Gemeentelijke regelgeving

BELEIDSREGELS BEGRAVEN VAN GEMEENTEWEGE GEMEENTE CRANENDONCK 2019 (Wet op de lijkbezorging)

Gemeente Cranendonck · geldt sinds 20 maart 2019

Bijlage 1: alle beleidsregels op een rij

1De opdracht tot lijkbezorging wordt uiterlijk de vierde werkdag na overlijden geven.

2Als na melding van overlijden niet duidelijk is wie de opdracht geeft tot lijkbezorging, maakt de gemeente met de uitvaartverzorger de afspraak zorg te dragen voor het verplaatsen van de overledene en alleen de eerste verzorging te realiseren maar nog niet de volledige uitvaart.

3Het onderzoek naar de eventuele nabestaanden strekt zich bij de gemeente niet verder uit dan tot en met de 2e graad van bloedverwantschap.

4De gemeente verricht geen bovenmatige inspanningen om nabestaanden op te sporen.

5De gemeente onderzoekt of er sprake is van een testament.

6De gemeente schakelt een notaris in als er sprake is van een testament.

7Indien er nabestaanden tot en met de 2e graad van bloedverwantschap bekend zijn dan verzoekt de gemeente de nabestaande de uitvaart te verzorgen.

8Nabestaanden die gedetineerd zijn, worden eventueel door tussenkomst van de maatschappelijke werker van het ministerie van Justitie benaderd.

9De gemeente betreedt de woning voor een onderzoek als er geen opdracht voor de uitvaart is gegeven door nabestaanden.

10De woonruimte van de overledene wordt betreden door twee daartoe gemachtigde ambtenaren van de gemeente, een en ander in overleg met de eventuele verhuurder.

11De gemeente beperkt de beheersmaatregelen tot het veiligstellen van bezittingen, waaruit de uitvaart kan worden bekostigd.

12De gemeente schakelt een notaris in als er sprake is van bezittingen met een verwachte waarde van meer dan € 5.000,00.

13De gemeente kan onderhands aanbesteden bij de keuze van een uitvaartondernemer.

14De gemeente geeft de uitvaartondernemer de opdracht te onderzoeken of er sprake is van een naturaverzekering en deze gelden, indien van toepassing, te innen en te verrekenen met de uitvaartfactuur.

15De gemeente houdt alleen rekening met de door de overledene vastgelegde wens over de wijze van lijkbezorging voor zover dit begraven, cremeren of ter beschikking stellen van de wetenschap omvat.

16De gemeente gaat bij het ontbreken van concrete aanwijzingen over de wens van overledene, over tot cremeren.

17De gemeente hanteert het uitgangspunt van de Wet op de lijkbezorging inzake een sobere maar respectvolle lijkbezorging.

18De gemeente vergoedt in beginsel de volgende kosten:

•overbrengen overledene van plaats overlijden naar uitvaartcentrum

•eerste verzorging overledene

•verblijf in uitvaartcentrum

•kisten overledene

•aanschaf eenvoudige kist

•verzorgen noodzakelijke formaliteiten en registratie

•overbrengen overledene van uitvaartcentrum naar begraafplaats/crematorium

•uitvaartleider op de dag van de uitvaart

•crematie: bewaren as in asbus gedurende een maand, asverstrooïng op het terrein van de gemeentelijke begraafplaats

•bij begraven: begraven in een graf op de algemene begraafplaats. Conform verordening en regels van de algemene begraafplaats wordt gekozen voor de meest sobere variant.

19De gemeente kan gebruik maken van de bevoegdheid de kosten van de uitvaart te verhalen eerst op de nalatenschap en vervolgens op de nabestaanden.

20De gemeente verhaalt de kosten, die gemaakt moeten worden om de bezittingen veilig te stellen, op de nalatenschap en/of nabestaanden.

21De gemeente verhaalt de kosten van de uitvaart op de nalatenschap indien de gelden en de bezittingen, die bij de overledene zijn aangetroffen, een onvoldoende waarde vertegenwoordigen.

22De gemeente verrekent voor zover mogelijk zelf de kosten van de uitvaart met inkomsten of tegoeden bij banken en verzekeringsmaatschappijen van de overledene.

23De gemeente Cranendonck maakt geen gebruik van de bevoegdheid om te verhalen op schoonouders, stiefouders of behuwd kinderen.

Bijlage 2: relevante wetsartikelen Wlb

Artikel 11 Wlb

Geen begraving of crematie van een lijk geschiedt zonder schriftelijk verlof van de ambtenaar van de burgerlijke stand, dat kosteloos wordt afgegeven. Het formulier voor dit verlof wordt door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vastgesteld.

Artikel 16 Wlb

Begraving of crematie geschiedt niet eerder dan 36 uren na het overlijden en uiterlijk op de zesde werkdag na het overlijden

Artikel 20 Wlb

Ingeval niemand maatregelen neemt tot lijkschouwing of lijkbezorging in overeenstemming met de wet, waarschuwt degene, die het lijk onder zijn berusting heeft, de burgemeester en wel uiterlijk op de derde dag na het overlijden.

Artikel 21 Wlb

1Indien niemand voorziet in de lijkschouwing en lijkbezorging in overeenstemming met de wet, draagt de burgemeester daarvoor zorg. Aan hoofdstuk V wordt in dat geval geen toepassing gegeven, tenzij de overledene zijn lijk uitdrukkelijk tot ontleding heeft bestemd.

2Indien de toepassing van het voorgaand lid wordt verhinderd, doordat het lijk zich in een woning bevindt en de afgifte van het lijk of de toegang tot de woning wordt geweigerd, heeft de burgemeester of een ambtenaar van politie toegang tot die woning zonder toestemming van de bewoner, voor zover dat redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak nodig is.

3Indien de identiteit van het lijk niet kan worden vastgesteld, draagt de burgemeester er, uitsluitend ten behoeve van de identificatie en opsporing van vermiste personen, zorg voor dat door of onder verantwoordelijkheid van een arts daarvan lichaamsmateriaal wordt afgenomen.

4Zo nodig kan tevens door of onder verantwoordelijkheid van een arts onderzoek in het lichaam worden verricht of een gebitsstatus worden opgemaakt of kunnen door een daartoe bevoegde ambtenaar van politie afdrukken van lichaamsdelen worden afgenomen.

5Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing indien het de burgemeester bekend is dat daarin genoemde handelingen al in opdracht van de officier van justitie hebben plaatsgevonden.

6Een lijk als bedoeld in het derde lid wordt begraven.

Artikel 22 Wlb

De kosten, verbonden aan de bezorging van lijken waarvoor de burgemeester zorg draagt, daaronder begrepen lijken die uit zee worden aangebracht, komen ten laste van de gemeente. Voor zover zij door de bij de lijken gevonden, niet klaarblijkelijk aan anderen toebehorende goederen of gelden niet kunnen worden gedekt, kan de gemeente die kosten verhalen op de nalatenschap en, bij ongenoegzaamheid van deze, op de bloed- en aanverwanten, die krachtens de artikelen 392-396 van Boek I van het Burgerlijk Wetboek tot onderhoud van de overledene verplicht zouden zijn geweest, dan wel de reder indien en voor zover kosten van de lijkbezorging op grond van artikel 416 Wetboek van Koophandel voor diens rekening komen. Paragraaf 6.5 van de Wet werk en bijstand is voor zover mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 22a Wlb

1Indien een lijk is besmet met een infectueus of giftig agens of een infectueuze of giftig stof, of een gegrond vermoeden daarvan bestaat, waardoor een ernstig gevaar voor de volksgezondheid kan ontstaan, kan de burgemeester, na advies van de gemeentelijke gezondheidsdienst, bedoeld in artikel 17 van de Wet publieke gezondheid, maatregelen treffen om dit gevaar af te wenden.

2Met het toezicht op de naleving van het bepaalde in het eerste lid zijn belast de ambtenaren van het Staatstoezicht op de volksgezondheid.

Artikel 59 lid 1 Wlb

De houder van het crematorium draagt zorg voor de bewaring van een asbus gedurende minimaal een maand na het bergen van de as in de bus.

Artikel 80 lid 8 Wlb

Met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de derde categorie wordt gestraft:

het verhinderen of belemmeren van een lijkschouwing dan wel een poging daartoe.

Artikel 81 lid 2 Wlb

Met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft: de weigering tot afgifte van een lijk als bedoeld in artikel 21, tweede lid.

Gemeentelijke uitvaarten. Handreiking voor de uitvoering van de Wet op de lijkbezorging.

Voor de werkinstructie is gebruik gemaakt van de ‘Handreiking gemeentelijke uitvaarten’ van Stimulansz. De handreiking gaat dieper in op de mogelijkheden, juridisch correcte uitvoering en de te maken keuzes en biedt ondersteuning in de uitvoeringspraktijk.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.