Aanhef
Deel 1: Visie en routekaart voor de openbare ruimte van Diemen
3. De definitie van het begrip kwaliteit van de openbare ruimte
3.1 Wat is kwaliteit van de openbare ruimte?
Kwaliteit in de openbare ruimte ontstaat als de verschillende ingrediënten die een plek moeten krijgen in de openbare ruimte in een juiste verhouding tot elkaar staan. Bij kwaliteit valt te denken aan een aantrekkelijke openbare ruimte, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en aangenaam in kunnen verblijven, maar die ook veilig en goed te onderhouden is en zo is ingericht dat ze goed gebruik op natuurlijke wijze stimuleert. Hierbij wordt actieve betrokkenheid en participatie van burgers en ondernemers bij hun woon- en werkomgeving zoveel mogelijk ondersteund.
In bovenstaande beschrijving zijn zes thema’s vervat, die hieronder nader zijn gespecificeerd in vijftien subcriteria.
Kader 1: Criteria voor een aantrekkelijke openbare ruimte
Het gaat dus duidelijk om meer dan alleen goed beheer, hoewel een schone en hele openbare ruimte, wel mede de kwaliteit bepaalt.
Een belangrijke component is de ‘sociale kwaliteit’ van de openbare ruimte de sociale kwaliteit staat voor levendigheid, gezelligheid, mogelijkheden om te spelen, te sporten of rustig op een bankje of op een terras te zitten. Maar ook de mate waarin burgers en ondernemers zich betrokken voelen en tonen bij hun woon- en werkomgeving hoort onder dit kopje thuis evenals de mogelijkheden voor activiteiten en evenementen .
Juist het gebruik en het stimuleren elkaar te ontmoeten verdient meer aandacht dan voorheen. Indirect draagt daar ook de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte aan bij. Als de ene plek zich in identiteit van de andere onderscheidt, het materiaalgebruik er goed gekozen is en er bijvoorbeeld aantrekkelijk groen of water in de openbare ruimte is, dan heeft dat aantrekkingskracht op mensen.
Thema’s die al wat langer in de belangstelling staan in de openbare ruimte zijn het verkeer en de veiligheid. Bij veiligheid gaat het dan met name om het gevoel van veiligheid, en of men zich ergens op z’n gemak voelt; bij verkeer om bijvoorbeeld de toegankelijkheid van de openbare ruimte voor mensen met een beperking. Ook hierin schemert telkens een ‘sociale’ component door.
Voor het laatste onderdeel, natuur en ecologie, geldt dat niet: hier gaat het om de mogelijkheden de natuurlijke ontwikkeling van een gebied te stimuleren. Soms heeft dat prioriteit, zoals in het buitengebied, soms is het zoeken binnen de mogelijkheden, zoals bijvoorbeeld het creëren van stepping stones (wat zijn dat?) in een woongebied, zonder dat natuurlijke waarden een heel woongebied domineren.
De zes onderdelen die de kwaliteit van de openbare ruimte beïnvloeden zijn allemaal terug te leiden tot het collegeprogramma en diverse beleidsdocumenten binnen de gemeente, bijvoorbeeld het groenplan of het Wmo beleidsplan.
3.2. Kwaliteitswaaiers
Niet alle thema’s zijn op elke plek in de openbare ruimte even belangrijk. Zo is het thema ‘sociaal’, waarbinnen bijvoorbeeld spelen valt, wel belangrijk in een woonwijk, maar niet op een hoofdroute. Daar zal eerder veel gewicht aan ‘verkeer’ worden toegekend. Het gaat dus telkens om de afweging tussen al deze thema’s onderling, die overal verschillend uit zal pakken. Kwaliteit ontstaat als de juiste ‘mix’ is gevonden die past bij die plek. Een winkelcentrum zal meer evenementen hebben, het buitengebied meer natuur en ecologie. Voor de gemeente als geheel geldt ook dat kwaliteit ontstaat als er voldoende samenhang tussen alle onderdelen is, zodat het totaalbeeld niet rommelig is.
De verschillende gradaties van kwaliteit zijn inzichtelijk te maken door ze meetbaar te maken in niveaus. Bij het beheer van de openbare ruimte wordt al enige tijd gewerkt met het begrip beeldkwaliteit waarbij in foto’s de te realiseren kwaliteit buiten op straat wordt uitgebeeld. Daarbij wordt met een systematiek waarbij A of A+ het hoogste en C het laagste niveau is, aangegeven wat de ambitie is voor verschillende plekken in de openbare ruimte. Het kader hieronder geeft een voorbeeld.
Kader 1: voorbeeld van een beeldmaatlat (zwerfvuil)
De twee foto’s geven weer hoeveel zwerfvuil aanvaardbaar is wanneer er een hoge ambitie is (A) en wanneer de ambitie laag is (D). Op niveau A mag zwerfvuil niet aanwezig zijn, bij niveau D ligt zichtbaar vuil.
Dergelijke maatlatten kunnen uitgebreid worden met allerlei ambities daar tussenin en worden toegepast op allerhande onderhoudsthema’s, bijvoorbeeld m.b.t. bekladding, de staat van het straatmeubilair en het onderhoud aan het groen. Het voordeel van het werken met beeldkwaliteit is dat dergelijke foto’s voor iedereen duidelijk zijn en dat de inspanning wordt afgestemd op het beeld, in plaats van dat onderhoudsfrequenties leidend zijn
Een dergelijke systematiek op beeldkwaliteit is ook voor Diemen vastgesteld. Hiervoor hebben we zgn. waaiers ontwikkeld: Daarbij is enerzijds in lijn gewerkt met de gangbare methode, door maatlatten te ontwikkelen die de te realiseren onderhoudskwaliteit inzichtelijk maken. De integrale kijk op de openbare ruimte is vertaald in de ‘blauwe waaier’ (figuur 2a) waarin de maatlatten voor de gebruiks-, inrichtings- en onderhoudskwaliteit zijn beschreven aan de hand van zes hoofd- en vijftien subcriteria. Het begrip onderhoudskwaliteit is in de ‘groene waaier’ (figuur 2b) verder uitgewerkt in veertien afzonderlijke maatlatten. De complete waaiers zijn als bijlage 1 opgenomen.
Figuur 2a: De Blauwe waaier; gebruik, inrichting en onderhoud
Figuur 2b: De Groene waaier; onderhoud (in meer detail)
Met de kwaliteiten is zo voor heel Diemen te spelen en variëren.. Op sommige plekken moet de openbare ruimte geschikt zijn voor een ommetje of het uitlaten van de hond, op andere plekken moeten meer uiteenlopende mogelijkheden zijn, zoals bijvoorbeeld zwemmen en vissen. Zulke plekken trekken mensen uit de wijdere omgeving.
Of een ander voorbeeld: op bepaalde plekken wordt absoluut voorrang gegeven aan aantrekkelijk groen en water. Op andere plekken wordt hier niet speciaal op ingezet omdat een andere kwaliteit,
,bijvoorbeeld een veilige verkeerssituatie, belangrijker is.
Op het vaststellen van de kwaliteit gaan we in de volgende hoofdstukken nader in.
7. Benodigde ‘gereedschap’ voor de realisatie van het plan
7.1 Benodigde financiële middelen en voorstel voor bekostiging
De beschreven visie op de openbare ruimte van Diemen is ambitieus te noemen. De kwaliteit van de openbare ruimte dient op een hoog niveau te worden onderhouden. Ook zijn financiële middelen nodig voor het opwaarderen van diverse routes en het vormgeven van een aantal echte ‘parels’ in de stad. Verder is er de ambitie om de openbare ruimte aantrekkelijker en meer onderscheidend in te richten. Er zijn duidelijke keuzes gemaakt wat dit betreft. Niet overal in Diemen is het zelfde kwaliteitsniveau haalbaar. Een doelmatig besteding van beschikbare middelen vraagt om het differentiëren van de kwaliteit in de diverse delen van de gemeente . En verder is duidelijk dat de ‘knelpunten’ gelukkig ook niet overal in Diemen even groot zijn. Soms kan worden volstaan met het voortzetten van de reguliere aanpak, soms volstaat en impuls maar soms ook is reconstructie nodig. zijn. Ambitie is nodig maar geduld evenzeer. Een visie maak je voor een groot aantal jaren. Dit kan bijvoorbeeld gelden om het vervangen van meubilair of het aanpassen van de inrichting. Het plaatselijk terugdringen van het zwerfvuil daarentegen kan vaak op kortere termijn worden gerealiseerd.
Bevindingen
Met de huidige budgetten blijkt de gemeente een alleszins acceptabel tot goed onderhoudsniveau te kunnen realiseren. Dat wil niet zeggen dat er geen aandachtspunten zijn, maar over de gehele linie zijn de beheerbudgetten toereikend om de ambities op het gebied van onderhoud alsnog te halen
8Hiertoe is de begroting van Diemen op het vlak van onderhoud geanalyseerd en zijn kostenkengetallen afgeleid. Op basis van een vergelijking met landelijk geldende normen kan de stelling worden onderbouwd.
.
Winst is vooral te halen door meer structurele keuzes te maken. Voorheen werd vooral gestuurd op één uniforme kwaliteit van onderhoud en met name op de kwaliteit in de woonwijken. Nu wordt er nadrukkelijker gekeken hoe de middelen kunnen worden ingezet om Diemen meer ‘kleur’ en reliëf te geven. Meer aandacht voor specifieke routes en parels, meer aandacht voor verschil in inrichting, meer levendigheid en sociale kwaliteit.
Bij de besteding van middelen zal meer per wijk / gebied worden gevarieerd om zo op plekken onderscheidende openbare ruimte te realiseren. Er zal scherper worden gekozen waarin wel geïnvesteerd wordt en waar het een tandje minder kan. Wanneer dan daarbij tegelijk een bredere scope wordt toegepast, namelijk het sturen op inrichtings- en gebruikskwaliteit, naast de onderhoudskwaliteit, kan tot een beter resultaat gekomen worden (tegen zo goed als dezelfde kosten). Dat vergt wel dat ook wat betreft gebruik- en inrichtingskwaliteit kostenafwegingen gemaakt moeten kunnen worden. Er ligt de opgave om deze kosten inzichtelijk te maken op basis van kostenkengetallen. Daarnaast vergt het scherpe keuzes in waar meer en waar minder geïnvesteerd moet worden om overall het beste rendement te halen. Ook zal de focus van wijkbeheer op bepaalde onderdelen wat moeten worden aangepast om bepaalde achterstanden in het onderhoud van met name het groen weg te werken.
De financiële consequenties van de nieuwe visie worden kort opgesomd:
•De ambities voor onderhoudskwaliteit liggen vrij hoog in Diemen. Deze worden in het overgrote deel van de gemeente gehaald. Uitzonderingen zijn beplanting, bomen, wateroevers en straatmeubilair.
•De in 2011 beschikbare budgetten voor onderhoud zijn over het algemeen gesproken toereikend voor het realiseren van het gewenste kwaliteitsniveau.
•Voor wateroevers wordt momenteel beleid voorbereid. Hierbij bestaat het inzicht dat het budget toereikend is om de ambities te halen.
•Het straatmeubilair is in diverse delen van de gemeente verouderd en aan vervanging toe. Dit zal de komende jaren binnen de bestaande budgetten voor reconstructie en ophoging aangevuld met subsidies worden verholpen.
•De pleksgewijze en incidentele afwijkingen op het vlak van zwerfafval en hondenpoep kunnen binnen de bestaande budgetten voor wijkbeheer worden opgelost. Dit geldt ook voor de plaatselijke achterstanden in het onderhoud van bomen en beplanting.
•Meer in het algemeen worden de buurten die slecht scoren op onderhoud, met name de verharding, de komende jaren opgeknapt via het reconstructieprogramma.
•De ambities voor wat het aantrekkelijker, veiliger en socialer maken van de openbare ruimte kunnen worden betaald vanuit voorziening reconstructies en subsidies zoals het ISV budget. Hiernaast is gerichte en gecoördineerde inzet van Welzijn, de wijkcoördinatoren en de buurtregisseurs wenselijk om de sociale kwaliteit, betrokkenheid en veiligheid op het gewenste niveau te brengen.
•De voorzieningen aangaande het meerjarenprogramma reconstructies openbare ruimte 2011- 2015 hebben aan het einde van de planperiode een positief saldo. Aangevuld met de 6 ton subsidie vanuit het ISV is dit voldoende vergeleken met de budgetten (circa €1 miljoen) die in de planperiode nodig zijn voor het ontwikkelen van de parels en het op plussen van diverse locaties en het stimuleren van burgerparticipatie.
•Indien na 2015 blijkt dat er minder budgetten of subsidies beschikbaar zijn, kunnen met behulp van de ontwikkelde werkwijze van ambties bepalen, meten, en prioriteren, snel en transparant een nieuw programma worden opgesteld
9Met dit doel is een rekenmodel voor onderhoudskosten gemaakt. Op basis van kostenkengetallen kunnen diverse scenario’s van ‘gedifferentieerd beheer’ worden doorgerekend.
. Faseren van de uitvoering of het bijstellen ambities behoren tot de mogelijke oplossingen. De visie blijft ook in deze gevallen het baken aan de hand waarvan deze keuzes worden voorgelegd aan het bestuur.
Hiernaast is het denkbaar om in bepaalde opzichten het verzorgend onderhoud te reduceren. Anders gezegd; er kan worden gekozen om in bepaalde delen van Diemen of voor de hele gemeente een lager kwaliteitsniveau voor verzorgend onderhoud van bijvoorbeeld het groen na te streven. Met het bijstellen van de ambities voor verzorgend onderhoud kan geld worden vrijgemaakt om andere ambities waar te maken. Het gaat hierbij om een bedrag van circa € 200.000. Vooralsnog is deze bijstelling echter niet nodig om het programma te realiseren.
Hierbij moet een kanttekening worden gemaakt. Bekend is dat grote delen van de openbare ruimte niet in beheer zijn door Diemen. Het gaat dan over de snelwegen, knooppunt Watergraafsmeer en de metroremise, maar ook om de Gemeenschapspolder en het Diemerbos. Van de 1130 hectare openbare ruimte binnen de grenzen van de gemeente is zo slechts 45% daadwerkelijk in beheer van de gemeente Diemen. In het kwaliteitplan zijn de kosten om de andere delen van de openbare ruimte op niveau te brengen niet in beeld gebracht. Om de kwaliteitsambities voor o.a. de Gemeenschapspolder te realiseren is overleg met Staatsbosbeheer noodzakelijk.
Foto 4: Differentiëren in kwaliteit: aandacht voor natuurlijk groen in het Bergwijkpark
7.2 Van visie naar uitvoering; het handboek en het programmaboek
De visie openbare ruimte geeft aan waar de gemeente Diemen voor gáát bij de aanpak van de openbare ruimte. Het beschrijft de hoofdlijnen van beleid maar geeft ook ‘ambitieprofielen’ voor de verschillende delen van de gemeente. Om deze kwaliteit ook daadwerkelijk op straat zichtbaar te maken is het enerzijds noodzakelijk dat de ambities verder worden geconcretiseerd. Hiervoor wordt een handboek openbare ruimte opgesteld. Anderzijds vraagt een integrale visie om een vertaling naar een aanpak en nog specifieker om een overzicht van projecten, activiteiten e.d. die gemeente en derden uitvoeren in de openbare ruimte. Afstemming is noodzakelijk. Met dit doel wordt een programmaboek opgesteld.
Handboek openbare ruimte
Op verschillende punten is het rommelige karakter van de Diemense openbare ruimte genoemd, de behoefte aan meer identiteit en de ambities die er zijn om de openbare ruimte meer podium voor het gebruik te zien. Dat vraagt om concrete keuzes voor bepaalde materialen en inrichtingsprincipes, maar ook bijvoorbeeld om het specifieker aangeven waar de gemeente terrassen wil stimuleren en waar evenementen kunnen worden georganiseerd Ook hiervoor is een Handboek een geëigend instrument .
Het nog samen te stellen handboek voor de openbare ruimte zou een aantal onderdelen moeten bevatten.
In het eerste deel is ruimte voor een stedenbouwkundige analyse en staan inrichtingsprincipes. Er wordt in woord en beeld beschreven welke hoofdinrichting voor Diemen geldt, welke standaardmaterialen worden gebruikt en voor welke gebiedstypes die in elk geval toegepast worden. Zo is het handboek een instrument om verrommeling op straat in te perken. Door te kiezen voor bijvoorbeeld 1 type afvalbak wordt een wildgroei aan allerlei kleuren en soorten tegengegaan. Dat wil niet zeggen dat er geen ruimte meer is voor variatie: in de parels kan bijvoorbeeld voor een luxere soort afvalbak gekozen worden. Ook is het een mogelijkheid om voor de verschillende wijken een weliswaar uniforme bak te nemen, maar daarbij per wijk wel een andere kleur te kiezen. Het gaat er dus niet om een eenheidsworst te maken, maar wel heel duidelijk te kiezen voor bepaalde materialen op bepaalde plekken, om zo de identiteit van de openbare ruimte te verduidelijken.
Een en ander is telkens een uitwerking van de in de visie gekozen ambitieprofielen. Als bijvoorbeeld wordt gesproken over ‘aantrekkelijk materiaalgebruik’ niveau A, over welk soort meubilair en bestratingsmateriaal hebben we het dan ?
Ten tweede bevat het handboek uitgangspunten voor de onderhoudsstrategie, zoals met welke maatregelpakketten wordt gewerkt, welke wijze van onkruidbestrijding geëigend is en welke principes voor gladheidsbestrijding gelden. Strooien alleen op hoofdwegen, of ook op fietspaden? Chemische onkruidbestrijding of de heetwatermethode? Hondenpoep alleen op veldjes opruimen of ook op andere plekken?
Ten derde zou het handboek uitgangspunten voor gebruik moeten bevatten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het betrekken van burgers bij hun eigen woonomgeving. Het handboek zou een richtlijn moeten bevatten wanneer meedenken aan de orde is en wanneer meedoen gewenst is. Het geeft richtlijnen en houvast voor vragen als: Op welk punt in een project betrekken we burgers bij het plan? Wat is dan hun rol; hebben ze veel ruimte om mee te beslissen of gaat het er vooral om betrokkenen te informeren? En wat is het aandeel van burgers in het latere beheer?
Het handboek zal ook handvatten bieden voor het beleid voor evenementen, markten maar ook bijvoorbeeld voor het al dan niet verlenen van terrasvergunningen.
Ten vierde biedt het handboek een draaiboek voor het werk in de openbare ruimte. Het verschaft inzicht in de verschillende (plan)processen, en wie op welk moment verantwoordelijk is voor (het beheer van) de openbare ruimte. Nadrukkelijk moeten daarbij ook externe adviseurs, zoals de politie en brandweer een rol krijgen. Ook bevat het afspraken om de samenhang van alle keuzes voor de openbare ruimte (per project, maar ook voor de hele gemeente) te waarborgen. Hoe voorkom je bijvoorbeeld dat op een plein die als parel geldt, en waar elkaar ontmoeten belangrijk is, terrassen worden ingeperkt?
Het handboek biedt ook handvatten voor het maken van keuzes tussen diverse belangen. Op basis van de ambitieprofielen zullen de ontwerprichtlijnen voor een plek beter en transparanter worden bepaald. Zo zullen uitstraling, identiteit en samenhang, kosten, onderhoud, gebruik en duurzaamheid op een integrale manier tegen elkaar afgewogen waardoor gefundeerde keuzes gemaakt kunnen worden.
Het samenstellen van het draaiboek gaat hand in hand met het op punten wijzigen van de organisatie met het oog op het versterken van het integraal werken.
Programmaboek openbare ruimte
Het programmaboek geeft een overzicht van projecten, activiteiten e.d die gemeente en derden uitvoeren en de komende jaren zullen uitvoeren in de openbare ruimte.
Hieraan ligt een kwaliteitsanalyse ten grondslag waarbij nauwkeurig in beeld wordt gebracht waar de openbare ruimte voldoet aan de ambitie en waar nog op moet worden ingezet om die te bereiken. Een eerste kwaliteitsmeting is al bij het opstellen van deze visie verricht.
Het programma is integraal van aard. Naast de reconstructieprojecten zullen bijvoorbeeld ook projecten op het vlak van verkeer, het plaatsen van ondergrondse afvalcontainers of het aanleggen van natuurvriendelijke oevers er in voorkomen. Ook acties op het vlak van welzijn en handhaving en acties ontstaan vanuit burgerparticipatie krijgen een plek in het programmaboek. De afstemming van werkzaamheden wordt hierdoor makkelijker.
Het programmaboek biedt een integraal programma voor een periode van 5 jaar, waarin enerzijds op het niveau van de gemeente als geheel een programma wordt vastgelegd, maar waarbij ook een uitwerking per buurt mogelijk is. Te denken valt bijvoorbeeld aan een uitbreiding van de huidige WijkUitvoeringsPlannen (WUPs) naar een Plusvariant. Voor alle buurten, winkelcentra, stations, kantoorgebieden, routes, parels en dergelijke worden zogenaamde ‘buurtbladen’ gemaakt. Hierin wordt aangegeven wat de kwaliteit van dat stukje Diemen is vergeleken met de wensen, maar ook welke maatregelen zullen worden genomen om de kwaliteit te waarborgen of te verbeteren.
Kader 2: (sectorale) plannen, t.a.v de openbare ruimte samengevat in programmaboek
•Structuurvisie
•Programma Groot Onderhoud
•Gemeentelijk Rioleringsplan
•Beheer- en onderhoudsplan civieltechnische kunstwerken
•Natuurbeleidsplan
•Groenplan
•Investeringsfonds Stedelijke Vernieuwing
•Speelruimteplan
•Meerjarenbeleidsplan WMO
•Handhavingsbeleid
•Beleidsplan integrale veiligheid
•Waterplan
•Verkeerscirculatieplan
•Actieplan verkeerslawaai
7.3 Organisatie beter toerusten op integraal werken
Om de visie voortvarend uit te kunnen voeren, is het wenselijk om de gemeentelijke werkwijze op enkele onderdelen aan te passen. Kernbegrippen zijn hierbij integraler, planmatiger, transparanter en meer in samenwerking met de burger van Diemen. De visie zelf is al een eerste stap in de goede richting. Het opstellen van een handboek en programmaboek een goede vervolgstap. Maar ook is het wenselijk dat taken en verantwoordelijkheden binnen de gemeentelijke organisatie nog eens kritisch tegen het licht worden gehouden.
Er zijn verschillende opgaven die vragen om meer regie binnen de organisatie.
Denk bijvoorbeeld aan het bewaken van in het handboek vast te leggen stijl van inrichting , het bewaken van de afstemming van werkzaamheden op straat en het monitoren van de uitvoering van het programma. Maar ook versterken van de aandacht voor sociale- en beheeraspecten bij het ontwerp van nieuwe openbare ruimte is een punt van aandacht.
Doel is om eerder kansen te zien en samen op te pakken en in voorkomende gevallen vanuit diverse invalshoeken te bepalen welke aanpak het meest geschikt is voor een probleem. Denk bijvoorbeeld aan de aanpak van de Muiderstraatweg. Door ambities vanuit stedenbouw, onderhoud en recreatie en horecabeleid te combineren kan veel worden bereikt.
Binnen de gemeentelijke organisatie zijn diverse disciplines betrokken bij de openbare ruimte. Ruimtelijke Ontwikkeling, Ruimtelijk Beheer en Samenleving kunnen een centrale rol spelen bij het waarmaken van de ambities. Deze liggen immers niet alleen op het vlak van het beheer, maar gaan ook om het versterken van routes en het bepalen van de gewenste inrichting. Ook het stimuleren van burgerparticipatie en het versterken van sociale veiligheid maken onderdeel uit van het beleid.
Evident is dat samenwerking enk afstemming noodzakelijk zijn. Het is wenselijk om de krachten en financiële mogelijkheden te bundelen.
Voorgesteld wordt daarom om de afstemming duurzaam te organiseren. Dit kan ondermeer door één coördinator c.q regisseur te benoemen en een multidisciplinaire commissie / regiegroep samen te stellen.
Regisseur en regiegroep zullen zich buigen over:
•het afstemmen van beleidsvoornemens;
•het afstemmen van werkprogramma’s mede ten behoeve van het programmaboek openbare ruimte;
•het bespreken van concrete projecten in de openbare ruimte;
•het afstemmen van diverse contacten en overleggen met burgers en ondernemers over de openbare ruimte.
Doel is om te waarborgen dat er geen invalshoeken ondergesneeuwd raken en dat er zo doelmatig mogelijk wordt gewerkt. Dit betekent dat kansen voor synergie tijdig worden gesignaleerd en worden benut.
Gezien de breedte van het werkpakket van de manager Ruimtelijk Beheer en zijn centrale rol in de ‘keten’ openbare ruimte en in de begeleiding van de wijkcoördinatoren, is hij de aangewezen persoonvoor de functie van regisseur.
Bij het duurzaam inbedden van de kwaliteitsvisie in de organisatie kan gebruik worden gemaakt van hulpmiddelen (kwaliteitswaaiers e.d. ). Deze zijn bruikbaar op lange termijn. Helemaal vanzelf gaat dat echter niet. Om over bijvoorbeeld vijf jaar opnieuw een kwaliteitsmeting in de openbare ruimte uit te voeren is inbedding in de organisatie nodig. Ook een handboek is een dynamisch instrument dat jaarlijks of tweejaarlijks moet worden aangepast, al is het alleen al omdat bepaalde materialen niet meer leverbaar zijn , de ervaringen uitwijzen dat opties toegevoegd moeten worden, enzovoort. Het is verstandig om daar in dit stadium al op voor te sorteren.
7.4 Samenwerken met burgers en ondernemers aan een kwalitatieve openbare ruimte
Meer samenwerken met burgers is één van de uitgangspunten van de gemeente. De gemeente is er voor de burgers, maar steeds meer wordt ook van burgers gevraagd om een actieve bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de eigen leefomgeving. Dit geldt in sterke mate voor de openbare ruimte.
Een aantal jaren geleden is de stap gemaakt naar wijkgericht werken. De achterliggende gedachte daarbij is dat wijkgericht werken het mogelijk maakt om beter in te spelen op de ‘couleur locale’ van een wijk, de verbinding met de sociale sector makkelijker maakt en het contact met burgers laagdrempeliger inricht.
Wijkcoördinatoren fungeren als verbindingsschakel en motor van samenwerking tussen burgers en de gemeentelijke organisatie.
Foto 5: samenwerken met burgers aan de openbare ruimte, moestuinproject
.
De komende periode wordt het samenwerken met burgers verder geprofessionaliseerd
10Hierbij wordt aangesloten bij de voorgenomen evaluatie van het “wijkgericht werken” in Diemen. Daarbij wordt aangegeven welke ambities en ‘regels’ er zijn. Welke invulling participatie kan krijgen is ook afhankelijk van de plek / functie van de openbare ruimte voor de gemeente. Telkens moet worden afgewogen hoe het initiatief zich verhoudt tot de ambities die in het kwaliteitsplan openbare ruimte zijn beschreven.
en gestimuleerd. In veel wijken blijft de participatiegraad nog achter bij de verwachtingen. Hierbij kan worden gedacht aan. het samenstellen van een inspiratiecatalogus met mogelijkheden en randvoorwaarden voor burgerparticipatie. Daarbij wordt aangesloten bij bestaande succesvolle voorbeelden uit Diemen
11Deze zijn inmiddels via een aantal ‘leaflets’ / informatiebladen beschreven en zijn o.a. beschikbaar via de website van de gemeente.
.
BIJLAGE 1: kwaliteitswaaiers ‘Onderhoud’en ‘Gebruik, inrichting en beheer’
‘Kwaliteit openbare ruimte’ Diemen
Welke kwaliteit mag een bewoner, ondernemer of bezoeker van Diemen verwachten van de openbare ruimte van Diemen? Om deze discussie duidelijk te kunnen voeren heeft Diemen twee kwaliteitswaaiers gemaakt. Eén voor het onderhoud en één voor het gebruik en de inrichting van de openbare ruimte. De kwaliteitswaaiers bevatten criteria en kwaliteitsomschrijvingen voor 30 onderdelen binnen de openbare ruimte. We gebruiken de waaiers om te bepalen wat de kwaliteit nu is, maar ook om vast te stellen welke kwaliteit we gewenst vinden.
De onderdelen van deze kwaliteitswaaier Gebruik en Inrichting beschrijft hoe bruikbaar en aantrekkelijk de openbare ruimte is. De criteria zijn gebaseerd op het beleid van de gemeente Diemen, zoals de sociale voorzieningen en het verkeersbeleid.
Er zijn drie kwaliteitsniveaus die in het schema hieronder algemeen worden beschreven.
Maatlat
Omschrijving
A
Bijzondere kwaliteit, goed functionerende buitenruimte, maatwerk oplossingen
B
Standaard kwaliteit, voldoende functionerende buitenruimte, standaard oplossingen
C
Sobere kwaliteit, matig tot slecht functionerende buitenruimte, eenvoudige oplossingen
‘Kwaliteit openbare ruimte’ Diemen
Welke kwaliteit mag een bewoner, ondernemer of bezoeker van Diemen verwachten van de openbare ruimte van Diemen? Om deze discussie duidelijk te kunnen voeren heeft Diemen twee kwaliteitswaaiers gemaakt. Eén voor het onderhoud en één voor het gebruik en de inrichting van de openbare ruimte. De kwaliteitswaaiers bevatten criteria en kwaliteitsomschrijvingen voor 30 onderdelen binnen de openbare ruimte. We gebruiken de waaiers om te bepalen wat de kwaliteit nu is, maar ook om vast te stellen welke kwaliteit we gewenst vinden.
De onderdelen van deze kwaliteitswaaier Gebruik en Inrichting beschrijft hoe bruikbaar en aantrekkelijk de openbare ruimte is. De criteria zijn gebaseerd op het beleid van de gemeente Diemen, zoals de sociale voorzieningen en het verkeersbeleid.
Er zijn drie kwaliteitsniveaus die in het schema hieronder algemeen worden beschreven.
Maatlat
Omschrijving
A
Bijzondere kwaliteit, goed functionerende buitenruimte, maatwerk oplossingen
B
Standaard kwaliteit, voldoende functionerende buitenruimte, standaard oplossingen
C
Sobere kwaliteit, matig tot slecht functionerende buitenruimte, eenvoudige oplossingen
‘Kwaliteit openbare ruimte’ Diemen
Welke kwaliteit mag een bewoner, ondernemer of bezoeker van Diemen verwachten van de openbare ruimte van Diemen? Om deze discussie duidelijk te kunnen voeren heeft Diemen twee kwaliteitswaaiers gemaakt. Eén voor het onderhoud en één voor het gebruik en de inrichting van de openbare ruimte. De kwaliteitswaaiers bevatten criteria en kwaliteitsomschrijvingen voor 30 onderdelen binnen de openbare ruimte. We gebruiken de waaiers om te bepalen wat de kwaliteit nu is, maar ook om vast te stellen welke kwaliteit we gewenst vinden.
De onderdelen van deze kwaliteitswaaier Onderhoud bes- chrijft hoe schoon en heel de openbare ruimte is. Het gaat hierbij om meubilair, verharding en het groen.
De criteria zijn gebaseerd op de landelijke kwaliteitscatalo- gus van het CROW en vertaald naar de Diemense praktijk. Er zijn vijf kwaliteitsniveaus die in het schema hieronder algemeen worden beschreven.
Maatlat
Omschrijving
A+
Zeer hoog, uitstekend onderhouden, als nieuw
A
Hoog, goed onderhouden, bijna niets op aan te merken
B
Basis, voldoende onderhouden, wel wat op aan te merken
C
Laag, sober, achterstanden in onderhoud
D
Zeer laag, onvoldoende onderhouden, flinke achterstanden
BIJLAGE 3: Ambitiematrix onderhoud
Thema
Criterium
Bedrijventerrein
Buitengebieden
Kantoorgebieden
Parels
Park en groen
Routes
Sportpark
Stations
Winkelgebieden
Woongebieden
onderhoud
zwerfvuil
A
B
A
A
B
A
A
A
A
A
onderhoud
hondenpoep
A
B
A
A+
B
B
A+
A
A+
A
onderhoud
bekladding
A
B
A
A
B
A
A
A
A
A
onderhoud
onkruid in beplanting
B
C
B
A
B
B
A
A
A
B
onderhoud
onkruid verharding
B
B
B
B
B
B
A
A
A
B
onderhoud
beplanting
A
B
A
A+
A
A
A
A
A+
A
onderhoud
water en oevers
A
B
A
A
A
A
A
A
A
A
onderhoud
straatmeubilair
A
B
A
A
A
A
A
A
A+
A
onderhoud
onderhoud rijbaan
B
B
B
B
C
B
B
B
B
B
onderhoud
onderhoud fietspad
A
B
A
C
B
A
A
A
A
A
onderhoud
onderhoud voetpad
B
B
A
A
B
A
B
A
A
A
onderhoud
natuurlijk groen
C
A
B
B
A
B
A
C
C
C
onderhoud
bomen
A
A
A
A+
A
A
A
A
A+
A
onderhoud
gras
B
B
B
B
B
B
A+
B
B
B
onderhoud
onderhoudbaarheid
A
A
A
B
B
B
A
A
B
B
BIJLAGE 4: Ambitiematrix ‘Gebruik, inrichting en
Thema
Criterium
Bedrijventerrein
Buitengebieden
Kantoorgebieden
Parels
Park en groen
Routes
Sportpark
Stations
winkelgebieden
woongebieden
aantrekkelijk
identiteit
B
A
A
A
A
A
A
B
A
A
aantrekkelijk
groen en water
B
B
B
A
B
B
B
A
A
B
aantrekkelijk
materiaalgebruik
C
C
B
A
B
B
C
A
A
B
verkeer
verkeersveiligheid
B
B
B
A
A
A
B
A
B
B
verkeer
fietsparkeren
C
C
C
A
B
C
A
A
A
C
verkeer
autoparkeren
A
C
A
C
C
C
A
B
A
A
verkeer
toegankelijkheid
A
C
A
A
B
B
A
A
A
A
veiligheid
sociale veiligheid
B
B
B
A
B
A
A
A
A
A
sociaal
activiteiten en evenemen
C
C
C
B
B
C
A
B
A
B
sociaal
spelen
C
B
C
C
B
C
A
C
C
A
sociaal
recr. voorzieningen
C
B
C
B
B
B
A
C
C
B
sociaal
betrokken burgers
A
A
A
B
B
B
A
B
A
A
milieu
duurzame oplossingen
A
A
A
A
A
A
A
A
A
A
milieu
natuur en ecologie
C
A
C
C
A
C
B
C
C
C
BIJLAGE 5 Voorbeelden buurtbladen
Anne Frank
Buurtnummer 02
Rangorde 4
Gemiddelde score totaal: 1,31
Aanpak: Regulier
Laatste reconstructie: 2009
Geplande reconstructie: geen dd
Toelichting strategie
De Anne Frank buurt is in 2009 opnieuw ingericht met de bestaande materialen. Dit is goed zichtbaar op straat; er zijn nagenoeg geen afwijkingen op het gebied van onderhoud. Door het hergebruik van bestaande materialen en de inboet van het tekortkomende materiaal heeft de buurt wel wat ingeleverd op de identiteit. Dit is niet zorgwekkend en is inherent aan het hergebruik van materialen in het kader van duurzaamheid en zuinigheid.
In de Anne Frankbuurt worden in diverse straten activiteiten georganiseerd, veelal op eigen initiatief en zonder gebruik te maken van de BIG gelden.
Ten slotte willen we in de Anne Frankwijk -net als in de rest van Diemen Zuid- monitoren wat het effect is van de verhuur van koopwoningen aan groepen Polen.
Anne Frank blad 2
Kosten per woning 0
Woongebied
Ambities
Van Gemertplantsoen
Buurtnummer 40
Rangorde 21
Gemiddelde score totaal: 2,21
Aanpak: Reconstructie
Laatste reconstructie: geen dd
Geplande reconstructie: 2013
Toelichting strategie
Het van Gemertplantsoen is verouderd. De plantsoenen zijn aan onderhoud toe en de inrichting is niet meer van deze tijd. Een reconstructie, waarbij functie en inrichting op elkaar worden afgestemd, is noodzakelijk. De ecologisch inrichting alsmede een betere verbinding met het wandellandschap is een onderdeel van dit project. Ook is het realiseren van een evenemententerrein in dit park een groot aandachtspunt. Deze werkzaamheden zijn reeds voorzien en gebudgetteerd in 2013.
Van Gemertplantsoen blad 2
Kosten per woning 0
parels
Ambities
BIJLAGE 6 Beschikbare middelen voor beheer 2011
De Gemeente Diemen geeft in totaal per jaar ruim €8,9 mln uit aan de openbare ruimte . Hiervan zijn ruim €1,4 mln zogenaamde ‘kapitaalslasten’. Er resteert na aftrek van deze post nog circa € 7,4 miljoen voor het feitelijk beheer. Hierin zit ook zo’n 15% voor de interne gemeentelijke kosten die nodig zijn voor het organiseren van het beheer, het bijhouden van de beheersystemen e.d.. Dit zijn de zogenaamde VAT-kosten. Van deze € 7,4 miljoen wordt jaarlijks circa 2,2 miljoen gebruikt voor groot onderhoud/ vervanging / ophoging. Het onderhoud aan het riool, het groen en de verhardingen vormen daarbinnen de hoogste kostenposten. Figuur 1 geeft een overzicht van de bestedingen binnen alle beheerdisciplines.
Figuur 5: Verdeling van beschikbare middelen beheer openbare ruimte
Uit de exploitatiebegroting worden zowel de uitvoering van werkzaamheden door derden, als wat in eigen beheer door de gemeente zelf wordt gedaan bekostigt. Het deel dat in eigen beheer wordt uitgevoerd bedraagt ongeveer 1/3 van het totale bedrag (kapitaalslasten niet meegerekend). Figuur 1 laat zien dat de eigen dienst zich vooral richt op het vegen, het groen en het onderhoud aan kunstwerken.
Omgerekend naar het aantal adressen in Diemen kost de openbare ruimte €522 per woning per jaar. Naast de kosten voor dagelijks onderhoud zijn er jaarlijks gelden beschikbaar voor grotere projecten en/ of reconstructies. Voor de planperiode 2011-2015 gaat het om een bedrag van €21,5 mln, wat staat voor een gemiddelde van €4,3 mln per jaar. Deze kosten zijn inbegrepen in het eerder genoemde bedrag van €8,9 mln.
Gemiddeld wordt de openbare ruimte één keer in de twintig jaar opgehoogd. Gelijk worden problemen van slijtage van de openbare ruimte verholpen en worden kleine aanpassingen in de inrichting uitgevoerd om deze weer aan te passen aan de eisen van deze tijd. De grootste kostenpost binnen de reconstructies vormen de rioleringen, zie figuur 5. Hier is een belangrijke relatie met de zettingsproblematiek: de reconstructiebudgetten zijn daardoor vrij hoog. Dit zijn kosten die blijvend, ook de komende decennia, nog moeten worden gemaakt. Dit hoort nu eenmaal bij Diemen.