Gemeentelijke regelgeving

Subsidiebeleid sociaal domein

Gemeente Dijk en Waard · geldt sinds 5 juli 2023

Aanhef

De raad van de gemeente Dijk en Waard;

gelet op artikel 189 van de Gemeentewet

besluit:

1het subsidiebeleid sociaal domein 2023 vast te stellen.

2het subsidiebeleidskader Langedijk 2015 in te trekken.

3het budget voor de subsidies sociaal domein structureel te verhogen met € 285.000 per jaar;

4het budget voor de subsidieregeling Inwonersinitiatieven 2023 van € 75.000 structureel jaarlijks beschikbaar te stellen.

1. Inleiding

1.1 Introductie

De gemeente Dijk en Waard heeft een rijk verenigingsleven en telt veel (vrijwilligers)organisaties die een bijdrage leveren aan de maatschappelijke doelen in onze gemeente. Via subsidies geeft de gemeente sturing aan het bereiken van gemeentelijke ambities en (beleids)doelen. Dit doet zij door inwoners, (vrijwilligers)organisaties en instellingen financieel in staat te stellen om binnen het beleid passende activiteiten te realiseren. Het gaat vaak om activiteiten die zonder bijdrage van de gemeente niet kunnen worden georganiseerd maar die wel van belang zijn om een vitale samenleving te blijven.

Dit subsidiebeleid schetst de algemene kaders voor subsidieverstrekkingen en daarmee de doelstellingen, uitgangspunten en thema’s van het subsidie- beleid. In de subsidieregelingen is verder uitgewerkt welke activiteiten in aanmerking komen voor subsidie, voor wie en (gedeeltelijk) met welke bedra- gen. Het college is bevoegd om de subsidieplafonds en de subsidieregelingen vast te stellen en aan te geven hoe het budget verdeeld wordt.

Harmonisatie

De gemeente Dijk en Waard heeft een nieuwe Visie op het sociaal domein en een Integraal Beleidskader opgesteld. Uitgangspunt voor dit beleidskader is dat de nadruk ligt op het ‘versterken van de sociale basis’. Daarmee wordt bedoeld dat activiteiten en initiatieven moeten bijdragen aan het stimuleren van ontmoeting en bijdragen aan het versterken van de verbinding en het netwerk van inwoners.

Het integraal beleidskader is daarmee een paraplu voor onderliggende beleidsregels en programma’s zoals dit subsidiebeleid, de subsidieregelingen en uitvoeringsprogramma’s voor sport en cultuur. Het nieuwe subsidiebeleid dient, met de visie sociaal domein en het integraal beleidskader, als fundament voor de nieuwe of geactualiseerde subsidieregelingen. Het subsidiebeleid en de subsidieregelingen moeten uiterlijk 1 januari 2024 zijn geharmoniseerd (in het kader van de fusie naar de gemeente Dijk en Waard).

1.2 Visie

Dijk en Waard is een inclusieve, gezonde, vitale en kansrijke gemeente. Een gemeente die inwoners de mogelijkheid biedt zich te ontwikkelen en waarbij iedereen de kans heeft naar vermogen mee te doen. Een gemeente waar de inwoners zich bij elkaar betrokken voelen en problemen zo veel mogelijk zelf oplossen. De gemeente heeft daarbij oog voor (kwetsbare) inwoners die ondersteuning of hulp nodig hebben. Dit organiseren we vooral door samen te werken. Inwoners, maatschappelijke partners en gemeente zijn vitaal en actief, helpen elkaar en kennen elkaar. Zo bouwen we samen aan een geluk- kige en mooie samenleving, voor én door de inwoners.

1.3 Sociale basis

In Dijk en Waard zetten we samen met onze inwoners en partners in op een sterke sociale basis. Voor de gemeente Dijk en Waard betekent de sociale basis:

■ Ontmoeting, meedoen, je inzetten voor elkaar en een verhoogd welzijn van bewoners wordt als doel op zich gezien met een intrinsieke waarde.

■ Een sterke sociale basis helpt problemen van inwoners vroegtijdig te signaleren. Deze problemen zijn daarmee gemakkelijker te verhelpen en/ of door te verwijzen.

■ Daarmee kunnen we ook de zorgkosten temperen, omdat we zoveel mogelijk proberen te voorkomen dat dure, professionele hulp nodig is. Maar als die hulp wel nodig is, dan kunnen we dat ook bieden.

De inzet voor de sociale basis heeft als doel dat alle inwoners van Dijk en Waard zo veel als mogelijk voor zichzelf en voor elkaar zorgen en dat zij onderdeel zijn van een sociaal netwerk. Hiervoor is een breed en laag- drempelig aanbod van activiteiten en ondersteuning in de eigen buurt of wijk nodig. Dat aanbod komt tot stand door bijvoorbeeld bewonersinitiatieven, de inzet van vrijwilligersorganisaties en professionele organisaties of is georganiseerd door de gemeente.

In ons subsidiebeleid leggen we de nadruk op ‘ontmoeten’, ‘meedoen’ en ‘je inzetten voor elkaar’. Het ‘voortijdig signaleren van problemen’ en het eventueel ‘temperen van zorgkosten’ vloeien daar soms uit voort. Door de preventieve werking van sport en beweging, door deelname aan culturele en maatschappelijke activiteiten of door het vergroten van het welzijn bij ontmoetingen en meedoen, wordt in meer of mindere mate een duurdere of complexere zorgtraject voorkomen.

Intrinsieke waarde

We beseffen goed dat sportclubs, culturele verenigingen, stichtingen met een maatschappelijk nut en hun bestuurders, leden en vrijwilligers een cruciale rol spelen bij het bouwen aan een inclusieve, gezonde, vitale en kansrijke samenleving. Culturele activiteiten zorgen voor een verhoogd welzijn van onze inwoners en meer kennis en plezier. Ook actief (buiten) zijn en (samen) sporten is gezond, leerzaam en gezellig en zijn belangrijke onderdelen van het maatschappelijk leven. Samenkomen in buurthuizen of bij het organiseren van een buurtfeest geeft een gevoel van verbondenheid met andere mensen, zorgt voor wederzijdse ondersteuning en is ontspannend.

Ook veel van de voor subsidie in aanmerking komende activiteiten dragen van zichzelf al bij aan ontmoeten, meedoen en het vergroten van het welzijn van inwoners. Of het nu gaat om een koffieochtend ter vermindering van eenzaamheid, een voorstelling van een zangkoor, een popwedstrijd, voetballen in clubverband of het samen leren over de geschiedenis van onze gemeente; er is steeds sprake van ontmoeten, meedoen en vaak van de mogelijkheid om talenten en vaardigheden te kunnen inzetten voor de lokale samenleving.

Een extra stapje

Op diverse manieren ondersteunen we sport, cultuur, welzijn, participatie, jeugd en buurthuizen in onze gemeente. Het subsidiëren van activiteiten is één van die manieren waarmee we dit doen. Het subsidiebeleid is een middel waarmee we, naast het faciliteren van het bestaan van een bloeiend vereni- gingsleven, juist ook specifieke doelgroepen kunnen bereiken. Meedoen, ont- moeten en het inzetten van talenten en vaardigheden is namelijk niet voor iedereen even gemakkelijk en vanzelfsprekend. Ons doel met dit subsidiebe- leid is daarom ook het stimuleren en faciliteren van organisaties en inwoners om een extra stapje te zetten om kwetsbare inwoners of groepen voor wie meedoen en ontmoeten minder vanzelfsprekend is of die een extra steuntje in de rug nodig hebben, mee te nemen bij het organiseren van activiteiten. Daarmee versterken we heel specifiek de sociale basis en zorgen we er, samen met organisaties en inwoners, voor dat meedoen en ontmoeten voor iedereen mogelijk is.

Wederkerigheid

Het nieuwe subsidiebeleid is daarmee een herijking van ons bestaande beleid en vraagt dat in sommige gevallen (deels) ook van de subsidie-aanvrager. Meer dan voorheen vragen we de aanvragers namelijk om bewuster te bezien welke concrete bijdrage zij met hun activiteiten aan de versterking van de sociale basis willen en kunnen bieden. Hierbij is van belang dat subsidies worden verstrekt op basis van ‘wederkerigheid’. Tegenover de verstrekking van de subsidie wenst de gemeente een tegenprestatie in de vorm van activiteiten, die bijdragen aan de gemeentelijke beleidsdoelen.

Gezamenlijke en doorlopende ontwikkeling

Het subsidiebeleid vormt een basis voor het goede gesprek dat we de komende jaren met organisaties (verenigingen, stichtingen en clubs) willen voeren. De versterking van de sociale basis is een doorlopende ontwikkeling die we de komende jaren samen met organisaties en inwoners verder vorm en inhoud willen geven. Daarbij spreken we graag met de organisaties en inwoners over de visie, de uitgangspunten van dit beleid en wat dat betekent voor subsidieaanvragers.

6. Welzijn, Participatie en Jeugd

6.1 Welzijn en Participatie

De gemeente is vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) verplicht om mensen die hulp nodig hebben bij het (langer) zelfstandig thuis wonen, te ondersteunen. Die ondersteuning kan plaatsvinden in de vorm van een algemene voorziening of een maatwerkvoorziening. Deze subsidieregeling ondersteunt het aanbod van algemene voorzieningen. Door die ondersteuning kunnen mensen ook gemakkelijker participeren in onze samenleving.

Hieruit volgt dat we, voor wat betreft welzijn en participatie, nadrukkelijk inzetten op het realiseren en het behoud van een sterke sociale basis door middel van:

■ Laagdrempelige en preventieve ondersteuning van kwetsbare inwoners bij hun zelfredzaamheid en van wijken en buurten met relatief veel kwetsbare inwoners in hun samenredzaamheid;

■ Het voorkomen van een toename van zorgvragen en van het gebruik van maatwerkvoorzieningen;

■ Het stimuleren en ondersteunen van vrijwilligers en mantelzorgers.

Om een sterke sociale basis te realiseren en te behouden kunnen we subsidie verlenen voor preventieve laagdrempelige activiteiten voor volwassenen gericht op:

■ Het stimuleren van een leefstijl ten behoeve van mentale en fysieke gezondheid van kwetsbare inwoners;

■ Het versterken van zelfredzaamheid om zelfstandig te kunnen (blijven) wonen of het hierbij bieden van praktische ondersteuning;

■ Het opsporen en bestrijden van eenzaamheid en het bieden van zingeving;

■ Het versterken van de financiële kennis en vaardigheden van de positie van (financieel) kwetsbare inwoners;

■ Het versterken van de gemeenschapszin (samenredzaamheid) van wijken en buurten met relatief veel kwetsbare inwoners;

■ Het werven en trainen van vrijwilligers om deze doelen te realiseren.

6.2 Jeugd

Onze ambitie is dat kinderen en jongeren in Dijk en Waard fysiek, sociaal- emotioneel gezond en veilig kunnen opgroeien en kansrijk kunnen meedoen aan de samenleving. Daarom zetten we subsidie in om hiermee samenhangende activiteiten voor hen te faciliteren en het daadwerkelijke meedoen aan die activiteiten te stimuleren.

Voor jeugd spreken we niet zozeer over de versterking van de sociale basis maar beter over de versterking van de pedagogische basis. De pedagogische basis is het deel van de sociale basis dat bestaat uit alle contacten, sociale relaties en leefomgevingen die specifiek bijdragen aan het positief opgroeien, het opvoeden en ontwikkelen van kinderen (0-12 jaar) en jongeren (13-23 jaar).

De activiteiten die we willen subsidiëren dragen vooral bij aan het versterken van jeugdigen en hun ouders/verzorgers in kwetsbare posities. Een kwetsbare positie van ouders kan bijvoorbeeld ontstaan wanneer zij ondersteuning nodig hebben bij het deelnemen aan de samenleving, te weinig te besteden hebben, een klein of geen netwerk om zich heen hebben, sociale vaardigheden missen, mentaal niet goed weerbaar zijn of de Nederlandse taal niet goed machtig zijn. De kwetsbaarheden van ouders kunnen doorwerken op de kwetsbaarheden van jeugdigen en de manier waarop zij optimaal kunnen participeren aan de samenleving.

We vinden het tevens belangrijk dat de te subsidiëren activiteiten (ook) een preventief karakter hebben. Hieronder verstaan we activiteiten die gericht zijn op het voorkomen van (verergeren van) problemen of kwetsbaarheden. Door het versterken van eigen kracht of samenredzaamheid, voorkomen we dat hulpvragen groter worden. Dergelijke preventieve activiteiten, buiten het onderwijs om, zijn daarom subsidiabel.

Subsidie kan worden verstrekt voor preventieve activiteiten in de pedagogische basis, buiten schooltijd om, die gericht zijn op (kwetsbare) jeugdigen en bijdragen aan de volgende doelen:

a.) Het versterken van de mentale gezondheid

Mentale gezondheid gaat over cognitie (denken), emotie (voelen) en sociaal welzijn. Mentaal gezonde personen voelen zich over het geheel genomen tevreden, zijn in staat om te genieten, denken positief, kunnen omgaan met tegenslagen en zijn tevreden met hun sociale relaties. Een goede mentale gezondheid is onmisbaar voor jeugdigen om gezond te kunnen opgroeien.

b.) Het vergroten van (gelijke) ontplooiings- en ontwikkelingskansen

Jeugdigen hebben recht op gelijke kansen. Daarom stimuleren we activiteiten die zo worden georganiseerd dat ieder kind of jongere gelijke kansen heeft om hieraan deel te nemen, ongeacht achtergrond, afkomst, status etc.

c.) Het stimuleren van ontmoeting en participatie voor de ouders, waarmee het sociaal netwerk om het kind/de jongere heen wordt versterkt

Opvoeden en opgroeien een zaak is van iedereen: ouders, grootouders, familie en andere verzorgers, de leerkracht, vrijwilliger in de school, buurtsportcoach, buren/buurtgenoten en de begeleider in de kinderopvang. Oftewel, alle personen die bijdragen aan een positief en pedagogisch klimaat waarin jeugdigen opgroeien. Er moet voor iedere ouder de mogelijkheid zijn om binnen deze basis tot ontmoeting, ondersteuning en verrijking te komen. Dit draagt bij aan het vergroten van het pedagogisch ondersteuningsnetwerk om jeugdigen heen.

d.) Het bevorderen van maatschappelijke betrokkenheid

Meedoen in de maatschappij is van groot belang. Dit versterkt de eigen kracht en vergroot het netwerk van jeugdigen. En bevordert dat jeugdigen kunnen opgroeien tot zelfredzame volwassenen die naar vermogen kunnen participeren aan de samenleving.

e.) Het bevorderen van persoonlijke (talent)ontwikkeling

Alle jeugdigen hebben recht op optimale ontplooiings- en ontwikkelings- kansen. Hiervoor is een stabiele omgeving nodig, waarin zij spelenderwijs leren en vooral ook zelf ontdekken waar hun talenten liggen.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.