Gemeentelijke regelgeving

Reglement van de geïntegreerde commissie welstand/monumenten 2018

Gemeente Bronckhorst · geldt sinds 24 november 2018

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bronckhorst;

gelet op de Erfgoedverordening 2018 gemeente Bronckhorst, de Verordening op de monumentencommissie van de gemeente Bronckhorst en artikel 84 van de Gemeentewet;

besluit:

-in te trekken het ‘Reglement van de geïntegreerde commissie welstand/monumenten van de gemeente Bronckhorst 2013’

-vast te stellen het Reglement van de geïntegreerde commissie welstand/monumenten van de gemeente Bronckhorst 2018

Artikel 1

De geïntegreerde commissie welstand/monumenten (hierna ‘de commissie’) heeft tot taak het college van burgemeester en wethouders (hierna ‘het college’) op verzoek of eigener beweging van voorlichting en advies te dienen ter zake van:

1de aanwijzing van beschermde monumenten als bedoeld in artikel 3 van de Erfgoedverordening 2018;

2verzoekschriften als bedoeld in artikel 13 van de Erfgoedverordening 2018;

3de aanwijzing van gemeentelijke beschermde stads- en dorpsgezichten als bedoeld in artikel 17 van de Erfgoedverordening 2018;

4het welstandstoezicht betreffende monumenten en bouwwerken op het daarbij behorende terrein;

5het samenstellen en bijhouden van de gemeentelijke lijst van beschermde monumenten;

6de bevordering van het herstel van beschermde monumenten;

7de uitvoering van de gemeentelijke monumentenverordeningen;

8alle overige aangelegenheden, die van belang zijn voor de behartiging van de monumentenzorg, de cultuurhistorie en de archeologie in de gemeente Bronckhorst.

Artikel 2

1De commissie bestaat inclusief de voorzitter uit maximaal 3 leden;

2De leden van de commissie hebben niet tevens zitting in het college of de raad van de gemeente Bronckhorst.

3De commissie is als volgt samengesteld:

a.een voorzitter tevens lid, deel uitmakend van het Gelders Genootschap

b.twee ledendeskundigen waarvan één de monumentendeskundige van het Gelders Genootschap en één lid die op het gebied van de monumentenzorg aantoonbaar deskundig is.

4De voorzitter en de leden van de commissie worden door het college benoemd.

5Bij verhindering van de voorzitter kan een ander lid van de commissie, daartoe door de commissie aangewezen, als zodanig optreden.

6De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een zittingsperiode van 4 jaar.

7Herbenoeming van voorzitter en de leden van de commissie, na afloop van de in het zesde lid genoemde zittingsperiode, is mogelijk.

8In tussentijds opengevallen plaatsen wordt zo spoedig mogelijk voorzien

Artikel 3

1Het college voegt aan de commissie een ambtelijk secretaris toe. De secretaris is geen lid van de commissie en heeft daarom geen stemrecht.

2De voorzitter van de commissie is bevoegd ambtelijke en niet-ambtelijke adviseurs uit te nodigen de commissievergaderingen bij te wonen. Deze ambtelijke adviseurs zijn geen lid van de commissie en hebben derhalve geen stemrecht.

3De adviseurs, genoemd in lid 2 van dit artikel zijn bevoegd gevraagd en ongevraagd feitelijke informatie over de aan de orde zijnde onderwerpen te verschaffen. Tevens kunnen zij op verzoek van de voorzitter of van een meerderheid van de commissie hun zienswijze ten aanzien van zulk een onderwerp geven.

Artikel 4

1De commissie vergadert in het openbaar. Een vergadering wordt evenwel besloten wanneer één van de aanwezige stemgerechtigde leden dit wenst of de voorzitter dit nodig acht. De commissie beslist vervolgens of in beslotenheid zal worden vergaderd. Het besluit daartoe behoeft de stemmen van tenminste twee aanwezige stemgerechtigde leden.

2Aan de openbare vergaderingen wordt op een door het college te bepalen wijze bekendheid gegeven.

Artikel 5

Tijdens de openbare vergadering wordt uitsluitend de mogelijk tot spreekrecht geboden aan:

a.opdrachtgevers en/of hun adviseurs, om hun plan tijdens de behandeling in de commissie toe te lichten;

b.de portefeuillehouder of namens deze een ambtenaar monumentenzaken om het collegestandpunt en -beleid over geagendeerde onderwerpen toe te lichten.

Artikel 6

1De commissie vergadert in de regel een maal per twee weken en voorts zo dikwijls als de voorzitter dit nodig oordeelt of dit door tenminste twee leden schriftelijk met opgave van redenen wordt gevraagd. De vergadering wordt gehouden binnen veertien dagen na de ontvangst van een daartoe strekkend verzoek.

2De vergaderingen worden belegd door de secretaris die daarvan, spoedeisende gevallen uitgezonderd, in de regel vier dagen voor het tijdstip van de vergadering, schriftelijk kennis geeft.

3Stukken, betrekking hebbende op een uitgeschreven vergadering, worden in de regel vier dagen voor het tijdstip van de vergadering aan de leden toegestuurd of in het gemeentehuis ter inzage gelegd.

Artikel 7

1De commissie kan slechts beraadslagen of besluiten indien ten minste twee leden aanwezig zijn, waaronder de voorzitter.

2Wanneer het in het eerste lid bedoelde aantal leden niet is opgekomen of niet langer aanwezig is, sluit de voorzitter de vergadering.

3Indien het in het tweede lid van dit artikel bedoelde geval zich voordoet, is de voorzitter bevoegd om op een ten minste 48 uur later vallend tijdstip een nieuwe vergadering te beleggen waarin de dan aanwezige leden over de op de agenda voor de eerste vergadering vermelde aangelegenheden, kunnen beraadslagen en besluiten.

Artikel 8

1De commissie besluit bij volstrekte meerderheid van stemmen.

2Bij staking van stemmen geeft de stem van de voorzitter de doorslag.

Artikel 9

1De adviezen van de commissie worden schriftelijk uitgebracht.

Artikel 10

1Het college kan geheimhouding opleggen omtrent aan de commissie overgelegde stukken.

2Deze geheimhouding kan alleen door het college worden opgeheven.

3De voorzitter kan voorlopige geheimhouding opleggen. Deze blijft van kracht tot gehandeld is overeenkomstig de beide voorgaande leden.

Artikel 11

1De van de commissie uitgaande stukken worden door de voorzitter en de secretaris ondertekend.

2Het verslag van de commissievergadering wordt aan de commissieleden en aan het college toegezonden.

Artikel 12

In aangelegenheden betreffende de commissie, waarin dit reglement niet voorziet, alsmede bij gerezen geschillen aangaande de commissie, beslist het college, de commissie gehoord.

Artikel 13

1Dit reglement kan worden aangehaald als: het Reglement van de geïntegreerde commissie welstand/monumenten 2018

2Dit reglement treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.