Gemeentelijke regelgeving

NATUURLIJK VERDER ONTWERP-OMGEVINGSVISIE BRUMMEN

Gemeente Brummen · geldt sinds 4 september 2026

Aanhef

Kenmerk Z112990/D489141

HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE BRUMMEN,

HEEFT BESLOTEN:

1De ontwerp-omgevingsvisie Brummen D489143 vrij te geven voor ter inzagelegging voor de duur van 6 weken;

2Het bijbehorende participatieverslag D489200 gelijktijdig ter inzage te leggen.

Zienswijze

Gedurende de inzagetermijn van 04 september 2026 tot en met 16 oktober 2026 kan een ieder schriftelijk (geen e-mail) of mondeling zijn zienswijze omtrent het Ontwerp-Omgevingsvisie kenbara maken bij de gemeenteraad (Postbus 5, 6970 AA te Brummen). Voor het indienen van een mondelinge zienswijze kunt u contact opnemen met de heer W. Lintsen, projectleider Omgevingsvisie, via telefoonnummer (0575) 56 82 33 of per e-mail op w.lintsen@brummen.nl

Tijdig ingediende zienswijzen zullen bij het definitieve besluit worden betrokken.

Bijlage: Participatieverslag

Omgevinsvisie Brummen

Periode 2023 - 2026

Inhoudsopgave

1Inleiding

1.1 Wettelijk kader

1.2 Opbouw van het traject

1.3 Overzicht van de participatiemomenten

2Participatieronde 1 - Inventarisatie (2023-2024)

2.1 Vormen van participatie

2.2 Belangrijkste opgehaalde thema's per onderwerp

Landelijk gebied - vitaal landelijk gebied

Landelijk gebied - agrarische bedrijfsvoering en -transitie

Landelijk gebied - bodem en watersysteem

Duurzaamheid en energie

Toerisme en recreatie

Wonen

Economie en werken

Voorzieningen, gezondheid, mobiliteit en integrale vragen

Groen en ruimtelijke kwaliteit

Sociale opgave

2.3 Overgang naar bureau LOS (zomer 2025)

3Participatieronde 2 - Koersdocument (vanaf september 2025)

3.1 Raadsbijeenkomst 25 september 2025

3.2 De drie scenario's

Scenario 1 - Brummen binnen de systemen

Scenario 2 - Typisch Brummen

Scenario 3 - Gemixt Brummen

3.3 Van scenario's naar Koersdocument

3.4 Vaststelling door de Raad (januari 2026)

4Participatieronde 3 - Ontwerp Omgevingsvisie (2026)

4.1 Digitaal participatieplatform (6-19 mei 2026)

Zorgvuldig Ruimtegebruik

Natuurlijk Systeem

Gezonde Leefomgeving

Identiteit

4.2 Keuzewijze (voorjaar 2026, verslag 8 juli 2026)

Prioritering van thema's

Samenstelling van de deelnemersgroep

Vrije tekstveld: sentment en thema's

6Formele terinzagelegging

7Conclusie: rode draad door de gehele participatieperiode

1Inleiding

1.1 Wettelijk kader

De Omgevingswet verplicht gemeenten om bij de voorbereiding van een omgevingsvisie te motiveren op welke wijze burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden bij de totstandkoming zijn betrokken (participatieplicht, artikel 10.7 Omgevingsbesluit). Gemeente Brummen heeft hier in de periode 2023–2026 in meerdere rondes invulling aan gegeven, met een oplopende mate van concreetheid: van brede inventarisatie van ambities en waarden, via een koersbepalende scenariodiscussie, tot gerichte reflectie op een uitgewerkt ontwerp.

Dit verslag brengt de participatie chronologisch in beeld en vat per fase de belangrijkste opgehaalde thema's samen. Het vormt daarmee de onderbouwing van de wijze waarop inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, ketenpartners en de gemeenteraad zijn betrokken bij de Omgevingsvisie.

1.2 Opbouw van het traject

Het participatietraject bestond uit drie participatierondes en een formele terinzagelegging:

-Participatieronde 1 – Inventarisatie (najaar 2023 – najaar 2024): breed ophalen van ambities, waarden en knelpunten bij inwoners, jeugd, maatschappelijke organisaties, ketenpartners, het burgerpanel O-LAB en de gemeenteraad.

-Participatieronde 2 – Koersdocument (september 2025 – januari 2026): raadsdiscussie aan de hand van drie toekomstscenario's, gesprekken met ketenpartners, maatschappelijke instellingen, inwoners, die de bouwstenen vormden voor het Koersdocument Omgevingsvisie Brummen, vastgesteld door de Raad in januari 2026.

-Participatieronde 3 – Ontwerp Omgevingsvisie (januari 2026 – september 2026): reflectie van inwoners op de inhoud van de Omgevingsvisie. Inwoners konden via een digitaal participatieplatform in een eerste ronde reageren op prioriteiten die in de Omgevingsvisie worden gesteld. In een tweede ronde kon men een keuzewijzer invullen waarin dilemma's uiteengezet werden. Daarnaast is er gesproken met o.a. stichtingen/verenigingen, maatschappelijke organisaties, ketenpartners, bewonersgroepen, individuele inwoners/ondernemers.

-Formele terinzagelegging: het wettelijk vastgelegde moment waarop eenieder een zienswijze op de ontwerp Omgevingsvisie kan indienen.

Gedurende het traject is bovendien kruisbestuiving gezocht met de omgeving:

-Medewerkers van gemeente Brummen woonden participatiebijeenkomsten bij van buurgemeente Voorst, die in dezelfde periode aan een nieuwe omgevingsvisie werkte.

-Er is meerdere keren afstemming geweest met gemeente Rheden en Voorst over ervaringen met en resultaten van het participatietraject, maar ook is er afstemming geweest met gemeente Zutphen, Voorst en Rheden over zowel de inhoud van de visie als het proces om tot een vastgestelde visie te komen.

1.3 Overzicht van de participatiemomenten

Datum

Moment

Doelgroep

Ronde

28sep 2023

Informerende sessie gemeenteraad

Raadsleden

1

3nov 2023

Burgerschapsdag Jeugd

Groep 6-8 Basisscholen

1

25jan 2024

Raadsbijeenkomst Omgevingsvisie

Raadsleden

1

29jan - 7 feb 2024

Stakeholderbijeenkomsten Thematafels (10x)

Ketenpartners en maatschappelijke organisaties

1

26feb - 27 mrt 2024

Inwonersenquête (Moventem)

Alle inwoners

1

11apr 2024

O-LAB Bijeenkomst 1

Burgerpanel O-LAB

1

11apr 2024

Raadsbijeenkomst Omgevinsvisie (vervolg)

Raadsleden

1

6jun 2024

Stakeholderbijeenkomst (gebiedsgericht)

Ketenpartners en maatschappelijke organisaties

1

20jun 2024, 21 oktober 2025 en 18 november 2025

O-LAB Bijeenkomst 2

Burgerpanel O-LAB

1

10okt 2024

Werksessie gemeenteraad

Raadsleden

1

zomer 2025

Overdracht van bureau Stantec naar bureau LOS

Projectorganisatie

-

25sep 2025

Raadsbijeenkomst - bespreking 3 scenario's

Raadsleden

2

13okt 2025

Participatiebijeenkomst Koersdocument

Ketenpartners, omliggende gemeente, GGD, Veiligheidsregio, Omgevingsdienst, VVN en buurgemeenten

2

Oktober 2025

Participatiebijeenkomst Koersdocument

Maatschappelijke organisaties

2

Oktober 2025

Individuele gesprekken Koersdocument

Diverse stakeholders w.o. Regio Stedendriehoek

2

15okt 2025

Participatiebijeenkomst Koersdocument

Dorpsraden

2

21okt 2025

O-LAB Bijeenkomst 3

Burgerpanel O-LAB

2

8nov 2025

O-LAB Bijeenkomst 4

Burgerpanel O-LAB

2

jan 2026

Vaststelling Koersdocument Omgevingsvisie Brummen

Gemeenteraad

2

Apr 2026

Inhoudelijke besprekingen conceptvisie

Alle afzonderlijke dorpsraden, gebiedscoöperatie Zuidelijke IJsselvallei, Nederlands Kastelenstichting, landschapsnetwerk Brummen

3

Mei 2026

Inhoudleijke bespreking conceptvisie

Dorpsraden, Landgoederen e.d., twee interne sessies me t de beleidsmedewerkers vanuit het fysieke en sociale domein

3

6-19 mei 2026

Digitaal participatieplatform (11 dilemma's, 4 thema's)

Alle inwoners en ondernemers

3

juni 2026

Inhoudelijke bespreking conceptvisie

IJsselmarke, Stichting Hogenenk, ondernemersvereniging Brummen / Eerbeek

3

Juni 2026 (verslag 8 jul 2026)

Keuzewijzer (10 dilemma's, 8 thema's, 415 deelnemers)

Alle inwoners en ondernemers

3

17jul 2026

Individuele gesprekken inwoners

Bewonersgroep Hammelerweg

3

nog te bepalen

Formele terinzagelegging ontwerp Omgevinsgvisie

Een ieder

-

2Participatieronde 1 - Inventarisatie (2023-2024)

De eerste participatieronde is uitgevoerd in samenwerking met bureau Stantec, dat destijds opdracht had gekregen om voor gemeente Brummen de Omgevingsvisie op te stellen. Doel van deze ronde was een brede inventarisatie van ambities, waarden en knelpunten op te halen bij een zo divers mogelijke groep betrokkenen: de gemeenteraad, schoolkinderen, inwoners via een enquête, een speciaal samengesteld burgerpanel (O-LAB) en maatschappelijke organisaties en ketenpartners via thematafels.

2.1 Vormen van participatie

Informerende sessie gemeenteraad (28 september 2023)

De raad is meegenomen in de Omgevingswet en de rol van het Omgevingsplan en de Omgevingsvisie daarbinnen, gevolgd door werksessies over de onderwerpen die raadsleden belangrijk vinden voor de Omgevingsvisie.

Burgerschapsdag Jeugd (3 november 2023)

Leerlingen van groep 6 t/m 8 van basisscholen in de gemeente gingen via workshops in gesprek over wat zij als een fijne leefomgeving ervaren, nu en in de toekomst, en wat zij zouden willen veranderen. Via een 'huiswerkopdracht' konden zij daarnaast foto's indienen van plekken in de gemeente die zij als prettig ervaren en van plekken waar verbetering gewenst is.

Raadsbijeenkomsten (25 januari en 11 april 2024)

Fracties reageerden schriftelijk op visievragen; de antwoorden zijn vervolgens plenair besproken. Op 11 april is dieper ingegaan op vraagstukken rond wonen en ruimtelijke kwaliteit.

Stakeholderbijeenkomsten Thematafels (29 januari – 7 februari 2024, en 6 juni 2024)

In tien bijeenkomsten is met ketenpartners en maatschappelijke organisaties gebrainstormd over ambities en doelen voor de fysieke leefomgeving. Hier zijn de thema's 'vitaal landelijk gebied', 'duurzaam voedselsysteem', 'klimaat en CO2-neutraliteit', 'recreatie en toerisme', 'woningbouwopgave 2050', 'ruimte voor werkgelegenheid', 'ruimtelijke kwaliteit', 'water- en bodemsturend', 'milieuambities' en 'preventieve voorzieningen en veiligheid' besproken. Op 6 juni 2024 is dit gebiedsgericht herhaald met een focus op de thema's 'wonen', 'welzijn en sociaal', 'economie/recreatie/toerisme', 'mobiliteit' en 'veiligheid'.

Inwonersenquête (26 februari – 27 maart 2024)

In opdracht van de gemeente heeft onderzoeksbureau Moventem een enquête uitgezet onder de 1.272 leden van het inwonerspanel Brummen Spreekt en via een open link langs de gemeentelijke kanalen. In totaal hebben 748 inwoners de vragenlijst volledig ingevuld.

O-LAB burgerpanel (11 april en 20 juni 2024)

Via een open oproep is een divers samengesteld burgerpanel gevormd. In de eerste bijeenkomst stonden de thema's 'wonen en ruimtelijke kwaliteit', 'toerisme (als middel, niet als doel)' en 'vitaal landelijk gebied' centraal. In de tweede bijeenkomst is per gebied binnen de gemeente verder ingezoomd op ambities per beleidsthema.

Werksessie gemeenteraad (10 oktober 2024)

Aan drie gesprekstafels is met raadsleden gesproken over de belangrijkste beleidsuitgangspunten voor wonen, bedrijvigheid & toerisme en vitaal buitengebied.

2.2 Belangrijkste opgehaalde thema's per onderwerp

De resultaten van deze participatiemomenten zijn per beleidsthema samengevat, met een weergave van overeenkomsten en verschillen tussen de participatievormen. Hieronder de belangrijkste bevindingen.

Landelijk gebied – vitaal landelijk gebied

Overeenkomsten

-Rust, ruimte en natuur worden in alle participatiemomenten als belangrijke kernwaarden voor het landelijk gebied genoemd.

-Er is breed draagvlak voor een natuurinclusieve landbouwsector.

-De agrarische functie wordt als belangrijk gezien en moet perspectief houden voor de lange termijn; verkoop van streekproducten en verbreding richting recreatie en toerisme worden als mogelijke middelen genoemd.

-Natuur en biodiversiteit worden overwegend als belangrijke waarden van het landelijk gebied gezien.

Verschillen

-Over de plek van andere functies dan landbouw en natuur (wonen, recreatie) lopen de meningen uiteen, van 'natuur gaat vóór wonen en recreatie' tot zonering van recreatiedruk of recreatie als volwaardige derde pijler.

-Over zonneparken in het landelijk gebied bestaat geen eenduidig beeld: van volledige afwijzing tot acceptatie mits niet op goede landbouwgrond en alleen voor zover noodzakelijk voor de energietransitie.

Landelijk gebied – agrarische bedrijfsvoering en -transitie

Overeenkomsten

-Brede steun voor nevenfuncties op agrarische grond en in agrarische bebouwing, met kansrijke combinaties in (biobased) landbouw, natuur(inclusieve landbouw) en recreatie.

-Functiemenging moet leiden tot meer balans tussen landbouw en natuurontwikkeling.

-Wonen als nevenfunctie op boerenerven wordt door een deel gezien als kansrijk alternatief verdienmodel, mede in relatie tot de rood-voor-roodregeling.

Verschillen

-Uiteenlopende opvattingen over de te stellen voorwaarden, variërend van “gebruik mag niet belastender worden dan nu” tot “niet alleen natuurinclusief, boeren moeten er ook van kunnen rondkomen”; een deel bepleit een limiet aan het landbouwareaal.

-De gewenste rol van de gemeente varieert van faciliterend/ondersteunend tot een actieve voortrekkersrol met actief grondbeleid.

Landelijk gebied – bodem- en watersysteem

Overeenkomsten

-Bodem en water moeten een leidende rol krijgen in duurzame en klimaatrobuuste ruimtelijke planvorming.

-Verbeteren van waterbeheer, vasthouden van water en aanpakken van droogte en wateroverlast worden breed gedeeld als opgave.

-Samenwerking met andere regio's en kennisdragers wordt belangrijk gevonden, evenals aandacht voor biodiversiteit en waterkwaliteit.

Verschillen

-Er bestaat geen eenduidig beeld over de methodiek om te komen tot een integrale afweging waarin bodem en water sturend zijn.

Duurzaamheid en energie

Overeenkomsten

-Duurzaamheid moet beleidsmatig worden vastgelegd en al in de planvormingsfase van nieuwe ontwikkelingen worden meegewogen.

Verschillen

-Een breed aan aandachtspunten en kansen is genoemd; duidelijk uiteenlopende posities tussen participatiegroepen zijn niet vastgesteld, wel de noodzaak om het thema breed uit te werken.

Toerisme en recreatie

Overeenkomsten

-Uitbreiding van recreatiemogelijkheden wordt gezien als kansrijk middel om recreatiedruk te spreiden en overbelasting van populaire natuurgebieden te voorkomen; investeren in ontsluiting van minder bezochte gebieden wordt breed genoemd.

-Recreatie wordt ook gezien als middel om bij te dragen aan maatschappelijke opgaven; de kern Brummen wordt gezien als een plek waar meer inzet nodig is om aantrekkelijker te worden voor recreatie en toerisme.

-De balans tussen rust, ruimte en natuur enerzijds en een aantrekkelijk landschap anderzijds wordt breed onderschreven.

Verschillen

-Niet alle participanten willen dat de recreatieve sector groeit; zes op de tien enquêterespondenten is het oneens met actief meer bezoekers trekken.

-Over het gebruik van natuur voor recreatieve functies verschillen de meningen.

Wonen

Overeenkomsten

-De demografische situatie van de gemeente moet leidend zijn voor de invulling van de woningbouwopgave; behoefte aan (kleinere) woningen voor ouderen en jongeren wordt breed onderschreven.

-Doorstroming wordt als belangrijk aandachtspunt genoemd, evenals diversiteit in het woningaanbod.

-Woningbouw moet rekening houden met beeldkwaliteit, landschappelijke kwaliteit, natuur en het bodem- en watersysteem; duurzaam bouwen wordt herhaaldelijk genoemd.

Verschillen

-Meningen lopen uiteen over de gewenste omvang van de woningbouwopgave (groei wel/niet wenselijk) en over inbreiding versus uitbreiding, met uiteenlopende suggesties zoals herbestemming, verdichting, flex- en deelwoningen, woningsplitsing en verruiming van de rood-voor-roodregeling.

-Ook over hoogbouw bestaat geen eenduidig beeld: van volledige afwijzing tot een maximum van drie lagen, tot acceptatie tot vijf lagen als oplossing voor het woningtekort.

Economie en werken

Overeenkomsten en verschillen

-Er is een grote diversiteit aan opvattingen genoemd zonder dat een duidelijke gemene deler is vast te stellen; deelnemers verschillen vooral van mening over het al dan niet uitbreiden van ruimte voor bedrijvigheid.

Voorzieningen, gezondheid, mobiliteit en integrale vragen

Voor deze thema's is niet in alle participatievormen expliciet en op eenzelfde niveau van detail input opgehaald, waardoor geen eenduidige overeenkomsten en verschillen konden worden vastgesteld. Wel zijn relevante signalen opgehaald:

-Behoefte aan een buurthuis in de kernen en aan goede bereikbaarheid van voorzieningen (Voorzieningen).

-Het belang van afstemming van sport- en ontmoetingsvoorzieningen op de (toekomstige) demografische opbouw (Gezondheid).

-Voor mobiliteit en de integrale, gebiedsoverstijgende vragen (omgaan met schaarse ruimte in de kernen) is input opgehaald, maar niet in een vergelijkbare vorm tussen de participatierondes.

Groen en ruimtelijke kwaliteit

Groen is niet in alle participatierondes als apart thema besproken, maar de wens voor meer natuurlijk groen in de woonomgeving – vanwege gezondheid, biodiversiteit, hitte en waterberging – komt herhaaldelijk terug, evenals het vergroenen en ontstenen van parkeerplaatsen en woonwijken.

Voor ruimtelijke kwaliteit geldt: inwoners willen gevarieerde woningen die passen bij het aanzicht en karakter van het dorp. Het Brummense cultuurhistorische landschap – verweven tussen Veluwe en IJssel – wordt gezien als kernkwaliteit die bij (her)ontwikkeling leidend moet zijn, onder meer via herbestemming van leegstand en zorgvuldige verdichting.

Sociale opgave

Overeenkomsten

-Sociale samenhang en inclusiviteit worden belangrijk gevonden; de fysieke leefomgeving moet hierop worden ingericht, bijvoorbeeld door functiemenging in gebouwen en aandacht voor inclusief ontwerp (rollator, scootmobiel, dementie, slechtziend/slechthorend).

Reflectie participatieronde 1

Over vrijwel alle thema's heen worden rust, ruimte en natuur als kernwaarden van de gemeente genoemd.

De agrarische sector wordt breed gezien als drager van het landelijk gebied, mits deze een economisch toekomstperspectief houdt.

Op vrijwel elk thema bestaat overeenstemming over de richting (bijvoorbeeld: meer natuurinclusieve landbouw, meer groen, aandacht voor kwetsbare groepen), maar loopt de mening uiteen over de mate en de manier waarop – dit vormde een belangrijke aanleiding om in de volgende ronde met scenario's te werken die uitersten van mogelijke richtingen laten zien.

2.3 Overgang naar bureau LOS (zomer 2025)

In de loop van 2025 is de samenwerking met bureau Stantec beëindigd. Kort daarna heeft bureau LOS opdracht gekregen om het resterende deel van het traject op te pakken. Het samenvattende document van de eerste participatieronde is aan bureau LOS overgedragen als onderdeel van de input die tot dat moment voor de Omgevingsvisie was verzameld, en vormde de basis voor de volgende participatieronde.

3Participatieronde 2 - Koersdocument (vanaf september 2025)

Op basis van de resultaten van participatierondes en een opgavennotitie die door LOS is opgesteld mede op basis van interviews en ambtelijke gesprekken zijn er drie toekomstscenario's voor de fysieke leefomgeving van gemeente Brummen uitgewerkt. Elk scenario werkt een ander sturingsprincipe uit en toont, bewust toegespitst tot een uiterste, wat dat principe betekent voor het stedelijk en het landelijk gebied en voor de kernwaarden rust, ruimte en groen. De scenario's zijn niet bedoeld als blauwdruk, maar als gespreksinstrument om de raad richting te laten kiezen.

3.1 Raadsbijeenkomst 25 september 2025

Tijdens een werksessie met de gemeenteraad zijn de drie scenario's, elk weergegeven op een kaartbeeld, besproken. Raadsleden is gevraagd per scenario gemotiveerd aan te geven welke onderdelen zij wel of juist niet wenselijk of haalbaar achten voor de toekomst van Brummen. De uitkomsten van deze bespreking vormden een belangrijke bouwsteen voor het Koersdocument Omgevingsvisie Brummen.

M.b.t. de genoemde drie scenario's heeft er een ronde met een klankbordgroep vanuit de inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties, wijk- en dorpsraden, ketenpartners en samenwerkende partijen w.o. de Regio Stedendriehoek plaatsgevonden (zie overzicht participatiemomenten).

3.2 De drie scenario'sScenario 1 – Brummen binnen de systemen

Principe: het bodem-, water-, natuur- en mobiliteitssysteem als basis voor alle keuzes.

Stedelijk gebied

-Groei wordt geconcentreerd aan de oostzijde van de gemeente.

-Kansen voor een uniek woon-/werkmilieu in combinatie met Ruimte voor de Rivier 2.0, en voor een sterkere connectie met Zutphen.

-Specifieke aandacht voor leefbaarheid door het aanpakken van milieueffecten van de papierindustrie en de N348/N345.

Landelijk gebied

-Focus op extensieve, natuurinclusieve landbouw en realisatie van het regionale groenblauwe raamwerk.

-Actief aan de slag met stikstofbufferzones en Natura 2000-gebieden.

-Nieuwe natuur- en recreatiemogelijkheden in combinatie met Ruimte voor de Rivier 2.0.

Effect op de kernwaarden

-Rust: het landelijk gebied is primair de plek van de agrariër, met meer ruimte voor natuur en groenblauwe verbindingen.

-Ruimte: stedelijke uitbreiding vindt geconcentreerd plaats aan de oostzijde van de gemeente.

-Groen: nadruk op meer groen in de kernen en een robuust groenblauw raamwerk in het landelijk gebied, gekoppeld aan robuuste Natura 2000-gebieden.

Scenario 2 – Typisch Brummen

Principe: sterke eigen identiteiten van dorpen en landschappen staan voorop.

Stedelijk gebied

-Groei van ieder dorp/buurtschap afzonderlijk, om de leefbaarheid te versterken, onder meer via mobiliteitshubs en nieuwe woonvormen met aandacht voor de zorgvraag.

Landelijk gebied

-Sterke eigen identiteiten binnen de landschapstypen (zoals Veluwe, Veluweflank, Ontginningslandschap, Landgoederenzone, Uiterwaarden), elk met eigen functies en ontwikkelmogelijkheden.

-Beken fungeren als verbindende factor binnen het landelijk gebied.

-Grote sturing en mogelijk een regierol van de gemeente rond vrijkomende agrarische bebouwing en de inzet van sloopmeters en ontwikkelrechten bij dorpen en buurtschappen.

Effect op de kernwaarden

-Rust: geconcentreerd in de Veluwe, landgoederen en uiterwaarden; overige landschapstypen krijgen een sterker economisch profiel.

-Ruimte: stedelijke uitbreiding vindt verspreid plaats, aan de randen van alle dorpen en buurtschappen.

-Groen: geen ruimte voor nieuwe natuur, maar ontwikkelrechten vanuit vrijkomende agrarische bebouwing worden ingezet aan de dorpsranden om verrommeling van het landelijk gebied tegen te gaan.

Scenario 3 – Gemixt Brummen

Principe: zorgvuldig ruimtegebruik, waarbij functies zoveel mogelijk worden gecombineerd.

Stedelijk gebied

-Groei vindt plaats binnen de bestaande dorpskernen en bedrijventerreinen; bestaande en nieuwe bebouwing wordt voor meerdere functies tegelijk gebruikt.

Landelijk gebied

-Een divers landelijk gebied met een sterke mix van functies: woon-, werk-, recreatie- én natuurgebied tegelijk.

-Agrarische bedrijven komen in alle gradaties voor, van volledig tot gedeeltelijk agrarisch; herontwikkeling van vrijkomende agrarische erven leidt tot nieuwe, grotere landelijke woon(zorg)erven.

Effect op de kernwaarden

-Rust: het landelijk gebied krijgt een sterk gemengd karakter; alleen de Natura 2000-gebieden blijven specifiek rustige gebieden.

-Ruimte: alle bestaande bebouwing, in de dorpen én in het landelijk gebied, wordt zo efficient en optimaal mogelijk benut.

-Groen: bestaande groene ruimte wordt behouden en voor meerdere doeleinden tegelijk benut.

3.3 Van scenario's naar Koersdocument

De drie scenario's vertegenwoordigen bewust drie uiterste richtingen. Door de raad, inwoners, ketenpartners, maatschappelijke organisaties, per scenario te bevragen op wenselijke en onwenselijke onderdelen, kon een middenkoers worden samengesteld die de meest gedragen bouwstenen uit alle drie richtingen combineert. Deze uitkomst, samen met de resultaten van participatieronde 1, vormde de inhoudelijke basis voor het Koersdocument Omgevingsvisie Brummen.

3.4 Vaststelling door de Raad (januari 2026)

Het Koersdocument Omgevingsvisie Brummen is in januari 2026 door de gemeenteraad vastgesteld. Het koersdocument vormt de inhoudelijke koers voor de uitwerking van de ontwerp Omgevingsvisie en bouwt daarmee direct voort op de opgehaalde thema's uit ronde 1 en de scenariodiscussie uit ronde 2.

4Participatieronde 3 - Ontwerp Omgevingsvisie (2026)

Na vaststelling van het koersdocument is de derde participatieronde gestart, gericht op het toetsen van concrete dilemma's en prioriteiten bij een breed publiek van inwoners en ondernemers, maatschappelijke instellingen, verenigingen/stichtingen. Deze ronde bestond naast de persoonlijke gesprekken uit twee toegevoegde instrumenten: een digitaal participatieplatform (mei 2026) en een Keuzewijzer die onderdeel uitmaakt van het digitale participatieplatform (resultaten gerapporteerd op 8 juli 2026 en verwerkt in dit verslag). Voor het digitale platform zijn twee uitvragen gedaan. De eerste vraag ging om een inhoudelijke reactie op verschillende thema's, de tweede vraag om een keuzewijzer waarin steeds een dilemma in of tussen twee thema's werd gelegd.

4.1 Digitaal participatieplatform (6 – 19 mei 2026)

Via het digitale participatieplatform van de gemeente konden inwoners reageren op elf dilemma's, verdeeld over vier thema's: Zorgvuldig Ruimtegebruik, Natuurlijk Systeem, Gezonde Leefomgeving en Identiteit.

Zorgvuldig Ruimtegebruik

-Woningbouw – inbreiding of uitbreiding: een duidelijke meerderheid kiest voor bouwen binnen de bestaande kernen, met behoud van het buitengebied; hoogbouw wordt gezien als niet passend bij het karakter van de kleine kernen, kleine kernen mogen beperkt uitbreiden voor lokale inwoners en starters.

-Bedrijventerreinen – uitbreiden of optimaliseren: breed draagvlak voor optimalisatie en revitalisering van bestaande terreinen (waaronder de vrijkomende papierfabriek in Eerbeek) en regionale samenwerking, in plaats van nieuwe terreinen op landbouw- of natuurgrond.

Natuurlijk Systeem

-Woningbouw versus natuur en wateropgave: brede consensus dat woningbouw in overstromingsgevoelige gebieden, natuur of landbouwgrond onwenselijk is; compacter bouwen rond bestaande kernen heeft de voorkeur.

-Energietransitie versus ruimtegebruik: de energietransitie mag niet ten koste gaan van natuur, landbouwgrond of landschap; benutten van bestaande daken heeft brede voorkeur boven grondgebonden opwek.

-Toekomst van de landbouw: brede steun voor een overstap naar duurzame, biologische en natuurinclusieve landbouw, met begrip voor de positie van agrariërs (waaronder het ontbreken van bedrijfsopvolging bij een groot deel van de sector) en behoefte aan spuitvrije zones rond natuur en woonwijken.

Gezonde Leefomgeving

-Duurzaamheid versus ondernemersvrijheid: een meerderheid pleit voor een actievere gemeentelijke rol en snellere transitie, met een tegengeluid dat vraagt om maatwerk en ondersteuning in plaats van verzwaring van regels.

-Veilige dorpskernen versus doorstroming: breed draagvlak voor leefbare, veilige kernen boven maximale doorstroming; een westelijke rondweg wordt door een grote meerderheid als onwenselijk gezien, met voorkeur voor de bestaande oostelijke rondweg en maatregelen tegen sluipverkeer.

-Voorzieningen in kleine kernen: een genuanceerd beeld, waarbij een basisniveau en goede (fiets-/OV-) bereikbaarheid als randvoorwaarde gelden bij eventuele concentratie van voorzieningen.

Identiteit

Het thema Identiteit werkt als rode draad door de andere thema's heen: de sterke verbondenheid met het Brummense landschap – de Veluwezoom, de landgoederenzone, stilte en kleinschaligheid – verklaart de brede weerstand tegen aantasting van het buitengebied, of het nu gaat om woningbouw, bedrijventerreinen, energieopwek of massatoerisme. Kernwaarden die inwoners aan de identiteit koppelen zijn onder meer het historische landschap als beschermd erfgoed, kleinschaligheid en rust, respect voor de agrarische roots in de duurzaamheidstransitie, Natura 2000 en biodiversiteit als verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties, en de eigenheid van de kleine kernen (Hall, Empe, Oeken, Leuvenheim, Tonden e.a.). Ook voor toerisme en recreatie geldt: welkom, mits kleinschalig en in balans met de natuur. Massatoerisme en grootschalige recreatieontwikkeling worden afgewezen, terwijl wél wordt gevraagd om investering in beheer en toegankelijkheid van de Landgoederenzone en Natura 2000-gebieden.

Rode draden participatieplatform (mei 2026)

-Het landschap en de identiteit van Brummen zijn voor inwoners niet onderhandelbaar.

-Brede steun voor inbreiding boven uitbreiding, zowel bij woningbouw als bedrijventerreinen.

-Vraag om versnelling van de duurzame transitie, mits passend bij de schaal van Brummen.

-Veiligheid en leefbaarheid van dorpskernen gaan boven verkeersdoorstroming.

-Kleine kernen vragen om maatwerk en ondersteuning van gemeenschapskracht.

Toerisme en energieopwekking zijn welkom, mits kleinschalig en in balans met de natuur.

4.2 Keuzewijzer (voorjaar 2026, verslag 8 juli 2026)

Als tweede instrument van deze ronde is een Keuzewijzer ingezet, waarin deelnemers via tien dilemma's en een afsluitende wegingsvraag hun prioriteiten konden aangeven op acht thema's. In totaal namen 415 deelnemers deel.

Prioritering van thema's

Op een schaal van 0 tot 100 kregen Natuur en landschap (57,3) en Identiteit (56,8) gemiddeld de hoogste prioriteit. Daarna volgt een cluster van vier thema's die dicht bij elkaar liggen: Gezonde leefomgeving (53,1), Leefbaarheid (53,0), Economie en werkgelegenheid (49,8) en Woningbouw (47,7). Klimaat en duurzaamheid (32,8) en Mobiliteit (29,2) kregen duidelijk minder prioriteit.

Figuur 1 - Gemiddelde prioriteit per thema, Keuzewijzer (n=415).

Samenstelling van de deelnemersgroep

-Herkomst: circa driekwart van de deelnemers (74%) komt uit Brummen (46%) en Eerbeek (28%); de kleinere kernen Hall, Tonden, Leuvenheim en Empe zijn elk met kleinere aantallen vertegenwoordigd.

-Leeftijd: het zwaartepunt ligt bij 46–65 jaar (bijna de helft van alle deelnemers); jongere deelnemers van 12–35 jaar vormen samen circa 14,5%.

-Rol: 82,7% deed mee als inwoner, circa 14% (mede) als ondernemer.

Figuur 2 - Herkomst van de deelnemers naar kern (n=415)

Figuur 3 - Leeftijdsverdeling van de deelnemers (n=415).

Figuur 4 - Rol van de deelnemers (n=416)

Vrije tekstveld: sentiment en thema's

107deelnemers vulden het vrije tekstveld inhoudelijk in. Iets meer dan de helft van de reacties is constructief van toon (54%); een substantieel deel is kritisch (41%). In de open reacties is Woningbouw het meest besproken thema (29 reacties), gevolgd door Natuur en landschap (25) en Economie en werkgelegenheid (21) – een net iets andere volgorde dan in de gesloten prioriteitsvraag, waar Natuur en landschap bovenaan stond.

Figuur 5 - Sentment van de reacties in het vrije tekstveld (n=107).

-Woningbouw: de rode draad is bouwen voor de eigen inwoners – vooral starters/jongeren en ouderen – en het bevorderen van doorstroming.

-Natuur en landschap: overwegend een pleidooi voor behoud, met een voorkeur voor energieopwek op daken boven landbouwgrond of natuur.

-Economie en werkgelegenheid: aandacht voor de positie van boeren en landbouw, en voor het levendig houden van de dorpscentra.

Figuur 6 - Aantal reacties per thema in de vrije tekstveld, naar sentiment (n=107)

Daarnaast zijn onderwerpen genoemd die buiten de acht thema's vallen, waaronder kritiek op de sturende of polariserende opzet van de vraagstelling (19 deelnemers), bestuur/participatie/vertrouwen (13), asiel & migratie (9, verdeeld) en herindeling/fusie (7, overwegend weerstand tegen fusie met Rheden).

Rode draden Keuzewijzer (verslag 8 juli 2026)

Proceskritiek: bijna één op de vijf schrijvers vindt de vraagstelling sturend of polariserend.

Wonen domineert de open reacties, met als kernvraag of eigen jongeren en ouderen in Brummen kunnen blijven wonen.

Behoud vóór ontwikkeling rond natuur, landschap en energie: bescherm het buitengebied, zet zonne-energie bij voorkeur op daken.

Onderliggende wens om serieus genomen en gehoord te worden, los van het specifieke onderwerp.

N.B. de 107 schrijvers van het vrije tekstveld zijn een zelfselectie van de meest betrokken deelnemers; de verhoudingen zeggen dus vooral iets over wat onder hen leeft, niet per se onder alle inwoners van Brummen.

6Formele terinzagelegging

Na afronding van de ontwerp Omgevingsvisie volgt de wettelijk voorgeschreven formele terinzagelegging, waarbij een ieder gedurende de daarvoor geldende termijn een zienswijze kan indienen. De resultaten van deze terinzagelegging worden na afloop separaat verwerkt en verantwoord, als sluitstuk van het participatietraject conform de Omgevingswet.

7Conclusie: rode draad door de gehele participatieperiode

Ondanks de verschillende vormen, doelgroepen en instrumenten die in de periode 2023–2026 zijn ingezet, komt een consistent beeld naar voren van wat inwoners, stakeholders, maatschappelijke instellingen, verenigingen/stichtingen en de gemeenteraad belangrijk vinden voor de toekomst van de fysieke leefomgeving van Brummen:

-Rust, ruimte, natuur en identiteit zijn en blijven de kernwaarden van Brummen, van de eerste thematafels in 2024 tot de Keuzewijzer in 2026.

-Er is brede en herhaalde steun voor inbreiding boven uitbreiding, zowel voor woningbouw als voor bedrijventerreinen, met behoud van het landelijk gebied.

-De agrarische sector wordt doorlopend gezien als drager van het landelijk gebied, met brede steun voor een geleidelijke transitie naar natuurinclusieve en biologische landbouw, mits deze economisch haalbaar blijft.

-Energieopwekking en toerisme zijn welkom, maar uitsluitend op een schaal en wijze die passen bij het kleinschalige Brummense landschap; grootschalige opwek op landbouw- of natuurgrond en massatoerisme worden breed afgewezen.

-Verkeersveiligheid en leefbaarheid van de dorpskernen wegen zwaarder dan maximale doorstroming; een westelijke rondweg wordt door een meerderheid niet gewenst.

-Kleine kernen vragen om maatwerk, eigen identiteit en ondersteuning van gemeenschapskracht, met een basisniveau aan voorzieningen en goede bereikbaarheid.

Deze rode draad is in september 2025 vertaald naar drie scenario's die uitersten van mogelijke koersen lieten zien, waarna de gemeenteraad – gevoed door alle voorgaande participatie – in januari 2026 het Koersdocument Omgevingsvisie Brummen heeft vastgesteld. De daaropvolgende participatieronde in 2026 bevestigt in grote lijnen dezelfde thema's en waarden, en toont tegelijk waar concrete dilemma's (met name rond wonen, energie en mobiliteit) om verdere afweging vragen bij de uitwerking van de definitieve Omgevingsvisie.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.