1. Inleiding
Het is aan het college om het recht op een uitkering vast te stellen. Daarvoor heeft het college verschillende gegevens nodig. Dat is in de Participatiewet geregeld, met name in
Artikel 44, eerste lid:
Indien door het college is vastgesteld dat recht op bijstand bestaat, wordt de bijstand toegekend vanaf de dag waarop dit recht is ontstaan, voor zover deze dag niet ligt voor de dag waarop de belanghebbende zich heeft gemeld om bijstand aan te vragen.
Artikel 53a, eerste lid:
Onverminderd artikel 30c, tweede, vierde en vijfde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, bepaalt het college welke gegevens ten behoeve van de verlening van bijstand dan wel de voortzetting daarvan en de arbeidsinschakeling door de belanghebbende in ieder geval worden verstrekt en welke bewijsstukken worden overgelegd, alsmede de wijze en het tijdstip waarop de verstrekking van gegevens plaatsvindt. De gegevens en bewijsstukken worden door het college niet verkregen van de belanghebbende voor zover ze zijn verkregen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen dan wel voor zover zij verkregen kunnen worden uit de polisadministratie, bedoeld in artikel 33 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, de verzekerdenadministratie, bedoeld in artikel 35 van die wet, alsmede uit de basisregistratie personen, tenzij hierdoor een goede vervulling van de taak van het college op grond van dit artikel wordt belet of bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen andere administraties worden aangewezen waarvoor de tweede zin van toepassing is, worden regels gesteld over de gegevens die het betreft en kunnen administraties worden aangewezen waarvoor de tweede zin tijdelijk niet van toepassing is. Indien het authentieke gegevens uit andere basisregistraties betreft, is dit lid van overeenkomstige toepassing.
Het college moet dus gegevens verzamelen om het recht op een uitkering vast te stellen. Ook voor het begeleiden van een uitkeringsgerechtigde naar werk of een andere voorziening heeft de gemeente informatie nodig.
In eerste instantie doet de gemeente dit door het verzamelen van gegevens die zij uit andere bronnen kan verzamelen. Op grond van de ‘Wet eenmalige uitvraag (de Weu)’ is de gemeente daartoe verplicht. Maar niet alle gegevens die de gemeente nodig heeft kan zij op deze manier verzamelen. Er zijn ook gegevens die de betrokkene zelf moet aanleveren.
2. Herzien van het verificatieprotocol
In dit verificatieprotocol legt de gemeente vast welke gegevens zij verzamelt en uit welke bron. Dit verificatieprotocol was laatst vastgesteld in 2014. Waarom moet dit worden herzien?
-De afgelopen jaren zijn er verschillende wijzigingen geweest. De Wet werk en bijstand (WWB) is vervangen door de Participatiewet.
-In het verificatieprotocol uit 2014 werd een onderscheid gemaakt tussen primaire en secundaire informatie. Primaire informatie was nodig om het recht op uitkering vast te stellen. Secundaire informatie was nodig om de hoogte van de uitkering vast te stellen. Dit was in verband met toeslagen systematiek van de WWB. In de Participatiewet is een nieuwe systematiek voor uitkeringsnormen vastgelegd (kostendelers) die minder gegevens noodzakelijk maakt. Een onderscheid tussen primaire en secundaire informatie is niet meer nodig.
-Het is belangrijk dat mensen goed weten welke informatie zij moeten verstrekken aan de gemeente. De Fraudewet, met alle wijzigingen van de afgelopen jaren, maakt dit extra noodzakelijk omdat de gevolgen van het niet nakomen van verplichtingen fors zijn.
-Steeds meer gegevens worden digitaal beschikbaar. De gemeente zal die gegevens niet meer aan de cliënt vragen. Tegelijk wordt van uitkeringsgerechtigden gevraagd gegevens meer en meer digitaal aan te leveren. Werkwijzen binnen de gemeente zijn hierop aangepast.
-Sinds 1 mei 2018 is de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) van kracht.
-Werkwijzen zijn gewijzigd, zowel voor het aanvragen van een uitkering, als voor het doorgeven van wijzigingen die van belang zijn voor de uitkering.
De uitkeringsgerechtigde blijft verantwoordelijk voor het melden van alle noodzakelijke informatie, en van alle wijzigingen daarin, die van belang kan zijn voor het recht op een uitkering. Immers, lang niet alle gegevensbestanden die de gemeente raadpleegt zijn up-to-date. Daarom is het ook belangrijk dat een cliënt weet hoe hij dit kan melden. En ook wat hij moet doen als hij van mening is dat bepaalde gegevens niet juist zijn.
Dit protocol is na vaststelling op de website van de gemeente beschikbaar. Iedereen kan zo zien:
-welke gegevens de gemeente verzamelt om het recht op een uitkering vast te stellen;
-dat wijzigingen gemeld moeten worden;
-hoe wijzigingen gemeld kunnen worden;
3. Meerdere wetten
Dit verificatieprotocol heeft betrekking op meerdere wetten die door de gemeente worden uitgevoerd, zoals:
-De Participatiewet;
-De Wet inkomensvoorziening ouderen en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW);
-De Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ);
-Het Bijstandsbesluit zelfstandigen (Bbz)
Niet alle gegevens moeten voor alle regelingen worden verzameld. Ook dit blijkt uit het protocol.
4. Privacy
De cliënt heeft, voor zover het de uitvoering van de genoemde wetten niet belemmert recht op bescherming van zijn privacy. Belangrijk is dat de gemeente niet méér gegevens mag verzamelen dan nodig is voor de uitvoering van de betreffende wet(-ten). Dit is onder andere vastgelegd in de Algemene Verordening Gegevensbescherming.
De gemeente mag deze gegevens niet zomaar delen met anderen. Dit mag uitsluitend als dit per wet is geregeld of uitsluitend met toestemming van de cliënt.
5. Kopieën
Bewijsstukken die voor de gemeente niet digitaal beschikbaar zijn moeten door de cliënt zelf worden aangeleverd. De cliënt moet de originele gegevens aanleveren. Hiervan worden kopieën gemaakt, die in het dossier worden geborgen. De originele gegevens worden aan cliënt geretourneerd.
Zijn de originele stukken niet voorhanden dan kan worden volstaan met voor echtheid gewaarmerkte kopieën. Het afplakken of wegstrepen van bepaalde gegevens, zoals uitgaven op bankafschriften, is toegestaan mits de informatie die nodig is voor het vaststellen van het recht op een uitkering duidelijk is.
6. Volledigheid en ondertekening
Ook is het noodzakelijk dat de cliënt bevestigt, door het ondertekenen van het aanvraag- en informatieformulier dat de daarin opgenomen gegevens juist zijn. De vragen moeten naar waarheid zijn ingevuld. Alle vragen moeten beantwoord zijn; er kan niet worden volstaan met het doorstrepen van vragen. Ook als de consulent voor de cliënt vragen invult dan dient de cliënt te ondertekenen.
7. Communicatie
Belangrijk is dat de cliënt op de hoogte is van de gevolgen van het niet juist, onvolledig of te laat verstrekken van gegevens. Immers, sinds het van kracht worden van de Fraudewet geldt dat elke vorm van een schending van de inlichtingenplicht gezien wordt als een vorm van fraude. Dit kan betekenen dat een boete of waarschuwing wordt opgelegd.
Belangrijk is dat de cliënt alle informatie kan vinden over wat de gemeente van hem verwacht. De website van de gemeente is de belangrijkste informatiebron. Belangrijk is dat hierop de correcte en complete informatie staat. Dit protocol zal dan ook na vaststelling op de website beschikbaar zijn.
Niet alle cliënten zijn even digitaal vaardig. Daarom zal de gemeente deze informatie ook op andere manieren verstrekken. Indien nodig of gevraagd verstrekt de gemeente deze informatie ook schriftelijk of mondeling .
Het is mogelijk dat de gegevens van een cliënt in een van de digitale bronnen niet juist zijn. De cliënt kan de gegevens controleren via mijn.overheid.nl. Via deze website kan de klant verzoeken de gegevens te wijzigen. Hoe dit moet staat op de website. In de communicatie zal de gemeente hier aandacht aan besteden.
Het feit dat het college het bijgaande protocol heeft vastgesteld zal via de Stadskrant kenbaar worden gemaakt.
8. Gevraagd besluit
Gevraagd wordt:
a.Akkoord gaan met dit Verificatieprotocol 2019, onder gelijktijdige intrekking van het huidige Verificatieprotocol 2014;
b.Akkoord gaan met de in bijlage 1 opgenomen tabel met betrekking tot:
o de door cliënt aan te leveren gegevens.
o de gegevens die de gemeente uit andere bronnen verzamelt voor het vaststellen van het recht, c.q. de hoogte van de uitkering of inkomensvoorziening.
c.Na vaststelling Verificatieprotocol dit bekend maken via de Stadskrant en het protocol via de website beschikbaar stellen.
Bijlage 1: De aan te leveren gegevens
A.Bij een aanvraag uitkering o.g.v. de Participatiewet
1Persoonsgegevens
Informatie
Bewijsstukken
Uit welke bron
Burgerservicenummer
Identiteitsbewijs
Belanghebbende
Naam / geslacht / geboortedatum / geboorteplaats
Geen (evt. ID-bewijs)
BRP
1Basisregistratie Persoonsgegevens
Adres
Werkelijke verblijfplaats, mits afwijkend van adres
Geen
BRP, Belanghebbende indien werkelijke verblijfplaats afwijkt van BRP
Nationaliteit
Geen
BRP
Soort identiteitsbewijs, nummer en geldigheidsduur
ID-bewijs; geen kopie in dossier als belanghebbende dit niet wil; hoeft slechts inzage te geven vlg. de wet, dan nr. enz. noteren.
Belanghebbende
Verblijfsstatus
Geen
BRP / evt. IND
Rekeningnummer bank (voor storten evt. uitkering)
Bewijsstuk (bijv. pasje)
Belanghebbende
Naam en adres ouders additioneel bij jongeren die bijz. bijstand krijgen
Geen
BRP
Andere inwonende(n)
Geen
BRP
2.Eerdere uitkeringen
Eerdere uitkeringen
Geen
Suwinet
3Burgerlijke staat
Indien gescheiden of voornemen daartoe
Geen
BRP
4Kinderen
< 18 jaar; komen de kinderen ten laste van cliënt
Geen
BRP
Co-ouderschap of omgangsregeling; inhoud van de regeling
Schriftelijke afspraak, kopie
Belanghebbende
inkomsten van inwonende kinderen van 21 jaar e.o.
Bewijsstuk(ken) inkomen; kopie
Belanghebbende
Studie van kinderen
Inschrijving bij onderwijsinstelling
Suwinet, evt. verklaring belanghebbende
5Huisvesting
Huurwoning
Contract
Belanghebbende
Kamer- (of onder)huur; commerciële huurprijs
Contract of verklaring hoofdbewoner met betaalbewijzen
Belanghebbende
Kostganger
Contract of verklaring hoofdbewoner met betaalbewijzen
Belanghebbende
6Inkomen (vanaf datum aanvraag)
Loon
Sociale zekerheidsuitkering
pensioen
voorlopige teruggaaf
(kinder-) alimentatie
stage- vrijwilligersvergoeding
andere inkomsten
freelance inkomen
laatste salarisstrook,
uitkeringsspecificatie,
beschikking belastingdienst,
ontvangstbewijs inkomen,
(eventueel boekhouding)
Belanghebbende of Suwinet (is niet altijd up-to-date)
Zelfstandig bedrijf/beroep
recente jaarstukken belastingaangifte / -aanslag
Belanghebbende of indien nodig de betreffende instantie
7Bezittingen en schulden
Bank-, en spaarrekeningen
Van alle rekeningen ten minste:
het laatste afschrift of uitdraai internetbankieren (saldo-
informatie datum aanvraag)
Belanghebbende
Auto, motor, of caravan etc
Geen
In buitenland geregistreerd: kentekenbewijs
Suwinet RDW
Overige waardevolle bezittingen (waardepapieren, boot, levensverzekering etc.)
Waardebepaling
Belanghebbende; eventueel deskundige
Schulden
bewijsstukken
Belanghebbende
Waarde eigen woning
Eigendomsbewijs
Stand van zaken hypothecaire lening
WOZ-beschikking
Belanghebbende, taxatie makelaar of aanwezig taxatierapport
Niet ouder dan 6 maanden
8Werk en opleiding (alleen indien van toepassing)
Huidig werk
Arbeidscontract
Belanghebbende
Werkzaamheden als zelfstandige
Inschrijving KvK, btw-nummer
KvK (internet)
Huidige opleiding
Bewijsstuk opleiding
Belanghebbende
Vroeger werk
Laatste ontslagbewijs.
Belanghebbende
Inschrijving UWV WERKbedrijf
Geen
Suwinet
Arbeidsongeschiktheid
Geen
Belanghebbende, evt. Suwinet
B.Aanvullende vragen voor zelfstandigen (Bbz en IOAZ)
Beginnende zelfstandigen of zelfstandigen die hun bedrijf gaan beëindigen vullen hetzelfde formulier in als WWB aanvragers. Van hen zijn echter extra gegevens nodig, die hieronder vermeld worden.
1Algemene gegevens bedrijf/beroep
Belanghebbende
2Inschrijving in het Handelsregister
Suwinet
3Bedrijfsvorm
persoonsgegevens compagnons/vennoten
Samenwerkings- en/of, vennootschapscontract, statuten, aandelen-register
4Arbeidstijdverdeling i.v.m. belastingen
Belastingaanslagen en -aangiften laatste drie jaar
5Inkomen Zie bij WWB punt 6
6Vergunningen, vakdiploma's
Betreffende vergunningen en vakdiploma's
Belanghebbende
7Ziektekosten- en arbeids-ongeschiktheids-verzekering
Polissen, premie-overzichten en betaalbewijzen
Belanghebbende
9Huisvesting verdeling privé/bedrijf
Huurcontract bedrijfspand
Belanghebbende
9Bezittingen en schulden van het bedrijf
Taxatierapport bedrijfspand (niet ouder dan 6 mnd. vóór aanvraag), koopakte, hypotheekakte, stand hypotheekschulden, bewijzen van leningen, financieringen, crediteuren, info van BKR
Belanghebbende
10Beginnende zelfstandige: arbeidsverleden, sollicitaties
Ontslagbewijs vorige werkgever
Ondernemingsplan
Belanghebbende
Suwinet
11Gevestigde zelfstandige: netto winst laatste 3 boekjaren + verwachting lopende en komende boekjaar
Balans, verlies- en winstrekening, toelichting omzetspecificatie huidige boekjaar, tussentijdse cijfers
Belanghebbende
12Oudere zelfstandige: verwachting inkomen komende jaren; netto winst laatste 3 boekjaren
Balans, verlies- en winstrekening, toelichting
Belanghebbende
13Beëindigende zelfstandige; vragen over beëindiging (reden van beëindiging, tijdsduur, wijze beëindiging)
Belanghebbende
14Uitgaven
Privé-opstelling
Belanghebbende
15Andere financiële hulp
beslissingen aanvragen bij kredietverlenende instanties, schuldbekentenissen
Belanghebbende
16Reden aanvraag; bijstand voor levensonderhoud en/of bedrijfskapitaal
Belanghebbende
C.Aanvragen IOAW
Voor het aanvragen van een IOAW uitkering wordt hetzelfde aanvraagformulier gebruikt en dezelfde bewijsstukken gevraagd als voor de Participatiewet (zie hierboven). Verificatie vindt plaats op dezelfde wijze als bij de Participatiewet. Een aantal vragen hoeven aanvragers van een IOAW uitkering echter niet in te vullen omdat die voor het recht op een IOAW uitkering niet van belang zijn.
Ook de betreffende bewijsstukken hoeven dan uiteraard niet ingeleverd te worden.
Het betreft de volgende vragen:
5Kinderen
7Huisvesting
9Bezittingen en schulden
10Eigen woning
D.Bijzondere bijstand
Aanvragen bijzondere bijstand en langdurigheidstoeslag cliënten (die reeds een uitkering levensonderhoud ontvangen)
1Kosten waarvoor bijstand wordt aangevraagd
Kosten
Kostenspecificatie
Belanghebbende
Ingeval van verstrekking
Rekeningen na bijstandsverlening (binnen 2 maanden)
Belanghebbende
2Voorliggende voorzieningen
Voorliggende voorzieningen
Bijv. afwijzing krediet GKB,
vergoedingen zorgverzekering
Belanghebbende
3Vermogen (alleen bij aanvragen van cliënten die geen uitkering op grond van de Participatiewet ontvangen)
Saldo bankrekeningen
Laatste afschrift alle rekeningen
Belanghebbende
Overige bezittingen
Belanghebbende
Schulden
Bewijsstukken schuld
Belanghebbende
4Aanvragen bijzondere bijstand en de individuele inkomenstoeslag voor niet – cliënten (die geen uitkering levensonderhoud ontvangen)
Voor cliënten die geen Participatiewet-uitkering voor levensonderhoud, een IOAW of IOAZ-uitkering of een Bbz –uitkering ontvangen kunnen de noodzakelijke gegevens worden opgevraagd, conform de gegevensset van de aanvraag levensonderhoud van de Participatiewet en aanvraag bijzondere bijstand voor cliënten.
Gegevens over vermogen moeten geleverd worden als er langer dan een jaar geleden een beslissing over bijzondere bijstand ten aanzien van hen is genomen.
Voor aanvragen individuele inkomenstoeslag zonder een uitkering van de gemeente geldt:
5Individuele inkomenstoeslag
Inkomensgegevens heden en verleden
Jaaropgaven of salarisstroken peilperiode
Belanghebbende
E.(Her-)onderzoek debiteuren
1Status medebewoners
Bijv. (pleeg-)kinderen, ouders, partner, kamerhuurder, kostgangers onderhuurders, anderen
Geen
BPR, status BPR-V
Is er een contract met deze inwonende
huur/kostgangers of wooncontract
Belanghebbende
2Eerdere uitkeringen
Eerdere uitkeringen
Beschikking toekenning, afwijzing of beëindiging
Belanghebbende
3Inkomen (zie Participatiewet punt 6)
4Schulden en lasten
Schulden
Bewijsstukken schulden
Belanghebbende
Inkomen
Loonstroken e.d.
Belanghebbende
Lasten
Bewijs aflossing schuld
Hypotheeklasten
Overige lasten
Belanghebbende
F.Beëindiging uitkering Participatiewet / IOAW-Z
1Werkaanvaarding (datum)
Bij voorkeur contract
Suwinet of opgave cliënt
2Wijziging verblijfsstatus
Geen
BPR / IND
3Andere uitkering (beschikking)
Geen, tenzij Suwinet niet actueel
Suwinet of opgave cliënt
4Huwelijk / samenwoning /overlijden
Geen
BRP
5Detentie
Opgave cliënt of politie
Inlichtingenbureau
Beëindiging IOAW/IOAZ
De gang van zaken is dezelfde als bij de WWB.