Gemeentelijke regelgeving

Omgevingsvisie Den Helder "Koers op een sterke thuishaven"

Gemeente Den Helder · geldt sinds 19 september 2023

Tekst

1Inleiding

1.1 Colofon

Vastgesteld door de gemeenteraad van Den Helder op 18-9-2023

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie

Samenstelling: Gemeente Den Helder

Afbeeldingen: Gemeente Den Helder, tenzij anders vermeld

Visiekaarten: West 8 Urban Design & Landscape Architecture

Opstelling & vormgeving hoofdstuk 9: BVR Adviseurs & SteenhuisMeurs

Bij de omgevingsvisie horen de volgende bijlagen, te vinden onder VI:

Bijlage 1 Gebiedsbiografie

Bijlage 2 Verkenning

Bijlage 3 Participatieproces

Bijlage 4 Milieueffectrapportage

1.2 Voorwoord

Beste lezer,

De gemeente Den Helder heeft te maken met een groot aantal ambities en opgaven voor haar toekomstige ontwikkeling. Deels zijn deze het gevolg van bewust ingezette processen in het verleden, met het doel om Den Helder aantrekkelijker te maken als gemeente om in te wonen, werken en ontspannen. Aansprekende voorbeelden zijn de transformatie van het Stadshart en Willemsoord, het ontwikkelen van bijzondere woonmilieus en investeringen in kwaliteit van het landschap en openbare ruimtes. Anderzijds komen er (inter)nationale trends en ontwikkelingen op Den Helder af waar we slechts beperkt invloed op hebben.

Om de klimaatdoelen te bereiken zetten we bijvoorbeeld in op de energietransitie. Deze transitie vraagt om aanpassingen van woningen en buurten, maar ook om extra kaderuimte in de haven om hier economisch juist op in te kunnen spelen. Daarnaast moeten we rekening houden met veranderingen in het klimaat, met meer kans op extreme weersomstandigheden. Al deze opgaven vragen om een leefomgeving die hierop is ingericht en voorbereid. Tegelijkertijd blijven we werken aan het nog aantrekkelijker maken van de gemeente als plek om in te wonen, te ondernemen of om te bezoeken.

“Koers op een sterke thuishaven”, de titel van de omgevingsvisie van de gemeente Den Helder, schetst een brede visie op het behoud, het gebruik en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie geeft hiermee richting aan de ambities, opgaven en kansen voor Den Helder. De visie bestaat uit drie delen. Ten eerste geven tien centrale uitgangspunten de koers en prioriteiten weer voor de hele gemeente. Vervolgens vindt u een thematische, gemeentebrede uitwerking voor de thema’s ‘groen & landschap’, ‘mobiliteit & infrastructuur’, ‘functies & bedrijvigheid’ en ‘ontwikkelingen’. Tot slot vindt u gebiedsgerichte deel-omgevingsvisies voor zeven deelgebieden van de gemeente Den Helder: Stad binnen de Linie, Maritiem Cluster, De Stelling, Nieuw Den Helder, De Schooten, Julianadorp en Huisduinen. De omgevingsvisie is opgesteld in samenwerking met West 8 Urban Design & Landscape Architecture.

Bij het opstellen van deze visie is gebruik gemaakt van een groot aantal informatiebronnen. Een samenvatting hiervan is terug te vinden in de bijlage ‘Verkenningen’. Ook is gesproken met een breed scala aan partijen, waaronder inwoners, ondernemers, maatschappelijke partijen en ketenpartners. Een overzicht van de verschillende participatieprocessen is terug te vinden in de bijlage ‘Participatieproces’.

Ik wens u veel plezier en inspiratie toe bij het lezen van de omgevingsvisie voor de gemeente Den Helder.

Wethouder Ruimtelijke Ordening

Petra Bais

1.3 Omgevingsvisie: doel, ambities & plangebied

Deze omgevingsvisie is opgesteld als omgevingsvisie zoals bedoeld onder artikel 3.1 van de nieuwe Omgevingswet. Een nadere toelichting op het doel van deze omgevingsvisie, het wettelijk kader en de ambities en randvoorwaarden bij het opstellen hiervan vindt u hieronder. Tevens vindt u hier een kaart van het plangebied, het volledige grondgebied van de gemeente Den Helder.

Doel & wettelijk kader omgevingsvisie

Op 1 januari 2024 treedt volgens planning landelijk de Omgevingswet in werking, waarmee het omgevingsrecht in Nederland ingrijpend verandert. Onderdeel van deze wetswijziging is de introductie van nieuwe kerninstrumenten voor overheden, waaronder de omgevingsvisie. Dit instrument vervangt de voormalige structuurvisie. Behalve een naamswijziging is er ook sprake van een andere werkwijze bij het opstellen van de omgevingsvisie (en ander beleid onder de Omgevingswet). De nadruk ligt veel meer dan voorheen op participatie en integraliteit. Bewoners, ondernemers en (maatschappelijke) partijen worden hierin gevraagd mee te denken over een integraal toekomstbeeld voor de gemeente. Ook de taken en ambities van de gemeente komen hierin terug. Al deze aspecten worden samengevoegd waar mogelijk en afgewogen waar nodig. Hiermee ontstaat een duidelijk toekomstbeeld voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in de gemeente.

Onder de Omgevingswet is iedere gemeente verplicht om uiterlijk in 2024 één omgevingsvisie voor de gehele gemeente vast te stellen. De gemeente Den Helder heeft de afgelopen jaren al gewerkt aan onderdelen van deze gemeentelijke omgevingsvisie: de Omgevingsvisie Huisduinen en de Omgevingsvisie Julianadorp. Deze Omgevingsvisie integreert deze onderdelen om te komen tot één visie voor de ontwikkeling van de gemeente Den Helder te komen, met maatwerk per (deel)gebied.

Ambities & randvoorwaarden

Bij het opstellen van de Omgevingsvisie gemeente Den Helder is aan/volgens vijf ambities/randvoorwaarden (onderstreept) gewerkt. Hiermee is gestreefd naar een eindproduct met een zo groot mogelijke meerwaarde voor alle partijen, welke goed past binnen de kaders en ambities uit de nieuwe Omgevingswet. Hieronder wordt kort stilgestaan bij deze ambities/randvoorwaarden.

De eerste ambitie is om te komen tot een integrale omgevingsvisie. Dit betekent dat alle onderdelen van de leefomgeving hierin terugkomen, breder dan voornamelijk ruimtelijke ordening in de voormalige structuurvisie. In de omgevingsvisie komen ook nadrukkelijk beleidsterreinen als milieu, wonen, vastgoed en economie terug. Het doel van de Omgevingswet om te komen tot een veilige, gezonde leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit onderschrijft deze integraliteit. Voor een goede invulling hiervan wordt een brede kring aan expertises, zowel binnen de gemeente als daarbuiten, betrokken bij de totstandkoming van de omgevingsvisie.

De omgevingsvisie wordt via een ‘bottom-up’ proces opgesteld, in co creatie met bewoners, ondernemers en andere (maatschappelijke) partijen en geïnteresseerden. Het gezamenlijk formuleren van een toekomstbeeld is een nadrukkelijke doelstelling van dit project. Participatie bij een dergelijke richtinggevende visie is zeer wenselijk qua draagvlak en het bereiken van een zo compleet mogelijk beeld. De Omgevingswet onderschrijft dit door vroegtijdige participatie aan te moedigen en participatie verplicht te stellen bij het opstellen van nieuw beleid. Hiervoor wordt actief gewerkt aan het betrekken van diverse groepen inwoners en ondernemers bij dit project. Ook wordt de gemeenteraad, als besluitvormend orgaan wat betreft de omgevingsvisie, regelmatig actief betrokken.

Het betrekken van een groot aantal partijen en breed scala aan expertises in de samenleving en binnen de gemeente moet leiden tot een duidelijk, gedragen toekomstbeeld, waaraan via een aantal hoofdrichtingen gewerkt kan worden om dit beeld te bereiken. Dit biedt een ‘wenkend perspectief’ voor partijen die in de aankomende jaren een rol willen spelen bij de verdere ontwikkeling van de gemeente. Daarnaast biedt het ook een leidraad en afwegingskader voor de gemeente, wat betreft eigen projecten en het aanmoedigen of bijsturen van initiatieven van derden.

Digitale raadpleegbaarheid van het beleid van de gemeente is een belangrijke pijler onder de Omgevingswet. Een van de doelstelling voor deze omgevingsvisie is dat deze na vaststelling eenvoudig digitaal raadpleegbaar moet zijn via het nieuwe Digitale Stelstel Omgevingswet (DSO), het platform waarop alle informatie en dienstverlening van de overheid wat betreft de leefomgeving ontsloten is, en via de website van de gemeente Den Helder.

Plangebied

Deze omgevingsvisie is opgesteld voor het volledige grondgebied van de gemeente Den Helder, inclusief de delen van de Noordzee en Waddenzee die onder het grondgebied van de gemeente Den Helder vallen. Ter verduidelijking vindt u hieronder een kaart van het plangebied.

Afbeelding: Het plangebied voor deze omgevingsvisie, overeenkomend met het grondgebied van de gemeente Den Helder

Bron: www.gemeentenatlas.nl, 2021

Bijlagen

Om tot deze omgevingsvisie te komen is de afgelopen jaren veel informatie verzameld en geanalyseerd en zijn er veel gesprekken gevoerd met inwoners, ondernemers en andere (maatschappelijke) partijen. Al deze stappen hebben samen geresulteerd in de totstandkoming van deze omgevingsvisie, maar worden niet altijd direct zichtbaar in deze visie.

Als achtergrondinformatie vindt u daarom in de bijlagen bij deze omgevingsvisie de opgestelde gebiedsbiografie “Den Helder, Zeestad op het Wad”, de uitgevoerde verkenningen en een overzicht van het participatieproces, die mede ten grondslag aan deze omgevingsvisie liggen. Ook kunt u hier de uitgevoerde milieueffectrapportage (MER) vinden, die is uitgevoerd om de effecten van deze omgevingsvisie op het milieu in kaart te brengen en eventuele nadelige effecten zoveel mogelijk te minimaliseren.

2Visiekaart & Centrale Uitgangspunten

2.1 Den Helder ontwikkelt zich verder als aantrekkelijke gemeente voor bewoners, ondernemers en bezoekers.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder zet zich al langere tijd in om het vestigingsklimaat en de leefbaarheid van de gemeente te verbeteren. Onder andere als gevolg van economische teruggang, bevolkingskrimp, een zwakker dan gemiddelde sociale structuur, een weinig centrale ligging en veel bouw uit de Wederopbouwperiode met een matige kwaliteit kende Den Helder een (zeer) negatief imago bij veel mensen en kwam het vestigingsklimaat in de laatste decennia van de vorige eeuw steeds verder onder druk te staan. Sinds die tijd is veel geïnvesteerd in de kwaliteit van centra, voorzieningen en wijken om een aantrekkelijkere en leefbaardere stad te worden. Bekende voorbeelden zijn de investeringen die zijn gedaan in het Stadshart, het opknappen van Willemsoord en andere delen van De Stelling en de transformatie van Nieuw Den Helder. Voorzieningen als bibliotheek School 7 en schouwburg De Kampanje hebben een uitstraling en kwaliteit die breed wordt erkend en beide voorzieningen worden goed gevonden door gebruikers uit gemeente en de regio. Het imago van Den Helder begint langzaam te veranderen en meer mensen zien Den Helder als een aantrekkelijke gemeente om in te wonen, in te werken of te bezoeken. Voor Den Helder is het van zeer groot belang om aantrekkelijk te zijn voor inwoners, bedrijven/ondernemers en bezoekers, zeker gezien het feit dat we een minder centrale ligging in Nederland hebben. We werken daarom hard aan het behouden en versterken van het (vestigings)klimaat voor deze drie doelgroepen. Voor alle doelgroepen doen we dit door in te zetten op de kracht van de onderscheidende identiteit en bijbehorende kernkwaliteiten van Den Helder, te werken aan een sterk voorzieningenniveau en een hoge kwaliteit en onderscheidend vermogen centraal te stellen bij de verdere ontwikkeling van de omgeving.

Specifiek voor de doelgroep inwoners richten we ons op de beschikbaarheid van voldoende betaalbare en kwalitatief goede woningen die passen bij de behoefte van ons inwoners. We zetten in op de realisatie van 1500 nieuwe woningen tot 2030, die grotendeels binnenstedelijk, en dus dichtbij bestaande voorzieningen, worden gerealiseerd. We zetten in op aantrekkelijke woonomgevingen, met woningen die goed passen in de bestaande omgeving en een kwalitatief goede openbare ruimte. Een aantal ontwikkelingen willen we bovendien op unieke locaties realiseren, zoals bovenop een verbrede en klimaatrobuuste Helderse Zeewering, met uitzicht op de Waddenzee, of aan het unieke erfgoed van De Stelling Den Helder. Daarnaast zetten we in op de kwaliteit van bestaande (woon)omgevingen. We stimuleren eigenaren om te investeren in de kwaliteit en duurzaamheid van hun woning, onder andere met kennis, subsidies en collectieve inkoopacties. In de openbare ruimte zetten we er op in om buurt voor buurt groot onderhoud aan te grijpen om extra te investeren in de kwaliteit hiervan. Hierbij zoeken we naar mogelijkheden om zoveel mogelijk in te zetten op vergroening, klimaatadaptatie en het geven van ruimte aan langzaam verkeer om de openbare ruimte aantrekkelijk, leefbaar en toekomstbestendig te maken. Voor buurten waar de leefbaarheid onder druk staat hebben we extra aandacht. Ook in centrumgebieden investeren we in kwaliteitsverbetering, gezien de belangrijke rol die deze gebieden vervullen voor inwoners.

Het klimaat van de gemeente Den Helder voor bezoekers is, getuige de circa half miljoen jaarlijkse toeristische overnachtingen binnen de gemeentegrenzen, al behoorlijk goed op orde. We zetten de komende jaren met name in op kwaliteitsverbetering in het segment kusttoerisme, waarbinnen veruit de meeste toeristische overnachtingen plaats vinden. We stimuleren eigenaren van bestaand verblijfsrecreatieaanbod om te investeren in de kwaliteit, en daarmee de toekomstbestendigheid, van hun aanbod. Hiermee streven we ernaar dat het bestaande aanbod ook op lange termijn toeristisch interessant blijft. Er is beperkt ruimte voor nieuw aanbod, waarbij we inzetten op het toevoegen van kwaliteit en onderscheidend aanbod. Daarnaast zetten we in op de verdere ontwikkeling van stedelijk toerisme. Met De Stelling en Stadshart/Willemsoord heeft Den Helder een aantal toeristisch interessante gebieden. We zetten er op in om bezoekers (ook) naar deze gebieden te trekken en hiermee het toeristische profiel van Den Helder te verbreden. Dit doen we door (verder) te investeren in de kwaliteit van deze gebieden en de onderlinge samenhang en verbindingen.

Voor bedrijven/ondernemers biedt de groeiende kwaliteit van centrumgebieden en de inzet op het stimuleren van stedelijk toerisme kansen, aangezien het hiermee aantrekkelijker wordt voor bewoners en bezoekers om geld in de gemeente uit te geven. Nieuwe investeringen in de Koninklijke Marine en de toekomstige rol die Den Helder kan spelen op het gebied van deenergietransitie bieden ook economische mogelijkheden, maar leggen ook druk op de beschikbaarheid van uitgeefbare bedrijventerreinen en daarmee vestigings- en uitbreidingsmogelijkheden voor bedrijven/ondernemers. Om te zorgen voor gezonde, vitale en toekomstbestendige bedrijvigheid binnen de gemeente Den Helder zetten we in op voldoende ontwikkelruimte. Voor lichtere bedrijvigheid blijft (ontwikkel)ruimte op de (gemengde) bedrijventerreinen nabij de woonwijken, zoals De Dogger, Ambachtsweg, Burgemeester Ritmeesterweg en Westoever. Hiermee bieden we mogelijkheden om in de nabijheid van de stad te ondernemen. Zwaardere bedrijvigheid concentreren we op bedrijventerreinen op grote afstand van de stad, zoals het havengebied en bedrijventerreinen Oostoever en Kooypunt. De haven van Den Helder biedt ruimte voor (zee)havengebonden activiteiten, die profiteren van de strategische ligging ten opzichte van Noordzee en Waddenzee en de open toegang tot zee. Prioriteit geven we hierbij aan activiteiten die bijdragen aan de nationale belangen energietransitie en nationale veiligheid. Om alle activiteiten (ook op langere termijn) de ruimte te geven onderzoeken we de mogelijkheden om extra (zee)kadelengte en havenruimte te realiseren binnen de huidige oppervlakte van de haven. Bedrijvigheid zonder directe behoefte aan (zee)kaderuimte bieden we bij voorkeur ruimte op andere locaties in het Maritiem Cluster, zoals bedrijventerreinen Kooypunt en Oostoever. We monitoren de beschikbaarheid van uitgeefbare bedrijventerreinen en randvoorwaarden voor vestiging, zoals de beschikbaarheid van voldoende (duurzame) energie, zodat knelpunten zoveel mogelijk worden voorkomen.

Naast de beschikbaarheid van ontwikkelruimte is ook de beschikbaarheid van personeel en de juiste kennis/expertise een belangrijk onderdeel van het vestigingsklimaat voor bedrijven. Er is sprake van toenemende krapte op de arbeidsmarkt en de verwachting is dat dit als gevolg van vergrijzing de komende jaren verder zal oplopen. Door het vestigingsklimaat van Den Helder te versterken en te werken aan de bereikbaarheid van Den Helder zetten we in op het kunnen aantrekken en binden van meer werknemers, waarvan een deel zich waarschijnlijk ook in Den Helder zal vestigen. Desondanks zal de krapte op de arbeidsmarkt naar verwachting aanhouden. Daarom zetten we in op de koppeling van onderwijs en arbeidsmarkt. We streven er naar dat hierdoor jongeren vanuit het onderwijs doorstromen naar openstaande vacatures in Den Helder, waardoor bedrijven vacatures eenvoudiger ingevuld krijgen en jongeren aan Den Helder worden gebonden. Ook biedt een goede samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt mogelijkheden om het ontbreken van hoger onderwijs in Den Helder te compenseren, bijvoorbeeld door (delen van) opleidingen concreet te verbinden aan de lokale arbeidsmarkt. Naast een nauwere samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt liggen er ook kansen om tussen aanwezige bedrijven en organisaties meer samen te werken op het gebied van kennis & innovatie. Onder andere op het gebied van hightech onderhoud is veel expertise aanwezig binnen Den Helder. Meer samenwerking op het gebied van kennis & innovatie biedt voordelen voor de deelnemende partijen, maar draagt ook bij aan de innovatiekracht en daarmee de toekomstbestendigheid van de lokale economie. We faciliteren en stimuleren samenwerkingen op deze vlakken, als impuls voor het vestigingsklimaat.

2.2 Een gezonde en veilige leefomgeving voor iedereen is altijd de basis.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder vindt een gezonde en veilige leefomgeving voor iedereen de basis om hier fijn te kunnen wonen, werken, recreëren en op te kunnen groeien. Deze gezonde en veilige leefomgeving lijkt soms een vanzelfsprekendheid: Den Helder is onderdeel van het UNESCO beschermde Waddengebied, staat bekend om zijn schone lucht en kent weinig milieubelastende industrie. Tegelijkertijd kent Den Helder ook een aantal functies die vragen om extra aandacht om veiligheidsrisico’s te voorkomen, zoals de Marinehaven, de luchthaven en de gasinstallaties van de NAM. Kenmerkend voor de ligging en de historie van Den Helder is ook de strijd tegen de zee, waarbij veiligheid altijd een aandachtpunt blijft. Naast aandacht voor deze grootschalige risicobronnen blijft voldoende aandacht voor gezondheid en veiligheid op buurt- en wijkniveau ook belangrijk, bijvoorbeeld om inwoners zo goed mogelijk te beschermen tegen milieuvervuiling, hinder en overlast, criminaliteit of gezondheidsschade. We zetten ons op verschillende vlakken in om een veilige en gezonde leefomgeving te bereiken en te behouden.

In Den Helder zijn een aantal functies gevestigd die veiligheidsrisico’s op het gebied van externe veiligheid met zich meebrengen, zoals de Marinehaven, de luchthaven en het NAM complex met bijbehorende gasleidingen voor aanlanding van aardgas vanaf de Noordzee. Om de veiligheid van onze inwoners te waarborgen zijn wettelijke veiligheidscontouren rondom deze functies getrokken, waarbinnen sommige functies niet worden toegelaten en/of extra maatregelen nodig zijn om de veiligheid te garanderen. Aangezien deze risicobronnen een belangrijke rol spelen in de economische positie van Den Helder zijn de mogelijkheden om risico’s volledig weg te nemen beperkt. We streven ernaar risicobronnen zoveel mogelijk te clusteren in gebieden die verder van woonbuurten gelegen zijn, bovenop de wettelijke vastgelegde bescherming(zones). Door het oorlogsverleden van Den Helder liggen op sommige plaatsen mogelijk nog ‘niet gesprongen explosieven’ (NGE’s) in de bodem. We gaan niet actief naar deze NGE’s op zoek, maar waar dit het geval kan zijn stellen we strengere eisen aan activiteiten die invloed hebben op de bodem, zoals graafwerkzaamheden.

Ook sociale veiligheid is een belangrijk aandachtspunt waarop wordt ingezet. In tegenstelling tot de plaats- of activiteitgebonden risico’s rondom externe veiligheid, zoals hierboven beschreven, is sociale veiligheid lastiger te waarborgen. Overtredingen en misdaden kunnen in principe overal plaatsvinden, terwijl de capaciteit qua toezicht en handhaving door gemeente en politie logischerwijs niet toereikend is om overal altijd aanwezig te zijn. Daarom prioriteren we de inzet op plaatsen, tijden en/of activiteiten waarvan bekend is dat de veiligheidsrisico’s groter zijn, naast de reguliere aanwezigheid van gemeente en politie in de wijken. Een belangrijke rol in het vergroten van de sociale veiligheid is weggelegd voor waakzame inwoners en ondernemers, oftewel sociale controle. Hier gaat niet alleen een signalerende werking vanuit (registreren van gepleegde misdaden), maar met name ook een preventieve werking (misdaden worden niet gepleegd wanneer er sociale controle is). We zetten hier op in door middel van ruimtelijke ordening en de inrichting van de openbare ruimte, bijvoorbeeld door functies en levendigheid toe te voegen aan belangrijke publieke locaties, zoals centrumgebieden, en langs verbindingsassen Bij nieuwe ontwikkelingen houden we rekening met de sociale veiligheid van de omgeving en voorkomen we dat (nieuwe) plekken ontstaan waar geen sociale controle op is. Ook zetten we in op bewustwording bij inwoners en ondernemers met betrekking tot sociale veiligheid, onder meer door middel van voorlichtingscampagnes.

We streven ernaar om de publieke gezondheid in Den Helder te behouden en te versterken. Met de aanleg van riolering en goede drinkwatervoorzieningen in de afgelopen eeuw zijn belangrijke stappen op het gebied van de gezondheid gezet. Ook richting de toekomst blijft volksgezondheid het belangrijkste doel in het stedelijk waterbeheer. Voorop staat dat we zo veel mogelijk blijven voorkomen dat bewoners in contact komen met afvalwater. Voor een doelmatig stedelijk waterbeheer voorkomen we zoveel mogelijk het ontstaan van afvalwater. We houden vervolgens afvalwaterstromen zoveel mogelijk gescheiden en voeren uiteindelijk het huishoudelijk afvalwater of afvalwater dat daarop lijkt af naar de zuivering. We zetten in op een doelmatige aanpak van afvalwater van grote percelen en bedrijfslozingen en bij initiatieven vroegtijdig in gesprek komen om met ondernemers de beleidsuitgangspunten door te spreken. Bedrijfsmatig afvalwater zuiveren we bij voorkeur bij de bron, om het vervolgens opnieuw te gebruiken of ter plekke in het milieu te brengen. In het buitengebied maken we een doelmatigheidsafweging waar het afvalwater te verwerken en op welke wijze. Daarbij wegen we nut en noodzaak van maatregelen goed af tegen de kosten. We willen namelijk dat de riolering ook voor toekomstige generaties betaalbaar blijft. Met de invulling van de wettelijke zorgplichten riolering beperken we de kans op structurele (grond)wateroverlast, beschermen we de omgeving/ het milieu én bevorderen we hiermee ook een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. We werken regionaal samen aan het verbeteren van de toestand en het functioneren van de waterketen in 2030 en zetten in op een verdere professionalisering van deze samenwerking.

Door middel van strengere milieunormen en sanering van vervuilingsbronnen is de kwaliteit van ons water, bodem en lucht de afgelopen decennia beter geworden. Waar nog niet wordt voldaan aan de wettelijke normen zetten we in op kwaliteitsverbetering. Met name op het gebied van waterkwaliteit zijn nog flinke stappen te zetten. In het stedelijk gebied zetten we in op kwaliteitsverbetering door in te zetten op het scheiden van rioolsystemen voor afvalwater en hemelwater, de aanleg van natuurvriendelijke oevers en het vasthouden en laten infiltreren van hemelwater. In het agrarisch gebied stimuleren we de transitie naar een meer duurzame landbouw, waarbij geen of minder pesticiden gebruikt wordt. Op een aantal vlakken kan extra gezondheidswinst behaald worden door te kijken waar binnen de landelijke normen toch gezondheidsschade of hinder wordt ondervonden en hier maatregelen op te richten. Op het gebied van geluid is er in Den Helder vaker dan gemiddeld sprake van geluidsoverlast van verkeer over kleinere wegen (waar maximaal 50 of 30 km/u gereden mag worden). Met isolerende maatregelenkan zowel de geluidsoverlast worden verminderd als een bijdrage worden geleverd aan de duurzaamheid van woningen. We stimuleren particuliere eigenaren bij het nemen van isolerende maatregelen. Een belangrijke geluidsbron wordt ook gevormd door de activiteiten in de haven van Den Helder. Gezien het belang van de haven houden we ruimte voor (geluidsbelastende) activiteiten, maar bij de verdere ontwikkeling van het havengebied zoeken we naar mogelijkheden om door middel van zonering en gebruik van de best beschikbare technieken om de geluidsbelasting zoveel mogelijk te beperken. Hierbij voorkomen we ook dat de geluidsbelasting op de Waddenzee, waaronder het stiltegebied op enkele kilometers buiten de haven van Den Helder, hierdoor extra toeneemt. De luchtkwaliteit van Den Helder is al goed te noemen op basis van de landelijke normen, maar voldoet nog niet aan de normen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). We zetten in op een transitie naar meer duurzame mobiliteit, waarmee de luchtkwaliteit verder zal verbeteren. De normen van de WHO vormen hierin een streefwaarde. De bodemkwaliteit van Den Helder is in kaart gebracht en de meest urgente vervuilde gebieden zijn gesaneerd. Op een aantal locaties zijn restvervuilingen in de bodem aanwezig. De ontwikkelopgave van de komende jaren biedt kansen om een aantal van deze restvervuilingen te saneren en hiermee verder bij te dragen aan de milieukwaliteit.

Een belangrijk onderdeel op het gebied van gezondheid voor de komende jaren is het stimuleren van gezond gedrag. Vanuit het Nationaal Preventieakkoord zijn er maatregelen afgesproken om hier de komende jaren aan te werken. Zo zijn scholen en schoolterreinen, speeltuinen en kinderboerderijen vanaf 2020 verplicht rookvrij. In 2025 moeten ook sportverenigingen en zorginstellingen rookvrij zijn. Ook is er groeiende zorg over het aanbod aan ongezond eten ten opzichte van gezond eten, wat een belangrijke verklaring is voor het vaker voorkomen van obesitas in veel westerse landen. We zetten er op in om gezond gedrag voor iedereen stimuleren en eenvoudig maken. Kinderen proberen we daarbij ook zoveel mogelijk te beschermen tegen ongezonde producten en ongezond gedrag, zoals roken en ongezonde voedingswaren. We zetten bijvoorbeeld in op watertappunten op strategische locaties in de gemeente. In de directe omgeving van scholen geven we geen ruimte voor fastfoodrestaurant of snackwagens. We onderzoeken of in de toekomst ook andere locaties waar veel kinderen en/of kwetsbaren komen rookvrij gemaakt kunnen worden. Ook het stimuleren van sport en beweging is een belangrijk onderdeel van gezond gedrag. We richten de openbare ruimte zo in dat fietsen en wandelen altijd veilig mogelijk is, ook voor mensen die minder mobiel zijn of een beperking hebben. De openbare ruimte wordt zo ingericht dat deze aantrekkelijk hiervoor is en voldoende ruimte biedt voor beweging, sporten en spelen. Voor iedereen zijn er in de buurt van de woonomgeving faciliteiten om te kunnen sporten, zowel individueel als in verenigingsverband. Om dit te ondersteunen is er in iedere wijk van Den Helder en de kern Julianadorp een sportcomplex voor buitensport beschikbaar. In de openbare ruimte zijn aantrekkelijke routes om te wandelen en te fietsen en kan er veilig gebruik gemaakt worden van openbaar groen om te sporten. Voor (jongere) kinderen is spelen een onmisbaar onderdeel om goed en gezond op te kunnen groeien. We vinden het belangrijk dat kinderen voldoende plekken hebben om te spelen en zich te ontwikkelen, zowel in bestaande buurten als in nieuw te ontwikkelen buurten. Bij het investeren in speelplekken zetten we in op het afstemmen van vraag en aanbod en het creëren van een uitdagend en divers aanbod. Duurzaamheid, veiligheid en toegankelijkheid zijn hierbij belangrijke randvoorwaarden.

2.3 Nieuwe ontwikkelingen versterken de bestaande omgeving en bieden kwaliteit en onderscheidend vermogen.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder heeft als havenstad en basis van de Koninklijke Marine veel te lijden gehad onder de Tweede Wereldoorlog. De stad is de meest gebombardeerde stad van Nederland en het historische centrum, Oud Den Helder, is vrijwel volledig afgebroken voor de constructie van de Atlantikwall, de Duitse fortificatie van Zuid-Frankrijk tot aan Noorwegen. Tijdens de Wederopbouw stond Den Helder daarom voor een immense opgave om de stad uit de as te laten verrijzen, de economie weer op gang te laten komen en de enorme woningnood in die tijd te lijf te gaan. In deze periode is daarom vooral veel nadruk gelegd op kwantitatieve groei, met name ook omdat de verwachting op dat moment was dat Den Helder verder zou groeien tot een stad met 100.000+ of zelfs 200.000+ inwoners. Inmiddels weten we dat door allerlei maatschappelijke en economische ontwikkelingen deze groeiverwachtingen niet uit zijn gekomen en dat de soms te eenzijdige focus op kwantiteit bij ontwikkelingen in het verleden afbreuk doen aan de omgevingskwaliteit en het vestigingsklimaat van de gemeente.

Het feit dat Den Helder minder centraal in Nederland ligt betekent dat het belang om onderscheidend te zijn, zowel qua aanbod als qua kwaliteit van voorzieningen, juist des te groter is om mensen naar de gemeente Den Helder te trekken en daar te houden. Het afgelopen decennium is al stevig ingezet op een kwaliteitsslag in de ontwikkeling van de stad, die alom wordt geprezen en waarvoor prijzen worden gewonnen. De aandacht voor ruimtelijke kwaliteit en investering door diverse partijen op diverse locaties heeft hier veel aan bijgedragen. Het Stadshart maakt een transformatie door en de oude Rijkswerf Willemsoord wordt opnieuw onderdeel van het publieke en culturele leven, met nieuwe invulling van de bestaande bebouwing. Woonbuurten worden herontwikkeld met aantrekkelijke, duurzame en hedendaagse woongebouwen. Ook de openbare ruimte in bestaande buurten krijgt een kwaliteitsimpuls. Dagelijks zijn veel mensen bezig met de ontwikkeling van de stad om de kwaliteitsslag die is ingezet, door te zetten met het oog op de toekomst. Nu Den Helder na een lange tijd van krimp van de bevolking inmiddels zicht heeft op stabilisatie en enige groei van het inwonersaantal wordt dit des te belangrijker. Er wordt de komende jaren ingezet op het realiseren van een flinke woningbouwopgave, nieuwe investeringen in voorzieningen en de kwaliteit van de stad en ook op economisch gebied worden flinke investeringen verwacht, bijvoorbeeld vanuit de Koninklijke Marine en de offshore duurzame energiesector. Hiermee staat Den Helder opnieuw voor een groeiopgave. We zetten er op in dat nieuwe ontwikkelingen de bestaande omgeving versterken en kwaliteit en onderscheidend vermogen bieden, om zo richting de toekomst bij te dragen aan het (vestigings)klimaat voor inwoners, ondernemers en bezoekers. Hiermee sluiten we aan bij de Omgevingswet, die een goede omgevingskwaliteit naast gezondheid en veiligheid als een van de drie hoofddoelen van de wet noemt.

Deze goede omgevingskwaliteit streven we via verschillende strategieën na. In deze omgevingsvisie spelen de in de gemeente aanwezige identiteiten en kernkwaliteiten, zoals de haven, de drie kusten, De Stelling en het open landschap, een hoofdrol bij de verdere ontwikkeling van de gemeente. Door aan te sluiten bij deze identiteitsdragers en deze te behouden en waar mogelijk verder te versterken zetten we er op in om Den Helder op zo een wijze te ontwikkelen dat de bestaande kwaliteiten versterkt worden en de unieke, eigen identiteit duidelijker herkenbaar en beleefbaar is. Deze inzet vertalen we door in ons ruimtelijk beleid en richting concrete ontwikkelingen.

Ook het cultureel erfgoed, in de vorm van monumenten, beeldbepalende panden en het beschermd stadsgezicht, is belangrijk bij het vergroten van de omgevingskwaliteit. Deze objecten en gebieden vertellen een belangrijk deel van het verhaal van Den Helder en hebben vaak een bijzondere kwaliteit. We beschermen dit cultureel erfgoed en streven behoud door ontwikkeling na, waardoor deze historische objecten en gebieden opnieuw een functie krijgen voor huidige bewoners en bezoekers. Niet alle onderdelen van het verhaal van Den Helder komen duidelijk naar voren in de objecten en gebieden die nu beschermd worden. Daarom kijken we continu of er nieuwe objecten/gebieden in aanmerking komen voor cultuurhistorische bescherming, bijvoorbeeld in de vorm van agrarisch erfgoed en erfgoed uit recentere periodes (Wederopbouw (1945-1965) en Post ’65 (1965-nu)).

Naast het beschermen en benutten van landschappen, gebieden, stedenbouwkundige structuren en objecten die bepalend zijn voor de identiteit van Den Helder streven we ook een goede omgevingskwaliteit na in de delen van de gemeente die niet expliciet beschermd worden. Hiervoor stellen we regels met betrekking tot ruimtelijke ordening, het uiterlijk van bouwwerken en de inrichting van de openbare ruimte. Initiatiefnemers en belanghebbenden, zoals buren, geven we hiermee duidelijkheid en rechtszekerheid. Bij nieuwe initiatieven en plannen waarvoor een omgevingsvergunning nodig is wordt op deze manier getoetst of deze een bijdrage leveren aan een goede omgevingskwaliteit. Hierbij adviseren we initiatiefnemers ook om de (gewenste) kwaliteit te bereiken of verder te verhogen. Voor de bestaande omgeving bieden de regels mogelijkheden om bij excessen of zeer onaantrekkelijke omgevingen te kunnen sturen op een verbetering van de omgevingskwaliteit.

Omgevingskwaliteit is van nature niet kwantitatief en laat zich vaak dus lastig vangen in regels die tot slechts één uitkomst kunnen leiden. Bovendien is de rijke gelaagdheid van de ontwikkeling van Den Helder en de grote variatie in landschappen, gebieden en woonomgevingen gebaat bij maatwerk en speciale aandacht voor de directe omgeving van een plan. De aandacht hiervoor bij opdrachtgevers met behulp van goede ontwerpers, is belangrijk om ervoor te zorgen dat eenontwikkeling bijdraagt aan de omgeving. Een dialoog over de beoogde kwaliteit tussen initiatiefnemers, ontwerpers, belanghebbenden en deskundigen, is bij uitstek het middel om niet alleen tot verdere kwaliteitsimpulsen te komen, maar ook het enthousiasme hiervoor aan te wakkeren. In deze dialoog worden aspecten als ambitie, bruikbaarheid, technische haalbaarheid, historisch besef en relatie met de omgeving besproken en onderdeel gemaakt van de advisering. De samenstelling van de deelnemers aan deze dialoog is eveneens maatwerk. De impact, de situatie en de omvang in schaal en tijd zijn bepalend voor de reikwijdte van de regulering en bijbehorende advisering en dus van de nodige of wenselijke inzet van bijvoorbeeld onafhankelijke experts of een supervisor.

2.4 Ons leefomgeving wordt toekomstbestendig ingericht en gebruikt en draagt bij aan een sterke samenleving.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder staat, net als de rest van Nederland, voor een aantal grote uitdagingen met betrekking tot het toekomstbestendig inrichten en gebruiken van de leefomgeving. We zetten hierbij in op duurzaam ruimtegebruik, de vijf pijlers van duurzaamheid en het goede koppelen van de fysieke leefomgeving op de sociale leefomgeving en het uitoefenen van een positieve invloed hierop. Door ons inzet hierop willen we de leefomgeving zo gebruiken, inrichten en verder ontwikkelen dat de volgende generaties minimaal dezelfde kwaliteit qua leefomgeving kunnen ervaren en dat de fysieke leefomgeving een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de sociale leefomgeving. Hierbij richten we ons zowel op de kwaliteit van nieuwe ontwikkelingen als het versterken van de kwaliteit van de bestaande leefomgeving.

Onder duurzaam ruimtegebruik verstaan we het verstandig omgaan met de beschikbare ruimte, waardoor het ruimtegebruik als gevolg van menselijke activiteiten zo klein mogelijk is en niet onevenredig ten koste gaat van bijvoorbeeld natuur en het open landschap. Hier sturen we op via ons ruimtelijke beleid, onder andere door terughoudend te zijn met ontwikkelingen buiten het huidige stedelijke gebied, functies waar mogelijk te combineren (meervoudig gebruik) en transformatie en hergebruik van de bestaande omgeving te stimuleren. Niet alleen de beschikbare ruimte boven de grond vraagt om duurzaam ruimtegebruik. Op sommige plekken, met name in de wijk Stad binnen de Linie, is sprake van een grote hoeveelheid functies in de ondergrond, die deels met elkaar concurreren en vragen om sturing op het ondergronds ruimtegebruik. Door de energietransitie en klimaatadaptatie neemt de druk op de ondergrond toe. Er kunnen bijvoorbeeld leidingen bijkomen voor warmtetransport en er is behoefte aan groeiruimte voor bomen. Bij rioolaanleg of rioolvervanging zullen we daarom meer dan voorheen rekening moeten houden met het ondergronds ruimtebeslag. Waar sprake is van een grote druk op de beschikbare ruimte in de ondergrond zoeken we naar slimme combinaties om zoveel mogelijk functies ruimte te geven in de beschikbare ondergrondse ruimte. Waar desondanks toch knelpunten ontstaan kan worden gekozen voor prioritering.

De energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit, circulaire economie en duurzame mobiliteit vormen de vijf pijlers van duurzaamheid. Den Helder zet de komende jaren in op al deze vijf pijlers in om de leefomgeving toekomstbestendig te gebruiken, in te richten en verder te ontwikkelen. Op alle facetten van duurzaamheid heeft de gemeente een voorbeeldrol en geven we het goede voorbeeld. Soms speelt de gemeente een leidende rol, maar met name zetten we in op het faciliteren en stimuleren van inwoners, ondernemers en andere partijen om als gehele maatschappij te verduurzamen.

De energietransitie vraagt om grote veranderingen op het gebied van energieopwekking en -gebruik, mobiliteit, landbouw en allerlei industriële processen. Ook in de gemeente Den Helder zullen alle inwoners en ondernemers te maken krijgen met deze veranderingen, die soms behoorlijk ingrijpend kunnen zijn. We stimuleren acties van inwoners en ondernemers om te verduurzamen en faciliteren waar mogelijk, met als doel om in 2040 als gehele gemeente energieneutraal te zijn. We zetten hierbij in op twee belangrijke opgaven: door middel van energiebesparende maatregelen moet de hoeveelheid benodigde energie in de toekomst verminderen en de energie die ondanks de energiebesparende maatregelen nodig zal blijven moet op een duurzame manier worden opgewekt. In het nationale klimaatakkoord worden vijf pijlers aangeduid waarbinnen de energietransitie vorm moet krijgen: de gebouwde omgeving, mobiliteit, industrie, landbouw en landgebruik en de opwek van duurzame energie.

We streven ernaar om alle gebouwen in 2040 te hebben aangesloten op duurzame energiebronnen. Per buurt wordt in kaart gebracht op welke wijze deze transitie het beste plaats kan vinden en wat het best beschikbare alternatief is. We spelen een actieve rol bij het opzetten van collectieve vormen van duurzame energie, bijvoorbeeld door met een aantal andere partijen in te zetten op de realisatie van een geothermische bron die via een warmtenet duurzame energie kan leveren. In buurten waar het inzetten op individuele vormen van duurzame energie de best passende optie is faciliteren en stimuleren we eigenaren om deze transitie te realiseren. Naast de transitie naar het gebruik duurzame energie speelt ook energiebesparing hierin een belangrijke rol. Door isolatie en andere energiebesparende maatregelen te stimuleren speelt de gemeente hierin een faciliterende en stimulerende rol richting derden, zoals particuliere woningeigenaren. In de openbare ruimte zoeken we naar mogelijkheden om nieuwe ruimtevragers met betrekking tot de energietransitie (laden van elektrische auto’s, lokale opslag van duurzame energie, etc.) in te passen. Naast de inzet om als gemeente in 2040 energieneutraal te zijn speelt Den Helder ook op grotere schaalniveaus een rol bij de energietransitie. Via de Regionale Energiestrategie (RES) heeft Den Helder zich verbonden aan de ambitie om bij te dragen aan de grootschalige opwek van duurzame energie op land. Zoekgebied hiervoor is de Nieuwe Haven. Hierbuiten kijken we ook naar mogelijkheden van zon op grote daken, zon boven parkeerplaatsen. Economisch gezien ziet Den Helder veel kansen ontstaan rondom de nationale inzet rondom het realiseren van grootschalige windenergie op de Noordzee. Tegelijk zien we grote economische voordelen bij het plaatsen van een Small Modular Reactor bij Den Helder. We denken daarbij niet alleen aan goedkope elektriciteit voor Den Helder, maar ook aan warmte voor stadsverwarming en industriële processen zoals de productie van synthetische brandstoffen.

We streven ernaar om alle gebouwen in 2040 te hebben aangesloten op duurzame energiebronnen. Per buurt wordt in kaart gebracht op welke wijze deze transitie het beste plaats kan vinden en wat het best beschikbare alternatief is. We spelen een actieve rol bij het opzetten van collectieve vormen van duurzame energie, bijvoorbeeld door met een aantal andere partijen in te zetten op de realisatie van een geothermische bron die via een warmtenet duurzame energie kan leveren. In buurten waar het inzetten op individuele vormen van duurzame energie de best passende optie is faciliteren en stimuleren we eigenaren om deze transitie te realiseren. Naast de transitie naar het gebruik duurzame energie speelt ook energiebesparing hierin een belangrijke rol. Door isolatie en andere energiebesparende maatregelen te stimuleren speelt de gemeente hierin een faciliterende en stimulerende rol richting derden, zoals particuliere woningeigenaren. In de openbare ruimte zoeken we naar mogelijkheden om nieuwe ruimtevragers met betrekking tot de energietransitie (laden van elektrische auto’s, lokale opslag van duurzame energie, etc.) in te passen. Naast de inzet om als gemeente in 2040 energieneutraal te zijn speelt Den Helder ook op grotere schaalniveaus een rol bij de energietransitie. Via de Regionale Energiestrategie (RES) heeft Den Helder zich verbonden aan de ambitie om bij te dragen aan de grootschalige opwek van duurzame energie op land. Zoekgebied hiervoor is de Nieuwe Haven. Hierbuiten kijken we ook naar mogelijkheden van zon op grote daken, zon boven parkeerplaatsen. Economisch gezien ziet Den Helder veel kansen ontstaan rondom de nationale inzet rondom het realiseren van grootschalige windenergie op de Noordzee. Tegelijk zien we grote economische voordelen bij het plaatsen van een Small Modular Reactor bij Den Helder. We denken daarbij niet alleen aan goedkope elektriciteit voor Den Helder, maar ook aan warmte voor stadsverwarming en industriële processen zoals de productie van synthetische brandstoffen.

We verwerken regenwater bij voorkeur zoveel mogelijk lokaal en bergen het overtollige regenwater eerst voordat we het uiteindelijk vertraagd afvoeren. Hoe minder regenwater we naar de zuivering afvoeren en gescheiden kunnen houden van afvalwater in de riolering, des te efficiënter kunnen we enerzijds grondstoffen en energie terugwinnen en anderzijds medicijnresten en hormoonverstorende stoffen uit het afvalwater verwijderen. Met het vasthouden van regenwater in de bodem houden we bovendien een soort van zoetwaterbel in stand die mogelijke verzilting als gevolg van de stijgende zeespiegel tegengaat. Als we regenwater tijdens hevige of langdurige neerslag even niet kunnen vasthouden in de bodem bergen we het bijvoorbeeld op straat of in het groen. Na afloop van de bui laten we het regenwater langzaam afstromen naar een veilige plek. Bij het vasthouden en bergen kijken we goed naar de kwaliteit van het regenwater. Als de neerslag op mogelijk vervuild terrein valt, dan voeren we het toch via de riolering af naar de zuivering. Bij lichtere neerslag op schone terreinen kan het regenwater eventueel in de bodem infiltreren. Bij extreme neerslag moeten we de openbare ruimte zo goed als mogelijk benutten. We kunnen bijvoorbeeld speelvelden, pleinen of openbaar groen onder water laten lopen. Het water kan daar enkele uren of misschien wel dagen staan. We verwachten niet dat dit tot waterkwaliteitsproblemen leidt (het is immers relatief schoon water), maar per situatie zullen we de waterkwaliteit laten meewegen in de uitwerking. Om het risico op grondwateroverlast te beperken willen we dat bij het toewijzen van functies beter rekening wordt gehouden met de grondwaterstand en andersom dat de grondwaterstand de bovengrondse functie van een gebied niet belemmert. We zijn als gemeentehet eerste aanspreekpunt voor bewoners en bedrijven bij (grond)waterproblemen en kunnen hierin adviseren.

We willen in de planvormingsfase alle relevante disciplines in een vroeg stadium betrekken om te komen tot een klimaatbestendige inrichting van een plangebied. Als gemeente willen we particuliere grondeigenaren graag helpen en faciliteren om ook klimaatbestendige maatregelen te treffen. Hiertoe geven we in elk geval zelf het goede voorbeeld en zorgen voor meer bekendheid rondom dit thema. Het is duidelijk dat we samen met bedrijven, woningcorporaties en bewoners aan de leefomgeving moeten werken. De vraag of grond particulier of gemeentelijk eigendom is moet uiteindelijk geen belemmering zijn om de klimaatdoelstellingen te behalen. Maatregelen op verschillende grondpercelen, uitgevoerd door zowel gemeente als corporatie of woningbezitters, zullen het effect van de afzonderlijke maatregelen versterken.

Den Helder kent door haar verscheidenheid aan landschappen en haar ligging aan de Noordzee en Waddenzee een rijke biodiversiteit. Tegelijkertijd staat deze biodiversiteit, zoals door heel Nederland, stevig onder druk. We zetten in op behoud en versterking van de aanwezige biodiversiteit. Om dit te bereiken zetten we in op behoud van beschermde natuurgebieden, het bevorderen van biodiversiteit in de stedelijke omgeving en het aan elkaar verbinden van verschillende natuurgebieden/gebieden met een hoge biodiversiteit. Ondanks de bescherming van natuurgebieden met NNN- of Natura 2000-status zijn er risico’s voor de biodiversiteit. Met name het duingebied is gevoelig voor verstoring door stikstofdepositie. Aangezien Den Helder geen grote piekbelasters qua stikstofuitstoot kent vraagt het terugdringen van de stikstofdepositie een brede aanpak. We zetten in op een transitie naar meer duurzame mobiliteit en het vervangen van fossiele energiebronnen door duurzame energiebronnen. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden om buffergebieden rondom beschermde natuurgebieden te realiseren, bijvoorbeeld door middel van natuur- en landschapsontwikkeling in de binnenduinrand. We voorkomen verstoring van beschermde natuurgebieden door invloeden van buitenaf, bijvoorbeeld in de vorm van licht, geluid, trillingen of recreatiedruk. Met betrekking tot het verminderen van lichtuitstoot richting de Waddenzee zijn hier afspraken over vastgelegd, waaraan Den Helder zich heeft verbonden. De huidige lichtuitstoot is in kaart gebracht en met betrokken partijen zoeken we naar mogelijkheden om de lichtuitstoot richting de Waddenzee terug te dringen en de hemelhelderheid te vergroten. Bij nieuwe ontwikkelingen houden we expliciet rekening met de invloed hiervan op beschermde natuurgebieden en we voorkomen negatieve invloeden of perken deze zoveel mogelijk in. In het stedelijke gebied zetten we in op versterking van de biodiversiteit, bijvoorbeeld door groen en water toe te voegen en natuurinclusief bouwen te stimuleren. Door middel van ecologische verbindingen vergroten we het (potentiële) leefgebied van soorten, waardoor populaties meer levensvatbaar worden. Hiervoor zetten we in op sterke structuren van groen en water en maatregelen om veilig (hoofd)infrastructuur als wegen en het treinspoor over te steken. In het agrarisch gebied kunnen kruidenrijke akkerranden belangrijke ecologische verbindingen bieden.

We zetten in op de overgang van een lineaire naar een circulaire economie en samenleving. Hiermee wordt bedoeld dat de huidige ketens van grondstoffen naar afval vervangen worden door gesloten ketens, waarin uit afval nieuwe grondstoffen worden gehaald die opnieuw gebruik kunnen worden. Hierdoor zijn veel minder nieuwe grondstoffen nodig. Vanuit het oogpunt van duurzaamheid is dit beter, omdat hiermee minder druk op het milieu komt te staan (minder impact van het winnen en het vervoeren van grondstoffen) en grondstoffen beschikbaar blijven voor volgende generaties. Als onderdeel van de nationale afspraken over de transitie van lineaire naar circulaire economie werken we in Den Helder toe naar een circulaire economie en samenleving in 2050. De gemeente geeft het goede voorbeeld en zet in op het verhogen van het aandeel hergebruik van grondstoffen. Hierbij zetten we in op het circulairder maken van ons eigen bedrijfsvoering, de bouw- en infraprojecten waarvan we opdrachtgever zijn (bijvoorbeeld via het hergebruik van materialen en het inzetten op meer natuurlijke, bio based, materialen) en ons afvalstromen (in samenwerking met afvalverwerker HVC). Daarnaast stimuleren we inwoners en bedrijven/ondernemers bij de transitie naar meer circulariteit.

Op het gebied van mobiliteit zetten we in op een transitie naar duurzame mobiliteit. Onder het uitgangspunt ‘De gemeente Den Helder is zo optimaal mogelijk bereikbaar met verschillende vervoersmiddelen’ werken we uit hoe Den Helder de transitie naar meer duurzame mobiliteit gaat maken en op welke manier we ervoor zorgen dat Den Helder duurzaam bereikbaar blijft.In Den Helder spelen er behoorlijke sociale uitdagingen. Op veel indicatoren met betrekking tot de sociale en sociaal-economische status van ons inwoners scoren we onder het landelijke gemiddelde. We streven ernaar dat de leefomgeving een positieve bijdrage levert aan de gezondheid, het welzijn en de sociaal-maatschappelijke positie van onze inwoners en zo bijdraagt aan de kracht van de samenleving. Naast de inzet op het voorkomen van gezondheidsschade en het stimuleren van gezond gedrag, zoals beschreven onder uitgangspunt ‘Een gezonde en veilige leefomgeving voor iedereen is altijd de basis’, zetten we in op het realiseren, behouden en versterken van kwalitatief goede maatschappelijke voorzieningen die voor ons inwoners goed bereikbaar zijn. Door hierin (mee) te investeren werken we aan het faciliteren van een goed aanbod aan onderwijs en ontwikkeling, zorg en ondersteuning in de buurt en mogelijkheden om elkaar te ontmoeten.

Een extra grote uitdaging die op de samenleving afkomt is de vergrijzing van de bevolking. Naar verwachting zal het aantal ouderen in de komende decennia sterk toenemen, waardoor druk wordt gelegd op zorg en ondersteuning vanuit zorgpartijen en gemeente, maar ook van mantelzorgers en steeds meer de directe omgeving. Den Helder kent op dit moment al een hoger aandeel ouderen dan gemiddeld in Nederland en zal de maatschappelijke gevolgen hiervan naar verwachting ook eerder merken. In de gebouwde omgeving kunnen maatregelen worden genomen om hierop in te spelen, bijvoorbeeld door het levensloopbestendig maken van woningen, het aanpassen van de openbare ruimte en het clusteren van vormen van wonen en zorg rondom voorzieningenclusters. Hiermee kan de leefomgeving een belangrijke bijdrage leveren aan deze maatschappelijke opgave. Waar nodig/wenselijk zetten we in op deze aanpassingen van de leefomgeving, zowel bij nieuwe ontwikkelingen als in de bestaande omgeving.

2.5 De gemeente Den Helder is zo optimaal mogelijk bereikbaar met verschillende vervoersmiddelen.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Door de ligging van Den Helder is bereikbaarheid niet vanzelfsprekend. Waar er juist sprake is van een strategische ligging ten opzichte van de Noordzee en Waddenzee voor de haven, betekent het feit dat de gemeente aan drie zijden wordt omringd door water dat de bereikbaarheid over land lastiger is. Een ander nadeel is dat Den Helder qua afstand en reistijd verder ligt ten opzichte van andere grote steden in de Randstad en Noord-Nederland dan de ons omringende gemeenten (met uitzondering van gemeente Texel). Voor banen, opleidingen en voorzieningen die niet in Den Helder aanwezig zijn moet hierdoor meer reistijd en –afstand worden afgelegd. Mogelijkheden om deze nadelen volledig weg te nemen zijn beperkt. Belangrijk is daarom vooral het inzetten op onderscheidend vermogen: een onderscheidende economie, onderscheidende woonmilieus, onderscheidende voorzieningen; kortom een onderscheidende kwaliteit, waardoor inwoners, ondernemers en bezoekers bewust voor de gemeente Den Helder kiezen. Een belangrijk voordeel daarbij kan de toenemende digitalisering zijn, die steeds meer mensen in staat stelt om (deels) thuis te werken, onderwijs te volgen en te winkelen. Hiermee kan Den Helder ook met haar minder centrale ligging aantrekkelijk zijn als gemeente om in te wonen, te werken of om te bezoeken, zo lang maar voldoende kwaliteit kan worden geleverd.

Daarbij zetten we er op in om de bereikbaarheid van Den Helder zo optimaal mogelijk te maken met verschillende vervoersmiddelen. We zetten in op een duurzame inpassing van mobiliteit in de leefomgeving. We kiezen voor gezonde mobiliteit door fietsverbindingen (binnen Den Helder en richting buurgemeenten) te versterken. Door het aanleggen van een dekkend netwerk van laadinfrastructuur faciliteren we de transitie naar elektrische mobiliteit. Door mobiliteitshubs (knooppunten waar verschillende vervoersmiddelen samenkomen) te creëren ondersteunen we multimodale en deelmobiliteit. We investeren in een veilige, schone en rustige leefomgeving door in onze wijken waar mogelijk wegen te herprofileren naar 30km/u wegen en langzaam verkeer te prioriteren.

In de bereikbaarheid van en naar Den Helder spelen met name een aantal regionale verbindingen een rol. De belangrijkste regionale verbindingen zijn de N250, die het knooppunt bij bedrijventerrein Kooypunt doorgaat in oostelijke (N99) en zuidelijke richting (N9), het NS spoor, waarbij Den Helder het kopstation is op het traject naar Nijmegen via Alkmaar, Amsterdam en Utrecht, en de TESO-veerboot tussen Den Helder en Texel. Ook het Noordhollands Kanaal kan worden gezien als een regionale verbinding. Dit heeft met name een economische functie voor binnenvaart en voor debereikbaarheid (en ontwikkeling) van het regionaal bedrijventerrein Kooyhaven, hoewel het ook steeds meer door recreatief vaarverkeer wordt ontdekt.

Om de bereikbaarheid van en naar Den Helder te vergroten is regionale samenwerking van groot belang, gezien het gemeenteoverstijgende karakter van dit soort infrastructuur. Regionaal wordt gewerkt aan het versterken van ‘de Helderse lijn’, de spoorverbinding tussen Alkmaar en Den Helder. Insteek is om op langere termijn het aantal passagiers en de frequentie van de dienstregeling structureel te verhogen. We zetten hierbij ook in op een toekomstige verdubbeling van de spoorcapaciteit, van enkelspoor naar dubbelspoor. Ook is regionaal afgesproken om voor de langere termijn in te zetten op de N77, een nieuwe verbinding tussen de N99 en de A7, waarmee de reistijd per auto van en naar Den Helder behoorlijk verkort kan worden. Op de bestaande N-wegen van en naar Den Helder (N250, N9 en N99) zetten we in op het vergroten van de verkeersveiligheid en de doorstroming.

Door het samenkomen van verschillende vervoersstromen (stadsverkeer, TESO verkeer, havenverkeer, verkeer naar de marinehaven) in de binnenstad van Den Helder is de N250 kwetsbaar voor filevorming. Hierdoor staat de bereikbaarheid van Den Helder onder druk. Belangrijke oplossingsrichting is om de verschillende verkeersstromen op de N250 zo vroeg mogelijk van elkaar te scheiden, zodat de filevorming in de binnenstad wordt tegengegaan. Binnen de ontwikkeling van het Maritiem Cluster worden oplossingen hiervoor in kaart gebracht, met als doel tot een gedragen oplossing te komen. We richten ons hierbij op een combinatie van het realiseren van een nieuwe, verbeterde ontsluiting van de Marine- en civiele haven, het aanpassen van de routeringen binnen het gebied en het optimaal organiseren van logistieke en mobiliteitsstromen binnen het Maritiem Cluster. Ook onderzoeken we de mogelijkheden om een transferium te realiseren op of rondom bedrijventerrein Kooypunt en luchthaven Den Helder.

Voor een goede ontsluiting van het wegverkeer binnen de gemeente behouden een aantal grotere wegen hun functie als hoofd(ontsluitings)weg. De Langevliet/Nieuweweg behoudt haar identiteit als belangrijkste verbinding tussen Julianadorp en Den Helder, met ruimte voor agrarisch medegebruik. Tevens wordt hier een doorfietsroute gerealiseerd tussen Den Helder en Julianadorp, en vanaf Julianadorp naar de regio. Ook de Ravelijnweg/Waddenzeestraat, de Schootenweg en het noordelijke deel van de Jan Verfailleweg (ten noorden van de overgang tussen de Helderse Vallei en de wijk Nieuw Den Helder) hebben een belangrijke ontsluitende functie. Het zuidelijke deel van de Jan Verfailleweg (zuidelijk vanaf de Helderse Vallei) en de Zanddijk hebben geen functie als hoofdontsluiting en kunnen op termijn via een herinrichting meer identiteit krijgen als toeristische kustroute. Daarbij kan worden ingezet op het goed kunnen beleven van het kustlandschap, met stoppunten langs de route op toeristische locaties. Door minder nadruk op snelheid en doorstroming te leggen biedt een dergelijke identiteit ook kansen om de oversteekbaarheid te verbeteren op verschillende locaties, zoals Julianadorp aan Zee en bij de Helderse Vallei.

Den Helder heeft de ambitie uitgesproken de meest fietsvriendelijke gemeente te willen zijn en zet in op het vergroten van de rol van de fiets in de mobiliteit binnen de gemeente. We zetten in op het realiseren van een regionale doorfietsroute tussen Den Helder en Julianadorp en vanaf daar verder richting de regio. Naast het realiseren van een doorfietsroute wordt vooral gefocust op zwakke of ontbrekende schakels in het fietsnetwerk en het geven van ruimte aan langzaam verkeer in de inrichting van de openbare ruimte.

Met de toenemende levendigheid van het Stadshart en Willemsoord speelt de transitie naar andere vormen van mobiliteit een belangrijke rol in het bereikbaar houden van het centrumgebied. Naast de fiets als vervoersmiddel spelen ook andere vormen van openbaar vervoer en deelvervoer hier een belangrijke rol in. We zetten in op het concentreren van verschillende mobiliteitsvormen in en rondom het stationsgebied, zodat eenvoudig kan worden overgestapt tussen trein, fietsen en wandelen, regionaal busvervoer en verschillende vormen van deelvervoer, zodat de hele gemeente op verschillende manieren bereikbaar gemaakt wordt.

Om Den Helder duurzaam bereikbaar te houden, is ook het voeren van een duidelijk parkeerbeleid van belang. We zetten er op in de parkeervraag zoveel mogelijk op eigen terrein op te lossen. In het grootste gedeelte van de gemeente is de parkeervraag goed op te vangen met een combinatie van parkeren op eigen terrein en parkeren op straat. In de wijk Stad binnen de Linie is deparkeerdruk op sommige plekken (zeer) hoog. Door het toevoegen van woningen stijgt de parkeerdruk in en rondom de Helderse binnenstad de komende jaren aanzienlijk. Samen met de stad gaan we onderzoeken hoe we de parkeerbehoeften van bewoners, bezoekers en bedrijven zo goed mogelijk op elkaar kunnen afstemmen, door de huidige parkeerruimte optimaal te benutten. Hierbij zetten we in op een mix van verschillende instrumenten, zoals regulering, het faciliteren van (collectieve) parkeeroplossingen en het stimuleren van alternatieve vervoersmiddelen.

2.6 De haven is de economische, sociaal-culturele en historische rode draad door Den Helder.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder heeft een speciale relatie met haar haven, die al ver teruggaat. De erkenning van Napoleon van Den Helder als strategisch gelegen haven (‘Het Gibraltar van het Noorden’), heeft het belang van de Helderse haven in een stroomversnelling gebracht. Nadat Napoleon werd verslagen is Den Helder aangewezen als belangrijke marinehaven en heeft zich in de twee eeuwen daarna ontwikkeld tot dé Marinestad van Nederland. Deze invloed is economisch zeer bepalend geweest voor Den Helder en blijft tot op de dag van vandaag erg belangrijk. Daarnaast is ook sociaal-cultureel de invloed van de Koninklijke Marine tot op de dag van vandaag te voelen in de stad. Naast de marinehaven heeft Den Helder ook een civiele zeehaven, met activiteiten als dienstverlening aan de offshore energieproductie en (hightech) onderhoud. In de afgelopen decennia is ook het belang van de recreatieve vaart toegenomen, waarbij de transformatie van Willemsoord tot een aantrekkelijk deel van het centrum waarschijnlijk een rol heeft gespeeld. In de economie van Den Helder speelt de haven tot op de dag van vandaag een zeer belangrijke rol, terwijl ook historisch en sociaal-cultureel het belang van de haven voor Den Helder moeilijk overschat kan worden. Het bestaansrecht van Den Helder is altijd nauw verbonden geweest met de strategisch gelegen haven. Daarom zien we de haven en ons identiteit als havenstad als rode draad door Den Helder.

De strategische ligging van de haven van Den Helder, met een open, eenvoudige toegang van en naar de Noordzee en Waddenzee als belangrijkste eigenschap, geeft ook richting de toekomst nieuwe economische kansen en is daarmee een belangrijke troefkaart voor de Helderse economie van de toekomst. In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zijn de nationale belangen geformuleerd waaraan in de komende jaren gewerkt dient te worden in Nederland. De haven van Den Helder en het grotere Maritiem Cluster dragen bij aan de nationale belangen energietransitie en nationale veiligheid. De haven van Den Helder biedt ruimte voor (zee)havengebonden activiteiten. Prioriteit geven we hierbij aan havengebonden activiteiten die bijdragen aan de nationale belangen energietransitie en nationale veiligheid. Om deze activiteiten op langere termijn ook de ruimte te geven worden de mogelijkheden om extra (zee)kadelengte en havenruimte te realiseren binnen de huidige oppervlakte van de haven nader onderzocht. Ook het (high-tech) onderhoudscluster en andere huidige activiteiten vinden hun plek in het havengebied. We zoeken naar een optimale verdeling van de beschikbare ruimte, waarbij bedrijvigheid zonder directe behoefte aan (zee)kaderuimte bij voorkeur op andere locaties in het Maritiem Cluster (Kooypunt, Oostoever) plaatsvindt. Ook zetten we in op meer onderlinge samenwerking tussen Marine(haven) en civiele haven, bijvoorbeeld in de vorm van kennis en innovatie op het gebied van hightech onderhoud.

Het sociaal-culturele en historische belang van de haven van Den Helder komt met name terug in de identiteit van Den Helder als havenstad. Door verschillende ontwikkelingen zijn stad en haven fysiek en gevoelsmatig verder uit elkaar komen te liggen in de tweede helft van de 20ste eeuw. De identiteit als havenstad is overeind gebleven, maar de fysieke connectie en beleving van de haven vanuit de stad werd steeds minder. Met de transformatie van de voormalige Rijkswerf Willemsoord naar een onderdeel van het centrumgebied van Den Helder is hier een belangrijke kentering in gekomen. We zetten actief in op het verbinden van stad en haven in de vorm van maritieme stadsontwikkeling, om de identiteit als havenstad te versterken. In het uitgangspunt ‘Stadshart en Willemsoord ontwikkelen zich verder richting één samenhangend en complementair centrumgebied voor gemeente en regio’ beschrijven we hoe Willemsoord de komende jaren verder ontwikkeld wordt als centrumgebied en verbinding tussen stad en haven. Op andere overgangsgebieden tussen stad en haven, zoals de Grachtengordel, behouden we de maritieme identiteit en laten we nieuwe ontwikkelingen aansluiten op de historische structuur. We werken aan het behoud van varend erfgoed, zoals historische schepen, en streven ernaar om (toeristisch interessante) delen van de haven publiek toegankelijk te maken.

2.7 In de gemeente Den Helder ervaren bewoners en bezoekers de unieke ligging aan drie kusten.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De prachtige landschappelijke ligging van de gemeente aan drie kusten is een unieke troef, waar nog niet altijd voldoende gebruik van gemaakt wordt. Daarom kiezen we ervoor om de ligging van de gemeente aan deze drie kusten (Noordzee, Marsdiep en Waddenzee) te omarmen en zoveel mogelijk te versterken. Hierbij zetten we waterveiligheid en de kwaliteit van het landschap, waaronder ook de beschermde natuurgebieden (Natura 2000 en NNN), voorop. Zonder deze twee randvoorwaarden is er geen sprake van het (duurzaam) ervaren van de unieke ligging aan drie kusten. Binnen deze twee randvoorwaarden zoeken we naar mogelijkheden om bewoners en bezoekers de drie kusten meer te kunnen laten ervaren. bijvoorbeeld door te investeren in nieuwe verbindingen, het verbreden van de kust- en duinlandschappen en de inzet op het mogelijk maken van multifunctioneel gebruik van de Helderse Zeewering, als toekomstbestendige klimaatdijk én nieuwe, unieke woonomgeving.

In de afgelopen decennia is gewerkt aan het versterken van de ligging van Nieuw Den Helder aan de duinen en het doortrekken van dit duinlandschap de wijk in. Deze koers wordt richting de toekomst doorgezet. In Julianadorp speelt eenzelfde vraagstuk, waarbij de aansluiting van het dorp met de duinen verder versterkt kan worden met een verbreding van het duinlandschap. De verbreding van de duinstrook past binnen verschillende strategieën om beter beschermd te zijn tegen toekomstige zeespiegelstijging, biedt ruimte voor extra natuurontwikkeling om de druk op het huidige Natura 2000-gebied te verminderen en geeft kansen voor het vasthouden van zoet water, waarvan de landbouw in de Koegraspolder in droge tijden van kan profiteren. Het bredere duinlandschap biedt ook extra kansen voor toerisme en (verblijfs)recreatie en past in de kwaliteitsslag die ingezet wordt voor de verblijfsrecreatie in Julianadorp, waarbij het doortrekken van het duinlandschap, een hogere kwaliteit en het richten op verschillende doelgroepen belangrijke uitgangspunten zijn.

De Helderse Zeewering is op dit moment een belangrijke barrière tussen de wijk Stad binnen de Linie en de zee. Om deze reden wordt door de gemeente in samenwerking met Woningstichting Den Helder/Helder Vastgoed B.V. en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) een innovatief plan uitgewerkt om een versterking en verbreding van deze dijk (met het oog op toekomstige zeespiegelstijging) te combineren met wonen aan de binnenzijde van de dijk, waarmee de stad opnieuw verbonden wordt met het Marsdiep en een uniek woonmilieu zal gaan ontstaan. Door dit multifunctionele gebruik van de Helderse Zeewering wordt ernaar gestreefd om de dijk meer onderdeel van de stad te laten zijn en de historische verbinding van Den Helder met de zee, die door dijkverhogingen in de jaren ’70 van de twintigste eeuw voor een belangrijk deel verloren is gegaan, weer te herstellen.

Het startpunt van de Waddenzee (vanuit Nederlands oogpunt), Paal 0 bij Huisduinen, ligt in de gemeente Den Helder. Toch geniet Den Helder nog weinig bekendheid als startpunt en toegangspoort naar dit bijzondere gebied, dat doorloopt tot Esbjerg in Denemarken. We zetten er op in dat Den Helder in 2050 de poort naar het Waddengebied, met UNESCO Werelderfgoed status, is. Hier werken we aan door een aantal verbindingen tussen Den Helder en de Waddenzee te realiseren. Zo zetten we in op een verbinding tussen woonwijk De Schooten en de Waddenzee, over het Noordhollands Kanaal heen. Ook bij Fort Harssens, een fort uit De Stelling Den Helder dat momenteel alleen op afspraak toegankelijk is, liggen kansen om stad en Waddenzee opnieuw te verbinden. De ligging van Den Helder als havenstad op het wad biedt kansen om ruimte te geven aan het recreatief varen op de Waddenzee, in georganiseerd verband (bijvoorbeeld in de vorm van excursies) of als interessante en aantrekkelijke jachthaven voor zelfstandige recreatieve vaart. Daarnaast zetten we Den Helder toeristisch meer in de markt als Waddengemeente, waarbij de positie als startpunt van de Waddenzee kansen biedt om routes op regionaal, nationaal of zelfs internationaal niveau aan Den Helder te verbinden. In samenwerking met Provincie Noord-Holland en buurgemeenten Texel en Hollands Kroon onderzoeken we de mogelijkheden om een regionaal rondje Waddenbaai te realiseren en te versterken. Den Helder werkt op verschillende onderdelen actief samen met andere Waddengemeenten, om door ontwikkeling de huidige waarde van het Waddengebied in 2050 te kunnen borgen en waar mogelijk verder te versterken.

2.8 De gemeente Den Helder behoudt en versterkt haar kenmerkende open landschappen en Huisduinen, Julianadorp en Den Helder ontwikkelen zich daarbinnen verder als aparte kernen. De stad Den Helder kenmerkt zich door de open ruimten tussen de stadsdelen en de wijken Binnen de Linie, Nieuw Den Helder en De Schooten hebben een onderscheidend karakter.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Het open landschap van duinen, polders en kwelders van de gemeente wordt zeer gewaardeerd en de verre uitzichten over de polder en op de duinen zijn kenmerkend. Ook vormen de historische Koegraspolder en Huisduinerpolder de scheiding tussen de stad Den Helder en de kernen Huisduinen en Julianadorp. Daarnaast heeft de Huisduinerpolder een hoge cultuurhistorische waarde als ruim, open schootsveld van Fort Erfprins. Deze open landschappen worden in stand gehouden en daarmee wordt ook direct expliciet de keuze gemaakt om Julianadorp en Huisduinen zich in de toekomst verder te laten ontwikkelen als aparte kernen binnen de gemeente, passend bij het karakter dat beiden op dit moment hebben en in de deelvisies voor Huisduinen en Julianadorp wordt geschetst.

De keuze om de Koegraspolder en Huisduinerpolder open te houden betekent ook dat er ruimte blijft voor agrarisch gebruik. Nieuwe woningbouwontwikkelingen worden in principe binnen het stedelijk gebied gerealiseerd, zodat deze ook bijdragen aan de huidige voorzieningen. Slechts wanneer binnenstedelijk geen ontwikkelruimte beschikbaar meer is kan worden gekozen voor ontwikkeling aan de rand van de kernen. Hiermee wordt de agrarische sector zoveel mogelijk zekerheid geboden in een periode dat deze sector al regelmatig onder druk staat door ontwikkelingen binnen de sector zelf (schaalvergroting, soms moeizame bedrijfsopvolging, wens om bedrijfsvoering te verduurzamen), maar ook door ontwikkelingen van buitenaf (veranderingen in het klimaat met meer extreme weersomstandigheden, druk om te verduurzamen, maatschappelijke zorgen om gebruik van bestrijdingsmiddelen).

Ook de stad Den Helder kenmerkt zich door veel ruimte binnen de stad en een eigen karakter van de verschillende wijken (Stad binnen de Linie, Nieuw Den Helder en De Schooten). Door het behoud van De Stelling Den Helder en enkele schootsvelden aan de buitenzijde van De Stelling is een open linielandschap ontstaan tussen de verschillende wijken. Daarbij zorgt de aanwezigheid van de spoorlijn en het Nollengebied voor een open gebied tussen Nieuw Den Helder en De Schooten en is De Schooten zo opgebouwd dat er veel groen langs de randen te vinden is. Als gevolg hiervan is er veel open, groene ruimte te vinden binnen de stad Den Helder en hebben de wijken een sterk eigen karakter. Hierdoor zijn de wijken veelal intern gericht en zijn de verbindingen met andere wijken niet altijd even duidelijk of aantrekkelijk. Het groene karakter van de stad en het eigen karakter van de wijken is een kwaliteit van Den Helder, maar de huidige opzet van de stad zorgt ook voor uitdagingen. De open ruimte in de stad is op sommige plekken vooral erg groot, maar kwalitatief weinig sterk. Door de schaal van de open, groene ruimte tussen de wijken wordt het groen evenveel gebruikt, waardoor de sociale veiligheid niet overal op orde is. Ook zijn niet overal goede verbindingen voor fietsers en wandelaars te vinden en waar deze wel beschikbaar zijn zijn deze op veel tijdstippen stil en verlaten, wat ook ten koste gaat van de sociale veiligheid. Hierdoor kan de open ruimte soms meer als een barrière voelen dan als een kwaliteit.

In deze visie zetten we in op het versterken van verbindingen tussen de verschillende wijken door de groene, open ruimtes in de stad. Dit doen we door langs verbindingsassen tussen de wijken door dit open landschap heen in te zetten op kwalitatief goede verbindingen voor langzaam verkeer en ruimte te bieden voor nieuwe functies die levendigheid en sociale controle in het gebied brengen, zoals wonen. Een voorbeeld is de ontwikkeling van Station Zuid, waar we inzetten op het versterken van zowel de stationsomgeving als de verbindingsas tussen De Schooten en Nieuw Den Helder door middel van woningbouw en het bieden van een kwalitatief goede route voor fietsers en wandelaars door middel van een tunnel onder het spoor. Langs verschillende verbindingsassen (Texelstroomlaan, Nieuweweg, Schootenweg) zijn zoekgebieden voor ontwikkeling na 2030 opgenomen, met de insteek om ook deze verbindingsassen tussen de verschillende wijken te versterken. Hiermee willen we bereiken dat er levendige en sociaal veilige verbindingen tussen de wijken bestaan en het ruim aanwezige groen binnen Den Helder voor iedereen aantrekkelijk en veilig is en voelt om gebruik van te maken.

2.9 Stadshart en Willemsoord ontwikkelen zich verder richting één samenhangend en complementair centrumgebied voor gemeente en regio.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De ingezette (her)ontwikkeling van het Stadshart en Willemsoord, als doorlopend centrumgebied van Den Helder, zetten we verder door. Met de verplaatsing van de schouwburg en de nachthoreca van het Stadshart naar Willemsoord en het compacter maken van het winkelhart zijn de afgelopen jaren belangrijke stappen gezet in deze ambitie. De stedelijke vernieuwing is hiermee in het afgelopen decennium steeds duidelijker zichtbaar geworden in het straatbeeld. De ingezette ontwikkeling voor het Stadshart en Willemsoord wordt verder uitgevoerd met het doel om het centrum van Den Helder een aantrekkelijk visitekaartje te laten zijn voor bewoners, ondernemers en bezoekers.

Binnen dit centrumgebied streven we naar het realiseren, behouden en versterken van sterke voorzieningen op het gebied van cultuur, detailhandel en horeca. Beide gebieden (Stadshart en Willemsoord) samen vervullen deze centrumfunctie qua voorzieningen voor de gemeente en de regio. We versterken de samenhang tussen beide gebieden, zodat beide gebieden op termijn als één complementair centrum beleefd worden. Zowel voor bewoners als bezoekers biedt het samenhangende centrumgebied meerwaarde. Voor bewoners geeft Willemsoord meer identiteit aan Den Helder, als gebied waar de stad verbinding maakt met de haven en de zee, als middelpunt van De Stelling Den Helder en door het historische, maritieme karakter van het gebied. Het feit dat veel cultureel aanbod, horeca en evenementen op Willemsoord te vinden zijn maakt dit gebied tot een levendig en kenmerkend onderdeel van Den Helder, die veel beleving en karakter toevoegt aan het ruime voorzieningenaanbod in het Stadshart. De combinatie van een goed aanbod aan voorzieningen, levendigheid en een sterk (historisch) karakter maakt het gebied ook voor bezoekers interessant, maar met name Willemsoord heeft bovendien nog een aantal extra troeven op toeristisch gebied. Zo is Willemsoord het middelpunt van De Stelling Den Helder. We zetten in op het beter verbinden van de verschillende onderdelen van De Stelling, zodat de onderdelen beter in samenhang beleefd kunnen worden en het totale gebied hierdoor toeristisch interessanter wordt. Ook zetten we in op verdere versterking van de aanwezige recreatiejachthaven, die strategisch gelegen is ten opzichte van de Noordzee en Waddenzee. De ligging en aanwezige voorzieningen bieden potentie om Willemsoord verder te ontwikkelen tot een aantrekkelijke recreatiehaven.

2.10 Den Helder omarmt de Stelling Den Helder en ontwikkelt dit gebied verder tot de trotse voorkant van de stad.

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De Stelling Den Helder, inclusief Willemsoord, vormt het hart van Den Helder en is een prachtig gebied om te sporten, te recreëren, te bezichtigen en aan te wonen. In het verleden is de waarde van De Stelling niet altijd voldoende erkend en is de stad met haar rug naar De Stelling komen te liggen. We maken de keuze om De Stelling te erkennen als een hart van de stad en verder te ontwikkelen tot een prettig, aaneengesloten gebied. Het karakter van het militair cultuurhistorisch erfgoed en het aanwezige groen wordt behouden, zichtbaar gemaakt en waar mogelijk verder versterkt. We zetten in op het beleefbaar maken van De Stelling door middel van één aaneengesloten wandel-, fiets- en vaarroute, het zogeheten ‘Rondje Stelling’.

De Stelling Den Helder wordt hiermee verder ontwikkeld tot een uitnodigend linielandschap dat de wijken Stad binnen de Linie, Nieuw Den Helder en De Schooten met haar bijzondere kwaliteit aan elkaar verbindt. Op veel plaatsen is het mogelijk om deze wijken meer aan De Stelling te koppelen. Een van de ontwikkelstrategieën die hieraan bijdraagt is het realiseren van nieuwe functies en woningen aan de rand van De Stelling. Langs de randen van het linielandschap van De Stelling zijn op dit moment een aantal locaties die weinig kwaliteit bieden en/of weinig gebruikswaarde voor onze inwoners hebben. Dit biedt mogelijkheden om een aantrekkelijke voorkant aan De Stelling te realiseren en bij te dragen aan het groen en de verbindingen in het gebied. Hiermee wordt De Stelling een aantrekkelijker gebied om aan te wonen vanuit de omliggende wijken en zal De Stelling zich tot een trotse voorkant van de stad gaan ontwikkelen. Daarbij zetten we in deze visie in op het versterken van verbindingen tussen de verschillende wijken door de groene, open ruimtes in de stad. Dit doen we door langs verbindingsassen tussen de wijken in te zetten op kwalitatief goede verbindingen voor langzaam verkeer en ruimte te bieden voor nieuwe functies die levendigheid en sociale controle in het gebied brengen, zoals wonen. Hiermee wordt niet alleen de verbinding tussen de wijken versterkt, maar zetten we ook in op het toegankelijker maken van het linielandschap van De Stelling via aantrekkelijke en sociaal veilige routes.

3Groen & Landschap

3.1 Groenstructuur

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

We zetten in op een duidelijke groenstructuur in de gemeente, waarbij de landschappen die de structuur en het karakter van de gemeente Den Helder bepalen een groenfunctie hebben voor de hele gemeente en ook interessant moeten zijn voor bezoekers uit de regio en van ver weg. Hierbij gaat het om het kustlandschap, inclusief het duingebied, de Noordzee en de Waddenzee, die allen een status als beschermd natuurgebied hebben, het polderlandschap en De Stelling Den Helder, inclusief De Nollen en park Quelderduijn. Voor alle buurten en wijken zetten we in op goede verbindingen naar de stadsrand, om op een eenvoudige manier het landschap en open buitengebied beleefbaar te laten zijn.De huidige hoofdgroenstructuur versterken we verder, door optimalisatie van ecologische,cultuurhistorische en esthetische waarden.

Hierbij zetten we in op versterking van de verbinding tussen deze gebieden, met name de oost-west structuur tussen Noordzee en Waddenzee. Door de ligging van de gemeente Den Helder op eenschiereiland zijn veel natuur- en groengebieden in noord-zuid richting georiënteerd. Hetzelfde geldt voor veel verbindingen, zoals de drie belangrijkste toegangswegen richting Den Helder en de spoorverbinding. Een belangrijke kans om de aanwezige hoofdgroenstructuur te versterken is het inzetten op betere oost-west verbindingen, met een combinatie van groen en recreatieve en ecologische routes. Kansen om hier op in te zetten liggen bijvoorbeeld op verbindingen via De Stelling, de Doggersvaart en de Van Foreestweg/Schoolweg. Dit levert een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit, door grote(re) groengebieden in de gemeente beter met elkaar te verbinden.

In iedere wijk is 'parkgroen' aanwezig, waar bewoners relatief dicht bij huis een groter aaneengesloten groengebied vinden waarin zij kunnen recreëren, bewegen/sporten en/of de hond kunnen uitlaten. Het huidige parkgroen binnen de wijken (Stadspark en Timorpark in Stad binnen de Linie, Duinpark en Kreekpark in Nieuw Den Helder, Rehorstpark en Schooterduinpark in De Schooten en de Groene Slenk in Julianadorp) wordt in stand gehouden en waar mogelijk kwalitatief verbeterd. Aan de oostzijde vanJulianadorp voegen we als onderdeel van de ontwikkeling van Julianadorp-Oost nieuw parkgroen toe, om de inwoners van het Oude Dorp en Willem-Alexanderhof een passende voorziening te bieden.Hierbij zal tevens de aansluiting worden gemaakt met Noorderhaven, waar al een grote hoeveelheid groen te vinden is. Den Helder kent twee begraafplaatsen: de Algemene begraafplaats Den Helder en de Rooms-Katholieke begraafplaats Sint Jozef. Beiden zijn gelegen in de Huisduinerpolder tussen Huisduinen en Nieuw Den Helder. De begraafplaatsen zijn waardevolle groene plekken in de stad en zien we als onderdeel van het parkgroen, met de bijzondere functie van begraven en herdenken. Sommige delen van de Algemene begraafplaats, waaronder de aula, het reinigingshuisje en een aantal graven, hebben bovendien monumentale of historische waarde, die vragen om bescherming en behoud.

In de buurten streven we naar een bewuste vormgeving van zogeheten ‘buurtgroen’, kleinschalig groen in de vorm van perken en plantsoenen, bomen in de straat of zelfs geveltuintjes of groene daken. Groen in de buurt heeft een belangrijke rol op het gebied van het aantrekkelijker maken van de buurt, het bijdragen aan leefbaarheid en gezondheid, het bijdragen aan biodiversiteit en, zeker met het oog op de toekomst, het bijdragen aan de klimaatbestendigheid van buurten. Alle buurten in de gemeente vragen om een klimaatbestendige inrichting in 2040, om voorbereid te zijn op klimaatverandering, met meer kans op extreme weersomstandigheden. Hierin speelt extra groen en water in de buurt een belangrijke rol, door regenwater de ruimte te bieden en vast te houden bij extreme buien en extra verkoeling te bieden bij grote hitte. Wadi’s en verlaagde delen in het groen helpen om water langere tijd vast te houden, wat helpt om de openbare ruimte beter bestand te maken tegen droge periodes. Waar nodig wordt de openbare ruimte hierop aangepast bij toekomstig onderhoud, waarbij ook kansen voor extra groen en water worden bekeken. De dichtbebouwde buurten in Stad binnen de Linie hebben hierbij de meeste prioriteit.

We nemen behoud en uitbreiding van ons bomenbestand en verbetering van de kwaliteit van de bestaande en toekomstige bomen als uitgangspunt. De bomen worden ingezet om diverse functies te vervullen zoals verbetering van de biodiversiteit, het leveren van een bijdrage aan de klimaatdoelen en het creëren van een leefbare en aantrekkelijke stad.

3.2 Noordzee & Waddenzee

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder wordt als schiereiland omringd door de zee en kent drie kusten: ruwweg de Noordzee in het westen, het Marsdiep in het noorden en de Waddenzee in het oosten. Officieel is overigens sprake van twee zeeën, aangezien het Marsdiep onderdeel is van de Waddenzee. Zowel de Noordzee als Waddenzee hebben status als Natura 2000 beschermd natuurgebied.

De Noordzeekust speelt vooral een belangrijke rol qua recreatie en toerisme, met het zandstrand dat vanaf de zuidgrens van de gemeente bij Julianadorp doorloopt tot aan Huisduinen. De Noordzee zal in de toekomst een belangrijke rol spelen voor het grootschalig offshore opwekken van duurzame energie, maar dit zal verder op de Noordzee, buiten de gemeentegrenzen, plaatsvinden. Gezien de rol die Den Helder hierin wil spelen blijven de (bestaande) vaarroutes tussen Den Helder en de Noordzee wel van groot belang, naast de recreatieve- en natuurwaarden van de Noordzee.

Ter hoogte van Huisduinen gaat de Noordzee over in de Waddenzee, een ondiepe zee bestaande uit zeegeulen en met eb droogvallende zandplaten en kwelders. Dit bijzondere landschap, dat van Den Helder doorloopt tot langs de kust van Denemarken, geniet bescherming als UNESCO werelderfgoed De gemeente Den Helder is een belangrijke toegang tot dit werelderfgoed. De Waddenzee biedt hiermee belangrijke recreatieve en toeristische kansen voor Den Helder en de komende jaren werken we verder aan het toegankelijk en beleefbaar maken van de Waddenzee vanuit Den Helder.

Voor de haven van Den Helder betekent de beschermde status van de Waddenzee dat kansen om verder uit te breiden zeer beperkt zijn. Het zo goed mogelijk gebruiken van de aanwezige ruimte is hiermee van groot belang om economie samen te laten gaan met natuur en landschap. Het diepe zeegat het Marsdiep zorgt voor een goede toegang naar en van de haven van Den Helder.

3.3 Kustlandschap

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De beleefbaarheid van de ligging aan drie kusten wordt verder versterkt. Hierbij wordt bescherming tegen de zee niet uit het oog verloren, maar wordt juist gestreefd naar versterking van het landschap en waterveiligheid: zogeheten waterveiligheidslandschappen.

De binnenduinrand willen we in stappen gaan verbreden met extra duinnatuur en -landschappen. Een voorbeeld is de transformatie van enkele afgestoten velden van sportpark Streepjesberg in Nieuw Den Helder. Doel van deze verbreding is een versterking van landschap, natuur en waterveiligheid. Hierbij kan het toevoegen van extra duinnatuur fungeren als een buffer voor de kwetsbare Natura 2000 gebieden in de binnenduinrand, die onder druk staan als gevolg van een te hoge depositie van stikstof. Daarnaast zorgt het voor een betere zonering en minder recreatieve druk op deze kwetsbare natuur. Op sommige plekken is er beperkt ruimte voor menging van functies passend bij/in de omgeving, zoals landbouw in de Koegraspolder en wonen/recreatie aan de westrand van Nieuw Den Helder en Julianadorp.

Huisduinen, de Grafelijkheidsduinen en het deel van Nieuw Den Helder ten oosten van Jan Verfailleweg hebben een verleden als verdwenen Waddeneiland. Deze historie van het landschap is momenteel bijna niet zichtbaar, maar bieden kansen om een aantrekkelijk landschap te realiseren waar structurerende elementen weer zichtbaar worden. De transformatie van Nieuw Den Helder, waarbij de aansluiting van de wijk op het aanliggende duinlandschap een belangrijk onderdeel is, biedt hiervoor goede kansen.

Verantwoordelijkheid voor de versterking van de Helderse Zeewering ligt bij Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Een robuuste zeedijk biedt waterveiligheid voor de komende 200 jaar. Tevens biedt een versterking en verbreding van de dijk ruimte voor multifunctioneel gebruik, waarbij Den Helder streeft naar ontwikkeling van het ‘Dijkkwartier’ met wonen op de dijk (en daarmee versterking van de ontwikkeling van het Stadshart) en plaatsing van de Seasaw (icoon op de dijk). Gemeente en HHNK onderzoeken samen met Woningstichting Den Helder de mogelijkheden voor deze multifunctionele ontwikkeling.

Aan de Waddenkust streven we naar een verbinding voor langzaam vervoer vanuit De Schooten over het Noordhollands Kanaal naar de naastgelegen Waddenkust. Hiermee worden onder andere ’t Kuitje en de uitkijktoren bij de broedrots veel beter te bereiken en te beleven vanuit de stad. Deze verbinding draagt ook bij aan de aantrekkelijkheid van De Schooten als woonwijk binnen de gemeente. Hierbij wordt de natuur van de Waddenzee versterkt met een aantal natuurontwikkelingen rondom Oostoever, zoals de broedrots en het natuurlijker maken van de spuiwatergang. Ook deze ontwikkelingen dragen bij aan het beter beleefbaar maken van de Waddenzee vanuit Den Helder.

3.4 Polderlandschap

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Het open en ruime landschap met verre zichten is kenmerkend voor de gemeente Den Helder en een belangrijke waarde voor inwoners. De Koegraspolder en Huisduinerpolder zijn bepalend voor deze waarde, hoewel beiden verschillend in gebruik en karakter

De Huisduinerpolder is een historische, kleinschalige polder die vooral gekenmerkt wordt door kleinschalig agrarisch gebruik en natuur. Het landschap van de polder wordt begrensd door het monumentale fort Erfprins, vuurtoren De Lange Jaap, de dijk en het dorp Huisduinen. Ook Sportpark De Linie en de begraafplaats liggen historisch gezien in de Huisduinerpolder. Aan deze zijde is het polderlandschap slechts weinig meer te beleven. We hebben de ambitie om beide delen meer tot een landschappelijke eenheid te maken.

De Huisduinerpolder is een historische, kleinschalige polder die vooral gekenmerkt wordt door kleinschalig agrarisch gebruik en natuur. Het landschap van de polder wordt begrensd door het monumentale fort Erfprins, vuurtoren De Lange Jaap, de dijk en het dorp Huisduinen. Ook Sportpark De Linie en de begraafplaats liggen historisch gezien in de Huisduinerpolder. Aan deze zijde is het polderlandschap slechts weinig meer te beleven. We hebben de ambitie om beide delen meer tot een landschappelijke eenheid te maken.

De Koegraspolder is een relatief jonge polder, met een grootschalige opzet van lange wegen en sloten. De Koegraspolder kenmerkt zich vooral door het weidse, open landschap met lange, ononderbroken zichtlijnen. Door de concentratie van (agrarische) bebouwing op bouwblokken zetten we in op behoud van het open karakter van de polder. In het seizoen zijn ook de bloeiende bollenvelden, als uiting van het overheersende gebruik van de polder door de bollensector, een belangrijke karakteristiek.

Beide polders behouden hun open karakter en de landschappelijke waarde hiervan wordt beschermd. Door middel van de aanwezige open landschappen blijven Julianadorp en Huisduinen fysiek van de stad Den Helder gescheiden. Hierdoor blijven Julianadorp en Huisduinen herkenbare, eigen kernen binnen de gemeente, met een eigen identiteit en ontwikkeling.

3.5 De Stelling Den Helder

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De Stelling verbindt als linielandschap in het hart van Den Helder de aanliggende wijken (Stad binnen de Linie, Nieuw Den Helder, De Schooten) aan elkaar. Door het groene karakter van De Stelling groeien de wijken niet fysiek aan elkaar vast en de combinatie van groen en cultuurhistorie biedt belevingswaarde voor zowel inwoners als bezoekers. Het bijzondere (cultuur)landschap van De Nollen ligt tegen het linielandschap van De Stelling Den Helder aan, maar beide gebieden hebben nog weinig samenhang. We zetten in op het versterken van de samenhang tussen beide gebieden. Het bijzondere Nollengebied willen we meer zichtbaar maken vanuit de omliggende wijken en Station Zuid. Park Quelderduijn hangt fysiek samen met het linielandschap van De Stelling, maar heeft momenteel een weinig uitgesproken karakter. Het parkgroen is centraal gelegen in Den Helder en heeft een functie voor alle omliggende wijken. We zetten in op een duidelijker profiel van het groen en het park als geheel. Aan de westzijde van het park liggen er kansen om in te zetten op een natuurlijke, groene verbinding tussen het Rehorstpark in De Schooten en De Linie. Aan de oostzijde blijft er ruimte voor recreatie, maar de schaal van het park biedt ook ruimte om extra sportvoorzieningen toe te voegen. Deze oostzijde biedt ook ruimte voor het (incidenteel) organiseren van grote(re) evenementen.

We zetten in op het verbinden van de verschillende onderdelen van De Stelling tot één rondje Stelling, een aansluitende fiets-, wandel- en vaarroute langs alle elementen van De Stelling. De ontbrekende schakel in De Stelling, tussen Fort Dirksz. Admiraal en Fort Westoever, willen we in de toekomst toevoegen aan De Stelling en ook aansluitend inrichten. Met de transformatie van de Spoorweghaven/Westoever-Noord wordt ingezet op het herstellen van de linie in dit gebied. Om de vaarroute over De Stelling volledig doorvaarbaar te maken is een aanpassing van een aantal bruggen op de route nodig. Bij toekomstige vervanging/groot onderhoud wordt rekening gehouden met deze ambitie.

Op een aantal plekken is de historische structuur en/of het historische landschap van De Stelling in de loop der jaren verdwenen of onzichtbaar geworden. Een voorbeeld hiervan is de contour van Fort Dirksz. Admiraal, die momenteel niet zichtbaar is in het landschap. Gezien het belang van De Stelling als cultuurhistorische en landschappelijke structuur voor Den Helder zetten we op deze plekken in op landschapsherstel. Kansen daartoe grijpen we waar mogelijk aan, bijvoorbeeld via meekoppelkansen bij (her)ontwikkeling in het gebied en het benutten van subsidiekansen.

3.6 Natuurgebieden

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Op een aantal plekken is de historische structuur en/of het historische landschap van De Stelling in de loop der jaren verdwenen of onzichtbaar geworden. Een voorbeeld hiervan is de contour van Fort Dirksz. Admiraal, die momenteel niet zichtbaar is in het landschap. Gezien het belang van De Stelling als cultuurhistorische en landschappelijke structuur voor Den Helder zetten we op deze plekken in op landschapsherstel. Kansen daartoe grijpen we waar mogelijk aan, bijvoorbeeld via meekoppelkansen bij (her)ontwikkeling in het gebied en het benutten van subsidiekansen.

De duinen van Den Helder tot Callantsoog bestaan uit diverse leefgebieden zoals duinheiden met kraaiheide, duinbossen, duinvalleien en blauwgraslanden. Deze leefgebieden herbergen een opmerkelijke rijkdom aan plant- en diersoorten. De biodiversiteit staat echter onder druk door vergrassing en recreatie. De natuurgebieden zijn zeer in trek bij recreanten en dragen om die reden bij aan de leefbaarheid van Den Helder. Om beide functies te handhaven wordt zonering toegepast, waarbij wandel-, fiets- en ruiterpaden ruimtelijk worden gescheiden van plekken waar de natuur niet mag wordt verstoord. De recreatiedruk op de natuurgebieden wordt verder verminderd door alternatieve recreatiemogelijkheden elders in de gemeente te bieden en in te zetten op verbreding van de binnenduinrand om te dienen als buffer voor kwetsbare natuurgebieden

3.7 Sport(terreinen)

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De drie wijken van Den Helder (Stad binnen de Linie, Nieuw Den Helder & De Schooten) en Julianadorp hebben minimaal één sportcomplex waarop verschillende sporten beoefend kunnen worden. Voor een aantal sporten is een centrale accommodatie beschikbaar in de gemeente, zoals een atletiekbaan, een wielerbaan en een zwembad. Daarnaast zijn er een aantal sporthallen in de gemeente voor het beoefenen van binnensport. De sporthallen zijn op basis van behoefte verspreid over de gemeente. Ruimte voor nieuwe sporthallen wordt enkel gegeven indien de behoefte hieraan duidelijk aangetoond is.

We stimuleren sport en beweging in de openbare ruimte, om zo bij te dragen aan een gezonde leefomgeving. Voor jongere kinderen zijn speeltuinen en speelplaatsen hiervoor erg belangrijk. In iedere buurt is een speeltuin/speelplaats aanwezig, met veilige en kwalitatief goede speeltoestellen.

3.8 Volkstuincomplexen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder kent diverse volkstuincomplexen. Volkstuinen spelen een belangrijke rol voor onze inwoners, om hun hobby te kunnen uitoefenen, om elkaar te ontmoeten en om op een actieve manier gezond eten te verbouwen. Ook leveren volkstuincomplexen een bijdrage aan de hoeveelheid groen in de gemeente, wat bijdraagt aan onder andere biodiversiteit en klimaatadaptatie. Daarom streven we naar voldoende beschikbaarheid van volkstuinen en een goede spreiding van de complexen over de gemeente.

3.9 Binnenwater

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Water speelt een belangrijke rol in de gemeente Den Helder. Niet alleen worden we aan drie zijden omringd door de zee, het binnenwater is van levensbelang voor de agrarische sector en vormt een belangrijk onderdeel van het karakter van de wijken en het wonen en werken in de gemeente Den Helder. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld het Noordhollands Kanaal, het Helders Kanaal, de Groene Slenk en de fiets/kanoroute tussen Julianadorp in Den Helder

Binnenwater speelt een belangrijke rol in het klimaatbestendig maken van de buurten en wijken in de gemeente. Bij zware neerslag zorgt oppervlaktewater voor het tijdelijk vasthouden en bergen van regenwater, waardoor de capaciteit van het riool minder onder druk komt te staan en eventuele wateroverlast wordt verminderd. Om deze reden streven we naar de aanwezigheid van voldoende oppervlaktewater in de gebouwde omgeving. Daarnaast voegt de aanwezigheid van water in veel gevallen ook kwaliteit toe aan de omgeving, wat bijdraagt aan aantrekkelijke woonmilieus. Water is naast groen ook belangrijk voor de ecologische kwaliteit. Daarom speelt water een belangrijke rol bij het verbeteren van de biodiversiteit.

Het water in de gemeente heeft in sommige gevallen ook een recreatieve functie, bijvoorbeeld met het beoefenen van verschillende watersporten. We hebben de ambitie om in de toekomst de fiets/kanoroute te verlengen door het zuidelijke deel van de Duinzoom en de vaarroute langs De Stelling (Liniegracht –Helders Kanaal) volledig doorvaarbaar te maken.

Een belangrijk vraagstuk voor de toekomst is de beschikbaarheid van voldoende, kwalitatief goed water. Verzilting, het zouter worden van grond- en oppervlaktewater, is een grote bedreiging voor de bollensector in de Koegraspolder, maar ook voor de natuur en het groen in de gemeente. Indien in de toekomst vaker sprake zal zijn van warme, droge periodes als gevolg van klimaatverandering wordt het aanwezige risico op verzilting vergroot. Ook een stijging van de zeespiegel geeft extra risico’s op verzilting, door het vergroten van de kweldruk onder de duinen door. Met het verbreden van de binnenduinrand worden de risico’s als gevolg van deze kweldruk deels tegengegaan, maar rekening moet worden gehouden dat op termijn aanvullende maatregelen nodig zijn om de toekomst van de bollensector te bestendigen of in ieder geval te verlengen. Een van de oplossingsrichtingen is het vasthouden van extra oppervlaktewater in de polder, bijvoorbeeld in de vorm van grootschalige waterberging. Door de hoeveelheid oppervlaktewater te vergroten neemt het risico op verzilting en watertekort als gevolg van droogte af.

4Mobiliteit & Infrastructuur

4.1 Den Helder duurzaam bereikbaar

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Om Den Helder als een sterke thuishaven met een aantrekkelijk (vestigings)klimaat te kunnen profileren is extra aandacht nodig voor bereikbaarheid. Immers, door de ligging van Den Helder is bereikbaarheid niet vanzelfsprekend. Daarom is het belangrijk om in te zetten op onderscheidend vermogen en kwaliteit, waardoor inwoners, ondernemers en bezoekers bewust voor onze gemeente kiezen. Gelijktijdig werken we samen met de regio volop aan het versterken van de verbindingen met de Randstad en Noord-Nederland, zowel over de weg als met het OV, om Den Helder in de toekomst duurzaam bereikbaar te houden.

Bij het scheppen van een aantrekkelijke leefomgeving is duurzame inpassing van mobiliteit van belang. We kiezen voor gezonde mobiliteit door fietsverbindingen (binnen Den Helder en richting buurgemeenten) te versterken. Door het aanleggen van een dekkend netwerk van laadinfrastructuur faciliteren we de transitie naar elektrische mobiliteit. Door mobiliteitshubs (knooppunten waar verschillende vervoersmiddelen samenkomen) te creëren ondersteunen we multimodale en deelmobiliteit. We investeren in een veilige, schone en rustige leefomgeving door in onze wijken waar mogelijk wegen te herprofileren naar 30km/u wegen en langzaam verkeer te prioriteren..

Ook de toenemende digitalisering kan daarbij een voordeel voor Den Helder zijn, aangezien hierdoor steeds meer mensen in staat worden gesteld om (deels) thuis te werken, onderwijs te volgen en te winkelen. Daardoor kan Den Helder ook met een minder centrale ligging aantrekkelijk zijn als gemeente, zo lang maar voldoende (onderscheidende) kwaliteit geboden wordt qua voorzieningen, woningaanbod en werkgelegenheid. Om deze kansen als gevolg van toenemende digitalisering te kunnen benutten is een optimale digitale bereikbaarheid binnen de gemeente noodzakelijk. We zorgen er daarom voor dat de voorwaarden voor een goede digitale bereikbaarheid aanwezig zijn.

Om Den Helder duurzaam bereikbaar te houden, is ook het voeren van een duidelijk parkeerbeleid van belang. Door het toevoegen van woningen stijgt de parkeerdruk in en rondom de Helderse binnenstad de komende jaren aanzienlijk. Samen met de stad gaan we onderzoeken hoe we de parkeerbehoeften van bewoners, bezoekers en bedrijven zo goed mogelijk op elkaar kunnen afstemmen, door de huidige parkeerruimte optimaal te benutten. Hierbij zetten we in op een mix van verschillende instrumenten.

4.2 (Boven)regionale infrastructuur & verbindingen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder kent met een zee- en luchthaven grootschalige infrastructuur met een bovenregionaal en zelfs (inter)nationaal karakter. Beiden zijn sterk gerelateerd met de strategische positie van Den Helder ten opzichte van de Noordzee en Waddenzee en richten zich vooral op economische activiteiten op zee, bijvoorbeeld rondom de offshore energiesector. Hiermee speelt deze infrastructuur een belangrijke rol in de economische positie van veel bedrijvigheid in Den Helder, maar op dit moment slechts een marginale rol in de bereikbaarheid van en naar Den Helder voor bewoners en bezoekers. Voor de bereikbaarheid van de haven vanaf zee zijn met name de Waddenzee, het Marsdiep en vaargeulen Schulpengat en Texelstroom belangrijk. Gezien het belang van de haven van Den Helder, nu en in de toekomst, zetten we in op het bestendigen van de toegankelijkheid van de haven via deze wateren. Een belangrijke troef van de haven is, naast de strategische ligging ten opzichte van Noordzee en Waddenzee, de open toegang tot de zee. De haven van Den Helder behoudt daarom de open doorgang tussen zee en haven. We zetten in op het realiseren van een tweede vaarroute, tussen de haven en de Waddenzee via Willemsoord. Deze tweede vaarroute draagt als extra optie bij aan de continuïteit van de verbinding tussen haven en zee en kan tevens worden gebruikt voor recreatief vaarverkeer.

In de bereikbaarheid van en naar Den Helder spelen met name een aantal regionale verbindingen een rol. De belangrijkste regionale verbindingen zijn de N250, die vanaf het knooppunt bij bedrijventerrein Kooypunt doorgaat in oostelijke (N99) en zuidelijke richting (N9), het NS spoor, waarbij Den Helder het kopstation is op het traject naar Nijmegen via Alkmaar, Amsterdam en Utrecht, en de TESO-veerboot tussen Den Helder en Texel. Ook het Noordhollands Kanaal kan worden gezien als een regionale verbinding. Dit heeft met name een economische functie voor binnenvaart en voor de bereikbaarheid (en ontwikkeling) van het regionaal bedrijventerrein Kooyhaven, hoewel het ook steeds meer door recreatief vaarverkeer wordt ontdekt.

Om de bereikbaarheid van en naar Den Helder te vergroten is regionale samenwerking van groot belang, gezien het gemeenteoverstijgende karakter van dit soort infrastructuur. Regionaal wordt gewerkt aan het versterken van ‘de Helderse lijn’, de spoorverbinding tussen Alkmaar en Den Helder. Insteek is om op langere termijn het aantal passagiers en de frequentie van de dienstregeling structureel te verhogen. We zetten hierbij ook in op een toekomstige verdubbeling van de spoorcapaciteit, van enkelspoor naar dubbelspoor. Ook is regionaal afgesproken om voor de langere termijn in te zetten op de N77, een nieuwe verbinding tussen de N99 en de A7, waarmee de reistijd per auto tussen Den Helder en de A7 behoorlijk verkort kan worden. Op de bestaande N-wegen van en naar Den Helder (N250, N9 en N99) zetten we in op het vergroten van de verkeersveiligheid en de doorstroming.

4.3 Hoofd- en verbindingswegen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De hoofd- en verbindingswegen van de gemeente Den Helder krijgen een duidelijke eigen identiteit en worden hier ook op ingericht. Naast auto's krijgen ook fietsers, voetgangers en andere weggebruikers een duidelijke plaats op de weg en alle verkeersdeelnemers kunnen zich veilig in het verkeer mengen. De principes van het landelijk beleid Duurzaam Veilig Wegverkeer (CROW) zijn daarbij leidend. Den Helder heeft de ambitie uitgesproken de meest fietsvriendelijke gemeente te willen zijn en zet in op het vergroten van de rol van de fiets in de mobiliteit binnen de gemeente.

We blijven inzetten op de N250 als hoofdverbinding tussen Den Helder en de buurgemeenten. De bereikbaarheid van de N250, als de centrale verbinding, van en naar Stadshart/Willemsoord, TESO, civiele haven & Marinehaven is een zeer belangrijk aandachtspunt voor alle ontwikkelingen in de gemeente. Voor een zo goed mogelijke bereikbaarheid van de N250 wordt zoveel mogelijk ingezet op ontmenging van verschillende verkeersstromen, met name op de zwaarst belaste delen van deze weg. We richten ons hierbij op een combinatie van het realiseren van een nieuwe, verbeterde ontsluiting van de Marine- en civiele haven, het aanpassen van de routeringen binnen het gebied en het optimaal organiseren van logistieke en mobiliteitsstromen binnen het Maritiem Cluster. Ook onderzoeken we de mogelijkheden om een transferium te realiseren op of rondom bedrijventerrein Kooypunt en luchthaven Den Helder. Hiermee voorkomen we dat drukte in bepaalde typen verkeer (richting Texel, de Koninklijke Marine of de binnenstad) voor oponthoud van de andere verkeersstromen zorgt.

Voor een goede ontsluiting van het wegverkeer binnen de gemeente behouden een aantal grotere wegen hun functie als hoofd(ontsluitings)weg. De Langevliet/Nieuweweg behoudt haar identiteit als belangrijkste verbinding tussen Julianadorp en Den Helder, met ruimte voor agrarisch medegebruik. Tevens wordt hier een doorfietsroute gerealiseerd tussen Den Helder en Julianadorp, en vanaf Julianadorp naar de regio. Ook de Ravelijnweg/Waddenzeestraat, de Schootenweg en het noordelijke deel van de Jan Verfailleweg (ten noorden van de overgang tussen de Helderse Vallei en de wijk Nieuw Den Helder) hebben een belangrijke ontsluitende functie. Het zuidelijke deel van de Jan Verfailleweg (zuidelijk vanaf de Helderse Vallei) en de Zanddijk hebben geen functie als hoofdontsluiting en kunnen op termijn via een herinrichting meer identiteit krijgen als toeristische kustroute. Daarbij kan worden ingezet op het goed kunnen beleven van het kustlandschap, met stoppunten langs de route op toeristische locaties. Door minder nadruk op snelheid en doorstroming te leggen biedt een dergelijke identiteit ook kansen om de oversteekbaarheid te verbeteren op verschillende locaties, zoals Julianadorp aan Zee en bij de Helderse Vallei.

De entree van Den Helder via de Langevliet/Nieuweweg (vanuit Julianadorp) vraagt om een betere ruimtelijke kwaliteit. We zetten in op een betere zichtbaarheid van het bijzondere Nollengebied vanaf de route. Met transformatie van het Drs. F. Bijlweg-gebied en op langere termijn eventueel de Burgemeester Ritmeesterweg krijgt deze entree van Den Helder een duidelijker karakter en een hogere kwaliteit. De fly-over bij de Waddenzeestraat kan op termijn worden vervangen door een andere, kleinschaligere, verkeersoplossing. Hierbij wordt ingezet om aansluitend het gedeelte van de Nieuweweg dat door Fort Dirksz. Admiraal loopt af te waarderen, bijvoorbeeld tot enkel bestemmingsverkeer of een fietspad. Verkeerskundig is deze ontsluiting niet noodzakelijk en het afwaarderen van deze verbinding versterkt de samenhang van De Stelling en de ontwikkeling tot een linielandschap.

We werken aan de realisatie van een regionale doorfietsroute, die binnen de gemeente Den Helder langs de Nieuweweg/Langevliet loopt tussen Den Helder en Julianadorp. Het Noordhollands Kanaal vormt een knelpunt in deze route tussen Julianadorp en Anna Paulowna. We zetten in op een oplossing om dit knelpunt in de toekomst op te lossen. Naast het realiseren van een regionale doorfietsroute focussen we op het oplossen van zwakke of ontbrekende schakels in de rest van het fietsnetwerk en het geven van ruimte aan langzaam verkeer in de inrichting van de openbare ruimte.

Een belangrijke ambitie is daarnaast om een betere verbinding tussen Nieuw Den Helder en De Schooten te realiseren via een fietstunnel onder Station Zuid door. Hiermee worden de wijken beter met elkaar verbonden voor bewoners en forenzen. Bovendien draagt deze verbinding bij aan het verbinden van Noordzee en Waddenzee voor bezoekers.

Kooypunt zal zich geleidelijk gaan vullen met bedrijven, waardoor ook het aantal arbeidsplaatsen zal toenemen en dus ook het aantal verplaatsingen tussen Kooypunt en de rest van de gemeente. Hiermee ontstaat meer behoefte aan een extra ontsluiting van Kooypunt, met name richting Julianadorp, Nieuw Den Helder en Stad binnen de Linie-Oost. Deze ontsluiting kan bijvoorbeeld worden gerealiseerd met een fietsverbinding tussen de Middenvliet en Kooypunt. Hierbij kan worden aangetakt op de doorfietsroute via de Langevliet/Nieuweweg.

De huidige fiets- en kanoroute vormt een belangrijke recreatieve fietsverbinding tussen Julianadorp en Den Helder. Ambitie is om deze route in de toekomst verder richting het zuiden door te trekken, waar mogelijk in combinatie met een verbreding van de duinenrij ter hoogte van Julianadorp en extra verbindingen voor fietsers en voetgangers tussen Julianadorp en de kust. Ook ontstaat hiermee de mogelijkheid om De Slenk in Julianadorp aan de fiets- en kanoroute te koppelen.

4.4 Mobiliteit binnen de wijken en kernen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder kiest ervoor om, in aansluiting op de landelijke ambitie, binnen de bebouwde kom waar mogelijk 30 km/u aan te houden als maximumsnelheid. Dit heeft belangrijke voordelen voor de verkeersveiligheid, voor automobilisten, maar ook voor langzaam verkeer als fietsers en voetgangers. In de komende jaren wordt gekeken op welke wegen (op termijn) de maximumsnelheid naar beneden kan worden gebracht zonder negatieve gevolgen voor de bereikbaarheid en doorstroming. Hierbij wordt ook gekeken naar andere ambities en ontwikkelingen in het gebied.

De nadere uitwerkingen van de ambities met betrekking tot mobiliteit binnen de wijken en kernen zijn terug te vinden in de gebiedsgerichte deelvisies, hoofdstuk 7 Stad binnen de Linie, hoofdstuk 8 Maritiem Cluster, hoofdstuk 9 Stelling Den Helder, hoofdstuk 10 Nieuw Den Helder, hoofdstuk11 De Schooten, hoofdstuk12 Julianadorp, hoofdstuk 13 Huisduinen, bij deze omgevingsvisie.

4.5 Openbaar vervoer & deelmobiliteit

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Een belangrijke ambitie is om in de toekomst een groter deel van de mobiliteit via het openbaar vervoer te laten lopen. Zoals eerder gesteld zorgt de ligging van Den Helder voor uitdagingen qua bereikbaarheid, maar de aanwezigheid van twee NS-stations, een busstation met regionale verbindingen en de veerboot naar Texel biedt zeker kansen om het belang van openbaar vervoer te laten groeien. We streven naar een sterker netwerk qua openbaar vervoer, zowel qua bovenregionale (hoofd)verbindingen als het lokale en regionale netwerk in de toekomst. Op kortere termijn is inzet op behoud van het huidige netwerk en aanbod, ondanks een teruggelopen aantal reizigers (onder andere als gevolg van vaker thuis werken en digitaal onderwijs) een realistische ambitie. Hier maken we ons hier hard voor bij verantwoordelijke partijen als de NS en Provincie Noord-Holland.

Om het openbaar vervoer te versterken zetten we in regionaal verband in op de kracht en kwaliteit van de knooppunten van openbaar vervoer in de gemeente. Rondom deze ‘mobiliteitshubs’ zijn niet enkel eindbestemmingen geconcentreerd, maar kan ook eenvoudig worden overgestapt op een andere (boven)regionale verbinding of mobiliteitsoplossingen om het laatste gedeelte van de reis mee te ondernemen, zoals OV-fietsen en andere deelmobiliteit. Comfort en kwaliteit zijn belangrijke onderdelen van de kracht van deze mobiliteitshubs.Station Den Helder heeft een belangrijke functie in de bereikbaarheid van Den Helder voor Helderse bewoners en werknemers. Daarnaast heeft het station potentie om een belangrijkere rol te spelen voor bezoek aan het Stadshart, horeca, evenementen en culturele voorzieningen op Willemsoord en toerisme naar Den Helder en Texel. Een goede, aantrekkelijke verbinding tussen station, Stadshart, Willemsoord en TESO is daarom van groot belang. Een aantrekkelijk en uitnodigend stationsgebied maakt het openbaar vervoer een prettigere optie, zowel voor bezoekers als voor forenzen, Met de herinrichting van de stationsomgeving heeft het gebied een flinke kwaliteitsimpuls gekregen. Gezien de belangrijke rol van station Den Helder als regionale mobiliteitshub zetten we in op verdere kwaliteitsverbetering van het station en de omgeving.

Met de toenemende levendigheid van het Stadshart en Willemsoord zal de transitie naar andere vormen van mobiliteit namelijk een belangrijkere rol gaan spelen in het bereikbaar houden van het centrumgebied. Naast de fiets als vervoersmiddel spelen ook andere vormen van openbaar vervoer en deelvervoer hier een belangrijke rol in. Dit vraagt om een concentratie van mobiliteitsvormen in en rondom het stationsgebied, zodat eenvoudig kan worden overgestapt tussen trein, fietsen en wandelen, regionaal busvervoer en verschillende vormen van deelvervoer, zodat de hele gemeente op verschillende manieren bereikbaar gemaakt wordt.

Station Zuid is een belangrijk OV- en infraknooppunt voor De Schooten, Nieuw Den Helder, Julianadorp en (Museum) De Nollen. Daarnaast is het gebied een natuurknooppunt tussen De Stelling, Noordzee, Waddenzee en de Koegraspolder en is museum De Nollen het startpunt van een cultuurroute langs de Waddenzee tot aan Denemarken. Op dit moment heeft het gebied een matige uitstraling en kampt het station met een negatief imago, waardoor het niet uitnodigend is en soms zelfs wordt gemeden door reizigers. Aan het gebied wordt een kwaliteitsimpuls gegeven: naast het realiseren van woningbouw en versterken van diverse mobiliteitsstromen wordt er gewerkt aan verbetering van de ruimtelijke kwaliteit, het verbeteren van de sociale veiligheid rondom het station en het beter verbinden van De Nollen en De Schooten. Op termijn zal ook het station zelf opgeknapt worden door NS/Prorail. Tevens hebben we de ambitie om een nieuwe langzaam verkeerstunnel onder het spoor te realiseren en de Burgemeester Ritmeesterweg opnieuw in te richten.. Met deze ingrepen wordt de samenhang tussen het station en de wijk De Schooten versterkt.

Aanvullend op het spoor speelt ook het lokale en regionale busvervoer een rol in de bereikbaarheid van de gemeente Den Helder. Alle wijken van de stad Den Helder en de kern Julianadorp hebben een vaste busverbinding van en naar het centrale busstation van Den Helder, gelegen naast Station Den Helder in het Stadshart. We zetten er bij de Provincie Noord-Holland (uitgever van de concessies aan de vervoerders) op in om deze verbindingen te behouden. Daarnaast streven we ernaar om grote werklocaties in de gemeente, zoals Kooypunt, ook zoveel mogelijk te laten ontsluiten met openbaar vervoer.

De kern Huisduinen biedt qua inwoneraantal onvoldoende draagvlak voor een eigen busverbinding. Reizigers zijn daar aangewezen op de busverbinding in de wijk Nieuw Den Helder. In andere delen van de gemeente is wel voldoende verzorgingsgebied aanwezig, echter staat het regionale openbaar vervoer staat steeds meer onder druk. Zodoende wordt voor de middellange termijn rekening gehouden met ingrijpende aanpassingen aan het openbaar vervoersysteem. Het initiatief hiervoor ligt in eerste instantie bij bovenregionale overheden. Als stad en als regio zijn we hier intensief bij betrokken.

5Functies & Bedrijvigheid

5.1 Winkelcentra/centrumgebieden

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder kent een aantal duidelijke centra, waar detailhandel en voorzieningen zich concentreren. Hier kiezen we bewust voor, om op deze centrale locaties een sterk voorzieningenniveau te realiserenen te behouden. We werken aan het versterken van de kwaliteit en het optimaal gebruik van deze centrumlocaties.

Het Stadshart van Den Helder vervult een centrumfunctie qua voorzieningen voor de gemeente en de regio. Willemsoord is hieraan complementair met voorzieningen op het gebied van cultuur en (nacht)horeca. Gezamenlijk vormt dit één samenhangend centrumgebied. Julianadorp heeft een eigen dorpshart en –voorzieningen in de vorm van het Loopuytpark en winkelcentrum de Riepel. De bestaande samenhang tussen beiden willen we verder versterken. In Huisduinen is geen sprake van een winkelcentrum, maar fungeert het Dorpsplein als centrumgebied voor het dorp qua kleinschalige voorzieningen. De wijkcentra in Nieuw Den Helder, De Schooten en Julianadorp-Zuid zijn ondersteunende winkelgebieden en vooral gericht op dagelijkse boodschappen. Grootschalige, volumineuze detailhandel wordt geconcentreerd op het Ravelijncentrum, dat hiermee een specifieke regionale functie vervult.

Naast een faciliterende rol kiezen we ook voor een stimulerende rol qua centrumgebieden. De ontwikkelingen in de retailsector, zoals de groei van internetwinkelen en veranderende consumentenwensen, maken dat de dominante rol van winkels in de binnenstad en andere winkelgebieden de komende jaren steeds verder afneemt. Daarom is inzet nodig om de winkelgebieden toekomstbestendig te maken. We zetten hierbij in op meer gemengde centrumgebieden, waarin winkelen wordt gecombineerd met beleving, leisure en andere functies zoals wonen. Onze ondernemers bieden we hierbij heldere kaders, die in principe gelijk zijn per winkelgebied. Daarnaast treffen we fysieke maatregelen om de winkelgebieden te versterken.

Voor het centrum van Den Helder wordt doorgegaan op de ingezette weg. De gemeente werkt hier samen met Zeestad en de Woningstichting Den Helder aan het versterken van centrum door het opknappen en deels transformeren van winkelpanden naar wonen. Ook worden er overtollige vierkante meters detailhandel uit de markt genomen. Het nieuwe centrum krijgt zo steeds meer vorm en Den Helder wordt daarmee steeds aantrekkelijker voor inwoners, ondernemers en bezoekers. Ook het behoud van kwaliteit in de andere winkelcentra is belangrijk. Zo hebben we in verschillende winkelcentra aandacht voor wat nodig is om deze winkelcentra toekomstbestendig te maken. Dit doen we door een verbetering van de uitstraling van winkelpanden, verbetering van de openbare ruimte of door het toevoegen van functies zoals wonen. Dit heeft een positieve invloed op de aantrekkingskracht van het winkelcentrum en de leefbaarheid van de omringende omgeving.

Horeca is één van de functies die steeds meer verweven zijn met de detailhandel. De aanwezigheid van goede horeca zorgt ervoor dat onze centrumgebieden als een logisch geheel functioneren en graag bezocht worden door inwoners en bezoekers. Per gebied geven we aan welke ruimte er is voor horeca. Gezien de samenhang met andere centrumfuncties krijgt de vestiging van horeca binnen centrumgebieden voorkeur boven andere locaties in de gemeente. Specifiek kijken we of in Julianadorp aan Zee kansen liggen voor de ontwikkeling van een recreatief hart met bijvoorbeeldhoreca en kleinschalige voorzieningen.

Het Ravelijncenter is een belangrijk cluster voor perifere detailhandel en is een goed functionerend winkelgebied. Om dit zo te houden wordt door gemeente en ondernemers ingezet op het toekomstbestendig inrichten van het gebied. Reguliere detailhandel is hier uitgesloten. Aan de Burgemeester Ritmeesterweg zijn nog een aantal winkels voor perifere en grootschalige detailhandel te vinden. Dit gebied, aan de noordzijde van bedrijventerrein De Dogger, is interessant voor transformatie naar een gemengd woon- werkgebied. We concentreren de grootschalige detailhandel op het Ravelijncenter, waarmee we dit gebied verder kunnen versterken voor de toekomst.

5.2 Bedrijven- & industrieterreinen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Lokale bedrijvigheid wordt gefaciliteerd met voldoende en zo optimaal mogelijk benutte bedrijventerreinen. We willen bedrijven in onze gemeente voldoende ruimte geven om te ondernemen. De gemeente Den Helder wil in ieder geval ruimte kunnen bieden aan bedrijven uit de kernsectoren van de lokale economie (scheepsbouw, offshore, havengerelateerde bedrijvigheid en logistiek, onderhoud & inspectie, marine en energietransitie). De offshoresector en bedrijvigheid rondom de energietransitie kunnen voor de langere termijn leiden tot een extra ruimtevraag waarvoor de bedrijventerreinen in Den Helder in beeld komen. De ruimte die in de toekomst op de bedrijventerreinen (nog) beschikbaar is, moet ook voor deze bedrijvigheid kunnen worden ingezet. Daarnaast moet er voldoende ruimte overblijven voor lokale ondernemers met uitbreidingwensen. In de regionale afspraken over bedrijventerreinen wordt benoemd dat de regio zuinig om wil gaan met de bestaande werklocaties vanwege de toegevoegde waarde voor de economie. Verkleuring naar andere functies kan zwaardere bedrijfsfuncties in de weg zitten waardoor de oorspronkelijke functie van het bedrijventerrein en daarmee de kwaliteit onder druk kan komen staan. Zonering kan een mogelijke oplossing bieden. Op de bedrijventerreinen Ambachtsweg, De Dogger en Westoever zetten we in op lichte bedrijvigheid, gezien de nabijheid van woonfuncties.

De laatstgenoemde locatie zou op langere termijn ook ontwikkeld kunnen worden tot meer gemengd woon-werkgebied, afhankelijk van de toekomstige vraag naar woningen en bedrijfsruimte. Hierbij nemen we de belangen van de gevestigde bedrijven mee. Wonen en andere functies kunnen een toevoeging zijn op sommige bedrijventerreinen, vooral daar waar deze grenzen aan bestaand woongebied. Soms kan het nodig zijn bedrijven met een hogere milieucategorie te verplaatsen. Op De Dogger geven we met het oog op de grote druk op de woningmarkt tijdelijk ruimte voor zogeheten ‘flexwonen’, een vorm van wonen waarbij inwoners die door omstandigheden niet terecht kunnen in de reguliere woningmarkt een tijdelijke woning kunnen huren en vandaar kunnen doorstromen richting de reguliere woningmarkt. Het gaat hierbij om een reguliere vorm van wonen. Bijzondere vormen van wonen, zoals met vormen van zorg of begeleiding, krijgen hierbinnen geen plek.

Zwaardere bedrijvigheid, te bepalen aan de hand van de milieucategorie, concentreren we op locaties verder van woongebieden, zoals in de haven en op bedrijventerreinen Kooypunt en Oostoever. De haven van Den Helder biedt ruimte voor (zee)havengebonden activiteiten. Prioriteit geven we hierbij aan activiteiten die bijdragen aan de nationale belangen energietransitie en nationale veiligheid. Om deze activiteiten op langere termijn ook de ruimte te geven worden de mogelijkheden om extra (zee)kadelengte en havenruimte te realiseren binnen de huidige oppervlakte van de haven nader onderzocht. Ook het (high-tech) onderhoudscluster en andere huidige activiteiten vinden hun plek in het havengebied. Gezocht wordt naar een optimale verdeling van de beschikbare ruimte, waarbij bedrijvigheid zonder directe behoefte aan (zee)kaderuimte bij voorkeur op andere locaties in het Maritiem Cluster (Kooypunt, Oostoever) plaatsvindt.

Binnen de ontwikkeling van het Maritiem Cluster wordt voor de gebieden Kooypunt, Kooyhaven (gemeente Hollands Kroon) en Oostoever ingezet op het ruimte bieden voor de sectoren logistiek, mobiliteit en energie. Door op deze sectoren te richten in de ontwikkeling zetten we in op zoveel mogelijk synergie tussen de haven van Den Helder en het zuidelijker gelegen cluster van bedrijventerreinen. Dit cluster is ondersteunend aan de (zee)haven door logistieke functies een goed bereikbare plek buiten de haven te geven en voldoende ruimte te bieden voor mobiliteitsoplossingen en grootschalige energieopwekking en –infrastructuur.

De transitie naar een steeds meer circulaire economie zorgt in de toekomst mogelijk ook voor een toenemende vraag naar ruimte op bedrijventerreinen met een hogere milieucategorie, door het korter worden van grondstofkringlopen en de hinder/milieubelasting die veel recyclingsprocessen met zich meebrengen. Het is daarom belangrijk dat we monitoren of er voldoende ruimte voor bedrijven is en dat we hier op tijd op anticiperen door extra uitbreidingsruimte te creëren wanneer dit nodig is. We sluiten hierbij aan bij de regionale afspraken over de bedrijventerreinen in de regio.

5.3 Agrarische bedrijvigheid

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

In de Koegraspolder ligt er een opgave in het toekomstbestendigheid maken van de huidige agrarische bedrijvigheid. Agrariërs ondervinden in toenemende mate last van extremere weersomstandigheden, als gevolg van het veranderende klimaat. Ook neemt de druk om de bedrijvigheid te verduurzamen toe, terwijl de bedrijfsvoering onder andere door schaalvergroting regelmatig al onder druk staat. We streven ernaar om in samenwerking met alle betrokken partijen het huidig agrarisch gebruik zoveel mogelijk te bestendigen, waar nodig met extra maatregelen om dit te ondersteunen. Op langere termijn is met name verzilting een groot risico, ook gezien de kwetsbaarheid van het huidige agrarisch gebruik (de bollenteelt) hiervoor. Wanneer het bestendigen van het huidig agrarisch gebruik op lange termijn niet haalbaar blijkt te zijn wordt met agrariërs gezocht naar mogelijke transformatie naar andere agrarische activiteiten.

Verbreding van agrarische bedrijvigheid met andere functies (bijvoorbeeld een minicamping, zorgboerderij, het opwekken van duurzame energie) krijgt meer de ruimte, als ondersteuning van de vitaliteit en toekomstbestendigheid van agrarische bedrijven. De ruimte hiervoor wordt gegeven op voorwaarde dat de functieverbreding niet zorgt voor verrommeling van het landschap en het open landschap gewaarborgd blijft. Met het oog op de waterkwaliteit in de polder is ook een goede verwerking van afvalwater een randvoorwaarde.

5.4 (Verblijfs)recreatie

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Verblijfsrecreatie in de gemeente focust zich op drie pijlers: kusttoerisme in (met name) Julianadorp en (kleinschaliger) op Huisduinen en rondom De Helderse Vallei, stedelijk toerisme in Den Helder en kleinschalig agrarisch toerisme in het buitengebied (met name in de Koegraspolder). Deze drie pijlers blijven we hanteren.

Qua verblijfsrecreatie rondom het kusttoerisme ligt in de Duinzoom bij Julianadorp (aan Zee) de focus in eerste instantie op revitalisering van bestaande verblijfsrecreatie. We geven beperkt ruimte aan nieuw aanbod dat een kwalitatieve aanvulling vormt op het huidige aanbod en landschappelijke kwaliteit toevoegt aan de binnenduinrand. Qua landschap en uitstraling stimuleren we initiatiefnemers om aan te sluiten op de gewenste verbreding van de binnenduinrand.

Rondom de Helderse Vallei en op Huisduinen zetten we in op kleinschalig kusttoerisme. Hier geven we geen ruimte voor nieuwe, grootschalige ontwikkelingen qua verblijfsrecreatie. Kleinschalige initiatieven die passen binnen de huidige structuur en het karakter van het gebied zijn wel denkbaar.

De stranden van de gemeente Den Helder spelen een zeer belangrijke rol in het kusttoerisme. Daarom zetten we in op een goede bereikbaarheid van de stranden via de strandopgangen. Ook geven we ruimte aan toeristische voorzieningen op het strand, passend bij het karakter van dat specifieke gedeelte van het strand. Hierbij wordt aangesloten op de strandzonering door de Provincie Noord-Holland.

Stedelijk toerisme biedt, naast het al goed ontwikkelde kusttoerisme, veel aanvullende toeristische potentie voor Den Helder. Willemsoord, met de aanwezige voorzieningen op het gebied van cultuur, horeca en detailhandel, het Stadshart en de Stelling bieden hier uitgelezen mogelijkheden voor en worden hier verder voor benut. Hierbij wordt ook de belangrijke rol van Willemsoord voor de recreatieen passantenvaart geborgd, aangezien dit een belangrijke motor voor het stedelijk toerisme in Den Helder vormt. Verblijfsrecreatie rondom het stedelijk toerisme bestaat voor een belangrijk deel uit hotelovernachtingen. Vestiging in het Stadshart en op Willemsoord is, als samenhangend centrumgebied, hierbij het meest wenselijk. Ook binnen de forten van De Stelling is hotelaccommodatie denkbaar, mits deze bijdraagt aan het behoud en de verdere ontwikkeling van De Stelling. Daarnaast zijn er kleinschaligere overnachtingsvormen, zoals B&B’s. Zolang er geen overlast ontstaat uit het bieden van verblijfsrecreatie binnen woongebieden, staan we hier onder voorwaarden positief tegenover. De vestiging van (grote) vakantieparken past niet binnen de ambities voor stedelijk toerisme.

In het buitengebied is er sprake van een aantal minicampings. Vaak heeft dit de vorm van kleinschalig agrarisch toerisme (‘kamperen bij de boer'), maar ook kleine campings vallen onder deze noemer. Gezien de invloed die deze minicampings hebben op de openheid en de uitstraling van het buitengebied zijn deze campings aan een aantal regels gebonden, waaronder een maximaal aantal staplaatsen per camping. Ook dient er afstand tussen de verschillende minicampings te zitten. Deze voorwaarden zijn belangrijk om het open karakter van de polder te waarborgen en houden we vast. Er is toenemende vraag naar deze vorm van overnachten, terwijl ook steeds meer agrariërs op zoek zijn naar nevenactiviteiten naast de agrarische bedrijfsvoering. Daarom kiezen we ervoor om het huidige maximumaantal (tien) aan minicampings in het buitengebied los te laten, met behoud van een aantal nadere voorwaarden.

Evenementen zijn een vorm van recreatie waar veel inwoners, in allerlei vormen, gebruik van maken. Ook kunnen evenementen bijdragen aan het aantrekken van bezoekers en de bekendheid van Den Helder als gemeente om in te recreëren, te werken en te wonen. Dit zijn belangrijke redenen om evenementen te faciliteren en/of te stimuleren. Bij het stimuleren van (grotere) evenementen richten we ons op evenementen die passen bij het karakter van Den Helder en een positieve bijdrage leveren aan het imago van Den Helder. Niet iedere locatie is ook even geschikt voor het organiseren van evenementen, bijvoorbeeld i.v.m. veiligheid of hinder voor de omgeving. Willemsoord is hét evenemententerrein binnen de gemeente voor grootschalige (regionale) evenementen en hier is ruimte voor het organiseren van een groter aantal evenementen in het jaar. Op het toekomstige evenemententerrein in Julianadorp en in Quelderduijn is ruimte voor enkele (grotere) evenementen in het jaar. Op andere locaties in de gemeente is ruimte voor het incidenteel organiseren van een evenement.

5.5 Grootschalige duurzame energie

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

In Den Helder werken we, in regionaal verband, aan het behalen van de in de Regionale Energiestrategie (RES) afgesproken ambitie op het gebied van de grootschalige opwekking van duurzame energie op land. De Nieuwe Haven vormt het enige zoekgebied om deze grootschalige opwekking binnen de gemeente te realiseren. Als gevolg van verschillende belemmeringen op het gebied van defensie en luchtvaart is er geen ruimte voor (grootschalige) windenergie in Den Helder.

We focussen ons buiten het zoekgebied op het opwekken van duurzame energie op grote daken, boven grote parkeerplaatsen, waarbij eerstgenoemde de meeste potentie voor Den Helder biedt. Aandachtspunt hierbij is de netcongestie van de netbeheerder.

We streven daarnaast naar de realisatie van een warmtenet in aansluiting op een geothermische bron. Met een consortium van een aantal partijen, waaronder de gemeente, wordt onderzocht in welke vorm dit gerealiseerd kan worden. De realisatie van het warmtenet is een zeer belangrijke kans voor de lokale energietransitie, aangezien warmte uit geothermie voor veel woningen en andere gebouwen een goed alternatief voor verwarmen door middel van aardgas is. Zoekgebied voor de geothermische bron is bedrijventerrein Westoever, waar de bron en bijhorende installaties kunnen worden ingepast in de omgeving. Deze inpassing is van groot belang voor de gemeente, zeker met het oog op eventuele toekomstige ontwikkelingen op bedrijventerrein Westoever. Ook streven we ernaar om de geothermische bron zo in te passen dat dit geen negatieve gevolgen heeft voor (toekomstige delen van) De Stelling. In de buurten die in de toekomst (waarschijnlijk) worden aangesloten op het warmtenet wordt rekening gehouden met de ruimte die dit vraagt in de ondergrond

Bovenop de ambities die we hebben met betrekking tot het lokaal grootschalig opwekken van duurzame energie zetten we ook in op een rol voor Den Helder bij (inter)nationale grootschalige opwekking van duurzame energie op de Noordzee. Het feit dat op bedrijventerrein Oostoever op dit moment al een locatie van de NAM aanwezig is voor de aanlanding van aardgas vanaf de Noordzee biedt veel kansen voor Den Helder. In de toekomst wordt namelijk ingezet op hergebruik van bestaandeaardgasinfrastructuur voor waterstof, bijvoorbeeld door duurzame energie op zee om te vormen in waterstof en dit via bestaande buisleidingen aan land te brengen. Daarnaast is er ruimte voor de productie van waterstof op het NAM terrein, een faciliteit voor de productie van blauwe waterstof (waterstof opgewekt uit fossiele brandstof, waarbij de vrijkomende CO2 wordt opgevangen en op zee wordt opgeslagen) waarmee de industrie van CO2-vrije waterstof kan worden voorzien in de transitieperiode dat er nog niet voldoende groene waterstof (waterstof opgewekt uit duurzame energie) is. Niet alleen qua energievoorziening is dit in potentie belangrijk voor Den Helder, maar dit biedt ook kansen voor innovatieve bedrijvigheid rondom (de toepassing van) deze energiedrager. Ook biedt de opwekking van duurzame energie op de Noordzee grote kansen voor de ontwikkeling van een toekomstbestendige civiele haven en luchthaven. De vele jaren ervaring met logistieke dienstverlening voor olie en gas wordt ingezet voor nieuwe, duurzame energie-infrastructuur op zee. Ook voor de aanlanding van op de Noordzee duurzaam opgewekte elektriciteit komt Den Helder mogelijk in beeld. De benodigde ruimte hiervoor zoeken we op bedrijventerrein Kooypunt en de directe omgeving.

Om de transitie naar meer duurzame energie te kunnen maken vragen we bij de netbeheerders om aandacht voor een voldoende robuust stroomnetwerk, zodat nieuwe aanbieders en vragers op het energienet kunnen aansluiten en het netwerk pieken qua opwek en/of verbruik kan opvangen. Indien nieuwe bedrijven geen aansluiting kunnen krijgen op het stroomnetwerk zet dit het vestigingsklimaat van Den Helder onder druk. Ook nieuwe (grootschalige) initiatieven voor het opwekken van duurzame energie kunnen niet meer worden aangesloten, of krijgen te maken met lange wachttijden. Een robuust stroomnetwerk om de energievraag en –aanbod in de toekomst voldoende op te kunnen vangen is van vitaal belang voor Den Helder. Lokaal wordt gekeken naar de mogelijkheden om de opslagcapaciteit te vergroten. Ook faciliteren we de aanleg en inpassing van aanvullende energie-infrastructuur, om een bijdrage aan deze opgave te leveren.

Tegelijk zien we ook hier grote voordelen bij het plaatsen van een Small Modular Reactor bij Den Helder. Een lokale regelbare energiebron kan een groot deel van genoemde netcongestie oplossen.

5.6 Onderwijs

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Den Helder heeft een divers aanbod aan onderwijs, waarvan ook speciaal onderwijs (basis en voortgezet) onderdeel is. Voldoende, kwalitatief goed basisonderwijs is een belangrijke voorwaarde om goed op te groeien in de gemeente Den Helder. Een divers aanbod van basisonderwijs, met een goede spreiding over hele gemeente is daarbij van belang. De gemeente stemt hierover regelmatig af met scholen(organisaties). Samenwerking van verschillende basisscholen en/of kinderopvanglocaties in een zogeheten Integraal Kindcentrum (IKC) wordt gestimuleerd.

Het voortgezet onderwijs wil zich clusteren op één centrale locatie in Den Helder, die goed bereikbaar is met alle vervoersmiddelen. Dit cluster draagt inhoudelijk en ruimtelijk bij aan Den Helder als maritiem kenniscentrum. We zetten in op een ontwikkeling in Nieuw Den Helder, waarbij een herontwikkeling op de huidige positie aan de Drs. F. Bijlweg de zoekrichting is. Ook wordt samenhang gezocht met ander onderwijsaanbod in de omgeving zoals Tetrix, met een breed aanbod techniekopleidingen op MBO(middelbaar beroepsonderwijs) niveau. Het voortgezet onderwijs in Julianadorp (Junior College) is ondersteunend aan de hoofdlocatie in Den Helder.

Hoger onderwijs is in Den Helder beperkt aanwezig, enkel in de vorm van MBO en enkele universitaire opleidingen aan het KIM (Koninklijk Instituut voor de Marine) specifiek gericht op de Koninklijke Marine. Gezien de verwachting dat de komende jaren in diverse sectoren veel vacatures zullen ontstaan vinden we het belangrijk dat het onderwijs en de arbeidsmarkt meer samen gaan werken. Op verschillende wijze stimuleren we samenwerking tussen onderwijs en de arbeidsmarkt in Den Helder en de regio. Hierbij zetten we ook in op samenwerking met instellingen voor hoger onderwijs (hoger beroepsonderwijs, universiteiten), bijvoorbeeld in de vorm van kenniswerkplaatsen (projecten op locatie als onderdeel van het reguliere onderwijs). Voor de toekomst zetten we in op een verbreding van het onderwijsaanbod in Den Helder, in nauwe samenhang met de lokale en regionale arbeidsmarkt.

5.7 Zorg

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Het Noordwest Ziekenhuis in Den Helder speelt een belangrijke rol in de gezondheidszorg voor de inwoners van de gemeente en de regio. We zetten in op het behoud van het ziekenhuis en een zo volwaardig mogelijk aanbod aan zorg in de gemeente Den Helder. Dit zorgt voor zo kort mogelijke aanrijtijden voor medische zorg in Den Helder en de omgeving en houdt de ziekenhuiszorg zo laagdrempelig mogelijk beschikbaar voor ons inwoners. Een goede bereikbaarheid van het ziekenhuis met verschillende vervoersmiddelen is hierbij een belangrijke randvoorwaarde.

Kleinschalige zorg in de buurt is het uitgangspunt voor nieuwe zorgontwikkelingen. Daarbij wordt gekeken naar de behoefte uit de buurt zelf en de reeds aanwezige zorgfaciliteiten. Nieuwe ontwikkelingen die primair op het verlenen van zorg gericht zijn vinden plaats in de nabijheid van voorzieningen. Hiervoor worden ‘woonzorgzones’ aangewezen nabij belangrijke voorzieningen als winkelcentra/supermarkten, eerstelijns zorg (huisarts en apotheek) en toegang tot openbaar vervoer. In deze woonzorgzones worden openbare ruimte en faciliteiten hierop ingericht, zodat inwoners zo lang mogelijk (zo) zelfredzaam (mogelijk) blijven.

Buiten deze woonzorggebieden is in principe geen ruimte meer voor ontwikkelingen waarbij vormen van intensieve zorg in combinatie met wonen centraal staan. Voor lichtere zorg en ondersteuning kan wel worden gekozen voor een locatie buiten deze woonzorggebieden, maar een hogere mate van zelfredzaamheid en afstemming op de reeds beschikbare zorg in de wijk is hierbij een uitgangspunt.

De gemeente Den Helder werkt met wijkteams, die in wijksteunpunten op centrale locaties in iedere wijk van Den Helder en de kern Julianadorp vindbaar zijn: MFC De Boerderij (De Schooten), MFC ’t Wijkhuis (Nieuw Den Helder), MFC Julianadorp (Julianadorp) en Bernhardplein (Stad binnen de Linie). Via deze wijksteunpunten werkt de gemeente Den Helder met wijkteams, waar inwoners laagdrempelig zorg en ondersteuning door de gemeente en andere professionele partijen kunnen vinden.

6Ontwikkelingen

6.1 Stadsontwikkeling

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De gemeente Den Helder werkt hard aan het bieden van een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een leefbare gemeente voor inwoners, ondernemers en bezoekers. De afgelopen decennia is veel focus geweest op de stedelijke vernieuwing in de binnenstad, de ontwikkeling van Willemsoord als complementair onderdeel van het centrumgebied, de transformatie van Nieuw Den Helder en het herstellen van onderdelen van De Stelling. Dit is heel zichtbaar en heeft veel positieve effecten. De leefbaarheid en de aantrekkingskracht om er te verblijven zijn enorm toegenomen. De ingezette koers voor deze gebieden wordt richting de toekomst vastgehouden.

De ontwikkelingen binnen de stad Den Helder van de afgelopen decennia zijn hiermee vooral gericht geweest op het aantrekkelijker maken van Den Helder als woonstad en vestigingsplaats. In het Stadshart en in Nieuw Den Helder is vooral gewerkt aan het realiseren van extra kwaliteit via transformatie en herontwikkeling van de bestaande woningvoorraad. Dit krijgt vorm in diverse projecten, maar per saldo zijn er weinig extra woningen gerealiseerd. Grootschalige woningbouw vond de afgelopen jaren vooral plaats in Julianadorp, met het Willem Alexanderhof en ’t Laar als voorbeelden van projecten in uitvoering. In de toekomst wordt gestreefd naar een goede, evenwichtige spreiding van nieuwe woningen over de gemeente.

Hierbij zetten we in de wijk Stad binnen de Linie in op stedelijke woonmilieus. In Nieuw Den Helder, De Schooten, Julianadorp en Huisduinen zetten we in op gemengde, suburbane woonmilieus. In en rondom het oude dorp van Julianadorp wordt ingezet op dorpse woonmilieus. De gemeente Den Helder kent tevens twee woonwagencentra, één in Nieuw Den Helder en één in De Schooten. Deze centra zijn een bijzondere woonvorm die een eigen cultuur kennen en zich kenmerken door hechte onderlinge banden tussen de bewoners. De twee huidige centra blijven in de toekomst behouden voor de bewoners.

Een duurzame woningvoorraad is gezien de ambitie om in 2040 als gemeente energieneutraal te zijn zeer belangrijk. Landelijk is afgesproken dat nieuwe woningen energieneutraal worden opgeleverd. Nieuwe ontwikkelingen dragen hiermee bij aan een duurzame woningvoorraad.

6.2 Woningbouwopgave

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Tot 2030 is behoefte aan 1.500 nieuwe woningen in de gemeente Den Helder. Bij deze woningbouwopgave krijgen binnenstedelijke inbreidings- (woningbouw inpassen binnen huidige wijken en kernen) en transformatielocaties (andere functies vervangen voor woningbouw) de voorkeur boven buitenstedelijke uitbreidingslocaties. Hiermee worden de huidige kernen en de aanwezige voorzieningen verder versterkt, wat belangrijk is voor de vitaliteit van de gemeente Den Helder op de langere termijn. Eerder zijn al vier gebieden aangewezen voor grootschaligere woningbouw: Dijkbuurt, Westoever/Spoorweghaven, Julianadorp-Oost en het gebied rondom de Drs. F. Bijlweg. Deze gebiedsontwikkelingen worden hieronder nader toegelicht.

We zetten in op een woningvoorraad die qua kwantiteit en kwaliteit aansluit op de behoeften op de woningmarkt in Den Helder. Nieuwe ontwikkelingen sluiten aan bij de sociale en demografische situatie in het gebied waar zij gerealiseerd worden, maar er is ruimte voor diversiteit in (o.a.) prijsklassen, eigendom en type woningen in onze ontwikkelingen zodat er gemengde wijken ontstaan en we verschillende groepen inwoners bedienen met onze ontwikkelingen. Voor een aantal groepen zetten we actief in op de beschikbaarheid van goede huisvesting, zoals ouderen, jongeren en kwetsbare groepen. Om Den Helder aantrekkelijker te maken als stad om in te (blijven) wonen werken we actief aan kwaliteitsverbetering van zowel de bestaande woningvoorraad als de woonomgevingen.

Een duurzame woningvoorraad is gezien de ambitie om in 2040 als gemeente energieneutraal te zijn zeer belangrijk. Landelijk is afgesproken dat nieuwe woningen energieneutraal worden opgeleverd. Nieuwe ontwikkelingen dragen hiermee bij aan een duurzame woningvoorraad

6.3 Gebiedsontwikkelingen vóór 2030

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Een majeure ontwikkeling in Den Helder is de samenwerking van verschillende partijen binnen het Maritiem Cluster: de oostrand van Den Helder waarin de zeehaven, het Marineterrein, de luchthaven, de N250 en bedrijventerreinen Oostoever, Kooypunt en Kooyhaven (grondgebied gemeente Hollands Kroon) in gelegen zijn. Doelstellingen zijn om de economische vitaliteit te vergroten, bij te dragen aan de maritieme stadsontwikkeling van Den Helder, de bereikbaarheid van Den Helder te verbeteren en een klimaatrobuuste ontwikkeling en inrichting van het gebied, waaronder ook de waterveiligheid met het oog op toekomstige zeespiegelstijging.

Het gebied Westoever/Spoorweghaven is een grootschalig transformatiegebied op de overgang tussen de stad en de haven. In het gebied is nog veel bedrijvigheid te vinden, maar een groot deel van de zware bedrijvigheid en de havenactiviteiten zijn de afgelopen jaren uit het gebied vertrokken. Hiermee is ruimte ontstaan om het noordelijke deel van het gebied, Spoorweghaven/Ruyghweg, te transformeren richting een aantrekkelijk woongebied met samenhang met de wijk Stad binnen de Linie. Aanvullende ambitie hierbij is het herstellen van het gedeelte van De Stelling tussen de forten Westoever en Dirskz. Admiraal, die in het verleden heeft moeten wijken voor de bedrijvigheid in het gebied. Na 2030 liggen er eventueel kansen om ook het zuidelijke deel van het gebied, dat meer samenhang met de wijk De Schooten heeft, stapsgewijs te transformeren richting een gemengd woon/werkgebied.

Als uitwerkingslocatie voor grootschalige woningbouw wordt de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling Dijkbuurt onderzocht. Insteek is om de Helderse Zeewering te verhogen en te verbreden, om deze voor de komende twee eeuwen bestand te maken tegen de stijgende zeespiegel. De verbreding van de dijk moet hierbij ruimte bieden aan een woningbouwprogramma op de binnenzijde van de dijk. De beoogde gebiedsontwikkeling sluit via het Stadspark aan op het Stadshart en wordt hiermee onderdeel van het centrum van Den Helder.

Aan de oostzijde van Nieuw Den Helder zetten we in op een transformatie van het Drs. F. Bijlweg gebied, wat momenteel een gemengd voorzieningencluster is. Diverse partijen in het gebied overwegen op dit moment hun toekomst, wat ruimte biedt voor transformatie richting gemengde woonbuurt. Hierbij kan worden aangesloten op het groen van De Stelling en de Nollen, die beiden op een steenworp afstand liggen. Een belangrijke ambitie bij deze transformatie is om op termijn ook het verkeersknooppunt op de Waddenzeestraat af te waarderen tot een kleinschaligere verkeersoplossing en het landschap van Fort Dirksz. Admiraal beter zichtbaar te maken.

In Julianadorp is de ruimte voor inbreiding bij nieuwe woningbouwontwikkelingen beperkt. Daarom wordt voor de realisatie van het burgerinitiatief ONS, gericht op een multifunctioneel terrein in Julianadorp voor ontspanning, natuur en sport, gericht op uitleg in Julianadorp-Oost. Hiermee ontstaat ruimte voor inbreiding nabij het centrumgebied van Julianadorp. De gebiedsontwikkeling in Julianadorp-Oost biedt tevens ruimte voor het toevoegen van enkele bijzondere woonmilieus, die kwaliteit en andere typen woningen kunnen toevoegen aan de huidige woningvoorraad van Julianadorp.

In deze omgevingsvisie worden een aantal nieuwe ontwikkellocaties en zoekgebieden in Den Helder aangewezen, ter aanvulling op de eerder aangewezen uitwerkingslocaties voor grootschaligere woningbouw (Dijkbuurt, Westoever/Spoorweghaven, Julianadorp-Oost en Bijlweg). Deze locaties bieden kansen om de stad te versterken met woonmilieus die aansluiten op de al aanwezige kwaliteiten van landschap, natuur en cultureel erfgoed. In de gebiedsgerichte deelvisies zal per gebied nader worden ingegaan op deze gebiedsontwikkelingen.

Initiatieven voor kleinere inbreidingslocaties in bestaande woonwijken benaderen we vanuit deze visie in principe positief. In centrumgebieden liggen soms kansen om te verdichten, bijvoorbeeld met appartementen boven winkels/winkelcentra. Wanneer dit op een kwalitatief goede manier gebeurt kan dit bijdragen aan het realiseren van de woningbouwopgave. Ook in dat geval zullen we initiatieven positief benaderen.

6.4 Zoekgebieden: mogelijke gebiedsontwikkelingen na 2030

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Na 2030 is de toekomstige vraag naar nieuwe woningen lastiger in te schatten. Veel zal ervan afhangen in hoeverre Den Helder, door te werken aan de aantrekkelijkheid van de stad, het ingezette pad van krimp naar groei kan volhouden en mogelijk zelfs versterken. We kiezen ervoor om een aantal potentiële zoekgebieden aan te wijzen waar, bij voldoende toekomstige vraag, nieuwe ontwikkelingen een kwalitatieve toevoeging kunnen zijn op de huidige situatie en kansen liggen om onderscheidende woonmilieus toe te voegen. Hierbij worden woonmilieus voorgesteld die aansluiten bij de aanwezige kwaliteiten van landschap, natuur en cultureel erfgoed. Deze zoekgebieden worden apart aangeduid op de kaart. In veel gevallen is er sprake van een huidig ander gebruik.

Locaties die zijn aangewezen als zoekgebied worden na 2030 verder afgewogen en eventueel uitgewerkt. Indien op deze locaties eerder kansen/ omstandigheden voordoen die vragen om een overweging over ontwikkeling wordt hierover een bestuurlijke afweging gemaakt. Met het oog op de toekomstbestendigheid van eventuele ontwikkelingen zijn water en bodem sturend in deze afweging. Bij de keuze om na 2030 te gaan voor nadere uitwerking van een locatie zal het gebruik op dat moment en de mogelijkheden om dit elders te compenseren of een alternatief te kunnen bieden een zeer belangrijke rol spelen. De keuze om vooral binnenstedelijke ontwikkellocaties en zoekgebieden aan te wijzen betekent dat er extra aandacht nodig is voor de gevolgen voor de leefbaarheid van de wijk bij inbreiding ten koste van andere functies. Hier gaan we zorgvuldig mee om.

In de gebiedsgerichte deelvisies bij deze omgevingsvisie wordt een nadere toelichting gegeven op de zoekgebieden voor ontwikkeling na 2030.

6.5 Overige ontwikkelingen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

In de Duinzoom is beperkt ruimte voor nieuwe ontwikkelingen qua verblijfsrecreatie, die een kwalitatieve aanvulling vormen op het huidige aanbod aan verblijfsrecreatie en landschappelijke kwaliteit toevoegen aan de binnenduinrand. Hierbij kan worden aangesloten bij de gewenste verbreding van het duinlandschap. Op dit moment is Julianadorp aan Zee erg monofunctioneel gericht op verblijfsrecreatie en zijn de bestaande vakantieparken veelal op zichzelf gericht. Een duidelijk recreatief hart voor Julianadorp aan Zee, met bijvoorbeeld een concentratie van horeca en kleinschalige voorzieningen, ontbreekt. Bij ontwikkelingen in het gebied wordt de kans om een hart voor Julianadorp aan Zee te realiseren onderzocht.

Het voortgezet onderwijs wil zich clusteren op één centrale locatie in Den Helder, die goed bereikbaar is met alle vervoersmiddelen. Dit cluster draagt inhoudelijk en ruimtelijk bij aan Den Helder als maritiem kenniscentrum. We zetten in op een ontwikkeling in Nieuw Den Helder, waarbij een herontwikkeling op de huidige positie aan de Drs. F. Bijlweg de zoekrichting is. Ook wordt samenhang gezocht met ander onderwijsaanbod in de omgeving zoals Tetrix, met een breed aanbod techniekopleidingen op MBO (middelbaar beroepsonderwijs) niveau. Het voortgezet onderwijs in Julianadorp (Junior College) is ondersteunend aan de hoofdlocatie in Den Helder.

Door de huidige grote druk op de woningmarkt is het voor sommige groepen momenteel lastiger om een woning te vinden in de gemeente. Voor een aantal groepen is dit door hun specifieke situatie extra lastig, bijvoorbeeld omdat zij met spoed een woning zoeken, slechts kortere tijd in de gemeente Den Helder zullen wonen of door verschillende redenen niet aan bod komen in het reguliere koop- of huursegment. Voor deze groepen kan tijdelijk/flexibel wonen een oplossing voor hun woonprobleem betekenen. Den Helder bekijkt mogelijkheden om deze specifieke vormen van wonen in te zetten om de druk op de woningmarkt op te vangen. We zetten in op het tijdelijk mogelijk maken hiervan op bedrijventerrein De Dogger. Een bijzondere vorm van tijdelijk/flexibel wonen is de geconcentreerde huisvesting van arbeidsmigranten. In de Kop van Noord-Holland is behoefte aan een stevige groei van kwalitatief goede huisvesting van arbeidsmigranten. Naast huisvesting in het buitengebied (op agrarische percelen of in/bij bedrijfswoningen in het agrarisch buitengebied) zetten we in op geconcentreerde huisvesting via tijdelijk/flexibel wonen. Hiervoor zijn twee zoekgebieden in de gemeente in beeld, De Dogger en de noordrand van Julianadorp.

In de gemeente zijn diverse religieuze gebedshuizen te vinden, die voor veel inwoners een belangrijke sociaal-maatschappelijke rol vervullen. In de afgelopen jaren is er af en toe sprake van religieuze gebedshuizen die door teruglopend bezoek, fusies en/of andere redenen leeg komen te staan. Wanneer deze gebouwen een belangrijke waarde vertegenwoordigen, bijvoorbeeld qua identiteit of ruimtelijke kwaliteit, wordt gezocht naar een passende herbestemming om dit religieus erfgoed te behouden.

7Deelvisie Stad binnen de Linie

7.1 Inleiding & context

e volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De wijk Stad binnen de linie is het hart van de stad Den Helder en daarmee voor een belangrijk deel beeldbepalend voor de gehele stad. De eerste bebouwing, die ontstond aan het Marsdiep en vervolgens langs de Rijkswerf, was simpelweg Den Helder. Na groeiperiodes in de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw was de stad aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog bijna tot aan De Stelling gegroeid, De verwoestingen van de Tweede Wereldoorlog wierpen Den Helder ver terug, maar na 1945 werd ingezet op verdere concentratie van Marine-activiteiten in Den Helder en wederopbouw van de stad. Dit leidde tot een periode van snelle groei en wederopbouw, waarbij De Stelling al snel werd overgestoken voor de bouw van Nieuw Den Helder, De Schooten en later grootschalige uitbreidingswijken rondom de destijds kleine, agrarische kern Julianadorp. Met deze uitbreidingen werd ‘Stad binnen de Linie’ een van de wijken van de stad Den Helder, maar met het Stadshart en de aangelegen haven bleef het het onbetwiste hart van Den Helder.

Vanaf de jaren ’90 en de eerste jaren van deze eeuw namen de zorgen over de onder druk staande leefbaarheid en vestigingsklimaat in Den Helder toe, omdat de verwachte economische groei uitbleef. Deze problematiek vertaalde zich in een krimpende bevolking en meer leegstand. Bovendien werd geconstateerd dat achter de economische zorgen er ook sprake was van een gebrek aan beleving, karakter en (unieke) kwaliteit in de stad en in het bijzonder het Stadshart. Door de verwoestingen in de Tweede Wereldoorlog, de snelle wederopbouw met voorname focus op kwantiteit boven kwaliteit, het ophogen van De Helderse Zeewering tot ‘Deltahoogte’ en de vestiging van de Koninklijke Marine op De Nieuwe Haven, verder buiten de stad, was Den Helder ‘een stille en verweesde stad geworden, zonder de kenmerkende bedrijvigheid op het water’. Het karakter van Den Helder als maritieme stad bood de aanknopingspunten om te werken aan het terugbrengen en oppoetsen van dit unieke karakter en de daarbij horende unieke kwaliteiten, om hiermee een belangrijke bijdrage te leveren aan het keren van het negatieve tij voor Den Helder

In 2008 werd het Uitwerkingsplan (UP) Stadshart vastgesteld. Met het UP Stadshart werd een visie neergelegd voor het Stadshart en de Rijkswerf Willemsoord, met als kerndoel het opnieuw verbinden van Den Helder met de zee en de haven. Ook werd vanuit een samenwerking tussen gemeente, Provincie Noord-Holland en het Ministerie van VROM Zeestad c.v./b.v. als ontwikkelmaatschappij opgericht om uitvoering te geven aan de stedelijke vernieuwingsopgave.

Afbeelding: voorbeeld van de stedelijke vernieuwing in het Stadshart – Stationsvoorplein voor (links) en na (rechts) herinrichting

Inmiddels is een belangrijk deel van deze visie gerealiseerd en het imago van Den Helder in de afgelopen jaren positief veranderd. Het Stadshart biedt meer kwaliteit voor bewoners en bezoekers en het compactere winkelhart kent minder leegstand en meer levendigheid. Willemsoord is nog sterk in ontwikkeling, maar belangrijke functies als schouwburg De Kampanje, de diverse musea en (nacht)horeca trekken meer bezoekers naar het gebied. Tegelijkertijd zijn ook verschillende projecten en ambities uit het UP Stadshart nog niet gerealiseerd, zoals het wonen aan de dijk in de zogeheten Dijkbuurt. Ook de komende jaren zal aandacht nodig zijn om de visie verder te realiseren.

Met de kwaliteitssprong in het Stadshart is ook het contrast tussen het centrum en de omliggende wijken in de afgelopen jaren duidelijker geworden. De meeste buurten rondom het Stadshart zijn historische centrumbuurten, die een kenmerkende opbouw hebben van dicht op elkaar gebouwde kleine (arbeiders)woningen, nauwe straten die niet zijn gebouwd op het huidige autobezit en weinig ruimte in de buurten voor groen en water. Zowel qua bouwtechnische staat als qua openbare ruimte zijn deze buurten gedateerd te noemen, hoewel in sommige steden op basis van investeringen in kwaliteit een herwaardering van dit soort buurt zichtbaar is. Ook in Stad binnen de Linie is er behoefte aan een impuls voor deze buurten, op basis van de kwaliteiten die in deze buurten aanwezig zijn. Bijkomende uitdaging is dat in sommige buurten in Stad binnen de Linie ook de leefbaarheid onder druk staat, als gevolg van (gestapelde) sociaal-maatschappelijke problemen. Hierbij zijn de verschillen per buurt overigens groot, waardoor een generieke aanpak niet voldoende is.

Afbeelding: plattegrond van de stad Den Helder in 1920, waarop de historische centrumbuurten duidelijk zichtbaar zijn

Een belangrijke verandering ten opzichte van de situatie van circa een decennium geleden is het veranderde perspectief van Den Helder, van krimp naar groei. Het inwoneraantal is gestabiliseerd en er is zicht op enige groei. De vraag naar woningen neemt toe en Den Helder zet in op het bieden van een aantrekkelijk woningaanbod voor zowel haar eigen inwoners als potentiële nieuwe bewoners. Een belangrijke doelgroep hierbij vormen werknemers die de vacatures gaan invullen die de komende jaren zullen ontstaan als gevolg van uitstroom en nieuwe investeringen bij de Koninklijke Marine en in de toekomst door de opkomst van bedrijvigheid rondom duurzame energie. Deze groeiopgave zorgt voor mogelijkheden om nieuwe ontwikkelingen duurzaam te laten bijdragen aan de kwaliteit en het unieke karakter van Den Helder.

De komende jaren zetten we in op een aantal grote ontwikkelingen, zoals de bouw van 1.500 nieuwe woningen in de gemeente tot 2030. Deze ontwikkelingen bieden bij uitstek de kans om de gevraagde kwaliteit en aansluiting op het Helderse karakter en identiteitsdragers als haven, zee en De Stelling te realiseren. Tegelijkertijd geven we extra aandacht aan de bestaande buurten, om ervoor te zorgen dat deze aantrekkelijk en leefbaar zijn en voorbereid op de eisen en opgaven van de toekomst.

Vanuit deze context zetten we voor de komende jaren in op drie hoofdrichtingen voor Stad binnen de Linie: het verder werken aan een sterk samenhangend centrumgebied, met een maritiem karakter en sterke voorzieningen, het werken aan aantrekkelijke, leefbare en toekomstbestendige buurten en het gebruik maken van de kracht van De Stelling door nieuwe voorkanten in de vorm van woningen en andere functies in Stad binnen de Linie op dit bijzondere landschap te richten. Deze hoofdrichtingen bepalen de focus voor de verdere ontwikkeling van de wijk, die verder uitgewerkt dient te worden in projecten, ontwikkelingen, acties en dergelijke vanuit de partijen die actief zijn in de wijk.

7.2 Sterk samenhangend centrumgebied, met maritiem karakter en sterke voorzieningen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

We zetten er op in om verder te werken aan het realiseren van een sterk centrumgebied voor Den Helder. Hierbij houden we focus op de aanpak van het Stadshart en Willemsoord. Kern van deze aanpak is maritieme stadsontwikkeling, oftewel door middel van ontwikkelingen en stedelijke vernieuwing vorm geven aan een aantrekkelijke overgang tussen stad en haven en omgekeerd. In de centrale uitgangspunten bij deze visie hebben we reeds benoemd dat de haven een rode draad door Den Helder is. De stad en de haven hebben elkaar al eeuwen nodig om succesvol te zijn en dat zal in de komende jaren zeker zo blijven. We zetten daarom verder in op een sterk centrumgebied en maritieme stadsontwikkeling om hieraan bij te dragen. Niet alle voorzieningen liggen in het (geografische) centrumgebied, maar hangen hier wel mee samen en dragen bij aan de kracht van centrumgebied voor de gemeente en de regio. Daarom zetten we nadrukkelijk ook in op het versterken van deze voorzieningen en de samenhang tussen het centrumgebied en voorzieningen als het Noordwest ziekenhuis.

Willemsoord

De voormalige Rijkswerf Willemsoord is als gebied zeer bepalend voor het maritieme karakter van Den Helder en speelt hiermee een belangrijke rol in de ambities qua maritieme stadsontwikkeling. Bij de start van de aanpak voor het centrumgebied had Willemsoord echter nog weinig (structurele) invulling gekregen en moest het gebied nog een duidelijk onderdeel van de stad worden. Dit heeft steeds meer vorm gekregen, met bijvoorbeeld vestiging op Willemsoord van de Kampanje, nachthoreca en musea. Hierdoor weten steeds meer bewoners en bezoekers Willemsoord te vinden en profiteert Den Helder van het maritieme karakter van het gebied. Hierbij geldt als centraal uitgangspunt in deze omgevingsvisie dat Stadshart en Willemsoord zich verder ontwikkelen richting één samenhangend en complementair centrumgebied voor de gemeente en de regio. Om hier verder invulling aan te geven zetten we in op een verdere ontwikkeling van Willemsoord, passend binnen het cultuurhistorische karakter van deze unieke locatie. Voor de vier kwadranten van Willemsoord geldt ieder een eigen ontwikkelrichting, terwijl Willemsoord als geheel verder ontwikkelt als overgangsgebied tussen de stad en de haven, met behoud van het cultuurhistorisch erfgoed en het maritieme karakter.

Het zuidoostelijk kwadrant (‘Buitenveld’) is strategisch gelegen op het snijvlak van de haven, de Marine en de stad. Hiermee biedt dit kwadrant veel mogelijkheden voor maritieme stadsontwikkeling, waarin stad en haven in elkaar overlopen en elkaar versterken. Het kwadrant is momenteel grotendeels onbebouwd. Vanuit de ontwikkeling van het Maritiem Cluster zetten we in op een invulling die bijdraagt aan zowel havenontwikkeling als maritieme stadsontwikkeling. Het noordoostelijke kwadrant bevat een aantal functies van de Koninklijke Marine, waaronder het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM). Het aanwezige erfgoed en de nabijheid van de zee maken het gebied voor bewoners en bezoekers zeer interessant, maar op dit moment is het gebied grotendeels niet publiek toegankelijk. We zetten in op het (grotendeels) toegankelijk maken van het gebied, om hiermee ook bij te dragen aan de maritieme stadsontwikkeling en een betere verbinding tussen stad en haven. Daarnaast is toegankelijkheid een belangrijke voorwaarde om samenwerking tussen de Marine en de civiele haven, bijvoorbeeld op het gebied van kennis en innovatie, mogelijk te maken en verder te stimuleren.

Het noord- en zuidwestelijke kwadrant van Willemsoord vormen een duidelijke overgangszone tussen de stad en de haven. De stedelijke functies in dit gebied, gevestigd binnen het maritieme karakter van Willemsoord, dragen voor een belangrijk deel bij aan de gewenste overgang tussen stad en haven. Ook liggen hier een aantal belangrijke verbindingen tussen beide gebieden, in de vorm van bruggen. De komende jaren zetten we in op verdere ontwikkeling van deze gebieden en de verbindingen met de stad, met als uiteindelijk doel dat Stadshart en Willemsoord uiteindelijk één complementair centrumgebied voor gemeente en regio vormt. In het zuidwestelijke kwadrant ligt hierbij de focus op leisure, in de vorm van cultuur, horeca en evenementen. We zetten hierbij in op een verdere ontwikkeling van deze activiteiten, met behoud van het maritieme karakter van Willemsoord. Hierbij blijft er ruimte voor maritieme activiteiten (bijvoorbeeld onderhoud aan historische schepen) en evenementen. Ook de huisvesting van de gemeentelijke organisatie wordt in dit kwadrant gerealiseerd en draagt bij aan extra levendigheid in het gebied. Een nieuwe verbindingsbrug voor fietsers en voetgangers tussen Willemsoord en de Flaneerkade versterkt de verbinding tussen Stadhart en Willemsoord. Het noordwestelijke kwadrant is voor een belangrijk deel in eigendom van de Koninklijke Marine, waarbij het Marinemuseum de meest in het oog springende functie is. In tegenstelling tot het noordoostelijke kwadrant is dit kwadrant publiek toegankelijk, waardoor bewoners en bezoekers hier vanuit de stad in contact kunnen komen met de wereld van de Koninklijke Marine en andersom. In 2019 is een gebiedsvisie met stevige ambities voor de herinrichting en verdere ontwikkeling van het gebied gepresenteerd. Hierin wordt ingezet op een verdere ontwikkeling van het Marinemuseum, maar de visie omvat ook investeringen in het KIM (Koninklijk Instituut voor de Marine) en legeringsgebouwen. De ambities uit de gebiedsvisie Willemsoord-Noord dragen bij aan een versterking van Willemsoord en de samenhang tussen de stad en de haven. We zetten er daarom op in om de komende jaren, in samenwerking met de Koninklijke Marine en andere partijen in het gebied, het gebied her in te richten en verder te ontwikkelen.

Afbeelding: impressie uit de gebiedsvisie voor Willemsoord-Noord (bron: West 8 Urban Design & Landscape Architecture)

Stadshart

In het Stadshart is de afgelopen jaren via een grootschalige stedelijke vernieuwing ingezet op een herstructurering en kwaliteitsverbetering van het gebied. In het begin van deze eeuw was sprake van een grote hoeveelheid winkelleegstand en de verwachting dat de leegstand eerder zou oplopen dan teruglopen, bijvoorbeeld als gevolg van ontwikkelingen als online winkelen. Ook werd geconstateerd dat de kwaliteit van het winkelhart tekort schoot en er een gebrek aan beleving was. Inzet van de stedelijke vernieuwing was om de winkelleegstand terug te dringen door te kiezen voor een compact winkelhart, met name gericht op de Beatrixstraat en de Spoorstraat inclusief enkele tussengelegen straten. In het winkelhart is extra ingezet op beleving, bijvoorbeeld door ruimte te geven aan horeca en de openbare ruimte aantrekkelijk in te richten voor verblijf en ontmoeting. Buiten dit winkelhart werd ingezet op transformatie van (leegstaande) winkels naar woningen, om zo levendigheid in het gebied toe te voegen. Breed is ingezet op een verbetering van de kwaliteit, zowel van de gebouwen (waarvan veel uit de Wederopbouw met een matige kwaliteit of van voor de Tweede Wereldoorlog en niet meer voldoende geschikt voor huidige eisen) als de openbare ruimte in het hele Stadshart. Ook is het Stadspark in fases aangelegd, waarmee er veel extra groen beschikbaar is gekomen in dit dichtbebouwde deel van de stad en een aantrekkelijke verbinding tussen het Stadshart en de zee ontstaat.

De komende jaren werken we verder aan de stedelijke vernieuwing in het Stadshart. Via een aantal projecten en ontwikkelingen wordt verder geïnvesteerd in de kwaliteit en de aantrekkelijkheid van het gebied. In het kader van de inclusieve samenleving zijn wij gericht op zoek naar het realiseren van een openbare toiletvoorziening voor alle doelgroepen. Leegstaand winkelvastgoed, zoals het voormalige pand van de V&D, wordt herontwikkeld en krijgt een andere invulling. Hiermee ontstaat meer ruimte voor wonen in het Stadshart en wordt de hoeveelheid (leegstaande) winkelruimte verder teruggedrongen. Ook andere functies die bijdragen aan de kwaliteit en een aangenaam verblijf in het Stadshart stimuleren we in dergelijke ontwikkelingen. Het Stadspark, dat de afgelopen jaren in fases is gerealiseerd, begint steeds meer vorm te krijgen. Stapsgewijs werken we verder aan het realiseren van een aaneengesloten park tussen station en dijk. Langs de randen van het Stadspark worden nieuwe en aantrekkelijke stedelijke woningen gerealiseerd, zoals in de ontwikkeling van Halter Bellevue en de sloop en nieuwbouw in de Koningsstraat en Spoorstraat. De omgeving van het NS station Den Helder is een belangrijk knooppunt van verschillende vervoersmiddelen en een belangrijke entree voor de stad. We zetten extra in op de kwaliteit van het gebied en de voorzieningen en het comfort van reizigers, om op deze manier het openbaar vervoer aantrekkelijker te maken. Om de combinatie fiets – openbaar vervoer verder te stimuleren zetten we in op (bewaakt) ondergronds fietsparkeren in het stationsgebied, zoals onder het stationsgebouw en de voormalige V&D in de Beatrixstraat.

Door de groeiopgave van Den Helder en de toenemende aantrekkingskracht van het centrumgebied is het waarschijnlijk dat er in de komende jaren incidentele initiatieven ontstaan om binnen het Stadshart delen te herontwikkelen en/of verder te verdichten. Deze initiatieven kunnen een bijdrage leveren aan de groeiopgave van Den Helder, maar er moet zorgvuldig worden afgewogen of deze initiatieven passend zijn. Ook de randen van de buurten om het Stadshart (bijvoorbeeld de ‘plint’ van de Van Galenbuurt aan het Stadspark) kunnen interessant zijn om aantrekkelijk stedelijk te wonen. Een belangrijk vraagstuk hierbij is de beschikbare (openbare) ruimte voor mobiliteit, bewegen en spelen. Het Stadshart en de omliggende buurten kennen op dit moment al een hoge dichtheid en hoge parkeerdruk. Bij verdere verdichting zal extra ingezet moeten worden op gebruik van andere vormen van mobiliteit dan de auto. De nabijheid van voorzieningen en verschillende vormen van openbaar vervoer maken dit kansrijk. Ook deelmobiliteit is in de toekomst een kansrijke oplossingsrichting.

Dijkkwartier

In het UP Stadshart is reeds in 2008 voorgesteld om een nieuw deel van het centrum (het Dijkkwartier) te ontwikkelen op de Helderse Zeewering en op die manier het contact tussen Den Helder en de zee opnieuw vorm te geven. Met het ophogen van de Helderse Zeewering tot Deltahoogte in de jaren ’70 was deze vanzelfsprekende relatie en kwaliteit voor de stad verdwenen. Het wonen op de dijk spreekt bij veel inwoners en andere geïnteresseerden tot de verbeelding, maar door de technische complexiteit en discussies over de wenselijkheid van het bouwen op een dijk heeft een serieus, gedragen plan lange tijd op zich laten wachten.

We zetten de komende jaren stevig in op het realiseren van een multifunctionele dijk, waarbij ontwikkeling aan de binnenzijde van de Helderse Zeewering wordt gecombineerd met maatregelen om de dijk hoger en breder te maken en deze op die manier voor minimaal 200 jaar bestand te maken tegen toekomstige zeespiegelstijgingen. In de eerste fase (ontwikkelgebied vóór 2030) gaat het om ontwikkeling van de dijk ruwweg tussen het verlengde van de Postbrug en de Weststraat. Deze gebiedsontwikkeling draagt bij aan een versterking van het Stadshart en het opnieuw verbinden van Den Helder met de zee. Onderdeel van de ambitie is om ook de Seasaw, een groot kunstwerk op de Helderse Zeewering, in deze ontwikkeling te realiseren. Hiermee ontstaat een blikvanger op de dijk en worden bezoekers en bewoners via het Stadspark naar de zee getrokken.

Op de langere termijn (na 2030) liggen er kansen om ten westen en oosten van dit gebied de binnenzijde van de dijk verder te ontwikkelen. Het beter verbinden van Den Helder met de zee is een van de centrale uitgangspunten in deze omgevingsvisie, waaraan de gebiedsontwikkeling van de Dijkbuurt een zeer belangrijke bijdrage moet gaan leveren. De aangewezen zoekgebieden bieden de ruimte om bij aanhoudende vraag na 2030 extra ontwikkelingen aan de binnenzijde van de verhoogde en multifunctionele dijk uit te werken. Verder van de eerste fase van deze gebiedsontwikkeling wordt de samenhang met het Stadshart kleiner en speelt met name het bieden van een aantrekkelijk woonmilieu een belangrijke rol. In totaal biedt de ontwikkeling van de Dijkbuurt ruimte voor circa 1.000 nieuwe woningen.

Ziekenhuis

Het Noordwest Ziekenhuis is een belangrijke voorziening voor Den Helder en voor de regio. We zetten in op een compleet pakket zorgvoorzieningen en een regionale functie passend bij Den Helder. De komende jaren zal het ziekenhuis worden gerenoveerd. De voorgenomen renovatie zal bijdragen aan een betere uitstraling van het ziekenhuis. De bereikbaarheid van het ziekenhuis dient voor alle vervoersmiddelen goed gefaciliteerd te worden.

7.3 Aantrekkelijke, leefbare en toekomstbestendige buurten

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Met de inzet op stedelijke vernieuwing in het Stadshart in het afgelopen decennium is gekozen voor een duidelijke focus voor ontwikkelingen en investeringen in de wijk Stad binnen de Linie, met het oog op het belang van het Stadshart voor de hele gemeente. De aandacht die in het centrumgebied is gestoken is de afgelopen jaren steeds duidelijker zichtbaar geworden in de kwaliteit van het vastgoed en de openbare ruimte. Hierdoor wordt op dit moment het centrum van Den Helder (veel) positiever ervaren dan voor de stedelijke vernieuwing, zowel door bewoners als van buitenaf, en is tevens het imago verbeterd

Afbeelding: overzicht van de officiële CBS buurt- en wijkindeling voor Stad binnen de Linie. De wijk Stad binnen de Linie is hierbij verdeeld in twee delen: Stad binnen de Linie-Oost en Stad binnen de Linie-West

In de kwaliteit van de overige (woon)buurten binnen Stad binnen de Linie is in die jaren echter weinig (extra) geïnvesteerd. In een aantal buurten staat de woonkwaliteit en leefbaarheid mede hierdoor onder druk, terwijl er ook buurten in Stad binnen de Linie zijn waar dit niet of nauwelijks speelt. Met name het contrast tussen het centrum (Stadshart en Willemsoord) en de omliggende buurten is steeds groter geworden door de stedelijke vernieuwing en de investeringen in de openbare ruimte.

Door de hoge dichtheid in deze historische centrumbuurten (Visbuurt, Van Galenbuurt, Oostslootbuurt) zijn veel straten erg versteend, met weinig ruimte voor groen en water. Ook zijn deze buurten niet ontworpen en gebouwd op het huidige autobezit, wat zorgt voor een (zeer) hoge druk op de openbare ruimte. Voor de toekomst zorgt de hoge dichtheid en het versteende karakter van de buurten voor zorgen over omgang met een veranderend klimaat. Als gevolg van klimaatverandering verwachten we in de toekomst zwaardere buien, met mogelijke wateroverlast als gevolg, en lange periodes van hitte en droogte die zorgen voor hittestress en problemen met verdroging. Door de wijk heen is er veel openbare ruimte die aan onderhoud toe is en weinig aantrekkelijk meer is.

Veel woningen uit de periode 1900-1950, een belangrijk gedeelte van de woningvoorraad in Stad binnen de Linie en met name de historische centrumbuurten, zijn bovendien verouderd. Deze woningen zijn veelal gebouwd met een matige isolatie, wat zowel op het gebied van geluid(overlast) als qua energieverbruik voor problemen zorgt. In delen van de wijk met een hoge grondwaterstand vormt de gebrekkige isolatie soms ook een probleem met betrekking tot vocht dat woningen binnendringt, met negatieve gevolgen voor de woning en de gezondheid van bewoners. Ook is er in sommige buurten sprake van bovengemiddeld veel armoede en stapeling van sociaal-maatschappelijke problematiek, waardoor de leefbaarheid onder druk staat en het vermogen om te investeren in, bijvoorbeeld, bouwtechnische verbeteringen in de woning, vaak beperkt is.

We streven ernaar dat alle buurten aantrekkelijk, leefbaar en toekomstbestendig zijn, zodat inwoners daar nu en in de toekomst met veel plezier wonen. Bovengenoemde factoren zorgen echter de komende jaren voor flinke uitdagingen in Stad binnen de Linie. Met name op de plekken waar deze factoren samenkomen is een impuls gewenst om de aantrekkelijkheid en leefbaarheid op peil te houden en buurten bestand te maken voor de toekomst. We zetten hierbij in op een aanpak op maat per buurt, aangezien de onderlinge verschillen tussen buurten soms groot zijn en een algemene aanpak hier onvoldoende bij aansluit. Onderstaande afbeeldingen maken bijvoorbeeld een vergelijk tussen het oostelijke en westelijke deel van Stad binnen de Linie. Hieruit blijkt dat de situatie op een aantal punten behoorlijk verschilt, zo scoort Stad binnen de Linie-Oost bijvoorbeeld gemiddeld een stuk minder op het gebied van veiligheid, de sociaal-economische situatie en de energielabels van woningen. Dit zorgt voor andere vraagstukken en opgaven.

Een goede leefbaarheid is voor veel inwoners zeer belangrijk om prettig in Stad binnen de Linie te wonen en in de toekomst te blijven wonen. In sommige buurten staat deze leefbaarheid onder druk als gevolg van diverse factoren, waarvan hierboven een aantal genoemd zijn. Waar factoren de leefbaarheid onder druk zetten gaan we actief aan de slag om dit tegen te gaan en/of structurele oplossingen hiervoor te vinden. Dit vraagt om structurele aandacht voor het tegengaan van overlast en onveiligheid, het bieden van de juiste zorg en ondersteuning voor inwoners die hier behoefte aan hebben en om een openbare ruimte die zo optimaal is ingericht voor de behoeften en vragen uit de buurt.

Er liggen ook duidelijke kansen om de buurten in Stad binnen de Linie aantrekkelijker te maken. In veel Nederlandse steden is namelijk al een langere periode sprake van een herwaardering van historische centrumbuurten, waarbij het historische karakter en de nabijheid van stedelijke voorzieningen belangrijke onderscheidende punten zijn ten opzichte van andere buurten. Ook in Den Helder bieden deze onderdelen aanknopingspunten. Het Stadshart en Willemsoord bieden een groot aanbod aan stedelijke voorzieningen op korte afstand van de buurten in Stad binnen de Linie. Daarbij hebben veel buurten een duidelijke historie en een eigen, onderscheidend karakter. Om een impuls te geven aan de buurten in Stad binnen de Linie zetten we er op in om deze onderscheidende kwaliteiten verder te versterken.

We zetten hierbij in op het aantrekkelijker maken van de openbare ruimte. Achterstallig onderhoud werken we weg en we zorgen ervoor dat de inrichting voldoet aan de huidige eisen. In de buurten waar de hoeveelheid openbare ruimte beperkt is en hier een stevige druk op wordt gelegd geven we prioriteit om ruimte te maken voor langzaam verkeer (wandelen en fietsen) en groen. De ruimte voor langzaam verkeer helpt om deze vervoersmiddelen te stimuleren en biedt hiermee kansen om de grote druk van autoverkeer en –parkeren wat terug te dringen. De auto zal als vervoersmiddel zeker een rol blijven spelen en met name het parkeren vraagt om een goede oplossing. We zetten er op in om het parkeren in de toekomst minder binnen de straat op te lossen, om zo ruimte te creëren voor vergroening en langzaam verkeer. Bij voorkeur wordt er geparkeerd op eigen terrein, maar zeker in de dichtbebouwde centrumbuurten zijn de mogelijkheden hiervoor vaak beperkt. Waar dit het geval is geven we de voorkeur aan collectieve oplossingen, zoals het gebruik van centrale parkeerterreinen in de buurt, (afgesloten) parkeerterreinen/garages per blok of straat of medegebruik van openbare parkeergarages. De resterende parkeervraag wordt zo goed mogelijk opgevangen binnen de straat, eventueel in combinatie met aanvullende maatregelen om de parkeervraag te faciliteren en te reguleren. In de toekomst biedt deelmobiliteit aanvullende kansen om met minder voertuigen in de vraag naar autogebruik te kunnen voorzien.

Meer groen in de openbare ruimte maakt het straatbeeld aantrekkelijker en heeft belangrijke gezondheidsvoordelen. Groen zorgt namelijk voor schaduw en verkoeling. Dichtbebouwde buurten warmen op hete dagen snel op en koelen slechts zeer langzaam weer af, wat negatief voor de gezondheid is en voor kwetsbare groepen soms zelfs gevaarlijk. Dit effect, hittestress genoemd, wordt sterk tegengegaan door voldoende groen aan te brengen. Op hete dagen kan dit de lokale opwarming tot 10 graden verminderen. Ook krijgen we in de toekomst waarschijnlijk vaker te maken met extreme regenval. Deze extremen kunnen niet volledig met de huidige riolering worden opgevangen en het is kostentechnisch niet realistisch om de rioolcapaciteit hier volledig op in te richten. Daarom zetten we in op een strategie waarin een deel van de regenval tijdens extreme buien kan worden opgevangen in de openbare ruimte en vervolgens vertraagd wordt afgevoerd. In dichtbebouwde buurten met veel verstening is dit erg lastig en ligt het risico op wateroverlast op de loer. Door extra groen aan te brengen in plaats van bestrating wordt dit probleem tegengegaan. De krapte van de openbare ruimte op sommige plekken biedt wel stevige uitdagingen om extra groen mogelijk te maken. Daarom kijken we in Stad binnen de Linie ook naar andere mogelijkheden om meer groen in de wijk te krijgen. We stimuleren hierbij de aanleg van geveltuintjes en groene gevels en daken, om zo optimaal gebruik te maken van de beschikbare ruimte en extra groen in de wijk te krijgen. Voor het bestaande groen zetten we in op een goede kwaliteit en aansluiting op de behoeften van de buurt. Waar mogelijk geven we andere functies zoals ontmoeten, sporten en spelen ook een plek binnen het groen, zodat het groen een zo optimaal mogelijke functie voor de buurt heeft.

Aangezien de hoeveelheid openbare ruimte binnen de buurten vaak beperkt is kijken we ook naar de koppeling van de buurten met grotere structuren en openbare ruimtes rondom de buurt, zoals De Stelling, de Helderse Zeewering, het Helders Kanaal en het Stadspark. Door buurten te verbinden met het groen en water van deze grotere structuren kunnen de buurten profiteren van de kracht van deze structuren en de ruimte die zij bieden voor (onder andere) ontspanning, beweging, ontmoeting, het genieten van groen en natuur en het opvangen van regenwater. Daarnaast zetten we er op in om de samenhang tussen de buurten en het Stadshart en Willemsoord verder te versterken. Dit doen we bijvoorbeeld door routes zo aantrekkelijk mogelijk te maken voor wandelaars en fietsers.

Binnen de buurten zetten we in op het versterken van het eigen karakter en de historische identiteit. In veel buurten zijn publieke gebouwen (scholen, gebedshuizen, etc.) en andere elementen te vinden die onderscheidend zijn voor de wijk en bijdragen aan het historische karakter. Voor deze kenmerkende gebouwen en elementen zetten we in op behoud door ontwikkeling. Indien dergelijke gebouwen leeg komen te staan zetten we in op een kwalitatieve herbestemming die bijdraagt aan de kwaliteit van de buurt. Ook verdwenen elementen of structuren vertellen soms veel over de historie en de identiteit van een buurt. Een voorbeeld is het in de Tweede Wereldoorlog verdwenen Oud Den Helder. Hier kan het verhaal van de buurt opnieuw beleefbaar gemaakt worden door in de openbare ruimte het verdwenen stratenpatroon beleefbaar te maken in het ‘nieuwe’ Oud Den Helder. In veel buurten liggen dergelijke kansen om de historie of het onderscheidende karakter duidelijker zichtbaar te maken. Initiatieven hiervoor worden gestimuleerd en gefaciliteerd. Om de buurten hun kenmerkende karakter te laten behouden willen we historische woningen zoveel mogelijk behouden, waar dit niet mogelijk is zetten we in op het terugbouwen met een uitstraling die past binnen de buurt. Typerend voor veel historische centrumbuurten is ook de aanwezigheid van kleine buurtwinkels en kleine bedrijfjes aan huis die passen binnen een stedelijke omgeving, zoals ateliers, dienstverlening en persoonlijke verzorging. Deze functies dragen sterk bij aan de aantrekkingskracht van deze buurten en zolang dit niet leidt tot overlast houden we hier ruimte voor.

Een aantrekkelijke inrichting van de kade van het Helders Kanaal draagt bij aan de waarde hiervan voor de omliggende buurten

Bestaande open plekken in Stad binnen de Linie geven we een aantrekkelijke invulling die bijdraagt aan de aantrekkelijkheid en leefbaarheid. Het Vinkenterrein (projectnaam ‘Molenwerf’) is de laatste grootschalige, braakliggende inbreidingslocatie in Stad binnen de Linie. Deze voormalige industriële locatie is gesaneerd en wordt ontwikkeld als inbreidingslocatie met nieuwbouw in het huur- en koopsegment, een historische molen en aantrekkelijke openbare ruimte. Met deze ontwikkeling kan een positieve bijdrage worden geleverd aan de leefbaarheid van de omliggende buurten. Verspreid door Stad binnen de Linie liggen nog meerdere kleinere invullingslocaties. Ook daar zetten we in op ontwikkelingen die kwaliteit toevoegen, niet enkel voor de plek zelf maar ook voor de omringende buurt.

Vanuit verschillende redenen is het wenselijk dat de bouwtechnische staat van veel woningen in Stad binnen de Linie de komende jaren wordt verbeterd. Hierbij is een belangrijke uitdaging dat er een relatief grote hoeveelheid particulier eigendom is, wat collectieve ingrepen lastig maakt. We zetten daarom in op het stimuleren en faciliteren van verduurzamingsmaatregelen door individuele woningeigenaren. Hierbij maken we het voorbereiden en uitvoeren van deze maatregelen zo eenvoudig mogelijk en zorgen we met subsidies en andere financiële instrumenten ervoor dat het voor veel inwoners financieel haalbaar en interessant is. Uiterlijk in 2040 zullen woningen in Stad binnen de Linie worden aangesloten op een alternatieve, duurzame energiebron. De komende jaren zal duidelijker worden welke duurzame energiebron per buurt gerealiseerd kan worden en wat dit vraagt qua verduurzamingsmaatregelen. In ieder geval is het inzetten op isolatie een zogeheten ‘no regret maatregel’, wat wil zeggen dat dit altijd zinvol is omdat de energievraag lager wordt en eenvoudiger overgeschakeld kan worden naar een alternatieve energiebron. Wanneer blijkt dat in delen van Stad binnen de Linie de bouwtechnische situatie (sterk) achterblijft kan toch worden ingezet op een collectieve aanpak, bijvoorbeeld via een stedelijke vernieuwingsaanpak waarmee in Den Helder veel ervaring mee is opgedaan.

Op sociaal-maatschappelijk gebied zetten we in op het goed organiseren van zorg binnen de keten van samenwerkende organisaties op dit gebied. Met een ouder wordende bevolking en stapeling van sociaal-maatschappelijke problematiek op sommige plekken in Stad binnen de Linie kan hierdoor de vraag naar zorg en het beschikbare aanbod beter op elkaar worden afgestemd, waardoor inwoners beter geholpen kunnen worden. In het wijksteunpunt op het Bernhardplein werken zorgorganisaties en gemeente met dit doel samen in een wijkteam. Bijkomend voordeel is dat het wijksteunpunt zorgt voor nabijheid, waardoor inwoners ook eenvoudig aan kunnen kloppen voor hulp en ondersteuning. Ook het terugdringen en voorkomen van overlast binnen de buurten is onderdeel van deze aanpak en belangrijk om de leefbaarheid in diverse buurten te vergroten.

7.4 Stad binnen de Linie richt nieuwe voorkanten op De Stelling

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Hoofdlijn van de stedelijke vernieuwing binnen Stad binnen de Linie is het herstellen van het karakter van Den Helder als maritieme stad, waar de haven altijd voor levendigheid zorgt. Het afgelopen decennium is ingezet op een aanpak gebaseerd op stedelijke vernieuwing in het Stadshart en het verder ontwikkelen van Willemsoord als nieuw centrumgebied van de stad. Hiermee is vooral ingezet op maritieme stadsontwikkeling, het realiseren van een geleidelijke overgang van de stad richting de haven en omgekeerd. Dit sluit naadloos aan op de constatering in de centrale uitgangspunten bij deze omgevingsvisie dat ‘de haven de economische, sociaal-culturele en historische rode draad door Den Helder is’, die voor een belangrijk deel het bestaansrecht en het karakter van Den Helder bepaald.

Afbeelding: de Stelling vormt de natuurlijke grens van de wijk Stad binnen de Linie en vormt een linielandschap met groen en cultuurhistorie

Inmiddels is een belangrijk gedeelte van deze ambitie gerealiseerd en stellen verschillende ontwikkelingen Den Helder de komende jaren voor een groeiopgave. Daarmee is dit een kansrijk moment om de ambitie om Den Helder beter te verbinden met haar omgeving verder te verbreden. De groeiopgaven waar Den Helder voor staat vragen om meer ruimte dan binnen het Stadshart en Willemsoord gevonden kan worden, zeker omdat de oorspronkelijke plannen voor woningbouw op Willemsoord uiteindelijk zijn verlaten. Ook de mogelijkheden voor inbreiding en verdichting binnen bestaande buurten zijn beperkt, met name door een gebrek aan potentiële locaties en het feit dat de dichtheid op veel plaatsen al behoorlijk hoog is.

Hiermee is het zowel urgent als kansrijk om te kijken naar de buitenrand van de wijk Stad binnen de Linie voor het realiseren van nieuwe (woningbouw)ontwikkelingen met ‘een voorkant’ op De Stelling. De Stelling Den Helder is een prachtig gebied om te sporten, te recreëren, te bezichtigen en aan te wonen. In het verleden is de waarde van De Stelling niet altijd voldoende erkend. Op diverse plekken langs De Stelling heeft de stad zich ontwikkeld met de rug naar De Stelling toe. Ook zijn hier functies terecht gekomen die geen meerwaarde hebben voor De Stelling. Hierdoor wordt de potentiële waarde van De Stelling voor Den Helder onderbenut.

Het (her)ontwikkelen van gebieden langs De Stelling biedt de kans om een voorkant van de stad op De Stelling te richten. Dit zorgt voor aantrekkelijke woonmilieus in Stad binnen de Linie, maar zorgt ook voor extra levendigheid en kracht voor De Stelling als aantrekkelijk linielandschap middenin de stad Den Helder. Vanwege de grote waarde van De Stelling is het nadrukkelijk niet de bedoeling om hier binnenin te bouwen, maar er tegenaan langs de randen van de wijk. Ook wordt gekozen om in te zetten op stedelijke woonmilieus. Dit past bij het karakter van Stad binnen de Linie en zorgt voor voldoende dichtheid om een significante bijdrage te leveren aan de groeiopgaven waar Den Helder voor staat. Hieronder schetsen we de kansen om langs de randen van Stad binnen de Linie door middel van (her)ontwikkeling nieuwe voorkanten van de stad richting haar omgeving te realiseren.

Ruyghweg/Handelskade Het gebied Ruyghweg/Handelskade vormt, samen met de Spoorweghaven, in feite het noordelijke deel van het bedrijventerrein en havengebied Westoever. Het gebied is historisch gezien vooral in gebruik geweest bij de Koninklijke Marine, met onder meer het Marine Sportpark en gebruik als opslag- en logistiek terrein, en andere havenactiviteiten. Een groot deel van de functies vanuit de Marine zijn inmiddels verplaatst naar andere locaties en ook de havenactiviteiten in en om het gebied zijn in de afgelopen jaren sterk afgenomen. Hiermee is zowel fysiek als milieutechnisch ruimte ontstaan om het gebied stapsgewijs te transformeren. We zetten tot 2030 in op de transformatie van het gebied Ruyghweg/Handelskade naar een woongebied.

De Spoorweghaven vormt de grens van Stad binnen de Linie en was in het verleden onderdeel van De Stelling. Hier zetten we in op het terugbrengen van dit verdwenen gedeelte van De Linie en het realiseren van het Rondje Stelling, een ononderbroken route over De Stelling om te fietsen, te wandelen en te varen. Hiermee wordt het gebied Ruyghweg/Handelskade direct verbonden aan het aantrekkelijke landschap van De Stelling.

Sportlaan Aan de Sportlaan wordt ingezet op inbreiding en transformatie van een gebied waarin momenteel een locatie van Scholen aan Zee gevestigd is. Met de inzet op de realisatie van nieuwe schoolgebouwen in de vorm van een samenhangend cluster zal Scholen aan Zee op termijn deze locatie gaan verlaten. Hiermee ontstaat ruimte voor transformatie van het gebied, waarbij eventueel ook bestaande woningen en ander vastgoed in het gebied betrokken kunnen worden. Gezien de ligging van dit gebied biedt een dergelijke transformatie grote kansen om een nieuwe, aantrekkelijke voorkant van de stad aan De Stelling te realiseren.

Overige locaties

Wanneer nieuwe kansen zich voordoen om door middel van inbreiding of transformatie in het bestaande stedelijke gebied nieuwe voorkanten van de stad richting De Stelling te realiseren omarmen wij deze in principe. Deze ontwikkelingen vormen namelijk een kans om de ambitie om nieuwe voorkanten van de stad op De Stelling te richten verder kracht bij te zetten. Hiermee kunnen deze aanvullende ontwikkelingen bijdragen aan de kwaliteit van De Stelling en daarmee van de stad. Belangrijk hierbij is wel dat de ontwikkeling qua vormgeving en kwaliteit waarde toevoegt aan de stad en De Stelling en dat de ontwikkeling niet concurreert met andere, grootschalige ontwikkellocaties langs De Stelling.

8Deelvisie Maritiem Cluster

8.1 Inleiding en context

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Het Maritiem Cluster omvat de oostrand van Den Helder, met grootschalige infrastructuur als de zeehaven (civiele haven en Marinehaven), de luchthaven (Den Helder Airport en militair vliegkamp De Kooy), bedrijventerreinen Kooypunt en Oostoever en de N250. Het gebied speelt regionaal een belangrijke rol op verschillende gebieden, zoals economie en arbeidsmarkt, maritieme stadsontwikkeling, waterveiligheid, bereikbaarheid, natuur en cultureel erfgoed. Daarnaast speelt het nationaal een belangrijke rol als enige operationele vlootbasis voor de Koninklijke Marine.

Afbeelding: een groot gedeelte van het Maritiem Cluster vanuit de lucht, met op de voorgrond Kooypunt, de N250 en bedrijventerrein Oostoever. Op de achtergrond zijn de contouren van de civiele- en Marinehaven te zien.

De komende jaren komen er grote vraagstukken op het Maritiem Cluster af. Investeringen in de Koninklijke Marine en ontwikkelingen rondom de opwek van duurzame energie op de Noordzee bieden flinke kansen voor Den Helder en vragen om ruimte en een goede inpassing in het gebied. Ambities rondom bereikbaarheid, maritieme stadsontwikkeling en innovatie willen we hierbij ook een goede plek geven en op langere termijn vraagt de zeespiegelstijging om een goede strategie rondom waterveiligheid. Gezamenlijk vraagt dit om een integrale visie op de verdere ontwikkeling van het gebied.

8.2 Visie Maritiem Cluster

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Zeehaven & luchthaven De haven en luchthaven van Den Helder dragen bij aan de belangen nationale veiligheid/defensie en energietransitie, zoals geformuleerd in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Een belangrijke troef van de haven , naast de strategische ligging ten opzichte van Noordzee en Waddenzee, is de open toegang tot de zee. Zeegaande schepen hoeven hierdoor geen ligplaats te zoeken achter een sluis of brug. De haven van Den Helder behoudt daarom de open doorgang tussen zee en haven. We zetten in op het realiseren van een tweede vaarverbinding, tussen de haven en de Waddenzee via Willemsoord. Deze tweede vaarroute draagt als extra route bij aan de continuïteit van de verbinding tussen haven en zee en kan tevens worden gebruikt voor recreatief vaarverkeer. De aanwezigheid van Luchthaven Den Helder Airport/Maritiem Vliegkamp de Kooy verstevigt de positionering van de haven en het totale Maritiem Cluster, als basis voor (helikopter)vluchten gericht op nationale veiligheid en de energietransitie. We zetten in op behoud en het beschikbaar maken van ruimte voor toekomstige groei van activiteiten, zoals ontwikkelingen op het gebied van onbemand vliegen.

Om ruimte te maken voor de nationale belangen waar de haven en luchthaven van Den Helder aan bijdraagt (nationale veiligheid/defensie en energietransitie) ligt er een opgave om extra kaderuimte (zowel strekkende meters als vierkante meters, inclusief benodigde diepte van de haven) in de zeehaven te realiseren voor zowel Marine- als civiele haven. De gebieden Harssens, Buitenveld en Nieuwe Werk/Nieuwe Diep vormen gezamenlijk een zoekgebied voor nieuwe havenactiviteiten en extra kaderuimte, samenwerking op het gebied van kennis & innovatie en een optimale ontsluiting van Willemsoord, de TESO, de civiele haven en de Marinehaven. Ook waterveiligheid is hier een zeer belangrijk thema. Buitenveld en het Nieuwe Werk/Nieuwe Diep zijn onderdeel van de primaire waterkering. Met het oog op toekomstige zeespiegelstijging ligt er op een opgave om deze kering te versterken. We zetten in op een multifunctionele zeekering, die zowel de waterveiligheid garandeert als een bijdrage levert aan de vraagstukken binnen het gebied, zoals de ruimte voor nieuwe havenactiviteiten en het verbeteren van de ontsluiting van het gebied.

Het zuidoostelijk kwadrant van Willemsoord (‘Buitenveld’) is strategisch gelegen op het snijvlak van de haven, de Marine en de stad. Hiermee biedt dit kwadrant veel mogelijkheden voor maritieme stadsontwikkeling, waarin stad en haven in elkaar overlopen en elkaar versterken. Het kwadrant is momenteel grotendeels onbebouwd. Vanuit de ontwikkeling van het Maritiem Cluster zetten we in op een invulling die bijdraagt aan zowel havenontwikkeling als maritieme stadsontwikkeling. De route tussen Buitenveld en het zuidwestelijke deel van Willemsoord heeft de vorm van een calamiteitenroute. Afhankelijk van de toekomstige invulling van Buitenveld kan deze verbinding een ander karakter krijgen die hierbij aansluit.

Kennis en innovatie zijn van toenemend belang in het Maritiem Cluster, waarbij veel potentie voor samenwerking tussen de Koninklijke Marine en bedrijfsleven in de civiele haven bestaat. Den Helder zet in op het ontwikkelen van een sterk innovatie- en kenniscluster in de maritieme-, technische- en energiesector. Hiervoor wordt ruimte gezocht in gebieden op het snijvlak tussen stad en haven. Het oprichten van het METIP (Maritime Emerging Technologies Innovation Park) op Willemsoord is onderdeel van deze ontwikkeling.

De haven is een zeer belangrijk onderdeel van het historische verhaal van Den Helder. Die geschiedenis wordt zichtbaar in het waardevolle erfgoed dat zich nog in de haven bevindt. Dit erfgoed levert een belangrijke bijdrage aan de ruimtelijke kwaliteit van de haven en de identiteit van Den Helder als havenstad. Dit erfgoed willen we behouden door ontwikkeling. Hierbij moet het gebruik van het erfgoed inpasbaar zijn tussen de bestaande en toekomstige economische functies in de haven.

Mobiliteit De verbinding met Texel via de TESO-haven streven we zo optimaal mogelijk te faciliteren binnen het Maritiem Cluster, met inachtneming van de leefbaarheid en vitaliteit van Den Helder. Hiervoor wordt gezocht naar de optimale locatie van de TESO- haven en de route hier naartoe. Den Helder blijft daarmee voor de verschillende verkeersstromen zo goed mogelijk bereikbaar via de N250. Voor een zo goed mogelijke doorstroming wordt ingezet op ontmenging van de verschillende verkeersstromen (richting Stadshart, TESO, civiele haven en Marinehaven). De Koninklijke Marine behoudt twee volwaardige en onafhankelijke ontsluitingen van en naar het Marineterrein.

Kooypunt, Oostoever en Kooyhaven Den Helder wil ruimte bieden aan (haven)activiteiten rondom de energietransitie. Hierbij is een bijzondere focus op de mogelijkheden van waterstof. We zetten hierbij als belangrijkste zoekgebied in op Oostoever, waar mogelijkheden liggen om gebruik te maken van de huidige aardgas-infrastructuur voor aanlanding en verdere distributie van waterstof vanaf de Noordzee. Ook is er ruimte voor de productie van waterstof op het NAM terrein, een faciliteit voor de productie van blauwe waterstof (waterstof opgewekt uit fossiele brandstof. De daarbij vrijkomende CO2 wordt opgevangen en opgeslagen) waarmee de industrie van CO2-vrije waterstof kan worden voorzien in de transitieperiode dat er nog niet voldoende groene waterstof (waterstof opgewekt uit duurzame energie) is. Bij de inpassing van waterstofontwikkelingen wordt rekening gehouden met toekomstige voorschriften en zoneringen (bijvoorbeeld op het gebied van externe veiligheid) rondom waterstofactiviteiten.

Binnen de ontwikkeling van het Maritiem Cluster wordt voor de gebieden Kooypunt, Kooyhaven (gemeente Hollands Kroon) en Oostoever ingezet op het ruimte bieden voor de sectoren logistiek, mobiliteit en energie. Door op deze sectoren te richten in de ontwikkeling zetten we in op zoveel mogelijk synergie tussen de haven van Den Helder en het zuidelijker gelegen cluster van bedrijventerreinen. Dit cluster is ondersteunend aan de (zee)haven door logistieke functies een goed bereikbare plek buiten de haven te geven en voldoende ruimte te bieden voor mobiliteitsoplossingen en grootschalige energieopwekking en –infrastructuur. Een mobiliteitsoplossing die we concreet onderzoeken is het realiseren van een transferium op of in de omgeving van Kooypunt en luchthaven Den Helder.

De binnendijkse natuurontwikkeling rondom Oostoever, waar ook de broedrots onderdeel van uitmaakt, versterkt de natuur van de Waddenzee en. draagt bij aan het beter beleefbaar maken van de Waddenzee vanuit Den Helder. We zoeken met partners naar mogelijkheden om de kwaliteit van het natuurgebied verder te versterken.

Westoever Het bedrijventerrein Westoever transformeert stap voor stap naar een woon-werkomgeving. Om hiervoor ruimte te maken wordt ingezet op verplaatsing van de nog resterende zwaardere bedrijvigheid in het gebied naar locaties op grotere afstand van woongebieden. Ook wordt ingezet op het herstellen van de verbinding tussen Fort Westoever en de rest van De Stelling. Hiermee ontstaat een noordelijk gedeelte met een sterke samenhang met de wijk Stad binnen de Linie en een zuidelijk gedeelte dat meer samenhang met de wijk De Schooten zal krijgen.

9Deelvisie Stelling Den Helder

9.1 Inleiding en context

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Stelling Den Helder, een gedeelde schat met toekomstwaarde

De Stelling is de grandioze open en groene ruimte in de stad. Die vertegenwoordigt een ongelofelijke rijkdom aan geschiedenis en verhalen. Het is alles wat ons bindt. Bouw mee aan de toekomst van de Stelling en de stad.

Klimaatbestendig; We brengen de Stelling in stelling voor een klimaatbestendig Den Helder

Rondje Stelling ; we verbinden stad en Stelling

Ván iedereen; vóór iedereen: we koesteren de Stelling

kernwaarden stelling Den Helder

a.Kernwaarde 1. Het bindmiddel van de stad;maak de samenhang nog meer zichtbaar

b.Kernwaarde 2. Gelaagd in de tijd; maak dehistorie herkenbaar en beleefbaar

c.Kernwaarde 3. Gevarieerd in de ruimte;maak de contrasten groter

d.Kernwaarde 4. Elk fort is een nederzetting;maak nieuwe adressen voor stad enlandschap aan de Stelling

Toekomst stelling

OPGAVE

Klimaatverandering

Versterken woon- en vestigingsklimaat

Stedelijke groei

FOCUS

Van iedereen voor iedereen

Klimaatbestendig

Éen rondje Stelling

Voor informatie over de het ontstaan van de Stelling raadpleeg Hoofdstuk 9 Deelvisie de Stelling

9.2 De stelling voor groot belang voor Den Helder

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De Stelling Den Helder: een “groene long”, een “levend geschiedenisboek” een “verborgen parel”, de “ziel van de stad”, of gewoon de plek waar je een ommetje maakt – over één ding is iedereen het eens: de Stelling is enorm belangrijk voor Den Helder. De bijzondere historische verdedigingslinie en de bijbehorende Rijkswerf Willemsoord zijn als erfgoed beschermd en vormen een groot deel van de identiteit van de stad.

De Stelling Den Helder bestaat uit historische forten en liniedijken die in de 19e eeuw zijn aangelegd ter verdediging van de RijkswerfWillemsoord. Het is beschermd erfgoed enveel Nieuwediepers komen er graag om te wandelen, te sporten of te werken. Delen zijn nog steeds in gebruik door de Marine.Sinds 2007 is de Stelling een van Rijkswege beschermd stadsgezicht. Veel objecten op en om de linie hebben de status van gemeentelijk-, provinciaal- of rijksmonument.De Stelling is in totaal circa 12 km lang en 21 km als je de route via Kijkduin neemt.De Stelling is dan een halve marathon lang. Het gaat om een open ruimte in de stad van ruim 440 ha. Dat is vergelijkbaar met 880 voetbalvelden.

De Stelling is op allerlei manieren van waarde en betekenis voor Den Helder. In de eerste plaats is het een collectief erfgoed dat zichtbaar in de stad verwijst naar devele verhalen. Elke Jutter die van zijn stad houdt, zou het verhaal van de Stelling moeten kennen. Daarbij is de Stelling een grotendeels openbaar toegankelijk landschap, een groene long. Voor alle inwoners biedende forten, dijken en wateren ruimte om te wandelen, te fietsen, hardlopen en te genieten van de natuur. Op en aan de Stelling zijn bovendien veel sociaal-culturele en maatschappelijke voorzieningen te vinden – musea, scholen, sportfuncties, kunst en horeca. Door haar ligging in de stad biedt de Stelling mogelijkheden voor de toekomst. Zij is de grote kans om de bestaande stad klimaatbestendig te maken, om een gezonde leefomgeving te bieden met voldoende ruimte om te bewegen, op grote schaal ruimte te geven aan flora en fauna, een divers en robuust nieuw watersysteem te ontwikkelen en de maritieme economie en het toerisme te versterken.

met deze visie:

Geven we duidelijkheid over wat de Stelling Den Helder is en welke waarde zij heeft;

Geven we de kansen aan voor behoud door ontwikkeling;

Leggen we prioriteiten in het werken aan de Stelling tot 2040.

Door de jaren heen is de Stelling meeveranderd met de stad en heeft ze haar relevantie getoond. Nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen en zijn ook nodig om de kwaliteit van de Stelling te borgen. Deze visie voor de Stelling is een lange termijn perspectief op de Stelling waarbij het uitgangspunt is dat we de kwaliteit van de Stelling willen behouden en doorontwikkelen. Hierbij gaat het natuurlijk om de monumentale waarden, de Stelling als erfgoed, maar ook om de andere waarden zoals het groen en de verschillende sociaal-culturele functies.We willen de beleving en verbinding van de Stelling als geheel versterken, en een goede relatie creëren tussen de Stelling, de stad en het buitengebied. Deze visie is nog niet een precies uitgetekend plan, maar wel de koers voor de toekomst. De visie zal de komende jaren via afzonderlijke plannen worden gerealiseerd.

9.3 Ontstaan van de stelling

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Als we over de Stelling Den Helder praten, dan bedoelen we alle forten en verdedigingswerken die in de geschiedenis zijn bedacht ter verdediging van de RijkswerfWillemsoord van Den Helder. Recentere toevoegingen hebben het verhaal van de Stelling gecompleteerd en verrijkt, denk aan bunkers uit WOII, herinneringen aan de KoudeOorlog of recenter stedelijk gebruik en bijzondere natuurwaarden. Nieuwe initiatieven vormen een volgend hoofdstuk in dit verhaal.

De Kop van Noord-Holland is in de loop van duizenden jaren ontstaan door een samenspel van ijs, zee, zand, klei en keileem. De karakteristieke Noord-Hollandse kaapdie in deze duizenden jaren is ontstaan met de duinenrij en aan drie zijden een zee, werd al snel herkend als een zeer strategisch landschap. De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden stichtte al in 1781 de oorlogshaven Nieuwe Diep. Volgens de overlevering zag Napoleon in 1811 de plek als een Gibraltar van het Noorden. Híer wilde hij een uitvalsbasis voor zijn vloot. Een door gletsjers en zeestromingen gevormd landschap werd zo een militair strategisch waardevolle locatie en bestaansreden voor de Stelling. De bouw van de Stelling naar een eerste ontwerp van waterstaatsingenieur Jan Blanken is gestart in 1812, in de Napoleontische periode. De Rijkswerf moest beschermdworden tegen vijanden vanaf zee en land. Hiervoor werd een kring van onderling verbonden forten gebouwd rondom de Rijkswerf. De voorloper van de Rijkswerf was het Nieuwe Werck, het huidige Fort Oostoever. Voortvarend werden ook Fort Dirksz Admiraal, Fort Erfprins en de verbindende liniedijk gebouwd. Dit allemaal al inclusief de grote en kleine liniegracht tussen de forten en de grachtengordel met het Helders Kanaal. Bovendien bevatte de Stelling een vooruitgeschoven post (kustfort Kijkduin) en een ‘slot op de deur’ in de vorm van het pantserfort Op de Harssens. De Helderse zeewering doet mee in de Stelling en werd uitgerust met een reeks kustbatterijen (rijen kanonnen). Het verdedigingswerk bijOudeschild op Texel was tevens onderdeel van de Stelling. De forten hadden eerst nog Franse namen: Lasalle (Erfprins), L’Ecluse (Dirksz. Admiraal) en Dugommier (later Westoever enOostoever), Kijkduin heette toen Morland. In 1884 was de Stelling met het opleveren van pantserfort Op de Harssens gereed. Zie de bijgaande kaart met de hoofdonderdelen van de Stelling.

Militair gebruik De liniegracht was bedoeld om vijanden tegen te houden, de liniedijk en de wallen boden dekking voor de soldaten. De beplantingen op en rond de vestingwerken en de visie daarop zijn veranderd met de tijd. De dijk en wallen waren in eerste instantie ingeplant met lage, stekelige meidoornhagen. Binnen de liniedijk lag een gedekt pad. Ook tijdens de 19e eeuw werden forten en linies met bomen (wilg, populier, iep) beplant als camouflage en voor gebruikshout. Vanaf de liniedijk en de forten werd een open zicht met vrije schootsvelden van honderden meters tot circa 3 kilometer gewaarborgd. Dit was wettelijk geregeld dankzij de Kringenwet. In de schootsvelden mocht niet worden gebouwd, maar er kwamen wel opgaande beplantingen voor. Het samenspel van schootsafstanden bepaalde de maat van de Stelling. Het militair civieltechnisch werk werd zo een vormend principe voor het landschap net als de Stelling van Amsterdam of de Hollandse Waterlinies. De Stelling van Den Helder is uniek in haar soort. Het is geen Waterlinie maar een goed geconserveerd verdedigingswerk met landforten en kustforten en liniedijk. Na de bouw van de haven, de linie en de forten is de Stelling jarenlang van militaire betekenis geweest. Het militaire verdedigingswerk Stelling Den Helder was onderdeel van een grootschalige militaire structuur van de kust tot en metde kazematten van Kornwerderzand bij de strategisch gelegen Afsluitdijk. Dit is te zien in de verschillende bunkers en andere militaire relicten uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog.Restanten uit WOI zijn voornamelijk te vinden in de duinen bij Fort Kijkduin, de bunkers van de Atlantikwall uit WOII liggen langs de hele kustlijn, zoals in Julianadorp, maar ook op de Stelling zoals het beeldenfort of de bunker bij Dirksz. Admiraal. Ook in de Koude Oorlog speelden elementen in de Stelling een rol, zoals pantserfort Op de Harssens, torpedoloods Fort Oostoever of de Waluitkijkposten van de Mijnendienst.

De Stelling van de stad

Pas in de jaren zestig verloor de Stelling haar militaire functie, en werd er vanuit een erfgoed-perspectief naar de objecten gekeken.Na afschaffing van de Kringenwet in 1963 is de stad Den Helder tijdens de wederopbouw periode geleidelijk binnen en buiten de raamwerkstructuur van de Stelling gegroeid met nieuwe woonwijken Nieuw Den Helder en De Schooten. Vanaf de jaren 90 van de 20e eeuw is de Stelling steeds meer gewaardeerd als erfgoed en waardevol onderdeel van de ruimte. De zuidzijde van de Stelling evolueerde zo van rand van de stad, naar een open groene ruimte midden in de stad. Het historische verhaal begint in de ‘diepe tijd’ met de vormende kracht van de zee waardoor het strategische landschap ontstond met eerst het vissersdorp en later de Rijkswerf, de havens, de Stelling en de stad. En ook nu is de gemeente Den Helder sterk verbonden met de zee. Het huisvest de Marine, het reddingswezen, de visserij, de havens en de offshore industrie. In de 17e eeuw was de haven Nieuwe Diep van Den Helder met de Rede van Texel voor koopvaardij en de admiraliteiten het economische middelpunt van de wereld. De toekomst van Den Helder is door de aanwezigheid van Marine en de rol van de offshore in de energietransitie sterk verbonden met internationale ontwikkelingen. Den Helder presenteert zich als energieke maritieme stad en het is de poort naar Texel en het begin van de Waddenzee. Hierdoor identificeert het zich steeds meer als onderdeel van de waddenkust. Klimaatverandering en opgaven rond biodiversiteit, gezondheid en duurzaamheid kunnen een nieuw hoofdstuk in de lange geschiedenis van de Stelling zijn. De Stelling Den Helder is een heel specifiek soort landschap midden in de stad met een rijke geschiedenis. Dit kan ook in de toekomst van Den Helder de identiteit en kwaliteit van de stad en haar economie bepalen. Zoals in de geschiedenis de Stelling is mee-veranderd, zal dat in de toekomst ook zo zijn.

9.4 De stelling nu

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Delen van de Stelling zijn in eigendom en gebruik door de Marine. De Stelling is zo nog steeds een landschap ingezet voor Defensie. Langs de Stelling zijn maatschappelijk culturele organisaties, scholen en bedrijven te vinden. Alle grote culturele instellingen in Den Helder liggen aan de Stelling (oa. de Nollen, het Marinemuseum, het Reddingmuseum, Triade, de bibliotheek School 7, Theater De Kampanje). Willemsoord is opgeknapt en is een centrum geworden voor Den Helder. Diverse ondernemers presenteren zich aan de Stelling zoals bij Fort Kijkduin, het Beeldenfort, de kunstenaars-in-residence van het Mondriaanfonds in het Pompgemaal en de bierbrouwers Helderse Jongens op Fort Westoever. Er zijn groepen met vrijwilligers die al jaren met passie en liefde werken aan het mooier maken van de forten en bunkers, bijvoorbeeld bij Fort op de Harssens of de Batterij Begraafplaats waar wordt gewerkt aan het bottelen van Bunkerbitter en sinds kort Napoleon likeur. Je kunt varen langs de Stelling met een gids, lunchen op Willemsoord en meer leren over het verhaal van de Stelling in het Atlantikwall Centrum. Verschillende evenementen vinden een plek op en aan de Stelling, zoals de jaarlijkse lichtroute (Helderlicht), sportevenementen zoals De Halve van den Helder, Sail (2023) en de terugkerende Marinedagen. Kortom, er zijn tal van mooie successen geboekt in het benutten van de Stelling en de herontwikkeling van dit erfgoed. Op de bijgaande afbeelding is te zien waar plekken zijn die kansen bieden voor de toekomst. De huidige kwaliteit van de Stelling als ruimte voor de stad laat echter op sommige plekken nog te wensen over. Delen zijn afgesloten en niet openbaar toegankelijk.

9.5 Werken vanuit de 4 kernwaarden

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De uitzonderlijke betekenis van de Stelling kan in vier kernwaarden worden samengevat. Ze gaan over de essentie van het erfgoed en dienen als criteria bij toekomstige veranderingen. Als de vier windstreken van een kompas. Dit zijn de vier kernwaarden en de wijze waarop ze versterkt kunnen worden.

Kernwaarde 1 Het bindmiddel van de stad; maak de samenhang nog meer zichtbaarKermwaarde 2 Gelaagd in de tijd; maak de historie herkenbaar en beleefbaarKernwaarde 3 Gevarieerd in de ruimte; maak contrasten groterKernwaarde 4 Elk fort is een nederzetting; maak nieuwe adressen voor stad en landschap aan de stelling

Het bindmiddel van de stad; maak de samenhang nog meer zichtbaar

De Stelling is een zichtbaar samenhangend ‘militair-historisch ensemble’. De Stelling Den Helder ligt midden in de stad. Bijna alle wijken en gebieden raken aan de Stelling. De Stelling wordt daarom ook wel de ziel of ruggengraat van Den Helder genoemd. De Stelling is op veel plekken een belangrijke publieke ruimte geworden, en fungeert als het cement tussen de verschillende delen in de stad als rijksbeschermd stadsgezicht. Het is een collectief bezit dat mensen en programma’s met elkaar verbindt. Om deze kernwaarde te versterken is het gewenst om elke verandering te laten bijdragen aan de versterking van de Stelling als geheel.

Gelaagd in de tijd; maak de historie herkenbaar en beleefbaar

In de loop van de tijd heeft de Stelling verschillende functies gekregen. De Stelling was een ruimtelijk systeem op zich (Napoleontische tijd), een schakel in een Europeseverdedigingslijn (Atlantikwall), een punt in een netwerk (Koude Oorlog) en is nu een verzameling erfgoedlocaties. Al deze tijdlagen samen met hun bijbehorende elementen in het landschap vormen een gelaagd geheel. Om deze kernwaarde te versterken is het gewenst om elke verandering zich te laten verhouden tot die gelaagdheid en te laten bijdragen aan het besef van de rijke geschiedenis van de Stelling.

Gevarieerd in de ruimte; maak contrasten groter

De Stelling is ingebed in verschillende landschappen:

1.Land De landzijdige Stelling die verweven is met de stad: Van de werelden van Fort Oostoever en Westoever, de wereld van Dirksz. Admiraal en de wereld van Erfprins met de tussenliggende linie en schootsvelden – deel van de groen- en waterstructuur van de stad.2.ZeeDe zeezijdige Stelling: Een langgerekt kustlandschap met een sublieme ervaring, van de duinwereld van Fort Kijkduin en Huisduinen, via de dijkwereld van de Helderse Zeewering (met de markante knik van Kaaphoofd) naar Fort op de Harssens. De Singel en dubbele gracht en voormalige kustbatterijen horen hier ook bij.3.StadHet stedelijke hart van Willemsoord / Rijkswerf: Met de verbindingen naar de haven(s) en de rest van de Stelling.

Deze drie landschappen zijn verbonden met de wijde omgeving via de lange lijnen van het Noord-Hollandsch Kanaal, de vroegere ontginningslijnen en de kustlijn en daarmee met driezeeën: Noordzee, Marsdiep en de Waddenzee. Om deze kernwaarde te versterken is het gewenst om elke verandering bij te laten dragen aan het contrastrijk en herkenbaar maken van deze landschappen.

Elk fort is een nederzetting; maak nieuwe adressen voor stad en landschap aan de stelling

De Stelling is als geheel een landschap maar de forten vormen binnenwerelden met elk een eigen identiteit. Die identiteit hangt samen met de schaal en de functie van het fort.Zo bevat het landschap van de Stelling een reeks van in potentie zelfvoorzienende plekken, die meer of minder van hun omgeving kunnen worden afgegrendeld. De eigenheid van elk fort met zijn directe omgeving waarderen we. Om deze kernwaarde te versterken is het gewenst om elke verandering binnen de forten bij te laten dragen aan een unieke binnenwereld als adres van stad en landschap.

9.6 Toekomst van de stelling van Den Helder

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Het behouden en ontwikkelen van de Stelling is een lange termijnopgave voor Den Helder. Sommige acties en investeringen zijn kansrijk en spelen al op korte termijn.

De gemeente is in gesprek met allerlei betrokken organisaties en bewoners over de toekomst van de Stelling. Partijen zoals Stichting Erfgoed Den Helder, het Ministerie van Defensie, culturele organisaties, onderwijsinstellingen, Landschap Noord-Holland, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en betrokken vrijwilligers van bijvoorbeeld de Historische Verenigingen denken met elkaar na over de rol van de Stelling in Den Helder Daarnaast hebben we met enthousiaste bewoners gesproken (zie ook het laatste hoofdstuk). Op basis van deze gesprekken en ontwerpend onderzoek is de visie gemaakt.

Leren van scenario's

In mei 2021 zijn drie scenario’s door BVR gemaakt en voorgelegd aan een diverse groep van gebruikers, erfgoedliefhebbers en organisaties.

1De Stelling in beweging. Stel dat… de Stelling de gezondste plek van Den Helder wordt2. 50 X Stellingname. Stel dat… de Stelling een collectie is van innovatieve plekken3. De Stelling van de Toekomst. Stel dat… de Stelling een nieuwe verdedigingslinie wordt tegen klimaatverandering

De lessen van deze scenario’s zijn: Een continue route langs de Stelling, rondje Stelling, is een diep gekoesterde wens. In Westoever kan de route compleet worden gemaakt. Maak van de Stelling een gezonde en aantrekkelijke buitenruimte.Een aanpak gericht op ondernemerschap, innovatiekracht en unieke beleving voor mensen in den Helder en daarbuiten, is iets wat Den Helder vooruit kan helpen. Maar de Stelling in de eerste plaats van betekenis voor de lokale inwoners.Klimaatverandering is een echte urgente opgave voor de langere termijn. Het is een publiek belang waar de overheid het voortouw moet nemen.

Uitspraken van bewoners over de Stelling Den Helder

"De linie als verbinding spreekt me erg aan. Hoe mooi zou het zijn om vanaf de dijk in het westen over de linie tot Westoever en misschien zelfs Het Nieuwe Diep/Werk te kunnen wandelen. Ook een mooie manier om de stad meer met de haven te verbinden"

"Belangrijk is dat de stelling voor de Helderse bevolking beschikbaar en begaanbaar is. Denk ik aan natuur, wandelgebied."

"Wat me aanspreekt in deze stelling is de aandacht voor klimaatverandering. Ik zou het krachtiger maken door het verdedigen tegen onszelf en onze eigen acties te noemen. Verdedigen tegen klimaatverandering, lijkt het net een probleem dat buiten onszelf staat. Terwijl wij naar mijn mening het probleem zijn en dus ook degenen die het tij kunnen keren."

De drie scenario's over de Stelling van Den Helder

De Stelling van de toekomst

De Stelling in beweging

50x Stellingname

9.7 Opgave voor de toekomst

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Er komen diverse veranderingen af op Den Helder die richting 2040 uitdagingen vormen, kansen bieden en om ruimte vragen. In de Omgevingsvisie worden deze opgaven integraal afgewogen. Met name de volgende opgaven zullen de toekomst van de Stelling mede bepalen:

Klimaatverandering en tegengaan verlies biodiversiteit

Het klimaat verandert. Dit is een urgente opgave. Steden krijgen te maken met toenemende wateroverlast, hitte en droogte. Ook de stijgende zeespiegel vraagt actie. Verzilting en waterveiligheid zijn voor Den Helder een actueel vraagstuk. De groene ruimte en het water van de Stelling zullen een belangrijke rol spelen in het klimaatbestendig maken van de stad. Het beschermen van natuurwaarden en natuurinclusief ontwikkelen van Den Helder gaan hand in hand met de klimaatopgave.

Versterken van de eigen economie door innovatie en aantrekkelijk vestigingsklimaat

Het verdienvermogen van Den Helder groeit. De Stelling is een kansrijke plek met vele verhalen die interessant zijn voor recreanten en toeristen (placemaking). Wat is mogelijk op enaan de Stelling binnen de kwetsbaarheid van het erfgoed, de inwoners en de natuur?Het Maritiem Cluster is de belangrijkste bron van werk. Wat betekenen de veranderingen rond de haven en de groeiende bezoekersstroom richting Texel voor de Stelling? Wat kan de Stelling bijdragen?

Inclusieve stedelijke groei, gezonde buitenruimte en energietransitie

Den Helder gaat na een periode van krimp weer iets groeien door ontwikkelingen in de offshore-industrie, energiesector en bij Defensie, een positiever imago van den Helder en de vraag naar extra woningen. Het is een kans om (circulair en energieneutraal) verder te bouwen aan Den Helder als sociaal inclusieve gezonde en aantrekkelijke stad. Welke kansen biedt de Stelling voor woningbouw en voorzieningen? Wat past wel en wat niet?

Huidige opgaven

De huidige opgaven bieden kansen voor behoud van de Stelling door middel van ontwikkeling. Er is veel geld nodig voor een kwaliteitsverbetering van de grote ruimte van de Stelling,maar de investeringskracht is beperkt in Den Helder. De grote ruimte die de Stelling vertegenwoordigt is in die zin zowel een kracht als een zwakte. Trefzekere keuzes zijn daarom noodzakelijk. De rijke geschiedenis van het erfgoed is de basis richting de toekomst.

Focus

Den Helder heeft de Stelling. Het is wat ons verbindt. De overvloedige groene ruimte, de forten, grachten en dijken zijn onze schat. En dat is een luxe. De Stelling Den Helder verbindt de mooiste plekken van de stad. We maken die kwaliteit als verbinding en gedeelde ruimte overal weer zichtbaar en beleefbaar. We willen de Stelling samen toekomstgericht beheren en ontwikkelen. Als betekenisvol, sociaal inclusief erfgoed. Om dit goed te doen is focus nodig. Er komen vele opgaven af op Den Helder. We kiezen ervoor om tijd en energie selectief te richten op drie kansrijke manieren om de kernwaarden van de Stelling te versterken. De focus mét actiepunten tot 2040 is:

1Ván iedereen; vóór iedereen: we koesteren de Stelling

2Klimaatbestendig; we brengen De Stelling in stelling voor een klimaatbestendig Den Helder

3Eén rondje Stelling; we verbinden stad en Stelling

1Ván iedereen; vóór iedereen: we koesteren de Stelling

We koesteren de Stelling door de verhalen te vertellen Acties: Herziening formele waardering monumenten, maak hét Verhalenboek, stimuleer de samenwerking en jaarrond programmering

Waarderen

De rijkdom als ruimte en als oorsprong van Den Helder maakt de Stelling de gedeelde schat van Den Helder waarop we heel zuinig zijn. Tegelijk maken we nu en in de toekomst allemaal graag gebruik van de Stelling. Daarom geldt: De Stelling is ván iedereen; De Stelling is vóór iedereen. Om dit zorgvuldig te doen koesteren we de kwaliteit vanuit de vier kernwaarden (samenhangende structuur, gelaagde tijd, gevarieerde ruimte, fort als nederzetting). Per plek kan dat verschillend uitwerken.

De Stelling Den Helder vertelt een gelaagd verhaal over een strategisch militair landschap. De eerste verdedigingswerken, de enorme uitbreiding naar het plan van Napoleon, de blijvende militaire waarde in (en tussen) de twee wereldoorlogen en het gebruik tijdens de Koude Oorlog met daarna het recente gebruik als onderdeel van de kuststad Den Helder. We gaan ervoor zorgen dat de waardering van het erfgoed deze gelaagdheid omarmt, zodat het gelaagde verhaal wordt geborgd in de bescherming op verschillende niveaus, in de gemeentelijke, provinciale en rijksmonumenten. Dit betekent bijvoorbeeld ook bescherming van een aantal bunkers uit de Tweede Wereldoorlog.

Het waarderen van de gelaagdheid betekent het erkennen van de diversiteit. Niet één tijdlaag is binnen de Stelling dominant. We hoeven de Stelling niet te reconstrueren tot deeerste Napoleontische aanleg. We waarderen álle lagen en gaan per plek verschillend om met hoe de Stelling eruit ziet. Op diverseplekken in de Stelling kunnen verschillende delen van het verhaal worden verteld en mogen ruimtelijke uitwerkingen verschillend zijn. De Stelling is als een waardevol geschiedenisboek voor jong en oud. Het staat symbool voor de specifieke kennis van Den Helder over de maritieme wereld, civiel en militair.

Uitdagingen

We gaan het verhaal van de Stelling met nog meer trots uitdragen. De Stelling is in de eerste plaats van en voor de inwoners. Het is de trots van Den Helder. We willen het bijzondere verhaal van de Stelling vertellen, en ervoor zorgen dat elke Jutter zich bewust is van de waarde van de Stelling. Dit begint door de Stelling meer zichtbaar en beleefbaar te maken. Dat kan via evenementen of een jaarlijkse Week van de Stelling, en door het ultieme verhalenboek te maken van de Stelling.

Door de Stelling een centrale plek te geven in de Omgevingsvisie, door de samenwerking van alle betrokken organisaties met kracht door te zetten en de Stelling centraal te zettenin de Citymarketing groeit het enthousiasme over de Stelling. Enthousiaste bewoners van Den Helder kunnen het verhaal van de Stelling uitdragen, zodat het verhaal bekend wordt onder bezoekers van de stad. Op deze manier is de Stelling van waarde voor de toeristische ontwikkeling van Den Helder. Erfgoededucatie met een hoofdrol voor de Stelling krijgtmeer prioriteit op scholen in de gemeente. Bezichtigingen en rondleidingen aangeboden door bijvoorbeeld Stichting Erfgoed Den Helder, Landschap Noord-Holland en de Marine zijn van grote waarde.

2Klimaatbestendig

We brengen De Stelling in stelling voor een klimaatbestendig Den Helder

Acties: Maak het watersysteem gezond en gereed voor waterberging en wateropslag, zet actief in op natuur en landschapsontwikkeling (Huisduinen – Erfprins, in de schootsvelden langs de liniedijk en langs de zeedijk) en vergroen de stad met de Stelling.

Volgend hoofdstuk Stelling

Den Helder klimaatbestendig maken is een hoofdopgave voor de toekomst. De Stelling heeft een belangrijke toekomstige rol te vervullen voor de stad als groenblauwe ruimte. Met degeschiedenis is ook de Stelling veranderd. Een functie die als bescherming/verdediging dient voor de stad past bij wat de Stelling altijd al deed. Klimaatverandering is daarmee een nieuw vanzelfsprekend hoofdstuk, een volgende tijdlaag voor de Stelling. Dit past ook goed in de landelijke en door het Rijk gestimuleerde aanpak zoals beschreven in de ErfgoedDeal om erfgoed een rol te geven in het klimaatbestendig maken van gebieden.

Klimaat en water

De meeste problemen bij extreme neerslag doen zich voor in het centrumgebied van den Helder (binnen de Stelling). Bij extreme buien kan water tijdelijk worden vastgehouden in de liniegrachten en het gebied rond Dirksz. Admiraal, met name vanuit de zuidelijke delen van het stadscentrum. Maar ook met oog op droogte en verzilting is de Stelling een kansrijke buffer voor zoet water als dat nodig is in de zomer. Het groen en water van de Stelling zorgen voor koelte in de stad en zullen ook water vasthouden voor droge tijden. De zeedijk is een belangrijke structuur voor de waterveiligheid van de stad bij een stijgende zeespiegel. We zetten in op nader onderzoek hoe we de Stelling kunnen gebruiken en versterken als klimaatbestendige ruimte. Misschien wel door 2000 extra bomen te planten op en aan de Stelling – om de 10 meter een boom. De groene ruimte en het water van de Stelling speelt ook een rol bij de gezondheid van de inwoners van Den Helder. Zo is de Stelling een uitnodigende buitenruimte om te sporten en te bewegen. Deze gezondheidsthema’s worden steeds belangrijker in stedelijke gebieden en passen goed bij hetprofiel van Den Helder als fitte Marinestad. Het water en beschikbaarheid van recreatieve routes hebben daarin een belangrijke rol.

Groene ruimte

Het duingebied met Grijze Duinen en tal van bijzondere planten en dieren zoals de beschermde vogel tapuit en de zandhagedis is beschermd Natura 2000 gebied en een belangrijke natuurverbinding in het Natuur Netwerk Nederland (NNN). De natuur is randvoorwaardelijk voor eventuele toekomstige ontwikkelingen op en rond Kijkduin. Het doel is om hier met de partijen een oplossing te vinden om de druk op het duinlandschap in goede banen te leiden. Hiervoor ligt een kans in de Huisduiner Polder. Dit is een waardevolle open ruimte die als klimaat-adaptief en recreatief gebied kan functioneren. Deze open ruimte wordt beschermd en vergroot door de sportvelden “De Linie” meer open en zichtbaar te verbinden met de polder.

Langs de Stelling worden groene ruimtes zoals de parken en sportgebieden gekoesterd. Wel is in dit ‘groen’ een kwaliteitsslag nodig. Doorgaande routes, meer ruimte voor natuur en water en ontmoetingsplekken maken van het momenteel anonieme groen een levendig landschap. Het afschalen van de Nieuweweg en het klaverblad in de Waddenzeestraat helpt om een mooiedoorgaande landschappelijke ruimte met meer natuurwaarden te maken van Westoever via Quelderduin naar het zwembad. Zo kan een vanzelfsprekende verbinding van de Stelling met de Nollen worden gemaakt.

Natuurinclusief

De Stelling is een leefgebied van veel bijzondere flora en fauna. Bijvoorbeeld de ijsvogel en diverse vleermuissoorten vinden hier hun plek. De natuurwaarde is een belangrijk onderdeel van de betekenis van de Stelling. Bij het toekomstige beheer van de Stelling en bij mogelijke ontwikkelingen op en aan de Stelling wordt nadrukkelijk rekening gehouden met de natuurwaarden. In gesprek met gebiedspartners zoals bijvoorbeeld ‘Vrijwillig Landschapsbeheer’ wordt gezocht naar een gebalanceerd gebruik van het gebied. Het is nadrukkelijk niet de bedoeling om de Stelling terug te brengen naar het tijdsbeeld van Napoleon, dus geen kaalslag.

3Eén rondje Stelling

We verbinden stad en Stelling. We maken de Stelling zichtbaar langs een openbare continue route voor fietsers, wandelaars en sporters. We maken adressen aan deze route en programmeren sociaal-inclusief.

Acties: Maak de verbinding fort Dirksz. Admiraal – Westoever/Oostoever en ontwikkel dit deel van de Stelling als gezonde verbindende groene ruimte in de stad. Volop inzetten op ruimtelijke en programmatische ontwikkeling van omgeving fort Dirksz. Admiraal als gebruiksfort van de stad. Onderzoek de kansen met betrekking tot dijk, gracht en stad aan de noordzijde van Den helder.

Rondje

We willen de Stelling als geheel kunnen ervaren. Daarom realiseren we één doorgaande Stellingroute. Aantrekkelijk voor zowel de inwoners als toeristen. Je kunt zode Stelling leren kennen en genieten van het landschap. Een beter toegankelijk rondje Stelling Den Helder helpt om de toeristische druk op sommige delen (zoals bij Fort Kijkduin) beter te verdelen over de hele Stelling. Het rondje Stelling moet uitnodigen om te bewegen en te ontmoeten. We zorgen daarom met elkaar voor één doorgaande wandelen fietsroute van circa 12 kilometer met goedgekozen rustpunten (panoramaplekken). Bovendien verbeteren we de openbare ruimte. De route krijgt een gevarieerd profiel passend bij het landschap (stad, dijk, landschap etc). Inrichtingselementen als banken, borden, verlichting, een audiotour en (digitale) wegwijzers en aankleding ed. hebben een eenduidige subtiele stijl, het overschreeuwt niet.

De nieuwe Stellingroute loopt van Fort Westoever via een nieuwe oeververbinding en de te herstellen linie naar Fort Dirksz. Admiraal. Achtereenvolgens door naar Fort Erfprins, De Heldersche Zeewering, Fort Harssens, Willemsoord, en weer eindigend bij Westoever. De Stelling is ook een verhaal over water: de havens, de drie zeeën, de grachten en het kanaal. Waterbeleving en waterrecreatie zijn onlosmakelijk verbonden aan het maritieme Den Helder. De Stelling kan nu al voor een groot deel varend worden beleefd via de liniegracht. De beleving van en vanaf het water wordt versterkt. De route via het water per kano, sloep of al suppend wordt verbeterd. De ambitie is om op termijn een doorgaande vaarverbinding te realiseren langs de Stelling. Daarnaast is het rondje verbonden aan andere fiets- en wandelroutes, zoals via de kunstroute van Sense of Place (De Nollen) naar Waddenexperienc’t Kuitje. Het geheel is onderling verbonden tot één rondje Stelling. De Stelling wordt op deze manier een podium voor Den Helder met een cultureel-toeristisch potentieel. Langs de Stelling zijn op verschillende plekken kenmerkende historische elementen te ervaren met voorbeelden van een liniedijk met schuin bovenvlak, een gracht met een wal, scherpe coupures, een herkenbare structuur van fort met schootsveld, of verscholen bunkers.

Adressen

We koesteren de Stelling en koppelen het aan het culturele leven. De Stelling staat voor gastvrijheid, openbaarheid, ontmoeting en publieke programma’s. Om de Stelling te behouden als een levend stuk stad, gaan we investeren in cultureel-maatschappelijke voorzieningen en passende programmering langs de Stelling met initiatieven die het karakter en de kernwaarden versterken. Daarbij leggen we een focus op drie duidelijke ‘adressen’ waar stad, Stelling en haven elkaar ontmoeten: Willemsoord, Westoever en Dirksz. Admiraal. Een adres is een vanzelfsprekend bereikbare plek met een tijdelijk of permanent, publiek programma. Denk hierbij aan kunst en locatietheater, sport en spel, scholen, openbare voorzieningen, horeca en eventementen als de marinedagen, concerten, en de jaarlijkse week van de Stelling. En er is op deze adressen ook de ruimte voor recreatieve overnachting.

Randen

De ontwikkeling van Den Helder als geheel hangt samen met het behoud en de ontwikkeling van de Stelling.De stad heeft vier randen aan de Stelling:

De binnenrand van de Stelling aan de Liniedijk

De binnenrand aan de zeewering(Dijkbuurt, Oud Den Helder tot en met Willemsoord)

De buitenrand van de Stelling (bij Nieuw den Helder)

De oostrand van de stad waar de Stelling raakt aan de havens

In elk van deze ‘stadsranden’ heeft de Stelling een eigen bijdrage in het versterken van de stad. Hierbij gelden naast de vier kernwaarden steeds twee eenvoudig principes:

a.Aan de binnenkant van de Stelling is de ruimte herbergzaam, stedelijk, formeel en besloten, het is er groen en er staan bomen

b.Aan de buitenkant van de Stelling is de ruimte landschappelijk, los, ruig, open, overzichtelijk, waterrijk en natuurlijk

Met name in de binnenrand aan de zeewering liggen kansen om zowel de Stelling(gracht) als de stad te versterken. Aán de Stelling en binnen de forten is (nieuwe) bebouwing mogelijk, mits dit kwaliteit toevoegt aan de Stelling. Bij ontwikkelingen ín de forten is een zorgvuldige versterking nodig van de eigen binnenwereld die past bij de maat en schaal en gelaagde geschiedenis ter plekke.

9.8 Droombeelden van de Stelling - 2040

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Met de Stelling heeft Den Helder goud in handen om te werken aan de toekomst van Den Helder en tegelijk het erfgoed te bewaren. Delen van de Stelling zijn nu nog rommelige en sociaal onveilige achterkanten. Dat zal anders zijn in 2040. Door het vertellen van het verhaal, het maken van een klimaatbestendig Stellinglandschap en het completeren van 1 rondje Stelling versterken we de vier kernwaarden. Met goede fiets- en wandelroutes, een hoogwaardige openbare ruimte, publieke voorzieningen en stedelijke adressen langs de Stelling, krijgt de Stelling meer kwaliteit. Stel je voor hoe de Stelling er in 2040 uit zou kunnen zien…Hierna worden droombeelden geschetst van de toekomst. De tekst zijn niet letterlijk bedoeld, maar geven de richting aan per plek om aan te denken voor het vervolg.

Fort Westoever en Oostoever in 2040

De ‘waterpoort’ van de Stelling met twee forten die onlosmakelijk bij elkaar horen. Het is het maritieme en industriële deel van de Stelling waar water- en oeverrecreatie de belangrijkste functies zijn. Hier wordt gewoond aan de Stelling. Er zijn publieksfuncties, horeca en kleinschalige initiatieven aan een hoogwaardige en bruikbare groene openbare ruimte. Een nieuwe fiets- en voetgangersbrug verbindt de liniedijk ten zuiden van de oude spoorlijn met fort Westoever. Dit representatieve fort is een echte toeristisch-recreatieve belevenis met horeca, sport en tijdelijk verblijf zoals een stadscamping. Via het Westoevergebied is de fiets- en wandelroute langs de hele Stelling compleet gemaakt. Oostoever blijft exclusief en is beperkt toegankelijk. Er ligt een focus op zichtlijnen vanaf Fort Westoever naar Oostoever dat als markant groen monument wordt behouden. Binnen de kernwaarden van het fort kan hier een exclusieve club huisvesten of een voorziening in de opslag of opwekking van energie.

Fort Dirksz. Admiraal in 2040

Dit grote fort is hét adres van de Stelling aan de stad. Het robuuste fortlandschap staat een divers (ook informeel) gebruik toe en is een echt gebruiksfort voor de stad. De wallen en grachten zijn in ere hersteld en rondom bewandelbaar. De groene krans vanaf park Quelderduin, met de polder bij het politiebureau tot het zwembad is versterkt als klimaatbestendig landschap. Het nieuwe landschap accentueert nu beter hoe het fort eruit ziet. Dit accentueert nu het fort. Binnenin het fort is een besloten en veilige nederzetting ontwikkeld, waarbij rekening is gehouden met de historische waarden. Het realiseren van een kleinschalige unieke woonomgeving is niet ondenkbaar als delen van het fort in de toekomst vrijkomen. Het gebied heeft straks een gastvrij en activerend/innovatief programma waarin ook het azc een vanzelfsprekende rol krijgt. Denk aan het succesvolle Beeldenfort of Villa Augustus in Dordrecht. De Nieuweweg is getransformeerd van drukke autoroute naar een comfortabele fiets-en wandelverbinding. Voor deze ontwikkelingen van het gehele fort en de directe omgeving dient een transformatievisie met een cultuurhistorische verkenning en een landschapsplan te worden opgesteld.

Fort Erfprins in 2040

Dit gave fort ligt als een monument in een groter landschapspark. Het is (aan de binnenzijde) in principe niet openbaar, maar samen met Marine wordt gekeken of het vaker opengesteld kan worden. Dit fort is de testcase om militair en civiel gebruik te combineren. In het vrije schootsveld rondom het fort heeft klimaatadaptatie en versterking van de biodiversiteit zijn plek gekregen. Via Fort Erfprins is de verbindende Stellingroute tussen de zeedijk en de liniedijk op een vanzelfsprekende manier vormgegeven. De route loopt door een veerkrachtige polder waar de tijd even lijkt stil te staan.

Willemsoord in 2040

Willemsoord is onderdeel van de Stelling en de bestaansreden van de Stelling. Het toeristischculturele en nautische hart van de Stelling, vol nautische bedrijvigheid en leven. Willemsoord is via de dijk, een levendige Spoorstraat en Beatrixstraat hecht verbonden met Station en Stadshart en met de andere delen van de Stelling, de havenwereld, fort Op de Harssens, fort Oostoever en de Waddenbaai. Op Willemsoord wordt het complete historische verhaal verteld. Hier is een divers hoogwaardig programma te vinden, met oa. musea, horeca, theater, een levendige Museumhaven en natuurlijk de Marinecampus. Willemsoord zuid is ontwikkeld als een echt hart, een vanzelfsprekend startpunt van alle routes met duidelijke gastvrije ontvangst- en ontmoetingsplekken, een levendig gemixt gebruik en hoogwaardige inrichting. De diverse routes van en naar stad en Stelling zijn helder vormgegeven. Buitenveld is in 2040 met alle partijen ontwikkeld tot het onmiskenbare vierde kwadrant van Willemsoord waar werf, stad en Stelling elkaar ontmoeten. Willemsoord noord is een gastvrij gemengd civiel-militair werkgebied met goed verbonden recreatieve plekken zoals het Marinemuseum, de jachthaven en het oude admiraliteitsgebouw het Paleis.

Fort Kijkduin in 2040

Dit is het ‘Museumfort Kijkduin’ met vlakbij ook het Atlantikwall Centrum in een recreatieve omgeving. Het fort met aquarium en een veilig strand is een toeristische plek inDen Helder voor gezinnen. Door de verbeterde samenhang van Fort Kijkduin met de rest van De Stelling ontdekken steeds meer bezoekers de Huisduiner Polder. Ook het verbrede strand en de beleving op en rond de dijk (Lange Jaap, strandzone met Jan Blankens’ strandpaal 1, uitzicht over zee, stad en Texel) zorgen ervoor dat de recreatieve druk in Huisduinen beter over de omgeving verdeeld wordt. Hier bij Huisduinen is het startpunt voor het ontdekken van Atlantikwall erfgoed, maar evengoed het beginpunt van het Waddengebied (walvisvaardershistorie) en een van de startpunten voor het ontdekken van de Stelling. Via de Huisduinerweg, de Grasdijk en de zeedijk is Kijkduin verbonden aan het rondje Stelling. Een omweg waard.

Dijk 2024

Het unieke en stoere dijklandschap van de Heldersche zeewering is versterkt in samenwerking met partijen zoals het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Enkele panoramaplekken (bij Kaap Hoofd en voormalige kustbatterijen) zijn gemarkeerd met uitkijkpunten en zitplekken (passend binnen de randvoorwaarden van waterveiligheid) en de heldere lijnvoering van de groene zeedijk is geborgd in de context van de stad. Beeldbepalend in de toekomst is de SeaSaw (zie het bovenstaande beeld). Dit is een groots uitzichtpunt op de Heldersche zeewering, vormgegeven als een ‘oneindige wandeling’, naar een ontwerp van MVRDV. De SeaSaw is een icoon voor Den Helder en een onderdeel van de publieke route over de dijk en het park in de binnenstad. Met de ontwikkeling van de dijkroute en SeaSaw is ook de Dijkbuurt vernieuwd. De dijk is als publieke ruimte toekomstgericht gemaakt en beter geïntegreerd in de stad. De route via de dijk is voor wandelaars en fietsers is goed gekoppeld aan de route langs fort Erfprins richting de liniedijk.

Pantserfort Op de Harssens en bunkers in 2040

Het voormalige pantserfort Op de Harssens is, in samenwerking met de betrokken eigenaren/gebruikers een meer toegankelijke plek geworden, ingebed in een verbetering van de toegankelijkheid en verblijfskwaliteit van de havenkom van de Tesohaven. Vrijwilligers hebben het fort en de bunkers toegankelijk gemaakt, dankzij hen wordt het verhaal verteld, zoals van de Tweede Wereldoorlog. Zo is het fort ook digitaal te bezoeken. De verbinding met Texel heeft een nieuwe kwaliteit, die aan beide zijden een warm welkom biedt.

9.9 We gaan aan de slag met de stelling?

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Continuïteit en betrokkenheid

Deze visie is gemaakt met inbreng van veel verschillende groepen betrokkenen, bewoners en eigenaren (Stichting Erfgoed Den Helder, de Marine, Landschap Noord- Holland, gemeente), ontwikkelaars (Zeestad en Woningstichting), ondernemers, Provincie Noord-Holland, organisaties op/aan de Stelling (Triade, musea zoals het Marinemuseum en het Reddingmuseum, de Nollen, het Beeldenfort) en organisaties betrokken bij het erfgoed van de Stelling (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Historische Verenigingen, vrijwilligers, Citymarketing Den Helder). Het formuleren en afspreken van kernwaarden en gemeenschappelijke doelen als visie is de eerste stap in het werken aan de toekomst van.

De Stelling

De Stelling is meeveranderd met de stad. We behouden door ontwikkeling. Continuïteit in beheer en onderhoud is nodig. Voor een paar plekken gaan we ons de komende jaren actief inzetten. In de eerste plaats blijft het van belang dat het bijzondere erfgoed van de Stelling Den Helder behouden blijft voor de toekomst. De betrokkenheid van alle partijen en de gezamenlijke visievorming rond de Stelling past in de geest van het Faro verdrag. Het Verdrag van Faro is in 2005 vastgesteld door de Raad van Europa. Hierin wordt de maatschappelijke waarde van erfgoed benadrukt, wordt erfgoedparticipatie centraal gezet en stuurt hiermee aan op actieve deelname van erfgoedgemeenschappen.

Werken aan parels

Instandhouding van het beschermd stadsgezicht; de Rijkswerf, de forten met hun wallen, de grachten, de liniedijk, de bunkers en bouwwerken en de enorme groene ruimte van de Stelling. Dit is een hele opgave voor een stad als Den Helder. Niet alles kan in één keer. We smeden vanuit de inhoudelijke focus van deze visie samen de Stelling tot eenheid, maar we kiezen een paar parels waar de komende tijd echt energie in moet. Dit zijn: ontwikkeling van Fort Dirsz. Admiraal, de ontwikkeling gebied Fort Westoever en het maken van rondje Stelling. De bijgevoegde actiekaart geeft aan waar de komende tijde de nadruk zal liggen. Hier liggen momenteel de grootste kansen. Daarnaast blijven we alert op kansen voor de ontwikkeling van de Stelling als geheel.

De Stelling is van iedereen en voor iedereen. Dat betekent niet dat alle plekken openbaar toegankelijk zijn. Denk aan militaire functies, havenindustriegebied en kwetsbaar duinlandschap waarbij beperkte toegang noodzaak is. Het rondje Stelling is het meest openbare deel. Alle andere plekken presenteren zich langs de route. Soms zijn dat openbare of semi-openbare plekken, soms zijn het besloten werelden zoals de binnenwerelden van de forten. We gaan met eigenaren in gesprek om te kijken ofeen mate van (beperkte) openbaarheidmogelijk is. Bijvoorbeeld een betere openbare toegankelijkheid van Fort Op de Harssens.

De aanwezigheid van de Marine is een kracht en kans voor de Stelling om samen met de gemeente te werken aan behoud door ontwikkeling. Er liggen wederzijdse kansen om de historische Stelling te koppelen aan de profilering van de Marine in Den Helder. Blijvend gebruik van de Stelling door de Marine, met opleidingsinstituten zoals het KIM op Willemsoord en aanwezigheid in Erfprins, Dirksz. Admiraal en bij Fort Op de Harssens willen we koesteren, het is onderdeel van het dna van Den Helder. Mocht Defensie besluiten om de huidige functies in de forten te verhuizen naar een ander deel van Den Helder, dan dient de toekomst van het erfgoed als publieke waarde te worden geborgd.

Samenwerking

Om deze visie en de genoemde kansen te verzilveren, is samenwerking de basis. We volgen het principe van ‘behoud door ontwikkeling’, waarbij passende herbestemming voor de verschillende onderdelen wordt gestimuleerd om de Stelling relevant en levend te houden. Hiertoe verankeren we deze visie in de gemeentelijke Omgevingsvisie en haken we aan op deerfgoedparagraaf van de Waddenagenda, de Landschapstriënnale en Sail in 2023 en het programma Militair Erfgoed van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Maar ook het Maritiem Cluster en Waddenbaai. Voor het vertellen van het verhaal en voor de verdere ontwikkeling van de Stelling is het opstellen van een gedegen en complete historische inventarisatie (een standaardwerk) van belang.

Voor realisatie van projecten is duurzame financiering en een langjarige samenwerking gewenst met organisaties zoals Stichting Erfgoed Den Helder en Rijksvastgoedbedrijf, Ministerie van Defensie, Woningstichting, Willemsoord bv, Zeestad of het Waddenfonds, Landschap Noord-Holland, ondernemers, onderwijs en culturele organisaties. De niet aflatende inzet van zeer betrokken vrijwilligers is cruciaal voor het beheer en laat zien dat de Stelling leeft in Den Helder. De Stelling is van en voor iedereen. Met de vier kernwaarden op het netvlies werken we samen aan de toekomst van Stelling Den Helder: verhalen vertellen, stad en Stelling verbinden en klimaatbestendig maken. Aan de slag

10Deelvisie Nieuw Den Helder

10.1 Inleiding en context

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Nieuw Den Helder is de eerste uitbreidingswijk van Den Helder, gerealiseerd vanaf de jaren ’50 om de grote woningnood na de Tweede Wereldoorlog op te lossen. Al voor de oorlog werden plannen gemaakt met het oog op de verwachte groei van de bevolking. Door de oorlog werd deze groei ruw onderbroken, maar toen na de oorlog de Marine in 1949 besloot om terug te keren naar Den Helder groeide de stad in rap tempo verder en was Stad binnen de Linie al snel volgebouwd. Daarom werd een uitbreidingsplan vastgesteld om de stad buiten de Linie verder uit te breiden, plan Nieuw Den Helder.

Wieger Bruin, de stedenbouwkundige verantwoordelijk voor de wederopbouw van Den Helder, plaatste de wijk op ruime afstand van de Linie en respecteerde daarmee het vroegere schootsveld. Hij richtte zowel de Linie als het duingebied in als groene buffer voor sport, onderwijs en ontspanning. De wijk kreeg een structuur van hoofdwegen in noord-zuid richting, met haaks daarop dwarswegen. De buurten binnen dit raster kregen elk een eigen voorzieningencentrum.

De bouw begon in de jaren ’50 met de buurt Jeruzalem, zo genoemd in verband met de witte kleur van de betonnen woningen. Na het gedeelte ten westen van de Jan Verfailleweg gerealiseerd te hebben werd in hoog tempo verder gebouwd aan de oostzijde van de Jan Verfailleweg. Kenmerkend aan de wijk is dat de opzet het hiërarchische karakter van het Den Helder van die tijd weerspiegelt, door de dominante positie van de Koninklijke Marine als werkgever. Portiek- en galerijflats waren bestemd voor matrozen en lagere onderofficieren, eengezinswoningen voor hogere onderofficieren en betere eengezinswoningen voor de hogere officieren. Hiermee ontstond een bepaalde segregatie tussen buurten, ondanks dat de wijk als geheel behoorlijk gemengd was. De grote scheidingswegen tussen de buurten versterkten dit effect nog extra.

Afbeelding: hiërarchische opbouw van de wijk in de jaren ’50, ’60 en ’70 met verschillende woningtypen bestemd voor verschillende rangen binnen de Koninklijke Marine

Een groot deel van de woningen in de wijk is gebouwd met betonnen systeembouw, een goedkope en efficiënte bouwmethode die een goed antwoord bood op de woningnood van de jaren ’50 en ’60. Bij de invulling van de later gebouwde wijken aan de zuidkant is de toenemende druk vanuit het Rijk te zien:er moest dichter, hoger of goedkoper gebouwd worden. Vanaf de jaren zeventig vestigde zich in Den Helder een relatief grote Antilliaanse gemeenschap in Nieuw Den Helder, waardoor de behoefte aan woningen extra toenam. Deze snelle groei van de wijk stokte eind jaren ‘70/begin jaren ’80. Door de snelle groei was een wijk ontstaan met kwalitatief vaak matige woningen, een scheve verhouding tussen koop- en huurwoningen en veel dezelfde woningtypes.

Toen de Koninklijke Marine halverwege de jaren ’70 de verplichting losliet om in Den Helder te wonen verhuisden veel inwoners van de wijk naar andere wijken, zoals nieuwere ontwikkelingen als De Schooten of Julianadorp of buurgemeenten. De kwalitatief matige woningen in Nieuw Den Helder waren minder in trek. Er ontstond leegstand en stapeling van problemen qua leefbaarheid en veiligheid. Met name de Falga- en Grevelingenbuurt hebben in deze periode een slecht imago en halen hiermee de landelijke media.

Rond deze tijd ontstaan ook de eerste ideeën vanuit de Woningstichting om een deel van de woningen te slopen en andere type woningen in de wijk te realiseren, om zo tot een aantrekkelijkere en beter gemengde wijk te gaan komen. Dit roept protest op uit de wijk, veel bewoners zijn blij met de betaalbaarheid van de woningen en zien liever inzet op het verbeteren van de bestaande woningen en de leefbaarheid van de wijk. Beide meningen zijn tot op de dag van vandaag te horen in de wijk, ook met betrekking tot toekomstige ontwikkelingen. In de jaren ’90 besluit Woningstichting om definitief te kiezen voor de sloop van een deel van de flats en de ontwikkeling van andere woningtypen. De flats van de Falga- en Grevelingenbuurt maken plaats voor het Duinpark, een plan waarmee de duinen de wijk in worden gehaald en er gewoond kan worden op deze kunstmatige duinen.

Afbeelding: het Duinparkplan is een grote blikvanger in de wijk als gevolg van het landschap, de architectuur en bijzondere elementen in de openbare ruimte, zoals getoonde lantaarnpalen geïnspireerd op het werk van de Helderse kunstenaar Rudi van de Wint †

Deze ontwikkeling, in 2011 geopend door toenmalig koningin Beatrix, heeft veel betekent voor het imago van Nieuw Den Helder als aantrekkelijke wijk aan de duinen. Naast nieuwe typen woningen en een aantrekkelijk landschap bevinden ook de twee centrumgebieden van de wijk, de Marsdiepstraat en de Duinpassage, zich binnen dit plan. Andere plannen om de wijk meer met de duinen te verbinden zijn sindsdien voorgesteld en deels in gang gezet. Ook is de afgelopen jaren ingezet op sloop van kwalitatief slechte flats en het terugbrengen van eengezinswoningen op de vrijkomende locaties, om zo tot een meer gemengde wijk te komen. Door de grote druk op de woningmarkt is in de meest recente jaren ook weer meer aandacht gekomen voor het opknappen en verduurzamen van bestaande flats. De ingezette transformatie van Nieuw Den Helder zal de komende jaren zo verder vorm krijgen.

De oostrand van de wijk heeft te maken met een aantal vraagstukken en vraagt om een duidelijke richting. In dit gebied (Bijlweg en omgeving, Burgemeester Ritmeesterweg, De Dogger) is de afgelopendecennia een gemengde omgeving ontstaan, met bedrijven, voorzieningen en maatschappelijke activiteiten, maar ook enkele (bijzondere) woonvoorzieningen. Het gebied heeft op veel plekken een rommelige uitstraling, met leegstand en gedateerde gebouwen en openbare ruimte. De matige huidige situatie en het weinig efficiënte gebruik bieden echter kansen om het gebied een nieuwe toekomst te geven als een aantrekkelijk nieuw deel van de wijk, goed verbonden met de rest van de wijk en de voorzieningen in de centrumgebieden.

De uitstraling en het imago van Nieuw Den Helder is in de afgelopen decennia in positieve zin veranderd. De grootschalige problemen van de jaren ‘80 en ‘90 zijn sterk verminderd en nieuwe ontwikkelingen en het opknappen van woningen en gebouwen maken de wijk aantrekkelijker en zorgen voor een positievere sfeer onder inwoners, ondernemers en andere partijen in de wijk. Tegelijkertijd kent de wijk nog steeds problemen, onder andere op sociaal-maatschappelijk vlak, qua leefbaarheid en qua toekomstbestendigheid. Er is soms sprake van aanzienlijke verschillen tussen buurten.

Een belangrijke uitdaging is dan ook om verschillende typen woningen (qua eigendom en prijsklasse) meer te mengen en zo een meer gemengde wijk te laten ontstaan die een aantrekkelijke woonomgeving voor iedereen biedt. De historische hierarchie tussen de verschillende buurten wordt hiermee verder doorbroken. Onderdeel hiervan is ook het inzetten op betere verbindingen tussen de verschillende buurten, door de wijk heen. Het beleefbaar maken van de nabijgelegen duinen in de wijk zelf, ingezet met de realisatie van het Duinpark en de afgelopen jaren op een aantal verder doorgezet, wordt breed gewaardeerd en is erg belangrijk voor de aantrekkelijkheid van het wonen in Nieuw Den Helder. De inzet hierop zetten we door, zodat Nieuw Den Helder verder ontwikkeld van een wijk aan de duinen tot een wijk in de duinen. De oostrand van de wijk vraagt om duidelijke, kwalitatief goede invulling die aansluit bij de landschappen om de wijk heen. In het gebied ligt voldoende ruimte om verschillende vraagstukken een plek te geven, maar om het gebied een kwaliteitsimpuls te geven is een zorgvuldige transformatie noodzakelijk.

Voor de komende jaren zetten we in op deze drie hoofdrichtingen voor de verdere ontwikkeling van de wijk. Hiermee geven we richting voor de toekomst, in de vorm van ambities en inspirerende voorbeelden voor nieuwe ontwikkelingen en verbetering van de bestaande omgeving. Daarnaast blijft er constante aandacht voor leefbaarheid, veiligheid en onderhoud in de wijk, aangezien dit de basis vormt om ergens prettig te wonen, te werken en te ontspannen.

10.2 Van wijk aan de duinen naar wijk in de duinen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Nieuw Den Helder heeft een unieke ligging met de duinen en het strand op een steenworp afstand. Als gevolg van de snelle, seriematige woningbouw uit de wederopbouw, met name gericht op het bereiken van kwantitatieve productie, is deze unieke ligging echter slechts weinig voelbaar in de wijk. In de oorspronkelijke architectuur en openbare ruimte komt het duinlandschap niet terug en een groot deel van de overgang van de wijk naar het duingebied heeft een niet toegankelijke functie (sport, verblijfsrecreatie). Hierdoor is er sprake van een scherpe grens tussen het duingebied enerzijds en de wijk anderzijds.

Lange tijd is Nieuw Den Helder hierdoor vooral een wijk aan de duinen geweest. Met de realisatie van het Duinparkplan sinds de jaren ’90 door de Woningstichting is hier een kentering in gekomen. De (kunstmatige) duinen zijn duidelijk zichtbaar in de wijk en vormen een uniek landschap om in te wonen en te ontspannen. Ook de nieuw gerealiseerde woningen binnen het plan sluiten qua architectuur en materialen aan op het karakter van het duingebied. Met deze ontwikkeling zijn de duinen de wijk binnengehaald. De aantrekkingskracht van het duinlandschap, de nieuwe woningen en opgeknapte voorzieningen heeft het imago van Nieuw Den Helder, dat lange tijd behoorlijk negatief was, een stevige impuls gegeven. We zetten in op het enerzijds meer toegankelijk maken van de duinrand en anderzijds op het meer de wijk in trekken van het duinlandschap.

Streepjesberg

De westrand van de wijk wordt voor een belangrijk deel ingenomen door de Streepjesberg. Het gebied heeft van oudsher de functie van sportterrein. De ligging van het sportpark, op de overgang tussen duinen en de wijk, is landschappelijk erg aantrekkelijk en wordt zeer gewaardeerd. Tegelijk zorgt het beperkt openbare karakter van een sportterrein ervoor dat er sprake is van een harde grens tussen de wijk en het duingebied. Het zuidelijke deel van sportpark Streepjesberg is niet meer in gebruik als sportterrein en ligt inmiddels enige tijd braak. We zetten in op een transformatie van deze voormalige voetbalvelden naar (toegankelijke) natuur, waardoor er een zachtere overgang tussen de wijk en het beschermde duingebied ontstaat en bewoners meer mogelijkheden krijgen om het duingebied te bezoeken en te beleven.

Donkere Duinen/Mariëndal

De gebieden Donkere Duinen/Mariëndal vormen gezamenlijk het belangrijkste recreatiegebied van Nieuw Den Helder en heel Den Helder. De combinatie van bosnatuur (Donkere Duinen) en gemengd binnenduinrandlandschap (Mariëndal) vormt voor bewoners en bezoekers een zeer aantrekkelijk gebied om te wandelen, te fietsen, te bezoeken of op een andere manier van te genieten. Met duurzaamheids- en natuureducatiecentrum De Helderse Vallei heeft het gebied een belangrijke publiekstrekker, die een belangrijke rol speelt op het gebied van educatie, ontwikkeling en bewustwording rondom o.a. natuur, duurzaamheid en gezondheid. Rondom De Helderse Vallei zijn ook een aantal andere toeristische/recreatieve voorzieningen geclusterd, zoals horeca, een klimpark en een openlucht theater. De aantrekkingskracht van het gebied, in de beperkte schaal en beschermde karakter van een groot deel van de natuur in het gebied zorgen voor spanning tussen natuurwaarden en recreatieve (ontwikkel)mogelijkheden. We zetten in op een goede balans tussen beiden en zorgen voor een kader om deze balans te behouden.

Gezien het belang van dit recreatiegebied voor de wijk zetten we in op een goede toegankelijkheid vanuit de wijk. We zorgen voor aantrekkelijke, veilige routes voor verschillende vervoersmiddelen. Een barrière voor de toegankelijkheid wordt gevormd door het campingterrein ten noorden van de Donkere Duinen. Bij de toekomstige invulling van dit terrein zetten we in op toegankelijkheid, zodat het terrein geen/minder een barrière tussen wijk en Donkere Duinen vormt, en behoud van natuurwaarden van de omringende beschermde natuur.

Duingebied & stranden

Achter de Donkere Duinen ligt het beschermde duingebied, dat met uitzondering van de aanwezige (fiets)paden en strandopgangen niet toegankelijk is. De recreatiedruk op dit gebied wordt hiermee zo laag mogelijk gehouden. De opgangen naar de stranden vormen wel belangrijke verbindingen, als toezicht vanuit de wijk en de rest van Den Helder naar het strand. Met name het strand rondom strandopgang Duinoord heeft een belangrijke functie voor zowel de wijk als de hele gemeente als recreatiestrand met een grote parkeerplaats en jaarrond faciliteiten. Het strand rondom strandopgang Donkere Duinen heeft en behoudt een rustiger karakter als natuurstrand.

Afbeelding: Provinciale strandzonering ter hoogte van Nieuw Den Helder, met Duinoord als recreatiestrand (rood) en Donkere Duinen als natuurstrand (groen).

Naast het toegankelijker maken van de overgangsgebieden tussen wijk en duingebied zetten we in op het doortrekken van het duinlandschap de wijk in. In flinke delen van de wijk is het duinlandschap niet of nauwelijks zichtbaar en voelbaar, terwijl dit grote kansen biedt voor de kwaliteit en de aantrekkingskracht van de wijk. Daarom zetten we erop in om Nieuw Den Helder verder te ontwikkelen tot een wijk die overduidelijk in de duinen ligt. Hierbij focussen we met name op de westrand van de wijk, waar de afstand tot het duingebied klein is en een goede overgang tussen wijk en duingebied goede verbindingen voor de hele wijk oplevert. Door de wijk lopen vijf grote oost-west verbindingen die uitkomen in het duingebied. Langs deze verbindingen zetten we in om het (binnen)duingebied meer de wijk in te laten lopen, door middel van de inrichting van de openbare ruimte en architectuur en materiaalgebruik van gebouwen.

Meidoornstraat/Jan Verfailleweg

Langs de Meidoornstraat en Jan Verfailleweg is enige jaren geleden de oude bebouwing, bestaande uit gestapelde bouw, gesloopt als onderdeel van de transformatie van de wijk. Insteek is om het gebied dekomende jaren te herontwikkelen, met name in de vorm van eengezinswoningen. Een belangrijke kans die hierbij gezocht wordt is om het duinlandschap meer te laten terugkomen in het gebied en hiermee een betere verbinding te realiseren tussen het duingebied en de openbare ruimte en landschap van het Duinpark. Een belangrijke voorwaarde om landschappelijk een goede aansluiting te maken is een toekomstige herinrichting van de Jan Verfailleweg. We streven ernaar om de weg de uitstraling van een laan te geven, door het toevoegen van bomen en ander groen en het realiseren van andere typen woningen langs de weg. De weg behoudt een belangrijke ontsluitingsfunctie voor de wijk, maar wordt aantrekkelijker en veiliger gemaakt voor langzaam verkeer.

Duinroosstraat

De openbare ruimte tussen de Duinroosstraat/Berkenlaan en de Elzenstraat biedt veel kansen om het duinlandschap verder de wijk in te krijgen. Door de opzet van dit deel van de wijk lopen er veel minder noord-zuid verbindingen dan ten noorden en ten zuiden van dit gebied. Bovendien zorgt de huidige gestapelde bouw voor een grotere hoeveelheid openbare ruimte en langere zichtlijnen. We zoeken mogelijkheden om het duinlandschap zichtbaarder te maken in de openbare ruimte van het gebied en zetten in op een aantrekkelijke verbinding naar het duingebied. Bij toekomstige aanpassingen/transformatie van de opzet van het gebied houden we rekening met deze ambitie en zetten we in op verdere versterking van de landschappelijke verbinding.

Landje van Berts

Het Landje van Berts vormt de overgang tussen de wijk en het binnenduinrandlandschap van Mariëndal, inclusief natuureducatiecentrum De Helderse Vallei. Het groene karakter van het gebied vraagt niet perse om een andere invulling, maar de ontoegankelijkheid van het gebied maakt het een barrière tussen de wijk en de omgeving. Een landschappelijke ontwikkeling die de wijk en Mariëndal beter verbindt kan een meerwaarde betekenen. Om deze ruimte open te laten heeft het gebied een status als zoekgebied voor een mogelijke ontwikkeling na 2030. Binnen een landschappelijke ontwikkeling zijn zeer kleinschalige ontwikkelingen (denkrichting enkele tot een handvol (recreatie)woningen) niet ondenkbaar. Het landschappelijke belang geldt op deze locatie echter als hoogste prioriteit. Als alternatief voor een landschappelijke ontwikkeling kan ook worden gekeken naar mogelijkheden om de wijk en Mariëndal door het bestaande landschap beter te verbinden.

10.3 Een meer gemengde, verbonden en toekomstbestendige wijk

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Woonbuurten & openbare ruimte

Zoals in de inleiding van deze deelvisie al werd geschetst sloot de kwaliteit en opzet van de wijk al betrekkelijk snel na de oplevering niet meer aan bij de woonbehoeften van veel inwoners en leidde dit, in combinatie met de eenzijdige opzet van de wijk, tot serieuze problemen op het gebied van leefbaarheid. Om de onderliggende problemen aan te pakken wordt al langere tijd ingezet op een transformatie van de wijk, waarbij het vervangen van gestapelde bouw door eengezinswoningen en gebruik maken van de aanwezigheid van de duinen de belangrijkste ingrediënten zijn. In de transformatie van de wijk zijn het Duinpark, het Kreekpark en de tiny houses in de Falgatuinen succesvol gerealiseerde voorbeelden van deze aanpak. Er is nog niet in iedere (woon)buurt gewerkt aan transformatie. Hierdoor kent de wijk nog steeds veel buurten met een (behoorlijk) eenzijdige opzet en woningaanbod.

Als gevolg van de grote druk op de woningmarkt heroverwegen we het volledig vervangen van gestapelde bouw door eengezinswoningen en zoeken we kansen om bestaande bouw her te gebruiken. Dit biedt kansen om er op in te zetten om via een combinatie van transformatie en renovatie meer gemengde woonbuurten te realiseren, waarin sprake is van een divers aanbod aan woningtypen en menging tussen verschillende typen bewoners kan gaan ontstaan. Een belangrijke randvoorwaarde hierbij is het aantrekkelijker en toekomstbestendiger maken van de bestaande (voornamelijk) gestapelde bouw. Door de leeftijd van de gebouwen en het gebruik van veel goedkope materialen in de periode van de Wederopbouw zijn veel woningen weinig duurzaam en sluit de kwaliteit niet meer aan bij de wensen en eisen van deze tijd. We zetten in op het toekomstbestendig maken van de woningen en gebouwen die passen binnen de transformatie van de wijk. Hierbij hebben we ook oog voor (mogelijke) cultuurhistorische waarden in de bestaande omgeving, bijvoorbeeld op het gebied van architectuur uit de Wederopbouw of Post ’65 (periode 1965-heden). Bijzondere elementen zijn bijvoorbeeld de Nicolaaskerk en de buurt Jeruzalem (Wederopbouw) en Het Koggeschip (Post ’65). We faciliteren en stimuleren maatregelen om energie te besparen in bestaand vastgoed, zoals het isoleren van woningen, en de overgang naar duurzame energiebronnen. Per buurt brengen we in kaart wat het meest geschikte alternatief voor aardgas is en hoe deze transitie geraliseerd kan gaan worden. Waar gekozen wordt voor sloop en nieuwbouw realiseren we kwalitatief goede en aantrekkelijke woningen die voldoen aan alle eisen met betrekking tot duurzaamheid en toekomstbestendigheid. Op deze manier draagt de transformatie van de wijk bij aan een meer gemengde en toekomstbestendige wijk.

Ook zetten we in op het toekomstbestendiger maken van de openbare ruimte. In de wijk is relatief veel openbare ruimte aanwezig en de aanwezigheid van de duinen biedt bovendien een grote hoeveelheid groen op korte afstand. De openbare ruimte is in sommige buurten echter weinig aantrekkelijk en het karakter van Nieuw Den Helder als aantrekkelijke, groene wijk in de duinen is niet overal voelbaar. Ook domineren een aantal doorgaande autoroutes de structuur van de wijk en staan deze op sommige plekken een goede verbinding tussen de buurten en tussen de wijk en de omgeving in de weg. We zetten verder in op een kwaliteitsimpuls voor de openbare ruimte, waarbij we de wijk vergroenen enaansluiten op het karakter van het duinlandschap in en om de wijk. Met het toevoegen van extra groen maken we de wijk aantrekkelijker en houden we meer water vast, wat helpt om bestand te zijn tegen zowel extreme regenval als langere periodes van droogte en hitte. Woningen koppelen we zoveel mogelijk af van het hemelwaterriool, waardoor regenwater wordt opgevangen in de openbare ruimte en geen extra druk op het rioolsysteem legt.

In de openbare ruimte zetten we in op een prominentere rol voor langzaam verkeer (fietsen en wandelen). Waar mogelijk schalen we wegen binnen woonbuurten af naar maximaal 30 km/u, waardoor de verkeersveiligheid voor alle verkeersdeelnemers toeneemt. Indien dit mogelijk is, bijvoorbeeld door het karakter van de weg als hoofd(ontsluitings)weg of door de verkeersintensiteit, zetten we in op het scheiden van de verschillende verkeersstromen. Hierdoor kan langzaam verkeer ook op een veilige wijze gebruik maken van deze wegen. Door de opzet van de wijk moet het langzaam verkeer vaak gebruik maken van de hoofdverbindingen om zich tussen buurten of tussen de wijk en de omgeving te verplaatsen. Bij transformatie van de wijk zoeken we naar mogelijkheden om aparte fiets- en wandelroutes aan te leggen en zo de wijk onderling meer te verbinden. Een voorbeeld hiervan is de route Markstraat – Beerzestraat, die als gevolg van ontwikkelingen in het Kreekpark en de Falgatuinen een nieuwe noord-zuidverbinding door de wijk vormt.

Wijkwinkelcentra

Nieuw Den Helder kent twee wijkwinkelcentra, de Marsdiepstraat en de Duinpassage, die tevens fungeren als centrumgebieden voor de wijk. Beide gebieden houden hun centrumfunctie en we zetten in op het versterken van de toekomstbestendigheid van deze gebieden. Hierbij investeren we in de kwaliteit van de openbare ruimte en zorgen we dat deze behalve schoon, heel en veilig ook aantrekkelijk is om te bezoeken en om (langere tijd) in te verblijven, passend bij het karakter als centrumgebied.

Daarnaast kijken we met betrokken partijen naar mogelijkheden om ook het vastgoed (detailhandel, maar ook andere functies) in deze gebieden aantrekkelijk en toekomstbestendig te krijgen en te houden, als belangrijk onderdeel van de kwaliteit van het centrumgebied. Investeringen in de kwaliteit faciliteren en stimuleren we. Naast een goed aanbod aan detailhandel zijn (wijk)centrumgebieden ook locaties waar verschillende andere functies een plek kunnen krijgen, zoals wonen, maatschappelijke voorzieningen en horeca. We zetten in op een aantrekkelijke mix tussen functies, waardoor centrumgebieden veel verschillende functies en activiteiten bieden aan ons inwoners en minder kwetsbaar zijn voor veranderingen in voorkeuren in (winkel)gedrag, zoals meer online winkelen.

10.4 Transformatie oostrand tot nieuw, aantrekkelijk deel van de wijk

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

In de oostrand van Nieuw Den Helder zijn in de loop der jaren verschillende typen voorzieningen terecht gekomen. Deels is dit voortgekomen uit spontane ontwikkelingen die zich voor hebben gedaan als kans (bijvoorbeeld het AZC op De Dogger), maar deels is ook ruimte gegeven voor ontwikkeling tot een ‘gemengd voorzieningengebied’. Door deze grote verscheidenheid aan ontwikkelingen heeft het gebied geen duidelijk karakter en weinig uitstraling als rand van de wijk en ingang van de stad vanaf Julianadorp. Bovendien is er in toenemende mate sprake van leegstand en achteruitgang van onderhoud en uitstraling van de gebouwen. Het gebied kent dus een aantal duidelijke uitdagingen, maar biedt tegelijkertijd veel ruimte voor nieuwe ontwikkelingen, zoals woningbouw, flexibel wonen en ruimte voor ondernemen. Met een zorgvuldige transformatie van de oostrand van wijk liggen er kansen om dit een aantrekkelijk deel van de wijk te laten zijn, met sterke verbindingen met het landschap van De Stelling en De Nollen.

Drs. F. Bijlweg en schootsveld Fort Dirksz Admiraal

Voor het Drs. F. Bijlweg gebied, momenteel een gemengd voorzieningencluster, zetten we in op transformatie voor 2030. Het gebied kampt met veel leegstand en diverse partijen overwegen op dit moment hun toekomst in dit gebied. De grootte en de centrale ligging van dit gebied binnen de gemeente bieden gunstige voorwaarden om dit gebied te transformeren. We zetten hierbij in op een transformatie richting een gemengde woonbuurt. De sterke groen- en landschapsstructuren van De Stelling en De Nollen in de nabijheid van het gebied bieden goede kansen om een aantrekkelijk woonklimaat te realiseren. Qua voorzieningen kan de nieuwe buurt terecht in de centrumgebieden in Nieuw Den Helder, de Marsdiepstraat en de Duinpassage, terwijl ook het Stadshart goed te bereiken is.

Binnen de transformatie van het Bijlweg gebied geven we ruimte aan de ontwikkeling van Scholen aan Zee. Het voortgezet onderwijs wil zich clusteren op één centrale locatie in Den Helder, die goed bereikbaar is met alle vervoersmiddelen. Dit cluster draagt inhoudelijk en ruimtelijk bij aan Den Helder als maritiem kenniscentrum. We zetten in op een ontwikkeling in Nieuw Den Helder, waarbij een herontwikkeling op de huidige positie aan de Drs. F. Bijlweg de zoekrichting is. We zoeken hierbij samenhang met ander onderwijsaanbod in de omgeving zoals Tetrix, met een breed aanbod techniekopleidingen op MBO (middelbaar beroepsonderwijs) niveau.

Een belangrijke kans voor het realiseren van een aantrekkelijk woonmilieu in het Bijlweg gebied is het afwaarderen van het verkeersknooppunt op de Waddenzeestraat. De schaal van het huidige knooppunt, met een ongelijkvloers kruispunt, is niet noodzakelijk voor de werkelijke verkeersstromen. Dit biedt de kans om voor de toekomst te kiezen voor een kleinschaligere oplossing, bijvoorbeeld in de vorm van een rotonde of gelijkvloers kruispunt. Hierbij zetten we ook in op het afwaarderen van het gedeelte van de Nieuweweg door Fort Dirksz Admiraal tot een fietsverbinding en het beter zichtbaar maken van het Fort Dirksz Admiraal en het linielandschap vanuit Nieuw Den Helder. Hiermee komt Nieuw Den Helder veel meer voelbaar aan De Stelling te liggen.

In de rand van het schootsveld van Fort Dirksz Admiraal, tussen de Waddenzeestraat en de Texelstroomlaan, wijzen we een zoekgebied voor ontwikkeling na 2030 aan. Een aantrekkelijke ontwikkeling op deze locatie biedt aanvullende kansen om Nieuw Den Helder meer te verbinden met De Stelling en meer functies toe te voegen langs verbindingsassen tussen de verschillende wijken (Texelstroomlaan en Waddenzeestraat). Een eventuele ontwikkeling dient goed ingepast te worden in de landschappelijke en cultuurhistorische structuur van De Stelling.

Aan de oostzijde van de Nieuweweg, ten noorden van De Nollen, wijzen we een zoekgebied voor ontwikkeling na 2030 aan. Een kleinschalige ontwikkeling op deze locatie biedt kansen om de entree van Den Helder via de Nieuweweg kwalitatief te versterken en woningen in een groene omgeving toe te voegen. Voorwaarde voor verdere uitwerking van dit zoekgebied is het afwaarderen van het verkeersknooppunt op de Waddenzeestraat. Samenhang bij deze ontwikkeling kan worden gezocht met de transformatie van het Drs. F. Bijlweg gebied en het landschap van het Nollenproject.

De Nollen

Het Nollengebied vormt een zeer bijzonder landschap in Den Helder. Als (voormalig) opgestoven duin in het binnenland is het een bijzonder aardkundig element. In de afgelopen decennia is dit bijzondere gebied door menselijke inzet zichtbaar en toegankelijk gemaakt en verder ingericht. In het noordelijke deel van het gebied heeft kunstenaar Rudi van de Wint (†) het gebied ingericht als een combinatie van landschap en een aantal van zijn bijzondere kunstwerken van cortenstaal. Het gebied is op afspraak te bezoeken en wordt door cultuurliefhebbers hoog aangeschreven. Het zuidelijke deel van het gebied is grotendeels ingericht als natuurgebied. Het noordelijkste gedeelte van het zuidelijke deel wordt ingenomen door het onafgebouwde museum De Nollen. We zetten in op de afbouw en opening van het museum, als belangrijke culturele bezienswaardigheid voor de gemeente Den Helder, en faciliteren hierin waar mogelijk.

Bij Station Zuid, gelegen op de grens tussen Nieuw Den Helder en De Schooten, wordt ingezet op een gebiedsontwikkeling. In verband met de kortere afstand zal deze ontwikkeling vooral (functionele) samenhang met De Schooten krijgen. In deze ontwikkeling worden enkele tientallen nieuwe woningen gerealiseerd en daarnaast stevig ingezet op het aantrekkelijker en leefbaarder maken van de stationsomgeving. Het gebied wordt sociaal veiliger en het landschap van De Nollen wordt doorgetrokken en vormt de onderlegger voor het stationsgebied. Ook omvat de gebiedsontwikkeling het realiseren van een fietstunnel onder het spoor door, zodat een directere fietsverbinding tussen De Schooten en Nieuw Den Helder ontstaat en fietsers bij het station niet meer af hoeven te stappen. Hiermee wordt de verbinding tussen beide wijken sterk verbeterd, wat (nieuwe) inwoners van de oostrand van Nieuw Den Helder ten goede komt. Tevens zetten we in op een herinrichting van de burgemeester Ritmeesterweg tussen Station Zuid en de rotonde Nieuweweg/Burgemeester Ritmeesterweg, zodat fietsers en wandelaars meer ruimte krijgen en een betere oversteek gerealiseerd kan worden tussen museum De Nollen en het tegenovergelegen kunstlandschap.

De bijzondere kwaliteit en uitstraling van het Nollengebied maken we beter zichtbaar en bereikbaar vanuit Nieuw Den Helder, als onderdeel van het versterken van de aantrekkelijkheid van de oostrand van Nieuw Den Helder. Ook zetten we in op het beter verbinden van het Nollengebied met De Stelling, waarvoor goede kansen ontstaan bij afwaardering van het knooppunt in de Waddenzeestraat bij Fort Dirksz Admiraal.

Burgemeester Ritmeesterweg

Aan de Burgemeester Ritmeesterweg en de directe omgeving hiervan zijn nog een aantal winkels voor perifere en grootschalige detailhandel te vinden. We zetten in op concentratie van grootschalige detailhandel op het Ravelijncenter, als sterk, toekomstbestendig cluster voor deze activiteit. De bestaande activiteiten op het gebied van grootschalige detailhandel aan de Burgemeester Ritmeesterweg zien we op termijn verdwijnen of afbouwen, waarmee op langere termijn (na 2030) ruimte ontstaat voor transformatie van het gebied. Door de ligging, tussen bedrijventerrein De Dogger en de nieuwe woonbuurt die na transformatie rond de Bijlweg zal gaan ontstaan, kan het gebied een belangrijke schakelfunctie tussen beiden invullen. Daarom wordt op een toekomstige transformatie naar een gemengd woon-werkgebied ingezet, waarbij ruimte is voor wonen en/of lichte bedrijvigheid. Afhankelijk van de toekomstige vraag naar deze functies kan de verhouding tussen de functies in het gebied worden bijgesteld.

De Dogger

Bedrijventerrein De Dogger behoudt zijn functie als bedrijventerrein richting de toekomst. In verband met de nabijheid van bestaande en toekomstige woonfuncties zetten we hier in op lichte bedrijvigheid. Lange tijd kende het terrein nog veel uitgeefbare ruimte, maar de afgelopen jaren is een behoorlijk deel van het terrein uitgegeven. De voorziene transformatie van het gebied rondom de Burgemeester Ritmeesterweg na 2030 en de aanwezigheid van twee tijdelijke grootschalige zonneparken biedt mogelijk kansen om op langere termijn extra ruimte voor bedrijvigheid te realiseren en hiermee bij te dragen aan de beschikbaarheid van ontwikkelruimte voor bedrijven/ondernemers dicht bij de bestaande stad.

Op De Dogger geven we met het oog op de grote druk op de woningmarkt tijdelijk ruimte voor zogeheten tijdelijk/flexibel wonen, een vorm van wonen waarbij inwoners die door omstandigheden niet terecht kunnen in de reguliere woningmarkt een tijdelijke woning kunnen huren en vandaar kunnen doorstromen richting de reguliere woningmarkt. Het gaat hierbij om een reguliere vorm van wonen. Bijzondere vormen van wonen, zoals met vormen van zorg of begeleiding, krijgen hierbinnen geen plek. Daarnaast is De Dogger een zoekgebied voor geconcentreerde huisvesting van arbeidsmigranten. Ook voor deze groep inwoners is het lastig om goede huisvesting te vinden. Geconcentreerde huisvesting biedt een van de oplossingen om deze problemen op te lossen.

11Deelvisie De Schooten

11.1 Inleiding en context

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De woonwijk De Schooten kenmerkt zich door een ruime opzet volgens de principes van het “moderne bouwen”. Opvallend daarin zijn de buurten die opgebouwd zijn door middel van herhaling van bepaalde woningtypes. De buurten liggen gegroepeerd rond een centraal centrumgebied, waarin naast woningen ook voorzieningen aanwezig zijn, zoals een park, sport, winkels, scholen en kerken. Door deze opzet is de woonwijk sterk naar binnen gekeerd en introvert van karakter. Rond de woonwijk liggen ruime groenstructuren. De aansluitingen op het omliggende landschap en de rest van Den Helder zijn niet heel duidelijk. Onderstaande kaart laat de relatief geïsoleerde ligging van De Schooten duidelijker zien. Binnen de wijk overheerst een ruime en groene opzet, maar ook het sterke doorgaande autokarakter van de wegen. Er ligt weinig nadruk op de verblijfskwaliteit in de openbare ruimte.

Naast de planmatig gebouwde woonbuurten bestaat De Schooten verder uit een aantal andere gebieden: grootschalig park voor sport en recreatie Quelderduijn, bedrijventerreinen Ambachtsweg & Westoever en het Ravelijncentrum, het centrum in de gemeente Den Helder voor grootschalige detailhandel. Een buurt met een bijzonder karakter is Boatex. De buurt is eind jaren ’70, na afronding van de bouw van De Schooten, als nieuwe woonbuurt met een duidelijke, eigen identiteit ontwikkeld. Uniek aan de buurt is de ligging van alle woningen aan doorgaand vaarwater, met een eigen ligplaats voor iedere woning. De architectuur van de woningen is geïnspireerd op Brighton in Zuid-Engeland. Historisch gezien is De Schooten interessant door de aanwezigheid van de archeologische restanten van Torp, de oudste nederzetting in Den Helder uit de vroege Middeleeuwen.

De Schooten wordt omringd door een aantal landschappelijk aantrekkelijke gebieden, die niet allemaal even eenvoudig te beleven zijn vanuit de wijk. Aan de westzijde vormt de spoorlijn een barrière tussen De Schooten en het landschap van De Nollen. Aan de oostzijde ligt de Waddenzee op een steenworp afstand, maar het is niet mogelijk om direct vanuit de wijk richting het Wad te gaan. De Stelling (aan de noordzijde) en de Koegraspolder (aan de zuidzijde) zijn beter verbonden met de wijk, door middel van fiets- en wandelroutes.

Afbeelding: luchtfoto van de wijk De Schooten in aanbouw

Onderstaande tekening toont het oorspronkelijke plan van Wieger Bruin, de stedenbouwkundige die verantwoordelijk was voor de wederopbouw van Den Helder, voor De Schooten. Opvallend is dat het gebied Quelderduyn, oorspronkelijk bedoeld was als sportpark. Wat ook opvalt is de doorlopende singelstructuur waaraan een grote vijver was gelegen. Daarnaast liep de Ravelijnweg in dit plan nog gelijkvloers door over het spoor.

De buurtmonitor (onderstaand diagram) geeft een indruk hoe De Schooten ‘scoort’ op verschillende criteria. Daaruit blijkt dat de wijk het gemiddeld goed doet ten opzichte van de andere wijken binnen Den Helder. Ook wordt zichtbaar dat er relatief veel oudere mensen wonen. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat de wijk veel slechter scoort op het gebied van gezondheid en langdurige ziekte. In de wijk wonen momenteel circa 9.000 inwoners. De verwachting is dat dit de komende jaren redelijk constant zal blijven.

Vanuit de hierboven geschetste context komt naar voren dat De Schooten een wijk is die in de meeste opzichten goed functioneert. Veel bewoners geven aan met plezier in de wijk te wonen en van grootschalige problematiek is geen sprake. Dit zorgt voor een solide basis voor de toekomst, maar betekent niet dat er in De Schooten geen uitdagingen of vraagstukken zijn die vragen om richting voor de toekomst. Aandacht wordt vooral gevraagd voor de kwaliteit van de openbare ruimte (met name qua groen), het bieden van goede, aantrekkelijke plekken om elkaar te ontmoeten, de beschikbaarheid van woningen voor verschillende groepen die in de wijk willen blijven of zich hier nieuw willen vestigen en meer variatie in de woningvoorraad in de wijk om hier beter op in te spelen.

We zetten de komende jaren in op drie hoofdrichtingen voor de wijk, om zo De Schooten toekomstbestendiger te maken en de kwaliteit van de wijk om in te wonen, te werken en te ontspannen te vergroten. De focus ligt hierbij op het toekomstbestendiger maken van de openbare ruimte en de woningvoorraad, het verbeteren van verbindingen tussen de wijk en het omliggende landschap en de rest van de stad en inzet op het aantrekkelijker en levendiger maken van het centrum van de wijk.

11.2 Een toekomstbestendige wijk met een thuis voor iedereen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Kenmerkend voor De Schooten is de ruime opzet, met brede straten en groenstroken tussen (met name) rijen woningen. Het centrum van de wijk bevat voorzieningen en enkele flat/appartementengebouwen. Bij de realisatie van de wijk was de opzet modern te noemen, maar enkele tientallen jaren later is een deel van de openbare ruimte aan vervanging toe, zijn sommige inzichten veranderd en komen nieuwe ontwikkelingen als de energietransitie, klimaatverandering en vergrijzing op de wijk af. Dit vraagt om een herziening van de openbare ruimtes in de wijk, waaronder straten, stoepen, fietspaden en groengebieden.

Sommige ontwikkelingen stellen daarnaast ook andere eisen aan de woningen. De energietransitie vraagt bijvoorbeeld om meer isolatie in woningen dan tijdens de bouw doorgaans is gerealiseerd en veranderingen in de bevolkingsopbouw van de wijk maken dat nu andere woningen gewenst en noodzakelijk zijn dan bij de realisatie van de wijk. Er is bijvoorbeeld sprake van veel vraag naar gelijkvloers, levensloopbestendige woningen voor senioren, maar het aanbod in de wijk is slechts beperkt. Mede hierdoor is er weinig doorstroming op de woningmarkt. Ook het feit dat er weinig variatie in woningtypen in de wijk is maakt dat doorstroming extra lastig is. Er is behoefte aan meer woningen, maar met name ook aan meer verschillende typen woningen om zoveel mogelijk mensen een goed passende woning in De Schooten te bieden.

Woonbuurten & openbare ruimte

We zetten in op het toekomstbestendig maken van de wijk. Hiervoor is een brede aanpak van de gebouwde omgeving nodig, waarbij zowel gekeken wordt naar de openbare ruimte als naar de woningen en gebouwen. In de openbare ruimte liggen veel kansen om de (zeer) brede, versteende straten te versmallen en de ruimte die hiermee vrijkomt te gebruiken voor het toevoegen van extra groen en water in straten. Hoewel De Schooten al een behoorlijk groene wijk is hebben we de ambitie om het groen een prominentere plek te geven in het straatbeeld. Dit willen we bereiken door bomen zoveel mogelijk dicht langs wegen, straten en paden te planten.

Door deze ingrepen wordt de openbare ruimte aantrekkelijker en beter bestand tegen een veranderend klimaat met een groter risico op wateroverlast door hevige regenval in korte periode. Woningen koppelen we zoveel mogelijk af van het hemelwaterriool, waardoor regenwater wordt opgevangen in de openbare ruimte en geen extra druk op het rioolsysteem legt.

Indien in de wijk ruimte ontstaat om door middel van nieuwbouw of herontwikkeling meer diversiteit in het aanbod van woningen aan te brengen geven wij hier in principe ruimte aan. Met het oog op de grote druk op de woningmarkt stellen we wel als voorwaarde dat de totale hoeveelheid woningen niet zal dalen als gevolg van de ontwikkeling. Ook kijken we actief naar kansen om de woningvoorraad te vergroten met creatieve oplossingen, zoals ‘optopwoningen’ (nieuwe woningen plaatsen bovenop bestaande flats/appartementen), wonen boven andere functies zoals winkels en het splitsen van (zeer) grote woningen.

In bestaande woningen en gebouwen zetten we in op het aanbrengen van meer isolatie, zodat de hoeveelheid energie die nodig is lager wordt en energiearmoede (een groot deel van het inkomen van een huishouden moeten besteden aan energie) zoveel mogelijk wordt teruggedrongen. Voor (sociale) huurwoningen speelt de Woningstichting hier een belangrijke rol in met een actieve verduurzamingsaanpak. Particuliere woningeigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor de verduurzaming, maar kunnen bij de gemeente terecht voor informatie, ondersteuning en subsidieregelingen. Hiermee wordt ingezet om het energiegebruik in de wijk de komende jaren omlaag te brengen. Daarnaast zetten we in op het verduurzamen van het resterende energieverbruik, bijvoorbeeld via het opwekken van duurzame energie met zonnepanelen. Ook hebben we de ambitie om aardwarmte, via het aanleggen van een geothermische bron op de bedrijventerrein Westoever, te gebruiken om op een duurzame manier de wijk van warmte te voorzien.

De ambitie om aardwarmte in te zetten als duurzame warmtebron biedt kansen voor De Schooten. Niet alleen zetten we in op de aanleg van een warmtenet in de wijk om deze duurzame warmtebron aan te bieden voor bewoners, ondernemers en organisaties in de wijk en hen hiermee te ontzorgen wat betreft de energietransitie, ook vraagt de inpassing van een warmtenet om grootschalige herinrichting van de openbare ruimte, waarmee ook de andere ambities wat betreft de openbare ruimte gerealiseerd kunnen worden.

11.3 De Schooten wordt beter verbonden met het landschap en de rest van de stad

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

We streven naar betere verbindingen tussen De Schooten en haar omgeving, zowel met het landschap als met de andere wijken van Den Helder. De wijk ligt relatief geïsoleerd ten opzichte van de rest van de stad en ook het omliggende landschap is niet overal eenvoudig te bereiken. Door in te zetten op versterking van huidige routes en structuren en het oplossen van knelpunten wordt De Schooten beter verbonden met haar omgeving. Langs verschillende verbindingen ligt ook ruimte om woningen toe te voegen en op deze manier een deel van de groei van de stad in De Schooten een plek te geven.

Rehorstpark & Quelderduijn

Het Rehorstpark is door het viaduct in de Ravelijnweg/Waddenzeestraat momenteel al goed verbonden met Quelderduijn. Hiermee is er sprake van een doorlopend parkgebied tussen de Doggersvaart en De Stelling en vanaf daar verder richting het station en het Stadshart. We hebben als ambitie om dit parkgebied te versterken tot een duidelijke recreatieve route tussen De Schooten en Stad binnen de Linie. We versterken de natuurwaarden langs deze verbinding en maken het toegankelijk met een breed fiets- en wandelpad. Het Rehorstpark houdt hiermee zijn positie als groene rand van de wijk.

Voor Quelderduijn kiezen we voor meer differentiatie in het gebruik. De westzijde, onderdeel van het lineaire park tussen De Schooten en Stad binnen de Linie, krijgt een duidelijker natuurlijk karakter. De natuur krijgt hier meer ruimte en alleen minder intensief recreatief gebruik krijgt hier ruimte. Aan de oostzijde van Quelderduijn is ruimte voor intensiever recreatief gebruik, bijvoorbeeld in de vorm van sport en af en toe een (groter) evenement. Bij een toekomstige herinrichting van de ongelijkvloerse kruising tussen de Waddenzeestraat en de Nieuweweg is het belangrijk dat dit lineaire parkgebied goed wordt geborgd.

Schootenweg

Langs de Schootenweg loopt een tweede fietsroute tussen De Schooten en Stad binnen de Linie. Het huidige vrij liggende fietspad is verkeerskundig de meest optimale oplossing, maar de (beleefde) sociale veiligheid van de route is niet optimaal. Dit komt voornamelijk door het gebrek aan sociale controle, met name in de avond- en nachturen wanneer er weinig tot geen activiteiten zijn in Quelderduijn en op het bedrijventerrein Westoever. Hierdoor wordt de fietsroute niet door iedereen als prettig ervaren en draagt de situatie bij aan de (gevoelde) afstand tussen De Schooten en de rest van de stad. Tegelijkertijd bieden Quelderduijn en bedrijventerrein Westoever ruimte om een deel van de groeiopgave van de stad een goede plek te bieden.

Aan de Schootenweg zien we daarom op langere termijn (na 2030) mogelijkheden om woonfuncties toe te voegen, om zo een meer gemengde omgeving te bereiken en bij te dragen aan een sterkere samenhang tussen De Schooten en Stad binnen de Linie. Met name aan de noordzijde van de Schootenweg draagt het toevoegen van woonfuncties bij aan meer sociale veiligheid in het gebied en het gevoel ‘in de stad’ te fietsen of te wandelen. Hierbij kan gedacht worden aan wonen in een parkachtige omgeving langs de rand van Quelderduijn en het ontwikkelen van bedrijventerrein Westoever tot een meer gemengd woon-werkgebied. Ook het boven grootschalige detailhandel op het Ravelijncentrum langs de Schootenweg is voorstelbaar en goed in te passen. Zwaardere bedrijvigheid, die lastig samengaat met woonfuncties, is grotendeels al uit het gebied verdwenen. We zetten er op in dat door middel van transformatie zwaardere bedrijvigheid de komende jaren verder wordt afgebouwd en ruimte ontstaat voor meer functiemenging.

Aansluiting met de Waddenzee

Hoewel De Schooten hemelsbreed zeer dichtbij de Waddenzee ligt (en ook de Noordzee op relatief korte afstand te vinden is) is er eigenlijk niets in de wijk waaruit dit blijkt of waardoor de bewoners van de wijk kunnen profiteren van de nabijheid van deze prachtige landschappen. Met name het ontbreken van een verbinding tussen De Schooten en het Wad is een groot gemis voor de wijk. Barrières als het Noordhollands Kanaal en daar achter gelegen afgesloten terreinen van de Koninklijke Marine maken dat de Waddenzee momenteel slechts met een grote omweg te bereiken zijn vanuit de wijk, terwijl het Wad slechts een steenworp verwijderd is.

We streven ernaar om in de toekomst een verbinding voor langzaam verkeer over het Noordhollands Kanaal te realiseren, waarmee De Schooten wordt verbonden met de Waddenzee en Natuureducatiecentrum ’t Kuitje. Bijkomend voordeel is dat hiermee ook een recreatieve route tussen de Noordzee en de Waddenzee ontstaat, die eventueel regionaal verder verbonden zou kunnen worden langs de Waddenbaai tussen Den Helder en Den Oever.

Station Zuid & De Nollen

Aan de westzijde van de wijk vormt de spoorlijn een barrière tussen de wijk en de overzijde van het spoor, met het aantrekkelijke Nollenlandschap en de wijk Nieuw Den Helder. Bij Station Zuid zetten we in op een gebiedsontwikkeling. In deze ontwikkeling worden enkele tientallen nieuwe woningen gerealiseerd en daarnaast stevig ingezet op het aantrekkelijker en leefbaarder maken van de stationsomgeving. Met het toevoegen van woningen wordt de sociale controle in het gebied vergroot. Voor het aantrekkelijker maken van het gebied biedt het naastgelegen Nollengebied inspiratie. We zetten in op het doortrekken van het nollenlandschap tot over het spoor in de stationsomgeving. Hiermee wordt de historische situatie in feite hersteld: vóór de aanleg van De Schooten bevond zich hier ook een stuk nollenlandschap. Ook omvat de gebiedsontwikkeling het realiseren van een fietstunnel onder het spoor door, zodat een directere fietsverbinding tussen De Schooten en Nieuw Den Helder ontstaat en fietsers bij het station niet meer af hoeven te stappen.

Ravelijnweg

De Ravelijnweg heeft momenteel vooral het karakter van een doorgaande hoofdweg, die weinig verbinding heeft met de wijk De Schooten. Hoewel de Ravelijnweg/Waddenzeestraat ook in de toekomst een belangrijke functie zal hebben in de doorstroming van het verkeer vanuit alle delen van Den Helder zetten we er op in om de weg meer bij de wijk te betrekken en hier een onderdeel van te laten zijn. Dit willen we bereiken door bestaande functies langs de Ravelijnweg op de weg te laten oriënteren. Goede kansen hiervoor liggen bij het Ravelijncentrum, winkelcentrum voor grootschalige detailhandel, en de bedrijventerrein Ambachtsweg. Door deze functies een voorkant aan de Ravelijnweg te geven maakt de weg meer onderdeel uit van de structuur van de wijk. Ook liggen langs de weg op een aantal plekken kansen om nieuwe bebouwing te realiseren en de weg zo veel meer een stedelijk karakter te geven. Deze kansen zien we op langere termijn bijvoorbeeld ten noorden van de Hendrik Baskeweg en aan de zuidrand van Quelderduijn.

Torplaan

voor de wijk blijft doorstroming van het verkeer belangrijk, maar door deze weg aantrekkelijker en levendiger te maken wordt de verbinding tussen beiden verder versterkt. Met name het gedeelte van de weg langs het Ravelijncentrum en bedrijventerrein Ambachtsweg kan gevoelsmatig meer onderdeel van de wijk worden. Daarom zien we hier ruimte om op langere termijn woningbouw toe te voegen, mits dit niet ten koste gaat voor de ruimte voor grootschalige detailhandel (Ravelijncentrum) en bedrijvigheid (Ambachtsweg). Hierbij kan gedacht worden aan het toevoegen van woningen boven detailhandel/bedrijvigheid langs de Torplaan.

11.4 Het centrum van de wijk als aantrekkelijk en levendig hart

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Beeldbepalend voor het centrum van de wijk De Schooten zijn de grote vijver en winkelcentrum Schootenplaza. Door de centrale ligging zijn dit plekken in de buurt waar bewoners elkaar ontmoeten, spreken en een boodschap doen bij de ondernemers in de wijk. De uitstraling van beide plekken is echter kwalitatief weinig sterk en hier en daar gedateerd. Het winkelcentrum functioneert naar behoren, maar voorkomen moet worden dat het gebrek aan aantrekkingskracht op langere termijn een negatieve impact hierop gaat hebben. Om het centrum van de wijk als aantrekkelijk en levendig hart te laten functioneren is de komende jaren een kwaliteitsimpuls nodig.

Winkelcentrum Schootenplaza

Als winkelcentrum heeft Schootenplaza een belangrijke functie voor de wijk en uit het belang dat inwoners hechten aan het winkelcentrum kan worden geconcludeerd dat het winkelcentrum die functie ook duidelijk vervult. Het centrum heeft door de gesloten gevels echter weinig uitstraling naar buiten toe, omdat winkels en winkelend publiek niet te zien zijn. Hierdoor wordt niet de indruk gewekt dat het binnen levendig en gezellig winkelen is. Aan de buitenzijde wordt de uitstraling gedomineerd door grote parkeerterreinen en een wasstraat. Ook dit draagt niet bij aan een uitstraling die gericht is op levendigheid, gezelligheid en verblijfskwaliteit. Dit is een gemiste kans voor een wijkwinkelcentrum. Naast het doen van boodschappen is ook de ontmoetingsfunctie van een dergelijke plek essentieel. Om het winkelcentrum op langere termijn aantrekkelijk te houden is het belangrijk om hier extra op in te zetten.

Voor de toekomst zetten we daarom in op herontwikkeling/herinrichting van het winkelcentrum. Hierbij is het vooral belangrijk dat het naar binnen gerichte karakter van het winkelcentrum wordt veranderd in een meer open, naar buiten gerichte uitstraling. Een nieuw gezicht van het winkelcentrum gericht op de Baljuwstraat geeft Schootenplaza een zichtbare kwaliteit voor de wijk. Het winkelcentrum draagt op die manier bij aan de verblijfskwaliteit in de wijk. Daarnaast liggen er kansen om woningen toe te voegen boven de winkels. Hiermee kan worden voorzien in de grote vraag naar appartementen dichtbij voorzieningen.

Om de verblijfskwaliteit rondom Schootenplaza te verhogen zetten we voor de toekomst ook in op een andere inrichting van de Baljuwstraat en andere wegen rondom het hart van De Schooten, zoals de Waterkeringsweg, de Walvisvaardersweg en het deel van de Schootenweg tot aan de Ravelijnweg. Door op deze wegen meer ruimte voor fietsers en wandelaars te realiseren en meer groen toe te voegen ontstaat een andere uitstraling, die minder uitnodigend is voor doorgaand verkeer. Dit komt de levendigheid en verblijfskwaliteit ten goede. Ook draagt dit bij aan een sterkere verbinding tussen het winkelcentrum en de omliggende buurten, inclusief belangrijke functies als MFC De Boerderij en Station Den Helder Zuid.

Een mooi voorbeeld van een dergelijk wijkwinkelcentrum staat in Vathorst (Amersfoort). Hier wordt gewoond boven de winkels en zijn de winkels naar buiten toe georiënteerd. Je ziet het aanbod van de winkels, maar ook de mensen die winkelen, verblijven en aankomen of vertrekken. Dit draagt bij aan het vergroten van de levendigheid op de straat. Er zijn een aantal grote parkeerplaatsen, maar deze liggen niet in het zicht.

Vijver Heiligharn

De waterkwaliteit van de vijver is slecht, wat met name in de zomermaanden tot geuroverlast voor de omgeving leidt. Er wordt ingezet op oplossingen om de waterkwaliteit te verbeteren, zodat het probleem zal verminderen. De gemeente onderzoekt verschillende (technische) mogelijkheden hiervoor. Een van de mogelijkheden is het aanleggen van natuurvriendelijke oevers, wat de waterkwaliteit ten goede komt. Dit sluit ook goed aan bij de ambitie om de randen van de vijver groener te maken, zodat het aantrekkelijker wordt om rondom de vijver te verblijven, te ontspannen en elkaar te ontmoeten. We zetten daarom in op een combinatie van natuurvriendelijke oevers en de aanleg van een groene rand om de vijver. De aanleg van enkele eilandjes in de vijver om deze natuurlijker te maken zien we als interessante gedachte, maar de eerste prioriteit ligt bij het vergroenen van de bestaande oevers.

Een verdergaand idee is om de vijver aan te takken bij bestaand doorgaand water, waardoor het water meer gaat stromen en de waterkwaliteit verder zal verbeteren. Een watergang tussen de vijver en hetwater langs het Rehorstpark, via de Gravin Magdalena van Waardenburgstraat en langs winkelcentrum Schootenplaza, is bijvoorbeeld denkbaar. In de oorspronkelijke stedenbouwkundige plannen voor de aanleg van de wijk was deze verbinding opgenomen, maar deze is nooit uitgevoerd. We onderzoeken of deze nieuwe watergang onderdeel kan zijn van een toekomstige herontwikkeling/-inrichting van winkelcentrum Schootenplaza en omgeving.

12Deelvisie Julianadorp

12.1 Inleiding en context

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Het landschap rond Julianadorp bestond eeuwenlang uit een dynamisch waddengebied met daarin enkele drogere eilanden en verder vooral wadden, kwelders en geulen. De Zanddijk uit 1610 creëerde een rustiger kweldergebied, maar pas in de 19e eeuw werd de Koegras volledig ingepolderd. Middenin de Koegraspolder ontstond een agrarisch buurtschap met een aantal veeboerderijen, wat akkerbouw en een schooltje. Het buurtschap groeide langzaam uit tot een dorp en werd in 1909, met instemming van het Koninklijk Huis, na de geboorte van prinses Juliana naar haar vernoemd: Julianadorp.

De Tweede Wereldoorlog maakte van Julianadorp een onderdeel van de Atlantikwall, een verdedigingslinie van Noorwegen tot aan Spanje. Er werden bunkers, een tankgracht en rijen betonnen punten, zogenaamde ‘drakentanden’, gebouwd. Bovendien werden veel Duitse soldaten in het dorp ingekwartierd, en kwam er vluchtelingen uit het gebombardeerde Den Helder. Dit veranderde het landschap ingrijpend, hoewel het dagelijks leven in Julianadorp zo normaal mogelijk doorging. Na de oorlog bleken de bunkers moeilijk weg te halen en nog steeds zijn de sporen van de oorlog zichtbaar in het landschap.

In de afgelopen vijftig jaar heeft het kleine agrarische buurtschap zich ontwikkeld tot een zelfstandig dorp met eigen identiteit, cultureel leven en dagelijkse voorzieningen. Vanaf eind jaren 60 werd ten westen van het dorp Juliandorp de wijk Drooghe Weert ontwikkeld als vierde uitbreidingswijk van Den Helder. Oorspronkelijk zou deze wijk vanuit het zuiden toegroeien naar Den Helder. De teruglopende groei van Den Helder heeft er echter voor gezorgd dat de groeiverwachtingen niet zijn uitgekomen en de Koegraspolder open bleef. De wijk Drooghe Weert werd steeds meer een onderdeel van Julianadorp, in plaats van te versmelten met Den Helder.

Ook economisch heeft Julianadorp zich verder ontwikkeld. De Koegraspolder, van oorsprong deel van de Waddenzee, was ‘arme’ grond waar enkel vee op kon grazen. Agrarische technieken uit de 20ste konden de grond echter geschikt maken voor bloembollen. Vanaf dat moment is de bollenteelt gezichtsbepalend geworden voor de Koegraspolder. De polder is een onderdeel van het grootste aaneengesloten gebied voor bollenteelt van Europa. Daarnaast is Julianadorp al tientallen jaren in trek als vakantiebestemming, in het bijzonder voor toeristen uit Duitsland. De combinatie strand/zee, open landschap, bloeiende bollenvelden in het voorjaar, rust, ruimte en schone lucht blijft onverminderd populair. Achter de duinenrij zijn als gevolg hiervan diverse campings en vakantieparken ontstaan. Aanvullende voorzieningen zoals horeca, de golfbaan en het zwembad op Ooghduyne maken Julianadorp aantrekkelijk voor een brede doelgroep.

Een bijzonder onderdeel van Julianadorp is het gebied Noorderhaven. De oorsprong van Noorderhaven werd gelegd in een nota van de Provincie Noord-Holland, waarin een tekort van circa duizend plaatsen voor de opvang van mensen met een verstandelijke beperking werd voorzien. De provincie schakelde daarop de Vereniging 's Heeren Loo in, waarna het bestuur van de vereniging in 1964 besloot tot de bouw van Noorderhaven om dit tekort op te vangen. Nieuwe inzichten hebben geleid tot een behoefte tot meer menging en integratie van cliënten met de samenleving. Zorgpartij ’s Heeren Loo heeft meer aansluiting met Julianadorp gezocht en zet in op een ontwikkeling van zowel marktwoningen als cliëntwoningen in een gemengde woonomgeving. Deze ontwikkeling staat bekend als ’t Laar. Hetzuidelijk deel van het terrein blijft bedoeld als woongebied voor mensen met een verstandelijk beperking. De aanwezigheid van Noorderhaven zorgt voor veel werkgelegenheid in Julianadorp.

Kenmerkend aan het wonen in Julianadorp is de balans tussen de kleinschaligheid, dorpsgevoel, voorzieningen en de mogelijkheid om ‘vrij’ te wonen. Het bloeiende verenigingsleven is te danken aan actieve vrijwilligers, zoals bij de voetbalclub (JVC), handbalclub (JHC), tennisvereniging, Culturele Vereniging, en vele initiatieven. De culturele kalender wordt aangevuld door evenementen, van klein en gezellig tot groot en regionaal. Het decor van veel evenementen, het Loopuytpark, vormt het historisch hart van Julianadorp en het centrum qua horeca. De dagelijkse voorzieningen zijn geconcentreerd in winkelcentra De Riepel en Dorperweerth. Voor regionale voorzieningen vindt Julianadorp haar weg naar Den Helder en ook naar Schagen en omliggende kernen. Omgekeerd worden de voorzieningen in Julianadorp ook gebruikt door bewoners uit andere kernen uit Schagen en Hollands Kroon.

De komende jaren zal het aantal huishoudens in Julianadorp blijven toenemen. De natuurlijke aanwas wordt op circa 25 tot 30 huishoudens per jaar geraamd, terwijl ook van buiten de gemeente in toenemende mate nieuwe inwoners binnenkomen. De toenemende vraag naar woningen vraagt om nieuwe woningbouwontwikkelingen in het dorp. Sommige doelgroepen, zoals jongeren en ouderen, hebben meer moeite om een geschikte woning te vinden in Julianadorp. Voor deze groepen is extra aandacht nodig op de woningmarkt.

In een aantal bestaande buurten is de dichtheid behoorlijk. De opzet met hofjes en doodlopende wegen zorgt voor rustige buurten waar kinderen veilig en beschut kunnen spelen, maar geeft op sommige plekken ook spanning tussen parkeren en vergroenen. In de toekomst lopen deze buurten ook risico’s met betrekking tot een veranderend klimaat. Bij extreme buien kan het regenwater niet enkel via het riool worden afgevoerd en is groen en water in de buurt nodig om een deel van het water op te vangen. Dit is niet altijd in voldoende mate aanwezig. Bij hoge temperaturen kunnen deze buurten ook sterk opwarmen en deze warmte langer vasthouden wat kan leiden tot gezondheidsproblemen, zogeheten ‘hittestress’. Dit vraagt om ingrepen in deze buurten om ze aantrekkelijker en toekomstbestendiger in te richten.

De toekomstige klimaatveranderingen zorgen ook voor druk op de landschappen om Julianadorp heen, de Duinzoom en de Koegraspolder. In de Duinzoom zal zeespiegelstijging op termijn een reële uitdaginggaan vormen. Dit vraagt om een sterk kustlandschap dat hiertegen bestand gemaakt wordt, terwijl op kortere termijn nieuwe initiatieven op het gebied van (verblijfs)recreatie om ruimte vragen en gewerkt wordt aan een kwaliteitsverbetering van het gebied. In de Koegraspolder komen de huidige agrarische activiteiten waarschijnlijk steeds verder onder druk te staan, als gevolg van droogte en verzilting. Dit vraagt om gezamenlijke inspanningen om de Koegraspolder ook in de toekomst te waarborgen als agrarisch gebied.

Vier bewegingen - Julianadorp van de toekomst

Julianadorp ontwikkeld zich op basis van eigen kracht verder tot een aantrekkelijke, complete woonkern met voorzieningen, onderwijs en een eigen cultureel leven, aan zee en midden in het open landschap. In het dorp ben je thuis, in welke levensfase je ook zit.De komende jaren gaat Julianadorp zich op vier bewegingen verder ontwikkelen als dorp, waarbinnen verschillende partijen een rol spelen. De gemeente is hier slechts één van. We nodigen iedereen uit om mee te denken en ontwerpen.

Onderwerpen:

a.Juliandorp ontwikkelt een sterk dorpshart, passend bij de aanwezige dorpscultuur

b.Leefbare en toekomstbestendige buurten, verbonden met een groen landschap

c.De Duinzoom balanceert tussen organische ontwikkeling en rust & ruimte

d.De Koegraspolder als agrarisch gebeid van de toekomst

De komende jaren zetten we er op in om Julianadorp langs verschillende hoofdrichtingen verder te ontwikkelen als dorp. Voor de toekomstige ontwikkeling van Julianadorp staat onderstaande richting centraal. Vervolgens zijn er vier ‘bewegingen’ of hoofdrichtingen (zie kader) die verder richting geven aan de ontwikkeling van verschillende delen van Julianadorp.

"Julianadorp ontwikkelt zich op basis van eigen kracht verder tot een aantrekkelijke, complete woonkern met passende voorzieningen, onderwijs en een eigen cultureel leven, aan zee en midden in het open landschap. In het dorp ben je thuis, in welke levensfase je ook zit."

De kleine agrarische kern Julianadorp is in de afgelopen decennia uitgegroeid tot een groot dorp met een stevig palet aan voorzieningen. Er is echter geen sprake geweest van een geleidelijke ontwikkeling vanuit een redelijk constante visie. Julianadorp is met name gegroeid op basis van aparte ontwikkelingen vanuit verschillende denkrichtingen. De woonbuurten zijn gerealiseerd als beoogde uitbreidingswijken van Den Helder, de vakantieparken zijn ontstaan vanuit de economische ontwikkelingen in deze sector en Noorderhaven is bewust aangelegd op afstand van het dorp, met het oog op een rustige leefomgeving voor de cliënten op het terrein. Hierdoor is er sprake van een dorp met veel verschillende gezichten, waarbij de samenhang tussen de verschillende delen niet altijd even sterk voelbaar of zelfs logisch is.

Toch is er op sociaal en functioneel vlak de afgelopen periode sprake van toenemende samenhang. De inwoners van de uitbreidingswijken, gepland als ontwikkelingen behorend bij Den Helder, zijn meer op de voorzieningen en het maatschappelijke leven in Julianadorp georiënteerd en voelen zich steeds meer Dorpers. Hierdoor is het gevoelde onderscheid tussen het Oude Dorp en de uitbreidingswijken steeds meer aan het verdwijnen. Ook Noorderhaven, in eerste instantie expliciet bedoeld als afgelegen gebied, raakt meer verbonden met de rest van het dorp. Hier speelt het beleid van ’s Heeren Loo om, waar mogelijk, cliënten tussen of in de nabijheid van reguliere bewoners te laten wonen, de zogeheten omgekeerde integratie. Vanuit de vakantieparken in Julianadorp aan Zee worden de voorzieningen in Julianadorp goed gebruikt, wat zorgt voor menging tussen bewoners en toeristen in het dorp, met name in het Dorpshart.

Op fysiek vlak blijven de verbinding tussen de verschillende delen van Julianadorp achter bij de toenemende sociale samenhang. In deze omgevingsvisie zetten we daarom in op ontwikkelingen die een bijdrage leveren aan het beter verbinden van de verschillende onderdelen van Julianadorp. Ook het beter verbinden van Julianadorp met het omliggende landschap (de Koegraspolder en duinen, strand en zee) spelen een belangrijke rol in het nog aantrekkelijker maken van Julianadorp als dorp. Door in te zetten op het versterken van de kracht als groot dorp met een passend voorzieningenpakket en het aantrekkelijke omliggende landschap maken we de keuze om het karakter van Julianadorp verder te versterken, waarmee het meer onderscheidend wordt ten opzichte van Den Helder.

Ten opzichte van de stad Den Helder zijn in Julianadorp op economisch vlak minder grote ontwikkelingen te verwachten. De bestaande sectoren zullen voor werkgelegenheid blijven zorgen, terwijl ook de stad Den Helder veel werkgelegenheid voor Julianadorp biedt. Wel voorzien we dat de toenemende vraag naar woningen ook in Julianadorp in de komende jaren vraagt om nieuwe woningbouw. We zetten hierbij de komende jaren bij voorkeur in op het bouwen binnen de huidige bebouwde omgeving in plaats van uitbreidingen in het landschap. In Julianadorp is de ruimte voor inbreiding en/of transformatie om in deze vraag naar nieuwe woningen te voorzien echter beperkt. Daarom kiezen we in Julianadorp-Oost voor een uitleglocatie voor een belangrijk deel van de woningbouw in Julianadorp voor de komende jaren. Dit doen we in combinatie met de realisatie van het initiatief ONS, gericht op het realiseren van een multifunctioneel terrein voor ontspanning, natuur en sport in Julianadorp. Hierbij zetten we ook expliciet in op het beter verbinden van verschillende delen van Julianadorp en het versterken van de kracht van het dorp.

Aandachtspunt is ook de verbinding tussen Julianadorp en Den Helder. Hoewel Julianadorp steeds meer een compleet voorzieningenpakket heeft, zeker voor de grootte van het dorp, is Julianadorp voor sommige voorzieningen op Den Helder aangewezen. De afstand tussen Julianadorp en Den Helder maakt het voor de meeste inwoners geschikt om dit per fiets of auto te doen. Voor fietsers wordt tevens ingezet op het verbeteren van de verbinding door realisatie van een doorfietsroute tussen Julianadorp en Den Helder. De meeste aandacht wordt gevraagd voor de openbaar vervoer verbindingen. De exploitatie van veel ov-routes staan onder druk, zeker op onrendabele tijdstippen zoals ’s avonds, in het weekend en overdag buiten de spits. We dringen bij de Provincie Noord-Holland, die de concessies voor het openbaar vervoer uitgeeft, aan op aandacht voor de bereikbaarheid van alle locaties in de gemeente. In de toekomst bieden innovatieve, meer flexibele vormen van openbaar vervoer en/of deelmobiliteit nieuwe kansen om de bereikbaarheid te versterken. Kansen en/of maatschappelijke initiatieven op dit gebied benaderen we positief.

12.2 Julianadorp ontwikkelt een sterk dorpshart, passend bij de aanwezige dorpscultuur

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Dorpshart

Het voorzieningenniveau in Julianadorp is, mede door het grote aantal toeristische overnachtingen, behoorlijk ontwikkeld. De aanwezige voorzieningen zijn een belangrijk onderdeel van een sterk dorpshart. De combinatie van detailhandel en horeca in het (historische) hart van Julianadorp, met het Loopuytpark en winkelcentrum De Riepel, biedt een aantrekkelijk aanbod. Daarnaast bevinden zich diverse andere maatschappelijke voorzieningen in het gebied. We werken aan een verdere ontwikkeling van het Dorpshart en geven ruimte aan ontwikkelingen die hieraan bijdragen. Een goed aanbod van voorzieningen, een kwalitatieve uitstraling en een inrichting die aansluit bij de wensen van bezoekers zijn belangrijk voor dit gebied en zetten we gezamenlijk op in.

Tussen de Riepel en de Langevliet is nog een ontwikkellocatie beschikbaar. Hier is ruimte voor een aanvullende centrale functie, eventueel in samenhang met de parkeerfunctie die ook in het gebied ligt. We streven ernaar dat een ontwikkeling door middel van een aantrekkelijke vormgeving bijdraagt aan het gezicht van de entree van Julianadorp. Aan de andere zijde van de Langevliet zijn ook een aantal centrumvoorzieningen gevestigd, zoals een aantal scholen en het MFC. MFC ’t Dorpshuis huisvest als multifunctioneel centrum een breed palet aan voorzieningen voor Julianadorp (ontmoeten, verenigingen en clubjes, gemeentelijke dienstverlening, bibliotheek). Deze voorzieningen zijn belangrijk voor de sociale samenhang van Julianadorp en krijgen de ruimte om deze rol op deze locatie te vervullen.

Om de samenhang in het centrumgebied van Julianadorp te verbeteren is het belangrijk dat de wegen door het Dorpshart worden afgewaardeerd. Met name het kruispunt Veul, tussen de Van Foreestweg en de Langevliet, is een belangrijke barrière. Dankzij de omleiding van een deel van het autoverkeer via de Noorderhaaks kan ook het kruispunt Veul een verkeersluwe inrichting krijgen, die past bij de dorpse sfeer. De inrichting van het Loopuytpark is een voorbeeld voor de rest van het Dorpshart, waarbij verblijven, wandelen en fietsen meer ruimte krijgt en de openbare ruimte bijdraagt aan de dorpssfeer. Rondom het kruispunt Veul liggen ook een aantal markante gebouwen die belangrijk zijn voor de uitstraling van het Dorpshart en de entree van Julianadorp. Hier zetten we in op een kwaliteitsvergroting, eventueel in combinatie met verdichting en verdere centrumontwikkeling. Een extra kans voor het Dorpshart van Julianadorp is het beter fijnmazig verbinden van de kern met het kustgebied. Het gaat daarbij vooral om de beleving van voetgangers en fietsers op deze route.

De aanleg van het vierde kwadrant van de rondweg om het centrumgebied heen is niet nodig vanuit mobiliteitsoogpunt en sluit niet aan bij ontwikkelingen in de nabije toekomst. Daarom wordt hier niet voor gekozen in deze visie. Indien na 2030 gekozen wordt voor een ontwikkeling aan de noordzijde van Julianadorp is een aanvullende ontsluiting waarschijnlijk noodzakelijk. Voorkeur gaat daarbij uit naar een kleinschaligere ontsluiting direct om winkelcentrum De Riepel heen.

Onderwijs

Een belangrijke centrumfunctie voor Julianadorp is de aanwezigheid van de middelbare school, het Junior College. Het Junior College is onderdeel van Scholen aan Zee, de scholengemeenschap die al het voortgezet onderwijs in de gemeente Den Helder verzorgt. Bij het opzetten van het Junior College was een belangrijk doel om de stap tussen het basisonderwijs en de middelbare school in Den Helder minder groot te maken voor kinderen in Julianadorp. Mede om deze reden is ingezet op het aanbieden van de onderbouw op het Junior College, waarna het onderwijs wordt voortgezet op de scholen in Den Helder. Deze opzet is succesvol gebleken, veel kinderen in Julianadorp en ook omliggende dorpen kiezen voor deze route.

Ook in de toekomst zal het Junior College ondersteunend blijven ten opzichte van de onderwijslocatie in Den Helder. We zetten, binnen deze rolverdeling, in op een verdere versterking van het Junior College. Het initiatief om nieuwbouw van de Prinses Margrietschool naast het Junior College te realiseren en door middel van samenwerking tussen beide scholen tot een brede school met doorlopende leerlijnen tussen 4 en 16 jaar door te ontwikkelen ondersteunen we. Ook zetten we in op een goede samenwerking tussen het Junior College/Scholen aan Zee en het initiatief ONS. De combinatie van ontspanning, sport en natuur enerzijds en onderwijs anderzijds biedt mooie kansen voor de jeugd in Julianadorp. Een wens die regelmatig gehoord wordt is om op het Junior College in de toekomst ook de bovenbouw aan te gaan bieden. We vinden het belangrijk dat een eventuele toekomstige uitbreiding met onderwijs in de bovenbouw gepaard gaat met een onderscheidend onderwijsaanbod, zodat dit niet ten koste gaat van het onderwijs in Den Helder. Hierbij kan gedacht worden aan aansluiting van het onderwijs bij economische sectoren die belangrijk zijn voor Julianadorp, zoals de agrarische sector, toerisme & recreatie en zorg.

Verenigingsleven & initiatief ONS Dorp

De sociale samenhang en organisatiekracht binnen Julianadorp zijn sterk, wat zich onder andere uit in een bloeiende vrijwilligerscultuur op het gebied van sport(verenigingen), cultuur en evenementen. Julianapop en het Julianadorp Power Festival (de Trekkertrek) zijn evenementen van formaat binnen Julianadorp en daarbuiten. Deze evenementen zijn gedreven op lokale organisatiekracht; de inwoners regelen zelf middelen en materialen om het evenement te houden. Vanaf 2020 hebben deze evenementen een nieuwe tijdelijke locatie, zodat de evenementen de komende zeven jaar verzekerd zijn van een locatie. Binnen het initiatief ONS Dorp wordt ingezet op realisatie van een permanent evenemententerrein, als onderdeel van een multifunctionele locatie voor ontspanning, natuur en sport.

Het initiatief ONS Dorp richt zich op het versterken van het voorzieningenniveau in Julianadorp en de aanwezige dorpscultuur. Sportverenigingen, evenementen, het parkinitiatief en enkele andere partijen hebben als burgerinitiatief de handen ineengeslagen om tot een multifunctionele locatie te komen waar al deze voorzieningen samenkomen. Door middel van deze gezamenlijkheid wordt onderlinge verbinding, een beter aanbod aan maatschappelijke voorzieningen voor Julianadorp en een efficiënt, toekomstbestendig beheer nagestreefd. Het initiatief ONS Dorp levert hiermee een belangrijke bijdrage aan het versterken van de voorzieningen en het leefklimaat in Julianadorp. Het initiatief is breed omarmd door de partijen die in Julianadorp actief zijn.

De Stichting ONS Dorp, vertegenwoordiger van de initiërende partijen, Woningstichting Den Helder, ’s Heeren Loo en gemeente Den Helder hebben de handen ineengeslagen om het initiatief en de gebiedsontwikkeling van het omliggende gebied in samenhang te realiseren. We zetten in op de realisatie van de multifunctionele locatie aan de oostrand van Julianadorp, tussen het Willem-Alexanderhof en Noorderhaven. De realisatie van het initiatief ONS Dorp is onderdeel van de gebiedsontwikkeling in Julianadorp-Oost en wordt hier zorgvuldig in ingepast. Ook wordt aandacht besteedt aan de samenhang van deze locatie met de andere centrumfuncties in het Dorpshart.

12.3 Leefbare en toekomstbestendige buurten, verbonden met een groen landschap

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Noordelijke woonbuurten

In Julianadorp zijn in de jaren ’70 en ’80 op grootschalige wijze nieuwe wijken ontwikkeld, als onderdeel van de voorziene bevolkingsgroei van Den Helder. De oudste buurten, met name aan de noordzijde van Julianadorp, kennen een hoge dichtheid en vooral goedkopere woningtypen. In deze buurten staat de leefbaarheid en woonkwaliteit soms onder druk. We streven ernaar dat alle buurten voldoende leefbaar zijn, zowel op sociaal als fysiek vlak en zo aantrekkelijk blijven voor bestaande en nieuwe bewoners. Waar de leefbaarheid onder druk staat als gevolg van activiteiten stellen we regels om negatieve gevolgen op het gebied van veiligheid, gezondheid of sociale samenhang te voorkomen. Hiermee beperken we zoveel mogelijk een negatieve ontwikkeling van buurten. Positieve ontwikkelingen, bijvoorbeeld voor het stimuleren van de sociale samenhang, het mogelijk maken van langer zelfstandig thuis blijven wonen of het versterken van de uitstraling van de buurt faciliteren we juist zoveel mogelijk.

In de komende jaren werken we aan het aantrekkelijker en toekomstbestendiger maken van deze woonbuurten. De openbare ruimte begint op veel plekken op leeftijd te raken en sluit niet altijd meer aan bij het huidige gebruik en de huidige verwachtingen. Zo is er in deze buurten vaak sprake van groen dat niet optimaal wordt benut en is de parkeerdruk op de meeste plaatsen tegenwoordig (veel) hoger dan waarop de buurten oorspronkelijk ontworpen zijn. Aangezien aan beide functies belang wordt gehecht vraagt dit om een juiste balans tussen parkeren en groen. Belangrijker dan de hoeveelheid groen is de kwaliteit en het gebruik van het groen. Er liggen veel kansen om het groen meer natuurlijk en daarmee onderhoudsvriendelijker en klimaatbestendiger te maken. Ook kunnen ontmoetingsplekken worden gecreëerd in het groen, waardoor het beter gebruikt wordt door de buurt. Waar mogelijk zetten we in op een verdere vergroening van de buurten, onder andere door het planten van extra bomen. Dit is per buurt, en in veel gevallen zelfs per straat, maatwerk. Om aan de slag te gaan met deze uitdagingen in de openbare ruimte werken we gebiedsgericht samen met bewoners en andere betrokkenen. In 2040 is Julianadorp hierdoor toegerust om een prettig en veilig leefklimaat te bieden, ook tijdens de extreme weersomstandigheden die vaker voor zullen komen in de toekomst.

Een ander belangrijk vraagstuk is de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad in deze buurten. We streven ernaar dat in 2040 alle gebouwen voor hun energie- en warmtevraag zijn overgegaan op een duurzame energiebron. In de komende jaren zal duidelijker worden welke vormen van individueel of collectief opgewekte duurzame energie het meest haalbaar zijn voor Julianadorp. Voor alle vormen van duurzame energie geldt dat het inzetten op energiebesparing, bijvoorbeeld door middel van isolatie op zijn minst gunstig en vaak zelfs noodzakelijk is. We stimuleren eigenaren van woningen actief om duurzaamheidsmaatregelen te nemen, zoals het isoleren van woningen of het leggen van zonnepanelen en zorgen dat de juiste informatie en/of begeleiding beschikbaar is.

Het oneigenlijk gebruik of toe-eigening van de openbare ruimte, ofwel ‘landjepik’, komt veel voor in een deel van deze buurten van Julianadorp. In plaats van een algemene aanpak van dit probleem zetten we in op een gebiedsgerichte benadering. Samen met bewoners kijken we waar dit daadwerkelijk een belemmering vormt en hoe de situatie hersteld kan/moet worden. Daar waar ‘landjepik’ de ontwikkeling van het gebied en maatregelen ten behoeve van leefbaarheid en toekomstbestendigheid (bijvoorbeeld klimaatadaptatie en nieuwe vormen van energielevering) belemmert, moet de situatie zo worden aangepast dat benodigde maatregelen kunnen worden uitgevoerd.

Julianadorp is als dorp in een groen, open landschap uitermate geschikt voor (individueel) sporten en bewegen. Bij het (her)inrichten van openbare ruimte geven we functies als sporten, bewegen en spelen een prominentere plek. Belangrijk voor de woonkwaliteit in de buurten is het realiseren van betere verbindingen van de buurten met het omliggende landschap en de zee. De groene omgeving van Julianadorp, die aan iedere zijde van het dorp is te beleven, is een van de grootste kwaliteiten van Julianadorp en willen we duidelijker onderdeel maken van het wonen in het dorp.

De Slenk

De Slenk vormt een slinger van groen en water door Julianadorp heen. Het gebied biedt een aaneengesloten groen landschap, centraal gelegen tussen de verschillende buurten. De Slenk heeft vele functies: een groene recreatieve omgeving binnen het dorp voor bewegen en spelen, een verbindingsroute tussen de wijken en de toegang naar het open landschap rondom Julianadorp. Daarnaast is het een centrale steunpilaar voor biodiversiteit in de omringende wijken. De boomrijke omgeving vermindert hittestress, het water voorkomt uitdroging van het groen bij droogte. Bovendien heeft het gebied een sleutelrol voor waterberging bij extreme neerslag. Daarmee is de Slenk een belangrijke voorziening voor een prettige en gezonde leefomgeving.

In de toekomst zullen deze functies steeds meer op de proef worden gesteld en zullen vooral de meer dichtbebouwde buurten profijt kunnen hebben van de aanwezigheid van de Slenk. Dit vereist wel een robuuste inrichting van het gebied, maar evenals andere plekken in Julianadorp kampen ook delen van de Slenk met veroudering van inrichting en materialen. Daarom zetten we in op een versterking van de Slenk, het verbeteren van de aansluiting van buurten op de Slenk en waar mogelijk kijken we naar het inrichten en benutten van delen van de Slenk voor de behoeften en wensen uit de omliggende buurten. Een belangrijke kans voor Julianadorp is het verbinden van de Slenk aan de andere groenstructuren in en rondom het dorp, waarmee een duidelijkere structuur van groen en water ontstaat. Voor bewoners én toeristen liggen er kansen wat betreft waterrecreatie op de Slenk. Door het verbinden van de Slenk op de (verlengde) fiets- en kanoroute versterken we het waternetwerk in de toekomst. Hiermee ontstaat namelijk een (recreatieve) vaarroute van Julianadorp tot aan de Stelling van Den Helder, door het open, groene landschap van de Koegraspolder.

Zuidelijke woonbuurten

In de zuidelijke buurten (Zwanenbalg, Boterzwin, Malzwin) is de stedenbouwkundige opzet met hofjesstructuur uit de jaren ’70 en ‘80 grotendeels weer verlaten ten gunste van een duidelijk onderscheid tussen een representatieve voorzijde en een meer privé achterzijde, die niet raakt aan het openbaar gebied. Door de ruimere opzet zijn de uitdagingen op het gebied van klimaatadaptatie en het afwegen van extra parkeerruimte ten opzichte van groen minder prominent. Een grote uitdaging ligt wel in het stimuleren van verduurzaming van de particuliere woningvoorraad, die de grote meerderheid vormen in dit gebied. Ook in deze buurten zetten we in op een betere verbinding van deze buurten met het omringende landschap.

Winkelcentrum Dorperweerth

In het zuiden van Julianadorp ligt ook het winkelcentrum Dorperweerth, wat gezien kan worden als een wijkwinkelcentrum voor dit deel van Julianadorp. Qua aanbod richt dit centrum zich meer dan de Riepel op dagelijkse boodschappen, voornamelijk voor de omliggende buurten. Gezien het feit dat de gemiddelde leeftijd ook in Julianadorp omhoog zal gaan in de komende jaren zal de functie van een wijkwinkelcentrum belangrijk blijven. Belangrijk aandachtspunt hierbij is het inzetten op toegankelijkheid voor ouderen en mindervaliden vanuit de omliggende buurten, bijvoorbeeld via de inrichting van de openbare ruimte. De aanwezigheid van het wijkwinkelcentrum biedt ook kansen om passende woningen te bieden voor ouderen en mindervaliden. De aanwezigheid van voorzieningen (dagelijkse boodschappen, maar ook openbaar vervoer en gezondheidszorg) zorgen ervoor dat inwoners die minder mobiel worden zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen wonen. Kansen liggen bijvoorbeeld bij het ontwikkelen van appartementen boven het winkelcentrum, maar ook kleine, gelijkvloerse woningen in de omgeving van het winkelcentrum kunnen kansrijk zijn. De komende jaren zullen de mogelijkheden in het gebied verder verkend worden.

Willem-Alexanderhof

Het Willem-Alexanderhof is een nieuwe woonbuurt die we tot circa 2025 gefaseerd ontwikkelen. De opzet is een dorpse buurt met kleinschalige woningbouw en een vriendelijk en groen karakter. De buurt grenst aan de noordwestzijde direct aan het Dorpshart. De overgang tussen beiden geven we zorgvuldig vorm en het wandel- en fietsnetwerk verbinden we logisch door. De ligging van voor- en achterkanten van nieuwe privépercelen is afgestemd op die van de bestaande in het dorpshart. Sloten en bomenrijen lopen tot diep in de buurten door en vormen de verbinding met het omliggende agrarische landschap. Binnen deze structuur van groen en water liggen de afzonderlijke, kleinschalige woonbuurtjes. Elk van de buurtjes wordt opgezet met een duidelijke eigen identiteit en bijpassende kwaliteit en is georganiseerd rond een unieke, centrale groene ruimte met een sociale functie voor de buurt. De structuur van groenstroken en sloten en de individuele, groene buurtruimtes vormt het samenhangend wandelnetwerk van het Willem-Alexanderhof.

Een belangrijk onderdeel van het plan zijn de goede, directe langzaam verkeerroutes naar het Dorpshart. Er wordt op ingezet om het autoverkeer juist zoveel mogelijk om de buurt heen af te handelen. Bij de toekomstige gebiedsontwikkeling van Julianadorp-Oost, ten zuiden van het Willem-Alexanderhof, en de realisatie van het initiatief ONS Dorp wordt veel aandacht besteed aan het vormgeven van de routes en overgangen tussen beide buurten. De realisatie van een multifunctioneel gebied met natuur, sportvoorzieningen en ruimte voor ontspanning draagt hiermee op een positieve manier bij aan het woonklimaat in Willem-Alexanderhof. In totaal komen in Willem-Alexanderhof circa 650 woningen.

Ten oosten van de Zuiderhaaks ligt een nog niet gerealiseerd onderdeel van de ontwikkeling Willem-Alexanderhof. Het gebied is momenteel in gebruik als tijdelijk evenemententerrein. Indien na 2030 behoefte is aan nieuwe ontwikkelruimte en binnen de ontwikkeling van Julianadorp-Oost een permanente locatie voor evenementen is gerealiseerd kan worden gekozen om dit zoekgebied te gaan ontwikkelen.

Noorderhaven/'t Laar

Noorderhaven is in de vorige eeuw ontwikkeld als rustig, groen en afgezonderd woonterrein voor cliënten met een verstandelijke beperking. De inzichten over de best mogelijke woonomgeving voor cliënten zijn sinds die tijd gewijzigd. Zorgpartij ’s Heeren Loo, de eigenaar van het terrein Noorderhaven, heeft de afgelopen jaren ingezet op omgekeerde integratie. Hierbij is een deel van de instellingsterreinen herontwikkeld tot regulier woonbuurt, waardoor mensen met en zonder beperking naast elkaar leven. In de noordwestelijke helft zijn de afgelopen jaren nieuwe marktwoningen gerealiseerd in de groene, bosrijke omgeving van het terrein. Deze ontwikkeling staat bekend als ’t Laar.

Een deel van de cliënten heeft behoefte aan een meer rustige en afgezonderde woonomgeving, zoals in de oorspronkelijke opzet van Noorderhaven. Het huidige vastgoed en de zorgfaciliteiten zijn echter gedateerd. Daarom zet ’s Heeren Loo de komende jaren in op grootschalige herontwikkeling van het bestaande vastgoed op het zuidelijke gedeelte van het terrein. Hier ligt de focus op het bieden van de juiste woningen en zorgvoorzieningen en een rustige, groene woonomgeving voor de cliënten. Onderdeel van de ontwikkelingen is de herontwikkeling van een duidelijk centrumgebied, met een voorzieningencluster dat met name gericht is op de cliënten op het terrein.

De toekomstige gebiedsontwikkeling in Julianadorp-Oost biedt goede kansen om Noorderhaven en de rest van Julianadorp beter met elkaar te verbinden. Het groen en de rust op het terrein kunnen door meer inwoners van Julianadorp ontdekt worden, terwijl goede langzaam verkeerroutes tussen Julianadorp en het Dorpshart kansen bieden voor een deel van de cliënten. Ook kan de realisatie van het multifunctionele ONS terrein op korte afstand van Noorderhaven zorgen voor meer kansen voor cliënten van Noorderhaven om deel te nemen aan sport of andere activiteiten.

Gebiedsontwikkeling Julianadorp-Oost

In Julianadorp is de ruimte voor inbreiding en/of transformatie om nieuwe woningbouwontwikkelingen mogelijk te maken beperkt. De toenemende vraag naar woningen zorgt ervoor dat ook in Julianadorp behoefte is aan een ontwikkelgebied waar de komende jaren nieuwe woningen ontwikkeld kunnen worden om de natuurlijke groei van de bevolking en toenemende maatschappelijke vraag naar woningen op te vangen. Ook de realisatie van het initiatief ONS past niet binnen de bestaande structuur van Julianadorp en vraagt om een ontwikkelgebied met voldoende ruimte. Hierbij wordt ingezet op een integrale gebiedsontwikkeling van het gebied Julianadorp-Oost, gelegen tussen het Willem-Alexanderhof aan de noordzijde en Noorderhaven aan de zuidzijde. Deze uitbreiding van Julianadorp komt in plaats van agrarisch gebruik. Dit doen we enkel wanneer binnen de huidige gebouwde omgeving geen ruimte te vinden is en indien dit het geval is gaan we zorgvuldig met een dergelijke ontwikkeling om. De ligging aan drie zijden tegen het bestaande dorp zorgt in dit geval voor een zo klein mogelijke impact op het polderlandschap en maakt het mogelijk om verschillende onderdelen van het dorp beter met elkaar te verbinden. Ook biedt deze ontwikkeling de ruimte om een aantal sportclubs die in het Dorpshart gevestigd zijn te verplaatsen naar een nieuwe locatie, waarmee ruimte in het Dorpshart vrijkomt voor transformatie van dit gebied om nieuwe woningen te realiseren. Op basis van deze argumenten en nadere samenwerking op verschillende woondossiers is eind 2021 tussen gemeente en Provincie Noord-Holland overeengekomen dat de provincie deze gebiedsontwikkeling in landelijk gebied positief benaderd in de planvormingsfase.

In de gebiedsontwikkeling wordt op een aantal doelen ingezet. De ontwikkeling biedt veel landschappelijke waarde met de realisatie van een park en natuur (ook gerelateerd aan het initiatief ONS), het realiseren van een grote hoeveelheid oppervlaktewater en de inzet op woningbouw binnen het landschap van het gebied. In de noordoostelijke hoek zetten we in op inpassing van het initiatief ONS, in de vorm van sportvelden en –accommodaties, een permanent evenemententerrein en parkgroen en natuur. Woningbouw vindt plaats binnen de verschillende landschappen in het gebied en biedt op deze manier bijzondere woonmilieus. Hierbij zetten we in op aanbod in verschillende prijsklassen en voor verschillende doelgroepen. Duurzaamheid is een belangrijk aandachtspunt, waarbij we streven naar energieneutrale woningen en natuurinclusieve bouw. Wat betreft mobiliteit wordt voor doorgaand verkeer vooral ruimte geboden aan langzaam verkeer (fietsen en wandelen) met een stevig netwerk aan fiets- en wandelpaden die de verschillende onderdelen van het gebied met elkaar en met andere delen van het dorp (zoals het Dorpshart, Willem-Alexanderhof en Noorderhaven) verbinden. Extra aandacht wordt besteedt aan de toekomstige verbinding tussen het Junior College en de ontwikkelingen op het gebied van onderwijs waarop wordt ingezet en het multifunctionele ONS terrein, gezien de belangrijke kansen qua samenwerking.

Herontwikkeling Sportpark Julianadorp

Met de verplaatsing van sportclubs JVC en JHC naar het multifunctionele ONS terrein in Julianadorp-Oost komen de gronden van het Sportpark Julianadorp beschikbaar voor een nieuwe functie. De ligging van deze locatie, middenin Julianadorp, maakt het een ideale locatie om door middel van woningbouw een nieuwe invulling te geven. We zetten in op woningbouw met een dorps karakter en een goede samenhang met het omringende Dorpshart van Julianadorp. Vanwege de ligging midden in het hart van het dorp richten we qua ontwikkeling extra aandacht op doelgroepen die graag op een korte afstand van het centrum wonen, zoals senioren en jongeren. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is de noodzaak om de wegen in het Dorpshart af te waarderen, zodat deze geen barrières vormen. Naast de inbreiding met woningbouw zetten we in op het doortrekken van De Slenk het gebied in, waarmee een prettige woonomgeving ontstaat met groen en water.

Zoekgebied Noorderhaaks

In Julianadorp wordt met de uitleglocatie Julianadorp-Oost, gelegen tussen het Willem-Alexanderhof en Noorderhaven/’t Laar, en de daarop aansluitende inbreiding (woningbouw binnen het bestaande dorp) op het huidige Sportpark Julianadorp in de komende jaren een grote toevoeging qua woningbouw gedaan. Voor eventuele toekomstige woningbouw (na 2030) wordt voornamelijk gekeken naar de noordrand van het dorp. Hiermee wordt het open polderlandschap aan de west- en oostrand ontzien, terwijl woningbouwontwikkeling aan de noordelijke rand bijdraagt aan de kracht van het centrumgebied van Julianadorp en dit gebied centraler binnen Julianadorp positioneert. Ook is met de Noorderhaaks al een belangrijke ontsluiting voor het gebied aanwezig. De overgang tussen het dorp en de Koegraspolder wordt bij een eventuele ontwikkeling zorgvuldig vormgegeven. De noordrand van Julianadorp is tevens een zoekgebied voor geconcentreerde tijdelijke/flexibele huisvesting van arbeidsmigranten.

12.4 De Duinzoom balanceert tussen organische ontwikkeling en rust & ruimte

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Waar nu gesproken wordt over de kernen Julianadorp en Julianadorp aan Zee streven we ernaar dat in 2040 van dat onderscheid geen sprake meer is. Heel Julianadorp ligt dan voelbaar aan zee. Door het realiseren en verbeteren van verbindingen door de Duinzoom ligt het strand en de zee altijd met een kleine wandeling of fietstocht binnen bereik en de binnenduinrand verbindt Julianadorp hiermee met de kust. In dit gebied behouden we een balans tussen natuur, open landschap, agrarisch gebruik en recreatie, welke in de toekomst door een betere inpassing in het landschap van recreatie(parken) nog meer hand in hand kunnen gaan. De fiets- en kanoroute verbindt Julianadorp met Den Helder en zorgt voor een veilige, afwisselende, recreatieve route voor fietsers, wandelaars en ruiters. Het netwerk van fietspaden, binnen gemeente en regio, vormt een rode loper door de groene omgeving en nodigt uit om de auto te laten staan.

Voor de toekomst houden we rekening met een verdere stijging van de zeespiegel. Hoewel de scenario’s nog behoorlijk variëren is een versterking van de primaire waterkering een realistische ontwikkeling op langere termijn om veiligheid te kunnen bieden. De landelijke strategie is zoveel mogelijk gebruik van dynamisch kustbeheer (waterkering door middel van natuurlijke barrières zoals duinen en strand, waar nodig versterkt door middel van natuurlijke aangroeiprocessen of suppleties) in plaats van het aanleggen van kunstmatige, ‘harde’ barrières. De smalle duinenrij ter hoogte van Julianadorp, kenmerkend voor het kustlandschap van Julianadorp, geeft hiervoor beperkte mogelijkheden. Op langere termijn kan verbreding van deze duinenrij hierdoor de beste oplossingsrichting blijken. Bij het toelaten van nieuw gebruik/nieuwe bebouwing houden we rekening met de meest actuele toekomstverwachtingen wat betreft het dynamisch kustbeheer en de daaruit volgende maatregelen. Dit kan bijvoorbeeld door middel van het afwegen van de wenselijkheid van bepaalde investeringen/exploitatieperiodes of door het meenemen van bepaalde ontwikkelprincipes die goed aansluiten op het versterken van het duingebied. Waterveiligheid, nu en in de toekomst, heeft hierbij de hoogste prioriteit als randvoorwaarde om veilig te kunnen wonen, werken en ontspannen in de gemeente Den Helder. In ieder geval is belangrijk om rekening te houden met een strook binnendijkse ruimte die nodig is voor kustbeheer en waterveiligheid.

Duinzoom-Noord

De Duinzoom ten noorden van camping ’t Noorder Sandt is een open agrarisch landschap. De smalle duinen zorgen er voor dat dit agrarische landschap hier dicht bij de kust ligt. Dit wordt gezien als een landschappelijke kwaliteit van het gebied, maar maakt het gebied op termijn ook kwetsbaar ten opzichte van toekomstige zeespiegelstijging. Mede door schaalvergroting en verzilting is het agrarisch gebruik in ontwikkeling. Er is bijvoorbeeld regelmatig sprake van initiatieven voor recreatief medegebruik, bijvoorbeeld in de vorm van minicampings. We zetten er voor de kortere termijn op in om het open karakter van het gebied te behouden, als buffer tussen Den Helder en Julianadorp. Op de langere termijn kan een verbreding van de duinenrij een belangrijke oplossing bieden voor de stijgende zeespiegel en kansen bieden voor nieuwe kustnatuur en –landschappen. Inpassing van agrarisch en recreatief medegebruik hierbinnen is een belangrijk ontwerpvraagstuk.

Duinzoom-Zuid

In Duinzoom-Zuid is kwaliteit boven kwantiteit het devies voor verdere ontwikkeling van de toeristische sector in Julianadorp. Vooral opwaardering van bestaande vakantieparken en campings staat op de agenda. Particulier eigendom loopt risico op achterstallig onderhoud en op sommige parken is er sprake van een trend van toenemend gebruik door bijv. seizoenarbeiders. Dit is een aanslag op de kwaliteit (en daarmee uiteindelijk ook de toekomstbestendigheid) van de recreatieve omgeving. Regionaal wordt in de komende jaren ingezet op een kwalitatieve opwaardering van bestaande vakantieparken.

Ook het stapsgewijs volbouwen van het landschap vormt een risico, aangezien hiermee belangrijke kwaliteiten die toeristen aantrekken (ruimte, openheid, het kustlandschap) in het gedrang komen. Bij toevoeging aan het bestaande aanbod richten we ons op bijzondere overnachtingsvormen (groepsaccommodaties, ‘glamping’, inclusief/toegankelijk toerisme) en vernieuwend aanbod. Bij nieuwe ontwikkelingen houden we rekening met de mogelijkheden voor natuur-/landschapsontwikkeling, de inpassing in de bestaande omgeving en de betekenis voor de versterking van de ligging van Julianadorp aan Zee. We zorgen voor een richtinggevend kader voor nieuwe initiatieven, om bij te dragen aan een goede inpassing hiervan. Op dit moment is Julianadorp aan Zee erg monofunctioneel gericht op verblijfsrecreatie en zijn de bestaande vakantieparken veelal op zichzelf gericht. Een duidelijk recreatief hart voor Julianadorp aan Zee, met bijvoorbeeld een concentratie van horeca en kleinschalige voorzieningen, ontbreekt. Bij ontwikkelingen in het gebied wordt de kans om een hart voor Julianadorp aan Zee te realiseren onderzocht.

Bij de kwaliteitsversterking van het gebied past ook een herprofilering van de Zanddijk. Deze weg vormt op dit moment een barrière tussen het strand en de verblijfsrecreatie en het dorp. We zetten in op een profilering als recreatieve kustweg, met gebruik en snelheden die daarbij passen, en een betere oversteekbaarheid voor langzaam verkeer. Daarnaast zetten we in op betere recreatieve routes tussen het dorp en de binnenduinrand. De mogelijkheden om vanuit het dorp door de binnenduinrand naar de kust te komen zijn momenteel beperkt, waardoor Julianadorp gevoelsmatig nauwelijks aan de kust ligt. We zetten in op betere en aanvullende verbindingen tussen het dorp en de kust, bijvoorbeeld over huidige of toekomstige vakantieparken. Door de verbindingen te verbeteren willen we het onderscheid tussen Julianadorp en Julianadorp aan Zee verkleinen en op termijn laten verdwijnen.

Ook de fiets- en kanoroute zien we als belangrijke recreatieve voorziening. In de toekomst willen we de fiets- en kanoroute doortrekken richting het zuiden, tot aan de Callantsogervaart of, in samenwerking met de gemeente Schagen, tot verder in de Koegraspolder. Door de fiets- en kanoroute te verlengen liggen er kansen om de route aan te sluiten op De Slenk en hiermee een doorgaande vaarroute tussen Julianadorp en Den Helder te realiseren. Ook de meer zuidelijk gelegen vakantieparken kunnen bij een verlenging hiervan profiteren.

Duinen & strand

In het Kustpact zijn gedeelde waarden voor een balans tussen economie, natuur en landschap afgesproken tussen het Rijk, kustprovincies en –gemeenten en vertegenwoordigers van belangenorganisaties. Dit is per provincie nader uitgewerkt. De strandzonering voor Noord-Holland betekent dat er in Den Helder behalve de bestaande voorzieningen geen ruimte is voor verdere strandbebouwing. Er is wel ruimte voor innovatie. Het strand en de duinen zijn van groot belang als primaire waterkering en ontwikkelingen rondom kustbeheer kunnen in de toekomst de ruimte voor diverse vormen van medegebruik beïnvloeden.

In het duingebied blijven ook in de toekomst de bijzondere natuurwaarden centraal staan. Behoud van het open karakter van het landschap is daarbij van belang. Als onderdeel van de voormalige Atlantikwall wordt ook rond Julianadorp gestreefd naar het behoud van restanten van de Atlantikwall als landschappelijke elementen. Zowel op nationaal- als internationaal niveau is er een groeiende aandacht voor de Atlantikwall. Een voorbeeld hiervan is het Atlantikwallmuseum op Huisduinen. In Julianadorp is vooral de anti-tankgracht een bijzonder landschappelijk element, maar ook de bunkers vertellen een deel van het verhaal van de Atlantikwall. Bijzondere elementen van de Atlantikwall behouden en beschermen we, zodat zij als onlosmakelijk deel van de geschiedenis van het gebied bewaard blijven voor huidige en toekomstige generaties.

Door de duinen lopen de strandopgangen naar het Noordzeestrand. De komende jaren is er behoefte aan verbeteringen bij een aantal strandslagen. We zetten hierbij met name in op het aanbrengen van voorzieningen en het goed regelen van bereikbaarheid en parkeren. Belangrijk uitgangspunt voor het gebied is dat het karakter van de strandslagen passend moet zijn bij het gebruik van het achterliggende strand. Belangrijke randvoorwaarden zijn daarnaast een voldoende waterkerende hoogte van de strandslag (de primaire waterkering mag niet worden verzwakt) en de bereikbaarheid voor het strand voor nood- en hulpdiensten, zandsuppleties en andere werkzaamheden. Binnen deze kaders werken we aan een optimalisatie van de strandopgangen.

Julianadorp kent een aantal populaire lokale en regionale evenementen (Julianapop, Julianadorp Power Festival), maar deze zijn slechts weinig gericht op toerisme. Gezien het belang van het toerisme en het grote aantal overnachtingen liggen hier wellicht kansen. Ook evenementen op agrarisch gebied zijn wellicht kansrijk en passend bij het karakter van Julianadorp. Initiatieven voor evenementen gericht op het toerisme of de agrarische sector benaderen we positief.

12.5 De Koegraspolder als agrarisch gebied van de toekomst

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Julianadorp ligt midden in de Koegraspolder, waarvan de noordzijde bij de gemeente Den Helder hoort en de zuidzijde onder het grondgebied van de gemeente Schagen valt. De polder is onderdeel van het grootste aaneengesloten bollengebied van Europa en wordt door de Provincie Noord-Holland dan ook aangemerkt als bollenconcentratiegebied, waarin agrarisch gebruik zich richt op de bollenteelt. De bloemenvelden zijn beeldbepalend in het seizoen en worden niet enkel breed gewaardeerd door de inwoners, maar ook de vele bezoekers van Julianadorp en de regio.

Het agrarisch gebruik komt in de toekomst waarschijnlijk meer onder druk te staan, als gevolg van extremen van neerslag en droogte als gevolg van klimaatverandering. Twee grote uitdagingen zijn met name aan de orde voor de agrarische sector. De eerste is het gebrek aan overloopgebieden bij extreme regenval. Hierdoor is het niet mogelijk om extreme regenval op te vangen in gebieden die ingericht zijn op het tijdelijk bergen van grote hoeveelheden neerslag. Bij extreme regenval loopt de agrarische sector daardoor behoorlijke risico’s op schade. De tweede uitdaging is de toenemende kans op droogte in de zomers en deels hiermee samenhangend, het verzilten van de diepere grondlagen.

De betrokken partijen in het gebied erkennen de noodzaak om samen te werken om de bollenteelt in de Koegras te kunnen voortzetten. Agrariërs, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) en de gemeente Den Helder staan gezamenlijk voor de grote uitdagingen in het gebied als gevolg van een veranderend klimaat. Op basis van het toekomstperspectief voor het gebied gaan betrokken partijen in gesprek over de mogelijkheden om het watersysteem hierop te laten aansluiten. Hiervoor zijn mogelijk maatregelen nodig in de toekomst. Hierbij kijken we naar het hele poldersysteem, inclusief de Duinzoom en bebouwde omgeving van Julianadorp. Op korte termijn kunnen door middel van dialoog en het delen van kennis problemen omtrent de bodem en het watersysteem al zoveel mogelijk problemen worden voorkomen.

We ondersteunen agrariërs in het gebied zo goed mogelijk bij de uitdagingen die op hen af komen. Een deel van de agrariërs heeft de afgelopen jaren de bedrijfsvoering verbreedt met andere functies (zoals recreatie en de opwek van duurzame energie) of heeft hier concrete plannen voor. Hier geven we ruimte voor mits de activiteiten passend zijn in het karakter van de polder en goed kunnen worden ingepast in het landschap. We willen de belangrijke kwaliteit van het open landschap behouden in de Koegraspolder en zetten daarom in op het zoveel mogelijk concentreren van nieuwe ontwikkelingen op en rondom de agrarische erven. Functies die ondersteunend zijn aan de agrarische functie, zoals bijvoorbeeld de huisvesting van seizoenarbeiders, worden ook zoveel mogelijk geconcentreerd op agrarische erven. Een belangrijke randvoorwaarde bij functieverbreding is een goede omgang met afvalwater, met het oog op de waterkwaliteit van de polder. Ook agrariërs die aan de slag gaan met de verduurzaming van hun bedrijfsactiviteiten en/of grondgebruik, denk bijvoorbeeld aan andere vormen van landbouw, het meer ruimte geven voor natuur of de aanleg van waterberging, ondersteunen we bij deze transities.

De Koegraspolder heeft, als open landschap tussen Den Helder en Julianadorp, ook een belangrijke rol op het gebied van mobiliteit. De belangrijkste verbinding tussen Julianadorp en Den Helder, de Nieuweweg/Langevliet, loopt dwars door de polder. Regionaal wordt gewerkt aan de realisatie van een doorfietsroutenetwerk in de Kop van Noord-Holland. Kenmerk van zo’n doorfietsroute is dat op de route een fietser vrijwel niet hoeft te stoppen op kruispunten met andere wegen, dus voorrang heeft. Julianadorp vormt een belangrijke schakel voor de route tussen Den Helder en Schagen. Deze route is geprojecteerd over de Langevliet, via de veerpont, richting Anna Paulowna en vanaf daar verder naar Schagen. Aangezien de veerpont niet altijd vaart is ook een alternatieve route voorzien via de Middenvliet en Kooypunt. Om de doorfietsroute altijd beschikbaar te hebben, ook wanneer de veerpont niet vaart, zetten we voor de toekomst in op een oplossing voor dit knelpunt in de regionale route.

De verbinding voor fietsverkeer tussen Julianadorp en belangrijke werkgebieden zoals Kooypunt en de zuidpoort van het terrein van de Nieuwe Haven (Koninklijke Marine) is op dit moment matig. Fietsers moeten gebruik maken van de als onprettig ervaren parallelweg langs de N9. Op langere termijn zetten we in op de realisatie van een aantrekkelijke en meer veilige ontsluiting door de aanleg van een fietspad over de Middenvliet naar Kooypunt en verder naar de zuidpoort van het Marineterrein. Hiermee wordt ook bijgedragen aan het realiseren van een extra (recreatieve) oost-west verbinding tussen de Noordzeekust en de Waddenzeekust.

Afbeelding: Beoogd netwerk doorfietsroutes rondom Julianadorp

13Deelvisie Huisduinen

13.1 Inleiding & context

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Huisduinen is een klein kustdorp, gelegen op de overgang tussen de Noordzee en de Waddenzee en ingeklemd tussen duinen en polder. Bovendien is Huisduinen de oudste kern binnen de gemeente, met een lange historie van (onder andere) strijd tegen de zee, walvisvaart en militair gebruik. Het spectaculaire landschap, de tastbare (overblijfselen van de) geschiedenis en het eigen karakter van het dorp maken Huisduinen en omgeving een bijzonder gebied, die vraagt om een visie voor de toekomst.

De opgave voor Huisduinen is een balans te vinden tussen natuur, authenticiteit van het dorp & ambities. De waarden (geschiedenis, ligging, natuur, cultuurhistorie) vertalen zich in Huisduinen tot een woonomgeving waarover de inwoners zeer tevreden zijn. De binding is sterk en men is trots op het dorp. Huisduinen is een van de populairste woonlocaties in de gemeente en wordt door sommigen beschouwd als ‘villawijk van Den Helder’.

De genoemde waarden worden niet enkel ervaren door de bewoners van Huisduinen. De rust en ruimte van de natuurgebieden (Grafelijkheidsduinen, Huisduinerpolder en strand) worden door bewoners vanuit heel Den Helder gebruikt voor recreatie. De aantrekkingskracht van strand en cultuurhistorie (Fort Kijkduin, vuurtoren ‘De Lange Jaap’) ligt op een hoger schaalniveau. Toeristen en dagrecreanten weten deze goed te vinden vanuit de regio en verder. De vuurtoren geldt tevens als een icoon van Den Helder.

Deze visie geeft een integrale ontwikkelrichting voor het dorp Huisduinen en haar natuurlijke omgeving en beschrijft de ambities om het dorp kleinschalig verder te laten ontwikkelen.

Visie

Als uitgangspunt voor Huisduinen stellen we dat het dorp zich kleinschalig verder kan ontwikkelen, op basis van de huidige kwaliteit van natuur, cultuur en sfeer. De kwaliteiten van het dorp waarover brede tevredenheid bestaat vragen niet om grote veranderingen en moeten zoveel mogelijk beschermd worden (‘Niet meegaan in de vaart der volkeren en conserveren is ook een kwaliteit’). Daar tegenover staat dat sommige gebieden een versterking kunnen gebruiken om de kwaliteit van het geheel te versterken. Hier geldt ‘behoud door gebruik’, cultureel erfgoed wat niet (optimaal) benut wordt zal op lange termijn achteruit gaan en zijn waarde kunnen gaan verliezen. Daarom kiezen we voor ontwikkeling, op een passende en kleinschalige wijze.

"Als antwoord op het dilemma tussen ‘conserveren’ en ‘behouden door ontwikkeling’ wordt geformuleerd: organisch ontwikkelen, waarbij een hoge kwaliteit leidend is en door een kenmerkend en kleinschalig karakter de rust en identiteit van het dorp gewaarborgd blijft. Hierbij zal Huisduinen kleinschalig verder ontwikkelen op toeristisch gebied, gericht op specifieke doelgroepen. De woonkwaliteit in het dorp wordt vastgehouden en waar mogelijk versterkt door toevoeging van sfeer en ruimtelijke kwaliteit."

13.2 De natuurlijke omgeving behoudt zijn huidige kwaliteit

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

Voor de natuurlijke gebieden in Huisduinen betekent doorontwikkeling binnen het karakter van Huisduinen dat het huidige karakter wordt vastgehouden en wordt gewerkt aan behoud en versterking van de aanwezige kwaliteit.

Grafelijkheidsduinen

De Grafelijkheidsduinen zijn beschermd natuurgebied (Natura 2000) en voor een deel ontoegankelijk. De belangrijkste reden hiervoor is de bescherming van de hoge natuurwaarde in het gebied en kwetsbare soorten die daarbinnen leven, zoals de tapuit. Ook de begrazing van het gebied speelt hierin een rol. Grote veranderingen in het beheer en het karakter van het gebied zijn niet gewenst en ook niet nodig. De kwaliteit van de duinen wordt breed gewaardeerd. Deze waardering zorgt echter ook voor een behoorlijke recreatiedruk en vraag om een groter deel van het gebied open te stellen voor recreatie. Deze wensen verhouden zich lastig tot de bescherming van het gebied.

Om meer ruimte te geven voor recreatie in de duinen zetten we in op de transformatie van een aantal afgestoten sportvelden in het zuidelijke deel van sportpark De Streepjesberg, langs de rand van Nieuw Den Helder. Deze natuurontwikkeling op de Streepjesberg versterkt zowel de natuurwaarden van de Grafelijkheidsduinen als de beleefbaarheid van het gebied vanuit Nieuw Den Helder. Bestaande wandel- en fietsroutes vanuit Huisduinen kunnen hieraan worden verbonden, waardoor een groter deel van de duinen beleefbaar wordt en de recreatieve druk op de Grafelijkheidsduinen beter gespreid kan worden. Ook zetten gemeente en Landschap Noord-Holland, beheerder van de Grafelijkheidsduinen, in op spreiding van de recreatiedruk naar andere gebieden, zoals de Huisduinerpolder.

Huisduinerpolder

De Huisduinerpolder is een historische, kleinschalige polder die vooral gekenmerkt wordt door kleinschalig agrarisch gebruik en natuur. De polder is door de Provincie Noord-Holland aangewezen als NNN-gebied (Natuurnetwerk Nederland, een beschermingsregime voor natuurgebieden). Voor een belangrijk deel heeft de polder echter een agrarische invulling, met kleinschalige vee- en paardenhouderij. We streven naar een goede combinatie tussen beide functies in deze bijzondere, historische polder. Om het open karakter van het gebied te beschermen gaan we verrommeling van hetgebied tegen. Hierbij is in principe geen ruimte voor nieuwe bebouwing, met uitzondering voor een enkele schuilstal voor het vee en de paarden die in de polder aanwezig zijn.

In samenspraak met de beheerder, Landschap Noord-Holland, zetten we in op het beschermen en herstellen van de aanwezige natuurwaarden in de polder. Daarnaast wordt gezamenlijk gestreefd naar een goede recreatieve route via de Grasdijk, waarmee een alternatief geboden kan worden voor de Grafelijkheidsduinen waar de recreatieve druk op sommige plaatsen behoorlijk hoog is.

Behoud vuurtoren ‘De Lange Jaap’

De gietijzeren vuurtoren ‘De Lange Jaap’ is al sinds de ingebruikname in 1878 een beeldbepalend icoon voor Huisduinen en de rest van de gemeente. Met zijn hoogte van ruim 63 meter torent dit icoon letterlijk uit boven de Huisduinerpolder en de rest van de omgeving en domineert de vuurtoren de horizon. Dit feit wordt in het donker nog verder versterkt, wanneer de lichtsignalen van De Lange Jaap tot ver in de omtrek te zien zijn. De vuurtoren hoort onmiskenbaar bij Huisduinen en haar natuurlijke omgeving en is niet weg te denken. Vanwege scheuren in de vloeren is de vuurtoren al lange tijd niet toegankelijk voor publiek.

In 2021 werd echter bekend dat door eigenaar Rijkswaterstaat scheuren zijn ontdekt in de wandpanelen, die ervoor zorgen dat de constructie mogelijk acuut onveilig is. Vanuit Rijkswaterstaat is erkend dat er eerder maatregelen hadden moeten worden genomen en wordt een uiterste poging gedaan om tot herstel van de vuurtoren over te gaan. De gemeente zet zich, net als veel inwoners, ondernemers en andere partijen, in voor behoud van de Lange Jaap en spant zich in om partijen te bewegen om tot oplossingen hiervoor te komen.

Kust & strand(zone)

Huisduinen bevindt zich op de overgang tussen de Noordzee en de Waddenzee, gesymboliseerd door ‘Paal 0’. Beide zeeën zijn bepalend voor het karakter en de historie van Huisduinen. Als beschermde natuurgebieden zijn beiden ook belangrijk voor de natuur en de natuurlijke omgeving van Huisduinen. Het strand en de strandzone zijn daarnaast van groot belang voor het toerisme en (dag)recreatie in Huisduinen. Hier bevindt zich een groot deel van de horeca en overnachtingsmogelijkheden in het dorp. Daarnaast zijn ook Fort Kijkduin en de eerste toegang tot het strand vanaf Den Helder hier te vinden. Het strand bij Huisduinen heeft een duidelijk karakter als familiestrand. In het seizoen is er ruimte voor een strandpaviljoen en eventueel andere (kleinschalige) voorzieningen voor dagrecreatie op het strand.

13.3 Woningbouw in Huisduinen gebeurt op een organische wijze

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

De woonkwaliteit van Huisduinen is zeer goed en Huisduinen staat bekend als een van de meest gewaardeerde woonlocaties in de gemeente Den Helder. We willen deze kwaliteit vast houden en waar mogelijk nog verder te verbeteren. Door de natuurlijke omgeving van Huisduinen is de ruimte voor uitbreiding van het dorp beperkt. Met de realisatie van het OS&O terrein heeft Huisduinen recent een verhoudingsgewijs stevige uitbreiding gerealiseerd en grootschalige nieuwbouw wordt voor de komende jaren niet voorzien op Huisduinen. Wel kunnen hier en daar woningen worden toegevoegd, bijvoorbeeld op vrijkomende locaties of door ontwikkeling op bestaande kavels. Dit kan ook door initiatiefnemers in Huisduinen zelf gedaan worden, op basis van particulier opdrachtgeverschap.

De behoefte vanuit de inwoners van Huisduinen ligt vooral bij specifieke woningtypen, levensloopbestendige woningen voor oudere inwoners en kleinere, betaalbare huizen, zodat kinderen op het dorp kunnen blijven wonen. De ruimte is beperkt om deze behoefte binnen Huisduinen te realiseren. Wel kan dit deels worden gerealiseerd door middel van aanpassingen aan bestaande woningen. Daarnaast is het van belang om richting de toekomst rekening te houden met grote vraagstukken, zoals de energietransitie en klimaatadaptatie.

Tillenhof 2 Tillenhof 2 is een voormalige locatie van Rijkswaterstaat, gelegen aan de voet van het Admiraal Verhuellplein. Voor de ontwikkeling van Tillenhof 2 zet de gemeente in op een integrale combinatie van wonen en bezoekersparkeren voor recreanten. Ook landschapsherstel is een belangrijk aandachtspunt. In het gebied spelen er zorgen wat betreft de sociale veiligheid van het gebied. Door de beschutte ligging zijn er weinig ogen op het gebied gericht en leent het terrein zich daarmee voor ongewenste activiteiten. Door het toevoegen van kleinschalige woningbouw aan het gebied kan de sociale veiligheid in het gebied flink worden verbeterd. Verbetering van de wandelverbindingen en een goede sturing vanverkeersstromen tussen Tillenhof 2 en het Admiraal Verhuellplein zijn andere aandachtspunten voor de uiteindelijke invulling van dit gebied.

Duurzaamheid Het levensloopbestendig maken van bestaande woningen voor ouderen om daar langer thuis te kunnen blijven wonen is een goed voorbeeld van initiatieven die bewoners, gemeente en andere partijen kunnen uitwerken om Huisduinen duurzamer te maken. In vroeger tijden konden ouderen in het bejaardenhuis in Huisduinen (“Avondrust”) terecht. Tegenwoordig wordt echter ingezet op het langer thuis laten wonen van ouderen. Een groot deel van de woningvoorraad is echter nog niet (voldoende) geschikt. Dit vraagt om een gezamenlijke aanpak van de gemeente en eigenaren.

Ook initiatieven op het gebied van duurzame energieopwekking (wind-, zon- & getijdenstroom) kunnen gemeente, bewoners en andere partijen samen oppakken. We hebben als ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn in de gemeente Den Helder. De gemeente speelt hierin een stimulerende rol, maar is ook afhankelijk van acties van bewoners en bedrijven om te komen tot goede, haalbare oplossingen voor verduurzaming. Belangrijk hierbij is dat ook rekening wordt gehouden met het landschap en het karakter van Huisduinen.

We streven naar een openbare ruimte die bestand is tegen extremere weersomstandigheden in de toekomst, als gevolg van klimaatverandering. De gemeente zal bij herinrichting van openbare ruimte klimaatadaptieve maatregelen nemen, te beginnen op punten waar op dit moment al geregeld problemen, zoals wateroverlast, spelen.

Voor grote vraagstukken, zoals het verduurzamen van Huisduinen, is samenwerking tussen bewoners, ondernemers, gemeente en andere partijen van groot belang. Ook de inbreng van kennis, bijvoorbeeld vanuit het onderwijs, kan een belangrijke rol spelen. In de toekomst zullen dergelijke netwerken steeds belangrijker worden voor de aanpak van complexe problemen. Om hiervan te profiteren is niet alleen organisatie van dergelijke netwerken belangrijk, maar zijn ook fysieke plekken nodig om deze bij elkaar te brengen. Op Huisduinen kunnen bijvoorbeeld het Dorpshuis en Fort Kijkduin hier een belangrijke rol in spelen.

Voorzieningen Het Dorpsphuis is een belangrijke voorziening voor de bewoners van Huisduinen. Het fungeert als ontmoetingsplek, biedt onderdak aan het verenigingsleven en vanuit het Dorpshuis wordt door bewonersorganisatie Huisduiner Belang een breed scala aan sociale en maatschappelijke activiteiten georganiseerd.

Verder zijn er slechts weinig voorzieningen in het dorp. Nieuw Den Helder ligt echter slechts op geringe afstand en biedt dagelijkse voorzieningen. Daarnaast biedt het centrum van Den Helder een breder scala aan voorzieningen op het gebied van o.a. cultuur, leisure en detailhandel. Het draagvlak voor extra voorzieningen, bijvoorbeeld op zichzelf staande detailhandel in het dorp, is beperkt en om deze reden wordt hier niet op ingezet.

13.4 Auto te gast in Huisduinen

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

In lijn met het karakter van Huisduinen, waarin rust en ruimte een belangrijke rol innemen, krijgt de auto een minder prominente plaats op de weg in Huisduinen. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor fietsers en voetgangers. De strandzone, lopend vanaf het Dorpsplein tot Fort Kijkduin, richten we in als een verblijfsgebied voor bewoners en bezoekers.

Meer ruimte voor fietsers en voetgangers Door herinrichting en ingrepen waar nodig krijgen fietsers en voetgangers meer ruimte binnen het dorp. Toeristen en recreanten worden aangemoedigd om zoveel mogelijk op de fiets te komen, dit doen we onder meer door goede fietsenstallingen en/of rekken bij de toegang tot het strand bij Fort Kijkduin en onder aan de dijk beschikbaar te stellen. Wegen in het dorp richten we zo in dat de snelheid wordt geremd en hard rijden lastiger of zelfs onmogelijk wordt. Op dit moment nodigen een aantal wegen in Huisduinen uit tot te hard rijden, waardoor overlast en gevaarlijke situaties ontstaan. Dit is onwenselijk en past niet bij het karakter van Huisduinen, als rustig en gastvrij dorp.

Verblijfsgebieden Het Dorpsplein is met voorzieningen als het Huisduiner Kerkje en het Dorpshuis het centrum van Huisduinen. Het plein speelt een belangrijke rol als ontmoetingsplek, met name ook tijdens feestdagen en evenementen als de Huisduiner Kermis en de intocht van de strandzesdaagse. Hiermee is dit een belangrijk verblijfsgebied, waar doorgaand autoverkeer te gast is ten opzichte van fietsers, wandelaars en mensen die op het plein verblijven. Op het plein komt het omringende duinlandschap terug in het groen en de aankleding van het plein. Hiermee is de openbare ruimte ook beter ingericht op zwaardere buien in de toekomst en zijn eerdere problemen met de afwatering op en rond het plein opgelost. Ook biedt het verblijfsgebied ruimte voor de evenementen die het dorpsleven in Huisduinen kenmerken, zoals de Huisduiner Kermis en de intocht van de Strandzesdaagse.

We hebben de ambitie om de kwaliteit van het verblijfsgebied op het Dorpsplein, dat momenteel loopt tot aan de Zeeweg en de voet van de Helderse Zeewering, verder door te trekken tot aan Fort Kijkduin. Hierdoor wordt dit gebied, waar de toeristische en recreatieve activiteiten van Huisduinen zich concentreren, aantrekkelijker voor bezoekers en krijgt langzaam verkeer ook daar meer ruimte ten opzichte van de huidige situatie. De aanleg van een aantrekkelijke dijkopgang, in aansluiting op de recente herinrichting van het Dorpsplein, biedt ook een kwalitatieve impuls aan het gebied en maakt de relatie tussen de dijk en het Dorpsplein, als centrum van Huisduinen sterker. Hiermee ontstaat een aantrekkelijk gebied voor bewoners en bezoekers ontstaan, lopend van het Dorpsplein langs de dijk tot aan het Fort Kijkduin en het strand.

Afbeelding: Het Dorpsplein is heringericht als aantrekkelijk, groen en autoluw verblijfsgebied

Parkeren Parkeren voor bewoners wordt zoveel mogelijk opgelost op eigen erf of in eigen straat. Het type woningen en de ruimte opzet van Huisduinen bieden hier voldoende ruimte voor. Voor het cultureel erfgoed en de horecagelegenheden in de strandzone is voldoende parkeergelegenheid een belangrijke voorwaarde. Hoewel wordt ingezet op het stimuleren van fietsen en wandelen zal ook in de toekomst behoefte blijven aan parkeergelegenheid in dit gebied. De beschikbare ruimte voor parkeren bestaat voornamelijk uit het Admiraal Verhuellplein (plein voor Fort Kijkduin). Uit parkeeronderzoek is gebleken dat het inzetten van een gedeelte van de locatie Tillenhof 2 het beste alternatief is om als ‘overloopgebied’ te fungeren van de parkeerplaatsen op het Admiraal Verhuellplein. De parkeerbehoefte is echter niet dusdanig groot dat het hele gebied hiervoor moet worden ingericht. Voor het Tillenhof wordt daarom ingezet op een integrale combinatie tussen wonen en parkeren, waarmee grote pieken in de (recreatieve) parkeervraag kunnen worden opgevangen.

Het Admiraal Verhuellplein heeft momenteel een matige uitstraling, slecht passend bij het monumentale fort aan het plein. Met de ambitie om het Admiraal Verhuellplein en een deel van de Zeeweg her in te richten tot een aantrekkelijk (verblijfs)gebied dat aansluit op het Dorpsplein wordt gestreefd naar een passende uitstraling. Gezien de belangrijke rol van het Admiraal Verhuellplein voor het parkeren in de strandzone wordt hier rekening mee gehouden bij toekomstige herinrichting.

Fiets- en wandelroutes

Rondom het dorp zijn mooie fiets- en wandelroutes in de natuurlijke omgeving, maar deze zijn niet altijd even goed terug te vinden in Huisduinen. Ambitie is om bij herinrichting van wegen binnen het dorp een goede aansluiting te maken op deze fiets- en wandelroutes.

De Grasdijk is onderdeel van de Napoleonroute door Den Helder en Huisduinen en vormt een belangrijke recreatieve route tussen Fort Kijkduin en de rest van De Stelling Den Helder. Ook biedt deze recreatieve route bewoners en bezoekers de kans om te genieten van de natuur in de Huisduiner Polder. Door de hoge druk op de beschermde Grafelijkheidsduinen zoeken gemeente en Landschap Noord-Holland gezamenlijk naar manieren om de recreatieve druk te verspreiden over het gebied. De Huisduiner Polder en fiets- en wandelroutes door het gebied heen richting stad en Stelling biedt een interessant alternatief op het duingebied

Toegangswegen Door de natuurlijke omgeving van Huisduinen kan slechts via drie toegangswegen (Duinweg, Huisduinerweg & Schapendijkje) het dorp bereikt worden vanuit Den Helder. Ook zijn er enkele fiets- en wandelroutes waarmee het dorp ‘binnendoor’ bereikt kan worden. Voor de bereikbaarheid van Huisduinen is het van belang dat het Schapendijkje open blijft als volwaardige weg voor auto’s, met verkeersremmende maatregelen waar nodig. De verkeersveiligheid voor fietsers op deze toegangswegen is een belangrijk aandachtspunt voor de gemeente, waaraan aandacht wordt besteed bij de (her)inrichting van deze wegen.

13.5 Kleinschalig toerisme rondom strand, dijk en militair cultureel erfgoed

De volledige versie (inclusief kaarten en coverillustraties) is te vinden op: www.denhelder.nl/omgevingsvisie Klik hier voor de overzichtskaart

In Huisduinen is er zowel sprake van kleinschalig kusttoerisme als van ‘stedelijk toerisme’, op basis van het aanwezige militair cultureel erfgoed. Ook de kenmerkende uitstraling van Huisduinen zelf is een toeristische trekker. Op basis van deze elementen kan het toerisme in Huisduinen kleinschalig verder worden ontwikkeld. Dit past ook goed binnen de opgave om de toeristische sector in Den Helder verder te ontwikkelen, als belangrijk onderdeel van de economie. Toeristische ontwikkelingen sluiten zoveel mogelijk aan bij de huidige sfeer en versterken de kwaliteiten die er al zijn, zoals het militair-cultureel erfgoed, het familiestrand bij Huisduinen en de uitzichten vanaf de Helderse Zeedijk.

Strand(opgang) Iets voorbij Fort Kijkduin is de eerste strandopgang vanaf de stad Den Helder te vinden. Het strand bij Huisduinen heeft een duidelijk karakter als familiestrand. In het seizoen is er ruimte voor een strandpaviljoen en eventueel andere (kleinschalige) voorzieningen voor dagrecreatie op het strand. Kleinschalige projecten die goed in de strandzone en bij de sfeer van het dorp zouden kunnen passen zijn (durf)watersport met bijbehorende voorzieningen, gezondheid/wellness en kunst/cultuur. Het “buitenbad” in zee is kenmerkend voor Huisduinen en moet zijn unieke eenvoud behouden.

Door de strategie van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) om door verzanding de huidige duinenrij te versterken is de bereikbaarheid van het strand vanuit Huisduinen onder druk komen te staan. Door dagrecreanten uit Den Helder en de regio (veelal families) wordt deze opgang echter veelvuldig gebruikt, vanwege de mogelijkheden om dichtbij te parkeren en de eenvoudige toegang tot het strand. Tevens vormt deze strandopgang de toegang tot het strand voor onder andere hulpdiensten, strandtenthouders en de kustzeilvereniging (auto met boottrailers). De bereikbaarheid van het strand is belangrijk en daarom is gezocht naar oplossingsrichtingen. We realiseren aan de zeezijde van de duinen een nieuwe strandopgang tussen Fort Kijkduin en strandpaviljoen Factor 30.

Fort Kijkduin, Atlantikwallmuseum en Flagruko bunker Huisduinen kent een aanzienlijke hoeveelheid interessant militair-cultureel erfgoed, als gevolg van de unieke ligging aan de Noordzee en de nabijheid van marinestad Den Helder. Het bekendste militair cultureel erfgoed in Huisduinen is Fort Kijkduin, dat stamt uit de Napoleontische tijd. Na tot in de Tweede Wereldoorlog gebruikt te zijn is het fort daarna in onbruik geraakt, waarna in de jaren ’90 een grote renovatie heeft plaatsgevonden en het fort is heropend als museum en zeeaquarium, met een mogelijkheid voor horeca op de bovenverdieping.

Verder bestaat een groot deel van dit erfgoed uit onderdelen van de Atlantikwall, een rij fortificaties en bunkers langs de gehele Atlantische kust van Europa, van Noorwegen tot aan Zuid-Frankrijk, welke in onbruik is geraakt na afloop van de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog. Twee gebouwen zijn van bijzondere (toeristische) interesse, namelijk het Administratiegebouw (“het Casino”) van de Duitse marine uit de Tweede Wereldoorlog en de unieke, vlakbij gelegen zogenaamde Flagruko (“Kroontjesbunker”). In het Administratiegebouw is het Atlantikwallmuseum gevestigd, een museum over de geschiedenis van de Atlantikwall en de diepe sporen die dit in Europa, en zeker ook in de gemeente Den Helder, heeft nagelaten. De Kroontjesbunker ligt in de beschermde Grafelijkheidsduinen en is op dit moment enkel onder begeleiding te bezichtigen.

Fort Kijkduin en het Atlantikwallmuseum liggen dicht bij elkaar en zetten er op in om één doorlopend verhaal te vertellen dat begint in Fort Kijkduin en wordt vervolgd in het Administratiegebouw. De geschiedenis van Den Helder als vesting (Stelling Den Helder) tot en met de meidagen 1940 wordt getoond in het Fort Kijkduin. De Atlantikwall en de oorlogsgeschiedenis van het Waddengebied en van Den Helder krijgen een plaats in het Atlantikwallmuseum. Die laatste vormt de uitvalsbasis voor bezoekers van het oorlogserfgoed in Den Helder en omgeving en in het Waddengebied.

Inzet is om het militair-cultureel erfgoed in Huisduinen verder op te knappen. Met betrokken partijen wordt gestreefd om door middel van samenwerking en promotie te werken aan een bescheiden groei in bezoekersaantallen ten opzichte van de afgelopen jaren. Stichting Erfgoed Den Helder zet in op een samenhangende ontwikkeling van De Stelling Den Helder, waaronder Willemsoord, de Helderse Zeewering en de forten Erfprins, Dirksz. Admiraal, Westoever en Harssens. Een zeer belangrijke ambitie hierbij is het realiseren van het ‘Rondje Stelling’, waarbij alle onderdelen van De Stelling op een goede manier met elkaar verbonden worden met wandel-,fiets- en vaarroutes en een gezamenlijkeprogrammering en promotie. Fort Kijkduin en het Atlantikwallmuseum zijn een extra lus aan dit ‘Rondje Stelling’, die de moeite meer dan waard is en bezoekers momenteel al goed weten te vinden.

Dijk & horeca De Helderse Zeedijk is een kenmerkend element in Huisduinen. Het staat symbool voor de voortdurende strijd tegen het water, gedurende de geschiedenis, vandaag de dag en richting de toekomst. Veel mensen wagen zich tijdens een storm op de dijk om over de woeste zee uit te kijken. Tegelijkertijd is het ook een uniek uitzichtpunt op mooie dagen, van waaruit kan worden uitgekeken over de Noordzee, de Razende Bol, Den Helder en over het Marsdiep richting Texel. De waterveiligheid van de dijk is een continue prioriteit. We houden rekening met een toekomstige versterking van de dijk en zorgen dat hier voldoende ruimte voor beschikbaar blijft. De aantrekkelijkheid van de dijk wordt onderstreept door de aanwezigheid van twee horecagelegenheden met terras en een exclusieve overnachtingsmogelijkheid (in het voormalige Kustwachttorentje) op deze dijk. Ook Hotel Beatrix bevindt zich in de directe nabijheid van de dijk en op kleine afstand biedt ook Fort Kijkduin ruimte voor een horecaonderneming.

Met het plan ‘Toeristisch Knooppunt Huisduinen’ hebben een aantal ondernemers een aantal jaar geleden een voorschot genomen op een versterking van het ‘toeristisch product’ in Huisduinen. De kwaliteiten van het gebied maken het in potentie kansrijk voor verdere ontwikkeling van het toerisme, met een combinatie van strand, dijk en uitzicht en toegankelijk militair cultureel, aangevuld met ontspanningsmogelijkheden in de aanwezige horeca. We zetten er op in om het gebied rondom de dijk in de toekomst te versterken naar een aantrekkelijk verblijfsgebied. Ook kan worden gekeken naar mogelijkheden om samen te werken, bijvoorbeeld met evenementen of promotie. Nieuwe initiatieven in het gebied moeten bijdragen aan een versterking van het ‘toeristische product’ van dit gebied. Kleinschalige invullingen met horeca of verblijfsrecreatie passen goed binnen de ontwikkelrichting voor Huisduinen. Op de dijk houdt de gemeente vast aan het huidige ruimtebeslag en de huidige schaal van de bebouwing, gezien de waarde die gehecht wordt aan het vrije uitzicht vanaf de dijk.

14Doorwerking

14.1 Doorwerking

In dit hoofdstuk gaan we nader in op de manier waarop deze omgevingsvisie doorwerkt richting alle partijen die zijn betrokken bij het behoud, het gebruik en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in Den Helder. De omgevingsvisie bevat de strategische hoofdlijnen op basis waarvan de verdere ontwikkeling van de gemeente Den Helder vorm moet krijgen, met name in de vorm van doelen en ambities. Uiteindelijk bepaalt de doorwerking van deze omgevingsvisie of en in hoeverre deze doelen uit de omgevingsvisie gerealiseerd kunnen worden.

Minder dan vroeger is de gemeente primair verantwoordelijk voor de realisatie van de omgevingsvisie. Bewoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, ontwikkelaars, ketenpartners en vele andere partijen spelen een belangrijke rol bij het vormgeven van onze gemeente, bijvoorbeeld via (bouw)activiteiten, investeringen, bijdragen aan participatie en ideevorming en hun actieve maatschappelijke rol. Via onze ontwikkelstrategie geeft de gemeente hier ruimte voor, terwijl we waar nodig en/of gewenst ook als gemeente ons rol en verantwoordelijkheid oppakken.

In de formele doorwerking van deze omgevingsvisie spelen met name de andere kerninstrumenten uit de Omgevingswet een belangrijke rol: het (omgevings)programma, het omgevingsplan en de omgevingsvergunning. Hieronder gaan we kort in op deze instrumenten en geven we de samenhang met de omgevingsvisie weer.

Afbeelding: schematisch overzicht van samenhang van de doorwerking van de omgevingsvisie en de rol van de verschillende kerninstrumenten van de Omgevingswet daarin

14.2 Juridische kerninstrumenten: het omgevingsplan & de omgevingsvergunning

Partijen die een initiatief willen realiseren in de fysieke leefomgeving vinden de regels hiervoor in het omgevingsplan, een van de juridische kerninstrumenten onder de Omgevingswet. Op www.omgevingsloket.nl kunnen initiatiefnemers zich oriënteren op alle geldende regels op een bepaalde locatie en de specifieke regels voor hun initiatief indien deze al voldoende concreet is.

Via beide functies geeft het omgevingsplan als juridisch kader de regels voor activiteiten in de fysieke leefomgeving en daarmee houvast aan alle betrokken partijen. Hiermee speelt dit instrument een belangrijke rol in de doorwerking van de omgevingsvisie. Doelen die voor een gebied gesteld worden in de omgevingsvisie, inclusief de nadere uitwerkingen voor een aantal thema’s en gebieden, dienen namelijk vertaald te worden in concrete regels in het omgevingsplan, op basis waarvan duidelijk wordt welke functies/activiteiten mogelijk/wenselijk zijn in een gebied en welke niet.

Bij initiatieven die afwijken van de regels uit het omgevingsplan is de omgevingsvisie het belangrijkste afwegingskader om als gemeente wel of niet mee te werken aan een afwijking op het omgevingsplan. Als initiatiefnemer is het dus verstandig om ook naar de doelen voor een gebied te kijken in de omgevingsvisie, zeker wanneer het initiatief niet goed past binnen het omgevingsplan.

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaan alle bestaande bestemmingsplannen van rechtswege op in één omgevingsplan voor de gehele gemeente Den Helder. Bestaande beschermingen in bijvoorbeeld woonwijken zijn hiermee ook direct van toepassing in het omgevingsplan. Voor gebieden die vragen om (grotere) ontwikkelingen biedt het omgevingsplan de kans om meer globale regels te stellen. Hiermee is er meer flexibiliteit binnen grotere en langer durende ontwikkelingen. Dit past goed bij de ‘ja, mits’ gedachte achter de Omgevingswet en maakt de kans groter dat complexe ontwikkelingen op gang komen.

Het instrument omgevingsvergunning wordt ingezet om vanuit de gemeente nadere sturing te geven bij de uitwerking van initiatieven binnen (met name) globalere regels in het omgevingsplan. Zo kan het omgevingsplan bijvoorbeeld op een locatie een woonfunctie toestaan, zonder dat precies in de regels van het omgevingsplan omschreven is aan welke voorwaarden woningen op deze locatie moeten voldoen. Dit geeft flexibiliteit voor initiatiefnemers, maar geeft weinig zekerheid dat initiatieven bijdragen aan de doelen voor het gebied. In dit soort gevallen kan een vergunningsplicht worden ingesteld, gekoppeld aan aanvullende (beleids)regels waaraan de vergunningsaanvraag voor een initiatief getoetst wordt. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld een parkeernorm ter voorkoming van parkeeroverlast en regels over het uiterlijk van bouwwerken. Voor eenvoudigere initiatieven, zeker indien de regels in het omgevingsplan concreet zijn, is niet altijd een omgevingsvergunning nodig indien het initiatief voldoet aan de algemene regels in het omgevingsplan.

14.3 Uitvoeringsgericht kerninstrument: het (omgevings)programma

Het (omgevings)programma is een nieuw kerninstrument onder de Omgevingswet. Dit instrument is specifiek ingericht om een deel van de strategische doelen uit de omgevingsvisie samenhangend uit te voeren, bijvoorbeeld voor wat betreft een bepaald thema/beleidsveld of binnen een bepaald gebied. Hiermee maakt de gemeente duidelijk aan welke doelen uit de omgevingsvisie gewerkt zal worden en wat we hiervoor precies gaan doen. Per doel kan de uitvoering er heel anders uitzien, afhankelijk van de (gewenste) rol van de gemeente. Zowel een zeer actieve rol van de gemeente, bijvoorbeeld door zelf projecten te initiëren, als een volledig faciliterende rol, bijvoorbeeld door in te zetten op het met communicatie of subsidies andere partijen in beweging krijgen, zijn denkbaar en passend binnen het programma. Het programma is vormvrij en biedt daarom ook de benodigde flexibiliteit, maar brengt ook verplichtingen met zich mee, zoals de monitoring van de voortgang.

Er zijn vier type programma’s, met alle vier een verschillend karakter. Twee zijn verplichte programma’s: een verplicht programma in verband met Europese richtlijnen en een verplicht programma in verband met (dreigende) overschrijding van omgevingswaarden. Twee type programma’s zijn vrijwillig: het vrijwillige programma en de programmatische aanpak. Het laatste instrument is een meer juridisch instrument om tijdelijke overschrijding van normen toe te staan als onderdeel van een samenhangende ontwikkeling waarbij de overschrijding uiteindelijk ook weer verdwijnt. Het vaststellen van een programma is de bevoegdheid van het college.

De gemeente Den Helder ziet het programma als een belangrijk instrument om in samenhang sturing te geven aan uitvoering van doelen uit de omgevingsvisie, zowel thematisch als gebiedsgericht. Hiervoor is vooral het vrijwillige programma een passend instrument. Om het integrale karakter van de omgevingsvisie ook over langere periode overeind te houden zetten we het instrument programma zorgvuldig in. Met name dient voorkomen te worden dat programma’s nieuwe strategische doelen en ambities introduceren, die niet in de pas lopen met de integrale visie zoals in de omgevingsvisie geschetst. Het programma is als uitvoeringsgericht instrument een concretisering van de omgevingsvisie, geen aanvulling hierop. Indien nodig kan behoefte aan extra (strategisch) beleid wel een bijstelling van de omgevingsvisie betekenen.

Naar verwachting zijn verplichte programma’s in verband met Europese richtlijnen niet direct van toepassing in de gemeente Den Helder. Het gebruik van verplichte programma’s bij (dreigende) overschrijding van omgevingswaarden hangt af van de keuzes hierop in deze omgevingsvisie. De gemeente Den Helder kiest ervoor om geen omgevingswaarden vast te stellen in deze omgevingsvisie.

Bijlage V Overzicht Informatieobjecten

De Schooten

/join/id/regdata/gm0400/2026/60b1a4c385784a4e8a7ede3d224a0df7/nld@2026-09-01;07173582

De Stelling

/join/id/regdata/gm0400/2026/e2537ab02c6c43c6bdb4180d4bbafd3c/nld@2026-09-01;07173582

Huisduinen

/join/id/regdata/gm0400/2026/4f6e360d91a844b09624cdfa80d7c9b2/nld@2026-09-01;07173582

Julianadorp

/join/id/regdata/gm0400/2026/6b29ccfcceb14ced93549c29cd132072/nld@2026-09-01;07173582

Maritiem Cluster

/join/id/regdata/gm0400/2026/931e3c5da6624df1bf08d16cced44056/nld@2026-09-01;07173582

Nieuw Den Helder

/join/id/regdata/gm0400/2026/446b51538dda40fb9b48f0e295c2e2f5/nld@2026-09-01;07173582

Stad binnen de linie

/join/id/regdata/gm0400/2026/cdb469f689834d4e94eed4176c84c53a/nld@2026-09-01;07173582

Bijlage VI Overzicht Documentenbijlagen

Bijlage 1 Gebiedsbiografie

/join/id/regdata/gm0400/2026/652428b8a6cc46aa8ff5de4ded8a8c2c/nld@2026-09-01;07173582

Bijlage 3 Participatieproces

/join/id/regdata/gm0400/2026/0c8d1595afe7402f8a23ca4a9b69401e/nld@2026-09-01;07173582

Bijlage 2 Verkenning

/join/id/regdata/gm0400/2026/8484f3526bec4a7892320c7683e1e437/nld@2026-09-01;07173582

Bijlage 4 Milieueffectrapportage

/join/id/regdata/gm0400/2026/f235fd444d8e43cc9837073fd9594579/nld@2026-09-01;07173582

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.