Aanhef
De raad van de gemeente Drechterland
Overwegende dat, het wenselijk is om na de samenvoeging van de gemeenten Drechterland en Venhuizen over één regeling te beschikken met betrekking tot paardrijbakken, zwembaden en tennisbanen in het buitengebied (buiten de woonwijken);
Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 december 2006.
besluit:
De volgende beleidsregels voor paardrijbakken, zwembaden en tennisbanen (voorzieningen) in het buitengebied vast te stellen:
Tekst
1De voorzieningen mogen worden gerealiseerd op het huisperceel tot maximaal 120 meter vanaf de voorgevel van de woning;
2De voorzieningen mogen alleen worden gerealiseerd en gebruikt in het kader van de uitoefening van de hobby door de bewoners van de op het perceel aanwezige woning;
3De voorzieningen mogen een totale oppervlakte hebben van niet meer dan 2.400 m2 ;
4De afstand van de voorzieningen tot de perceelgrens moet ten minste 5 meter zijn;
5De voorzieningen moeten, vanaf de weg gezien, achter de achtergevelrooilijn en als regel achter de bestaande bebouwing worden gerealiseerd;
6Er moet een beplantingsplan worden ingediend voor een strook met beplanting van ten minste 3,5 m. breed tussen de voorzieningen en de perceelgrens, tenzij naar de mening van het college van burgemeester en wethouders in een specifieke situatie in het belang van behoud van het open landschap geen of slechts enkele beplanting moet worden aangelegd. De beplanting moet uit streekeigen soorten bestaan en moet overeenkomstig het goedgekeurde beplantingsplan worden aangelegd en in stand gehouden.
7De lichtmasten moeten zo kort mogelijk zijn doch mogen niet hoger zijn dan 10 meter;
8Het aantal lichtmasten moet zo beperkt mogelijk zijn en niet meer dan 6;
9Er moet sprake zijn van objectgerichte verlichting;
10De verlichting van de lichtmasten mag niet buiten de perceelgrens schijnen;
11De verlichting van de lichtmasten mag vanaf 21.00 uur tot zonsopgang niet branden en moet zijn voorzien van een verzegelde tijdschakelaar;
12De lichtmasten moeten ten minste op een afstand van 30 meter van nabijgelegen woningen worden gesitueerd;
13Op basis van een verlichtingsrapport van een terzake deskundige moet worden aangetoond dat aan de voorwaarden 7, 8, 9 en 10 wordt voldaan.