hoofdstuk
Artikel 1
Deze verordening verstaat onder:
a.een jaar: een kalenderjaar;
b.een maand: een kalendermaand.
Belastbaar feit
Artikel 2
Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van buizen, kabels, draden of leidingen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening.
Belastingplicht
Artikel 3
1Ter zake van het hebben van buizen, kabels, draden of leidingen ter zake waarvan op grond van de Gaswet of de Elektriciteitswet een netbeheerder is aangewezen, wordt de precariobelasting geheven van de door de minister bij aanvang van het kalenderjaar aangewezen netbeheerder.
2In alle andere gevallen wordt de precariobelasting geheven van degene die bij aanvang van het kalenderjaar de buizen, kabels, draden of leidingen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.
Vrijstellingen
Artikel 4
De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van:
a.voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende is krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde;
b.buizen in de grond, tot aansluiting op het openbaar hemelwaterstelsel, het openbaar ontwateringsstelsel of het openbaar vuilwaterriool.
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Artikel 5
Het tarief voor het hebben van buizen, kabels, draden of leidingen bedraagt € 2,50 per stekkende meter per jaar, met inachtneming van het overige in deze verordening bepaalde.
Berekening van de precariobelasting
Artikel 6
1Het aantal strekkende meters wordt gesteld op het aantal strekkende meters dat aanwezig is bij aanvang van het kalenderjaar.
2Voor de berekening van de precariobelasting wordt een gedeelte van een strekkende meter als een volledige strekkende meter aangemerkt.
Wijze van heffing
Artikel 7
De precariobelasting wordt bij wege van aanslag geheven.
Termijnen van betaling
Artikel 8
1In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede een maand later.
2De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijnen.
Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Artikel 9
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de precariobelasting.
Overgangsrecht
Artikel 10
De ‘Verordening precariobelasting 2015’ van 13 november 2014 wordt ingetrokken met ingang van 31 december 2015, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Inwerkingtreding
Artikel 11
1Deze verordening treedt in werking met ingang van 31 december 2015.
2De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2016.
Citeertitel
Artikel 12
Deze verordening wordt aangehaald als `Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting ter zake van buizen, kabels, draden of leidingen 2016’.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bussum, gehouden op 7 december 2015.