Gemeentelijke regelgeving

Projectplan Bedrijventerrein Mijdrecht 2026.1

Gemeente De Ronde Venen · geldt sinds 3 juni 2026

Aanhef

Het college besluit:

1De Projectplan Bedrijventerrein Mijdrecht 2026.1 vast te stellen.

9. Uitvoeringsaspecten in detail

9.1 A. Toezichtfase

9.1.1 A.1.1 Controle bedrijfspand zonder BRP

De fysieke controle wordt uitgevoerd bij objecten die in de inventarisatie zijn aangemerkt als locaties waar vermoedelijk onrechtmatig wordt gewoond, terwijl de bewoner niet staat ingeschreven in de BRP. Deze controles vinden onaangekondigd plaats op verschillende tijdstippen, met als doel vast te stellen of sprake is van onrechtmatige bewoning.

9.1.2 A.1.2 Controle bedrijfspand met BRP

Op het bedrijventerrein bevinden zich ook verschillende objecten met een BRP-inschrijving, terwijl dit daar niet is toegestaan. De toezichtstaak om dit vast te stellen is doorgaans minder omvangrijk. De controles worden onaangekondigd uitgevoerd op verschillende tijdstippen.

9.1.3 A.2.1 Borging actuele bewijslast

Het borgen van een actuele bewijslast ziet toe op de toezichtstaak tijdens de handhavingsprocedure. Deze capaciteit wordt ingezet om de actuele situatie bij een opgelegd handhavingsbesluit continu in beeld te houden.

9.1.4 A.3.1 Controle na begunstigingstermijn

In het handhavingsbesluit dat door de jurist wordt opgelegd, wordt een begunstigingstermijn opgenomen. Zodra deze termijn is verstreken, voert de toezichthouder opnieuw een controle uit om vast te stellen of is voldaan aan de voorwaarden uit het handhavingsbesluit.

9.1.5 A.4.1 Schouw bestaande situatie

In dit proces worden alle vestigingen geschouwd op indicatoren die wijzen op illegale bewoning.

9.2 B. Handhavingsfase

9.2.1 B.1.1 Voornemen handhavingsbesluit

Nadat de fysieke controle is uitgevoerd, wordt een juridische handhavingsprocedure opgestart. Een handhavingsjurist stelt een voornemen tot handhavingsbesluit op. In dit voornemen wordt de overtreder de mogelijkheid geboden om een zienswijze in te dienen.

9.2.2 B.1.2 Zienswijze

Nadat een voornemen tot handhavingsbesluit is opgesteld, krijgt de overtreder de gelegenheid om een zienswijze in te dienen. De overtreder heeft zelf de keuze om dit mondeling en/of schriftelijk te doen. In een zienswijze licht een overtreder zijn of haar standpunt toe en kan eventueel aanvullende informatie of argumenten aanleveren. De zienswijzetermijn bedraagt twee weken.

9.2.3 B.1.3 Handhavingsbesluit

Het handhavingsbesluit is een formeel besluit waarin wordt vastgesteld dat sprake is van een overtreding van wet- en regelgeving. De informatie uit de zienswijze wordt meegenomen in het handhavingsbesluit.

In het besluit worden voorwaarden opgenomen waaraan moet worden voldaan om weer in overeenstemming te zijn met deze wet- en regelgeving en binnen welk termijn dit gedaan moet worden. Daarnaast wordt een dwangsom bepaalt. De richtlijnen dwangsombedragen en termijnen (onderdeel U&H Strategie) is van toepassing.

9.2.4 B.2.1 Bezwaar

Na het opleggen van een handhavingsbesluit heeft de overtreder de mogelijkheid om bezwaar te maken. Dit is een formele procedure waarbij de betrokkene het besluit kan aanvechten als hij of zij het er niet mee eens is. Het bezwaar moet binnen zes weken na de datum van het besluit worden ingediend. Een onafhankelijke bezwarencommissie van de gemeente geeft advies aan het college. Tijdens de bezwaarprocedure wordt het besluit heroverwogen en beoordeeld of het handhavingsbesluit in stand kan blijven.

9.2.5 B.2.2 Beroep

Als het bezwaar ongegrond wordt verklaard, kan de overtreder in beroep gaan bij de rechtbank. Dit is een formele juridische procedure waarbij een onafhankelijke rechter het besluit van de gemeente toetst. Het beroep moet binnen zes weken na de beslissing op bezwaar worden ingediend.

9.2.6 B.2.3 Hoger beroep

Als een betrokkene het niet eens is met de uitspraak van de rechtbank, kan hij of zij in hoger beroep gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit is de hoogste bestuursrechter in Nederland. Het hoger beroep moet binnen zes weken na de uitspraak van de rechtbank worden ingediend.

9.2.7 B.3.4 Invorderingsbeschikking

Wanneer een opgelegde last onder dwangsom niet binnen de gestelde begunstigingstermijn wordt nageleefd, kan de gemeente overgaan tot het innen van de dwangsom. Dit gebeurt via een invorderingsbeschikking.

9.2.8 B.3.2 Zienswijze invordering

Voordat er wordt overgegaan tot het invorderen van een verbeurde dwangsom, wordt de overtreder in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen. Dit is een formele reactie waarin de betrokkene kan aangeven waarom de dwangsom volgens hem of haar niet (volledig) verbeurd kan worden, of waarom invordering onterecht zou zijn.

9.2.9 B.3.3 Aanmaning

Wanneer een invorderingsbeschikking is vastgesteld en de verbeurde dwangsom niet binnen de gestelde termijn wordt betaald, wordt een aanmaning gestuurd. Dit is een formele betalingsherinnering waarin de overtreder wordt verzocht om het openstaande bedrag alsnog binnen een korte termijn te voldoen. Dit wordt gedaan vanuit de financiële administratie van de gemeente.

9.2.10 B.3.4 Dwangbevel

Wanneer een verbeurde dwangsom na aanmaning nog steeds niet wordt betaald, wordt er overgaan tot het uitvaardigen van een dwangbevel. Dit is een formeel document waarmee de openstaande vordering zonder tussenkomst van de rechter geïnd kan worden.

9.2.11 B.4.1 Bezwaar bij invordering

Tegen de invorderingsbeschikking kan bezwaar worden ingediend.

9.2.12 B.4.2 Beroep bij invordering

Tegen het besluit op bezwaar kan beroep worden ingediend.

9.2.13 B.4.3 Hoger beroep bij invordering

Tegen het besluit op beroep kan hoger beroep worden ingediend.

11. Bijlagen

11.1Uitvoering op hoofdlijnen

11.2Uitvoering toezichtsfase

11.3Uitvoering handhavingsfase

11.4Capaciteitsraming

A. Toezichtsfase

Proces

#

Werkzaamheden

Uitvoerder(s)

Aantal

Stuks

Uren p/s

Aantal uitvoerders

Uren/tot.

Opmerkingen

Controle

A.1.1

Bedrijfswoning zonder BRP

Toezichthouder

11

10

2,5

2

550

A.1.2

Bedrijfswoning met BRP

Toezichthouder

41

3

2,5

2

615

Controle bewijslast

A.2.1

Borging actuele bewijslast

Toezichthouder

52

10

2,5

2

2600

Dwangsomcontrole

A.3.1

Controle na begunstigingstermijn

Toezichthouder

52

1

1,5

2

156

Schouw bestaande situatie

A.4.1

Schouw van de bestaande situatie

Toezichthouder

570

1

1

2

1140

Sub totaal:

3921

B. Handhavingsfase

Proces

#

Werkzaamheden

Uitvoerder(s)

Aantal

Stuks

Uren p/s

Aantal uitvoerders

Uren/tot.

Handhaving

B.1.1

Voornemen handhavingsbesluit

Jurist

52

1

15

1

780

B.1.2

Zienswijze

Jurist

52

1

6

1

312

B.1.3

Handhavingsbesluit

Jurist

52

1

20

1

1040

Rechtsbescherming

B.2.1

Bezwaar

Jurist

36

1

30

1

1092

Uitgaande van 70% bezwaar

B.2.2

Beroep

Jurist

18

1

30

1

546

Uitgaande van 50% beroep

B.2.3

Hoger beroep

Jurist

9

1

30

1

273

Uiitgaande van 50% hoger beroep

Invordering

B.3.1

Invorderingsbeschikking

Jurist

5

1

15

1

68,25

Uitgaande van 50% waarbij overtreding niet is beeindigd

B.3.2

Zienswijze invordering

Jurist

5

1

6

1

30

B.3.3

Aanmaning

Financiële adm.

5

1

5

1

25

B.3.4

Dwangbevel

Financiële adm.

5

1

5

1

25

Rechtsbescherming bij invordering

B.4.1

Bezwaar bij invordering

Jurist

4

1

6

1

21

Uitgaande van 70% bezwaar

B.4.2

Beroep bij invordering

Jurist

2

1

6

1

10,5

Uitgaande van 50% beroep

B.4.3

Hoger beroep bij invordering

Jurist

1

1

6

1

5,25

Uiitgaande van 50% hoger beroep

Sub totaal:

4228

C. Gecategoriseerd per uitvoerder

Uren/tot.

Jurist

4178

Toezichthouder

3921

Financiële adm.

50

D. Duur van het project

Totale kosten

€ 915.070,00

Beschikbaar budget

€ 100.000,00

Totale duur

9,2

11.5Monitoringstool

Dossier 1

Enzovoort

#

Werkzaamheden

Startdatum*

A.1.1

Bedrijfspand zonder BRP

Aantal uitgevoerde controles*

A.1.2

Bedrijfspand met BRP

Aantal uitgevoerde controles*

A.2.1

Borging actuele bewijslast

Aantal uitgevoerde controles*

A.3.1

Controle na begunstigingstermijn

Aantal uitgevoerde controles*

B.1.1

Voornemen handhavingsbesluit

B.1.2

Zienswijze

B.1.3

Handhavingsbesluit

B.2.1

Bezwaar

B.2.2

Beroep

B.2.3

Hoger beroep

B.3.1

Invorderingsbeschikking

B.3.2

Zienswijze invordering

B.3.3

Aanmaning

B.3.4

Dwangbevel

B.4.1

Bezwaar bij invordering

B.4.2

Beroep bij invordering

B.4.3

Hoger beroep bij invordering

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.