer

2Liquiditeitenplanning programmabegroting

Jaarlijks

Treasurer

Gemeenteraad

3Beleidsplannen treasury in paragraaf financiering van de programmabegroting

Jaarlijks

Treasurer

Gemeenteraad

4Evaluatie treasuryactiviteiten in paragraaf financiering van de programmajaarrekening

Jaarlijks

Treasurer

Gemeenteraad

5Verantwoording n.a.v. paragraaf financiering via

programmajaarverslag

Per kwartaal

Treasurer

Gemeenteraad

6Informatie aan derden zoals genoemd in art. 8 Wet fido

Per kwartaal

Treasurer

Provincie/CBS

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.