Aanhef
Zaaknummer: 0000627867
De raad van de gemeente Dijk en Waard;
Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 september 2023;
Gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet;
Gezien het advies van de cliëntenadviesraad van Zaffier;
Overwegende
dat het van wezenlijk belang wordt geacht dat inwoners van de gemeente Dijk en Waard en hun minderjarige kinderen zich door maatschappelijke participatie kunnen ontplooien en ontwikkelen en daarin niet belemmerd worden door hun financiële positie;
dat de gemeente Dijk en Waard daaraan wenst bij te dragen door het voeren van beleid, gericht op bevordering van maatschappelijke participatie, waaronder wordt verstaan deelname aan activiteiten die het mogelijk maken mee te doen in de samenleving;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
‘Verordening DijkenWaardPas’
Artikel 1 Begripsbepalingen
1In deze verordening wordt verstaan onder:
a.aanvrager: de inwoner van 18 jaar en ouder die een DijkenwaardPas aanvraagt ten behoeve van zichzelf, zijn gezin of zijn ten laste komende kind, als bedoeld in artikel 4 van de wet dan wel zijn minderjarige pleegkind waarvoor een pleegvergoeding wordt ontvangen;
b.adres: het adres als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet basisregistratie personen;
c.DijkenwaardPas: een persoonsgebonden pas die recht geeft op bepaalde voorzieningen;
d.Inkomen: de inkomsten van de aanvrager en zijn eventuele partner uit of in verband met arbeid of sociale zekerheidsuitkeringen, met uitzondering van de inkomsten uit arbeid van het ten laste komende kind of kinderen;
e.inwoner: de persoon die op het moment van de aanvraag met een adres ingeschreven staat in de gemeentelijke basis administratie van de gemeente Dijk en Waard;
f.Maatschappelijke participatie: Deelnemen aan maatschappelijke, sportieve en culturele activiteiten en het gebruik maken van overige voorzieningen ter bevordering van het sociaal welzijn en voorkoming van sociale uitsluiting. Hieronder wordt mede verstaan de schoolactiviteiten van kinderen.
g.wet: de Participatiewet;
h.WSF2000: Wet studiefinanciering 2000.
i.Wsnp: Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen;
j.WTOS: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten;
2Begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, de Gemeentewet of de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Artikel 2 Doelstelling
Deze verordening heeft tot doel aan inwoners die een inkomen hebben tot maximaal 120% van de voor hen toepasselijke bijstandsnorm voorzieningen te verstrekken, voor henzelf en hun eventuele kinderen, om zodoende de maatschappelijke participatie te bevorderen. Het college realiseert deze doelstelling door het verstrekken van de DijkenwaardPas aan inwoners en door het voorzien in het bijbehorende aanbod van voorzieningen.
Artikel 3 Doelgroep
1Recht op de DijkenwaardPas heeft de aanvrager als bedoeld in artikel 11 van de wet, indien op het moment van de aanvraag het totale inkomen lager dan of gelijk is aan 120% van de voor hem van toepassing zijnde bijstandsnorm, als bedoeld in paragraaf 3.2 van de wet en zijn vermogen lager dan of gelijk is aan de voor hem van toepassing zijnde vermogensgrens, als bedoeld in artikel 34, derde lid van de wet.
2Bij de bepaling van de van toepassing zijnde bijstandsnorm wordt de kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de wet buiten beschouwing gelaten.
3Het vermogen in de eigen woning wordt bij de vaststelling van het vermogen als bedoeld in het eerste lid buiten beschouwing gelaten.
4In afwijking van het eerste lid is er geen sprake van recht op de DijkenwaardPas indien aanvrager op de datum van aanvraag student of scholier is en uit ’s Rijks kas bekostigd voltijds onderwijs volgt en aanspraak kan maken op studiefinanciering op grond van de WSF 2000 of een tegemoetkoming op grond van de WTOS, tenzij aanvrager de zorg draagt over een ten laste komend kind.
5In afwijking van het eerste lid bestaat er recht op de DijkenwaardPas voor zover de aanvrager beschikt over een inkomen hoger dan 120% van de voor hem van toepassing zijnde bijstandsnorm doch is toegelaten tot een wettelijke of minnelijke schuldhulpverleningstraject op grond van de WSNP dan wel de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.
6Het inkomen en vermogen bedoeld in het eerste lid wordt getoetst over de maand voorafgaand aan de aanvraagdatum. Indien sprake is van wisselende inkomsten wordt uitgegaan van het gemiddelde inkomen over de 3 maanden voorafgaande aan de aanvraagdatum.
Artikel 4 De DijkenwaardPas
1De DijkenwaardPas wordt kosteloos verstrekt. Bij verlies of diefstal van de DijkenwaardPas kan de rechthebbende een duplicaat pas aanvragen. Hiervoor wordt een vergoeding van 5 euro bij rechthebbende in rekening gebracht. Dit bedrag wordt verrekend met het budget voor de Meedoen regeling dat op de DijkenwaardPas staat. Als er geen budget is kan het verzoek voor een duplicaatpas in het eerst volgende kalenderjaar worden ingediend als er weer recht bestaat op een nieuw budget.
2De DijkenwaardPas is geldig voor de duur van 1 kalenderjaar, tenzij anders vermeld op de pas. Als aanvrager niet langer voldoet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 3 vervalt de geldigheid van de DijkenwaardPas met ingang van 1 januari van het volgende kalenderjaar.
3De DijkenwaardPas wordt aan ieder gezinslid van 4 jaar en ouder verstrekt.
Artikel 5 Aanvraag
1De DijkenwaardPas dient schriftelijk of digitaal te worden aangevraagd door middel van een door het college vastgesteld aanvraagformulier onder bijvoeging van de in het aanvraagformulier gevraagde bewijsstukken.
2In afwijking van het eerste lid kan het college voor bepaalde groepen van belanghebbenden, van wie is vastgesteld dat zij tot de kring van rechthebbenden behoren, ambtshalve een DijkenwaardPas verstrekken.
Artikel 6 Besluit op aanvraag
1Het college beslist positief op de aanvraag door middel van het toesturen van de DijkenwaardPas.
2De DijkenwaardPas heeft betrekking op het lopende kalenderjaar, indien de aanvraag voor 15 november van het lopende kalenderjaar is ingediend. Indien de aanvraag op of na 15 november van het lopende kalenderjaar is ingediend dan heeft de DijkenwaardPas betrekking op het kalenderjaar volgend op het jaar waarin de aanvraag is gedaan.
3Het college beslist negatief op de aanvraag met een schriftelijk besluit.
Artikel 7 Nadere regels
1Het college stelt bij nadere regels vast van welke voorzieningen ter bevordering van de maatschappelijke participatie met de DijkenwaardPas gebruik kan worden gemaakt.
2Het college kan voor de uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen.
Artikel 8 Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien toepassing van de verordening tot onbillijkheid van overwegende aard leidt gezien de doelstelling van de verordening.
Artikel 9 Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie en werkt terug tot en met 1 januari 2023.
2Aanvragen en bezwaarschriften die zijn ingediend voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening en waarop nog niet is beslist bij de inwerkingtreding van deze verordening, worden afgehandeld overeenkomstig de in artikel 9 bedoelde verordening.
3Deze verordening wordt aangehaald als: ‘Verordening DijkenwaardPas’.
Toelichting
De gemeente heeft zich tot doel gesteld om maatschappelijke participatie van inwoners met een laag inkomen te bevorderen. De gemeente doet dit via de DijkenwaardPas.
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 1Begripsbepalingen
Dit artikel bepaalt wat in deze verordening wordt verstaan onder de daarin gebruikte begrippen.
Er is voor gekozen om begrippen die al zijn omschreven in de Participatiewet niet afzonderlijk te definiëren in de verordening. Een en ander houdt onder meer in, dat bepaalde inkomensbestanddelen die binnen de Participatiewet buiten beschouwing worden gelaten, ook bij de inkomenstoets in het kader van het minimabeleid buiten beschouwing blijven. Zo wordt voorkomen, dat het minimabeleid het op basis van de Participatiewet ingezette bijstandsbeleid doorkruist.
De definitie maatschappelijke participatie wordt kort toegelicht.
Onder f: Maatschappelijke participatie
Onder maatschappelijke participatie wordt verstaan structurele deelname aan activiteiten die aantoonbaar bijdragen aan een actieve verbinding met de maatschappij. Door het verstrekken van
de DijkenwaardPas bevordert de gemeente de deelname aan sportieve, culturele en maatschappelijke activiteiten.
Artikel 2Doelstelling
Deze bepaling omschrijft de doelstelling die de gemeente door middel van het verstrekken van de
DijkenwaardPas wil realiseren. Tevens geeft dit artikel aan dat de voorziening van de DijkenwaardPas uitsluitend bedoeld is voor personen die door financiële omstandigheden niet of niet volledig in staat zijn om zelfstandig maatschappelijk te participeren.
Artikel 3Doelgroep
Op basis van de in dit artikel weergegeven criteria wordt de kring van rechthebbenden nader ingekaderd.
Nederlander, dan wel een daarmee op basis van artikel 11 Participatiewet gelijkgestelde vreemdeling
Onrechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen en toeristen worden op basis van deze omschrijving uitgesloten.
Een adres binnen de gemeente Dijk en Waard
Alleen inwoners van de gemeente Dijk en Waard komen voor de DijkenwaardPas in aanmerking.
Als inwoners worden zowel degenen met een woonadres als met een postadres (in het kader van de dak- en thuislozenregeling) aangemerkt.
18jaar en ouder
Alleen meerderjarigen kunnen een aanvraag voor de DijkenwaardPas indienen.
Ieder gezinslid vanaf 4 jaar ontvangt een eigen DijkenwaardPas.
Studenten
Studerenden met aanspraak op studiefinanciering of een tegemoetkoming in het kader van de WTOS zijn uitgesloten van de kring van rechthebbenden voor de DijkenwaardPas. Weliswaar beschikt deze groep veelal over een inkomen dat aanzienlijk lager is dan de in het eerste lid bedoelde inkomensgrens, maar die omstandigheid vormt voor hen over het algemeen geen beletstel om volwaardig deel te nemen aan maatschappelijke activiteiten in de ruimste zin van het woord.
Schuldhulpverleningstraject
Indien belanghebbende is toegelaten tot een schuldhulpverleningstraject wordt afgeweken van de inkomenseis. Het inkomen van deze belanghebbende kan boven de gestelde grens liggen, maar omdat een deel van het inkomen naar de aflossing van schulden gaat, ligt het feitelijk inkomen lager dan de inkomensgrens.
Artikel 4 De DijkenwaardPas
Geen toelichting
Artikel 5Aanvraag
Dit artikel bevat enkele uitgangspunten voor de wijze waarop men een aanvraag kan indienen en de minimale eisen waaraan de aanvraag moet voldoen.
In beginsel wordt iedereen behorend tot de kring van rechthebbenden binnen een kalenderjaar verzocht schriftelijk een nieuwe aanvraag in te dienen voor het daaropvolgende kalenderjaar.
Deze oproep dient tevens om te onderzoeken of betrokkene nog tot de kring van rechthebbenden behoort. Dit geldt niet voor bepaalde groepen van belanghebbenden van wie bij een eerdere aanvraag is vastgesteld dat zij tot de kring van rechthebbenden behoren. Voor deze groepen kan ambtshalve een aanvraag worden ingenomen.
Artikel 6Besluit op aanvraag
In dit artikel worden enkele zaken geregeld met betrekking tot de afhandeling van de aanvraag.
De datum van aanvraag bepaalt de verstrekkingenperiode. Wanneer voor 15 november van het lopende kalenderjaar aangevraagd wordt, dan wordt de DijkenwaardPas verstrekt voor het lopende kalenderjaar. Ligt de aanvraagdatum na 15 november van het lopende jaar, dan wordt de aanvraag alleen voor het daaropvolgende kalenderjaar toegekend. Binnen een jaar na aanvraag wordt vervolgens bezien, of betrokkene nog aan de voorwaarden voldoet en tot de kring van rechthebbenden behoort. Is dit niet meer het geval dan wordt de DijkenwaardPas ingetrokken.
Artikel 7Nadere regels
In nadere regels worden de voorzieningen en tegoeden vastgelegd waarvan gebruik gemaakt kan worden met de DijkenwaardPas.