Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Culemborg houdende regels omtrent de huishoudelijke ondersteuning

Gemeente Culemborg · geldt sinds 2 april 2021

5. Omschrijving Huishoudelijke ondersteuning

1. Een schoon en leefbaar huis

Om het resultaat van een schoon en leefbaar huis te kunnen behalen kan (gedeeltelijke) overname van schoonmaak activiteiten nodig zijn. Onder leefbaar wordt verstaan een opgeruimde en functionele leefruimte, bijvoorbeeld om vallen te voorkomen.

Per huishouden worden de volgende ruimtes structureel schoongemaakt:

•de huiskamer

•de als slaapvertrek in gebruik zijnde ruimte(s)

•de sanitaire ruimte(s) (max. 1 badkamer en 2 toiletten)

•de keuken

•de hal met trap als deze aanwezig is

Overige en niet in gebruik zijnde ruimte(s) worden niet of incidenteel schoongemaakt.

Onder de niet frequente ruimtes worden die ruimtes in huis verstaan die gebruik worden door de cliënt, maar niet tot de reguliere ruimtes behoren. Denk bijvoorbeeld aan een hobby- of logeerkamer.

Het huis dient zodanig schoon en leefbaar te zijn dat geen vervuiling plaatsvindt en zo een algemeen aanvaardbaar basisniveau van een schoon en leefbaar huis wordt gerealiseerd. Dit betekent niet dat alle woonruimten wekelijks schoongemaakt moeten worden.

De aanwezigheid van dieren, uitgezonderd hulphonden, geven geen aanleiding voor het toekennen van aanvullende inzet.

Het schoonmaken of schoonhouden van buitenruimtes vallen buiten de reikwijdte van de HO. Het zemen van de ramen aan de buitenkant is hier een voorbeeld van.

Het onderhoud van de tuin, het uitlaten van huisdieren en overige activiteiten maken geen onderdeel uit van de HO. Dit geldt ook voor het verrichten van hand- en spandiensten zoals het ophangen van een lamp of het schoonmaken van verzamelingen.

In de tabellen 1 tot en met 6 in bijlage I worden alle structurele en incidentele schoonmaakactiviteiten weergegeven voor een schoon en leefbaar huis. Ook de uitvoeringsfrequentie is in deze tabellen opgenomen. Aan de hand van de persoonlijke situatie van cliënt wordt bepaald wat daadwerkelijk wordt overgenomen.

2. Beschikken over schone kleding en bedden-en linnengoed

Het doel van dit resultaat is dat de persoon beschikt over schone kleding. We spreken hier uitsluitend over de normale dagelijkse kleding inclusief textiel zoals handdoeken en beddengoed. De wasverzorging, zoals bedoeld binnen dit resultaatgebied, omvat het wassen, het drogen, opvouwen en opbergen / opruimen van de was. In het KPMG onderzoek zijn wasdroger, wasmachine en magnetron als voorliggend verondersteld. Het beschikken over een wasmachine is volgens het gemeentelijke beleid algemeen gebruikelijk.

In tabel 7 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

In de praktijk wordt ondersteuning in de was verzorging bijna altijd gecombineerd met resultaatgebied ‘een schoon en leefbaar huis’. Tijdens de looptijd van het wasprogramma kunnen andere of elders huishoudelijke ondersteuningsactiviteiten worden uitgevoerd.

3. Beschikken over gestreken representatieve kleding

Er wordt vanuit gegaan dat iedereen kan beschikken over strijkvrije bovenkleding. Wanneer dit in de individuele situatie niet zo is, kan er vanuit de huishoudelijke ondersteuning worden gestreken. Hierbij wordt alleen de representatieve boven kleding gestreken. Onderkleding (zoals sokken en ondergoed) en alle vormen van bad-, keuken-, en bed textiel worden niet gestreken.

In tabel 8 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

4. Beschikken over benodigde levensmiddelen

Vanuit de Wmo kan uitsluitend ondersteuning op dit resultaatgebied worden ingezet wanneer iemand niet in staat is om met eigen mogelijkheden (eigenkracht, vrijwilligers en netwerk) en met boodschappenservices te voorzien in de benodigde levensmiddelen. Het betreft hier uitsluitend levensmiddelen en schoonmaakmiddelen, die dagelijks of wekelijks gebruikt worden in elk huishouden. Grotere inkopen zoals kleding en duurzame gebruiksgoederen vallen hier niet onder. Uitgangspunt is dat de boodschappen geclusterd worden.

In tabel 9 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

5. Bereiden van een broodmaaltijd.

Het bereiden van een broodmaaltijd kan onder de huishoudelijke ondersteuning vallen wanneer iemand niet in staat is om hier op eigen kracht of met hulp van het netwerk in te voorzien. Als deze ondersteuning noodzakelijk is dan wordt er van uitgegaan dat eenmaal per dag de broodmaaltijden voor die dag worden klaargemaakt. Bij de beoordeling van de noodzaak dient ook te worden gekeken of cliënt bijvoorbeeld andere voorzieningen heeft die hierin kunnen ondersteuning kunnen bieden.

In tabel 10 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

6. Bereiden van een warme maaltijd.

Gelet op het aanbod van (warme) kant en klaar maaltijden is ondersteuning bij dit resultaatgebied in beginsel niet noodzakelijk. Wanneer door individuele situaties de eigen kracht, voorliggende wetgeving en de maaltijdservices niet toereikend zijn, kan het bereiden van de warme maaltijd onder de huishoudelijke ondersteuning vallen.

In tabel 11 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

7. Organisatie van huishoudelijke taken.

Bij dit resultaatgebied wordt cliënt zo veel mogelijk betrokken bij en gestimuleerd tot de uitvoering van huishoudelijke taken. Het geven van instructie en het aanleren van vaardigheden hoort hier ook bij. Dit is voor een beperkte tijdsduur noodzakelijk; namelijk tot cliënt in staat is om deze werkzaamheden zelf uit te voeren, of wanneer blijkt dat het niet haalbaar is gebleken dat hij de taken zelfstandig gaat uitvoeren. Dit kan voor, in eerste instantie, maximaal 3 maanden worden toegekend.

Soms is het nodig dat de regie van de organisatie van de huishoudelijke taken volledig wordt overgenomen. Dan kan dit ook langdurig worden ingezet.

Maatwerk staat bij dit resultaatgebied voorop.

In tabel 12 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

8. Extra module 1: Zorg voor jonge kind(eren) binnen het gezin

Bij de zorg voor minderjarige kinderen gaat het om de dagelijkse, gebruikelijke hulp voor gezonde kinderen die tot het gezin behoren als beide ouders niet in staat zijn deze te leveren. Het betreft activiteiten als wassen en aankleden, hulp bij eten en/of drinken en een maaltijd voorbereiden. Het passen op kinderen valt niet onder dit resultaat.

De zorgbehoefte van gezonde kinderen in relatie tot het huishouden wordt hieronder weergegeven:

Leeftijd

Zorgbehoefte

0tot en met 4 jaar

•Moeten volledig verzorgd worden; aan- en uitkleden, eten en wassen.

•Zijn tot 4 jaar niet zindelijk, hebben hulp nodig bij verschonen en eventuele toiletgang.

5tot en met 11 jaar

•Hebben toezicht nodig (en nog maar weinig hulp) bij aan- en uitkleden en wassen.

•Zijn overdag zindelijk en ’s nachts merendeel ook.

•Hebben toezicht nodig voor het maken van een broodmaaltijd. Het eten zelf gaat zelfstandig.

•Hebben hulp nodig bij het maken van een warme maaltijd. Het eten zelf gaat zelfstandig.

12tot en met 17 jaar

•Hebben geen hulp (en maar weinig toezicht) nodig bij hun persoonlijke verzorging.

•Hebben toezicht nodig bij het maken van een warme maaltijd.

Het is de verantwoordelijkheid van ouders/verzorgers om een oplossing te regelen, op tijden dat zij beiden niet in staat zijn om voor de kinderen te zorgen. Bij uitval van één van de ouders dient de andere ouder de zorg over te nemen. Hierbij wordt verwacht dat er maximaal gezocht wordt naar eigen oplossingen: zorgverlof, mantelzorg en andere voorliggende voorzieningen.

Deze verantwoordelijkheid vervalt niet bij echtscheiding of beëindiging van de relatie. Er dient wel rekening gehouden te worden met de eventueel door de rechtbank vastgelegde afspraken.

Vanuit het team Wmo van de gemeente kan ondersteuning worden geboden bij het zoeken naar eigen oplossingen bijvoorbeeld binnen het netwerk. Het is ook mogelijk om te onderzoeken of er door middel van bijvoorbeeld Buitenschoolse opvang of Sociaal Medische Indicatie (SMI) kinderopvang een oplossing gevonden kan worden.

De ondersteuning vanuit de Wmo op dit resultaatgebied is aanvullend op de eigen mogelijkheden en heeft vooral een taak in het bijspringen, zodat voor het gezin ruimte ontstaat om zelf een al dan niet tijdelijke oplossing te vinden.

In tabel 13 in bijlage I worden de activiteiten en frequentie bij dit resultaatgebied omschreven.

9. Extra module 2: Factoren die de benodigde tijd kunnen beïnvloeden

Het KPMG heeft normeringen opgesteld die in principe passend zijn voor alle cliënten. In het gemeentelijk beleid is ruimte om voor specifieke situaties van een cliënt één extra tijdsmodule toe te kennen. De volgende invloedsfactoren kunnen maken dat er meer ondersteuningstijd nodig is:

a) Het aantal bewoners, hun aanwezigheid in de woning en hun mobiliteit door de woning

b) Ernst van de problematiek bij cliënten c.q. de mate waarin cliënten zelf activiteiten kunnen uitvoeren of additionele aandacht vereist is i.v.m. vertrouwensband GGZ-populatie).

c) Gezondheid van de cliënt:

○ Bij aandoeningen als astma en longemfyseem kan het zijn dat het huis zoveel mogelijk stofvrij moet zijn. Dit moet wel door een recent medisch onderzoek worden bevestigd.

○ Bij aandoeningen zoals incontinentie, ziektes (bv. Chemokuur of Norovirus) en fysieke beperkingen zoals veel knoeien met eten en drinken is soms extra was verzorging noodzakelijk.

d) Wijze van gebruik van het toilet (o.a. medische redenen)

e) Ernst van de problematiek bij cliënten c.q. de mate waarin zij niet in staat zijn om zelf op te ruimen.

De volgende tijdseenheden zijn van toepassing:

-Beperkingen en belemmeringen cliënt:

-Enige inzet 30 minuten per week

-Veel extra inzet 60 minuten per week

-Wijze van gebruik van het toilet (o.a. medische redenen) 30 minuten per week.

Uitgaande van deze tijden worden aan deze module, op jaarbasis, de volgende tijden gekoppeld:

Enige inzet 26 uur gebaseerd op beperkingen en belemmeringen

Veel extra inzet 52 uur

6. Uitvoering

6.1 Kwaliteit

Om de kwaliteit en clientbeleving van de geleverde ondersteuning te onderzoeken, zal de gemeente steekproefsgewijs een controle uitvoeren (telefonisch en/of d.m.v. een huisbezoek). Als de reguliere klachtenafhandeling over de kwaliteit van een schoon huis niet toereikend is, dan kan de gemeente een onderzoek instellen door het inzetten van externe expertise.

De norm “schoon”

Wanneer is een huis schoon? Hoe beoordeel je dat?

Leefbaar staat voor opgeruimd en functioneel, om bijvoorbeeld vallen te voorkomen. Schoon betekent dat leefvertrekken schoon moeten zijn volgens de normen zoals opgenomen in het KPMG normenkader. De woning dient zodanig schoon te zijn dat deze niet vervuilt. Het gaat om een basisniveau van schoon houden; wat minimaal nodig is wordt gedaan. Dit kan betekenen dat de uitvoering niet helemaal hoeft te voldoen aan de persoonlijke standaard en verwachtingen van een client.

Beoordelen of een huis schoon is, betekent inzichtelijk krijgen of en in welke mate sprake is van vervuiling. Van vervuiling is sprake indien in een bepaalde mate stof, vlekken, vingertasten en aanslag aanwezig zijn op de in het huis aanwezige elementen (delen of onderdelen van de inventaris). Sommige elementen moeten periodiek stof-en/of vlekvrij worden gemaakt. Er zijn ook elementen waarbij enige lichte verontreiniging niet als onhygiënisch wordt gezien en daarom aanwezig mag zijn. Zo dient een toilet stof-en/of vlekvrij te zijn, maar mag er op de kapstok een lichte mate van stof aanwezig zijn.

Beoordelen of een element schoon of vuil is, is een momentopname. Dat geldt ook voor het schoonmaken zelf; hetgeen vandaag wordt schoongemaakt, blijft niet schoon. Dit betekent dat de beoordelaar een woning beoordeelt met inachtneming van het gegeven dat dagelijks vuil een gegeven is en onderscheiden moet worden van cumulatief vuil (ophoping van dagelijks vuil).

De beoordelaar kan op basis van de afspraken die tussen client en aanbieder zijn gemaakt over de uitvoering van de activiteiten beoordelen of de aanbieder zich aan de afgesproken frequentie van schoonmaken houdt. De beoordelaar zal indien er een mate van vervuiling aanwezig is, die niet toelaatbaar is gelet op de afgesproken frequentie, dit bespreekbaar maken. De beoordelaar kan een aanbieder alleen aanspreken op het niet realiseren van de beschreven resultaatgebieden.

BIJLAGE I Normenkader

Tabel 1

Schoon en leefbaar huis

Woonkamer

Activiteiten

Frequentie

Afnemen nat en droog

Stof afnemen:

➢ laag*

➢ midden

➢ hoog

Deuren / deurposten nat afdoen

Meubels afnemen

Radiatoren reinigen

1x per week

1x per week

1x per 2 weken

2x per jaar

6x per jaar

2x per jaar

Stofzuigen

Dweilen

1x per week

1x per week

Ramen en gordijnen

Gordijnen reinigen**

Lamellen / luxaflex reinigen

Ramen binnenzijde wassen

1x per jaar

2x per jaar

4x per jaar

Opruimen

1x per week

*Oppervlakte waarvoor cliënten moet bukken, incl. plinten

** Het nat dan wel droog reinigen van gordijnen / vitrage

Tabel 2

Slaapkamer

Activiteiten

Frequentie

Afnemen nat en droog

Stof afnemen*:

➢ laag**

➢ midden

➢ hoog

Deuren / deurposten nat afdoen

Radiatoren reinigen

1x per week

1x per week

1x per 6 weken

2x per jaar

2x per jaar

Stofzuigen

Dweilen

1x per week

1x per 4 weken

Ramen en gordijnen

Gordijnen reinigen***

Lamellen / luxaflex reinigen

Ramen binnenzijde wassen

1x per jaar

2x per jaar

4x per jaar

Bed verschonen

1x per 2 weken

Opruimen

1x per week

*Onder stof afnemen valt ook het afnemen van de meubels. Deze worden in tabel 1 expliciet genoemd omdat in een woonkamer meer meubels aanwezig zijn.

**Oppervlakte waarvoor cliënten moet bukken, incl. plinten

*** Het nat dan wel droog reinigen van gordijnen / vitrage

Tabel 3

Keuken

Activiteiten

Frequentie

Stofzuigen

Dweilen

1x per week

1x per week

Keukenblok (buitenzijde) incl. tegelwand, kookplaat, spoelbak, koelkast en eventueel tafel

1x per week

Keukenkastjes binnenzijde

2x per jaar

Bovenkant keukenkastjes

9x per jaar

Keukenapparatuur (buitenzijde)

1x per week

Koelkast binnenzijde

3x per jaar

Oven / magnetron binnenzijde

4x per jaar

Tegelwand los van keukenblok

2x per jaar

Vriezer los reinigen binnenzijde (al ontdooid)

1x per jaar

Afzuigkap reinigen

Binnenzijde (vaatwasser bestendig)

Binnenzijde (niet vaatwasser bestendig)

2x per jaar

2x per jaar

Ramen en gordijnen

Gordijnen reinigen**

Lamellen / luxaflex reinigen

Ramen binnenzijde wassen

1x per jaar

3x per jaar

4x per jaar

Afnemen nat en droog

Deuren / deurposten nat afdoen*

Radiatoren afnemen

3x per jaar

3x per jaar

Afval opruimen / wegbrengen

1x per week

Opruimen / afwassen

1x per week

*Oppervlakte waarvoor cliënten moet bukken, incl. plinten

** Het nat dan wel droog reinigen van gordijnen / vitrage

***tijd ligt hoger dan in de woonkamer en slaapkamer, omdat deze activiteit in de keuken bewerkelijker is.

Tabel 4

Sanitair

Activiteiten

Frequentie

Afnemen nat en droog

Deuren / deurposten nat afdoen*

Radiatoren reinigen

3x per jaar

3x per jaar

Sanitair schoonmaken

Badkamer schoonmaken (sanitaire elementen, vloer, prullenbak legen)**

Toilet schoonmaken, incl. tegels

Tegelwand badkamer afnemen

1x per week

1x per week

4x per jaar

Ramen en gordijnen

Gordijnen reinigen**

Lamellen / luxaflex reinigen

Ramen binnenzijde wassen

1x per jaar

3x per jaar

4x per jaar

*Oppervlakte waarvoor cliënten moet bukken, incl. plinten. Bij de frequentie is aansluiting gezocht bij die van de keuken.

**inclusief stofzuigen en dweilen

Tabel 5

Hal

Activiteiten

Frequentie

Afnemen nat en droog

Stof afnemen:

➢ Laag*

➢ midden

➢ hoog

Deuren / deurposten nat afdoen**

Radiatoren reinigen

1x per week

1x per week

1x per week

2x per jaar

2x per jaar

Stofzuigen en dweilen

Stofzuigen

Dweilen

Trap reinigen (droog/nat afnemen of stofzuigen) ***

1x per week

1x per week

1x per week

*Oppervlakte waarvoor cliënten moet bukken, incl. plinten

**Bij de frequentie is aangesloten bij die van de woon- en slaapkamer

*** droog/nat afnemen of stofzuigen

Tabel 6

Niet frequente ruimte

Activiteiten

Frequentie

Afnemen nat en droog

Stof afnemen:

➢ Laag

➢ midden

➢ hoog

4x per jaar

4x per jaar

4x per jaar

Stofzuigen en dweilen

Stofzuigen

4x per jaar

Totaal benodigde tijd per jaar

Schoon en leefbaar huis (tabel 1 tot en met 6)

107uur

Tabel 7

Schone kleding en bedden- en linnengoed

Resultaat

Activiteiten

Frequentie

Schone kleding en bedden- en linnengoed

Was sorteren

Was in de machine stoppen (incl. wasmachine aanzetten)

Wasmachine leeghalen

Was in de droger stoppen

Droger leeghalen

Was ophangen

Was afhalen

Was opvouwen

Was opbergen / opruimen

2x draaien was per week

Benodigde tijd per week (minuten)

Totaal benodigde tijd per maand (minuten)

Totaal benodigde tijd per jaar

Schone kleding en bedden- en linnengoed

35

140

30,3

Tabel 8

Gestreken representatieve kleding

resultaat

Activiteiten

frequentie

Gestreken representatieve kleding

Was strijken

Strijkgoed opvouwen

Strijkgoed opbergen / opvouwen

1x per 2 weken

In de praktijk is deze tijd gemeten onder opvouwen van resultaatgebied ‘schone kleding en bedden- en linnengoed’

Benodigde tijd per week (minuten)

Totaal benodigde tijd per maand (minuten)

Totaal benodigde tijd per jaar

Gestreken representatieve kleding

12

47

10

Tabel 9

Beschikken over benodigde levensmiddelen

Resultaat

Activiteiten

Frequentie

Beschikken over benodigde levensmiddelen

Het opstellen van een boodschappenlijst

Het doen van boodschappen

Het opruimen van de boodschappen

1x per week (er van uitgaan dat er een vriezer is)

Benodigde tijd per week (minuten)

Totaal benodigde tijd per maand (minuten)

Totaal benodigde tijd per jaar

Beschikken over benodigde levensmiddelen

50

200

43,3

Tabel 10

Het kunnen nuttigen van broodmaaltijden (= maatwerk)

Resultaat

Activiteiten

Frequentie

Minuten

Het kunnen nuttigen van broodmaaltijden

(= maatwerk)

Het bereiden van de broodmaaltijd

Dagelijks

15minuten per keer

1xper dag: ’s ochtends 2 broodmaaltijden klaarmaken.

Omdat in het KPMG normenkader geen aantal minuten is aangegeven is aangesloten bij de CIZ richtlijn.

Tabel 11

Het kunnen nuttigen van warme maaltijden (= maatwerk)

Resultaat

Activiteiten

Frequentie

Minuten

Het kunnen nuttigen van warme maaltijden (= maatwerk)

Het bereiden van de warme maaltijd

Dagelijks

30minuten per maaltijd

Omdat in het KPMG normenkader geen aantal minuten is aangegeven is aangesloten bij de CIZ richtlijn.

Tabel 12

Dagelijkse organisatie van het huishouden

Resultaat

Activiteiten

Frequentie

Minuten

Dagelijkse organisatie van het huishouden

Betrekken en stimuleren bij het uitvoeren van huishoudelijke taken. Dit omvat:

-uitleg geven over de noodzaak van huishoudelijk e activiteiten

-instrueren / aanleren van het uitvoeren van de huishoudelijke activiteiten

Maximaal 3 maanden

6x 1 uur met de mogelijkheid tot meer uur als dat noodzakelijk is.

Regie van de organisatie van de huishoudelijke taken overnemen. Dit omvat:

-opbouwen en onderhouden van de vertrouwensband.

-Plannen van de structurele en incidentele huishoudelijke taken, incl. een taakverdeling tussen de hulp en cliënt.

-Afstemming vanuit HO perspectief met andere professionals voor bredere ondersteuningsvragen van / voor cliënt.

Continu proces

Half uur per bezoek hulp

Tabel 13

Zorg voor jonge kinderen

Resultaat

Activiteiten

Frequentie

Minuten

Zorg voor jonge kinderen

Mogelijke activiteiten:

-Naar bed brengen / uit bed halen

-Wassen (incl. tanden poetsen) en kleden

-Eten en/of drinken geven

-Babyvoeding / fles

-Luier verschonen

-Naar school brengen

-Maaltijd (voor)bereiden

Situatie specifiek

Situatie specifiek

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.