conditie
Voorrangsbepaling
Deze voorbeschermingsregels gelden aanvullend op de regels van het omgevingsplan van de gemeente Culemborg. Voor zover de regels van het omgevingsplan van de gemeente Culemborg in strijd zijn met deze voorbeschermingsregels, gelden primair de voorbeschermingsregels.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsbepalingen
Voor de begrippen die in deze regels gebruikt worden, wordt verwezen naar bijlage II.
Artikel 1.2 Doelen
De voorbeschermingsregels hebben tot doel het creëren en behouden van ruimte voor de aanleg van de kerosineleiding.
Hoofdstuk 2 Voorbeschermingsregels
Artikel 2.1 Vergunningplicht ruimtelijke bouwactiviteiten
1Het is verboden zonder omgevingsvergunning in het projectgebied pijpleiding KB10:
a.bouwwerken te bouwen, in stand te houden en te gebruiken;
b.het wijzigen van het gebruik van gronden en bouwwerken.
2De omgevingsvergunning, bedoeld in het eerste lid, wordt geweigerd indien de activiteiten naar het oordeel van het bevoegd gezag de locatie minder geschikt maken voor de verwezenlijking van de bij het in voorbereiding zijnde projectbesluit daaraan te geven regels in het omgevingsplan.
3Het bevoegd gezag vraagt ten behoeve van het oordeel, bedoeld in het tweede lid, om advies:
a.de Minister van Defensie;
4Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op bestaande activiteiten of activiteiten die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van deze voorbeschermingsregels in overeenstemming met de op dat moment geldende toepasselijke regelgeving.
Artikel 2.2 Vergunningplicht uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden
1Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren:
a.het aanbrengen van hoog opgaande of diep wortelende beplantingen en bomen;
b.het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, waaronder bodembeschermingen of bestortingen op de bodem van het oppervlaktewaterlichaam;
c.het indrijven van voorwerpen in de bodem;
d.het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage;
e.het permanent opslaan van goederen;
f.het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren;
g.andere werken en/of werkzaamheden die de aanleg van de ondergrondse KB10-leiding kunnen belemmeren.
2De omgevingsvergunning, bedoeld in het eerste lid, wordt geweigerd indien de werken en werkzaamheden naar het oordeel van het bevoegd gezag de locatie minder geschikt maken voor de verwezenlijking van de bij het in voorbereiding zijnde projectbesluit daaraan te geven regels in het omgevingsplan.
3Het bevoegd gezag vraagt ten behoeve van het oordeel, bedoeld in het tweede lid, om advies:
a.de Minister van Defensie
4Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing op activiteiten die:
a.het normale onderhoud en beheer betreffen ten dienste van de functies en activiteiten die op grond van het omgevingsplan zijn toegelaten;
b.bestaande activiteiten betreffen;
c.reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van deze voorbeschermingsregels in overeenstemming met de op dat moment geldende toepasselijke regelgeving;
d.graafwerkzaamheden betreffen als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken.
Bijlage I Overzicht Informatieobjecten
pijpleiding KB10 Culemborg
/join/id/regdata/mnre1018/2025/vb_pijpleidingKB10_Culemborg/nld@2025-09-25
Bijlage II Begrippen
Bestaand
bij bebouwing: bebouwing zoals legaal aanwezig op het tijdstip van vaststelling van de voorbeschermingsregels, dan wel mag worden gebouwd krachtens een voor dat tijdstip verleende omgevingsvergunning;
bij gebruik: gebruik zoals legaal aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van de voorbeschermingsregels;
Toelichting
Algemene toelichting
Toelichting op de regeling
De voorbeschermingsregels waarmee het omgevingsplan wordt gewijzigd, bestaan uit regels en geografische informatieobjecten (locaties), vergezeld van een toelichting en bijlagen. De regels en de geografische informatieobjecten vormen het juridisch bindende deel. De voorbeschermingsregels zijn gericht op het voorkomen dat zich in het gebied van het in voorbereiding zijnde projectbesluit ruimtelijke ontwikkelingen voordoen die het gebied minder geschikt maken voor de verwezenlijking van het project. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de uitleg van de regels.
Opbouw van de regels
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Dit hoofdstuk omvat twee artikelen:
Artikel 1.1: Begripsbepalingen. Dit artikel bevat alle noodzakelijke begripsbepalingen. Hierdoor wordt de interpretatie van de diverse begrippen vastgelegd, waardoor de duidelijkheid wordt vergroot;
Artikel 1.2: Doelen. Dit artikel bevat het doel in verband waarmee regels zijn gesteld die het omgevingsplan wijzigen.
Hoofdstuk 2 Voorbeschermingsregels
In hoofdstuk 2 zijn de vergunningplichtige activiteiten opgenomen die de locatie minder geschikt kunnen maken voor de verwezenlijking van de bij het in voorbereiding zijnde projectbesluit daaraan te geven regels in het omgevingsplan. Hierbij wordt het volgende stramien gevolgd:
de aanwijzing van vergunningplichtige activiteiten op basis van artikel 4.14, derde lid onder a Ow;
de beoordelingsregels waaraan een aanvraag voor de betreffende activiteit wordt getoetst. In dit kader vindt de afweging plaats of de aangevraagde activiteit naar het oordeel van het bevoegd gezag de locatie minder geschikt maken voor de verwezenlijking van de bij het in voorbereiding zijnde projectbesluit daaraan te geven regels in het omgevingsplan;
de aanwijzing van een bestuursorgaan of andere instantie die in de gelegenheid worden gesteld om aan het bevoegd gezag advies uit te brengen over een aanvraag op basis van artikel 4.14, derde lid onder c Ow.