Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregels Wet aanpak woonoverlast gemeente Dordrecht

Gemeente Dordrecht · geldt sinds 24 februari 2018

Aanhef

De BURGEMEESTER van de gemeente DORDRECHT;

gelet op:

 - artikel 2:79 Algemene plaatselijke verordening Dordrecht (APV);

 - artikel 1:3, lid 4 Algemene wet bestuursrecht;

 - titel 4.3 Algemene wet bestuursrecht;

overwegende dat:

 - op 1 juli 2017 de Wet aanpak woonoverlast in werking is getreden;

 - de gemeenteraad op 19 december 2017 heeft besloten om toepassing te geven aan de in artikel 151d, eerste lid, van de Gemeentewet bedoelde bevoegdheid;

 - het – mede gezien het bepaalde in artikel 2:79 APV, tweede lid – wenselijk is beleidsregels vast te stellen m.b.t. de toepassing van artikel 151d Gemeentewet wat betreft de bevoegdheden bij ernstige en herhaaldelijke woonoverlast;

B E S L U I T :

vast te stellen de "Beleidsregels Wet aanpak woonoverlast" inzake het gebruik van de bevoegdheid ex artikel 2:79 APV om toepassing te geven aan de in artikel 151d Gemeentewet bedoelde bevoegdheid.

hoofdstuk

Inleiding

Gemeenten hadden grofweg twee opties bij de aanpak van woonoverlast. De gemeente kan de overlastgever in de eerste plaats een waarschuwing geven en ten tweede kan de gemeente de woning van de overlastgever (tijdelijk) sluiten.

Omdat een waarschuwing vaak nauwelijks effect heeft en een woningsluiting in de praktijk vaak niet haalbaar is, was er behoefte aan een tussenvorm: bestuursrechtelijke gedragsaanwijzingen.

Per 1 juli 2017 is de "Wet aanpak woonoverlast" in werking getreden (Stb. 2017, 77).

Daarbij is een nieuw artikel 151d Gemeentewet ingevoerd dat onder meer omvat de bevoegdheid van de burgemeester tot toepassing van bestuursdwang in de vorm van het geven van een gedragsaanwijzing (uitsluitend) ter bestrijding van ernstige woonoverlast voor omwonenden, veroorzaakt door (een) andere bewoner(s) in de nabije omgeving. De bevoegdheid strekt niet tot handhaving van de openbare orde, maar ziet enkel toe op het in bestuursrechtelijke zin interveniëren in gespannen burenverhoudingen vanwege ernstige hinder in of vanuit een woning of in de onmiddellijke nabijheid ervan.

De gemeenteraad van Dordrecht heeft besloten om de burgemeester de bevoegdheid te geven deze wet uit te voeren. Deze beleidsregels voorzien voor de gemeente Dordrecht in een nadere invulling van het wetsartikel.

Juridische kader

Deze beleidsregels zien toe op het toepassen van artikel 151d van de Gemeentewet en artikel 2:79 APV bij ernstige en herhaaldelijke woonoverlast. De bevoegdheden richten zich op het kunnen doen (laten) stoppen, het ingrijpen en het doorbreken van de woonoverlast.

De bevoegdheden op grond van 151d Gemeentewet

Op grond van artikel 151d Gemeentewet kan de burgemeester aan een persoon of personen die herhaaldelijk woonoverlast veroorzaken c.q. daarvoor verantwoordelijk zijn, de volgende maatregelen opleggen:

1gedragsaanwijzing in de vorm van een last onder bestuursdwang of onder dwangsom;

2een tijdelijk huisverbod (ultimum remedium). Het verbod geldt voor een periode van 10 dagen en kan verlengd worden tot maximaal 4 weken.

Voorwaarden gebruik bevoegdheden op grond van 151d Gemeentewet

De burgemeester kan gebruik maken van zijn bevoegdheden indien voldaan is aan de volgende voorwaarden:

•het gaat om ernstige en herhaaldelijke woonoverlast;

•de woonoverlast is eveneens geconstateerd door een of meer van de handhavende en zorg verlenende instanties;

•buurtbemiddeling, mediation of een schriftelijke waarschuwing hebben niet geleid tot het stoppen van de woonoverlast;

•er is een ernstige vrees voor escalatie van de woonoverlast.

Ernstige overlast

De wetgever heeft term ‘ernstige woonoverlast’ niet nader gedefinieerd en vooral beschreven aan de hand van exemplarische voorbeelden van gedragingen die kwalificeren als (ernstige) woonoverlast. Het betreft daarmee een enigszins vaag containerbegrip met (in beginsel) een ruim toepassingsbereik. Vanwege het contextgebonden karakter ervan is het onmogelijk om alle potentiële situaties van ernstige overlast op voorhand limitatief op te sommen. Ditzelfde geldt voor de wijze waarop situaties van ernstige overlast met toepassing van de bestuursdwang-bevoegdheid van artikel 151d Gemeentewet effectief kunnen worden aangepakt; ook dit vergt steeds een maatwerkoplossing die zo goed mogelijk aansluit bij de individuele kenmerken en omstandigheden van het geval.

Citeertitel

De beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels Wet aanpak woonoverlast.

Inwerkingtreding

Er heeft een inspraakprocedure plaatsgevonden. E zijn geen zienswijzen ingediend.

Deze beleidsregels treden in werking op de dag na de bekendmaking.

Bijlage 1 Aanpak woonoverlast gemeente Dordrecht

December 2017

Melding of signalering

Signalen of meldingen van ernstige woonoverlast kunnen de gemeente via diverse wegen bereiken. Omwonenden of anderen kunnen woonoverlast zelf rechtstreeks melden bij de gemeente Dordrecht. De betreffende wijkmanager pakt dit dan verder op. Ook kunnen meldingen gemaakt worden bij het "meldpunt zorg en overlast" van de GGD of bij de politie (zie overzicht meldlijnen Dordrecht). Het kan ook zo zijn dat de gemeente, de politie, een woningcorporatie of één van de andere samenwerkingspartners van de gemeente Dordrecht mogelijke situaties van ernstige woonoverlast signaleert of rapporteert.

Ernstige overlast

De wetgever heeft term ‘ernstige woonoverlast’ niet nader gedefinieerd en vooral beschreven aan de hand van exemplarische voorbeelden van gedragingen die kwalificeren als (ernstige) woonoverlast. Het betreft daarmee een enigszins vaag containerbegrip met (in beginsel) een ruim toepassingsbereik. Vanwege het contextgebonden karakter ervan is het onmogelijk om alle potentiële situaties van ernstige overlast op voorhand limitatief op te sommen. Ditzelfde geldt voor de wijze waarop situaties van ernstige overlast met toepassing van de bestuursdwangbevoegdheid van artikel 151d Gemeentewet effectief kunnen worden aangepakt; ook dit vergt steeds een maatwerkoplossing die zo goed mogelijk aansluit bij de individuele kenmerken en omstandigheden van de situatie.

Voorwaarden gebruik bevoegdheden op grond van 151d Gemeentewet

•het gaat om ernstige en herhaaldelijke woonoverlast;

•de woonoverlast is eveneens geconstateerd door een of meer van de handhavende en zorg verlenende instanties;

•buurtbemiddeling, mediation of een schriftelijke waarschuwing hebben niet geleid tot het stoppen van de woonoverlast;

•er is een ernstige vrees voor escalatie van de woonoverlast.

Afweging integrale aanpak

De wijkmanager, eventueel ondersteund door de projectmanager woonoverlast, maakt een afweging of er geen andere geschikte wijze is om de woonoverlast te doen stoppen. Dat kunnen ook andere middelen zijn dan de uitoefening van overheidsbevoegdheden. We verwachten dat mensen eerst geprobeerd hebben zelf de overlast aan te kaarten bij de veroorzaker. Voorbeelden van andere manieren om overlast te bestrijden zijn het geven van een waarschuwing, het gebruik van buurtbemiddeling of het door het slachtoffer zelf of door de verhuurder van de woning van de overlastgever aanspannen van een civiele procedure.

Naar verwachting zal slechts bij een deel van de meldingen van woonoverlast sprake zijn van “ernstige en herhaaldelijke woonoverlast”. Is er sprake van "ernstige en herhaaldelijke overlast" en is deze zeer complex dan kan de gemeente (wijkmanager) een integrale aanpak coördineren. Daarbij geldt in beginsel een voorkeursvolgorde, waarbij een volgende interventie pas aan de orde is indien de aanpak van de overlastsituatie met toepassing van andere acties of wettelijke instrumenten niet mogelijk is of niet effectief is gebleken én een eerdere, minder ingrijpende interventiemaatregel niet tot het gewenste resultaat heeft geleid (het effectief tegengaan van de ernstige woonoverlast).

Huurwoningen

De aanpak woonoverlast is toepasbaar bij zowel koop- als huurwoningen. Bij huurwoningen is de verhuurder er verantwoordelijk voor de nodige maatregelen te treffen om de overlast te doen stoppen.. Een verhuurder kan via het huurcontract druk uitoefenen op de overlastgever en overgaan tot het opleggen van een (privaatrechtelijke) gedragsaanwijzing.

Overlastsituaties vanuit woningen van woningbouwcorporaties worden door leefbaarheidsmedewerkers van de corporatie opgepakt. Afstemming tussen corporaties, politie en gemeente vindt iedere 6 á 8 weken plaats aansluitend aan het leefbaarheidsoverleg van een wijk.

Integrale aanpak en inzet overige partijen

De werkwijze kenmerkt zich door maatwerk. Per situatie wordt beoordeeld welke maatregelen en interventies ingezet moeten worden en welke partijen relevant zijn. De wijkmanager zorgt voor afstemmingsoverleggen om te komen tot een plan van aanpak, dossieropbouw (met inachtneming van de toepasselijke regels rondom privacy), contact met de betrokken bewoners en het monitoren van de afspraken.

Partners waar mee wordt samengewerkt zijn politie (wijkagenten), MEE (buurtbemiddeling), overlastgever, buren, GGD (stedelijk netwerk), Omgevingsdienst ZHZ (handhaving, vergunningen, kamerverhuur), Sociaal Teams (casemanager) en brandweer.

Overige partijen kunnen zijn: VVE, verhuurder, etc.

Soms is het nodig op te schalen naar management- of directieniveau en/of de wethouder.

Bestuurlijke gedragsaanwijzing als uiterste maatregel

Als deze integrale aanpak niet heeft kunnen leiden tot het stoppen van de woonoverlast kan in afstemming met het team Veiligheid en Kabinet voorbereidingen getroffen worden voor het opleggen van een bestuurlijke gedragsaanwijzing door de burgemeester.

Op grond van artikel 151d Gemeentewet kan de burgemeester aan een persoon of personen die herhaaldelijk woonoverlast veroorzaken c.q. daarvoor verantwoordelijk zijn, de volgende maatregelen opleggen:

1gedragsaanwijzing in de vorm van een last onder bestuursdwang of onder dwangsom;

2een tijdelijk huisverbod (ultimum remedium). Het verbod geldt voor een periode van 10 dagen en kan verlengd worden tot maximaal 4 weken.

Bijlage 2 Stappenplan aanpak woonoverlast gemeente Dordrecht

Zie schema.

STAPPENPLAN WOONOVERLAST september 2017

WM = Wijkmanager OZHZ= Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid

V&K= Veiligheid en Kabinet (OOV)

STAPPENPLAN WOONOVERLAST KAMERVERHUUR september 2017

WM = Wijkmanager OZHZ= Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid

V&K= Veiligheid en Kabinet (OOV)

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.