Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Dinkelland;
gelet op artikel 160 eerste lid onder d van de Gemeentewet, artikel 10:22 en 10: 23 van de Algemene wet bestuursrecht en op artikel 2.1 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling van de gemeente;
besluit:
vast te stellen de navolgende besluit:
INSTRUCTIE HEFFINGS- EN INVORDERINGSAMBTENAAR DINKELLAND
Artikel 1 begrippen
In deze instructie wordt verstaan onder:
a.de heffingsambtenaar: de ambtenaar als bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet ;
b.de plaatsvervangend heffingsambtenaar: de ambtenaar die de heffingsambtenaar bij afwezigheid vervangt;
c.de invorderingsambtenaar: de ambtenaar als bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel d van de Gemeentewet
d.de plaatsvervangend invorderingsambtenaar: de ambtenaar die invorderingsambtenaar bij afwezigheid vervangd.
Artikel 2 instructie gebruikmaking bevoegdheden
De plaatsvervangend heffingsambtenaar en de plaatsvervangend invorderingsambtenaar maken enkel gebruik van hun middels aanwijzing toebedeelde bevoegdheden voor zo ver zij optreden als vervanger van de heffings- respectievelijk de invorderingsambtenaar.
Artikel 3 inwerkingtreding en citeertitel
1Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 2019.
2Dit besluit kan worden aangehaald als ‘Instructie heffings- en invorderingsambtenaar Dinkelland 2019'.