Gemeentelijke regelgeving

Beleidsnotitie huisvesting arbeidsmigranten gemeente Boxtel 2020

Gemeente Boxtel · geldt sinds 21 november 2020

Aanhef

Inhoud

Samenvatting

1Inleiding

2Vertrekpunt

2.1 Arbeidsmigranten in beeld

2.2 Europees, landelijke en provinciaal

2.3 Lokaal beleid

3Toekomstbeeld

3.1 Doelstelling huisvesting kwantitatief

3.2 Type huisvesting

3.3 Ruimtelijke afweging

3.4 Kwalitatieve randvoorwaarden

3.5 Exploitatievergunning

3.6 Selectieprocedure

4Flankerend beleid

4.1 Registratie

4.2 Toezicht en handhaving

4.3 Integratie

Bijlage I Definities

Bijlage II Cijfers arbeidsmigratie

Bijlage III Richtlijnen omgevingsdialoog

Bijlage I Definities

De gebruikte definities zijn in deze bijlage opgenomen en sluiten zo veel mogelijk aan op landelijke normen en richtlijnen.

•Arbeidsmigrant: een persoon uit het buitenland die vanwege economische motieven naar de gemeente Boxtel komt om een inkomen te verwerven en hier, al dan niet tijdelijk, verblijft;

•Basisregistratie Personen (BRP). In de BRP staan persoonsgegevens van inwoners in Nederland (de ingezetenen) en van personen in het buitenland die een relatie hebben met de Nederlandse overheid (de niet-ingezetenen);

•Complex: de bouwkundige verschijningsvorm van complexgewijze huisvesting voor arbeidsmigranten, bestaande uit het geheel van verblijfsruimten, voorzieningen en bijbehorende buitenruimte;

•Complexgewijze huisvesting: een inrichting, niet zijnde een woning, gericht op het tijdelijk verblijven;

•Complexgewijs verblijven: de activiteit waarbij tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten plaatsvindt in complexen;

•Huisvesting: het aanbieden van huisvesting aan arbeidsmigranten;

•Gemeenschappelijke ruimte in een complex. Gebruiksruimtes binnen een complex, maar buiten een verblijfseenheid of –ruimte, die gericht zijn op recreatie en ontspanning voor de bewoners of algemene voorzieningen bevatten als een receptie/ontvangstruimte, gezamenlijke keuken, wasmachineruimte of lockerruimte behoren tot de gemeenschappelijke ruimte van een complex. Ruimten met een expliciete verkeersfunctie (zoals gangen) worden niet meegeteld voor het oppervlak gemeenschappelijke ruimte. Buitenruimte wordt niet meegerekend met het oppervlak gemeenschappelijke ruimte, tenzij expliciete plekken zijn ingericht voor sport en recreatie (zoals sportvelden) dan wordt het oppervlak van de betreffende plekken meegeteld bij de gemeenschappelijke ruimte;

•Tijdelijke huisvesting: huisvesting in een gebouw, waar een persoon maximaal één jaar aaneengesloten verblijft. Als een persoon korter dan 3 maanden afwezig is van de betreffende locatie wordt dit nog gezien als aaneengesloten verblijf;

•Vergelijkende toets: verdelingssystematiek waarbij aanvragen binnen een zelfde ronde van een uitvraag met elkaar worden vergeleken op inhoudelijke gronden, met als doel;

•Kamerverhuur: woonvorm waarbij sprake is van woonruimte waarbij de bewoner afhankelijk is van één of meer gedeelde wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte, waarbij keuken, toilet badkamer en douche al wezenlijke voorzieningen worden aangemerkt;

•Bestaande huisvesting: huisvesting die op het moment van aanvraag voor een nieuwe huisvesting mag worden gebruikt krachtens een omgevingsvergunning dan wel waarvoor reeds vóór dat tijdstip een ontvankelijke aanvraag is ingediend en welke verleend kan worden en huisvesting op locaties waar het bestemmingsplan het gebruik als kamerbewoning rechtstreeks toelaat;

•Reguliere woning(en): gebouwen die in het bestemmingsplan zijn aangeduid als wonen, woning, niet zijnde een bedrijfswoning;

•Bedrijfswoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein, noodzakelijk is;

•Spoedzoeker: een woningzoekende die niet in aanmerking komt voor een urgentie, maar die wel met spoed (andere) woonruimte nodig heeft;

•Buitengebied: gebieden die in de Verordening ruimte van de provincie zijn aangeduid als gemengd landelijk gebied;

•Recreatieterrein: percelen waarop volgens het geldende bestemmingsplan is toegestaan verblijfsrecreatie te hebben. Daaraan wordt in ieder geval verstaan percelen met de bestemming of nadere aanduiding recreatie, recreatieterrein, recreatiebedrijf of camping;

•Bedrijventerrein: perceel waarop volgens de hoofdbestemming van het geldende bestemmingsplan is toegestaan een bedrijf te vestigen of uit te oefenen. Daaronder wordt in ieder geval verstaan percelen met de bestemming, bedrijf, bedrijventerrein, bedrijfsdoeleinden; Een aan huis verbonden beroep of bedrijf valt hier niet onder;

•Inlener: een werkgever die personeel van een uitzendbureau inhuurt;

•Huisvester: partij die woonruimte aanbiedt;

•Verblijfseenheid: het geheel van meerdere onzelfstandige verblijfsruimten rondom één keuken en sanitairvoorziening binnen een complex;

•Onzelfstandige verblijfsruimte: een verblijfsruimte, binnen een complex, zonder eigen keuken of sanitair, geschikt voor het verblijven van maximaal 1 persoon;

•Zelfstandige verblijfsruimte: een verblijfsruimte, binnen een complex, met eigen keuken en sanitair, geschikt voor het verblijven van maximaal 2 personen.

Bijlage II Cijfers arbeidsmigratie

De provincie heeft in 2019 het PON gevraagd onderzoek te doen naar het aantal arbeidsmigranten in Noord-Brabant. Het rapport bevat het aantal werkende en verblijvende arbeidsmigranten, op basis van registraties bij bedrijven en gemeenten. De cijfers zijn uitgesplitst per regio en per gemeente.

Het beeld dat op basis van de cijfers ontstaat, is nog niet volledig of actueel; er is gebruikgemaakt van cijfers over 2018 en de registratie van arbeidsmigranten die kort blijven is beperkt. De werkelijke aantallen liggen daardoor hoger. U treft de cijfers voor de gemeente Boxtel en de regio Noordoost Brabant op deze en de volgende pagina.

Bijlage III Richtlijnen omgevingsdialoog

-Stap 1: omgeving bepalen. De omgeving omvat in elk geval de aangrenzende percelen. Verder iedereen van wie de situatie mogelijk beïnvloed wordt door de plannen.

-Stap 2: omgeving informeren. U informeert zelf de omgeving over uw voornemen. U nodigt de geselecteerde uit de vorige stap uit voor een gesprek.

-Stap 3: dialoog voeren. Hieronder vindt u de eisen die gesteld worden aan de dialoog die u voert.

Criteria voor de dialoog. De initiatiefnemer:

-legt uit wat uw plannen zijn;

-biedt omwonenden de gelegenheid om hier op te reageren;

-gaat in op de reacties;

-geeft aan of hij/zij wel of niet iets met de opmerkingen doet of kan doen;

-geeft aan waarom hij/zij dit wel of niet doet of kan doen;

-biedt die omwonenden de gelegenheid aan te geven of zij hier wel of niet tevreden mee zijn.

-doet schriftelijk verslag van de Omgevingsdialoog en overlegt dit verslag bij de aanvraag.

NB. Als onderdeel van de voorgestelde tender is het niet verplicht om een omgevingsdialoog te doorlopen. Een initiatiefnemer kan zelf een keuze maken in de mate waarin het initiatief reeds in de tender fase wordt getoetst bij omwonenden. Wanneer er een ontvankelijke aanvraag voor de omgevingsvergunning wordt ingediend, dan dient deze omgevingsdialoog (zie bijlage 3 voor een toelichting) wel te zijn doorlopen. De gemeente kan op dat moment op verzoek van een initiatiefnemer een rol spelen in de omgevingsdialoog bij het toelichten van de afwegingen en in deze nota voorgestelde richting. Tijdens de tenderfase en de voorbereiding hierop zal de gemeente communiceren over het voorliggende beleid en de hierin genoemde voorwaarden ten aanzien van locaties en kwaliteit.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.