Gemeentelijke regelgeving

Subsidieplafond Aanjaagfonds Evenementen 2020 – tender 2.

Gemeente Coevorden · geldt sinds 31 oktober 2020

Aanhef

Burgemeester en wethouders van Coevorden;

gelezen het advies van de afdeling Leefomgeving, team Economie en Leefbaarheid d.d. 2 juli 2020;

gelet op artikel 4:25, lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3, lid 4 van de Algemene Subsidieverordening Coevorden 2019;

besluiten:

vast te stellen het volgende subsidieplafond voor 2020:

Tekst

1Paragraaf 2.6.6. Aanjaagfonds Evenementen 2020 – tender 2 € 24.950.

Op subsidieaanvragen zijn de verdeelregels als bedoeld in artikel 2.6.7., paragraaf 2.6 Aanjaagfonds Evementen, Uitvoeringsbesluit Algemene subsidieverordening Coevorden van toepassing, inhoudende:

1Het college rangschikt de voor subsidieverlening in aanmerking komende aanvragen zodanig dat een aanvraag hoger gerangschikt wordt, naarmate die meer voldoet aan de volgende toetsingscriteria:

a.kwaliteit: de mate waarop het activiteitenplan goed doordacht is en realistische doelstellingen, positionering en uitvoering bevat;

b.kwaliteit: de mate waarin de inhoud van de programmering aansluit op specifieke doelen en beleidskaders die gesteld worden op het gebied van vrijetijdseconomie, cultuur, sport, openbare orde, economische zaken en welzijn;

c.positionering: de mate waarin het evenement bijdraagt aan de profilering en het vergroten van de naamsbekendheid van de gemeente Coevorden;

d.bezoekersbeleving: de mate waarin het evenement onderscheidend is wat betreft concept, locatie of programmering ten opzichte van lokaal, regionaal of landelijk aanbod;

e.bezoekersbeleving: de mate waarin het evenement vernieuwende onderdelen qua inhoud, concept, doelgroep en mediacampagne bevat ten opzichte van eerdere edities;

f.evenementenjaarprogramma: de mate waarin het evenement in soort, omvang, tijd, doelgroep en locaties bijdraagt aan een evenwichtig evenementenjaarprogramma;

g.bereik: de mate waarop het evenement lokaal, regionaal, nationaal of internationaal publiek bereikt;

h.bereik: het aantal te bereiken bezoekers of deelnemers;

i.marketing en communicatie: de mate waarin het evenement media-aandacht genereert op lokaal, regionaal, nationaal of internationaal niveau;

j.marketing en communicatie: de mate waarin de doelstellingen ten aanzien van doelgroep, bereik en ingezette middelen realistisch is;

k.economische spin-off: de mate waarin het evenement leidt tot een aantoonbaar maatschappelijk of economisch rendement;

l.economische spin-off: de mate waarin het evenement leidt tot bestedingen in de gemeente Coevorden;

m.economische spin-off: de mate waarin het evenement leidt tot meerdaags verblijf in de gemeente Coevorden;

n.samenwerking: de mate waarin wordt samengewerkt met derden, zoals het lokale bedrijfsleven, verenigingen en organisaties;

o.financiële en organisatorische haalbaarheid: de mate waarin het project haalbaar is vanuit financieel en organisatorisch oogpunt;

p.financiële en organisatorische haalbaarheid: de mate waarin het initiatief aantoonbaar een verdienmodel bevat;

q.financiële en organisatorische haalbaarheid: de mate waarin wordt gewerkt naar toekomstige onafhankelijkheid van externe financiering, waaronder subsidies.

2Ten behoeve van de rangschikking worden aan de criteria de volgende wegingsfactoren toegekend:

a.voor de in het eerste lid, onder a en d tot en met q genoemde criteria: maximaal 5 punten;

b.voor de in het eerste lid, onder b en c genoemde criteria: maximaal 10 punten.

3De beoordelingscommissie, bestaande uit interne en externe leden, adviseert het college over de in het eerste lid bedoelde rangschikking.

4Het college verstrekt de subsidie op volgorde van de rangschikking.

5Voor zover aanvragen op grond van het eerste lid even hoog zijn gerangschikt, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen bepaald door het aantal punten dat is toegekend voor de criteria als bedoeld in het eerste lid, onder a en b tezamen.

6Indien ook na toepassing van het vijfde lid, aanvragen even hoog zijn gerangschikt, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen bepaald door het aantal punten dat is toegekend voor de criteria als bedoeld in het eerste lid, onder o tot en met q tezamen.

7Indien ook na toepassing van het zesde lid, aanvragen even hoog zijn gerangschikt, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door loting.

8Indien het maximaal te verstrekken subsidiebedrag van alle voor subsidie in aanmerking komende aanvragen gezamenlijk lager is dan het vastgestelde subsidieplafond, vindt er geen rangschikking plaats. Het college toetst in dat geval of de aanvraag in voldoende mate voldoet aan de in het eerste lid bedoelde toetsingscriteria. Daarbij wordt zij geadviseerd door de in het derde lid bedoelde beoordelingscommissie.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.