Gemeentelijke regelgeving

Agressieprotocol volksvertegenwoordigers Castricum 2025

Gemeente Castricum · geldt sinds 8 januari 2026

Dialoog en training

Een belangrijk onderdeel van preventie is bewustwording en uitwisseling. In dit kader worden de volgende acties ondernomen:

❖ Aan het begin van een raadsperiode worden het agressieprotocol en de beleidsdocumenten met betrekking tot integer werken en veilig vergaderen onder de aandacht gebracht bij raad en college;

❖ Volksvertegenwoordigers worden geattendeerd op de mogelijkheid om een veiligheidsscan voor hun persoonlijke situatie te maken via het Ministerie van Binnenlandse Zaken (Nieuwe veiligheidsscan voor volksvertegenwoordigers | Nieuwsbericht | Politieke ambtsdragers);

❖ Commissievoorzitters krijgen een training over omgang met agressie en weerbaarheid en beschikken over een aparte interventieannotatie;

❖ Ten minste een keer per raadsperiode wordt een training of bijeenkomst georganiseerd in het kader van weerbaar bestuur en/of agressie tegen volksvertegenwoordigers, hierbij kan gedacht worden aan oefenen met situaties met agressie door bijvoorbeeld het inzetten van een acteur.

❖ In het presidium is ruimte om stil te staan bij incidenten van agressie. Ook kan hierbij met elkaar worden gereflecteerd op hoe in het verleden met incidenten is omgegaan om hier voor de toekomst lessen uit te trekken;

❖ Volksvertegenwoordigers hebben aanvullend daarop de mogelijkheid om trainingen te volgen voor het opdoen van vaardigheden in het kader van weerbaar bestuur en de-escalatie. Raads- en commissieleden kunnen hun opleidingsbudget aanwenden voor dergelijke trainingen. De griffie adviseert de gemeenteraad over de mogelijkheden.

Veilig vergaderen

Elke donderdagavond vergadert de gemeenteraad in het gemeentehuis te Castricum. Vergaderingen vinden plaats van 19.30 uur tot uiterlijk 23.00 uur. De vergaderingen vinden grotendeels parallel aan elkaar plaats in de Raadzaal en in de Trouwzaal. Vergaderingen van de raad zijn openbaar toegankelijk. Belangstellenden kunnen de vergaderingen volgen vanaf de publieke tribune en afhankelijk van het soort vergadering ook op diverse manieren hun mening kenbaar maken. Aan deze werkwijze wordt grote waarde gehecht. Inclusiviteit, dialoog, transparantie en zeggenschap (invloed) zijn immers kernwaarden voor de (lokale) democratie.

Tegelijktijdig is het van belang dat de vergaderingen plaatsvinden in een veilige werkomgeving. De werkafspraken hieromtrent zijn vastgelegd in het protocol veilig vergaderen. Het betreft een intern document waarin uiteen is gezet hoe vergaderingen zo veilig mogelijk te organiseren zijn. Het gaat onder andere over de fysieke inrichting van ruimtes, praktische werkafspraken en de instructies voor de voorzitters. Ook is vastgelegd dat de burgemeester, de griffier en de adviseurs van het team openbare orde en veiligheid (team OOV) per vergadering een risico-inschatting maken. Op basis daarvan wordt beslist of het nodig is aanvullende maatregelen te nemen. De burgemeester beslist hierover.

Tips voor risicosituatie

Raadsleden doen een groot deel van hun raadswerk buiten het gemeentehuis. Als volksvertegenwoordiger gaan zij op werkbezoek, gaan zij langs bij inwoners en ondernemers en nemen een kijkje op plekken waar iets speelt. Het kan voorkomen dat er aanleiding is om een ontmoeting als risicovol of onprettig in te schatten. Daarbij worden de volgende tips gegeven:

❖ Laat weten waar je bent, neem een collega mee. Deel eventueel je locatie.

❖ Bepaal vooraf bij welke signalen of onder welke omstandigheden je de situatie te onveilig vindt om verder te gaan.

❖ Ga met een inwoner of ondernemer in gesprek op neutraal terrein of in het gemeentehuis.

❖ Maak schriftelijke afspraken met een inwoner of ondernemer over de voorwaarden waaronder het gesprek plaatsvindt

❖ Wees alert op spanningssignalen.

❖ Maak spanningssignalen kenbaar en bespreekbaar.

❖ Houd veilige afstand.

❖ Aarzel niet om het contact te verbreken en het gesprek te beëindigen.

Handelingskader

In dit agressieprotocol wordt een handelingskader meegegeven voor als een volksvertegenwoordiger te maken krijgt met emotie en/of verbale agressie. Wanneer men te maken krijgt met emotioneel gedrag of verbale agressie is het belangrijk om agressie te herkennen, erkennen, proberen te de-escaleren en, in dit geval belangrijk: grenzen aan te geven.

De-escaleren bij emotioneel gedrag

Bij emotioneel gedrag kan het helpen om te luisteren en ruimte te geven aan de frustratie en gevoelens van de persoon. Laat daarna weten dat er echt geluisterd is. Dit kan door bijvoorbeeld kort het aangedragen punt samen te vatten en de daarbij horende emotie te erkennen. Er kan eventueel doorgevraagd worden om dichter bij de kern van het probleem te komen.

Grenzen stellen bij verbale agressie

Zoals in de inleiding is aangegeven wordt agressie niet getolereerd en als onacceptabel gezien. Dit betekent ook dat grenzen aangegeven moeten worden als geneigd wordt naar verbale agressie. Als algemeen standpunt kan gesteld worden dat een gesprek beëindigd wordt als men zich verbaal agressief opstelt. Dit kan als volgt worden aangepakt:

1Benoem wat grensoverschrijdend is: U scheldt mij uit

2Benoem wat u van dit gedrag vindt: Ik accepteer dit niet

3Benoem gewenst gedrag: Ik wil dat u daarmee ophoudt.

4Geef de negatieve en positieve gevolgen aan: Als u doorgaat beëindig ik het gesprek. Als u ermee ophoudt kunnen wij verder met dit gesprek*. De keuze is aan u.

*Dit alleen als dit voor u nog een optie is. Als het gesprek onveilig voelt aarzel dan niet om het contact te verbreken en het gesprek te beëindigen.

Bedreiging en fysieke agressie

Bij bedreiging en fysieke agressie beëindigt u uiteraard het contact en brengt u zichzelf in veiligheid.

Stappenplan meldingsprocedure

1Een volksvertegenwoordiger meldt altijd elke vorm van grensoverschrijdend gedrag aan de griffier en/of de burgemeester. Het slachtoffer wordt geadviseerd om zo veel mogelijk feiten te verzamelen. Hiervoor kunnen de 7 W’s worden gebruikt: wie, wat, waar, waarmee, op welke wijze, wanneer en waarom?

2De griffier informeert direct de burgemeester over deze melding. Dit mag de betrokkene ook zelf (tegelijkertijd met het informeren van de griffier) doen.

3De griffier doet, in overleg met betrokkene, een melding bij het meldpunt veilig werken van de werkorganisatie BUCH.

4De burgemeester informeert het Openbaar Ministerie (OM) (indien nodig, dit bepalen betrokkene griffier en burgemeester) en politie zo spoedig mogelijk.

5De burgemeester agendeert elke melding van bedreiging, belaging of agressie tegen een volksvertegenwoordiger in de eerstvolgende vergadering met OM en politie (lokale driehoek). De burgemeester informeert ook het team OOV. De reden hiervoor is dat OOV vaak bekend is met mensen die agressief gedrag vertonen en dan ook weten of er al maatregelen getroffen zijn.

6Zo spoedig mogelijk na de melding volgt een gesprek met het bedreigde of belaagde volksvertegenwoordiger en een daartoe gespecialiseerde politieambtenaar die vaststelt of sprake is van strafbare feiten. Ook als er naar aanleiding van dit gesprek geen aangifte wordt gedaan, is het toch van belang om incidenten ook bij de politie te melden. Meldingen worden niet doorgestuurd naar de officier van justitie, maar wel opgenomen in het dossier.

7Ongeacht of er sprake is van strafbare feiten worden te nemen maatregelen vanuit de gemeente besproken. Zie hiervoor het volgende hoofdstuk.

Bij strafbare feiten

8Als er sprake is van strafbare feiten doet in alle gevallen, met instemming van de betrokkene, de burgemeester of iemand namens de burgemeester daarvan aangifte waarbij materiele en immateriële schade altijd wordt verhaald op de dader. Het is van belang om bij de aangifte te melden dat het slachtoffer een publieke taak heeft aangezien de politie en het OM agressie en geweld tegen functionarissen met een publieke taak hoge prioriteit geven. Ook is het van belang om privégegevens te beschermen door bij de aangifte het adres van de organisatie op te geven als woonadres zodat het adres van het slachtoffer geheim blijft. Bij aangifte tegen belaging, stalking of stelselmatige intimidatie (klachtdelicten) kan alleen tot vervolging worden overgegaan als het slachtoffer zelf daarom verzoekt. Het slachtoffer zelf wordt gehoord als getuige.

9Over de aangifte of klacht wordt alleen gecommuniceerd als het betreffende raads- of commissielid daarmee instemt ten behoeve van het onderzoek.

10De betrokken volksvertegenwoordiger wordt juridisch als benadeelde beschouwd.

11De betrokken volksvertegenwoordiger verleent als benadeelde volledige medewerking aan het politieonderzoek.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.