Gemeentelijke regelgeving

Subsidieregeling Delfts Sportakkoord II

Gemeente Delft · geldt sinds 1 januari 2025

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft;

Gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Delft 2022 (hierna: ASV);

Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Delfts Sportakkoord II.

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

-College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Delft;

-Stuurgroep: bestaande uit een vertegenwoordiging van Delft voor Elkaar, de Sportraad van Delft, GGD Haaglanden (op aanvraag), Coördintaor Sport en Preventie en de Gemeente Delft is verantwoordelijk voor de coördinatie van de uitvoering van het Delfts Sportakkoord;

-Werkgroep(en): er zijn drie werkgroepen: 1) werkgroep Sportstimulatie en -innovatie, 2) werkgroep Vitale sportaanbieders, en 3) werkgroep Sport en sociaal domein. Deelnemers van een werkgroep zijn sportaanbieders en maatschappelijke organisaties die via het middel sport en bewegen andere maatschappelijke doelen willen realiseren;

-Uitvoeringsplan: Uitvoeringsplan Sport en Bewegen (2018 – 2025)

11 (notubiz.nl)

;

-Delfts Sportakkoord: Delfts Sportakkoord II.

2Delfts Sportakkoord 2

Artikel 2. Doel

Het doel dat met de subsidie wordt beoogd is het stimuleren van deelname aan sport- en beweegactiviteiten en het bestendigen daarvan als onderdeel van een gezonde leefstijl, al dan niet gericht op een specifieke doelgroep. Ook wordt met de subsidie beoogd het verenigingsleven, het vrijwilligerswerk of actief burgerschap op het gebied van sport en bewegen te bevorderen.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

1Subsidie wordt eenmalig verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het verhogen van de sport- en beweegparticipatie in de gemeente Delft. De activiteiten hebben geen winstoogmerk.

2Het subsidiebedrag bedraagt maximaal € 20.000,= per aanvraag.

3De activiteit dient gericht te zijn op een thema zoals benoemd in het Uitvoeringsplan en het Delfts Sportakkoord, zoals:

a.een brede deelname aan sport- en beweegactiviteiten stimuleren en bestendigen;

b.bijdragen aan het bevorderen van een gezonde leefstijl door sport en bewegen;

c.bijdragen aan het bevorderen van het verenigingsleven, het vrijwilligerswerk of actief burgerschap;

d.bijdragen aan het bevorderen van sociaal veilige sport;

e.bijdragen aan het realiseren van een maatschappelijk doel; of

f.een samenwerking van lokale sportaanbieders en maatschappelijke organisaties.

4Subsidie wordt alleen verstrekt indien een advies van een werkgroep bij de aanvraag is gevoegd.

5De activiteit dient in lijn te zijn met of een concrete uitwerking te zijn van de acties en denkrichtingen die per thema zijn geformuleerd in het Delfts Sportakkoord.

6De activiteit wordt binnen twaalf maanden na de subsidieverlening en uiterlijk op 31 december 2026 uitgevoerd en afgerond.

Artikel 4. Subsidieplafond en verdeelsleutel

1Voor subsidieverlening op grond van deze regeling geldt voor de kalenderjaren 2024 en 2025 een subsidieplafond van € 40.000,= per kalenderjaar.

2Het college kan de hoogte van het subsidieplafond wijzigen.

3Het college beslist op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. Als datum van binnenkomst geldt de datum waarop de aanvraag volledig is.

4Indien een subsidieaanvraag onvolledig is, dan krijgt de aanvrager één week de tijd om de aanvraag aan te vullen. De aanvraag wordt pas in behandeling genomen als deze volledig is.

5Subsidie kan slechts worden verstrekt voor zover een budget beschikbaar is gesteld en voor zover dit budget toereikend is.

Artikel 5. Aanvraag

1Het college beslist op aanvragen om subsidie die in het kader van deze subsidieregeling worden ingediend.

2Het college beslist slechts op de aanvraag nadat door de Stuurgroep een advies is uitgebracht.

3Een aanvraag om subsidie kan worden ingediend tot en met 1 oktober 2026.

4Een aanvraag om subsidie wordt in afwijking van artikel 8 van de ASV uiterlijk vier weken voorafgaand aan de start van de activiteit(en) ingediend bij het college.

5Een aanvraag om subsidie wordt ingediend door sportaanbieders en/of maatschappelijke organisaties zoals beschreven in het Delfts Sportakkoord.

6Een aanvraag wordt ingediend met een door het college vastgesteld aanvraagformulier en bevat, in aanvulling op artikel 7 van de ASV:

a.een activiteitenplan met daarin tenminste:

i.het aantal (beoogde) deelnemers;

ii.de samenwerkingspartners; en

iii.een beschrijving van hoe vervolg wordt gegeven aan de activiteit in de jaren nadat de subsidie is verstrekt.

b.indien sprake is van fysieke aanpassingen:

i.bewijs van toestemming van de eigenaar van de voorziening; en

ii.overzicht van de gemaakte afspraken over het beheer en onderhoud.

c.een gespecificeerde begroting van baten en lasten inclusief eventuele cofinanciering;

d.een document waaruit het advies blijkt van één van de drie Werkgroepen die in het kader van het Delfts Sportakkoord zijn ingesteld; en

e.een uittreksel Kamer van Koophandel en een bankafschrift waaruit de relatie tussen naam en rekeningnummer blijkt.

7In afwijking van artikel 7, lid 2, onder d, van de ASV worden bij de aanvraag geen jaarverslag en jaarrekening ingediend.

Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

1Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor de redelijke kosten die direct verbonden zijn met de uitvoering van de subsidiabele activiteiten. Het gaat bijvoorbeeld om de huur van een accommodatie, noodzakelijke facilitaire of uitvoeringskosten en voor de activiteit noodzakelijke deskundige begeleiding van de doelgroep.

2De subsidie is niet bestemd voor fysieke aanpassingen aan of van speel-, beweeg- of sportvoorzieningen van sportaanbieders en onderwijsinstellingen of in de openbare ruimte.

3Van het in lid 2 bepaalde, kan worden afgeweken indien fysieke aanpassingen essentieel zijn voor de uitvoering van sport- en beweegactiviteiten. Maximaal € 2.500,= kan worden vergoed mits schriftelijk wordt aangetoond dat:

a.de aanpassingen zijn bedoeld voor het toegankelijker maken van voorzieningen voor inwoners met een fysieke of visuele beperking; of

b.er onvoldoende vergelijkbare voorzieningen zijn in de nabijheid van de voorgestelde locatie en dat wijkbewoners behoefte hebben aan deze voorziening; en

c.de aanpassingen niet vanuit andere middelen kunnen worden bekostigd en toestemming voor de aanpassingen is verleend door de eigenaar van de voorziening.

4Van het in lid 3 bepaalde maximale bedrag kan het college gemotiveerd afwijken.

5Indien fysieke aanpassingen als bedoeld in lid 3 worden gedaan, worden voorafgaand door aanvrager afspraken gemaakt met de eigenaar van de voorziening over het beheer en onderhoud van de aanpassingen. Deze afspraken worden aan het college overlegd.

6Materialen die essentieel zijn voor de uitvoering van een activiteit kunnen worden opgenomen in de subsidieaanvraag.

7Voor vrijwilligers mag een vrijwilligersvergoeding worden opgenomen welke in lijn is met de geldende richtlijnen van de Belastingdienst.

8Ureninzet van professionals komt voor maximaal 75% in aanmerking voor subsidie, indien aanvullend wordt aangeleverd:

a.een document dat aantoont dat werkzaamheden die worden uitgevoerd ten behoeve van de activiteit buiten de reguliere werkzaamheden van de aanvrager vallen; en

b.een urenoverzicht en een uurtarief.

9Bij de beoordeling van het in lid 8 bepaalde, kan worden afgeweken van het door aanvrager voorgestelde aantal uren en/of het uurtarief.

10Niet voor subsidie in aanmerking komen activiteiten waarvan de kosten hoofdzakelijk worden besteed aan eten en drinken, representatie-, reis- en verblijfskosten, waaronder entrees.

Artikel 7. Beoordeling en advisering

1Het beoordelen van de subsidieaanvragen bestaat uit een inhoudelijk kwalitatief advies inclusief aanbeveling over de hoogte van de te verlenen subsidie door de Stuurgroep.

2De Stuurgroep beoordeelt de aanvragen aan de hand van de subsidievereisten zoals opgenomen in artikelen 3, 5 en 6. De Stuurgroep geeft in het bijzonder een oordeel over de mate waarin een aanvraag voldoet aan de gestelde criteria zoals omschreven in artikel 3.

3Bij de advisering dient de Stuurgroep zich te baseren op de bij de ingediende aanvraag verstrekte gegevens en daarbij toegevoegde documentatie zoals omschreven in artikelen 5 en 6.

4De Stuurgroep kan, naast de in artikel 6 genoemde redenen, een lager subsidiebedrag adviseren dan aangevraagd indien specifieke onderdelen van de aanvraag en/of daarbij horende kosten niet subsidiabel worden geacht.

5Het college kan gemotiveerd afwijken van het advies van de Stuurgroep. Het college besluit over het honoreren van de subsidieaanvraag en betrekt hierbij het advies als bedoeld in het lid 1. Als voor de motivering van het besluit wordt verwezen naar het over de aanvraag uitgebracht advies wordt de tekst van het advies aan de aanvrager toegezonden.

6Het besluit op de subsidieaanvraag wordt binnen vier weken na ontvangst van de subsidieaanvraag genomen.

Artikel 8. Weigeringsgronden

1Onverminderd het bepaalde in artikel 10 van de ASV wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:

a.met de activiteit waarvoor subsidie wordt gevraagd is begonnen voordat de volledige aanvraag is ontvangen; of

b.de activiteit waarvoor subsidie is aangevraagd reeds eerder is gesubsidieerd op grond van deze subsidieregeling.

2Van het in lid 1, onder b, bepaalde kan worden afgeweken indien het activiteiten betreffen:

a.die de zwemveiligheid voor kwetsbare doelgroepen vergroten;

b.die in het kader van de Delftse Sportweek worden uitgevoerd om sport- of beweegactiviteiten of een gezonde leefstijl onder de aandacht te brengen;

c.die worden aangeboden aan meerdere sportaanbieders om hun vrijwilligers te scholen op het gebied van sport-EHBO en/of reanimatie.

3Het college kan gemotiveerd afwijken van het in de leden 1 en 2 bepaalde.

Artikel 9. Verantwoording

In afwijking van artikel 18 van de ASV dient de subsidie-ontvanger bij een op grond van deze subsidieregeling ontvangen subsidie van meer dan € 5.000,= een aanvraag tot vaststelling in binnen drie maanden na het afronden van de activiteiten.

Artikel 10. Intrekking, wijziging en terugvordering

Het college kan het besluit tot subsidieverlening intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen, indien:

1de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan de subsidieverplichtingen;

2de subsidie-ontvanger niet binnen drie maanden na het afronden van de activiteit/het project financiële en inhoudelijke verantwoording heeft aangeleverd;

3de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel zijn doorgegaan.

Artikel 11. Hardheidsclausule

Door het college kan van de artikelen in deze subsidieregeling worden afgeweken, als daaraan vasthouden voor een subsidieaanvrager of subsidieontvanger, gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te dienen belangen.

Artikel 12. Slotbepalingen en overgangsrecht

1Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 oktober 2023.

2Deze subsidieregeling wordt aangehaald als “Subsidieregeling Delfts Sportakkoord II”.

3De Subsidieregeling Delfts Sportakkoord wordt ingetrokken per 1 oktober 2023. Op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd of verleend blijft de Subsidieregeling Delfts Sportakkoord van toepassing.

4Deze subsidieregeling geldt tot en met 1 mei 2027.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.