Gemeentelijke regelgeving

Verordening commissie detailhandel

Gemeente Capelle aan den IJssel · geldt sinds 12 april 1994

Aanhef

Verordening van 14 maart 1994, vastgesteld door de raad van de gemeente Capelle aan den IJssel, genoemd

Verordening commissie detailhandel,

zoals deze sindsdien ongewijzigd is gebleven.

Artikel 1 Samenstelling

De commissie bestaat uit de volgende zes leden:

a.één lid van het college van burgemeester en wethouders, zijnde de portefeuillehouder voor Economische Zaken c.a.;

b.drie leden van de Vereniging Capelse Ondernemers;

c.één lid van de Kamer van Koophandel en Fabrieken te Rotterdam;

d.één lid van de door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen organisatie(s) ter behartiging van consumentenbelangen.

Artikel 2

Aanwijzing

Elke organisatie, als bedoeld in het vorige artikel, wijst uit zijn midden het daar genoemde aantal leden aan en wijst tevens voor elk lid één plaatsvervanger aan. Hetgeen in deze verordening bepaald is voor de leden geldt op overeenkomstige wijze voor de plaatsvervangende leden.

Artikel 3 Zittingsduur

1De zittingsduur van de commissie is voor onbepaalde tijd, met dien verstande dat het lid van het college van burgemeester en wethouders aftreedt bij elke nieuwe zittingsperiode van de raad.

2Indien een lid niet langer deel uitmaakt van de organisatie, die hem heeft aangewezen, houdt hij tevens op lid te zijn van de commissie en wordt zo spoedig mogelijk door die organisatie een nieuw lid aangewezen.

Artikel 4 Voorzitter

Voorzitter van de commissie is het lid van het college van burgemeester en wethouders, of zijn plaatsvervanger.

Artikel 5 Secretaris

1De gemeentesecretaris wijst een ambtenaar aan als secretaris.

2De secretaris neemt deel aan de beraadslaging van de commissie en hij heeft daarin een adviserende stem.

Artikel 6

Taak

De commissie heeft tot taak het college van burgemeester en wethouders desgevraagd te adviseren over alle onderwerpen van gemeentelijk beleid, waarbij de belangen van de detailhandel betrokken zijn.

Artikel 7

1De commissie is voorts bevoegd om uit eigen beweging over de in het vorige artikel bedoelde onderwerpen voorstellen te doen aan het college van burgemeester en wethouders.

2Heeft een voorstel betrekking op een onderwerp, dat behoort tot de bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders, dan neemt dat college daarop een beslissing.

Behoort een onderwerp tot de bevoegdheid van de raad, dan legt het college van burgemeester en wethouders het voorstel, voorzien van zijn advies, ter besluitvorming voor aan de raad.

3De besluiten, die naar aanleiding van voorstellen van de commissie genomen worden, worden door het college van burgemeester en wethouders aan de commissie medegedeeld.

Artikel 8

Sub-commissie

De commissie kan uit haar midden een sub-commissie instellen, indien dit voor de behandeling van een bepaald onderwerp noodzakelijk wordt geoordeeld.

De voorzitter van een sub-commissie wordt door de leden uit hun midden aangewezen.

De secretaris van de commissie is tevens secretaris van een sub-commissie.

Artikel 9

Vergaderingbeleggen

1De commissie vergadert, zo dikwijls de voorzitter dit nodig oordeelt, op een door hem te bepalen dag, plaats en tijdstip, doch ten minste eenmaal per half jaar.

2Voorts vergadert de commissie, indien ten minste twee andere leden dit schriftelijk onder opgaaf van redenen aan de voorzitter verzoeken, waarna deze uiterlijk binnen vier weken na de ontvangst van zo'n verzoek een vergadering belegt.

Artikel 10

1De vergaderingen worden in het openbaar gehouden.

De deuren van de vergadering worden gesloten, wanneer ten minste twee van de aanwezige leden dit verlangen of de voorzitter dit nodig oordeelt.

De commissie besluit vervolgens dat met gesloten deuren (verder) zal worden vergaderd, wanneer haar blijkt, dat bij (verdere) openbare behandeling particuliere en/of algemene belangen door de openbaarheid wezenlijk zouden kunnen worden geschaad.

2De vergaderingen van een sub-commissie zijn niet openbaar.

Artikel 11

1De schriftelijke oproeping tot de vergadering geschiedt door de voorzitter ten minste twee weken te voren, tenzij dit in spoedeisende gevallen, dit ter zijner beoordeling, niet mogelijk is.

De agenda wordt bij de oproeping gevoegd met, voor zover aanwezig, de stukken, die op de te behandelen onderwerpen betrekking hebben.

2Gelijktijdig worden de oproeping, de agenda en de vergaderstukken aan de daarvoor in aanmerking komende persorganen toegezonden en zorgt de secretaris ervoor dat dag, plaats, tijdstip en agenda door middel van een publicatie op de in de gemeente gebruikelijke wijze bekend gemaakt worden, indien het een openbare vergadering betreft.

Artikel 12

1De stukken, die op een uitgeschreven vergadering betrekking hebben, liggen zo mogelijk ten minste één week vóór de dag van de vergadering voor de leden ter inzage.

2De in het vorige lid bedoelde stukken en de agenda liggen gedurende de daar genoemde termijn voorts voor een ieder ter inzage, met uitzondering van de stukken, waaromtrent door de voorzitter een voorlopige geheimhouding, als bedoeld in artikel 20, is opgelegd.

Artikel 13

Indien een lid verhinderd is om een vergadering bij te wonen, stelt het zijn plaatsvervanger daarvan op de hoogte, onder toezending van de vergaderstukken en de agenda.

Artikel 14

De agenda en - voor zover mogelijk - de daarop betrekking hebbende stukken, worden bij de aanvang van de vergadering kosteloos aan de aanwezigen op de publieke tribune beschikbaar gesteld.

Artikel 15

Vergadering houden

In spoedeisende gevallen, dit ter beoordeling van de voorzitter, is deze bevoegd om ter vergadering een onderwerp aan de agenda toe te voegen.

De commissie besluit of dit onderwerp ter vergadering behandeld zal worden, of tot een volgende vergadering zal worden uitgesteld.

Artikel 16

1Een vergadering wordt niet gehouden, indien niet ten minste de helft van het aantal leden aanwezig is.

2Indien wegens onvoltalligheid een vergadering niet kan plaatsvinden, worden de aan de orde zijnde onderwerpen door de voorzitter geplaatst op de agenda van een binnen twee weken te houden nieuwe vergadering, waarin over die onderwerpen wordt beraadslaagd en besloten.

3Op de in het vorige lid bedoelde nieuwe vergadering is het bepaalde in

artikel 11, lid 2 met betrekking tot het bekend maken van vergaderingen van overeenkomstige toepassing.

4Besluiten worden genomen bij meerderheid van stemmen.

5Elk lid brengt één stem uit en stemonthouding is niet toegestaan.

6Bij het staken van de stemmen beslist de stem van de voorzitter.

7Een lid, dat direct of indirect, betrokken is bij een in de commissie te behandelen onderwerp, mag niet deelnemen aan de beraadslaging en de besluitvorming daarover.

Artikel 17

Een ieder kan over de agendapunten en de stukken, die ter inzage hebben gelegen, schriftelijk vragen stellen en opmerkingen maken, of zijn zienswijze naar voren brengen.

Een dergelijk geschrift moet ten minste drie uur voor de aanvang van de vergadering bij de voorzitter zijn ingediend.

De voorzitter maakt in de vergadering daarvan melding en stelt het geschrift ter discussie.

Artikel 18

Van het verhandelde in de vergadering wordt door de secretaris een beknopt verslag gemaakt, dat in de eerstvolgende vergadering wordt vastgesteld en zo spoedig mogelijk ter kennisneming aan het college van burgemeester en wethouders wordt toegezonden.

Artikel 19 Deskundigen

De leden zijn bevoegd om zich voor eigen kosten door ambtenaren en adviseurs te laten bijstaan.

Artikel 20 Voorlopige geheimhouding

1De voorzitter kan over het in een vergadering behandelde en over de inhoud van stukken, die aan de commissie overgelegd worden, voorlopige geheimhouding opleggen.

2De voorlopige geheimhouding wordt, zowel door hen die bij de behandeling aanwezig waren, als door hen die op andere wijze van het verhandelde en van de vergaderstukken kennis nemen in acht genomen, totdat de voorzitter haar opheft.

Artikel 21 Schorsen

De voorzitter kan op verzoek van ten minste twee leden, of zo dikwijls hij dit nodig oordeelt, de vergadering schorsen.

Artikel 22 Orde handhaven

De voorzitter zorgt voor de handhaving van de orde in de vergadering en hij is bevoegd, wanneer die orde op enigerlei wijze door de aanwezigen op de publieke tribune wordt verstoord, hen, die dit doen, of al deze aanwezigen te doen vertrekken.

Artikel 23 Onvoorziene gevallen

In alle gevallen, waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college van burgemeester en wethouders.

Artikel 24 Citeertitel en inwerkingtreding

1Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening commissie detailhandel".

2Deze verordening treedt in werking met ingang van 12 april 1994.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.