Gemeentelijke regelgeving

Verordening precariobelasting Diemen 2026

Gemeente Diemen · geldt sinds 1 januari 2026

Aanhef

De raad van de gemeente Diemen;

Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 11 november 2025;

Gelet op artikel 228 van de Gemeentewet;

B E S L U I T vast te stellen de:

VERORDENING PRECARIOBELASTING DIEMEN 2026

Artikel 1 - Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

a.dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 00.00 uur;

b.week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen;

c.maand: een tijdvak, dat aanvangt op een datum van een kalendermaand en eindigt op de dag, voorafgaande aan dezelfde datum van de volgende kalendermaand;

d.seizoen: een tijdvak dat aanvangt op 1 april en eindigt op 30 september;

e.jaar: een kalenderjaar;

f.vergunning: een door het gemeentebestuur verleende toestemming op grond waarvan een persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben.

Artikel 2 - Belastbaar feit

Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3 - Belastingplicht

1De precariobelasting wordt geheven van degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.

2In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt, indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, degene aan wie de vergunning is verleend of diens rechtsopvolger aangemerkt als degene bedoeld in het eerste lid, tenzij blijkt dat hij niet belastingplichtig is op grond van het eerste lid.

Artikel 4 - Vrijstellingen

De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben:

a.van voorwerpen, indien de gemeente ter zake van het gebruik van de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond waarop het voorwerp of de voorwerpen zich bevinden, een recht heft op grond van artikel 229, eerste lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, dan wel een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen;

b.van voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende krachtens eigendom, bezit, of beperkt recht is, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde;

c.van voorwerpen of werken ten uitoefening van de publiekrechtelijke taak van de gemeente Diemen:

d.door de Koninklijke Nederlandsche Toeristenbond A.N.W.B. en daarmee gelijk te stellen instellingen van wegwijzers die aanwezig zijn met vergunning van de gemeente;

e.aanvragen door een instelling zonder winstoogmerk van voorwerpen die aanwezig zijn met vergunning van de gemeente en die uitsluitend gebezigd worden voor een liefdadig doel of ter bevordering van wetenschap, kunst of een andere ideële doelstelling;

f.indien de aanvragen worden ingediend door een dienstverlener die uit hoofde van zijn beroep de aanvragen verzorgt, wordt geen vrijstelling verleend;

g.van voorwerpen onder, op of boven openbare gemeentegrond uitsluitend vallende onder onderdeel 1 van de tarieventabel, indien dit niet langer duurt dan 12 achtereenvolgende uren;

h.gedurende een tijd van minder dan een week van voorwerpen, uitsluitend vallende onder onderdeel 2 van de tarieventabel, of onderdeel 8 van de tarieventabel indien de als heffingsmaatstaf in aanmerking te nemen oppervlakte niet meer dan 25 m2 bedraagt;

i.van voorwerpen op daartoe vanwege de gemeente aangewezen plaatsen gedurende de vrijmarkt ter gelegenheid van de viering van de verjaardag van Zijne Majesteit de Koning;

j.van marktkramen op de warenmarkt, die wordt gehouden op een daartoe aangewezen standplaats en waarvoor een belasting wordt betaald op grond van de Verordening Marktgeld;

k.van salonwagens die geparkeerd worden op het parkeerterrein bij de sporthal aan de Prins Bernhardlaan t.b.v. de kermissen.

Artikel 5 – Maatstaf van heffing en belastingtarief

De precariobelasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het overige in deze verordening bepaalde.

Artikel 6 - Berekening van de precariobelasting

1Voor de berekening van de belasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel genoemde tijd-, lengte- of oppervlakte-eenheid een gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt.

2Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de belasting bij rechthoekige voorwerpen berekend naar de oppervlakte van de horizontale projectie van het voorwerp of de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.

3De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op het product van twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp geplaatste denkbeeldige rechthoek.

4Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de belasting aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij het vijfde lid van overeenkomstige toepassing is.

5Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.

6Het bedrag aan precariobelasting dat met toepassing van het maandtarief wordt berekend, wordt niet hoger gesteld dan het bedrag dat voor het belastbare object aan precariobelasting zou zijn berekend met toepassing van het jaartarief.

7Bij het plaatsen van voorwerpen van welke aard ook op openbare grond, wordt de ruimte tussen deze voorwerpen mede geacht te zijn ingenomen of aan het verkeer te zijn onttrokken. Wordt voor het plaatsen van voorwerpen op openbare grond, een terrein met hekwerk of een daarmee vergelijkbaar bouwwerk, afgezet, dan wordt het volledige terrein geacht te zijn ingenomen of aan het verkeer te zijn onttrokken.

Artikel 7 - Belastingtijdvak

1In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor de vergunning is verleend, met dien verstande dat bij een kalenderjaar overschrijdende geldigheidsduur van de vergunning het belastingtijdvak gelijk is aan het kalenderjaar.

2In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het belastingtijdvak de aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan.

Artikel 8 - Wijze van heffing

De precariobelasting wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 9 - Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

1In de gevallen bedoeld in artikel 7, eerste lid, is de precariobelasting verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

2In de gevallen bedoeld in artikel 7, tweede lid, is de precariobelasting verschuldigd bij het einde van het belastingtijdvak.

3Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt is de naar jaartarieven geheven precariobelasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde belasting als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

4Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat voor de naar jaartarieven geheven precariobelasting aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde precariobelasting als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,00.

5Belastingbedragen van minder dan € 10,00 worden niet geheven. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van de op een aanslagbiljet vermelde bedragen als het belastingbedrag aangemerkt.

Artikel 10 - Termijnen van betaling

1De aanslag moet worden betaald binnen twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.

2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.

3In afwijking van het eerste lid geldt, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan minder is dan € 10.000,00, en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. Automatische incasso wordt slechts verleend aan natuurlijke personen.

Artikel 11 - Kwijtschelding

Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 12 - Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de precariobelasting.

Artikel 13 - Overgangsbepaling, inwerkingtreding en citeertitel

1De Verordening precariobelasting Diemen 2025 vervalt met ingang waarop deze verordening in werking is getreden, met dien verstande dat zij van toepassing blijft:

a.op belastbare feiten die in het geldende tijdvak van de Verordening precariobelasting Diemen 2025 hebben plaatsgevonden of

b.zolang deze verordening geen rechtskracht heeft gekregen.

2Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van bekendmaking.

3De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

4Deze verordening wordt aangehaald als `Verordening precariobelasting Diemen 2026'.

BIJLAGE 1 TARIEVENTABEL BEHORENDE BIJ DE VERORDENING PRECARIOBELASTING DIEMEN 2026

Tarieven

Maatstaven

1Algemeen

1.1

Voorwerpen voor zover niet vallende onder een van de hierna vermelde tarieven:

per week

€ 1,95

per m²

per maand

€ 6,67

per m²

per jaar

€ 59,52

per m²

2Palen, masten, enz.

2.1

Paal, mast, stut, schoor of een daarmee gelijk te stellen voorwerp buiten verband van een steiger

per week

€ 1,95

per voorwerp

per maand

€ 6,67

per voorwerp

per jaar

€ 59,52

per voorwerp

3Benzine- en oliepompinstallaties, enz.

3.1

Installatie voor de levering van benzine of andere motorbrandstoffen, olie, lucht of water, met de daarbij behorende geleidingen:

per jaar

€ 249,14

per pomp

3.2.

per tank of andere bergruimte per vierkante meter van de grootste horizontale doorsnede: per jaar

per jaar

€ 25,21

per m²

4Verkoopautomaten

4.1

Verkoopautomaten

per jaar

€ 33,28

per stuk

5Terras voor café, restaurant en dergelijke

5.1

Voor het gebruik of het genot van grond als terras voor cafès, restaurants, lunchrooms en dergelijke inrichtingen. Het terras bestaat uit het geheel van stoelen, tafels, parasols, windschermen en dergelijke:

per week

€ 1,95

per m²

per maand

€ 6,78

per m²

per seizoen

€ 31,12

per m²

per jaar

€ 62,34

per m²

voor 4 jaar

€ 249,36

per m²

Tarieven

Maatstaven

6Kramen, verkoopwagens en dergelijke

6.1

Kramen, manden, wagens, kisten of andere voorwerpen tot verkoop van waren en/of het verrichten van diensten, per kraam, wagen of ander voorwerp:

per dag

€ 6,99

per 10 m²

per week

€ 35,02

per 10 m²

per maand

€ 122,78

per 10 m²

6.2

voor één dag per week in een kalenderjaar

€ 360,16

per 10 m²

6.3

voor twee of drie dagen per week in een kalenderjaar

€ 540,18

per 10 m²

6.4

voor vier of meer dagen per week in een kalenderjaar

€ 911,34

per 10 m²

7Bouwen en opslag materialen

7.1

Bouwmaterialen, zoals een loods, een keet, een container, een steiger of een stelling, een heikar of een heistelling, een kraan, een betonmolen, een asfaltketel, trechter, of enig ander werktuig ten dienste van bouwwerken, grondopslag of opslag van materiaal, alsmede directieketen, directiewagens, schaftwagens, werk- en bergloodsen, en dergelijke:

per week

€ 1,95

per m²

per maand

€ 6,67

per m²

per jaar

€ 59,52

per m²

8Reclame

8.1

Tot reclame dienende lichtbakken, lantaarns, uithangborden, uithangtekens, uitstalkasten, gevelborden, gevelplaten en andere voor reclamedoeleinden gebruikte voorwerpen:

per maand

€ 18,32

per m²

per jaar

€ 165,01

per m²

9Kermissen en andere evenementen

9.1

Kermis Diemen Centrum en andere evenementen, niet zijnde braderieën of markten:

per week

€ 1,95

per m²

per maand

€ 6,67

per m²

9.2

Buurtkermis Diemen Noord en Zuid:

per week

€ 1,14

per m²

per maand

€ 3,36

per m²

BIJLAGE 2: VERORDENING PRECARIOBELASTING DIEMEN 2026 IN EENVOUDIGE TAAL

De verordening in eenvoudige taal heeft als doel wetteksten begrijpelijker te maken. Deze tekst vervangt de wettelijke tekst niet.

Artikel 1: Begrippen

a.Vergunning: toestemming van de gemeente om voorwerpen op gemeentegrond te plaatsen.

b.Woonwagen: Een woning die verplaatsbaar is.

c.Volume: de inhoud in kubieke meters.

d.Verkoopstandplaats: een plek voor verkoop van goederen of diensten.

e.Vaste verkoopstandplaats: Een door de gemeente vaste voor verkoop.

f.Tijdelijke verkoopstandplaats: Een door de gemeente tijdelijk aangewezen plek voor verkoop.

g.Bijzondere verkoopstandplaats: Een andere plek voor verkoop.

Artikel 2: Wat is precariobelasting

Precariobelasting betaalt u voor het gebruik of plaatsen van voorwerpen op, onder of boven de gemeentegrond.

Artikel 3: Wie moet betalen

De persoon die gebruik maakt van gemeentegrond of voorwerpen op gemeentegrond plaatst.

Artikel 4: Vrijstellingen

De belasting hoeft u niet te betalen als :

a.de gemeente eigenaar is.

b.Het voorwerp wordt gebruikt voor gemeentelijke taken.

c.een andere vergoeding of gemeentelijke belasting is betaald

d.wegbewijzering van de ANWB en soortgelijke instellingen

e.voor goede doelen en wetenschappelijk onderzoek

f.salonwagens voor de kermis op het parkeerterrein bij de sporthallen aan de Prins Bernhardlaan

Artikel 5: Hoeveel belasting moet u betalen

De belasting wordt berekend volgens de tarieven in de tarieventabel.

Artikel 6: Berekening van de belasting

1Bij de berekening van de belasting wordt een deel van een tijd-, lengte- of oppervlakte-eenheid als een volle eenheid beschouwd.

2Bij de berekening van de oppervlakte wordt uitgegaan van de voorkant van het voorwerp.

3Als het voorwerp niet een rechthoek is dan wordt de oppervlakte berekend als een rechthoek om het voorwerp.

4De belasting wordt berekend op basis van de tijd dat de vergunning geldig is. Is het voorwerp korter aanwezig dan kan je belastinggeld terugvragen.

5Bij de berekening van de belasting wordt uitgegaan van het voordeligste tarief.

6Bij het plaatsen van meerdere voorwerpen wordt de ruimte tussen de voorwerpen ook als ingenomen beschouwd. Bijvoorbeeld bij een: terras

Artikel 7: Over welke periode betaal je

1de periode waarvoor de vergunning is verleend.

2Voor andere gevallen de periode waarin het voorwerp is geplaatst.

Artikel 8: Hoe kunt u betalen

1De belasting wordt via een aanslag betaald.

2Voor een dag verschuldigde belasting kan mondeling of schriftelijk worden meegedeeld.

Artikel 9: Regels over de belastingschuld

1De belastingschuld ontstaat wanneer het voorwerp is geplaatst.

2De belastingschuld eindigt als het voorwerp is verwijderd.

3Het bedrag van vermindering wordt berekend naar het aantal volle maanden dat overblijft in het jaar.

4Een belastingbedrag lager dan € 10 hoef je niet te betalen

Artikel 10 Betalingstermijnen

De belasting moet in twee gelijke delen worden betaald, behalve als u automatisch betaalt. Dan mag u in 9 keer betalen.

Artikel 11 Geen kwijtschelding

Er wordt geen kwijtschelding verleend voor de precariobelasting.

Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan extra regels stellen over de belasting.

Artikel 13 Wanneer gaan deze regels in

Deze verordening vervangt de verordening van 2025 en gaat in op 1 januari 2026.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.