Aanhef
De raad van de gemeente Bloemendaal;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 19 augustus 2025
besluit:
•De nota Activabeleid 2018 in te trekken;
•De nota Activabeleid 2025-2030 vast te stellen
Bijlage 1 Termijnen van afschrijvingen
Activa
Termijn
Afval
•Ondergrondse inzamelcontainers
15jaar
•Rolemmers (alleen bij massale inkoop/omwisseling)
15jaar
(Bedrijfs)gebouwen
•Nieuwbouw
40jaar
•Verbouwkosten: gebruiksduur verlengend
40jaar
•Verbouwkosten: niet gebruiksduur verlengend
25jaar
•Uitbreiding
40jaar
•Technische installaties (beveiliging, etc.)
5jaar
Duurzame aanpassingen
•Zonnepanelen
20jaar
•Warmtepompen
10jaar
•Dak-/muurisolatie
25jaar
Bedrijfsmiddelen
•Auto’s en zwaar materieel
8jaar
•Gereedschap en hulpmiddelen
10jaar
Gronden en terreinen
•Grond
niet
Groen/plantsoenen
•Aanleg
50jaar
•Herinrichting/renovatie
30jaar
Grond- , weg- en waterbouwkundige werken
Riolering
•Riolering (vernieuwing)
70jaar
•Gemalen bouwkundig
45jaar
•Gemalen elektro + mechanisch
15jaar
•Persleidingen
45jaar
•Drukriolering bouwkundig
45jaar
•Drukriolering elektro + mechanisch
15jaar
•IBA’s (individuele behandeling van afvalwater)
20jaar
•Randvoorzieningen bouwkundig
70jaar
•Randvoorzieningen elektro + mechanisch
15jaar
•Drainage / DT-riolering
40jaar
•Infiltratievoorzieningen
70jaar
•Deep Wells
5jaar
Begraafplaatsen
•Aanleg begraafplaatsen
40jaar
Weg- en waterbouw
•Eerste aanleg wegen, fiets- en voetpaden
50jaar
•Reconstructie en herinrichting wegen, fiets- en wandelpaden
25jaar
•Civiele kunstwerken (bruggen): hout
30jaar
•Civiele kunstwerken (bruggen): staal en beton
50jaar
•Verkeersregelinstallaties
15jaar
•Openbare verlichting: masten
40jaar
•Openbare verlichting: armaturen
20jaar
•Infrastructurele maatregelen
20jaar
•Beschoeiingen
30jaar
•Voorziening ligplaatsen
15jaar
•Parkeerautomaten
8jaar
ICT (indien sprake is van eigenaarschap)
•Automatiseringsprojecten(hard- en software)
3jaar
•Website
3jaar
•Mobiele apparatuur (telefoon, etc.)
3jaar
Kantoorinrichting
•Meubilair, inventaris en kantoorapparatuur
10jaar
Onderwijs
•Schoolgebouw: nieuwbouw
40jaar
•Schoolgebouw: verbouw gebruiksduur verlengend
40jaar
•Schoolgebouw: verbouw niet gebruiksduur verlengend
25jaar
•Uitbreiding schoolgebouwen
25jaar
•Gymnastieklokalen: nieuwbouw
40jaar
•Gymnastieklokalen: verbouw gebruiksduur verlengend
40jaar
•Gymnastieklokalen: verbouw niet gebruiksduur verlengend
25jaar
•Brandbeveiliging
10jaar
Sportvelden
Kunstgrasvelden
•Toplaag
10jaar
•Sporttechnische laag
20jaar
•Onderbouw (zand en drainage)
35jaar
Natuurgras
•Toplaag
10jaar
•Onderbouw (inclusief drainage)
15jaar
Overig sport
•Tennisveld gravel
15jaar
Bijlage 2 Begrippen
Hierna wordt een aantal kernbegrippen omschreven.
Activa
De bezittingen van de gemeente, zoals gronden, gebouwen, voertuigen en infrastructuur. Deze worden ingedeeld in vlottende activa en vaste activa.
Activeren
Het opnemen van investeringen op de balans. De jaarlijkse kosten (afschrijvingen) worden ten laste van de exploitatie gebracht.
Activa met een economisch nut
Gemeentelijk bezit dat kan bijdragen aan het genereren van inkomsten en/of verhandelbaar is.
Afschrijven
Een boekhoudkundige weergave van de waardevermindering van activa wegens technische slijtage en economische veroudering. De technische en economische gebruiksduur bepaalt de afschrijvingstermijn en dus ook de hoogte van de afschrijvingslast in enig jaar.
Afwaarderen activa
Het verlagen van de boekwaarde van een bezit indien de waarde door schade, veroudering of marktomstandigheden is afgenomen.
Agio/disagio
Agio en disagio is het verschil tussen het bedrag waarvoor een lening wordt aangegaan en het hogere c.q. lagere bedrag dat aan de geldnemer wordt uitgekeerd. Agio en disagio kan ook betrekking hebben op aandelen.
Annuïtaire afschrijving
Een afschrijvingsmethode waarbij de jaarlijkse kapitaallasten gedurende de gehele afschrijvingsperiode van de investering gelijk blijven. In de beginjaren is de afschrijvingscomponent laag en de rentecomponent hoog. Aan het eind van de periode ligt deze verhouding andersom.
Boekwaarde
Waarde van de activa op de balans. Dit is de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen.
Boekwinst / -verlies
Als het activum wordt verkocht of buiten gebruik gesteld tegen een prijs die hoger c.q. lager is dan de resterende boekwaarde op het moment van verkoop of afstoting.
Componentenbenadering
Dit houdt in dat verschillende samengestelde delen van een materieel vast activum afzonderlijk worden afgeschreven, elk naargelang zijn eigen waarde verloop.
Desinvesteren activa
De definitieve buiten gebruik stelling van duurzame (materiële) productiemiddelen (bijvoorbeeld bij verkoop of sluiting)
Economische levensduur
De economische levensduur wordt bepaald door rationeel en doelmatig gebruik rekening houdend met technologische ontwikkelingen. Met andere woorden: slijtage van activa door veroudering.
Financiële vaste activa
Activa die een financiële waarde vertegenwoordigen, zoals deelnemingen, aandelen en verstrekte geldleningen.
Immateriële vaste activa
Investeringsuitgaven waar geen bezit tegenover staat (bijvoorbeeld kosten sluiten geldlening)
Investeringen
Uitgaven ter verwerving van een goed of ter bereiking van een doel waaraan een meerjarig nut kan worden toegekend.
Investeringskrediet
Het bedrag dat door de gemeenteraad beschikbaar is gesteld voor het doen van een investering.
Investering met een economisch nut
Activa die verhandelbaar zijn (waar dus een markt voor is) of die kunnen bijdragen aan het genereren van middelen, bijvoorbeeld door het vragen van rechten, heffingen of prijzen.
Investeringen met een maatschappelijk nut
Activa waarmee geen middelen gegenereerd kunnen worden en die ook niet verhandelbaar zijn, maar wel duidelijk een publieke taak vervullen, zoals wegen, groenvoorziening, bruggen etc.
Kapitaalgoederen
Goederen die meerdere jaren meegaan.
Kapitaallasten
De jaarlijks terugkerende exploitatielasten die samenhangen met de investeringen. De kapitaallasten bestaan uit de afschrijvingen en de toegerekende rente.
Lineaire afschrijving
Een afschrijvingsmethode waarbij de kapitaallasten jaarlijks dalen. De afschrijvingscomponent is jaarlijks gelijk. Als gevolg van de dalende boekwaarde neemt de jaarlijks toegerekende rentelast af.
Materiële vaste activa
Activa waar een bezit tegenover staat en waaraan een meerjarig nut kan worden toegekend.
Renovatie
Het herstellen, verbeteren en/of vernieuwen van een bestaand gebouw, met als doel om het weer in goede staat te brengen en eventueel aan te passen aan de moderne normen en behoeften. Een significante kwaliteitsverbetering en levensduur verlengend.
Restwaarde
De restwaarde vertegenwoordigt de schatting van de opbrengstwaarde, tegen het huidige prijspeil, verminderd met de te maken kosten voor verwijdering of vernietiging van (delen van het) activum, op het moment dat het activum buiten bedrijf wordt gesteld.
Technische levensduur
Het aantal jaren dat een object werkelijk meegaat voordat het versleten is of tot het moment waarop het geen productieve prestaties meer kan leveren.
Toegerekende rente
Een vergoeding (administratief) voor het beslag dat de boekwaarde van een investering legt op de financieringsmiddelen van de gemeente. De toegerekende rente is onderdeel van de kapitaallasten.
Vaste activa
Bezittingen waarvan het daarvoor benodigde vermogen voor een periode langer dan 1 jaar is vastgelegd. Voorbeelden hiervan zijn gebouwen, gronden en verstrekte geldleningen. De vaste activa worden onderverdeeld in: immateriële vaste activa, materiële vaste activa en financiële vaste activa.
Verkrijgingsprijs
Het bedrag dat is betaald om activa aan te schaffen, inclusief de bijkomende kosten.
Vervaardigingsprijs
De kosten die zijn gemaakt ten behoeve van het vervaardigen van een activum.
Vlottende activa
De bezittingen van een gemeente waarvoor het daarvoor benodigde vermogen voor een periode korter dan 1 jaar is vastgelegd. Binnen een jaar moeten de vlottende activa zijn omgezet in geld. Voorbeelden zijn: voorraden en debiteuren.
Voorraden
Dit zijn goederen die in bewaring worden gehouden voor later gebruik. Voorbeelden zijn: grond- en hulpstoffen, gereed product en handelsgoederen.
Waarderingsgrondslag
Uitgangspunten en methoden op basis waarvan de waarde van een bezit wordt bepaald. Bijvoorbeeld voor het opstellen van de jaarrekening of een andere financiële verantwoording.
Bijlage 3 Onderbouwing investeringsaanvragen
De raad kan alleen investeringskredieten accorderen die in voldoende mate zijn onderbouwd en gespecificeerd. Investeringsaanvragen moeten dan ook de volgende elementen bevatten:
•Specificatie van de investeringsaanvraag (inclusief: looptijd, investeringsbedrag, uitsplitsing naar eventuele deelprojecten);
•Deelprogramma waartoe de investering behoort;
•Betreft het een vervanging- of uitbreidingsinvestering. Indien het een vervangingsinvestering betreft wordt aangeven of er nog een inhaalafschrijving dient plaats te vinden op het te vervangen activum;
•Afschrijvingstermijn, inclusief aanvullende motivatie wanneer de termijn eventueel afwijkt van de afschrijvingstabel;
•Wijze van dekking;
•Jaarlijkse exploitatielasten, d.w.z. de kapitaallasten en overige exploitatiekosten;
•Liquiditeitsplanning, waarin is aangegeven in welk tempo de investeringsbedragen zullen worden aangewend;
•Eventueel te hanteren circulaire restwaarde voor investeringen in gebouwen en infrastructuur met een concrete onderbouwing en uitwerking;
•Eventuele betrokken partijen en bijdragen van - en aan derden;
•Eventueel aan te vragen subsidies;
•Voor investeringen worden eventuele risico’s benoemd die met de investering samenhangen en op welke wijze het college deze risico’s (gaat) beheersen.