Aanhef
De burgemeester van de gemeente Coevorden;
Gelet op:
•de Wet veilige jaarwisseling;
•artikel 9.2.2.1a, vierde en vijfde lid, van de Wet milieubeheer;
•de artikelen 2.3.2, 2.3.2a en 2.3.2b van het Vuurwerkbesluit;
•Titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;
Overwegende dat:
•de gemeente Coevorden een lange en gewaardeerde traditie kent met betrekking tot het afsteken van vuurwerk tijdens de jaarwisseling;
•de Wet veilige jaarwisseling aan de burgemeester de bevoegdheid geeft om een ontheffing te verlenen voor het gecentraliseerd en gecoördineerd afsteken van consumentenvuurwerk;
•ingevolge artikel 2.3.2 van het Vuurwerkbesluit uitsluitend een ontheffing door de burgemeester kan worden verleend als ten minste is voldaan aan de in dit artikel genoemde voorwaarden, waaronder het door de burgemeester vastgestelde beleid;
•ingevolge artikel 2.3.2a van het Vuurwerkbesluit in ieder geval de in dit artikel genoemde voorschriften door de burgemeester aan de ontheffing worden verbonden;
•de burgemeester ruimte wil bieden aan lokale verenigingen en stichtingen om binnen de wettelijke kaders gezamenlijk vuurwerk af te steken;
•met het oog op een veilige, beheersbare en handhaafbare uitvoering van de vuurwerkactiviteiten tijdens de jaarwisseling, mede gelet op de beschikbare gemeentelijke capaciteit voor toezicht en handhaving, het aantal te verlenen ontheffingen wordt begrensd tot ten hoogste één ontheffing per kern en ten hoogste twee ontheffingen voor Coevorden-stad;
•nu hiermee sprake is van een beperkt aantal beschikbare ontheffingen (schaarse vergunningen), een transparante, objectieve en onpartijdige verdeelsystematiek dient te worden vastgesteld, zodat potentiële aanvragers tijdig worden geïnformeerd en een gelijk speelveld wordt geboden;
•de burgemeester het van belang acht dat er, binnen de daarvoor geldende kaders, ruimte blijft voor het afsteken van vuurwerk tijdens de jaarwisseling.
Besluit:
vast te stellen de Beleidsregel ontheffingen vuurwerk Wet veilige jaarwisseling gemeente Coevorden 2026
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
a) wet: Wet veilige jaarwisseling;
b) besluit: Vuurwerkbesluit;
c) ontheffing: ontheffing van het vuurwerkverbod voor consumenten op grond van de wet en het besluit;
d) aanvrager: een rechtspersoon in de vorm van een vereniging of stichting, ingeschreven in het Handelsregister;
e) vuurwerkactiviteit: het georganiseerd afsteken van vuurwerk van categorie F2 door een aanvrager op grond van een ontheffing;
f) lokale binding: de aantoonbare verbondenheid van een vereniging of stichting met de gemeente Coevorden, blijkend uit het vestigingsadres, de statutaire doelstelling of activiteiten die de vereniging of stichting binnen de gemeente Coevorden feitelijk verricht of heeft verricht;
g) veiligheidsplan: het bij de aanvraag om een ontheffing behorende plan, waarin wordt beschreven hoe aan de voorwaarden en aan de voorschriften wordt voldaan;
h) kern: elk van de in de bijlage bij deze beleidsregel genoemde dorpskernen binnen de gemeente Coevorden, niet zijnde Coevorden-stad;
i) Coevorden-stad: de kern Coevorden;
j) plafond: het op grond van artikel 5 geldende maximumaantal ontheffingen dat per kern of voor Coevorden-stad per jaarwisseling kan worden verleend;
k) loting: de willekeurige trekking als bedoeld in artikel 7, aan de hand waarvan wordt bepaald welke aanvrager(s) voor een ontheffing in aanmerking komen wanneer het aantal daarvoor in aanmerking komende aanvragen het plafond overschrijdt.
Artikel 2. Reikwijdte en doel
1Deze beleidsregel is van toepassing op het verlenen van een ontheffing, als bedoeld in artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer, door de burgemeester van de gemeente Coevorden.
2Doel van deze beleidsregel is een helder, uniform en transparant kader voor ontheffingsverlening, met inachtneming van de openbare orde, veiligheid en naleving van wet- en regelgeving, en met een objectieve en onpartijdige verdeling van de beschikbare ontheffingen.
Artikel 3. Uitgangspunten
1De burgemeester verleent uitsluitend een ontheffing voor een aanvraag die voldoet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 2.3.2 van het besluit en aan deze beleidsregel.
2De burgemeester verleent geen ontheffing, indien dit naar verwachting leidt tot onaanvaardbare risico's voor de openbare orde, veiligheid of gezondheid, of tot onevenredige overlast voor omwonenden.
3De aanvrager draagt zelf een locatie aan binnen de gemeente Coevorden alwaar het vuurwerk wordt afgestoken. De burgemeester beoordeelt of de voorgestelde locatie voldoet aan de voorwaarden en geschikt is voor het veilig afsteken van vuurwerk.
4Per kern of voor Coevorden-stad wordt niet meer dan het op grond van artikel 5 geldende plafond aan ontheffingen verleend.
5Het verlenen van een ontheffing laat onverlet dat voor andere activiteiten die rondom het afsteken van vuurwerk worden georganiseerd, op grond van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Coevorden een evenementenvergunning of andere toestemming is vereist.
Artikel 4. Voorwaarden voor verlening
1Een ontheffing wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 2.3.2 van het besluit.
2De aanvraag heeft betrekking op een door de aanvrager genoemde locatie binnen de gemeente Coevorden, gelegen binnen één kern of binnen Coevorden-stad. De aanvrager toont aan dat hij gerechtigd is om de locatie voor de vuurwerkactiviteit te gebruiken.
3De aanvraag bevat een naar het oordeel van de burgemeester afdoende veiligheidsplan. Het veiligheidsplan beschrijft hoe wordt voldaan aan de voorschriften op basis van artikel 2.3.2a van het besluit en bevat in ieder geval:
a.een situatietekening met de afsteekplaats, het afsteekterrein, de veiligheidsafstanden en de veiligheidszone;
b.een beschrijving van de wijze waarop toezicht wordt gehouden op het afsteekterrein en de veiligheidszones;
c.een overzicht van het vuurwerk dat de aanvrager wil afsteken, met soorten en totaalgewicht;
d.een beschrijving van de bereikbaarheid van de locatie voor hulpdiensten;
e.de organisatie en verantwoordelijkheidsverdeling van supervisors en ontbranders;
f.maatregelen bij calamiteiten en omstandigheden die een veilige uitvoering kunnen belemmeren.
Artikel 5. Maximumaantal ontheffingen (plafond)
1Per kern wordt per jaarwisseling ten hoogste één ontheffing verleend.
2Voor Coevorden-stad worden per jaarwisseling ten hoogste twee ontheffingen verleend.
3De kernen als bedoeld in het eerste lid zijn opgenomen in de bijlage bij deze beleidsregel.
4Het bereiken van het in het eerste of tweede lid genoemde maximumaantal laat onverlet de bevoegdheid van de burgemeester om een ontheffing te weigeren op grond van artikel 6, ook indien het plafond nog niet is bereikt.
5Onverminderd het bepaalde in dit artikel wordt geen ontheffing verleend indien niet is voldaan aan de voorwaarden van artikel 4.
Artikel 6. Nadere gemeentelijke weigeringsgronden
De burgemeester kan een ontheffing weigeren indien:
A. bij eerdere vuurwerkactiviteiten van dezelfde aanvrager sprake is geweest van ernstige incidenten of herhaalde overtredingen, voor zover deze relevant zijn voor de beoordeling van de aanvraag;
B. uit concrete feiten of omstandigheden blijkt dat de vuurwerkactiviteit, ondanks het stellen van voorschriften, naar verwachting leidt tot onevenredige gevolgen voor de openbare orde, openbare veiligheid, de volksgezondheid, de bescherming van het milieu en een acceptabele woon- en leefomgeving;
C. adequaat toezicht en adequate handhaving op de vuurwerkactiviteit redelijkerwijs niet kan worden gewaarborgd.
Artikel 7. Verdeelsystematiek bij meer aanvragen dan beschikbare ontheffingen
1Indien voor eenzelfde kern of voor Coevorden-stad meer volledige aanvragen worden ingediend die overigens voor toewijzing in aanmerking komen dan er op grond van artikel 5 ontheffingen beschikbaar zijn, wordt de beschikbare ontheffing, respectievelijk worden de beschikbare ontheffingen, verdeeld door middel van loting.
2De loting vindt plaats nadat de aanvraagperiode, bedoeld in artikel 8, eerste lid, is verstreken en nadat is vastgesteld welke aanvragen volledig zijn en voldoen aan de voorwaarden van artikel 4 en niet worden geweigerd op grond van artikel 6.
3De burgemeester bepaalt de wijze waarop de loting wordt uitgevoerd. De loting geschiedt op transparante en onpartijdige wijze. Aanvragers worden vooraf schriftelijk geïnformeerd over het tijdstip en de wijze van loting.
4Van de loting wordt een verslag opgemaakt.
5Aanvragers die als gevolg van de loting niet voor een ontheffing in aanmerking komen, worden hierover schriftelijk geïnformeerd, onder vermelding van de reden.
Artikel 8. Aanvraagprocedure
1Een aanvraag om een ontheffing kan uitsluitend van 25 september 2026 tot en met 18 oktober 2026 worden ingediend, middels een door de burgemeester vastgesteld aanvraagformulier.
2De aanvraag bevat ten minste:
a.naam, adres en KvK-nummer van de aanvrager;
b.gegevens waaruit de lokale binding met de gemeente Coevorden blijkt;
c.de aanduiding van de kern, dan wel Coevorden-stad, waarop de aanvraag betrekking heeft;
d.de locatie van de vuurwerkactiviteit en, indien de aanvrager niet zelf rechthebbende is, de schriftelijke toestemming van de rechthebbende;
e.het tijdstip van de vuurwerkactiviteit;
f.het veiligheidsplan als bedoeld in het derde lid van artikel 4.
3Indien een aanvraag onvolledig is, stelt de burgemeester de aanvrager overeenkomstig artikel 4:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid de aanvraag binnen zeven dagen aan te vullen.
4Indien de aanvraag niet binnen de gestelde termijn is aangevuld, kan de burgemeester besluiten de aanvraag niet te behandelen.
Artikel 9. Beoordeling locatie en veiligheidsplan
1De burgemeester beoordeelt de locatie van de vuurwerkactiviteit en het bijbehorende veiligheidsplan aan de hand van het besluit en deze beleidsregel.
2Bij de beoordeling van de aanvraag kan advies worden ingewonnen bij de brandweer, de politie, de omgevingsdienst, de gemeentelijke adviseurs en andere partijen.
3Indien dit voor een zorgvuldige beoordeling van de aanvraag noodzakelijk is, kan de locatie van de vuurwerkactiviteit ter plaatse worden gecontroleerd.
4De aanvrager verstrekt op verzoek alle informatie die noodzakelijk is voor de beoordeling van de locatie van de vuurwerkactiviteit of het veiligheidsplan.
Artikel 10. Beslistermijn en beschikking
1De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen acht weken na ontvangst van een volledige aanvraag, met dien verstande dat, indien toepassing wordt gegeven aan artikel 7, de beslistermijn wordt opgeschort totdat de loting heeft plaatsgevonden.
2De ontheffing vermeldt in ieder geval:
a.de locatie van de vuurwerkactiviteit waarvoor de ontheffing wordt verleend;
b.het tijdstip waarvoor de ontheffing geldt;
c.de aan de ontheffing verbonden voorschriften.
3De beslissing op de aanvraag wordt schriftelijk bekendgemaakt aan de aanvrager.
Artikel 11. Voorschriften en toezicht
1Aan de ontheffing worden de voorschriften verbonden, zoals genoemd in artikel 2.3.2a van het besluit.
2De burgemeester kan aanvullende voorschriften aan de ontheffing verbinden, indien dit noodzakelijk is met het oog op de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid, de bescherming van het milieu en een acceptabele woon- en leefomgeving.
3Door de burgemeester aangewezen toezichthouders kunnen voorafgaand aan en/of tijdens de vuurwerkactiviteit controleren of wordt voldaan aan de voorwaarden van de ontheffing en de daaraan verbonden voorschriften.
4De houder van de ontheffing verleent medewerking aan het houden van toezicht door de toezichthouders en draagt er zorg voor dat de vuurwerkactiviteit overeenkomstig de ontheffing en het veiligheidsplan wordt uitgevoerd.
Artikel 12. Intrekking en wijziging
1De burgemeester trekt een ontheffing geheel of gedeeltelijk in, indien en voor zover artikel 2.3.2b, eerste lid, van het besluit dit voorschrijft. De burgemeester kan de ontheffing (gedeeltelijk) intrekken in de gevallen, als bedoeld in artikel 2.3.2b, tweede lid, van het besluit.
2De burgemeester kan de aan de ontheffing verbonden voorschriften wijzigen of aanvullen, indien dit noodzakelijk is ter bescherming van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid, de bescherming van het milieu en een acceptabele woon- en leefomgeving.
3Indien een ontheffing wordt ingetrokken voordat de vuurwerkactiviteit heeft plaatsgevonden, kan de burgemeester bepalen dat de daardoor vrijkomende ontheffing binnen de resterende aanvraagperiode, dan wel door middel van loting onder overige gegadigden voor dezelfde kern of Coevorden-stad, opnieuw wordt verdeeld, voor zover dit redelijkerwijs nog uitvoerbaar is.
Artikel 13. Evaluatie
1Na iedere jaarwisseling wordt de uitvoering van deze beleidsregel geëvalueerd, waaronder begrepen de werking van het plafond en de verdeelsystematiek.
2De uitkomsten van de evaluatie kunnen aanleiding zijn deze beleidsregel voor een volgende jaarwisseling aan te passen.
Artikel 14. Inwerkingtreding en citeertitel
1Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking.
2Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel ontheffingen vuurwerk Wet veilige jaarwisseling gemeente Coevorden 2026.
Bijlage bij artikel 1 en 5: kernen gemeente Coevorden
Coevorden-stad (plafond: maximaal twee ontheffingen):
•Coevorden
Overige kernen (plafond: maximaal één ontheffing per kern):
•'t Haantje
•Aalden
•Achterste Erm
•Benneveld
•Dalen
•Dalerpeel
•Dalerveen
•De Kiel
•Diphoorn
•Erm
•Gees
•Geesbrug
•Holsloot
•Meppen
•Nieuwlande
•Noord-Sleen
•Oosterhesselen
•Schoonoord
•Sleen
•Steenwijksmoer
•Stieltjeskanaal
•Wachtum
•Weijerswold
•Wezup
•Wezuperbrug
•Zweeloo
•Zwinderen
Dit betreft 27 overige kernen, hetgeen tezamen met de twee ontheffingen voor Coevorden-stad resulteert in een theoretisch maximum van 29 te verlenen ontheffingen per jaarwisseling. Dit betreft een plafond. Iedere aanvraag blijft onderworpen aan een afzonderlijke inhoudelijke beoordeling op grond van artikel 4 en artikel 6.