Aanhef
DE RAAD VAN DE GEMEENTE CRANENDONCK
Gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Cranendonck d.d. 30 september 2025:
Zaaknummer: 342.890;
Gelet op artikel: 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b van de Gemeentewet;
B E S L U I T
Vast te stellen:
VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LIJKBEZORGINGSRECHTEN 2026 en de daarbij behorende tarieventabel 2026
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
1begraafplaats: de Algemene Begraafplaats gemeente Cranendonck;
2graf: een zandgraf;
3urnenkeldertje: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere asbussen worden bijgezet;
4asbus: een bus ter berging van as van een overledene;
5urn: een voorwerp ter berging van een of meer asbussen;
6particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
a.het doen begraven en begraven houden van lijken;
b.het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
c.het doen verstrooien van as.
7particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
8particulier urnenkeldertje: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
9verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid;
10grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf of een urnenkeldertje;
11beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats of degene die hem vervangt;
12rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden.
Artikel 2 Belastbaar feit
Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.
Artikel 3 Belastingplicht
De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.
Artikel 4 Maatstaf van heffing en belastingtarief
De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Artikel 5 Wijze van heffing
De rechten worden geheven bij wege van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een nota of andere schriftuur waarop het gevorderde bedrag is vermeld.
Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld
De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.
Artikel 7 Termijn van betaling
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, moeten de rechten worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving.
2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid genoemde termijn.
Artikel 8 Kwijtschelding
Met betrekking tot de in deze verordening opgenomen lijkbezorgingsrechten wordt géén kwijtschelding verleend.
Artikel 9 Overgangsrecht
De "Verordening op de heffing en de invordering van lijkbezorgingrechten 2025” van 12 november 2024 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10 tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Artikel 10 Inwerkingtreding
1Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.
2De datum van ingang van heffing is 1 januari 2026.
Artikel 11 Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening lijkbezorgingrechten 2026”.
Tarieventabel behorende bij de “Verordening lijkbezorgingsrechten 2026”
Hoofdstuk 1 Verlenen van rechten
Euro
1.1.
Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een eigen graf wordt geheven:
a.voor een periode van 20 jaar;
1.090,15
b.voor een periode van 25 jaar;
1.362,65
c.voor een periode van 30 jaar;
1.635,20
1.2.
Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnennis of urnenkeldertje wordt geheven:
a.voor een periode van 10 jaar;
544,95
b.voor een periode van 15 jaar;
817,60
c.voor een periode van 20 jaar;
1.090,15
1.3.
Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in 1.1. en 1.2. wordt geheven;
a.voor een periode van 5 jaar;
272,45
b.voor een periode van 10 jaar;
544,95
c.voor een periode van 15 jaar;
817,60
d.voor een periode van 20 jaar;
1.090,15
1.4.
a.Indien een volgend stoffelijk overschot wordt bijgezet, dan wordt vanaf de bijzetting naar tijdsevenredigheid het uitsluitend recht over 20 – 25 – 30 jaren geheven.
b.Indien een asbus wordt bijgezet, dan wordt vanaf de bijzetting naar tijdsevenredigheid het uitsluitend recht over 20 – 25 – 30 jaren geheven.
1.5.
Voor het verlenen van een uitsluitend recht op het plaatsen van een her-denkingsplaatje op de gedenktafel wordt geheven voor een periode van 20 jaar
101,75
1.5.1.
Voor het verlengen van het uitsluitend recht als bedoeld in onderdeel 1.5. met 10 jaar wordt geheven
50,80
1.6
Voor een kind jonger dan 12 jaar, indien het begraven plaatsvindt in vak K (kinderhoek) van de openbare begraafplaats, wordt een recht geheven dat gelijk is aan 55% van de onder 1.1 tot en met 1.5.1 vermelde rechten.
Hoofdstuk 2 Begraven/bijzetten van urnen
2.1.
Voor het begraven van een lijk wordt geheven
559,55
2.2.
Voor het bijzetten van een urn in een urnennis, urnenkeldertje of een eigen graf wordt geheven
173,70
2.3.
De in onderdeel 2.1. en 2.2 genoemde bedragen worden verhoogd indien de begrafenis of bijzetting plaats heeft:
a.op zondag of op een overeenkomstig de bepalingen van de Algemene Termijnenwet algemeen erkende feestdag met 75%
b.op zaterdag met 25%
c.buiten de uren genoemd in de "Verordening algemene begraafplaats gemeente Cranendonck 2020”, niet vallende onder a en b genoemde dagen met 50%.
2.4
Voor een kind jonger dan 12 jaar, indien begraving plaatsvindt in vak K (kinderhoek) van de openbare begraafplaats, wordt een recht geheven dat gelijk is aan 55% van de onder 2.1 tot en met 2.3 vermelde rechten
Hoofdstuk 3 Onderhoud begraafplaats
3.1.
Voor het door of vanwege de gemeente onderhouden van de begraafplaats van een eigen graf wordt geheven:
3.1.1
a.voor een periode van 20 jaar;
1.104,80
b.voor een periode van 25 jaar;
1.381,00
c.voor een periode van 30 jaar;
1.657,25
3.1.2.
Voor het door of vanwege de gemeente onderhouden van de begraafplaats van een urnennis of urnenkeldertje wordt geheven:
a.voor een periode van 10 jaar;
185,35
b.voor een periode van 15 jaar;
278,05
c.voor een periode van 20 jaar;
370,90
3.2.
a.Indien een volgend stoffelijk overschot wordt bijgezet, dan wordt vanaf de bijzetting naar tijdsevenredigheid het onderhoud door of vanwege de gemeente over 20 -25 – 30 jaren geheven.
b.Indien een asbus wordt bijgezet, dan wordt vanaf de bijzetting naar tijdsevenredigheid het onderhoud door of vanwege de gemeente over 10 – 15 - 20 jaren geheven.
3.3.1.
Voor het verlengen van de onderhoudstermijn als bedoeld in 3.1.1. wordt geheven:
a.voor een periode van 5 jaar;
276,15
b.voor een periode van 10 jaar;
552,30
c.voor een periode van 15 jaar;
828,60
d.voor een periode van 20 jaar;
1.104,80
3.3.2.
Voor het verlengen van de onderhoudstermijn als bedoeld in 3.1.2. wordt geheven:
a.voor een periode van 5 jaar;
92,60
b.voor een periode van 10 jaar;
185,35
c.voor een periode van 15 jaar;
278,05
d.voor een periode van 20 jaar;
370,90
3.3
Voor een kind jonger dan 12 jaar, indien begraving plaatsvindt in vak K (kinderhoek) van de openbare begraafplaats, wordt een recht geheven dat gelijk is aan 55% van de onder 3.1 tot en met 3.3.2 vermelde rechten.
Hoofdstuk 4 Opgraven en verstrooien.
4.1.
Voor het opgraven van een asbus uit een eigen graf wordt geheven:
173,70
4.2.
Voor het verstrooien van een asbus op de verstrooiingsplaats wordt geheven
173,70
4.3
Aanbrengen naamplaatje bij as-verstrooiing
33,00
4.4
De in onderdeel 4.1 en 4.2 genoemde bedragen worden verhoogd indien de opgraving of verstrooiing plaats heeft:
a.op zondag of op een overeenkomstig de bepalingen van de Algemene Termijnenwet algemeen erkende feestdag met 75%
b.op zaterdag met 25%
c.buiten de uren genoemd in de "Verordening algemene begraafplaats gemeente Cranendonck 2020”, niet vallende onder a en b genoemde dagen met 50%.
Behoort bij raadsbesluit van 4 november 2025.
De griffier,
P. Stawiarska