Aanhef
Vastgesteld door de Raad, 1 november 2018
Bijlage 1 Kaart waardevolle bomen en boomstructuren
Topografische kaart met daarop aangegeven de waardevolle bomen, boomgroepen en waardevolle boomstructuren.
Bijlage 2 Gemeentelijke ‘Bomenlijst’
Uniek boom
nr.
Bomennaam
Standplaats
Jaar van aanplant (geschat)
Locatie
Opvallende waarde:
•Beeldbepalend
•Grootte/ leeftijd
•Soort
•Groeivorm
•Boomgroep
Foto
108201
108191
108198
108202
108200
Gewone es (Fraxinus excelsior)
Eik
(Quercus robur)
Gras JVA 1960
Boomgroep van 5 bomen bij Wieringervlaak
Beeldbepalende boomgroep, grootte, leeftijd, groeivorm
107494
107500
107502
107498
107491
Hollandse Linde
(Tilia x europaea “Pallida”)
gras JVA 1970
Boomgroep bij Medemblikker Span
Beeldbepalende boomgroep van 5 bomen.
107511
107509
107507
107510
107512
107508
Gewone es
(Fraxinus excelsior)
Hollandse Iep
(ulmus hollandica ‘Commelin’)
Valse acacia
(Robinia pseudoacacia)
Gras JVA 1960, 1980, boomgroep van 7 bomen op de Enkhuizer Zand
Beeldbepalende boomgroep
104187
104189
104184
104186
104181
108480
Gewone es
(Fraxinus excelsior)
Hollandse Linde
(Tilia x europaea “Pallida”)
gras JVA 1960
Boomgroep bij Harderwijker bank
Beeldbepalende boomgroep van 6 bomen.
104204
104202
104203
104201
104206
108497
Amerikaanse Linde
(Tilia americana)
gras JVA 1950 en 1970
Boomgroep bij Geldersman
Beeldbepalende boomgroep van 6 bomen.
103627
103622
103625
103647
103679
103653
103670
Plataan
(Platanus hispanica)
gras JVA 1965
Boomgroep bij Straussweg 11-29
Beeldbepalende boomgroep van 7 bomen.
103621
103635
103634
Plataan
(Platanus hispanica)
gras JVA 1965
Boomgroep bij Straussweg 18-28
Beeldbepalende boomgroep van 3 bomen.
108673
108674
108672
Zwarte populier
(Populus nigra ‘Vereecken’)
gras JVA 1955
Boomgroep van 3 populieren langs de vijver in het strausspark
boomgroep van 3 bomen.
Lokaal dendrologisch waardevol. Er staan weinig populieren in de gemeente, zeker niet van deze omvang.
107433
107419
107439
Moeraseik
(Quercus palustris)
gras JVA 1950, 1965 en 1970
Boomgroep bij Jan Schoutenplantsoen
Beeldbepalende boomgroep van 3 bomen.
108103
108099
108094
Haagbeuk
(Carpinus betulus)
gras JVA 1970
Boomgroep bij Oostsingel
Beeldbepalende boomgroep van 3 bomen.
107555
107534
107540
107546
107547
107556
Zilveresdoorn
Acer saccharinum ‘Laciniatum Wieri’
gras JVA 1950, 1965 en 1970
Boomgroep bij Plantsoen tegenover Rikkert Jacobsstraat 1-15
Beeldbepalende boomgroep van 6 bomen.
Uniek boom
nr.
NL naam
Weten-schappelijke naam
Stand- plaats
Jaar van aanplant (geschat)
Locatie
Opvallende waarde:
•Beeldbepalend
•Grootte/ leeftijd
•Boomsoort
•Groeivorm
Foto
106026
Plataan
Platanus hispanica
gras JVA 1975
Bij Bachlaan 69
Grootte, beeldbepalend
106009
Vleugelnoot
Pterocarya fraxinifolia
gras JVA 1975
Bij Händelsingel 16
Beeldbepalend, Grootte, leeftijd
104917
Esdoorn
Acer saccharinum ‘Born Gracious’
gras JVA 1980
Bij P. Potterstaat 1
Beeldbepalend, soort
106312
Vederesdoorn
Acer negundo
gras JVA 1960
Bij Beatrixstraat 20
Beeldbepalend
soort
108435
Linde
Tillia americana ‘Nova’
gras JVA 1988
Bij gemeentehuis
Gedenkboom Koningin Beatrix 50 jaar
105654
Linde
Tillia europaea
gras JVA 2003
Bij gemeentehuis
Gedenkboom geboorte prinses Amalia
108703
Koningslinde
Tilia x europaea ‘Pallida’
gras JVA 2013
Bij gemeentehuis
Gedenkboom kroning Koning Willem Alexander
108622
Linde
Tillia x europaea
gras JVA 2000
Bij Bachlaan 107
Gedenkboom millenniumwisseling
104661
Linde
Tillia x europaea
Beplant-ingsvak JVA 2000
Bij Nijkerkerweg 2
Gedenkboom millenniumwisseling
109040
Doodsbeen-derenboom
Gymnocladus dioicus
Gras JVA 2017
Naast parkeerplaats gemeentehuis
Gedenkboom 500 jaar reformatie
102930
Plataan
Platanus hispanica
Gras JVA 1975
Op de speelplaats Bizetstraat zuid (achterzijde huisnummers 13-19)
Beeldbepalend voor deze speelplaats en omliggend plantsoen.
Bijlage 3 Samenhang beleidsnotitie met beleid, wet- en regelgeving
3.1 Huidige APV, gemeentelijk bomenbeleid
In de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) zijn regels opgenomen voor het grondgebied van de gemeente. Ten aanzien van de bescherming van houtopstanden zijn in de APV van de gemeente Bunschoten (5-4-2018) in hoofdstuk 4, afdeling 3, de volgende artikelen opgenomen:
Afdeling 3. Het bewaren van houtopstanden
Artikel 4:10 Begripsbepalingen
1In deze afdeling wordt verstaan onder:
a.houtopstand; hakhout, een houtwal of een of meer bomen;
b.hakhout; een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen
2In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van de houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
Artikel 4:11 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden
1Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag de houtopstanden te vellen of te doen vellen die staan vermeld op de Bomenlijst.
2De vergunning kan worden geweigerd op grond van:
a.de natuurwaarde van de houtopstand;
b.de landschappelijke waarde van de houtopstand;
c.de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;
d.de beeldbepalende waarde van de houtopstand;
e.de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
f.de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand
3Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften.
Landelijke wet- en regelgeving:
3.2 Burgerlijk Wetboek boek 5. Zakelijke rechten.
Titel 4: bevoegdheden en verplichtingen van eigenaars van naburige erven.
Artikelen 37, 42, 43, 44 en 45.
Artikel 37
De eigenaar van een erf mag niet in een mate of op een wijze die volgens artikel 162 van Boek 6 onrechtmatig is, aan eigenaars van andere erven hinder toebrengen zoals door het verspreiden van rumoer, trillingen, stank, rook of gassen, door het onthouden van licht of lucht of door het ontnemen van steun.
(artikelen 38 tot en met 41 betreffen omgang met water en zijn niet opgenomen)
Artikel 42
1Het is niet geoorloofd binnen de in lid 2 bepaalde afstand van de grenslijn van eens anders erf bomen, heesters of heggen te hebben, tenzij de eigenaar daartoe toestemming heeft gegeven of dat erf een openbare weg of een openbaar water is.
2De in lid 1 bedoelde afstand bedraagt voor bomen twee meter te rekenen vanaf het midden van de voet van de boom en voor de heesters en heggen een halve meter, tenzij ingevolge een verordening of een plaatselijke gewoonte een kleinere afstand is toegelaten.
3De nabuur kan zich niet verzetten tegen de aanwezigheid van bomen, heesters of heggen die niet hoger reiken dan de scheidsmuur tussen de erven.
4Ter zake van een volgens dit artikel ongeoorloofde toestand is slechts vergoeding verschuldigd van de schade, ontstaan na het tijdstip waartegen tot opheffing van die toestand is aangemaand.
Artikel 43
Onder muur wordt in deze en de volgende titel verstaan iedere van steen, hout of andere daartoe geschikte stof vervaardigde, ondoorzichtige afsluiting.
Artikel 44
1Indien een nabuur wiens beplantingen over eens anders erf heenhangen, ondanks aanmaning van de eigenaar van dit erf, nalaat het overhangende te verwijderen, kan laatstgenoemde eigenaar eigenmachtig het overhangende wegsnijden en zich toeëigenen.
2Degene op wiens erf wortels van een ander erf doorschieten, mag deze voor zover ze doorgeschoten zijn weghakken en zich toeëigenen.
Artikel 45
Vruchten die van de bomen van een erf op een naburig erf vallen, behoren aan hem wie de vruchten van dit laatste erf toekomen.
3.3 Omgevingsvergunning Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht
Op 1 oktober 2010 zijn 25 bestaande vergunningstelsels vervangen door 1 stelsel, de Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht (Wabo). Voor burgers en bedrijven is het vanaf dat moment mogelijk om via 1 overzichtelijke procedure en bij 1 bevoegd gezag toestemming te vragen voor activiteiten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving, zoals het kappen van één of meerdere bomen die krachtens algemene artikelen in de APV beschermd zijn of, meer specifiek, vermeld worden op de gemeentelijke ‘Bomenlijst’.
Alleen de eigenaar van een boom kan een ‘omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand’ aanvragen. Een omgevingsvergunning kan integraal worden aangevraagd via de website www.omgevingsloket.nl. Na behandeling van de aanvraag volgt één besluit, te nemen door het college van B&W in de rol van dagelijks bestuur. Handhaving met betrekking tot de omgevingsvergunning vindt plaats door het bevoegd gezag, in veel gevallen de gemeente.
De gemeente is verplicht om voor haar bomen op de ‘Bomenlijst‘ een omgevingsvergunning aan te vragen als ze besluit dat een boom moet verdwijnen. Burgers die het met zo'n besluit niet eens zijn, hebben dus altijd het recht tegen dit besluit in bezwaar te gaan.
Wanneer een burger een klacht heeft over een gemeentelijke boom en deze wil laten kappen, dan kan hij daarvoor een verzoek bij de gemeente indienen. De gemeente bepaalt met eigen beleid hoe ze omgaat met dergelijke verzoeken van bewoners en instanties. In elk geval dient te worden getoetst of de boom is opgenomen op de ‘Bomenlijst’ en dus automatisch omgevingsvergunningplichtig is. Voorts dient een toetsing te worden verricht aan de hand van de in de APV opgenomen weigeringsgronden met betrekking tot kappen. Ook dient het gestelde in de Flora- en faunawet (zie: 3.4) bij de afweging te worden meegenomen.
De gemeente kan ook beslissen niet aan het verzoek tot kappen tegemoet te komen. Het aan de burger mee te delen besluit dient altijd onderbouwd te worden met argumenten en in twijfelgevallen, met een advies van een extern boomdeskundige.
De uiteindelijke beoordeling is aan het college. Als de gemeente na zorgvuldige weging besluit om op het kapverzoek in te gaan, wordt in het geval van omgevingsvergunningplichtige bomen een aanvraagprocedure gestart.
Bij verzoeken die niet rechtstreeks in het beleid zijn voorzien kan advies ingewonnen worden bij de groencommissie.
Wanneer bomen worden gekapt (of moedwillig zo ernstig worden beschadigd dat kap onvermijdelijk is) kan de gemeente, naast aangifte doen bij de politie, op grond van de artikelen in de Algemene Plaatselijke Verordening een (financiële) herplantplicht opleggen. De hoogte van het te compenseren bedrag en/of de boomwaarde wordt bepaald conform de landelijke richtlijnen van het Norminstituut Bomen (NiB). Dit is nader uitgewerkt in het handboek Bomen 2018.
Tevens bestaat de mogelijkheid de veroorzaker aansprakelijk te stellen.
Overigens heeft het achteraf indienen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning geen zin. Het vergunningsplichtige object is verdwenen, waardoor een objectieve beoordeling op dat moment niet meer kan plaatsvinden.
3.4 Wet natuurbescherming
Sinds 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze wet vervangt drie wetten. Het gaat hierbij om:
•Natuurbeschermingswet 1998;
•Boswet;
•Flora- en Faunawet.
De Wet natuurbescherming ziet toe op het behoud en de versterking van de biodiversiteit – de verschillende soorten planten en dieren en hun leefgebieden. Ook ondervangt de Wnb zoveel mogelijk de nadelige effecten van het gebruik van de natuur. Vanaf de invoering van de Wnb bepalen de provincies wat wel en niet mag in de natuur en zijn deze verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen.
De provincie Utrecht beoordeelt meldingen en aanvragen en verleent ontheffingen in het kader van de Wnb en de Verordening Natuur en Landschap provincie Utrecht 2017. De RUD Utrecht handhaaft het naleven van de wet en regels.
Bij ontwikkelingen en groenbeheer rond bomen en/of houtopstanden in de gemeente bestaat de verplichting om de huidige natuurwaarden te inventariseren, daaronder vallen met name de aanwezigheid van beschermde soorten evenals vaste voedsel-, rust- of verblijfplaatsen van fauna. Ook dienen de schadelijke gevolgen die soorten kunnen ondervinden bij de uitvoering van werkzaamheden in beeld te worden gebracht. Voor werkzaamheden zoals het snoeien en rooien van bomen en/of houtopstanden houdt dit veelal in dat deze niet uitgevoerd kunnen worden als er vogels in de bomen broeden.
Over het algemeen houden groenbeheerders een periode van 15 maart tot 1 augustus aan waarin geen (grootschalige) ruimtelijke ingrepen met betrekking tot bomen en/of houtopstanden worden uitgevoerd.
Voorts kan het betekenen dat bomen en/of houtopstanden die als rust- of verblijfplaats dienen van vogels of vleermuizen simpelweg niet gekapt mogen worden. Voor uitvoering van werkzaamheden die strijdig zijn met de Wnb, dient een ontheffing te worden aangevraagd.
Een gemeente kan besluiten zich ten aanzien van het uitvoeren van werkzaamheden aan bomen en/of houtopstanden te houden aan de Gedragscode Bestendig Beheer Groenvoorzieningen van de Vereniging Stadswerk.
De gemeente Bunschoten hanteert deze gedragscode bij de werkzaamheden aan bomen en/of houtopstanden.
Houtopstanden buiten de bebouwde kom
Wanneer buiten de bebouwde kom houtopstanden, bomen of beplanting verwijdert gaat worden, die deel uitmaken van een houtopstand met een oppervlakte van meer dan 10 are, of van een rijbeplanting van meer dan 20 bomen, dan verplicht de Wet natuurbescherming om een melding voor kap in te dienen bij de provincie. Dit dient minstens 4 weken voor kap te gebeuren. De provincie kan indien noodzakelijk een kapverbod opleggen voor bijzondere beplantingen.
De grond waarop gekapte bomen hebben gestaan, dienen opnieuw beplant te worden (herplantplicht). Ontheffing van de herplantplicht wordt uitsluitend verleend voor het realiseren van open natuur met een hoge biodiversiteit. In bepaalde gevallen is het mogelijk om de herbeplanting elders te doen. Ook dit vereist een aanvraag.
Het vellen van bomen kan vaak voor omwonenden een gevoelig onderwerp zijn. De provincie en gemeente hecht er waarde aan dat het voornemen tot vellen zoveel mogelijk in afstemming met belanghebbenden plaats vindt. Bij belanghebbenden kan gedacht worden aan buren, maar ook aan lokale verenigingen met belangen in natuur, cultuur of landschap.
Voor nadere informatie omtrent de Wet natuurbescherming, wordt verwezen naar de website van provincie Utrecht.
3.5 Landelijk register monumentale bomen
De Bomenstichting, sinds 2012 gevestigd te Amsterdam, beheert het Landelijk Register van Monumentale Bomen. Hierin zijn bomen opgenomen die volgens de Bomenstichting van nationaal belang zijn. Het betreft zowel gemeentelijke bomen als bomen in eigendom van derden. Het gaat dan in veel gevallen om bomen met een (zeer) hoge leeftijd, een bijzondere waarde of beeldbepalende functie voor de omgeving. Het landelijk register van monumentale bomen heeft geen juridische status maar kan wel als basis dienen voor een gemeentelijke waardevolle bomenlijst. Vice versa kan het voorkomen dat een waardevolle boom zowel op de gemeentelijke ‘Bomenlijst’ als in het landelijk register is opgenomen.
De gemeente Bunschoten bezit geen monumentale bomen, waardoor er automatisch ook geen bomen aanwezig zijn die op deze landelijke lijst vermeld staan.