Aanhef
BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DEURNE:
gelet op het bepaalde in artikel 3:42 Awb en artikelen 18.19, en 18.20 Omgevingswet en artikel 13.5 Omgevingsbesluit
b e s l u i t e n:
1Vaststellen van de Nota Oneigenlijk Grondgebruik 2023;
Deze beleidsnota vervangt het eerdere beleid rondom de verkoop en ingebruikname van gemeentegrond (Nota Groenstroken 2015) en biedt een actualisering van de gemeentelijke visie op het zorgvuldig beheer van eigendommen binnen de bebouwde kom. Met deze Nota Oneigenlijk Grondgebruik 2023 wordt een duidelijk toetsingskader en afwegingssystematiek vastgesteld waarmee aanvragen van inwoners en derden tot aankoop of ingebruikname van groenstroken en restpercelen zorgvuldig beoordeeld kunnen worden.
Tegelijkertijd biedt het beleid een eenduidige aanpak van situaties waarin sprake is van oneigenlijk gebruik van gemeentegrond, zonder daarvoor toestemming van de gemeente te hebben verkregen. Daarbij is het uitgangspunt dat alle inwoners op gelijke wijze behandeld worden en dat er rechtsgelijkheid ontstaat bij het gebruik van gemeentelijke eigendommen.
De nota beschrijft onder andere:
•de criteria voor uitgifte (zoals ligging, groenstructuur, kabels/leidingen, stedenbouwkundige inpassing en verkeersveiligheid),
•de wijze waarop bestaande situaties worden gelegaliseerd, teruggevorderd of anderszins geregeld,
•het prijsbeleid bij verkoop of verhuur van grond,
•en het proces dat de gemeente hanteert bij zowel nieuwe aanvragen als bij constatering van oneigenlijk grondgebruik.
Met deze nota geeft de gemeente uitvoering aan haar verantwoordelijkheid als grondeigenaar en draagt zij bij aan een transparant, rechtsgeldig en toekomstbestendig grondgebruik. Kortheidshalve wordt verwezen naar de volledige Nota Oneigenlijk Grondgebruik 2023, zoals opgenomen in de bijlage bij dit besluit.
1. INLEIDING
1.1 Aanleiding
1.1.1 Beleid tot nu toe
Tot op heden hanteert de gemeente een passieve benadering ten aanzien van de verkoop van gemeentegronden, conform de beleidsnota Groenstroken 2015. Dit betekent dat de gemeente pas in overweging neemt of ze de grond kan afstoten nadat er een verzoek is ingediend. Bovendien is dit beleid uitsluitend van toepassing op de verkoop van gemeentegronden binnen de bebouwde kom.
Er wordt vrijwel niet actief opgetreden tegen oneigenlijk grondgebruik. Handhaving vindt alleen plaats wanneer de gronden nodig zijn voor bijvoorbeeld openbare projecten of wanneer de gemeente signalen ontvangt van mogelijk oneigenlijk grondgebruik.
1.1.2 Beleid vanaf nu
In deze beleidsnota is het beleid geformuleerd dat de gemeente hanteert bij verzoeken van burgers of derden om een groenstrook of restperceel van de gemeente aan te kopen of in gebruik te mogen nemen. Daarnaast is in deze beleidsnota geformuleerd hoe de gemeente om gaat met situaties waarbij geconstateerd wordt dat een groenstrook of restperceel oneigenlijk door een burger of een derde in gebruik is genomen.
1.1.2.1 Gebruik particuliere eigendom door de gemeente
In deze beleidsnota richten we ons specifiek op het oneigenlijk grondgebruik door burgers en derden binnen de gemeente. Hoewel gronden met een openbare bestemming vaak eigendom zijn van de gemeente, beseffen we dat er situaties kunnen zijn waarin particulieren eigenaar zijn van dergelijke gronden of voorzieningen zoals wegen en sloten. We zullen echter deze gevallen in deze nota buiten beschouwing laten en ons volledig concentreren op het oneigenlijk grondgebruik door burgers en derden. Mocht er tijdens het project op een dergelijke situatie gestuit worden, dan zal dit opgepakt worden door de juridische afdeling van de gemeente.
3. TOETSINGSKADER UITGIFTE GEMEENTEGROND
3.2 Toetsingskader
3.2.1 Groenstructuur
De gemeente bezit een waardevolle groenstructuur met daarbinnen een kenmerkend en gevarieerd bomenbestand, dat in hoge mate beeldbepalend is in zowel de dorpen als in het omringende buitengebied. Beeldbepalend groen is groen dat een bijdrage levert aan de visuele aantrekkelijkheid van de woonomgeving.
Indien de gemeentegrond deel uitmaakt van een groenstructuur of beeldbepalend groen is komt de grond niet voor verkoop in aanmerking.
Ook als er op de grond een waardevolle en/of monumentale boom staat of als verkoop afbreuk doet aan de gezondheid en/of kwaliteit van deze bomen komt de grond niet voor verkoop in aanmerking. Deze beoordeling ligt bij de gemeente.
Een groenstrook of restperceel komt eveneens niet voor verkoop in aanmerking als door verkoop het overblijvende groen niet zijn functionele waarde kan behouden of onderhoud van nabij gelegen grond door verkoop niet meer (goed) mogelijk is. Groen kan de volgende functies hebben:
•structurele/ordenende functie;
•ecologische functie;
•educatieve functie;
•recreatieve functie;
•economische functie;
•milieufunctie.
3.2.1.1 Uitzonderingen
Sommige gemeentegronden zijn al langere tijd in gebruik bij een bewoner of een derde. De grond maakt dan al langere tijd geen deel uit van een groenstructuur en/of heeft al langere tijd geen functionele waarde. Indien grond in een dorpskern ligt én al voor 2009 in gebruik is genomen door een burger of een derde, kan de groenstructuur, op basis van hiervoor genoemde functies, niet een opzichzelfstaande reden zijn om de grond niet voor verkoop in aanmerking te laten komen. In deze situaties levert de gemeente maatwerk.
Het kan zijn dat verkoop alsnog niet wenselijk is op basis van de gronden die in de volgende sub paragrafen aan bod komen.
3.2.2 Kabels en leidingen
In beginsel komen gemeentegronden met daarin kabels en leidingen voor verkoop in aanmerking. Belangrijke voorwaarde bij verkoop is dat de eigenaren van de kabels en leidingen akkoord zijn met de verkoop en altijd toegang dienen te behouden tot de kabels en leidingen voor onderhoud of werkzaamheden. Verkoop van de grond mag dit niet belemmeren. Dit houdt in dat er geen opstallen op de grond mogen worden gevestigd en geen afscheidingen mogen worden geplaatst. Deze beoordeling ligt bij de specialist kabels en leidingen van de gemeente en bij de eigenaren (gemeente en/of nuts- en/of telecombedrijven) van de kabels en leidingen. De gemeente benadert de eigenaren van de kabels en leidingen om na te gaan of zij bezwaar hebben tegen verkoop van de gemeentegrond.
De gemeentegrond zal veelal verkocht worden met een recht van opstal. Ook is het mogelijk dat het tracé wordt verlegd. De kosten voor het verleggen van het tracé en voor het vestigen van een recht van opstal komen voor rekening van de koper.
3.2.3 Stedenbouw
Indien verkoop van gemeentegrond de ruimtelijke structuur of stedenbouwkundige opzet teniet doet, kan het zijn dat de grond niet voor verkoop in aanmerking komt. Als uitgangspunt geldt het behouden of terugbrengen van de oorspronkelijke stedenbouwkundige opzet.
Verkoop is te overwegen wanneer:
➢ het bestaande ruimtelijke structuren versterkt of terug brengt in originele staat;
➢ er geen beperkingen te vinden zijn in beeldkwaliteitsplannen of vastgestelde beeldkwaliteit paragraven in de toelichting van bestemmingsplannen (geldend voor enkele gebieden in de gemeente);
➢ het onlogische kadastrale grenzen corrigeert;
➢ de grond aansluit bij het perceel dat al in eigendom is;
➢ het niet leidt tot aantasting of beperking van het gebruik van of faciliteiten in de openbare ruimte voor persoonlijk gewin (bijvoorbeeld door het verwijderen van openbare parkeerplaatsen);
➢ inrichting van de grond volgens de maximale planologische mogelijkheden niet leidt tot aantasting van het straatbeeld of zichtlijnen, of corridors en beheer van openbaar groen;
➢ de grond geen cultuurhistorische waarden heeft in de vorm van oude paden, muren of groen;
➢ dit niet leidt tot beperkingen voor aanpassing of uitbreiding van naastgelegen significante infrastructuur (bijvoorbeeld verbreden rotonde);
➢ het stuk maakt geen onderdeel uit van gemeentelijke of provinciale groenstructuren;
➢ de grond geen onderdeel uitmaakt van mitigerende maatregelen voor geluid-, water-, geuroverlast, wadi, grondwallen, enzovoorts.
3.3.4 Geen kanteelvorming
Verkoop van grond mag niet leiden tot onlogische kadastrale grenzen. Het ontstaan van kantelenvorming is niet wenselijk. De gemeente wil voorkomen dat er percelen ontstaan die niet meer toegankelijk of beheersbaar zijn voor de gemeente. Hieronder een drietal figuren die onwenselijke situaties weergeven (figuur 1 en 2) en een wenselijke situatie weergeeft (figuur 3).
Figuur 1: Onwenselijke situatie
Figuur 2: Onwenselijke situatie
Figuur 3: Wenselijke situatie
3.2.4.1 Uitzonderingen
Er wordt maatwerk geleverd in de volgende gevallen:
➢ complexe situaties waarbij een niet genoemd stedenbouwkundige criteria denkbaar is;
➢ langdurende ingebruikname waarbij terugvallen op de oorspronkelijke kadastrale grenzen niet meer werkbaar is en er een nieuwe eigendomssituatie bedacht moet worden;
➢ of locaties aansluitend op nieuwe gemeentelijke ruimtelijke ontwikkelingen.
3.2.5 Toekomstige ontwikkelingen
Bij totstandkoming van een nieuwe ontwikkeling (bestemmingsplan) wordt een stedenbouwkundig ontwerp gemaakt. In dit ontwerp is aangegeven waar openbaar groen moet komen. Dit openbaar groen is functioneel en beeldbepalend. Binnen 10 jaar na vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan wordt niet tot verkoop van dit openbaar groen overgegaan.
Het kan zijn dat bepaalde gronden in eigendom van de gemeente moeten blijven vanwege toekomstige ontwikkelingen. Hierbij kan gedacht worden aan woningbouw, wegen, (herinrichting) plantsoenen, buffergroen voor voetpaden of parkeerplaatsen en dergelijke.
3.2.6 Hemelwaterberging en watergangen
(Delen van) sloten en/of watergangen komt niet voor verkoop in aanmerking als de grond nodig is voor hemelwaterberging en/of infiltratie voor de gemeente. Ook komen (delen) van watergangen niet voor verkoop in aanmerking als de waterhuishoudkundige functie hierdoor wordt aangetast en/of onderhoud hierdoor wordt belemmerd.
3.2.7 Verkeerssituatie
Indien de gemeentegrond nodig is of gebruikt wordt voor het afwikkelen van zowel gemotoriseerd als niet-gemotoriseerd verkeer komt de grond niet voor verkoop in aanmerking. Parkeervakken of stroken die noodzakelijk zijn om de parkeerdruk op te vangen komen eveneens niet voor verkoop in aanmerking. Ook wanneer de zichtlijnen noodzakelijk zijn voor de verkeersveiligheid komt de gemeentegrond niet voor verkoop in aanmerking.
3.2.8 Lichtmasten
Wanneer er op de gemeentegrond een lichtmast staat komt de grond niet voor verkoop in aanmerking. Verkoop is enkel mogelijk indien de lichtmast wordt verplaatst. Er dient in dat geval wel een geschikte plek te zijn om de lichtmast naar te verplaatsen. Dit bepaalt de gemeente. De kosten voor verplaatsing komen voor rekening van koper.
3.2.9 Afwijkingsbevoegdheid
Het college van B&W behoudt zich het recht voor, om in bijzondere gevallen, in de (koop)-overeenkomst af te wijken van de hierboven genoemde voorwaarden. In sommige gevallen zal maatwerk nodig zijn.
4. GRONDEN DIE AL IN GEBRUIK ZIJN
4.4 Terugvordering
4.4.1 Privaatrechtelijke spoor
Bij het privaatrechtelijk spoor handelt de gemeente als rechtspersoon en eigenaar van de grond. Het doel bij privaatrechtelijk handelen is het terugvorderen van het eigendom en het voorkomen van verlies van gemeentegrond door verjaring. De gemeente is als eigenaar bevoegd de grond van een ieder, die haar zonder recht houdt, op te eisen (artikel 5:2 BW). Daarbij dienen wel de Algemene Beginselen van Behoorlijk Bestuur in acht te worden genomen.
4.4.2 Publiekrechtelijke spoor
Bij het publiekrechtelijk spoor staat niet de eigendom van de grond centraal, maar de (openbare) functie daarvan. Publiekrechtelijke handhaving kan op diverse gronden plaatsvinden. Zoals op grond van het bestemmingsplan, de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht.
4.5 Verjaring
4.5.1 Schadevergoeding
Door een geslaagd beroep op verjaring verliest de gemeente haar grond. Uit jurisprudentie blijkt dat eigendomsverlies door verjaring het gevolg kan zijn van onrechtmatig handelen. De gemeente kan hierdoor een schadevergoeding vorderen van de nieuwe eigenaar. Het uitgangspunt is in beginsel schadevergoeding in geld. De gemeente kan bij een vordering tot schadevergoeding in geld de geldende grondprijzen als uitgangspunt nemen. De gemeente heeft daarnaast ook de mogelijkheid om, in plaats van geld, schadevergoeding te vorderen in natura door middel van teruglevering van de grond. Een vordering tot teruglevering door de gemeente is bijvoorbeeld mogelijk indien de grond nodig is voor een herinrichting van het openbaar gebied, of indien er kabels en leidingen in de grond liggen die toegankelijk moeten blijven. Een geslaagd beroep op verjaring kan dus leiden tot een vordering uit schadevergoeding, waardoor alsnog de waarde van de grond aan de gemeente dient te worden betaald.
6. PRIJSBELEID
6.1 Verkoop
6.1.1 Overige kosten
Bovenop de aankoopkosten komen de notariële- en kadasterkosten, overdrachtsbelasting en kosten kadastraal splitsen van het perceel. Al deze kosten komen voor rekening van de koper van de gemeentegrond. De koper heeft de keuze door welk notariskantoor hij de overdracht laat regelen.